handreiking VNG.pdf
Tekst van het document
Daarom is het in ieder geval het downloaden van illegale software, het bekijken, downloaden of verspreiden van pornografische, racistische, discriminerende, beledigende, aanstootgevende of (seksueel) intimiderende teksten en afbeeldingen, of het versturen van berichten die (kunnen) aanzetten tot haat en/of geweld uit den boze.
Dit risico van ‘netwerkcorruptie’ kan de integriteit en de kwaliteit van het lokaal bestuur onder druk zetten.2
1.
Wettelijke grondslag De Provinciale staten/Gemeenteraad/Het algemeen bestuur stelt/stellen een gedragscode vast voor hun leden (artikel 15, derde lid, Provinciewet, artikel 15, derde lid, Gemeentewet en artikel 33, derde lid, Waterschapswet).
1.1 De gedragscode geldt voor de statenleden/raadsleden/leden van het algemeen bestuur, maar richt zich ook tot de bestuursorganen.
1.2 De gedragscode is openbaar en via internet beschikbaar.
2.
50
Voorkomen van belangenverstrengeling
Wettelijk kader
Integriteit is niet alleen een kwestie van regels, maar ziet ook op de onderlinge omgangsvormen. Een respectvolle omgang met burgers en organisaties, tussen politieke ambtsdragers onderling en tussen politieke ambtsdragers en medewerkers, met behoud van eigen politieke inhoud en stijl, is van belang. In de omgang met burgers, ambtenaren, externe partijen en andere politieke ambtsdragers wordt van een politieke ambtsdrager correct, fatsoenlijk, en respectvol gedrag verwacht dat vrij is van ongewenste omgangs vormen en grensoverschrijdend en (seksueel) intimiderend gedrag zoals hinderlijk gedrag, intimidatie, dubbelzinnige opmerkingen, handtastelijkheden, agressie, pesten en discriminatie. Politieke ambtsdragers opereren vaak in diverse (boven)lokale netwerken. Deze netwerken dragen bij aan het geworteld zijn van de politieke ambtsdrager. Tegelijkertijd ontstaat hierdoor het risico dat politieke ambtsdragers vanuit het gevoel van sympathie en loyaliteit, de belangen van de eigen netwerken vooropstellen ten koste van het algemeen belang. De schijn van oneigenlijke beïnvloeding kan snel gewekt zijn. Dit maakt duidelijk dat het nadenken over de eigen integriteit verder gaat dan het beoordelen van individuele handelingen. Het vraagt ook dat politieke ambts dragers zich bewust zijn dat zij altijd verbonden zijn met professionele en persoonlijke netwerken.
En dat deze netwerken ‘onbewust’ een invloed kunnen hebben op de keuzes en acties van de politieke ambtsdrager, die mogelijk tot een schending leiden.
Algemene bepalingen
Afleggen eed of belofte (artikel 14 Provinciewet, artikel 14 Gemeentewet en artikel 34 Waterschapswet). Alvorens hun functie te kunnen uitoefenen leggen de statenleden/raadsleden/leden van het algemeen bestuur in de vergadering, in handen van de voorzitter, de volgende eed (verklaring en belofte) af: “Ik zweer (verklaar) dat ik om tot statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer(beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur naar eer en geweten zal vervullen.” Persoonlijke belangen: • Een lid van een volksvertegenwoordiging neemt niet deel aan de stemming over - een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken; - de vaststelling of goedkeuring der rekening van een lichaam waaraan hij rekenplichtig is of tot welks bestuur 2
Het begrip netwerkcorruptie is geïnspireerd door het promotieonderzoek van ‘Netwerkcorruptie; wanneer sociaal kapitaal corrupt wordt’ van Willeke Slingerland, 2018.
hij hoort (artikel 28 Provinciewet, artikel 28 Gemeentewet en artikel 38a Waterschapswet) • Het bestuursorgaan waakt ertegen dat tot het bestuursorgaan behorende of daarvoor werkzame personen die een persoonlijk belang bij een besluit hebben, de besluitvorming beïnvloeden (artikel 2:4, tweede lid, Algemene wet bestuursrecht). Toekomstige ontwikkelingen met betrekking tot stemonthouding: • Artikel 28 wordt als volgt gewijzigd: 1. In het eerste lid wordt “de stemming” vervangen door “de beraadslaging en stemming”. 2. Onder vernummering van het tweede tot en met vierde lid tot derde tot en met vijfde lid wordt een lid ingevoegd, luidende: 2. Op de beraadslaging en stemming, bedoeld in het eerste lid, is artikel 2:4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. Incompatibiliteiten en nevenfuncties: • Verboden overeenkomsten/handelingen: volksvertegenwoordigers mogen in geschillen, waar de provincie(bestuur)/ gemeente(bestuur)/waterschaps-(bestuur) partij is, niet als advocaat, adviseur of gemachtigde werkzaam zijn. Zij mogen bepaalde overeenkomsten, waar de provincie/de gemeente/het waterschap bij betrokken is, niet rechtstreeks of middellijk aangaan. Van verboden overeenkomsten kan ontheffing worden verleend. • (artikel 15, eerste en tweede lid, Provinciewet, artikel 15, eerste en tweede lid, Gemeentewet en artikel 33, eerste en tweede lid, Waterschapswet).
• Op overtreding staat uiteindelijk de sanctie van schorsing en vervallenverklaring van het lidmaatschap van de volksvertegenwoordiging (artikelen X7, X7a en X8 Kieswet) • Onverenigbaarheid van functies: het zijn van volks vertegenwoordiger sluit het hebben van een aantal andere functies uit (artikel 13 Provinciewet, artikel 13 Gemeentewet en artikel 31 Waterschapswet). Dat leidt er uiteindelijk toe dat betrokkene ophoudt lid te zijn van de volksvertegenwoordiging (artikel X1 Kieswet) • Openbaarmaking nevenfuncties: volksvertegenwoordigers maken openbaar welke nevenfuncties zij vervullen. De lijst met nevenfuncties ligt ter inzage op het provinciehuis/ gemeentehuis/waterschaphuis (artikel 11 Provinciewet, artikel 12 Gemeentewet en artikel 32 Waterschapswet).
2. 1.
Het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur levert de griffier/secretaris-directeur de informatie aan over de (neven)functies die openbaar gemaakt moeten worden bij aanvang van het statenlidmaatschap/raadslidmaatschap/ lidmaatschap van het algemeen bestuur, dan wel binnen één maand na aanvaarding van de (neven)functie en geeft hem de wijzigingen daarin door.
2.
De informatie betreft in ieder geval de omschrijving van de (neven)functie, de organisatie voor wie de (neven)functie wordt verricht, of het al dan niet een (neven)functie betreft uit hoofde van het statenlidmaatschap/raadslidmaatschap/ lidmaatschap van het algemeen bestuur en of de (neven) functie bezoldigd of onbezoldigd is. De griffier/secretaris-directeur legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.
3.
Toelichting Het betreft een uitwerking van de wettelijke verplichting om nevenfuncties openbaar te maken. De informatie wordt neergelegd in een openbaar register. Het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur is verantwoordelijk voor de tijdige aanlevering van de informatie en voor de actualiteit daarvan.
3.
Informatie
Wettelijk kader Informatieplicht Gedeputeerde staten/Burgemeester en wethouders/Het dagelijks bestuur van het waterschap en elk van zijn leden zijn verplicht alle inlichtingen te geven die de volksvertegen woordiging nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak. Het betreft zowel een actieve als een passieve informatieplicht. Ook als individuele volksvertegenwoordigers informatie vragen zal die informatie aan de volksvertegenwoordiging moeten worden verstrekt. De informatie kan alleen worden geweigerd als die in strijd is met het openbaar belang (artikel 167 Provinciewet, artikel 169 Gemeentewet en artikel 89 Waterschapswet) Geheimhouding • Een ieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit (artikel 2:5 Algemene wet bestuursrecht).
• Gedeputeerde staten/Burgemeester en wethouders/Het dagelijks bestuur van het waterschap kunnen/kan op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, geheimhouding opleggen. Ook de commissaris van de Koning/burgemeester/ water schapvoorzitter heeft die bevoegdheid. 51
• De geheimhoudingsplicht moet worden bevestigd door de volksvertegenwoordiging, als het stukken betreft die met de volksvertegenwoordiging worden gedeeld. Ook de provinciale staten/gemeenteraad/ het algemeen bestuur van het waterschap, dan wel (de voorzitter van) een commissie kan/kunnen geheimhouding opleggen (artikelen 25, 55 en 91 Provinciewet, artikelen 25, 55 en 86 Gemeentewet en artikelen 37 en 43 Waterschapswet). • De geheimhouding duurt voort totdat deze wordt opgeheven door het orgaan dat de geheimhouding oplegde, of – indien het aan de volksvertegenwoordiging is overgelegd – de volksvertegenwoordiging de geheimhouding opheft. • Het schenden van de geheimhoudingsplicht is een misdrijf (artikel 272 Wetboek van Strafrecht).
van de Waterschapswet moet afleggen heeft onder meer betrekking op het geven, aannemen of beloven van giften, gunsten of geschenken. Zie voor de wetstekst inzake de eed of belofte het wettelijk kader onder 2 voor de bepalingen ter voorkoming van belangenverstrengeling.
4.1 1.
Een statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur accepteert en biedt geen geschenken, faciliteiten en diensten als zijn onafhankelijke positie hierdoor kan worden beïnvloed. Het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur kan, tenzij het eerste lid van toepassing is, incidentele geschenken die een geschatte waarde van € 50 of minder vertegenwoordigen, behouden. Geschenken die het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur uit hoofde van zijn ambt ontvangt en die een geschatte waarde van meer dan € 50 vertegenwoordigen worden, indien zij niet worden teruggestuurd, geregistreerd en eigendom van de provincie/de gemeente/het waterschap. De griffier/secretaris-directeur legt een register aan van de geschenken met een geschatte hogere waarde dan € 50. In het register is aangegeven welke bestemming de provincie/ de gemeente/ het waterschap hieraan heeft gegeven. Het register is openbaar en via internet beschikbaar. Geschenken worden niet op het huisadres ontvangen.
2.
3.
3.1 Het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur gaat zorgvuldig en correct om met de informatie waarover hij uit hoofde van zijn lidmaatschap van Staten/Raad/Algemeen bestuur beschikt en zorgt ervoor dat vertrouwelijke en geheime informatie veilig wordt bewaard.
4.
3.2 1.
Het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur maakt niet ten eigen bate of ten bate van derden gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen (nog) niet openbare informatie.
5.
4.2 1.
Deelname aan excursies en evenementen voor rekening van anderen dan de provincie/de gemeente/het waterschap maakt het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur openbaar binnen één week nadat de excursie, dan wel het evenement heeft plaatsgevonden. Hij maakt daarbij in ieder geval openbaar wie deze kosten voor zijn/hun rekening heeft/ hebben genomen. De informatie is via internet beschikbaar.
Toelichting 3.1 Het is belangrijk de juiste maatregelen te treffen om te voorkomen dat onbevoegden vertrouwelijke en/of geheime gegevens kunnen bezitten, raadplegen of beschadigen. Daarbij moet in de digitale setting worden gedacht aan de beveiliging van de computer, smartphones e.d. met wachtwoorden en het niet onbeheerd achterlaten van USBsticks met vertrouwelijke/geheime informatie.
4.
Geschenken, faciliteiten, diensten, excursies, evenementen en buitenlandse reizen op uitnodiging van derden
2.
4.3 1.
2.
Een statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur meldt de griffier/secretaris-directeur de buitenlandse reizen op uitnodiging van derden binnen één week na terugkeer in Nederland. Hij meldt in ieder geval wat het doel, de bestemming en de duur van de buitenlandse reis is geweest en wat daarvan de kosten waren. De griffier/secretaris-directeur legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.
Toelichting Wettelijk kader De eed of belofte die het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur op grond van artikel 14 van de Provinciewet, artikel 14 van de Gemeentewet en artikel 34 52
4.1 In de gedragscode is uitgangspunt dat geschenken, faciliteiten en diensten niet worden geaccepteerd als hiermee de onafhankelijke positie van het statenlid/ raadslid/lid van het algemeen bestuur kan worden beïnvloed. Dat is in ieder
geval aan de orde in onderhandelingssituaties. Is daarvan geen sprake dan kunnen om praktische redenen incidentele kleine geschenken (met een geschatte waarde van € 50 of minder) door het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur worden aanvaard, echter nooit op het huisadres. Dit is een in de praktijk ontstaan gebruikelijk richtbedrag maar is geen scherpe grens. Er zijn omstandigheden denkbaar waar elk geschenk, ongeacht de waarde, onacceptabel is. Duurdere geschenken worden in elk geval niet aanvaard. Zij worden teruggestuurd of worden eigendom van de provincie/de gemeente het waterschap die/ dat zorgt voor een goede bestemming van het geschenk. In een openbaar register wordt opgenomen welke geschenken van meer dan € 50 de provincie/de gemeente/het waterschap heeft aanvaard en welke bestemming daaraan is gegeven. 4.2 en 4.3 Het gaat hier om excursies, evenementen en buitenlandse reizen die betrokkene als statenlid/raadslid/ lid van het algemeen bestuur aanvaardt. Excursies, evenementen en buitenlandse reizen in de hoedanigheid van lid van een politieke partij vallen hier dus niet onder.
5.
Gebruik van voorzieningen van de provincie/de gemeente/het waterschap
Wettelijk kader Procedure van declaratie (modelverordeningen VNG en IPO) Er zijn voor statenleden/raadsleden voorschriften opgenomen in de provinciale/ gemeentelijke verordening over de wijze van declaratie (inclusief het overleggen van bewijsstukken) van vooruit betaalde (zakelijke) kosten en over rechtstreekse facturering van (zakelijke) kosten. Buitenlandse excursie of reis voor statenleden/raadsleden (modelverordeningen VNG en IPO) De Provinciale staten/gemeenteraad kunnen/kan een staten/ raadscommissie (of een delegatie uit de gemeenteraad) toestemming verlenen voor een excursie of reis naar het buitenland. Die excursie/ reis moet zijn georganiseerd door of vanwege de provincie/gemeente. De in redelijkheid gemaakte reis- en verblijfkosten komen voor rekening van de provincie/ gemeente. De Provinciale staten/gemeenteraad kunnen/kan aan de toestemming voorwaarden verbinden.
5.1 1.
functionele uitgaven rechtstreeks in rekening worden gebracht of kunnen worden gedeclareerd bij de provincie/de gemeente/het waterschap. Het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur verantwoordt zich over zijn gebruik van de voorzieningen volgens de in het eerste lid vastgelegde regels en procedures.
2.
5.2. Een statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur declareert geen kosten die reeds op andere wijze worden vergoed.
5.3 Gebruik van voorzieningen en eigendommen van de provincie/de gemeente/het waterschap ten eigen bate of ten bate van derden is, tenzij dit wettelijk is geregeld, niet toegestaan.
Toelichting 5.1 Aan statenleden/raadsleden/leden van het algemeen bestuur worden de voorzieningen, vergoedingen en andere verstrekkingen in bruikleen geboden die een goed functioneren van de volksvertegenwoordigers mogelijk maken. Wat betreft de uitwerking van de principes van dit stelsel zou kunnen worden aangesloten bij de werkwijze in het Voorzieningenbesluit dat geldt voor ministers en staatssecretarissen: a. in beginsel worden voorzieningen en verstrekkingen in bruikleen ter beschikking gesteld; b. indien een voorziening of verstrekking niet in bruikleen ter beschikking kan worden gesteld, wordt de factuur direct ten laste van de begroting van het bestuursorgaan betaald; c. het vergoeden van voorzieningen en verstrekkingen achteraf door het indienen van declaraties, wordt tot een minimum beperkt; d. voorzieningen, verstrekkingen en declaraties worden maandelijks openbaar gemaakt op internet. Uitgangspunt is hier dat zo weinig mogelijk uitgaven door de volksvertegenwoordiger zelf worden gedaan via zijn of haar privérekening. Geldstromen tussen de rekening van het bestuursorgaan en de persoonlijke rekening van de volksvertegenwoordiger maken een zwaardere controle op de uitgaven noodzakelijk. Het statenlid/raadslid/lid van het algemeen bestuur zal zich nauwgezet moeten houden aan de regels en procedures die er met het oog hierop voor hem/ haar gelden.
6.
Uitvoering gedragscode
6.1 Gedeputeerde staten/Burgemeester en wethouders/ Het dagelijks bestuur richten/richt de financiële en administratieve organisatie zodanig in dat er een getrouw beeld mogelijk is van de juistheid en rechtmatigheid van de uitgaven, met heldere procedures over de wijze waarop
De Provinciale staten/De gemeenteraad/Het algemeen bestuur bevordert/bevorderen de eenduidige interpretatie van de gedragscode. Ingeval van leemtes en onduidelijkheden in de gedragscode voorzien/voorziet de provinciale staten/de gemeenteraad/het algemeen bestuur daarin. 53
6.2 1.
2.
Op voorstel van de commissaris van de Koning/ de burgemeester/de waterschapvoorzitter maken/maakt de provinciale staten/ gemeenteraad/ het algemeen bestuur afspraken over de navolgende onderwerpen: a. de periodieke bespreking van het onderwerp integriteit in zijn algemeenheid en van de gedragscode in het bijzonder; b. de aanwijzing van contactpersonen of aanspreekpunten integriteit; c. de processtappen die worden gevolgd ingeval van een vermoeden van een integriteitschending door een politieke ambtsdrager van de provincie/de gemeente/het waterschap. d. In het geval van een integriteitsonderzoek door een extern bureau wordt alleen gebruik gemaakt van gecertificeerde onderzoeksbureaus. De afspraken als bedoeld onder 1, worden vastgelegd in een bijlage die onderdeel uitmaakt van de gedragscode.
Toelichting 6.1 De Provinciale staten/De gemeenteraad/Het algemeen bestuur zijn/is het hoogste bestuursorgaan en als zodanig verantwoordelijk voor de inhoud van de gedragscode en voor een eenduidige interpretatie daarvan. En voor wijziging/ aanvulling daarvan bij leemtes of onduidelijkheden. 6.2 De Provinciewet/Gemeentewet/Waterschapswet verplicht de provinciale staten/de gemeenteraad/ het algemeen bestuur om voor zichzelf en voor de bestuurders een gedragscode vast te stellen. Aanvullend op de wettelijke regels die gelden voor politieke ambtsdragers, bevat de gedragscode een aantal materiële normen waaraan de politieke ambtsdragers zich committeren. De commissaris van de Koning/burgemeester/waterschap voorzitter heeft de wettelijke taak om de bestuurlijke integriteit van zijn of haar provincie/gemeente/waterschap te bevorderen (Art. 175 lid 2 Provinciewet, Art. 170 lid 2 Gemeentewet, Art. 94 lid 2 Waterschapswet). Hiermee is de verantwoordelijkheid voor de portefeuille ‘integriteit’ duidelijk belegd. De wettelijke bepalingen bieden de ruimte om naar gelang de situatie handelend op te treden, waarbij niet alleen gedacht moet worden aan het optreden bij incidenten.
Belangrijk onderdeel is ook de preventie: ervoor te zorgen dat integriteit en integriteitsbewustzijn in de bestuurlijke gremia besproken blijven en daarbij afspraken te maken over een regelmatige bespreking van het thema integriteit, bijvoorbeeld een of twee keer per jaar, zowel in de volksvertegenwoordiging als met het bestuur.
54
De commissaris van de Koning/de burgemeester/de water schapvoorzitter hoeft hier niet alleen voor te staan. Een daartoe aangewezen contactpersoon of vertrouwenspersoon (bijvoorbeeld de griffier/ griffier-directeur) kan hier in relatie tot de provinciale staten/de gemeenteraad/ het algemeen bestuur eveneens een belangrijke rol in spelen. Goed denkbaar is ook dat de provinciale staten/de gemeenteraad/het algemeen bestuur met de commissaris van de Koning/ burgemeester/waterschapvoorzitter nadere afspraken maken/maakt over de werkwijze die wordt gevolgd ingeval zich een incident of een vermoeden van een integriteitsschending voordoet. Dat geeft houvast en rust op het moment dat er gehandeld dient te worden. De Provinciale Staten, de gemeenteraad en het algemeen bestuur van het waterschap kan zelf onderling ook afspraken maken over hoe je elkaar aanspreekt. Al deze processuele en procedurele afspraken zijn terug te vinden in de bijlage die onderdeel uitmaakt van de gedragscode. De onderwerpen, genoemd in 6.2, zijn niet uitputtend.
Colofon Een gezamenlijke publicatie van Het Interprovinciaal Overleg De Vereniging van Nederlandse Gemeenten De Unie van Waterschappen Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Deze publicatie is digitaal beschikbaar op de websites van bovengenoemde organen en tevens te downloaden op www.politiekeambtsdragers.nl xx 2021 B-7061 4e Gewijzigde druk xxx 2021
55