is 11-02-2022 Raadsinformatiebrief inkoopstrategie Bergen.pdf
Tekst van het document
Afzender Netwerkorganisatie Regio Alkmaar Postbus 175 1860 AD Bergen
Aan: Gemeenteraad van de gemeente Bergen Van: Burgemeester en wethouders Datum: 11 januari 2022 Onderwerp Inkoop jeugdhulp 2023 (Januari 2022) : Informatie voor de raad, ter kennisgeving.
Aanleiding Per 1 januari 2023 zijn er nieuwe contracten voor ambulante jeugdhulp en jeugdhulp met verblijf nodig in onze regio. In september van dit jaar zijn door alle gemeenteraden het ‘Overkoepelend kader jeugd’ en ‘De visie op ambulante jeugdhulp 2023 e.v.’ vastgesteld. Samen met de in 2020 vastgestelde ‘visie op jeugdhulp met verblijf’ vormt dit de basis van de inkoop van jeugdhulp (ambulant en verblijf) en nieuwe contracten die ingaan op 1 januari 2023. De colleges hebben de inkoopstrategie waarin de kaders voor de daadwerkelijke inkoop en contractering vastgesteld. Met deze Raadsinformatiebrief informeert het college u over deze kaders. De Inkoopstrategie geeft de hoofdlijnen van de inkoop weer. De inkoopstrategie bestaat uit drie onderdelen. Dit zijn: 1. Inkoopstrategie, 2. Inkoopopdracht, 3. Verwervingsstrategie. In de inkoopopdracht wordt beschreven wat we willen inkopen, in de verwervingsstrategie wordt beschreven op welke wijze (hoe) we gaan inkopen. Op de Verwervingsstrategie rust geheimhouding. Publiceren van de Verwervingsstrategie zou de inkoop van jeugdhulp voor de gemeenten kunnen bemoeilijken. Deze geheimhouding duurt tot 1 januari 2026.
Waarom deze inkoopstrategie? De bestuurlijke opdracht De inkoopstrategie is een uitwerking van de kaders gericht op de uitvoering, zoals die door de gemeenteraden met het vaststellen van het ‘Overkoepelend kader jeugd’, ‘De visie op ambulante jeugdhulp 2023 e.v.’ en ‘De visie op jeugdhulp met verblijf’ aan de colleges zijn meegegeven. Op basis hiervan zijn doelen gesteld, die aansluiten bij wat we willen bereiken. Dit zijn: 1. Toewerken naar een daling van instroom en stijging van uitstroom in jeugdhulp door inzet op kwalitatieve jeugdhulp;
2. De doorlooptijden van de jeugdhulp terugbrengen door nog beter te sturen op een passende duur van de jeugdhulp; 3. Sturen op tijdige en best passende hulp; 4. Jeugdhulp is zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig en zo thuis als mogelijk; 5. Ambulante jeugdhulp te ontwikkelen die jeugdhulp met verblijf vervangt; 6. Als jeugdhulp met verblijf nodig is, zoveel mogelijk in te zetten op jeugdhulp in een gezinsvorm; 7. De effecten en resultaten van de jeugdhulp goed te borgen waardoor zorgrecidive afneemt. 8. Actieve sturing op de doelmatigheid van de jeugdhulp. Deze doelen worden niet behaald door alleen jeugdhulp in te kopen, maar door ook aansluiting te zoeken op andere onderwerpen, zoals bijvoorbeeld het onderwijs. Hiermee zetten we een stap in het organiseren van hulp en ondersteuning in de eigen omgeving van de jeugdige en het gezin. De doelen worden in de uitvoering meetbaar gemaakt. Hiermee kunnen we de voortgang op de in de visiestukken opgenomen beweging zichtbaar maken. Daarnaast worden deze doelen in de contracten omgezet naar heldere afspraken, zo weten jeugdigen en gezinnen wat zij van hun hulpverlener en de gemeente kunnen verwachten, is voor zorgprofessionals helder wat er van hun gevraagd wordt en is voor gemeenten de voortgang op de gestelde doelen te volgen.
De contracten Deze transformatie vraagt om een lange adem. Daarom is gekozen voor langdurige contracten. Tegelijkertijd is er flexibiliteit nodig. Er is besloten om in tegenstelling tot de huidige contracten, die met Open House zijn afgesloten, de diensten in te kopen middels een procedure gericht op Sociale en ander specifieke diensten (SAS). Deze aanbestedingsprocedure biedt flexibiliteit binnen een langdurig contract, terwijl hiermee ook stabiliteit en rust voor jeugdigen, gezinnen en de markt wordt georganiseerd. De voorgestelde contractduur is acht jaar, waarbij in 2025 en 2027 go-or-no-go momenten zijn ingebouwd waarop de colleges besluiten over het verdere verloop van de contracten en over wijzigingen. Deze wijzigingen kunnen leiden tot het opzeggen van contracten met aanbieders. In 2030 is er de mogelijkheid om te verlengen tot 2034. Voor verblijf en ambulant wordt gekozen voor twee verschillende benaderingswijzen: De procedure voor verblijf wordt ingericht op basis van dialoogtafels tussen gemeenten en aanbieders met een klein aantal aanbieders en dienen ertoe om spelregels voor de ontwikkelfase op te stellen, waaraan zowel gemeenten als aanbieders zich conformeren. Voor ambulant worden deze dialoogtafels niet gehouden. Vanwege de noodzaak voor een dekkend zorglandschap is een brede contractering nodig. Dit maakt een op dialoog gerichte aanpak onpraktisch.
Daarnaast zijn de ontwikkelopgaven voor ambulante jeugdhulp beter in beeld, wat een dialooggerichte aanpak onnodig maakt.
Kwaliteit en financiële beheersbaarheid De kwaliteit van de jeugdhulp blijft ook nu belangrijk. Meer dan voorheen scherpen we de kwaliteitscriteria aan. We maken hierbij onder andere gebruik van landelijk geldende normen en
kaders. Naar verwachting zal dit op 1 januari 2023 al leiden tot het stopzetten van contracten met aanbieders die niet aan deze kwaliteitscriteria kunnen voldoen. Vanwege de kwalitatieve ontwikkeling die we inzetten, is ervoor gekozen om in ieder geval tot 1 januari 2026 inspanningsgericht te financieren met een perceelindeling in producten, diensten en gemeenten. Zo kan de gezochte beweging beter inzichtelijk worden gemaakt en kunnen we gerichter bijsturen, indien dat nodig blijkt. De monitoring die hiervoor nodig is, vraagt van de verschillende gemeentelijke afdelingen een aangescherpte rol, waarbij de toegang meer verantwoordelijkheden heeft op het zorgproces, de administratie actief ondersteunt bij datasturing en contractmanagement beter stuurt op de prestaties van aanbieders. We houden administratieve lasten zo laag mogelijk door aan te sluiten bij landelijke richtlijnen. De mogelijke effecten bij een volledige implementatie zijn doorgerekend inclusief de tijd die deze implementatie vraagt. Tot 2026 wordt verwacht dat er sprake is van een toename van de kosten (inclusief indexering). Vanaf 2026 wordt er met het bereiken van steeds meer doelen, een daling in de kosten verwacht. Dit sluit aan bij de opbouw van de compensatie vanuit het Rijk (coalitieakkoord en hervormingsagenda).
In de hervormingsagenda tussen de VNG en het Rijk wordt, op basis van de aanname dat de beheersmaatregelen hun vruchten afwerpen, uitgegaan van een afbouw van de compensatie. De financiële paragraaf van de inkoopstrategie sluit dus aan bij de door het Rijk verwachte ontwikkeling op de jeugdhulp. Hierbij dient meegenomen te worden dat de indexering van tarieven (die zijn opgenomen in de financiële prognose) aan de inkomstenkant via het gemeentefonds worden gecompenseerd. De afgelopen jaren is veelvuldig melding gemaakt van forse winsten in de jeugdhulp. De nieuwe inkoop stuurt ook hierop. Naast strakkere kwalitatieve criteria worden vanaf 2023 beheersmaatregelen verder ontwikkeld en ingezet. Hierbij wordt aansluiting gezocht tussen de lokale en de regionale beheersmaatregelen.
Planning en monitoring Op 1 maart 2022 start de aanbesteding. Waarna in april een regionale raadsinformatieavond wordt georganiseerd, waarop raadsleden verder worden bijgepraat over de voortgang op het aanbestedingstraject. Vanaf Q3 2022 starten de gemeenten en zorgaanbieders met de implementatie van de nieuwe contracten per 1 januari 2023. Onderdeel van deze implementatie is een terugkerende evaluatiecyclus. Deze wordt gekoppeld aan de gemeentelijke P&C-cyclus, waarin de gemeenteraden jaarlijks worden meegenomen in de voortgang op de te behalen doelen. Hopende u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders