CConstaterende datBergen (NH)
Koppel je AI →
Document · PDF

Evaluatie strandbeleid gemeente Bergen - eindrapport definitief.pdf

Algemene Raadscommissie 13 maart 2025, gemeente Bergen (NH)Bij agendapunt: 3: Voorstel betreft het vaststellen van de startnotitie programma Strand8.719 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Colofon ©Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd, december 2024 Opdrachtgever

Gemeente Bergen Contactpersonen: Isabel Gerritsen & Charlotte Amson

Auteurs

J.J. (Jan Jaap) Thijs M. (Marie) van de Meeberg S. (Sanne) Meekes A. (Axel) Makkinga Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd Oude Kraan 72 6811 LL Arnhem Mail: info@ruimteenvrijetijd.nl www.ruimteenvrijetijd.nl

Foto’s

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Gemeente Bergen

2

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

1

Inleiding ....................................................................................................................................5

2

Ervaringen van bezoekers .....................................................................................................8

3

Ervaringen van inwoners .................................................................................................... 10

4

Ervaringen van stakeholders ............................................................................................. 13

5

Conclusie en aanbevelingen ............................................................................................. 20 Conclusies................................................................................................................................... 20 Discussiepunten en dilemma’s .............................................................................................. 22 Aanbevelingen voor toekomstig beleid ................................................................................ 23 Aanbevelingen om te komen tot nieuw beleid ................................................................... 25

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

3

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

4

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Figuur 1.1 Kaart van de stranden van gemeente Bergen

Aanleiding De gemeente Bergen heeft een lange en gevarieerde kustlijn met badplaatsen en kustlocaties die ieder hun eigen karakter hebben. Van zuid naar noord gaat het om Egmond Binnen, Egmond aan Zee, Bergen aan Zee, Schoorl aan Zee, Hargen aan Zee en Camperduin. Het gebruik van het strand en de beleving verschilt per locatie. Om duidelijkheid te scheppen over wat er op welk strand mogelijk en toegestaan is, heeft de gemeente Bergen in 2008 een Strandnota vastgesteld. Vervolgens is de Strandnota in 2013 geëvalueerd, waarin is gekeken in hoeverre het beleidskader nog bijdraagt aan de uitgangspunten en doelstellingen of zich daarbij knelpunten voordoen. Deze evaluatie heeft geleid tot een aantal beleidswijzigingen. Ook is in 2024 het beleid voor voertuigen op het strand herzien. Inmiddels is de originele strandnota ruim 15 jaar geleden geschreven en hebben verschillende ontwikkelingen plaatsgevonden. Zo is er een strandzonering opgesteld voor de Noord-Hollandse kust, is er een nieuw strand aangelegd bij Camperduin en is het Groene Strand gerealiseerd. Ook is de maatschappij en natuur volop in beweging. Deze ontwikkelingen maken het noodzakelijk dat in 2025 het strandbeleid wordt vernieuwd. Als input hiervoor is een evaluatie van belang van het huidige beleid.

Het doel van de evaluatie is om inzicht te krijgen in de werking van het huidige beleid: wat werkt wel en wat werkt niet. Is de regelgeving voldoende duidelijk voor de gebruikers van het strand of zijn er andere ideeën? De gemeente gaat de uitkomsten van deze evaluatie gebruiken als input voor nieuw strandbeleid.

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

5

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Werkwijze In het evaluatietraject is een hoge prioriteit gegeven aan brede participatie vanuit de omgeving. Belanghebbende en betrokkenen hebben op de volgende manieren de ruimte gekregen om hun mening te delen over de Strandnota 2008: ▪ Een bijeenkomst met werknemers van de gemeente Bergen waarin zij hun ervaring en mening konden delen over het strand en het beleid. ▪ Een bezoekersonderzoek, uitgevoerd eind augustus/begin september 2024, waarbij bezoekers van buiten de gemeente vragen zijn gesteld over hun ervaring op het strand. De vragenlijsten zijn mondeling afgenomen door enquêteurs van Ipsos I&O. Er zijn hierbij 147 respondenten bevraagd. ▪ Een inwonersonderzoek, uitgevoerd oktober 2024, waarbij inwoners vragen zijn gesteld over hun ervaring(en) op het strand. De vragenlijst is via de website van gemeente Bergen en via sociale media verspreid. 875 inwoners vulden deze vragenlijst in. ▪ 23 interviews met een brede verscheidenheid aan stakeholders (belangenorganisaties, ondernemers, verenigingen, terreinbeheerders, waterschap, provincie en Rijkswaterstaat). Tijdens de interviews stond hun betrokkenheid, ervaring en visie voor het strand centraal. ▪ Een stakeholderbijeenkomst met een brede verscheidenheid aan stakeholders (zoals belangenorganisaties, ondernemers, verenigingen, terreinbeheerders, waterschap).

Tijdens deze bijeenkomst kon worden gereageerd op de resultaten van deze evaluatie.

▪

Hoofdstuk 4: de interviews

In hoofdstuk 5 zetten we de belangrijkste conclusies op een rij en geven we aanbevelingen voor het herzien van het strandbeleid, waarmee de gemeente in 2025 aan de slag gaat. De belangrijkste besproken onderwerpen tijdens de bijeenkomsten vindt u ook terug in het bouwstenenrapport. Er is geen verslag opgenomen in dit hoofdrapport.

Leeswijzer Er is veel informatie verzameld gedurende het traject. De uitkomsten zijn uitgebreid beschreven in een apart bouwstenenrapport. Deze kan iedereen die geïnteresseerd is in de achtergronden raadplegen. Voor de leesbaarheid hebben we de belangrijkste elementen uitkomsten van alle werkzaamheden telkens samengevat in een aantal pagina’s.: ▪ ▪

Hoofdstuk 2: het bezoekersonderzoek Hoofdstuk 3: het inwonersonderzoek

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

6

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

7

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

aanwezigheid van openbare toiletten wordt het laagste beoordeeld (maar vooral als ‘neutraal’ en niet zozeer negatief; in Egmond aan Zee is men hierover gemiddeld het positiefst, wat opvallend is, omdat het er enkel mogelijk is om bij de paviljoens naar het toilet te gaan). Het beperkte aantal opmerkingen dat hierbij is geplaatst gaat vooral in op de onvindbaarheid of afwezigheid van openbare toiletten. Dat geldt ook voor de afvalbakken. Overlast is uitermate beperkt en bezoekers voelen zich zeer veilig De tevredenheid over de stranden zien we ook terug in beperkte mate waarin men overlast ervaart. Het overgrote merendeel van de respondenten (90%) heeft geen overlast ervaren van anderen. De kleine groep (slechts 7%, 9 respondenten) die wel overlast heeft ervaren, waarvan niemand Bergen aan Zee bezocht, is ook verder ondervraagd naar de aard van deze overlast. Zij gaven aan overlast te ervaren van honden (mensen met honden en/of hondenpoep), tractoren en auto’s op het strand. Deze respondenten voelen zich over het algemeen niet tot nauwelijks onveilig door de ervaren overlast.

De doelgroep van het bezoekersonderzoek waren alle strandbezoekers van buiten de gemeente Bergen. Er is bewust gekozen voor het afnemen van de enquête in het hoogseizoen (augustus, begin september), omdat dan relatief veel bezoekers op de stranden zijn. Bij het lezen van de resultaten dient er rekening mee te worden gehouden dat de resultaten een momentopname zijn en dus niet representatief voor de ervaring van alle bezoekers gedurende het gehele jaar. In totaal zijn er 147 enquêtes afgenomen. Verreweg de meesten zijn afgenomen op de drukkere plekken: Camperduin, Bergen aan Zee en Egmond aan Zee.

Zonering niet bekend De zonering is maar bij weinig bezoekers echt bekend. Voor een groot deel van de respondenten (64%) was het niet duidelijk dat er een zonnestrand en een activiteitenstrand was. Bij de rest van de respondenten (36%) was dit wel bekend, maar hiervan gaf iets minder dan de helft aan dat ze niet weten waar deze verschillende stranden zich precies bevinden.

Veel herhaalbezoekers aan de stranden Veel geënquêteerde bezoekers zijn vaker op de stranden geweest. 2/3e van de bezoekers kwam al eens eerder, en ruim 2/5e van de bezoekers kwam het afgelopen jaar al twee keer of vaker. Over het algemeen is men dus al bekend met de stranden. Dat zien we ook terug in bezoekredenen: ik kom hier vaker/gewoonte wordt veel genoemd, maar ook de nabijheid ten opzichte van waar men woont speelt een belangrijke rol. De (elektrische) fiets is het populairste vervoermiddel, gevolgd door de auto. Wandelen, uitwaaien en zonnen/liggen vormen de belangrijkste bezoekmotieven. Stranden beoordeeld met een gemiddelde van 8,6 De stranden krijgen een hoog rapportcijfer. Gemiddeld scoren de ervaringen een 8,6 of hoger. Er is geen enkele onvoldoende gegeven. De mate van drukte, de netheid en het horeca aanbod worden het beste beoordeeld. De BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

8

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

9

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

▪

Stranden beoordeeld met gemiddeld een 8 of hoger Niet alleen de nabijheid wordt gewaardeerd, maar ook de schoonheid van de stranden. ‘Ik vind het hier heel mooi’ is de op één na belangrijkste bezoekreden. Alle stranden krijgen gemiddeld een 8 of hoger. Schoorl aan Zee wordt het hoogste beoordeeld met een 8,7 gemiddeld.

Inwoners van de gemeente Bergen hebben in november 2024 de mogelijkheid gekregen om de online enquête in te vullen. De link naar de vragenlijst is via de gemeentelijke communicatiekanalen verspreid. In totaal hebben 875 inwoners de vragenlijst ingevuld. Het totaal aantal ingevulde verdiepende vragen per strand zijn nog hoger. Dat komt omdat de inwoners aan het einde van de vragenlijst de mogelijkheid kregen om de verdiepende vragen per strand over nóg een ander strand te beantwoorden. Daarom is er voor de algemene vragen een respons van 875 en de verdiepende vragen een respons van 933. Het aantal respondenten is ruim voldoende om betrouwbare uitspraken te doen (op totaalniveau) over de stranden in Bergen. De antwoorden van de respondenten zijn gewogen op leeftijd en geslacht om te zorgen dat de kenmerken van de respondenten ook overeenkomen met de kenmerken van de inwoners.

Inwoners zijn met name tevreden over het aanbod aan horecagelegenheden en de aanwezigheid van afvalbakken. Ook de kwaliteit van de toiletten bij de paviljoens wordt gewaardeerd. Over de hoeveelheid openbare toiletten en de bereikbaarheid met het OV is men over het algemeen ontevreden. Overlast is beperkt en inwoners voelen zich veilig De tevredenheid over de stranden zien we ook terug in beperkte mate waarin men overlast ervaart. Slechts een derde geeft aan weleens last of overlast (van anderen) te ervaren tijdens hun strandbezoek. De overlast die deze (beperkte) groep ervaart heeft met name betrekking op mensen met honden en/of hondenpoep en geluidsoverlast van draagbare radio’s of boxen. De ervaren overlast van honden komt significant vaker voor op de stranden van Egmond dan andere stranden.

Populaire stranden dichtbij huis Inwoners van de gemeente Bergen waarderen de stranden en zijn hier over het algemeen tevreden over. De belangrijkste reden om de stranden te bezoeken is de nabijheid. Dat zien we ook terug in het gebruik van de stranden. De stranden worden namelijk frequent bezocht.

Hoewel intimiderend of ongepast gedrag ook af en toe wordt aangegeven als vorm van overlast (significant vaker in Bergen aan Zee en stranden van Egmond dan op de noordelijke stranden), voelen inwoners zich over het algemeen wel veilig op de stranden. 50% geeft aan nooit een onveilig gevoel te ervaren. Diegene die dat wel ervaren geven aan dat dit soms of een enkele keer voorkomt. Er is een hele kleine groep (4%) die vaak of altijd een onveilig gevoel ervaart.

De meeste inwoners komen vooral naar het strand om te wandelen en uit te waaien (77%). Daarnaast zijn een bezoek aan een strandpaviljoen en zwemmen ook populaire activiteiten, beide met een aandeel van 54%. We zien ook een aantal opvallende verschillen in ondernomen activiteiten per strand en in bezoekredenen: ▪ Bergen aan Zee wordt vaker dan andere stranden bezocht om de hond uit te laten, voor een horecabezoek en om te sporten BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

De stranden van Egmond worden juist vaker bezocht om te zonnen en om te wandelen/uit te waaien dan andere stranden

10

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Drukte en invloed op het strandbezoek Het merendeel van de respondenten vond het weleens te druk in de afgelopen 12 maanden, maar de mate waarin dit wordt ervaren verschilt. Er zijn nauwelijks respondenten die het altijd te druk vonden (slechts 3%), maar ongeveer 60% van de respondenten vond het weleens of vaak te druk. De (perceptie van) drukte verschilt per strand: zo vonden de inwoners die de stranden van Egmond hebben bezocht het vaker te druk, terwijl de inwoners die de noordelijke stranden bezocht hebben juist vaker aangaven het nooit te druk vonden. Het relatief rustige karakter van de noordelijke stranden zien we ook terug in de bezoekredenen. ‘Het is hier lekker rustig’ was hier significant vaker een belangrijke bezoekreden.

Regels zijn bekend, maar behoefte aan duidelijkheid en handhaving De stranden kennen een aantal regels. Over het algemeen is bekend bij inwoners dat er regels gelden. Regels met betrekking op vissen zijn het minst bekend (77% is hiervan op de hoogte). De meest bekende regel is die ten aanzien van honden: bijna iedereen (99%) weet dat er regels bestaan. Of ze de inhoud van de regels ook daadwerkelijk goed en juist kennen, is niet onderzocht. Hoewel men over het algemeen bekend is met de regels, vindt niet iedereen dat deze goed vindbaar zijn. Zeker de handhaving van de regelgeving laat volgens een groot deel van de inwoners te wensen over. 44% is van mening dat de regels niet worden gehandhaafd. De meningen verschillen hier wel over per strand. Bij de stranden van Egmond vindt men vaker dat er niet gehandhaafd wordt.

Drukte heeft invloed op het gedrag van inwoners. Ongeveer 4 op de 10 vermijdt drukke momenten door op een ander moment het strand te bezoeken. Ongeveer 2 op de 4 vermijdt drukke momenten door naar een andere plek te gaan. De overige 3 op de 10 past het gedrag niet aan.

Het achterblijven van handhaving zien we deels ook terug in de vraag of er voldoende toezicht en handhaving is. De groep inwoners die vindt dat er voldoende toezicht en handhaving is, is ongeveer even groot als de groep die het te weinig vindt (resp. 34% en 36%). De meningen verschillen wel vrij duidelijk per strand. Zo vindt men op de noordelijke stranden vaker dat er voldoende toezicht en handhaving is en op de stranden van Egmond juist dat er te weinig handhaving is.

Gebruik en inrichting van het strand Inwoners staan over het algemeen vrij neutraal ten opzichte van het aantal evenementen. De groep die het aantal evenementen die het aantal evenementen te weinig vindt is daarbij wel iets groter dan de groep die juist vindt dat er te veel evenementen worden georganiseerd. Ook over de omvang van terrassen is men redelijk neutraal: 57% vindt het precies goed. Ook hier vinden net iets meer inwoners dat het groter mag dan kleiner. Over mogelijkheden van nieuwe bebouwing en/of de uitbreiding van bestaande bebouwing zijn de meningen verdeeld. Bijna de helft vindt dat geen goede ontwikkeling. 2/5e deel vindt dat het wél mogelijk moet zijn, alhoewel sommigen daar wel bepaalde voorwaarden aan verbinden, denk aan een nadruk op kleinschaligheid en nadruk op (beperkte) aanpassingen bij bestaande paviljoens. Ook hier zien we dat dit voor de stranden van Egmond significant vaker als ‘goede ontwikkeling’ wordt gezien en voor de noordelijke stranden juist vaker als ‘geen goede ontwikkeling’.

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Men weet van de zonering, maar exacte afbakening niet altijd bekend Het overgrote merendeel van de inwoners kent de strandzonering. Een deel hiervan weet echter niet precies wat de exacte afbakening is. Slechts 10% is niet bekend met de zonering. Over het algemeen lijkt men tevreden te zijn met de huidige zonering: meer dan de helft vindt de huidige situatie prima zoals die is. Slechts 11% ziet graag aanpassingen in de zonering.

11

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

12

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Personen die slecht ter been zijn of afhankelijk zijn van een rolstoel hebben moeilijk toegang tot het strand. Vanuit veel stakeholders wordt de toegankelijkheid van het strand als belangrijk aandachtspunt gezien. Doorgaans een veilig strand Over het algemeen is het strand heel veilig volgens respondenten. Er zijn weinig incidenten waarbij inzet van de politie nodig is. Als er overlast ontstaat, wordt dat volgens de respondenten vooral veroorzaakt door hangende jeugd, vandalisme of open vuur. Mede door de aanwezigheid van de reddingsbrigade en hun focus op het voorkomen van onveilige situaties, is de veiligheid over het algemeen goed. Tussen bezoekers onderling in het water of op het strand is het doorgaans ook veilig. Gebruikersgroepen die een gevaar kunnen opleveren voor anderen worden door de zonering of verschillend bezoekersgedrag op natuurlijke wijze van elkaar gescheiden, wordt door veel stakeholders gezegd. Hoewel het aantal incidenten momenteel nog beperkt is, vraagt de toenemende drukte en gebruik van het strand en de zee door verschillende gebruikersgroepen volgens sommigen wel om aandacht. Er kunnen situaties ontstaan die het gevoel van veiligheid in gevaar brengen, zoals loslopende honden, (groepen) fietsers en jetski’s. Ook wordt met enige regelmaat genoemd dat het rijden op het strand onveilige situaties kan veroorzaken.

Stakeholders met een rijontheffing geven aan zich hiervan bewust te zijn en hier voorzichtig mee om te gaan.

Een net strand met groeiende bezoekersaantallen De stakeholders zijn positief over het strand. Over het algemeen vinden zij het strand aantrekkelijk en netjes. Het strand net houden is met een groeiende bezoekersgroep wel een steeds grotere uitdaging. Bezoekers komen later naar het strand en blijven tot later hangen. Vanuit een aantal gebruikers van het strand (inwoners, ondernemers) komt naar voren dat de huidige situatie qua drukte goed is en men niet altijd zit te wachten op meer drukte. Het behouden van de kleinschaligheid en relatieve rust is ook belangrijk. Verdere toename van de drukte is dus niet wenselijk. Verbetering voor bereikbaarheid en toegankelijkheid wenselijk De meeste stakeholders zien dat de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de stranden kan worden verbeterd. Momenteel zijn er volgens veel stakeholders, dan wel alleen op piekmomenten, onvoldoende parkeerplaatsen voor auto’s en fietsen. Op een aantal plekken, zoals bij Schoorl en Egmond Binnen zorgt zandverstuiving op terreinen die niet van de gemeente zijn ervoor dat toegangswegen of paden onderstuiven.

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Gebrek aan handhaving Stakeholders vanuit alle achtergronden vinden dat het beleid ook gehandhaafd moet worden. Momenteel blijft deze handhaving volgens velen echter achter. Er is te weinig handhaving actief en mensen houden zich dan ook niet aan de regels, is een veelgehoorde mening. Mensen zien dat als een grote en belangrijke opgave voor het nieuwe strandbeleid. Tegelijkertijd wordt er ook door sommigen gezocht naar meer flexibiliteit. Als de regels misschien niet helemaal navolgbaar zijn, dan kunnen mensen mogelijk ook niet bewust een overtreding maken. Dat vraagt dan ook om coulance van handhavers, zeggen sommigen dan. 13

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Er is behoefte bij sommigen aan meer eenduidigheid. Een deel van de stakeholders stellen bijvoorbeeld voor om het beleid gedurende de gehele dag en jaar hetzelfde te houden. Daarnaast kwam vanuit de meeste strandpaviljoenen het voorstel om tijdens de zomer een aanlijnplicht in te voeren. Hoewel Staatsbosbeheer de (negatieve) effecten van loslopende honden duidelijk erkent, geven zij ook aan dat het belangrijk is dat binnen de gemeente een losloopgebied blijft bestaan.

Slechte/onduidelijke bebording Veel geïnterviewden vinden dat de huidige bebording niet goed is. Volgens hen mag het duidelijker, korter en in meerdere talen (Engels, Duits). Over de duidelijkheid van de strandzonering geven vrijwel alle stakeholders aan dat deze onvoldoende is. Volgens hen zijn veel bezoekers niet op de hoogte van de zonering en wordt op het strand niet voldoende duidelijk gemaakt in welke zone iemand zich bevindt, wat het volgen van de regels complexer maakt.

Waar voorheen paarden nog wel eens voor overlast konden zorgen, gaat dit momenteel beter. De grootste ergernis ontstaat volgens enkele stakeholders doordat mest niet wordt opgeruimd. Dit kan stinken of tot negatieve gevolgen leiden voor de waterkwaliteit, als het bijvoorbeeld in het stilstaande water blijft liggen (bijvoorbeeld bij de lagune).

Natuur verdient meer ruimte, maar zorgt ook voor spanning Gemeente Bergen heeft met het Groene Strand al een belangrijke inspanning gedaan voor de natuur op het strand, wat de stakeholders uit de natuurhoek benadrukken en waarderen. Bij rustigere stukken strand, doorgaans verder weg van de strandopgangen, gaat het beter met de natuur. Bij drukkere plekken als Egmond aan Zee en Bergen aan komt de natuur meer in de verdrukking.

Veel mensen vinden het fijn dat over het strand kan worden gefietst. Wel geven (grotere) groepen fietsers vaker overlast volgens sommigen. De hogere snelheden waarmee ze andere bezoekers passeren kan ook tot schrikreacties leiden.

Tijdens de gesprekken zijn meerdere voorbeelden gegeven hoe de natuur negatief wordt beïnvloed door de mens. Het belang van de natuur staat volgens sommigen echter haaks op de economische belangen van ondernemers en gebruikers van het strand. Dat zorgt voor een spanningsveld. Vanuit verschillende hoeken komt de wens naar voren om meer in te zetten op educatie, voorlichting en betrokkenheid. Volgens hen is dit de manier om gewenst gedrag op een natuurlijke wijze te stimuleren.

Rijontheffingen Strandpaviljoenen, de reddingsbrigade, overheidsorganisaties, verenigingen, vissers en calamiteitenvervoer hebben allemaal rijontheffingen om met hun voertuigen het strand te betreden. Het onderwerp en het geldende beleid was in veel gesprekken met deze stakeholders een belangrijk onderwerp, omdat verkeer ook tot gevaarlijke situaties kan leiden. Alle stakeholders vinden dat er alleen op het strand mag worden gereden als hier een goede reden voor is. De stakeholders die zelf niet tot weinig gebruik maken van rijontheffingen, beschouwen meer ritten als onnodig of denken dat het wellicht efficiënter kan worden georganiseerd. De stakeholders die hier wel veel gebruik van maken, vinden al snel (hun) ritten nodig. De grootste knelpunten worden benoemd door de gehanteerde tijden wanneer ontheffingshouders op het strand mogen rijden. Hoewel iedereen zich inspant om zich aan deze regels te houden, ontstaan er situaties, doorgaans buiten de invloed van ontheffingshouders,

Regels rondom specifieke gebruikersgroepen Er is veel over honden gesproken in de gesprekken en dit ging over het volgende: ▪ Overlast als gevolg van loslopende honden voor bezoekers en voor broedende of foeragerende vogels ▪ Overlast van hondenpoep ▪ Toenemende overlast van grote hondenuitlaatservices ▪ Niet naleven van de regels

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

14

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

waarbij dit niet mogelijk is. Er worden veel bijzondere situaties genoemd (zie bijlagerapport) waarvoor maatwerk noodzakelijk zou zijn.

natuur, zoals lichtvervuiling. Ook bestaat de angst dat het strand dan verder zal vercommercialiseren. Momenteel mogen strandpaviljoenen hun terras vergroten door buiten het bouwvlak aan de zeezijde een extra strook zandterras te creëren van maximaal 5 meter diepte (mits de benodigde ruimte tussen het bouwvlak en de calamiteitenstrook beschikbaar is). De meeste strandpaviljoenen willen de mogelijkheid krijgen om hun strandterras te vergroten. Wanneer het stuk strand te smal is om de maximale diepte te realiseren, dan zouden de strandpaviljoenen graag de resterende oppervlakte naast het paviljoen willen realiseren (mits de ruimte ten opzichte van andere paviljoenen dit toelaat). Bij het creëren van de zandterrassen komt het ook voor, als er onvoldoende zand is op de desbetreffende locatie, dat strandpaviljoenen zand van andere plekken van het strand verplaatsen naar hun zandterras, wat een negatief effect kan hebben op de kustdynamiek en dus de kustveiligheid beïnvloedt. Bovendien moet de calamiteitenstrook tussen vloedlijn en terras vanuit Rijkswaterstaat worden gewaarborgd.

Ondernemerschap en commerciële activiteiten Alle strandondernemers beamen en benadrukken dat het voor hen lastig is om een lange termijnvisie te hebben voor hun onderneming. Dit komt door de vergunning die zij nodig hebben vanuit het hoogheemraadschap. Met deze partij sluiten ze tijdelijke watervergunning af (maximaal 10 jaar). Het hoogheemraadschap werkt aan de bescherming van het land tegen water, waarvoor de duinen van groot belang zijn. Het proces waarbij duinen groeien kan worden belemmerd wanneer bebouwing te dicht op de duinvoet staat. Hierom beoordeelt het hoogheemraadschap bij het aflopen van vergunningen of de locatie van het strandpaviljoen moet veranderen. Tegelijk spelen hierbij ook de belangen van Rijkswaterstaat, die de strandpaviljoenen op een bepaalde minimumafstand wilt houden van de kustlijn om te garanderen dat calamiteitenvervoer langs de kust kan rijden: de calamiteitstrook. Een aantal ondernemers mist de gemeente soms in het debat hierover en verwacht meer steun van de gemeente.

Bebouwing Geen nieuwe bebouwing toevoegen was de oproep van de meeste stakeholders. Volgens hen moet het huidige karakter van de stranden worden behouden. Het kustpact staat momenteel ook geen extra bebouwing toe. De provincie is wel voornemens om, samen met alle betrokken partijen, te bekijken of het kustpact geactualiseerd kan worden en of er aanleidingen zijn om op bepaalde locaties wat te wijzigen in de zonering. Daarnaast verleent het hoogheemraadschap ook vergunning voor de bebouwing. Zij toetsen initiatieven op de waterveiligheid en of dit past binnen hun kaders. Hierdoor moeten paviljoens soms verplaatsen, om de zandverstuiving en duinontwikkeling te stimuleren.

De sportpaviljoenen mogen momenteel geen alcohol schenken. Om groepen (bijvoorbeeld zakelijk) te ontvangen is het wenselijk catering te verzorgen. Dat is volgens de sportpaviljoenen niet mogelijk om op te vangen bij bestaande strandpaviljoenen. Daarom pleiten sportpaviljoenen voor een gerichte alcoholvergunning die alleen geldt voor eigen groepen. Veel strandpaviljoens zien dit echter als oneerlijke concurrentie. Sommige ondernemers willen graag commerciële overnachtingsmogelijkheden op het strand in strandhuisjes aanbieden. Tegelijkertijd zien veel andere stakeholders (onder andere de provincie, natuurorganisaties, het waterschap, de reddingsbrigade) liever geen uitbreiding van de overnachtingsmogelijkheden. De extra aanwezigheid van mensen in de avond kan bijvoorbeeld negatieve gevolgen hebben voor de BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Bij de strandpaviljoenen bestaat juist een grote wens voor verdere uitbreiding van de huidige paviljoenen. Zij geven aan dat dit niet bedoeld is om meer bezoekers te kunnen ontvangen. Dit is volgens hen vooral wenselijk om meer 15

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

opslag te kunnen creëren en om te verduurzamen. Installaties voor verduurzaming vereisen volgens hen vaak veel ruimte.

Over het algemeen zijn er weinig opmerkingen over de huidige grenzen van de zones. Wel vinden de meeste direct betrokkenen dat de zonering bij de lagune dient te worden aangepast. Deze zou deels zonnestrand en deels activiteitenstrand moeten worden. De nadere invulling daarvan is niet besproken.

Attributen Over het (tijdelijk) plaatsen van attributen op het strand zijn de meningen verdeeld. Het gaat hierbij over zowel attributen die worden geplaatst door strandpaviljoenen (bijvoorbeeld verhuurde ligbedjes) als over attributen die door de eigenaren van de strandhuisjes bij Egmond aan Zee worden geplaatst voor de strandhuisjes (bijvoorbeeld trampolines of speeltoestellen).

Botsende belangen Er is in meerdere gesprekken aan de orde gekomen dat er botsende belangen zouden zijn tussen hogere overheden en ondernemers. Hogere overheden geven aan dat zij kaderstellend zijn als het gaat om bijvoorbeeld kustveiligheid en waterkering en dat zij dat echt voor de langere termijn doen. Ondernemers beschouwen de belangen van de deze hogere overheden vaak als belemmerend door de regelgeving, over bijvoorbeeld het wel/niet toestaan van bebouwing, het verplaatsen van de paviljoens voor het proces van zandverstuiving, de afstand tussen paviljoens, afstand tot de kustlijn.

Sommigen vinden dat het plaatsen van attributen ervoor zorgt dat het strand verder wordt ‘geclaimd’. Er zijn ook stakeholders die het geen probleem vinden of hier niks over opmerken. Momenteel ontstaan er (nagenoeg) geen problemen bij plaatsen van strandbedden of speeltoestellen. De eigenaren van de trampolines en speeltoestellen bij de strandhuisjes zouden er zelf streng op toe kijken dat het veilig gebeurt, volgens de gesprekspartners van de strandhuisjes.

In veel gesprekken met stakeholders uit verschillende achtergronden kwam naar voren dat er onduidelijkheid heerst welke partij voor welk onderwerp moet worden benaderd. Het gaat bijvoorbeeld om wetgeving die door een bepaalde instantie wordt opgelegd of waar eigendom- en/of beheergrenzen liggen. Als suggestie werd meermaals gegeven dat de gemeente hiervan een overzicht en kaart kan maken.

Zonering Dat er een zonering is ingesteld snappen de meeste stakeholders wel. Zij erkennen dat op het strand veel gebruikersvormen samen komen die elkaars bezoekervaring negatief kunnen beïnvloeden. Hierbij wordt vooral verwezen naar vissers en extremere vormen van sporten, zoals kitesurfen. Desondanks zet ook een deel van de stakeholders vraagtekens bij de instandhouding van de zonering. Als argumenten wordt gegeven dat het momenteel te onbekend en te onduidelijk is voor bezoekers. Daarnaast zouden gebruikersgroepen zichzelf reguleren en gevaarlijke situaties vermijden. Als oplossing worden twee opties aangedragen vanuit verschillende hoeken (die wel tegenstrijdig zijn): 1) meer flexibiliteit: meer bewegen met de weersomstandigheden en de drukte (bij geen strandweer en weinig bezoekersaantallen meer toestaan) en 2) meer eenduidigheid: gewoon heldere regels, zoals op plek A mag iets wel, op plek B mag iets niet. BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Doelstellingen Er wordt met enig accentverschil gekeken naar het belang van de huidige vier doelstellingen uit het beleid, afhankelijk van de achtergrond van de respondent: ▪ Ondernemers vonden vooral het behouden en het versterken van het economisch potentieel belangrijk. ▪ Belangenorganisaties en terreinbeheerders gaven juist aan dat het behouden en verbeteren van de natuur-, landschap- en cultuurhistorische

16

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

▪

waarde van groot belang is. Volgens hen is de natuur cruciaal voor de balans van het strand en waterveiligheid. Het behouden en verbeteren van de kwaliteit van de waterkering werd door alle stakeholders gezien als belangrijk. Volgens het hoogheemraadschap en Rijkswaterstaat zou de gemeente echter wel een sterkere positie in moeten nemen als het gaat om waterveiligheid. Waterveiligheid en kustbescherming zou het primaire doel moeten zijn en al het andere is daarbij ondergeschikt. Ook vinden alle stakeholders het belangrijk dat de stranden aantrekkelijk blijven voor verschillende doelgroepen. Aandacht voor mensen met een beperking is in veel gesprekken ook aan de orde gekomen.

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

17

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Onderzoek door Strandvereniging Bergen Egmond Schoorl Parallel aan deze evaluatie van de strandnota, is in opdracht van Strandvereniging Bergen Egmond Schoorl (BES) bij juridisch adviesbureau Visser & Van Dam ook een evaluatie uitgevoerd. In de managementsamenvatting staat de hoofdlijn beschreven, die ingaat op de twee voor de ondernemers belangrijkste onderwerpen:

Gebruik van het strand Het strand heeft van oudsher een grote aantrekkingskracht op de mens. In veranderende tijdsgeest, waarbij mensen flexibeler werken, meer vrije tijd hebben en zichzelf meer vakanties veroorloven, zien we dat de recreatieve druk op het strand toeneemt. Ook zijn er meer doelgroepen die van het strand gebruik maken. Naast de traditionele zonaanbidders en uitwaaiers zijn er nu meer mensen die buitensporten beoefenen op het strand, worden er bruiloften, uitvaarten en bedrijfsbijeenkomsten op het strand georganiseerd en is er een grote doelgroep die uitsluitend naar het strand komt voor de horeca op het strand en het fenomenale uitzicht op zee. De huidige strandnota is van 2008. Hoewel deze eerder geëvalueerd en herhaaldelijk voorzien is, zijn er nog steeds kansen voor verbetering. Zo ziet de strandvereniging dat meer regels juist voor onduidelijkheid en spanning op het strand zorgt tussen gebruikers. Daarnaast belemmeren regels over bevoorrading de bedrijfsvoering van de ondernemers op het strand in het al ruimer wordende strandseizoen. Voor de herziening van de strandnota doet de strandvereniging aanbevelingen om te dereguleren waar mogelijk en meer de verantwoordelijkheid bij de gebruiker neer te leggen. Daarnaast vraagt de strandvereniging meer ruimte te geven voor de bedrijfsvoering op het strand.

Dit leidt niet noodzakelijkerwijs tot hele grote wijzigingen van bestaande wettelijke kaders, zoals de APV en het omgevingsplan. Het gaat om de invulling van de beleidsvrijheid die deze kaders nu al bieden’.

Bebouwing op het strand De kustlijn verandert voortdurend en de waterbeheerders moeten daarop kunnen inspringen. Het dynamische beleid vloeit voort in de tijdelijke vergunningen die het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier afgeeft voor bebouwing op het strand. De gemeente Bergen volgt dit dynamische beleid. Dit betekent voor de paviljoenhouders op het strand dat er geen langdurige zekerheid wordt gegeven over de gevolgen van het beleid voor hun paviljoen. Dit staat op gespannen voet met de beleidsuitgangspunten van de provincie NoordHolland en de gemeente Bergen, die gericht zijn op het stimuleren van paviljoenhouders om te innoveren en verduurzamen, en op het bevorderen van ondernemerschap op dit gebied. We zien onder de ondernemers op het strand grote bereidheid om te investeren in duurzamere bebouwing en meer ruimte voor goed werkgeverschap. Zonder langdurige zekerheid over het bestaan van het paviljoen (>10 jaar) is er echter een slecht investeringsklimaat. Door de onzekerheid over de kosten van tussentijdse verplaatsing en afschrijving van investeringen, zijn paviljoenhouders terughoudend om de investeringen te doen. Daarmee worden de doelen van het kustbeleid, zoals door de provincie en de gemeente Bergen gesteld, niet gehaald. Hier is ruimte voor harmonisatie van beleid en een integrale benadering van het kustbeheer.

Waterveiligheid is van onbetwist nationaal belang. Er zijn echter meer wegen naar een duurzaam veilige kust waarbij de verantwoordelijkheid ook kan worden gedeeld. Hierin kunnen ondernemers, provincie en gemeenten ook een rol nemen.

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Bron: Visser & Van Dam (2024). Voorstel inhoudelijke wijzigingen strandbeleid gemeente Bergen. NB voor een verdere uitwerking verwijzen we naar dit rapport, dat ongeveer gelijktijdig met deze evaluatie werd uitgebracht en waarin enkele aanbevelingen verder zijn uitgewerkt.

18

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

19

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

hondenpoep. Auto’s en tractoren op het strand komen ook naar voren, maar worden in het inwonersonderzoek nauwelijks genoemd. Inwoners ervaren juist meer geluidsoverlast van boxen van andere strandbezoekers. Bezoekers voelen zich bijna nooit onveilig op het strand, inwoners ook heel weinig, maar wel iets vaker. Ondernemers vragen daarbij ook wel aandacht voor het (risico op) overvallen. 3.

De strandzonering is voor bezoekers van buiten de gemeente onduidelijk De meeste bezoekers van buiten de gemeente weten niet dat er een strandzonering van toepassing is. Op het strand is niet voor iedereen duidelijk in welke zone je bevindt. Tijdens de gesprekken met de stakeholders werd al vaak aangegeven dat zij denken dat bezoekers niet altijd op de hoogte zijn van de strandzonering. Ook dat het beleid vervolgens per type strand verschilt, zoals dat honden in de zomer wel mogen op het activiteitenstrand maar niet op het zonnestrand, is vaak niet altijd duidelijk. Voor inwoners geldt dit niet. Onder de inwoners wist 65% van de respondenten dat er een zonering bestaat en waar deze loopt. Slechts 10% wist dat er geen zonering is en 25% wist dit wel maar weet niet waar de grenzen van de zonering loopt. Onder de inwoners is de zonering dus redelijk bekend.

4.

Overregulering in het nieuwe beleid voorkomen Beleid is noodzakelijk, maar er wordt aandacht gevraagd om goed na te denken over de noodzaak van regels. Er is een sterke wens naar simpele en toegankelijke regels. Veel stakeholders vragen juist om afname van regeldruk bij de herziening en zeker niet om een toename. Als er meer ‘kleine lettertjes’, uitzonderingen of tijds- of plaatsgebonden regels zouden worden ingesteld, dan zal het beleid ook lastiger worden om te begrijpen en dus op te volgen. Daarnaast wil men ook gewoon de beweegruimte houden en niet op alle vlakken te maken krijgen met regels.

5.

De huidige doelstellingen bijten elkaar soms Inspanningen voor economisch potentieel, natuur en cultuurhistorie en

De belangrijkste 8 conclusies beschrijven we hieronder. Deze conclusies zijn ook gepresenteerd tijdens de brede stakeholdersbijeenkomst en werden herkend door de aanwezigen. We beperken ons tot de belangrijkste conclusies. 1.

2.

De stranden worden goed gewaardeerd Over het algemeen zijn de stranden netjes, veilig en mooi. Uit zowel het inwoners- en bezoekersonderzoek komt naar voren dat de stranden hoog worden gewaardeerd. Vooral op de netheid en het aanbod aan horeca scoren de stranden goed. Het is ook merkbaar dat de stranden hun eigen karakter hebben doordat bezoekers om andere redenen de stranden bezoeken of waarderen, bijvoorbeeld omdat ze rustig zijn of juist worden gezien als gezellig druk. In zowel het bezoekers- als inwonersonderzoek worden voor de stranden hoge rapportcijfers gegeven. Stakeholders hebben ook een hoge waardering voor het strand. De mate van overlast valt mee Momenteel ontstaat er weinig overlast en zijn er weinig incidenten. De mate waarin bezoekers of andere strandstakeholders overlast ervaren, is beperkt. Er zijn weinig incidenten die worden doorgezet naar de politie en als er wel iets op het strand gebeurt, dan is het vaak kleinschalig van Bepaalde vormen van overlast worden door veel stakeholders en in onderzoeken genoemd. Dit gaat vooral om loslopende honden en hun

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

20

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

waterveiligheid werken elkaar in de praktijk soms tegen. Iedereen vindt deze doelstellingen wel belangrijk, maar veel stakeholders geven aan dat deze doelstellingen niet altijd hand in hand kunnen gaan. Er doen zich soms situaties voor waarbij inspanningen voor een bepaald doel leidt tot opofferingen bij het andere doel. Afhankelijk van de achtergrond van de stakeholder, werd er dan ook meer prioriteit gegeven aan bepaalde doelstellingen. Dat leidt soms tot fricties. 6.

De gesproken stakeholders hebben zich uitgesproken over de toegankelijkheid van het strand voor alle doelgroepen. Volgens hen is hier in de huidige strandnota onvoldoende aandacht aan besteed en zou het strandbeleid hier beter op moeten inspelen. Zij willen een gastvrij strand waarbij je onbeperkt kan genieten. Maar ook willen ze dat onveilige situaties worden voorkomen. Momenteel is het bijvoorbeeld lastig om het strand te betreden of om je op het strand te bewegen wanneer je minder goed ter been bent. De huidige situaties die hierdoor ontstaan kunnen gevaarlijke gevolgen hebben. Bezoekers met een rolstoel of rollator betreden vaak de metalen platen op de strandopgang, om daar van het uitzicht te genieten en omdat ze niet verder kunnen. Maar daarmee kunnen zij ook de doorgang voor voertuigen beperken, wat tot gevaarlijke situaties kan leiden.

Honden veroorzaken overlast (Loslopende) honden hebben soms een negatieve invloed op de bezoekerservaring en de natuur. Vanuit zowel het inwoners- en bezoekersonderzoek als de gesprekken met de stakeholders kwam naar voren dat er overlast ontstaat door honden. Deze overlast heeft negatieve gevolgen voor de bezoekerservaring en de natuur.

Momenteel helpen sommige personen met een rijontheffing personen die slecht ter been zijn, bijvoorbeeld door ze op te halen en naar hun gewenste bestemming te brengen. Formeel is dit niet toegestaan. Volgens hen zou in de eerste plaats de gemeente de infrastructuur moeten faciliteren, maar zouden zij anders ook niet in overtreding moeten zijn, als zij dit gat opvullen.

Bezoekers ervaren soms hinder van (vooral) loslopende honden. Zij veroorzaken soms schrikreacties. Ook wordt overlast door hondenpoep veelgenoemd. Loslopende honden triggeren ook een schrikreactie bij broedende en foeragerende vogels. In het geval van een broedvogel zorgt dat ervoor dat de omgeving niet veilig genoeg is om voor een lange termijn een nest te vestigen. Dat kan een direct effect hebben op de instandhouding van vogelpopulaties.

7.

De laatste jaren is er volgens sommigen een toename in het aantal honden uitlaatservices. Door deze diensten betreden grote groepen honden in één keer het strand. Voor bezoekers en natuur versterkt dit de overlast en de schrikreacties.

Men heeft de wens om de reddingsbrigade tijdens de zomervakantie langer op het strand te laten blijven Bezoekers blijven tegenwoordig tot later op het strand. Stakeholders zien graag dat de reddingsbrigade meebeweegt met het veranderende bezoekersgedrag en tot later op de stranden blijven, om de stranden veilig te houden.

De gemeente wordt aangekeken als facilitator voor het toegankelijk maken van de stranden Er wordt veel aandacht gevraagd in gesprekken voor het toegankelijk maken van de stranden voor mensen met een beperking. De gemeente is de partij die voor de organisatie hiervan wordt aangekeken.

Volgens stakeholders gaan bezoekers later naar het strand maar blijven zij ook langer. Momenteel vertrekt de reddingsbrigade officieel om 18 uur. Wanneer het een mooie zomerdag is en het is nog druk, dan blijven ze vaak nog vrijwillig langer. De stakeholders zouden echter graag willen dat dit officieel kan worden georganiseerd. Zij maken zich zorgen dat de veiligheid

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

8.

21

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

op het strand anders niet kan worden gegarandeerd. Zij geven aan dat juist na 18 uur bezoekers vaker moe zijn en mogelijk onder invloed van alcohol, waardoor incidenten sneller kunnen ontstaat. Belangrijk daarbij is wel om te beseffen dat de reddingsbrigade afhankelijk is van de inzet van vrijwilligers; een langere aanwezigheid op het strand zou ook om meer inzet van vrijwilligers vragen.

omgegaan zou kunnen worden met specifieke situaties. Dit dient wel nader uitgediscussieerd te worden. Commerciële overnachtingen op het strand Hier is een duidelijke tweedeling te zien: veel strandtenthouders zouden dit graag mogelijk willen maken, om zo de potentie van het strand nog veel meer te benutten, en met als belangrijk argument: op veel andere stranden is het wel mogelijk. Veel andere stakeholders zien dit echter niet zitten, omdat ze bang zijn voor meer vercommercialisering op het strand, extra druk op de natuur en mogelijke overlast. Dit vraagt uiteindelijk om een bestuurlijke afweging.

De uitkomsten van de evaluatie zijn op een aantal thema’s niet eenduidig, omdat de meningen hierover uiteenlopen. Het is uiteindelijk een bestuurlijke afweging hoe met deze vraagstukken om te gaan. We bevelen aan rondom deze specifieke thema’s een dialoog met betrokken stakeholders te faciliteren en waar nodig specifieker advies te vragen. Belangrijk hierbij is dat de afwegingen op basis van zo veel mogelijk feiten worden gedaan. Zorg dat deze zo inzichtelijk mogelijk worden gemaakt en breng deze in een zorgvuldig proces om keuzes te maken, die uiteindelijk soms vragen om een duidelijke bestuurlijke afweging. Het gaat in ieder geval om de volgende thema’s die nog tot veel discussies leiden:

Alcoholvergunning voor sportpaviljoenen Over de wens van sportpaviljoenen om een gerichte horeca/alcoholvergunning te hebben voor het bedienen van eigen groepen, lopen de meningen ook sterk uiteen. De sportpaviljoenen hebben de sterke wens om dit wel te doen en hebben hun wensen laten onderbouwen door een rapport van KHN Advies in 2018. Tegenstanders zijn vooral te vinden bij strandpaviljoenhouders die vrezen voor extra en oneerlijke (vanwege eerder gegeven subsidies) concurrentie. Ook dit punt vraagt uiteindelijk om een bestuurlijke keuze. Mocht het gemeentebestuur overwegen de wens van de sportpaviljoenhouders in te willigen, dan is het aan te raden in ieder geval aandacht te besteden aan de vermeende oneerlijke concurrentie door de eerder afgegeven subsidies én de wijze waarop het enkel bedienen van eigen groepen door de sportpaviljoenen gewaarborgd kan en zal worden.

Rijontheffingen Rijden op het strand blijft tot veel discussie leiden. Er is een breed besef, ook bij houders van ontheffingen, dat het rijden op het strand tot gevaarlijke situaties zou kúnnen leiden, omdat bezoekers vaak geen auto’s verwachten (en deze ook door het geluid van de zee niet altijd horen aankomen) en omdat je soms een bepaalde snelheid op het strand nodig hebt om niet vast te komen staan. Daarom is er een breed begrip dat er terughoudend moet worden omgegaan met rijontheffingen. De discussie ligt vooral op de vraag of er meer maatwerk moet komen. De huidige tijden waarop bepaalde actoren op het strand mogen komen geven voor een aantal partijen mogelijke problemen (zie bijlagerapport). Meer maatwerk geeft echter ook meer onduidelijkheid, zo geven ‘tegenstanders’ aan. Een gesuggereerde oplossing was dat je de huidige regels zou kunnen hanteren, maar dat er met meer coulance door handhavers BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Attributen op het strand Het gaat hierbij enerzijds om het plaatsen van speeltoestellen (bijvoorbeeld trampolines) op het strand, anderzijds om het ‘s ochtends uitzetten van strandbedjes door ondernemers. Uit de evaluatie blijkt dat er maar heel weinig bezwaren worden geuit door bezoekers, bewoners of stakeholders tegen de aanwezigheid van speeltoestellen. Op basis van deze input is er dus geen reden om deze speeltoestellen niet toe te staan, zeker omdat ze, aldus de 22

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

strandhuisjesverenigingen, goed verankerd staan. Het dilemma zit er vooral in dat de gemeente onlangs besloten heeft om in de kern van Bergen dergelijke toestellen in de openbare ruimte wél te verbieden1. Het zou mogelijk tot rechtsongelijkheid kunnen leiden als het op de stranden, immers ook openbare ruimte, wél toegestaan zou worden. Het vraagt om een zorgvuldige afweging en eventueel goede juridische onderbouwing.

zorgvuldig te begeleiden. Laat partijen goed naar elkaar luisteren, neem zorgen serieus en kijk hoe je deze op basis van argumenten gebaseerd op feitelijke waarnemingen zo goed mogelijk een plek kunt geven.

In deze paragraaf geven we een aantal aanbevelingen voor het opstellen van nieuw beleid, die voortkomen uit de evaluatie:

Ook het ‘s ochtends uitzetten van strandbedjes door ondernemers wordt in de evaluatie niet benoemd als een mogelijk knelpunt, dat problemen zou kunnen zorgen. Het zou kunnen zorgen voor ‘inname’ van de openbare ruimte en het vrije gebruik van het strand kunnen belemmeren, maar het is in de gesprekken en onderzoeken niet als een belangrijk issue benoemd.

Handhaving en toezicht ▪ Met de toegenomen drukte op de stranden is er een brede wens om meer handhaving op het strand te faciliteren. Zet daarbij in op meer zichtbaarheid en het vaker aanspreken van gasten op ongewenst gedrag. Beboet duidelijk overschrijdend gedrag, maar wijs verder vooral ook op een gastvrije manier op regels en wenselijkheden, omdat die bezoekers lang niet altijd helder zijn. ▪ Kijk met de reddingsbrigade of langere aanwezigheid op de stranden in de zomeravonden te realiseren is. Dit kan uitdagingen met zich meebrengen, omdat zij afhankelijk zijn van vrijwilligers en het zou ook extra kosten met zich mee kunnen brengen. ▪ Meer drukte op het strand betekent ook meer afval. Intensiveer het beheer op vooral de drukke plekken (Egmond aan Zee en Bergen aan Zee), kijk waar de infrastructuur voor afval kwetsbaar is (volle bakken, mogelijkheden voor meeuwen of andere dieren om afval te verspreiden).

Natuurzone op het strand Er is in de evaluatie op meerdere momenten door meerdere partijen aandacht gevraagd voor de natuur, die in het vorige beleid te weinig aandacht zou hebben gekregen. Er is ondertussen al het Groene Strand gerealiseerd: een zone waar de natuur meer ruimte krijgt, waar strandbroeders (broedvogels die dat doen op het strand) beschermd worden en waar natuurlijk aanspoelsel niet wordt opgeruimd. Dit is echter in het beleid niet geformaliseerd. De overweging om dit wél te formaliseren, leidt tot heftige discussies. De tegenstanders van het formeel aanwijzen van een dergelijk strand, wijzen vooral op hun ‘angst’ dat dit formaliseren zal leiden tot extra regels en uiteindelijk zal uitgroeien tot meer beperkingen. De voorstanders geven aan dat de huidige situatie helemaal niet tot beperkingen leidt, meer attractiewaarde en een positieve impuls geeft aan de natuur. Beide partijen lijken elkaar moeizaam te kunnen vinden en bij deze discussie spelen sentimenten vooral een stevige rol. Uiteindelijk vraagt ook dit om een bestuurlijke afweging, waarbij we adviseren om het gesprek hierover

In het ‘speelruimteplan’ van de gemeente Bergen uit 2023 staat daarover het volgende: In de gemeente Bergen staan meerdere toestellen die door bewoners zelf zijn neergezet of opgehangen zoals trampolines en schommels in bomen. Dit worden particuliere speeltoestellen genoemd. Deze worden niet meegenomen met de reguliere inspecties en zijn vaak ook niet bekend bij de gemeente.

In lijn met het Warenwetbesluit Attracties en Speeltoestellen (WAS) is de gemeente wel verantwoordelijk bij plaatsing in de openbare ruimte en juridisch aansprakelijk bij ongevallen. Het plaatsen van speeltoestellen in de openbare ruimte door bewoners is dan ook niet toegestaan.

1

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

23

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Regels voor specifieke gebruikersgroepen ▪ Versimpel de regels voor honden. Zeker omdat bezoekers van buiten de gemeente de regels niet kennen, is een eenduidiger beleid wenselijk. Overweeg daarbij het te vereenvoudigen naar twee zones: ▪ Een zone waarin honden alleen aangelijnd mogen komen ▪ Een zone waarin honden los mogen lopen. Houd hierbij niet alleen rekening met de impact op bezoekers, maar ook op de natuur (daar waar het rustiger is met bezoekers, is het mogelijk ook een plek waar vogels een plek vinden om te foerageren of te nestelen). ▪ Overweeg, net als Natuurmonumenten voor haar natuurgebieden heeft gedaan, een maximum in te stellen voor het aantal loslopende honden per persoon, bijvoorbeeld 3. Dat voorkomt overlast van grotere groepen honden, zoals hondenuitlaatservices, waarover een aantal keren in gesprekken geklaagd is. ▪ Kijk specifiek ook naar regels voor fietsen op het strand. Ook hierbij geldt dat vooral groepen fietsers zorgen voor schrikreacties en mogelijke overlast. Kijk of het juridisch mogelijk en wenselijk is om vooral fietsen in groepsverband te beperken en groepsgroottes te verkleinen.

paarden op dit deel, omdat juist de lagune gevoelig is voor de waterkwaliteit als gevolg van paardenmest. Bebording en informatie Zorg voor heldere, eenduidige bebording. Als de regels vereenvoudigd worden, met minder uitzonderingen en specifieke tijden, kan de hoeveelheid tekst sterk worden verminderd. Werk vooral met eenduidige (internationale) symbolen en korte teksten die in één keer helder maken wat er bedoeld wordt. Denk bij de teksten ook aan Duitstalige en Engelstalige teksten. Zet in op toegankelijkheid van het strand Maak een gedegen plan voor op welke locaties de rolstoeltoegankelijkheid kan worden verbeterd, via bijvoorbeeld verharde paden (waar dat mogelijk is), meer strandrolstoelen (die eventueel ook zelfstandig te gebruiken zijn) en voorzieningen voor mindervaliden (toiletten, douches, parkeervoorzieningen). NB belangrijk is daarbij nog goed te bekijken waar de behoefte precies ligt. Het thema toegankelijkheid is in veel gesprekken aan bod gekomen, maar niet nader onderzocht is wat de grootste hindernissen of beperkingen voor minder validen op dit moment zijn. Zoek bij oplossingen eventueel inspiratie bij andere stranden die ingezet hebben op toegankelijkheid. Maak deze plannen samen met ondernemers en verenigingen, zodat ook consistentie in het toegankelijk aanbod ontstaat.

Zonering ▪ Zorg voor vereenvoudiging van de zonering op het strand. Dat is nog geen eenvoudige, eenduidige opgave, omdat er verschillende ideeën over leven. Besteed bij de herziening van het beleid voldoende aandacht aan het betrekken van stakeholders bij de vereenvoudiging, omdat zij ieder zo hun eigen wensen hebben. Kijk hierbij vooral naar minder uitzonderingen qua tijden en hoe je omgaat met de tijd in het jaar. Een ingewikkelde discussie hierbij is of je de drukte leidend moet laten zijn (dan immers is het risico op overlast het hoogst) of de tijd van het jaar (dat is eenduidiger qua regels). Dit vraagt nog meer afstemming en uitwerking. ▪ Herzie de zonering bij de lagune en wijs een groot deel van dat strand aan als activiteitenstrand. Denk nog wel goed na over de toegankelijkheid voor

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Heldere kaders en afstemming daarover Organiseer een blijvende dialoog tussen kaderstellende overheden (Rijkswaterstaat, Hoogheemraadschap en provincie) en ondernemers op het strand. Zorg dat helder is welke kaders leidend zijn vanuit bijvoorbeeld waterveiligheid en kustbescherming, en organiseer en faciliteer de dialoog over hoe binnen die kaders ook de wensen en ideeën van ondernemers, bijvoorbeeld rondom verduurzaming van hun paviljoens, een plek kunnen krijgen.

24

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

Koester de karakters van de stranden Er is een duidelijk verschil tussen de ‘noordelijke stranden’ (Camperduin / Hargen aan Zee / Schoorl aan Zee) en de stranden bij Bergen aan Zee en Egmond aan Zee. De noordelijke stranden zijn rustiger en worden ook als zodanig gewaardeerd, terwijl de andere stranden juist ook vaak als ‘gezellig druk’ worden gezien. Die verschillende karakters geven ook diversiteit aan de stranden en we adviseren deze karakters ook te benoemen in het beleid en regelgeving, en daarmee te koesteren.

Voer het gesprek op basis van feitelijkheden Het strand gaat velen aan het hart: als gebruiker, als ondernemer, als natuurliefhebber voel je je verbonden met het strand en heb je vaak zeer directe belangen. Dat zorgt ervoor dat een discussie soms gevoerd dreigt te worden op basis van sentimenten, die niet altijd op feitelijkheden zijn gebaseerd. We zien dit o.a. rondom de thema’s natuur en waterveiligheid/kustbescherming, versus de mogelijkheden om te kunnen ondernemen. Om deze belangen goed te kunnen afwegen, is feitelijke kennis van groot belang om uiteindelijk een gedegen afweging te kunnen maken. De hulp van specifieke expertise (bijvoorbeeld een ecoloog of een waterbeheerexpert) in de discussie kan helpen om feitelijkheden van sentimenten te scheiden én daar het gesprek met elkaar over te voeren. Doe dat met de personen die het meest betrokken zijn bij het betreffende thema. Ook zijn soms meer feitelijkheden om de juiste maatregelen te kunnen nemen. Zo vindt zo ongeveer iedereen de toegankelijkheid van het strand voor mensen met een beperking belangrijk, maar is in het kader van deze evaluatie nog niet exact naar voren gekomen wat de belangrijkste knelpunten op dit thema precies zijn.

Deze evaluatie bevat een aantal concrete inhoudelijke aanbevelingen die gebruikt kunnen worden bij het opstellen van het nieuwe beleid. Tegelijkertijd hebben we ook enkele dilemma’s geschetst die echt om nadere uitwerking en processtappen vragen. We geven ter afsluiting daarom nog enkele adviezen voor het proces om te komen tot het nieuwe beleid: Leer van ervaringen elders De uitdagingen en kwesties die een rol spelen op het strand van de gemeente Bergen aan Zee spelen ook op andere plekken. Soms is daar, al dan niet met succes, elders al een oplossing voor gevonden. Daarom adviseren we om rondom een aantal thema’s, die danwel gevoelig liggen, danwel om extra inspiratie (hoe pak je dit nou aan?), te kijken hoe andere kustgemeenten in Nederland hiermee om zijn gegaan en wat hiervan te leren valt. Dit kan bijvoorbeeld gaan om vragen als: ▪ Toegankelijkheid van het strand: hoe dit te verbeteren? ▪ Zonering: hoe deze te vereenvoudigen, zonder de veiligheid in het geding te brengen of potentiële overlast te versterken? ▪ Regels voor gebruikersgroepen: hoe zijn andere gemeenten omgegaan met toegang voor honden en fietsers en wat daarvan te leren?

BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD

Durf keuzes te maken en blijf monitoren Sommige van de geschetste dilemma’s zullen lastig blijven. Belangen of ideeën staan soms tegen over elkaar en daar hoort uiteindelijk een bestuurlijke afweging in te worden gemaakt. Uiteindelijk is aan het gemeentebestuur de opgave om deze keuzes te maken. Het is te overwegen om bij een aantal besluiten waar bepaalde groepen bang zijn voor negatieve gevolgen, deze impacts daadwerkelijk te gaan monitoren in de loop van de tijd. Is de ‘angst’ voor aantasting van bepaalde waarden of toename van problemen terecht, of blijkt het in de praktijk mee te vallen? Door dit bij de meest gevoelige thema’s een plek te geven, kan je in ieder geval ook de zorgen van ‘tegenstanders’ serieus nemen.

25

EVALUATIE STRANDBELEID GEMEENTE BERGEN

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://www.raadbergen-nh.nl/api/v1/meetings/5428/documents/44823