Notitie Oordeelsvorming Integrale aanpak armoede Bergen.pdf
Tekst van het document
Integrale aanpak armoede Bergen Oordeelsvorming
Inhoud 1 Situatieschets ................................................................................................... 3 2 Aanleiding ........................................................................................................ 3 3 Doel notitie ...................................................................................................... 4 4 Bestaanszekerheid............................................................................................ 5 5 Huidige minimaregelingen ................................................................................ 6 6 Beleidsontwikkeling ......................................................................................... 8 6.1 6.2
Knelpunten huidig beleid................................................................................................... 8 Verbetering aanpak van armoede ..................................................................................... 9
2
1 Situatieschets De gemeente Bergen wil dat al haar inwoners kunnen meedoen in de samenleving. In onze steeds sneller veranderende complexe maatschappij lukt dit niet iedereen op eigen kracht. Soms is (tijdelijke) ondersteuning nodig. Armoede beperkt de mogelijkheden om deel te nemen aan sociale activiteiten en kan ervoor zorgen dat een inwoner steeds meer aan de zijlijn komt te staan. Cijfers Bergen uit 2020*: aantal huishouden met een inkomensgrens van 100 – 150% van het wettelijk sociaal minimum (ook wel de bijstandsnorm genoemd) Inkomensgrens (% wettelijk sociaal minimum)
100%
120%
150%
Aantal huishoudens Personen
600 1100
1300 1500
2200 3300
Inwoners naar leeftijd
Leeftijdscategorie regelingen Bijzondere Bijstand 2022 53 87 4% 7%
3.362 11%
9.946
3.075 10%
34%
4.208 9.132
583 47%
15-25 jaar
45-65 jaar
65+ jaar
171 14%
14%
241 19%
31%
0-15 jaar
117 9%
25-45 jaar
18-27 Bergen NH
28-35 Bergen NH
36-45 Bergen NH
46-55 Bergen NH
56-65 Bergen NH
<65 Bergen NH
* Recentere cijfers komen beschikbaar als de resultaten van de armoemonitor bekend zijn. Deze worden in juni 2024 verwacht.
2 Aanleiding Het laatste BUCH-brede actieplan minimabeleid en financiële zelfredzaamheid dateert uit 2018. Specifiek voor het onderdeel schuldhulpverlening is in 2020 de actieagenda ‘Op weg naar een schuldenvrij Bergen’ opgesteld. Daarnaast is er een BUCH-breed beleidsplan schuldhulpverlening 2022-2025 vastgesteld. En recent is het Gebiedsplan Bergen sociale basis 2023-2024 vastgesteld. Hierin wordt ook het belang van bestaanszekerheid onderschreven. Sinds het laatste actieplan minimabeleid zijn er op zowel maatschappelijk als politiek vlak veel ontwikkelingen geweest. Een steeds grotere groep inwoners heeft door de inflatie en hoge energielasten moeite met rondkomen. Landelijk worden
3
er maatregelen genomen om de bestaanszekerheid te garanderen. Echter blijft ook met deze maatregelen voor een groep mensen rondkomen lastig.
Landelijke ontwikkelingen Er is landelijk veel aandacht voor armoedebestrijding c.q. bestaanszekerheid. Zo is het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op 12 juli 2022 gekomen met een aanpak geldzorgen, armoede en schulden. Te veel mensen in Nederland kampen met ernstige geldzorgen, problematische schulden of leven rondom de armoedegrens. Geldzorgen brengen veel stress, eenzaamheid en uitsluiting met zich mee, die mensen belemmeren om volwaardig deel te nemen aan de samenleving. Hierdoor ontstaan ook hardnekkige problemen op andere gebieden, zoals mentale en fysieke gezondheid, onderwijs, wonen, werken, opvoeding en veiligheid. Daarbij is bekend dat deze problematiek vaak doorgegeven wordt aan volgende generaties. Het kabinet wil deze vicieuze cirkel doorbreken en wil ervoor zorgen dat mensen in de knel zich gezien en gehoord voelen, betere hulp krijgen en kunnen rekenen op bestaanszekerheid. In de kamerbrief schetst de minister een overkoepelende aanpak voor armoede en schulden. De doelstellingen die het Rijk hiermee wil behalen is: - Halvering van het aantal mensen in armoede in 2030 - Halvering van het aantal kinderen dat in armoede opgroeit in 2025 - Halvering van het aantal huishoudens met problematische schulden in 2030
Gemeente Bergen In september 2022 is in Bergen een nieuw college geïnstalleerd. Onderdeel van het raadsakkoord is een breed armoedebeleid. Het integraal beleidskader sociaal domein: ‘Iedereen doet mee’ 2023-2026 is in november 2023 vastgesteld. Het doel van dit integrale beleidskader is dat iedereen mee kan doen in zijn eigen omgeving. Als dat nodig is met hulp en ondersteuning vanuit de gemeente. Meedoen wordt vooral gestimuleerd door in te zetten op een stevige sociale basis en door het bieden van de juiste hulp en ondersteuning. Zelfredzaamheid, veerkracht en onafhankelijkheid zijn belangrijke waarden hierbij. De sociale basis helpt inwoners om naar vermogen mee te kunnen doen in de gemeenschap. Dit is een belangrijk onderdeel van de bestaanszekerheid van inwoners. Voor een steeds grotere groep mensen is de bestaanszekerheid in het gedrang, blijkt onder andere uit het rapport een zeker bestaan van de commissie sociaal minimum. Iedereen kan in een situatie terechtkomen waarin armoede en schulden ontstaan. Laagdrempelige ondersteuning gericht op preventie kan uitzichtloze situaties voorkomen. Er heerst nog altijd veel schaamte en taboe op armoede- en schuldenproblematiek hierdoor vragen mensen vaak (te) laat hulp.
Met de integrale aanpak armoede willen we inwoners die dreigen in armoede of schuldenproblematiek te raken zo vroeg mogelijk bereiken zodat zij, met hulp, uiteindelijk weer op eigen kracht verder kunnen.
3 Doel notitie In mei 2023 is gestart met het proces om te komen tot een nieuwe integrale aanpak van armoede. Bij dit proces is de gemeenteraad van Bergen nauw betrokken. Deze notitie is onderdeel van de oordeelsvorming. Er wordt beschreven wat er aan informatie is verworven en welke mogelijke richtingen er zijn voor het verder uitwerken van het beleidskader integrale aanpak armoede Bergen.
4
Voor de nadere uitwerking van het beleidskader zijn de resultaten van de armoedemonitor en de inkomenseffectenrapportage essentieel. Deze worden verwacht in juni. Met deze resultaten is het mogelijk om realistische aantallen te duiden en in het beleidskader een adequate financiële onderbouwing op te nemen.
4 Bestaanszekerheid Bestaansonzekerheid is een complex probleem dat om een integrale en structurele aanpak vraagt. De impact in het ene leefgebied versterkt soms de effecten op andere leefgebieden en vergroot daardoor de kwetsbaarheid van mensen. De integrale aanpak armoede moet bijdragen aan de bestaanszekerheid van inwoners van de gemeente Bergen, die (tijdelijk) afhankelijk zijn van ondersteuning. De vier pijlers: inkomen, gezondheid, meedoen en wonen, vormen samen de basis van bestaanszekerheid. Met de integrale aanpak armoede richten wij ons op de drie pijlers inkomen, meedoen en gezondheid.
5
Inkomen (vangnet) Werk zorgt voor een voorspelbaar inkomen. Door te werken kom je onder de mensen, leer je nieuwe mensen kennen en heb je sociale interactie. Daarnaast zorgt werk voor persoonlijke ontwikkeling en groei en biedt de mogelijkheid om nieuwe vaardigheden te ontwikkelen. Werk biedt perspectief om uit de armoedecyclus te komen en een betere toekomst op te bouwen. Echter is betaald werk niet voor iedereen weggelegd. Daarnaast is er ook een hele groep werkenden waarvan het inkomen rond het sociaal minimum ligt en die geen uitzicht hebben op inkomensverbetering. De Participatiewet is een tijdelijk vangnet voor als het even tegenzit. Deze biedt inkomensondersteuning voor wie dat nodig heeft en helpt mensen weer (gedeeltelijk) aan het werk. Bijzondere bijstand en minimaregelingen zijn aanvullend op het rijksbeleid en zijn bedoeld om inwoners met een laag inkomen te ondersteunen. Gezondheid Armoede heeft een negatieve invloed op de gezondheid. Dit blijkt uit diverse onderzoeken onder andere van het RIVM en het NJI. Het vergroot het risico op psychische problemen en stress. Bestaansonzekerheid leidt ook tot het mijden van zorg en een ongezonde levensstijl. Gebrek aan geld, met als gevolg het niet kunnen deelnemen aan sociale activiteiten, kan leiden tot sociaal isolement en eenzaamheid.
Mensen met een beperking of chronische ziekte hebben vaak te maken met hogere kosten vanwege hun aandoening (extra zorgkosten en eigen bijdrage aan hulpmiddelen, maar bijvoorbeeld ook hogere energiekosten), terwijl zij minder in staat zijn om voldoende eigen inkomen te verwerven, bijvoorbeeld omdat zij vanwege hun beperking niet voltijds kunnen werken. Meedoen Voor mensen met een laag inkomen is het lastig om mee te kunnen doen in de maatschappij. Zij hebben vaak minder mogelijkheden om mee te doen aan sport, culturele- en sociale activiteiten. Hierdoor ontstaat er een risico op sociale uitsluiting. Dit heeft ook grote gevolgen voor eventuele kinderen in een gezin. Zij worden dagelijks geconfronteerd met geldgebrek, waardoor de kans voor hen groter is dat ze onvoldoende mee kunnen doen aan sociale activiteiten. Ze lopen daardoor het risico om sociaal geïsoleerd te raken.
5 Huidige minimaregelingen Om een goed beeld te krijgen van het huidige beleid staat in dit hoofdstuk een opsomming van de huidige regelingen. Daaronder een tabel met een uitwerking van de verschillende minimaregelingen, het gebruik en de kosten. - Bijzondere bijstand (voor bijzondere noodzakelijke kosten) - Individuele inkomenstoeslag - Collectieve Zorgverzekering - Individuele studietoeslag - Maatschappelijke participatie
6
Overzicht minimaregelingen, het gebruik en de bijbehorende kosten Regelingen volwassenen
bedrag
€ 150
Contributie sportvereniging of activiteit Sportbenodigdheden Contributie culturele of muzikale vereniging of activiteit
Lidmaatschap bibliotheek
€ 52,50
Bezoek bioscoop, theater, festival, dierentuin, concert
€ 10
CJP
€ 17,50
Museumkaart vanaf 19 jaar 18 jaar Wonen plus abonnement stichting welzijn Maximale bijdrage 120% Regelingen kinderen
€ 64,90 € 32,45 € 30 € 325,00
Deelname aan 1 sportvereniging of activiteit (contributie, kleding en sportbenodigdheden)
JFSC*
Deelname aan 1 sociaal culturele vereniging en activiteit (inclusief benodigdheden) Zwemdiploma A/B Totaal Jeugdfonds Sport en Cultuur Bieb CJP
JFSC* JFSC* gratis € 17,50
Museum jaarkaart Bezoek bios, theater, festival, dierentuin, concert, attractiepart Maximale bijdrage maatschappelijke participatie kinderen Schoolkosten - Basisonderwijs - Voortgezet onderwijs - MBO
€ 32,45 € 10,00 € 60,00
Computer
€ 600,00
Maximaal toe te kennen bedrag aan bijstandsgerechtigden
€ 100,00 € 125,00 € 200,00
Aantal bijstandsgerechtigden
Maximale kosten
341
€ 110.825
Sport en cultuur samen 83
€ 13.967
26 109
€ 18.200 € 32.167
p.m. teveel voorwaarden om schatting te kunnen maken
174
€ 10.440
82 55 6 (10% van 61 kinderen in de leeftijd van 12 t/m 17 jaar) 17 87 gezinnen 1 per gezin per 5 jaar = 87/5
€ 8.200 € 6.875 € 1.200 € 10.200
€ 147.740
* Cijfers JFSC 2022
7
In 2023 is er door 220 minima in Bergen een aanvraag gedaan voor een van de bovenstaande minima/ maatschappelijke participatieregelingen, voor een totaalbedrag van € 82.000,-. Het is niet mogelijk om een splitsing te maken voor welke kostensoorten welk bedrag is aangevraagd. Voor de berekening van de hoogte van de maximale bijdrage is ervan uitgegaan dat de minima alle regelingen aanvragen. Voor de aantallen kunnen we nu alleen uitgaan van het aantal bijstandsgerechtigden in Bergen. Er is geen goed inzicht in het totaal aantal minima in de gemeente Bergen. Deze aantallen worden wel in kaart gebracht met de armoedemonitor en inkomenseffectenrapportage. De uitkomsten hiervan worden juni 2024 verwacht.
6 Beleidsontwikkeling Voor het vormgeven van de integrale aanpak armoede is samenwerking gezocht en zijn gesprekken gevoerd met maatschappelijke partners en vertegenwoordigers van inwoners, zoals de cliëntenadviesraad Zaffier (waar de ASD Bergen en het Jongerenplatform Regio Alkmaar onderdeel van uitmaken), maatschappelijke organisaties, Voedselbank, Mee & de Wering, buurt- en sportcoaches en het sociaal team. Ook is gesproken met inkomensconsulenten en preventiemedewerkers van Zaffier. Al deze gesprekken hebben een duidelijk beeld gegeven van waar de knelpunten/aandachtspunten zitten in het huidige ondersteuningsaanbod en waar kansen liggen om inwoners met (aankomende) armoede- en schuldenproblematiek nog beter te ondersteunen. Er gaat al veel goed in Bergen. Het aantal inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum (bijstandsnorm) is lager dan het landelijk gemiddelde. Bergen kent een rijk gemeenschappelijk leven en mensen kijken naar elkaar om. Partners zijn betrokken bij de inwoners en er zijn veel vrijwilligers en mantelzorgers actief. Het sociaal team is goed geworteld in de gemeente en weet inwoners te bereiken. Ook met initiatieven als buurt- en sportcoaches die laagdrempelig activiteiten organiseren voor alle inwoners en specifiek aandacht hebben voor inwoners die extra hulp en ondersteuning kunnen gebruiken.
De lijnen zijn kort en dat is voor de inwoners prettig. Toch zijn er op het gebied van armoede- en schuldenpreventie nog aandachtspunten.
6.1 -
-
-
Knelpunten huidig beleid Een deel van de minima is niet bekend met de minimaregelingen van de gemeente Bergen ongeveer een derde van de inwoners die met financiële vragen bij het sociaal team komt is niet bekend met de minimaregelingen. Op basis van het gebruik kan gesteld worden dat een grotere groep minima niet bekend is met de regelingen. Een groot deel van de inwoners die recht heeft op maatschappelijke participatie regelingen maakt hier geen gebruik van ongeveer 55% van de minima maakt gebruik van (één van de) minimaregelingen, dit betekent dat 45% nog geen gebruik maakt van de regelingen. Het aanvragen van de regelingen is niet voor iedereen begrijpelijk en laagdrempelig geen inschatting te geven van het percentage, maar dit signaal kwam terug in meerdere gesprekken met maatschappelijke partijen Mogelijk meer aandacht voor specifieke doelgroepen zoals ouderen met een laag inkomen en mensen die uitstromen uit de bijstand; Er is een geringe bestedingsvrijheid voor inwoners. De aangevraagde maatschappelijke participatiekosten moeten per kostensoort aangevraagd worden en op verzoek worden aangetoond middels bonnetjes;
8
-
-
6.2
Ouders kunnen zelf geen bijdrage aanvragen voor hun kinderen voor sportieve/culturele activiteiten. Dit kan alleen gedaan worden door intermediairs aangesloten bij het Jeugdfonds Sport en Cultuur (JFSC). Dit kan drempelverhogend werken. In veel gemeenten is het JFSC aanvullend op een participatieregeling; Het volledige bedrag ouderbijdrage wordt gestort op de eigen rekening van de inwoner. De hoogte van de ouderbijdrage die school int is onbekend en ook of klant de ouderbijdrage daadwerkelijk betaalt aan school. De ouderbijdrage is vrijwillig, de inwoner is dus niet verplicht om het te betalen.
Verbetering aanpak van armoede
De opgehaalde informatie kan ingedeeld worden in vier hoofdlijnen: 1. Vergroten van het bereik 2. Vereenvoudigen regelingen en voorwaarden (meer uitgaan van vertrouwen) 3. Aanvullende regelingen voor specifieke doelgroepen 4. Verstevigen samenwerking binnen het sociaal domein 1. Vergroten van het bereik Om iedere inwoner de mogelijkheid te bieden om mee te doen is het van belang dat iedereen die daar recht op heeft ook aanspraak maakt op de beschikbare minimaregelingen. Het vergroten van het bereik is een eerste stap om kennis van de regelingen te vergroten en niet gebruik van regelingen tegen te gaan. Om het bereik te vergroten kan de communicatie nog verder geoptimaliseerd worden, bijvoorbeeld door informatie over de regelingen te verspreiden onder zowel inwoners als onder partners, zoals maatschappelijke organisaties, kerken en wijk- en bewonersverenigingen. Maar ook kan ingezet worden op specifieke doelgroepen, zoals bijvoorbeeld ouderen of ZZP’ers. 2. Vereenvoudigen van bestaande regelingen en voorwaarden Vereenvoudigen van de toegang tot regelingen maakt dat de drempel voor inwoners lager wordt gemaakt om regelingen aan te vragen. De aanvraag en verantwoordingssystematiek bij de huidige regelingen is voor sommige inwoners omslachtig en daardoor haken zij af. Minimapas Een minimapas kan oplossing bieden bij het vereenvoudigen van regelingen.
Een minimapas kan aangevraagd worden door de inwoner middels het invullen van een verklaring over inkomen en vermogen. Als iemand voldoet aan de gestelde voorwaarden dan ontvangt de inwoner de pas met de bijbehorende tegoeden. De inwoner kan met de minimapas bij aangesloten sportverenigingen, cultuurverenigingen, organisaties en winkels het tegoed gebruiken. Een minimapas vergroot de mogelijkheden tot volwaardige participatie van een inwoner en geeft daarbij de inwoner meer eigen regie en keuzevrijheid. Daarbij hoeft de inwoner niet alle kostensoorten los aan te vragen en hoeft ook achteraf niet verantwoord te worden waaraan het budget is besteed. De minimapas kan ambtshalve verstrekt worden, dit vergroot het bereik van de regelingen. 3. Aanvullende regelingen voor specifieke doelgroepen Ouderen – extra Meedoen budget Een deel van de AOW- gerechtigden heeft een laag inkomen (tot 120% van de bijstandsnorm). Zij komen wettelijk gezien door het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd niet meer in aanmerking voor de individuele
9
inkomenstoeslag. Dit is een jaarlijks bedrag dat uitgekeerd wordt als iemand minimaal 3 jaar lang een laag inkomen heeft. De individuele inkomenstoeslag is vrij besteedbaar, maar ook bedoeld voor onvoorziene uitgaven. Met het wegvallen van deze toeslag voor ouderen hebben zij het extra lastig als zij een tegenvaller hebben. De gemeente zou er voor kunnen kiezen om het meedoen budget voor deze groep ouderen met een laag inkomen te verhogen. Daarbij zou het goed zijn om de bestedingsmogelijkheden van dit extra budget te verruimen. Dit is mogelijk binnen de maatschappelijke participatieregeling. Uitgaande van de 1200 huishoudens en 1500 inwoners in Bergen die een inkomen hebben tot 120% van de bijstandsnorm. Als we kijken naar het totale inwonersaantal van Bergen en de verdeling in leeftijd. Is ongeveer 1/3 van de inwoners ouder dan de pensioengerechtigde leeftijd. Dan hebben we het over 500 ouderen die aanspraak zouden kunnen maken op het extra meedoen budget. Schatting kosten verhogen meedoen budget voor AOW- gerechtigden met een inkomen tot 120% Hoogte extra meedoen budget
Kosten
€ 100,00
€ 50.000,00
€ 150,00
€ 75.000,00
€ 200,00
€ 100.000,00
Inwoners die vanuit de bijstand gaan werken – Uitstroompremie Duurzaam uitstromen uit de bijstand naar werk draagt bij aan financiële zekerheid, persoonlijke ontwikkeling en een kans om uit de armoedespiraal te komen. Werken hoort te lonen. Echter soms gaan inwoners erop achteruit als ze gaan werken. Dit komt omdat inkomensondersteunende maatregelen (toeslagen) geheel of gedeeltelijk vervallen. Ook heeft iemand vaak extra kosten bij werk (kinderopvang, reiskosten etc.). Vergoeding vanuit de bijstand voor deze kosten is niet altijd mogelijk. Het is in financieel opzicht dus niet altijd stimulerend voor de klant om te gaan werken. De uitstroompremie is een instrument om terugval in inkomen te voorkomen. Het kan uitkeringsgerechtigden stimuleren om algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden en te behouden. De extra kosten die werken met zich meebrengt kunnen hiermee worden gecompenseerd en men kan een buffer opbouwen. Met een eenmalige uitstroompremie voor langdurig bijstandsgerechtigden van maximaal het belastingvrije bedrag per jaar (€2. 672) wordt de stap naar werk niet alleen verkleind, maar stimuleren we ook mensen om deze stap te zetten. Schatting kosten Uit ervaringen in andere gemeenten blijkt dat 3% van de langdurig uitkeringsgerechtigden voor de uitstroompremie in aanmerking komt. Als we van deze 3% uitgaan, gaat het in Bergen om 11 personen.
Geschatte kosten: € 30.000,00. Daar staat tegenover dat die 11 mensen geen bijstandsuitkering á € 14.000 per jaar meer ontvangen. Dit kan leiden tot een besparing op de uitgaven van de bijstand van € 140.000. 4. Verstevigen samenwerking sociaal domein Met het sociaal team staat er al een goede basis. Echter kan onderlinge samenwerking en kennisdeling nog verder verstevigd worden om inwoners met een laag inkomen zo optimaal mogelijk te ondersteunen. Een inwoner komt misschien met een hulpvraag binnen bij Jeugd of Wmo, maar heeft mogelijk ook inkomensondersteuning nodig. Met elkaar alert zijn en signalen herkennen en handelen is belangrijk om ook het taboe dat heerst op armoede- en
10
schuldenproblematiek aan te kunnen pakken. Het is bekend dat kinderen uit gezinnen met een laag inkomen vaker gebruik maken van een voorziening uit de Jeugdwet. Dit geldt ook voor Wmo- voorzieningen. Snel kunnen handelen en inwoners met complexe problematiek adequaat kunnen ondersteunen is belangrijk om te voorkomen dat problematiek verergert. Maatwerkbudget Er zijn situaties waarin de bestaande dienstverlening niet voldoende ondersteund of te lang duurt. Om in deze situaties snelle, effectieve ondersteuning in te kunnen zetten is een budget dat ontschot en regelluw is helpend. Hiermee ontstaat vrijheid van handelen en daarmee de mogelijkheid om out of the box te denken en oplossingen op maat te maken. Met een maatwerkbudget zijn professionals in het sociaal domein niet afhankelijk van andere loketten, en kunnen zij direct hulp bieden als snelheid geboden is.
11