Bijlage 2 Ontwerpakte Statuten ISOB 2022 met arcering.pdf
Tekst van het document
Stoktstraat 2 5961 TN Horst
info@novitas.nl www.novitas.nl
Tel. 077 - 3971515
KvK nummer 75429063 IBAN NL60 RABO 0147 2076 30
Ontwerp van 7 februari 2022
23535.03 / AB
STATUTENWIJZIGING INTERGEMEENTELIJKE STICHTING OPENBAAR BASISONDERWIJS
Op [passeerdatum] komt bij mij, mr. Annemarie Jacqueline Pauline Beijers-Willems, notaris in Horst aan de Maas: +, als schriftelijk gevolmachtigde van de stichting: Intergemeentelijke Stichting Openbaar Basisonderwijs. Deze heeft als zetel Castricum. Het adres is Sokkerwei 2, 1901 KZ Castricum. Het inschrijfnummer bij de Kamer van Koophandel is 37083568. Van de volmacht blijkt uit notulen die aan deze akte zijn gehecht. De voormelde stichting wordt hierna ook genoemd: de stichting. De aanwezige persoon verklaart vooraf het volgende.
INLEIDING 1. 2. 3.
4.
5.
De stichting werd opgericht bij akte verleden op twee februari negentienhonderdnegenennegentig voor mr. R.A. Westen, notaris te Beverwijk. De statuten werden voor het laatst gewijzigd bij akte verleden op eenendertig december tweeduizend twintig voor mr. A.J.P. Beijers-Willems, notaris te Horst aan de Maas. In de vergadering van het college van bestuur van de stichting, heeft het bestuur op + besloten tot wijziging van de statuten. Bij het besluit werd aan de aanwezige persoon volmacht gegeven voor de uitvoering van het besluit zorg te dragen. Deze statutenwijziging vindt plaats vanwege de Wet bestuur en toezicht die per één juli tweeduizend eenentwintig in werking is getreden. Volgens de nog geldende statuten was voor het besluit tot statutenwijziging goedkeuring vereist van de raad van toezicht. De goedkeuring is verleend op +, waarvan blijkt uit een aan deze akte te hechten bijlage. De statutenwijziging is ook onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraden van de gemeenten waar ISOB-scholen zijn gevestigd. Dit zijn de hierna te noemen gemeenten. De gemeenteraden hebben hun goedkeuring verleend op de hierna te noemen datums: de gemeenteraad van Alkmaar op +. de gemeenteraad van Uitgeest op +. de gemeenteraad van Bergen op +. de gemeenteraad van Heiloo op +. de gemeenteraad van Castricum op +. De stukken waaruit dit blijkt zijn aan deze akte gehecht.
Het besluit tot statutenwijziging werd overeenkomstig de statutaire voorschriften (artikel 14) genomen. De notulen van dit besluit zijn aan deze akte gehecht.
STATUTENWIJZIGING
2
Ter uitvoering van het besluit worden de statuten geheel gewijzigd en luiden zij voortaan als volgt:
NAAM Artikel 1 De stichting draagt de naam: Intergemeentelijke Stichting Openbaar Basisonderwijs, afgekort ISOB.
BEGRIPSBEPALING Artikel 2 In deze statuten wordt verstaan onder: a. gemeente: de gemeenten Castricum, Bergen, Heiloo, Alkmaar en Uitgeest; b. gemeenteraden: de gemeenteraden van gemeenten waar ISOB-scholen gevestigd zijn; c. scholen: de openbare scholen voor openbaar primair onderwijs die onder het bestuur van de stichting ressorteren; d. stichting: Intergemeentelijke Stichting Openbaar Basisonderwijs; e. WPO: de Wet op het primair onderwijs f. GMR: de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad; g. college van bestuur: het bevoegd gezag van de stichting; h. raad van toezicht: intern toezichthouder van de stichting.
ZETEL EN TIJDSDUUR Artikel 3 1 De stichting is gevestigd in de gemeente Castricum. 2 De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd. De stichting dient conform het bepaalde in artikel 48 lid 12 van de WPO minimaal voor vijf jaar in het leven te worden geroepen.
DOEL Artikel 4 1 Het doel van de stichting is het in stand houden van openbare scholen voor primair onderwijs als bedoeld in artikel 48 van de WPO. Om haar doel te bereiken kan de stichting gebruik maken van alle middelen die daaraan dienstbaar zijn. 2 Het openbaar onderwijs dat wordt verzorgd door de door de stichting in stand gehouden openbare scholen draagt bij aan de ontwikkeling van de leerlingen met aandacht voor de kernwaarden van het openbaar onderwijs, zijnde: ieder kind is welkom, iedereen is benoembaar, aandacht voor normen en waarden die leven in de Nederlandse samenleving, met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid hiervan, democratische waarden en normen binnen de samenleving met aandacht voor burgerschap, aandacht voor levensbeschouwelijke en godsdienstige waarden en respectvolle omgang ten aanzien van de verscheidenheid
3
3 4 5
binnen de samenleving. Openbare scholen zijn toegankelijk voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of levensbeschouwing. Openbaar onderwijs wordt gegeven met eerbiediging van ieders godsdienst of levensbeschouwing. De stichting heeft tevens aandacht voor overig algemeen toegankelijk onderwijs.
VERMOGEN Artikel 5 Het tot verwezenlijking van het doel van de stichting bestemde vermogen wordt gevormd door: a. rijksbekostiging; b. vergoedingen voor de door de stichting verleende diensten; c. subsidies, giften en donaties; d. hetgeen verkregen wordt door erfstellingen of legaten, met dien verstande dat erfstellingen slechts kunnen worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving; e. hetgeen op andere wijze verkregen wordt.
COLLEGE VAN BESTUUR; SAMENSTELLING, BENOEMING, SCHORSING EN ONTSLAG, BELET EN ONTSTENTENIS Artikel 6 1 De stichting wordt bestuurd door een college van bestuur, bestaande uit een door de raad van toezicht te bepalen aantal van ten hoogste twee natuurlijke personen. 2 De leden van het college van bestuur worden benoemd door de raad van toezicht conform het bepaalde in artikel 17c lid 3 van de WPO. De raad van toezicht benoemt de voorzitter van het college van bestuur. Indien het college van bestuur slechts uit een persoon bestaat, is deze persoon automatisch voorzitter 3 Het college van bestuur kan onderling vaststellen welk lid met welke taak meer in het bijzonder zal zijn belast. Een zodanige taakverdeling laat de gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle leden van het college van bestuur voor het gehele bestuur onverlet. 4 Bij de samenstelling van het college van bestuur wordt, onverminderd het in de volgende leden bepaalde, gelet op diverse facetten die de aandacht van het college van bestuur vragen waarbij het college van bestuur in ieder geval wordt samengesteld op basis van algemene bestuurlijke kwaliteiten, affiniteit met de doelstelling van de stichting en met een spreiding van deskundigheden en achtergronden.
De aandachtspunten met betrekking tot de van een lid van het college van bestuur gevraagde deskundigheid en achtergrond worden in algemene zin vastgesteld door de raad van toezicht in een profielschets. De raad van toezicht kan - indien overgegaan moet worden tot de vervulling van een vacature - besluiten tot een aanvulling dan wel een nadere detaillering van de vereiste kwaliteiten en eigenschappen voor de betreffende zetel in het college van bestuur. 5 Een lid van het college van bestuur kan te allen tijde worden geschorst door de raad
4
van toezicht met inachtneming van het bepaalde in de collectieve arbeidsovereenkomst voor het primair onderwijs (CAO-PO). De schorsing van een lid van het college van bestuur vervalt, indien de raad van toezicht niet binnen drie maanden na de datum van ingang van de schorsing besluit tot opheffing of handhaving van de schorsing. Een schorsing kan voor ten hoogste drie maanden worden verlengd, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing werd genomen. Het betrokken lid wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de raad van toezicht waarin schorsing of verlenging daarvan aan de orde is te verantwoorden. Daarbij kan hij zich doen bijstaan door een raadsman. 6 De raad van toezicht is te allen tijde bevoegd een lid van het college van bestuur te ontslaan. Het betrokken lid van het college van bestuur wordt in de gelegenheid gesteld zich ten overstaan van de raad van toezicht te verantwoorden. Daarbij kan hij zich doen bijstaan door een raadsman. 7 Leden van het college van bestuur worden benoemd voor een periode gelijk aan de duur van hun arbeidsovereenkomst binnen de kaders van de vigerende collectieve arbeidsovereenkomst voor het primair onderwijs (CAO-PO). 8 Een lid van het college van bestuur defungeert: a. door zijn overlijden; b. door zijn vrijwillig aftreden (bedanken); c. door zijn ontslag door de rechtbank; d.
door zijn ontslag verleend door de raad van toezicht, en e. door het verstrijken van de duur van zijn arbeidsovereenkomst. 9 In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Een niet voltallig college van bestuur behoudt zijn bevoegdheden. Bij ontstentenis of belet van alle leden van het college van bestuur wordt het college van bestuur waargenomen door één persoon die daartoe door de raad van toezicht is of wordt aangewezen. Gaat de raad van toezicht niet binnen twee weken tot een zodanige aanwijzing over dan wordt het college van bestuur waargenomen door de persoon die daartoe door de voorzieningenrechter van de rechtbank van het arrondissement waar de stichting statutair is gevestigd, op verzoek van één of meer belanghebbende(n) is of wordt aangewezen. De GMR en de gemeente worden uitdrukkelijk als belanghebbenden aangemerkt. Voor de gedurende deze periode verrichte bestuursdaden wordt de aangewezen persoon met een bestuurder gelijkgesteld. 10 De raad van toezicht is belast met het vaststellen van de arbeidsvoorwaarden, bezoldiging en kostenvergoedingen van de leden van het college van bestuur.
COLLEGE VAN BESTUUR; TAAK EN BEVOEGDHEDEN Artikel 7 1 Het college van bestuur is belast met het besturen van de stichting. Bij de vervulling van zijn taak richt het college van bestuur zich naar het belang van de stichting enhet belang van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden. 2 Het college van bestuur heeft al die taken en bevoegdheden die niet bij of krachtens deze statuten aan anderen zijn toegekend.
5
3
4
5
6
7
8
Het college van bestuur maakt jaarlijks, in overleg met de raad van toezicht, een begroting op. Na goedkeuring door de raad van toezicht wordt de begroting vastgesteld door het college van bestuur. Een afschrift van de begroting wordt ter informatie toegezonden aan de gemeenteraden. Het college van bestuur formuleert concrete doelstellingen van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden, daarbij rekening houdend met de belangen van hen die bij die scholen zijn betrokken en rekening houdend met de eisen die de samenleving aan onderwijs stelt. Het college van bestuur legt in het jaarverslag verantwoording af over de mate waarin de vastgestelde missie en doelstellingen worden gehaald. Het college van bestuur is bevoegd tot het verrichten van alle rechtshandelingen, daaronder met name ook begrepen het besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. De in dit lid bedoelde besluiten zijn onderworpen aan de goedkeuring van de raad van toezicht. Voorts heeft het college van bestuur voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht nodig voor het nemen van besluiten met betrekking tot: a.
het aangaan van financiële verplichtingen en samenwerkingsovereenkomsten welke niet binnen de begroting zijn opgenomen en waarvan het belang meer bedraagt dan een door de raad van toezicht vastgesteld en aan het college van bestuur meegedeeld bedrag; b. de beëindiging van de dienstbetrekking van een aanmerkelijk aantal werknemers tegelijkertijd of binnen een kort tijdbestek; c. ingrijpende wijziging van de arbeidsomstandigheden van een aanmerkelijk aantal werknemers in dienst van de stichting; d. een aanvraag tot faillissement of van surséance van betaling; e. (het doen van een voorstel tot) opheffing of afsplitsing van (een deel van) door de stichting in stand gehouden scholen; f. het aangaan of verbreken van duurzame samenwerking met een andere rechtspersoon indien deze samenwerking of verbreking van ingrijpende betekenis is voor de stichting of de in stand te houden scholen; g. het vaststellen of wijzigen van het strategisch meerjarenplan. Tegen de achtergrond van in het college van bestuur benodigde deskundigheid draagt ieder lid van het college van bestuur zorg voor voortdurende persoonlijke ontwikkeling. Het functioneren van het college van bestuur wordt periodiek door de raad van toezicht beoordeeld. Het bestuur vormt tevens het bestuur van de stichting: Stichting Freinetschool Heiloo, statutair gevestigd te Heiloo.
COLLEGE VAN BESTUUR; WERKWIJZE Artikel 8 1 In de vergaderingen van het college van bestuur heeft ieder lid van het college van bestuur één stem. Alle besluiten van het college van bestuur worden genomen met
6
2
3
4 5
6
7
volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. In het geval de stemmen staken brengt het college van bestuur de raad van toezicht hiervan onverwijld schriftelijk op de hoogte. Binnen drie weken na ontvangst van deze schriftelijke mededeling overlegt de voorzitter van de raad van toezicht met het college van bestuur over het voorgenomen besluit. Na dit overleg neemt het college van bestuur alsnog een besluit. Indien dan alsnog de stemmen staken, is het voorstel verworpen. Het college van bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits alle leden van het college van bestuur in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van hen zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Een besluit is alsdan genomen, indien de volstrekte meerderheid van het aantal leden van het college van bestuur zich vóór het voorstel heeft verklaard. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld. Elk lid van het college van bestuur, alsmede de gehele raad van toezicht, is bevoegd een vergadering van het college van bestuur bijeen te roepen.
De vergaderingen van het college van bestuur zijn openbaar voor zover het college van bestuur niet - gemotiveerd per agendapunt - beslist dat openbaarheid tegen het belang van de stichting is of een ontoelaatbare inbreuk op de privacy van personen oplevert. Van het verhandelde in de vergaderingen van het college van bestuur worden notulen gehouden door de daartoe door de voorzitter aangewezen persoon. De notulen worden vastgesteld in dezelfde of in de eerstvolgende vergadering en door de voorzitter van de vergadering ondertekend. Het college van bestuur regelt zijn werkzaamheden en al hetgeen zijn functioneren betreft bij reglement. In ieder geval wordt hierin een regeling voorzien betreffende de wijze van vergaderen en de wijze van besluitvorming. Het reglement dient vooraf te worden goedgekeurd door de raad van toezicht. Bij een (mogelijk) tegenstrijdig belang geldt het bepaalde in artikel 17 van deze statuten.
VERTEGENWOORDIGING Artikel 9 1 Het college van bestuur alsmede ieder lid van het college van bestuur afzonderlijk vertegenwoordigt de stichting, voor zover uit de WPO niet anders voortvloeit. 2 Het college van bestuur kan besluiten tot de verlening van volmacht aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.
TOEZICHT OP HET BESTUUR Artikel 10 1 De gemeenteraden zijn in geval van ernstige taakverwaarlozing door het college van bestuur of functioneren in strijd met de WPO bevoegd zelf te voorzien in het bestuur van de scholen en zo nodig de stichting te ontbinden overeenkomstig het bepaalde in artikel 48 lid 11 van de WPO.
7
2 3
De raad van toezicht houdt toezicht op het college van bestuur. Dit geschiedt op de wijze en binnen de kaders als omschreven in deze statuten en de WPO. De raad van toezicht is in ieder geval belast met de taken als omschreven in artikel 17c van de WPO.
RAAD VAN TOEZICHT Artikel 11 1 Het toezicht op het beleid van het college van bestuur en op de algemene gang van zaken in de stichting is opgedragen aan de raad van toezicht. De raad van toezicht bestaat uit vijf of zeven natuurlijke personen. De raad van toezicht bepaalt uit hoeveel leden de raad van toezicht bestaat. 2 De leden van de raad van toezicht worden benoemd door de gemeenteraden. Benoeming geschiedt met inachtneming van een profielschets waarin de noodzakelijke competenties van de raad van toezicht en de afzonderlijke leden van de raad van toezicht worden beschreven. De profielschets wordt voor advies voorgelegd aan de GMR. 3 De GMR wordt door de raad van toezicht uitgenodigd om voor een zetel een bindende voordracht te doen. 4 De raad van toezicht doet aan de gemeenteraden een voordracht voor de benoeming van de leden van de raad van toezicht. 5 De oudergeleding van de GMR wordt door de raad van toezicht uitgenodigd om voor twee zetels in de raad van toezicht – in het geval de raad van toezicht uit vijf of zes leden bestaat – een bindende voordracht te doen. Bestaat de raad van toezicht uit zeven leden dan doet de oudergeleding van de GMR een bindende voordracht voor drie leden. De in de leden 3 tot en met 5 van dit artikel genoemde voordrachten worden voorbereid door een benoemingsadviescommissie.
In de benoemingsadviescommissie hebben in elk geval twee leden van de raad van toezicht en twee leden van de oudergeleding van de GMR, zitting. De werkwijze van deze benoemingsadviescommissie wordt in een door de raad van toezicht vast te stellen reglement nader uitgewerkt. De voordracht wordt opgemaakt met inachtneming van het profiel bedoeld in het tweede lid van dit artikel. Een op voordracht van de oudergeleding van de GMR benoemd lid van de raad van toezicht vervult zijn taak zonder last of ruggespraak en onafhankelijk van bij de stichting dan wel haar instellingen betrokken deelbelangen. 6 De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaar. Aftreden geschiedt volgens een door de raad van toezicht op te stellen rooster van aftreden. Een volgens rooster aftredend lid van de raad van toezicht is onmiddellijk herbenoembaar. Herbenoeming is slechts eenmaal mogelijk. De in een tussentijdse vacature benoemde neemt op het rooster de plaats in van degene in wiens vacature hij werd benoemd. 7 De raad van toezicht wijst uit zijn midden een voorzitter aan. 8 Eventuele bezoldiging van leden van de raad van toezicht en onkostenvergoedingen aan leden van het college van bestuur en de raad van toezicht geschieden op basis van een door de raad van toezicht vastgesteld - en op hoofdlijnen in het jaarverslag openbaar gemaakt - reglement.
Jaarlijks wordt door het college van bestuur
8
9
10 11
12
13 14
uitdrukkelijk in de jaarrekening vermeld welke bedragen op grond van deze regeling zijn uitgegeven. Het college van bestuur verschaft de raad van toezicht tijdig de voor de uitoefening van diens taken en bevoegdheden noodzakelijke gegevens en voorts aan ieder lid van de raad alle inlichtingen betreffende de aangelegenheden van de stichting die deze mocht verlangen. De raad van toezicht is bevoegd inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de stichting; het/de door de raad van toezicht aangewezen lid/leden van de raad heeft te allen tijde toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen. De raad van toezicht kan zich voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak doen bijstaan door één of meer deskundigen. Een lid van de raad van toezicht defungeert: a. door zijn overlijden; b. door zijn vrijwillig aftreden (bedanken); c. door het verstrijken van de termijn vermeld in het rooster van aftreden; d. door zijn ontslag verleend door de gemeenteraden; e door zijn ontslag verleend door de rechtbank; f. door veroordeling voor een strafbaar feit; g. door zijn ontslag hem verleend door de raad van toezicht bij besluit genomen met algemene stemmen van in functie zijnde leden van de raad van toezicht met uitzondering van het betrokken lid van de raad van toezicht.
In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Een niet voltallige raad van toezicht houdt zijn bevoegdheden. Bij ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht of van het enige (overgebleven) lid worden de taken en bevoegdheden van de raad van toezicht waargenomen door de perso(o)n(en) die daartoe door de gemeenteraden is of wordt aangewezen. De gemeenteraden dienen zo spoedig mogelijk nadat deze situatie is ontstaan hiervan schriftelijk op de hoogte te worden gesteld. De wijze waarop de gemeenteraden op de hoogte worden gesteld dient bij reglement te worden vastgesteld. Degene die bij ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht de taken van de raad van toezicht vervult, wordt voor het vervullen van die taken met een lid van de raad van toezicht gelijk gesteld. Bij de vervulling van zijn taak richt de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting en het belang van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden. Conform de code voor goed bestuur als bedoeld in artikel 171 WPO heeft de raad van toezicht een klankbordfunctie naar het college van bestuur.
RAAD VAN TOEZICHT WERKWIJZE Artikel 12 1 a. De raad van toezicht kan in een vergadering alleen besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde leden aanwezig of vertegenwoordigd is. In de vergaderingen van de raad van toezicht heeft ieder lid één stem. Alle besluiten worden genomen met unanimiteit van de uitgebrachte stemmen.
9
b.
Als een of meer leden zich van de stemming onthouden, terwijl de overige leden voor het voorstel stemmen, dan is dat besluit toch met unanimiteit genomen. Daarbij is dan wel vereist dat minimaal de helft van de in functie zijnde leden van de raad van toezicht voor het voorstel stemmen. Stemt een lid tegen of blanco, dan is een besluit niet met unanimiteit genomen. 2 De raad van toezicht kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits alle leden in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van hen zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Een besluit is alsdan genomen, indien alle leden die hun stem uitbrengen zich vóór het voorstel hebben verklaard. Ook hierbij geldt het onder lid 1.b. bepaalde. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld. 3 Elk lid van de raad van toezicht is bevoegd een vergadering van de raad van toezicht bijeen te roepen. 4 De bijeenroeping van de vergaderingen van de raad van toezicht geschiedt schriftelijk op een termijn van ten minste zeven dagen, onder opgave van de te behandelen onderwerpen. In spoedeisende gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan de termijn van oproeping worden beperkt tot ten minste vierentwintig uur.
De vergaderingen worden gehouden ter plaatse binnen Nederland, bij voorkeur in de gemeenten waar de scholen staan, te bepalen door degene die de vergadering bijeenriep, dan wel deed bijeenroepen. Indien werd gehandeld in strijd met het hiervoor in dit lid bepaalde, kan de raad van toezicht niettemin rechtsgeldige besluiten nemen, mits de ter vergadering afwezige leden vóór het tijdstip van de vergadering hebben verklaard zich niet tegen de besluitvorming te verzetten. 5 Een lid van de raad van toezicht kan zich door een ander lid van de raad van toezicht ter vergadering schriftelijk doen vertegenwoordigen. Eén lid van de raad van toezicht kan slechts één medelid ter vergadering vertegenwoordigen. 6 De voorzitter leidt de vergaderingen van de raad van toezicht; bij zijn afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding. 7 De voorzitter bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de vergaderingen worden gehouden, met dien verstande, dat indien één of meer leden zulks verlangen, stemmingen over personen schriftelijk geschieden. 8 Het door de voorzitter ter vergadering uitgesproken oordeel omtrent de uitslag van de stemming krachtens artikel 12 lid 7 is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
9 Van het verhandelde in de vergaderingen van de raad van toezicht worden notulen gehouden door de daartoe door de voorzitter aangewezen persoon. De notulen worden vastgesteld in dezelfde of in de eerstvolgende vergadering en door de voorzitter van de vergadering ondertekend. 10 De raad van toezicht regelt zijn werkzaamheden en al hetgeen zijn functioneren betreft bij reglement. In ieder geval wordt hierin een regeling voorzien betreffende de wijze van vergaderen en de wijze van besluitvorming. 11. Een lid van de raad van toezicht kan zijn stemrecht uitoefenen door middel van elektronische communicatie. Daartoe is wel vereist dat:
10
-
het lid via het elektronische communicatiemiddel kan worden geïdentificeerd; het lid rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen ter vergadering en het stemrecht kan uitoefenen; het lid via het elektronisch communicatiemiddel kan deelnemen aan de beraadslaging. Iemand die door middel van elektronische communicatie deelneemt aan de vergadering is aanwezig ter vergadering als bedoeld in lid 1 van dit artikel.
BOEKJAAR, JAARSTUKKEN Artikel 13 1 Het boekjaar van de stichting is het kalenderjaar. 2 Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar van de stichting, behoudens verlenging van deze termijn met ten hoogste vijf maanden door de raad van toezicht op grond van bijzondere omstandigheden, maakt het college van bestuur een jaarrekening en een jaarverslag op over dat boekjaar. a. Bij het opmaken van het jaarverslag houdt het college van bestuur rekening met bepaalde in artikel 7.4 (doelstellingen) en legt het college van bestuur verantwoording af over het bepaalde in artikel 4.2 en 4.3 (specifieke kenmerken openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs). Na de goedkeuring door de raad van toezicht wordt het jaarverslag vastgesteld door het college van bestuur. Het jaarverslag wordt ter informatie aan de gemeenteraden toegezonden. Het jaarverslag wordt openbaar gemaakt. b. Bij het opmaken van de jaarrekening houdt het college van bestuur rekening met het bepaalde in artikel 6.10 en 11.8 (bezoldiging en onkostenvergoeding college van bestuur en leden raad van toezicht). Na de goedkeuring door de raad van toezicht wordt de jaarrekening vastgesteld door het college van bestuur.
Het college van bestuur zendt binnen twee weken na vaststelling van de jaarrekening een afschrift daarvan aan de gemeenteraden 3 De jaarrekening wordt ondertekend door ieder lid van het college van bestuur en ieder lid van de raad van toezicht. Indien de ondertekening van één of meer van hen ontbreekt, wordt daarvan onder opgave van reden melding gemaakt krachtens art. 2:300 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek. 4 De raad van toezicht draagt jaarlijks het college van bestuur op de jaarrekening te doen onderzoeken door een door de raad van toezicht aangewezen certificerend accountant.
STATUTENWIJZIGING Artikel 14 1 Het college van bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen. Het besluit tot statutenwijziging is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot statutenwijziging is voorts onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraden. 2 Het besluit van het college van bestuur tot statutenwijziging wordt genomen in een voltallige vergadering van het college van bestuur. Is de vergadering van het college
11
3
4 5
van bestuur waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is niet voltallig, dan zal een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee en niet later dan vier weken na de bedoelde vergadering, waarin het besluit kan worden genomen, ongeacht het aantal aanwezigen. Bij de oproeping tot de vergadering, waarin een voorstel tot statutenwijziging zal worden gedaan, dient zulks steeds te worden vermeld. Tevens dient een afschrift van het voorstel, bevattende de woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging, bij de oproeping te worden gevoegd. De termijn van de oproeping bedraagt in dit geval ten minste twee weken. Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Elk lid van het college van bestuur is bevoegd deze akte te doen verlijden. De leden van het college van bestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledige doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen op het kantoor van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister.
ONTBINDING EN VEREFFENING Artikel 15 1 Het college van bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Het besluit tot ontbinding is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot ontbinding is voorts onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraden. Het bepaalde in artikel 14 lid 2 en 3 is van overeenkomstige toepassing op een besluit van het college van bestuur tot ontbinding van de stichting. 2 Voorts zijn de gemeenteraden, in geval van ernstige taakverwaarlozing door het college van bestuur of functioneren in strijd met de WPO als bedoeld in artikel 48 lid 11 van de WPO, bevoegd zo nodig de stichting te ontbinden. 3 Tenzij de raad van toezicht anders besluit, is het college van bestuur met de vereffening belast. 4 De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding inschrijving geschiedt in het op het kantoor van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister. 5 De raad van toezicht stelt de bestemming van het batig liquidatiesaldo vast na verrekening van de overheidsbijdragen. 6 Na de ontbinding blijft de stichting voortbestaan voor zover dit tot de vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moeten aan de naam van de stichting worden toegevoegd de woorden "in liquidatie".
7 Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en overige gegevensdragers van de ontbonden stichting gedurende de door de wet bepaalde termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon. Deze persoon is gehouden zijn aanwijzing ter inschrijving op te geven in het in lid 5 van het voorgaande artikel vermelde register.
12
JURIDISCHE FUSIE EN JURIDISCHE SPLITSING Artikel 16 1 Het college van bestuur is bevoegd te besluiten tot juridische fusie en juridische splitsing van de stichting. Een dergelijk besluit is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht en de gemeenteraden. 2 Het bepaalde in artikel 14 lid 2 en 3 is van overeenkomstige toepassing op besluiten van het college van bestuur tot fusie en splitsing.
(TEGENSTRIJDIGE) BELANGEN Artikel 17 1 Elk lid van het college van bestuur en de raad van toezicht laat het belang van de stichting prevaleren boven eigen belangen. Zij onthouden zich van persoonlijke bevoordeling van henzelf of hun naasten. Een tegenstrijdig belang moet voorkomen worden. 2 Van een tegenstrijdig belang is sprake als de betreffende persoon een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat strijdig is met het belang van de stichting, haar organisatie of scholen. 3 Elk lid van het college van bestuur en de raad van toezicht is verplicht om (het gevaar van) een tegenstrijdig belang zo vroeg mogelijk te signaleren en te vermijden. Elk tegenstrijdig belang, en gevaar daarvan, moet gemeld worden bij de raad van toezicht. 4 Ook het aangaan van een relatie waarbij een tegenstrijdig belang (kan) spelen, moet gemeld worden aan de raad van toezicht. 5 Elke melding bevat alle relevante informatie die de raad van toezicht nodig heeft om een besluit te kunnen nemen en om passende maatregelen te kunnen treffen. 6 Een lid van het college van bestuur dat een tegenstrijdig belang heeft, neemt niet deel aan de beraadslaging, besluitvorming en uitvoering over dat besluit. Wanneer daardoor geen besluiten kunnen worden genomen, wordt het besluit genomen door de raad van toezicht.
De raad van toezicht legt dan schriftelijk de overwegingen vast die aan het besluit ten grondslag liggen. Kan het besluit vanwege het tegenstrijdig belang niet worden uitgevoerd? Dan wijst het college van bestuur na goedkeuring van de raad van toezicht iemand aan die het besluit uitvoert. 7 Een lid van de raad van toezicht dat een tegenstrijdig belang heeft, neemt niet deel aan de beraadslaging en de besluitvorming over dat besluit. Wanneer daardoor geen besluiten kunnen worden genomen, kan de raad van toezicht desondanks toch een besluit nemen. De raad van toezicht legt dan schriftelijk de overwegingen vast die aan het besluit ten grondslag liggen. Ook vermeldt de raad van toezicht dan welke andere mogelijkheden er waren om het gewenste resultaat te bereiken en waarom die mogelijkheden niet werden gekozen. 8 Het college van bestuur en de raad van toezicht gaan transparant en zorgvuldig met eventuele tegenstrijdige belangen om. Zij geven hierover openheid binnen de
13
stichting en naar externe belanghebbenden.
OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Artikel 18 1 In afwijking van het bepaalde in artikel 11 van deze statuten zijn de huidige leden van de raad van toezicht benoemd op voordracht van de ISOB-raad. 2 De raad van toezicht maakt het aftreden zichtbaar in het rooster zoals bedoeld in artikel 11, zesde lid van de statuten. 3 In alle gevallen waarin de bepalingen van deze statuten in strijd blijken te zijn met de wet, prevaleert de wet. 4 In alle gevallen de stichting betreffende waarin deze statuten niet voorzien, beslist het college van bestuur. EINDE VAN DEZE AKTE Als notaris verklaar ik nog het volgende. Wij ondertekenen deze akte in de gemeente Horst aan de Maas. Dit doen wij op de datum die in het begin van deze akte staat. Ik heb de identiteit van de aanwezige persoon vastgesteld. +Hij heeft op tijd voor het ondertekenen een ontwerp van de akte ontvangen. Ik heb de inhoud van deze akte aan +hem verteld. Ook gaf ik een toelichting. De partij bij deze akte kent de gevolgen die voor +hem uit deze akte voortvloeien. De aanwezige persoon vindt het goed dat ik de akte niet volledig voorlees. Daarom heb ik de akte gedeeltelijk voorgelezen. Meteen na de gedeeltelijke voorlezing hebben de aanwezige persoon en ik de akte ondertekend.