bij 6 2021-09-23 stikstofberekening BP Zeeweg 31.pdf
Tekst van het document
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
Stikstofberekening
G&G-advies 2020
in het kader van de Wet natuurbescherming
Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee Stikstofberekening in het kader van de Wet natuurbescherming
S.C. Wytema
2020
Opdrachtgever DNS Planvorming
G&G-advies 2020
Versie 1 1.1
Datum 4 maart 2020 4 november 2020
Bovendijk 35-G
Hazenkoog 35-A
2295 RV Kwintsheul
1822 BS Alkmaar
www.vandergoesengroot.nl
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
3
Inhoudsopgave 1
Inleiding 1.1
2
4
5
Berekening en uitgangspunten................................................................................ 5
Aanlegfase
6
3.1
Verkeersaantrekking ................................................................................................ 6
3.2
Inzet mobiele werktuigen ........................................................................................ 6
3.3
Berekening Aanlegfase ............................................................................................ 7
Gebruikfase 4.1
5
Werkwijze en werkzaamheden ............................................................................... 4
Methode 2.1
3
4
8
Verkeersaantrekking ................................................................................................ 8
Saldering
9
5.1
Bestaande gebruik ................................................................................................... 9
5.2
Verkeersaantrekking ................................................................................................ 9
5.3
Berekening ............................................................................................................. 10
6
Conclusie effectbeoordeling stikstof
11
7
Literatuur
12
8
Bijlagen
13
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
4
1
Inleiding Er bestaan plannen aan de Zeeweg 31 te Bergen aan Zee een terrein te herontwikkelen. Het is hiervoor nodig een berekening uit te voeren om de gegenereerde stikstofuitstoot/depositie van dit project te bepalen. De te realiseren bebouwing wordt zonder gasaansluiting aangelegd, maar er is wel sprake van extra verkeer en de inzet van mobiele werktuigen door de herinrichting. Alle verbrandingsprocessen waarbij fossiele brandstoffen en hitte zijn betrokken, leveren door oxidatie van vrije stikstof uit de lucht de gebonden stikstofoxiden nitriet (NO2) en/of nitraat (NO3). Tevens komt soms ammoniak (NH3) vrij. De gebonden stikstofmoleculen worden na verbranding luchtzijdig verspreid en slaan na verloop van tijd neer. De gebonden moleculen werken na het neerslaan vervolgens bodemverrijkend en/of verzurend. Nederland heeft zich door ondertekening van de Europese Habitatrichtlijn verplicht bepaalde vegetaties te beschermen binnen het gebiedennetwerk van de Natura 2000-gebieden. Deze vegetaties zijn in een aantal gevallen gevoelig voor bodemverrijking en/of verzuring en de neerslag van de gebonden stikstofmoleculen kunnen een bedreiging zijn voor het voortbestaan van deze vegetaties, zeker als de kritische (=maximale) depositiewaarde (KDW) op deze vegetaties reeds is bereikt.
1.1
Werkwijze en werkzaamheden In het plangebied zullen woningen worden gerealiseerd. Het betreft 11 appartementen. Voorafgaand aan het project is de huidige bebouwing reeds gesloopt en het puin afgevoerd. Voorafgaand aan de bouw zal het bouwterrein verder bouwrijp worden gemaakt door dit te ontdoen van vegetatie, het te vlakken en het benodigde graafwerk uit te voeren voor kabels, leidingen en fundamenten. Tijdens het werk zullen prefab betondelen, kozijnen en wanden worden ingehesen, een betonvloer worden gestort en zullen heipalen worden geslagen.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
2
5
Methode Om depositie van het project te berekenen wordt de meest recente versie van de rekentool ‘Aerius’ (AERIUS 2020) gebruikt. Vanwege een uitspraak van de Raad van State d.d. 29 mei 2019 kan niet meer gebruik gemaakt worden van automatische vergunningverlening op grond van de voorheen geldende drempelwaardes. Aangetoond moet worden dat geen significant negatieve gevolgen mogelijk kunnen zijn op Natura 2000-gebieden. In de berekening wordt de projectbijdrage door Aerius op concrete rekenpunten exact berekend, waarbij ook vegetaties of Natura 2000gebieden op meer dan 3 km afstand betrokken worden. De depositie op de meest nabijgelegen ‘stikstofgevoelige habitattypen’ (zoals gedefinieerd in Aerius) wordt doorgerekend om te onderzoeken of deze hoger is dan 0,00. Als de projectbijdrage hoger is dan een berekende 0,00 mol/ha/jaar zijn mogelijk gevolgen te verwachten. Het rekenresultaat van 0,00 mol/ha/jaar betekent een maximale stikstofdepositie op het meest dichtbij gelegen stikstofgevoelige habitattype in Natura 2000gebieden die lager is dan 0,005 mol/ha/jaar. Dit komt omdat Aerius vanaf 0,005 mol/ha/jaar de depositie naar boven afrond tot een projectbijdrage van 0,01 mol/ha/jaar.
2.1
Berekening en uitgangspunten Bij de berekening van stikstofemissie zijn twee fases te onderscheiden, de aanlegfase (bouw) en de gebruikfase (gebruik ontwikkelde gebied na afloop van de aanlegfase inclusief aantrekking verkeer e.d.). De situatie met de grootste stikstofemissie/depositie is uiteindelijk bepalend voor de gevolgen voor de Natura 2000gebieden. Aanleg en gebruik komen niet naast elkaar voor. In deze berekening zullen beide fases berekend worden. De situatie met de hoogste projectbijdrage is bepalend voor de te verwachten gevolgen op Natura 2000-gebieden. Voor de berekening zijn de effecten ingeschat op de meest dichtbij zijnde stikstofgevoelige habitattypen. Het betreft diverse aangewezen (en in rekentool Aerius aangegeven) habitattypen in Noordhollands Duinreservaat en Schoorlse Duinen.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
6
3
Aanlegfase De stikstofemissies tijdens de aanlegfase zijn toe te wijzen aan twee bronnen. Het betreft verkeersaantrekkende werking en het gebruik van mobiele werktuigen op de bouwsite. De aanlegfase zal ongeveer een jaar in beslag nemen. Omdat de precieze uitvoer van de plannen niet bekend is, is gedeeltelijk gerekend met zogenaamde ‘worst-case’ aannames.
3.1
Verkeersaantrekking De verkeersaantrekkende werking van de aanlegfase bestaat uit transport van materialen en personen (bouwvakkers). Het verkeer is gemodelleerd tot het eerste knooppunt/aansluiting op de doorgaande weg, in dit geval de aansluiting op de N510 met 200 meter extra voor optrekken en afremmen. Buiten deze wegen wordt het verkeer geacht te zijn opgenomen in het heersende verkeersbeeld, omdat het verkeer zich in hoeveelheid, snelheid, rijen stopgedrag niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg kan bevinden. De verkeersaantrekkende werking bestaat uit: Transport personeel: vier ritten met licht verkeer per dag, gedurende een jaar, wordt gemodelleerd als 8 ritten omdat zowel aankomst als vertrek wordt meegerekend. Aanvoer bouwmaterieel en bouwmaterialen één rit met zwaar verkeer per dag, gedurende een jaar, wordt gemodelleerd als 2 ritten omdat zowel aankomst als vertrek wordt meegerekend.
3.2
Inzet mobiele werktuigen De belangrijkste werkzaamheden waarbij stikstof vrij komt, betreffen vlakken van de vrijgekomen gronden, graven van sleuven voor bijvoorbeeld kabels en leidingen, heien, hijswerk t.a.v. prefab constructiedelen, productie/aanvoer van beton op locatie t.b.v. vloeren en fundering. Voor het gebruik van mobiele werktuigen zijn de machines en draaiuren genomen die zijn vermeld in Tabel 1. Er wordt uitgegaan van de inzet van materieel van stageklasse IV of nieuwer. Op basis van vernieuwde informatie van de opdrachtgever kunnen hijskraan, heistelling en sleuvenfrezer elektrisch worden ingezet. Deze zijn zodoende wél in de tabel ingevoerd, maar hebben geen emissiefactor.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
7
De materiële inzet is zo accuraat mogelijk ingeschat door de initiatiefnemer. Er is echter een extra bron met vermogen van 100 kw (vergelijkbaar met een grote graafmachine) opgenomen voor onvoorziene werkzaamheden, correctie van TAF-factoren en voor divers overig klein materieel gedurende 25 dagen continu.
3.3
Berekening Aanlegfase De uitkomst van de berekeningen (rekenscherm) is opgenomen in Bijlage 1. Separaat worden bestanden met extensie gml en PDF bestanden opgeleverd als onderlegging van de berekening. Uit de berekeningen (zie Bijlage 1) blijkt dat de projectbijdrage van de aanlegfase van het initiatief maximaal 0,43 mol/ha/jaar is. Deze bijdrage wordt als vergunningplichtig beschouwd.
Emissiefactor NOx (g/kw)
Emissiefactor NH3 (g/kw)
Aantal
2014 2015 2015 2015 III 2007 IV
0,69 0,69 0,69 0,69 0,69 0,84 0,41
1 0,8 1 0 0 0 1
0,00276 0,00251 0,00288 0 0 0 0,00251
1 1 1 1 1 1 1
Totaal
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
Emissie (Kg NH3)
Draaitijd factor
200 100 75 100 200 30 100
Emissie (Kg Nox)
Stage/jaar
Betonstorter Graafmachine vlakken Dumper (afvoer) Hijskraan Heistelling Sleuvenfrezer Divers/onvoorzien
Draaitijd uren
Stage IV
Vermogen (kw)
Geschatte materiaalinzet en geproduceerde stikstof in de aanlegfase op basis van directe invoer van bouwjaar in Aerius of met stageklasse in het Emissiemodel Mobiele Machines (EMMA) (HULSKOTTE & VERBEEK 2009).
120 80 40 640 80 40 200
16,6 4,4 2,1 0,0 0,0 0,0 8,2
0,046 0,014 0,006 0,000 0,000 0,000 0,021
31,2
0,086
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
8
4
Gebruikfase Er wordt bij de berekening met betrekking tot gebruik uitgegaan van een appartementencomplex met 11 appartementen. De bebouwing wordt gasloos en zonder andere stookinstallaties aangelegd, zodat hier van emissie geen sprake is en alleen de bijdrage van de verkeersaantrekkende werking wordt berekend.
4.1
Verkeersaantrekking Bij de bepaling van het aantal verkeersbewegingen per woning per dag is bij het project uitgegaan van: 2* 'koop, appartement, duur','weinig stedelijk', 'centrum' = 2 * 7,6 = 15,2 4* 'koop, appartement, midden','weinig stedelijk', 'centrum' = 4 * 6,2 = 24.8 5* 'koop, appartement goedkoop','weinig stedelijk', 'centrum' = 5 *5,6 = 28 Totaal 68 (*1,11)= 75,48 vervoersbewegingen per dag (CROW 2018). Het betreft zowel heen- als terugreizend verkeer. De kencijfers van het CROW zijn hierbij (worst-case) gemodelleerd voor een werkdag door deze te vermenigvuldigen met 1,11. Gezien het gebruik van de woningen wordt dit verkeer in de ‘lichte verkeerscategorie’ gemodelleerd. Het verkeer is gemodelleerd tot het eerste knooppunt/aansluiting op de doorgaande weg, in dit geval de aansluiting op de N510met 200 meter extra voor optrekken afremmen. Deze modellering is in lijn met een algemeen criterium voor verkeer aantrekkende werking van wegverkeer dat de gevolgen voor het milieu van dit verkeer niet meer aan het nieuwe project kunnen worden toegerekend wanneer geacht kan worden dat dit verkeer is opgenomen in het “heersende verkeersbeeld”. De uitkomst van de berekeningen is opgenomen in Bijlage 2. Separaat worden bestanden met extensie gml en PDF bestanden opgeleverd als onderlegging van de berekening.
Uit de berekeningen blijkt dat de projectbijdrage van het initiatief maximaal 0,31 mol/ha/jaar is. Deze bijdrage wordt als vergunningplichtig gezien.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
5
9
Saldering In de referentiesituatie, ofwel het moment dat relevante Natura 2000-gebieden werden aangewezen (meestal 9 december 2004, zie BIJ12, REFERENTIEDATA NATURA 2000-GEBIEDEN), was op de planlocatie reeds sprake van een activiteit. Het betreft de huidige bebouwing die reeds aanwezig was in 1996 (TIJDSCHRIFTEN REGIONAAL ARCHIEF ALKMAAR) Omdat bij deze bebouwing sprake was van een zekere uitstoot van stikstof en deze bij aanwijzen van het Natura 2000-gebied reeds bestond, wordt deze gerekend tot ‘bestaand gebruik’ en kan de jaarlijkse uitstoot hiervan worden afgetrokken van de nieuwe uitstoot. Deze verrekening heet ‘saldering’. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen interne en externe saldering: Bij interne saldering wordt gekeken naar de activiteiten die plaatsvinden of hebben plaatsgevonden op het terrein waar de huidige stikstofberekening voor geldt; Bij externe saldering wordt gekeken welke mogelijkheden er zijn bij activiteiten buiten het gebied, die invloed hebben op hetzelfde Natura2000-gebied als berekend voor het terrein van onderhavige stikstofberekening. Bij het voorliggende project wordt intern gesaldeerd.
5.1
Bestaande gebruik Het in het verleden bestaande gebruik betreft (jaarlijkse) stikstofuitstoot tijdens het gebruik van het hotel/restaurant. Deze waarde kan zowel in de aanlegfase als de gebruiksfase worden afgetrokken en bedraagt: 0,16 * 1250 = 200 kg NOx per jaar (EMISSIEWAARDEN AERIUS, VERSIE APRIL 2016).
5.2
Verkeersaantrekking Voor de verkeer aantrekkende werking wordt gebruik gemaakt van de cijfers van CROW (CROW, 2018) gecorrigeerd naar het jaar in de referentiesituatie. Tussen 2004 en 2019 is het landelijk aantal personenauto’s gegroeid met een factor 1,24 (CBS, 2019). De verkeersaantrekking op de referentiedatum zal dus iets lager zijn geweest. Voor een worst-case scenario worden de cijfers uit CROW, 2018 derhalve gedeeld door 1,25. Voor het project is uitgegaan van een ‘3* hotel’, ‘weinig stedelijk’, ‘centrum’ en ‘maximale verkeers¬generatie’. Deze komt op 3,9*7,7(*1,11)/1,25= 26,67 vervoersbewegingen per dag. Hierbij
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
10
moet wel worden gerealiseerd dat het wagenpark in 2004 veel vervuilender was dan nu vanwege schonere motoren! Hiervoor is geen correctie toegepast.
5.3
Berekening De totale uitstoot in de referentiesituatie wordt in Aerius vergeleken met zowel de aanlegfase als de (nieuwe) gebruikfase. De referentiesituatie (als separate gml bijlage toegevoegd) wordt hierbij eerst vergeleken met de aanlegfase en vervolgens vergeleken met de gebruikfase, aangezien aanlegfase en gebruikfase niet gelijktijdig voorkomen. De vergelijking van waardes wordt in de pdf bestanden van gebruik en aanleg direct meegenomen. De projectbijdrage in de aanlegfase (met saldering) is 0,00 mol/ha/jaar en de projectbijdrage in de gebruiksfase is (met saldering) 0,00 mol/ha/jaar. Deze bijdragen worden als verwaarloosbaar beschouwd. De gesaldeerde stikstofdepositie van het project blijft dus onder de norm van 0,00 mol/ha/jaar in zowel aanlegfase als de gebruiksfase zodat geen sprake kan zijn van significant negatieve effecten op relevante habitattypen.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
6
11
Conclusie effectbeoordeling stikstof De hoogste bijdrage van het project betreft de tijdelijke inzet en het tijdelijke effect van mobiele werktuigen. Deze tijdelijke effecten zijn vaak gemakkelijker op te vangen door de natuurlijke fluctuaties binnen het natuurgebied of eventueel herstelbeheer, dan effecten van permanente activiteiten. In de gerealiseerde bebouwing wordt door het afzien van stookinstallaties in de bebouwing (vrijwel) geen stikstof meer geëmitteerd. De transitie van oude bebouwing met zekere uitstoot van stikstof naar de beoogde bebouwing in dit project draagt daarmee bij aan de gewenste permanente daling van stikstof op kwetsbare natuurgebieden. De projectbijdrage van de aanleg (zonder saldering) is 0,56 mol/ha/jaar en de projectbijdrage van het gebruik (zonder saldering) is 0,33 mol/ha/jaar. Bij (interne) saldering van het bestaande gebruik op de referentiedatum blijkt dat de huidige projectbijdrage van zowel aanlegfase als de gebruiksfase 0,00 mol/ha/jaar bedraagt. Deze bijdragen worden als verwaarloosbaar beschouwd.
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
12
7
Literatuur AERIUS CALCULATOR, 2020. https://calculator.aerius.nl/calculator/ AERIUS, 2018. Emissiewaarden_aerius_def_versie_20_april_2018. ALBERTS, A. (CONTACT), 2018. Notitie Stikstofdepositie in Natura 2000 Bedrijfsunits Rode Ring, Assendelft. Ecogroen, 18-428, Ecogroen Zwolle. BIJ 12 REFERENTIEDATA NATURA 2000- GEBIEDEN: https://www.bij12.nl/wpcontent/uploads/2019/10/Referentiedata-VR-HR.pdf BIJ12, 2018. Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator, Versie 1. CBS, 2019. Motorvoertuigenpark; inwoners, type, regio, 1 januari 2019 https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/7374hvv/ta ble?fromstatweb COMPENDIUM VOOR DE LEEFOMGEVING. https://www.clo.nl/indicatoren/nl018916-vermestendedepositie CROW, 2018. Toekomstigbestendig parkeren. Van parkeerkencijfers naar parkeernormen .CROW, Ede HULSKOTTE, J.H.J & R.P. VERBEEK, 2009 (GEACTUALISEERD). Emissiemodel Mobiele Machines gebaseerd op machine verkoop in combinatie met brandstof afzet (EMMA). TNO 034-UT-200901782-RPT-ML, TNO, Utrecht. NATUUR EN MILIEU, 2018. Factsheet Milieu impact mobiele werktuigen. https://www.natuurenmilieu.nl/wpcontent/uploads/2018/12/Factsheet-Impact-mobielewerktuigen-2018.pdf RIJKSOVERHEID, 2019. Beleidsregels stikstofaanpak 10 december 2019: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2019/12/04 TIJDSCHRIFTEN REGIONAAL ARCHIEF ALKMAAR .
https://tijdschriften.archiefalkmaar.nl/issue/BKR/1996-0601/edition/1/page/5 VAN DOBBEN, H.F., R. BOBBINK, D. BAL EN A. VAN HINSBERG, 2012. Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000. Alterra rapport 2397, Alterra, Wageningen
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
8
Bijlagen
Bijlage 1 Bijlage 2
Berekening aanlegfase Berekening gebruiksfase
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
13
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
Bijlage 1 Berekening aanlegfase
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Zeeweg 31 te Bergen aan Zee
Bijlage 2 Berekening gebruiksfase
Van der Goes en Groot
ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
2020
Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau
Hazenkoog 35A Bovendijk 35-G 1822 BS Alkmaar 2295 RV Kwintsheul www.vandergoesengroot.nl