CConstaterende datBergen (NH)
Koppel je AI →
Document · PDF

bij 2 Afvalstoffenverordening gemeente Bergen 2011.pdf

Algemene Raadscommissie 21 september 2023, gemeente Bergen (NH)Bij agendapunt: 6: Voorstel betreft het vaststellen van de afvalstoffenverordening gemeente Bergen 20237.096 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente

BERGEN

De raad van degemeente Bergen; gelezen hetvoorstel van het college van Bergenvan 3mei 2011; gezien het advies van deAlgemene raadscommissie van26 mei 2011; gelet op het bepaalde inartikel 10.34eerste lidvan deWet Milieubeheer;

besluit: hetvaststellen van deAfvalstoffenverordening gemeente Bergen 2011. § 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsomschrijvingen Indeze verordening wordt verstaan danwel medeverstaan: a.wet:Wet milieubeheer; b. inzamelen: deactiviteiten gericht op hetophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en hetfeitelijk ophalen en innemen daarvan; c.ter inzameling aanbieden:dewijze van overdragen van afvalstoffen aaneen inzamelende persoon of instantie, inclusief hetachterlaten van afvalstoffen indaartoe door of vanwege de inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of -voorzieningen of opeen daartoe aangewezen plaats; d. inzamelmiddel:eenvoor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp-of bewaarmiddel, een minicontainer, ten behoeve van één huishouden; e. inzamelvoorziening: eenvoor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of -plaats, bijvoorbeeld eenverzamelcontainer,wijkcontainer of brengdepot,ten behoeve van meerdere huishoudens; f. inzameldienst: de krachtens artikel 2,eerste lid,aangewezen inzameldienst, belast metde inzameling van huishoudelijke afvalstoffen; g.

andere inzamelaars: de krachtens artikel 2,tweede lid,aangewezen personen en instanties, belast met hetafzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen; h.gebruiker van een perceel:degene die inde gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21en artikel 10.22van deWet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt;

i.straatafval: huishoudelijke afvalstoffen van zeer beperkte omvang engewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom, plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren, nietzijnde klein chemisch afval,ontstaan buiten een perceel; j . wegen:dewegen als bedoeld inartikel 1,eerste lid,onder bvan de Wegenverkeerswet 1994; k. motorrijtuigen:alle voertuigen, als bedoeld inartikel 1,eerste lid,onder cvan de Wegenverkeerswet 1994. § 2INZAMELING VANHUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN Artikel 2Aanwijzing inzameldienst enandere inzamelaars 1. Het collegewijst de inzameldienst aan,die belast is met het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Naast de inzameldienst kan het college andere inzamelaars aanwijzen die belast zijn met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen. 3. Hetcollege kan aan het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen voorschriften en beperkingen verbinden inhet belangvan de bescherming van hetmilieu. 4. Paragraaf 4.1.3.3. van deAlgemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niettijdig beslissen) is nietvantoepassing. Artikel 3Afzonderlijke inzameling 1.

Door de inzameldienst of andere inzamelaars worden devolgende categorieën huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: a) groente-,fruit- en tuinafval b) klein chemisch afval; c) glas; d) oud papier enkarton; e) kunststofverpakkingen; f) textiel; g) elektrische enelektronische apparatuur; h) bouw- en sloopafval (schoon puin); i) groftuinafval; j) asbest enasbesthoudend afval; k) grof huishoudelijk afval; I) huishoudelijk restafval; m) vlakglas; n) metalen; o) banden. 2. Hetcollege kaneen omschrijving vaststellen van de categorieën huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld inheteerstelid. Artikel 4 Inzamelmiddelenen -voorzieningen 1. Deinzameling kan plaatsvinden via: a. een inzamelmiddelvoor degebruiker van een perceel; b. een inzamelvoorzieningvoor degebruikers van een aantalpercelen; c. een inzamelvoorziening opwijkniveau; d. een brengdepot op lokaal of regionaal niveau. -2-

2. Het college kanaanwijzen via welk al dan nietvan gemeentewege verstrekt inzamelmiddel of viawelke inzamelvoorzieningde inzameling van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de gebruiker van een perceel plaatsvindt. Artikel 5Frequentie van inzamelen 1. Huishoudelijk restafval wordt tenminste een maal per 2weken bij elk perceel ingezameld. 2. Groente-,fruit- entuinafval wordt tenminste een maal per2weken afzonderlijk bijelk perceel ingezameld. 3. Het college kan defrequentie van inzameling vaststellen van de overige categorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk inaangewezen delenvan de gemeente bijelk perceel worden ingezameld. Artikel 6Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing 1. Het isverboden huishoudelijke afvalstoffen intezamelen. 2. Hetverbod geldt nietvoor de inzameldienst of andere inzamelaars. 3. Het verbod geldt niet voor personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur een inzamelplicht hebben gekregen voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen.

§3 TERINZAMELINGAANBIEDEN VANHUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN Artikel 7Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Het isverboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aante bieden aaneen ander dan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of instanties die inhet kader van producentenverantwoordelijkheid bijalgemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 8Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan degebruikers van percelen Het isanderen dangebruikers van percelen verboden om huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan tebieden. Artikel 9Afzonderlijk ter inzameling aanbieden 1. Het isverboden omde categorieën huishoudelijke afvalstoffen zoals bepaald inartikel 3, eerste lid,anders danafzonderlijk ter inzameling aante bieden. 2. Het isverboden huishoudelijke afvalstoffen aante bieden aan anderen dande krachtens artikel 2aangewezen inzameldienst enandere inzamelaars. 3. Het in het eerste lidgestelde verbod geldt nietvoor de bij nadere regels aantewijzen categorieën van personen. 4.

Het in hettweede lidgestelde verbod geldt niet voor het aanbieden van categorieën huishoudelijke afvalstoffen aan personen of instanties die inhet kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebbengekregen voor die categorieën huishoudelijke afvalstoffen.

-3

Artikel 10Ter inzameling aanbiedenvan huishoudelijke afvalstoffen 1. Het isdegebruiker van een perceel,voor wie krachtens artikel4,tweede lid een inzamelmiddel of inzamelvoorziening isaangewezen,verboden de huishoudelijke afvalstoffen anders aan te bieden danvia het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening of het betreffende brengdepot. 2. Het isverboden andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen via een inzamelmiddel of inzamelvoorziening aante bieden,dan de categorie waarvoor dit inzamelmiddel of deze inzamelvoorziening krachtens artikel 4,tweede lid isbestemd. 3. Het college kan regels stellen omtrent hetgebruik van eenvan gemeentewege verstrekt inzamelmiddel. 4. Het college kan regels stellen omtrent de plaats enwijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moetenworden aangeboden. 5. Het college kan categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanwijzen die zonder inzamelmiddel ter inzameling kunnenworden aangeboden. 6. Het isverboden huishoudelijke afvalstoffen op anderewijzeter inzameling aante bieden dan krachtens dit artikel isbepaald. Artikel 11Dagen entijden voor hetter inzameling aanbieden 1. Het college stelt dedagen entijdenvastwaarop categorieën huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling kunnenworden aangeboden. 2.

Het isverboden huishoudelijke afvalstoffen op andere dagenentijden ter inzameling aan te bieden dan krachtens het eerste lid isbepaald. Artikel 12Het inbijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Inafwijking van hetgeen indeze paragraaf is bepaald kan het college regels stellen omtrent het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aande inzameldienst of andere inzamelaars. §4ZWERFAFVAL Artikel 13Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging 1. Het isverboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats en buiten een inrichting inde zinvan deWet milieubeheer een afvalstof, stof ofvoorwerp opof inde bodem te brengen,te storten,te houden,achter te laten ofanderszins te plaatsen opeen wijze dieaanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van hetmilieu. 2. Het college kanvan het verbod ontheffing verlenen. 3. Hetverbod is nietvan toepassing op: a. het overeenkomstig deze verordening ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen; b. hetthuiscomposterenvangroente-,fruit- entuinafval; c. voor zover de (afval)stoffen tijdelijk opdeweg geraken ofworden gebracht als onvermijdelijk gevolg van het laden, lossen ofvervoeren van afvalstoffen danwel hetverrichten van andere werkzaamheden opof aandeweg. 4.

Het in heteerste lidgestelde verbod geldt nietvoorzover deWet bodembescherming of het Besluit bodemkwaliteit voorziet inde beoogde bescherming van hetmilieu.

Artikel 14Achterlaten van straatafval 1. Het isverboden straatafval inde openbare ruimte achter te latenzonder gebruik te maken van devan gemeentewege of anderszins geplaatste ofvoorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. 2. Het isverboden omandere afvalstoffen dan straatafval achter te laten indaartoe van gemeentewege ofanderszins geplaatste ofvoorgeschreven bakken,manden of soortgelijke voorwerpen. Artikel 15Voorkomen vanzwerfafval bijter inzameling gereed staande afvalstoffen 1. Het isverboden afvalstoffen of inzamelmiddelen dieter inzameling gereed staan te doorzoeken enteverspreiden. 2. Het isverbodentegen afvalstoffen of inzamelmiddelen, dieter inzameling gereedstaan, te stoten,te schoppen,deze omver tewerpen ofdeze anderszins te behandelen waardoor er zwerfafval ontstaat. Artikel 16Afvalbakken ininrichtingen voor hetverbruiken van eet- en drinkwaren Dehouder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden verkocht dieter plaatse kunnenworden genuttigd,isverplicht'.

a) een afvalbak, -mandof soortgelijk voorwerp inof nabij de inrichting opeen duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben,waarin het publiek afval kanachterlaten; b) zorg te dragen dat dezeafvalbak, -mand ofsoortgelijk voorwerp van een zodanige constructie isdat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft endat dieafvalbak, -mand of voorwerp steeds tijdigwordtgeledigd; c) zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk een uur nasluiting van de inrichting,doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met hettoezicht op de naleving van dit artikel,inde nabijheid van de inrichting achtergebleven afval, voorzover kennelijk uitof vandie inrichting afkomstig,wordt opgeruimd. Artikel 17Wegwerpen van reclamebiljetten ofander promotiemateriaal Degene die indeopenbare ruimte reclamebiljetten of dergelijke of ander promotiemateriaal onder het publiek verspreidt, isverplicht deze ofde verpakking daarvan terstond opte ruimen ofte laten opruimen, indien deze inde omgeving van de plaats van uitreiking op de weg of een andere voor het publiek toegankelijke plaats door het publiek worden weggeworpen. Artikel 18Zwerfafval bijvervoeren, ladenen lossen of overige werkzaamheden 1.

Het isverboden afvalstoffen, stoffen of voorwerpen zodanig te laden,te lossen ofte vervoeren of andere werkzaamheden teverrichten dat dewegwordt verontreinigd of het milieu nadelig kanworden beïnvloed. 2. Indien bij het laden of lossen ofvervoeren van afvalstoffen, stoffen ofvoorwerpen deze weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig wordt beïnvloed, isdegene die genoemde werkzaamheden verricht alsmede diens opdrachtgever verplicht dezeweg te reinigen of te laten reinigen: a. direct na het ontstaan van deverontreiniging, indien deverontreiniging gevaar voor deveiligheid van het verkeer of beschadiging van hetwegdek oplevert; b. direct na beëindiging van dewerkzaamheden, indien deverontreiniging geen gevaar voor deveiligheid van hetverkeer of beschadiging van het wegdek oplevert; c. indien dewerkzaamheden langer dan een dag duren,elke dagdirect na beëindiging van dewerkzaamheden. -5-

§5 OVERIGEONDERWERPEN DIEDE VERORDENINGAANGAAN Artikel 19Verbod opslag van afvalstoffen 1. Het isverboden afvalstoffen opeenvoor het publiek zichtbare plaats indeopen lucht en buiten een inrichting inde zinvan deWet milieubeheer opteslaan of opgeslagen te hebben. 2. Het college kan ontheffing verlenen van het in heteerste lidgesteldeverbod. 3. Hetverbod is nietvan toepassing op het overdragen ofter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aande inzameldienst, andere inzamelaars of de personenof instanties die inhetkader van producentenverantwoordelijkheid bijalgemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebbenvoor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 20Afgifte autowrakken afkomstig uiteen huishouden Het isdeeigenaar of kentekenhouder verboden zichte ontdoen van een autowrak, dat afkomstig isvan een huishouden, anders dan door afgifte aan inrichtingen,genoemd in artikel 6van het Besluit BeheerAutowrakken. §6 SLOTBEPALINGEN Artikel 21 Strafbepaling Eengedraging instrijd met devolgende artikelen iseen strafbaar feit indezinvan artikel 1a, onder 3°,Wet op de economische delicten: Artikel

Onderwerp

Artikel 6 Artikel 7

Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dandegebruikers van percelen Afzonderlijk ter inzameling aanbieden Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Dagen entijden voor hetter inzameling aanbieden Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging Achterlaten van straatafval Voorkomen vanzwerfafval bijter inzameling gereed staande afvalstoffen Afvalbakken ininrichtingen voor hetverbruiken van eet- en drinkwaren Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Zwerfafval bijvervoeren, laden en lossenof overige werkzaamheden Verbod opslag van afvalstoffen Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden

Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18 Artikel 19 Artikel 20

Artikel 22 Toezichthouders Met hettoezicht op de naleving van het bepaalde bijof krachtens dezeverordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid,van deWet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen ambtenaren.

6-

Artikel 23 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt inwerking op 1 juli 2011. 2. DeAfvalstoffenverordening gemeente Bergen 2004wordt ingetrokken met ingang vande datum van inwerkingtreding van deAfvalstoffenverordening gemeente Bergen 2011. Artikel 24 Overgangsbepaling 1. Vergunningen verleend krachtens deverordening bedoeld inartikel 22,tweede lid,blijven -voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken - noggedurende 1 jaar nade inwerkingtreding vandezeverordening vankrachtenworden beschouwd als een aanwijzing bedoeld inartikel 2van dezeverordening. 2. Ontheffingen verleend krachtens deverordening bedoeld inartikel 22,tweede lid,blijven - voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken - nog gedurende 1 jaar nade inwerkingtreding van deze verordening van kracht enworden beschouwd als een ontheffing als bedoeld indeze verordening. 3. Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de verordening bedoeld inartikel22, tweede lid,blijven - indien envoor zover de bepalingen ingevolge welke deze voorschriften en beperkingen zijn opgelegd,ookzijn vervat indeze verordening envoor zover zij niet eerder zijnvervallen of ingetrokken - nog gedurende 1 jaar nade inwerkingtreding van deze verordening van kracht. 4.

Indien voor hettijdstip van inwerkingtreding van deze verordening eenaanvraag om een vergunning opgrondvan deverordening bedoeld inartikel 22,tweede lid,is ingediend en voor hettijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet opdieaanvraag is beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als eenaanvraag tot aanwijzing,als bedoeld in artikel 2van dezeverordening. 5. Indienvoor hettijdstip van inwerkingtreding van deze verordening eenaanvraag om een ontheffing opgrondvan deverordening bedoeld inartikel 22,tweede lid,is ingediend en voor hettijdstip van inwerkingtreding vandeze verordening nog nietopdie aanvraag is beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als eenaanvraag tot ontheffing,als bedoeld in deze verordening. 6. Op een aanhangig bezwaar of beroep betreffende eenvergunning ofontheffing bedoeld in het eerste liddanwel voorschrift of beperking bedoeld in hettweede liddatvoor ofna hettijdstip bedoeld inartikel 22,eerste lid,isingekomen binnen devoordien geldende beroepstermijn,wordt beslist mettoepassing van de verordening bedoeld inartikel22, tweedelid. 7.

De intrekking van deverordening bedoeld inartikel 22,tweede lid,heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien envoor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ookvervat is indeze verordening envoor zover zij niet eerder zijnvervallen of ingetrokken. Artikel 25 Citeerbepaling Dezeverordening wordt aangehaald als:Afvalstoffenverordening gemeente Bergen 2011. Aldus vastgesteld indeopenbare vergadering vande raad van degemeente Bergen op 16juni 2011 de griffier, . de voorzitter,

Toelichting Afvalstoffenverordening gemeente Bergen 2011 § 1.1 Inleiding Gemeente Bergen heeft haarAfvalbeleidsplan 2011-2015vastgesteld. Naar aanleiding hiervan isgebleken dat het benodigd isde afvalstoffenverordening te herzien. HOOFDSTUK 2: DEWET MILIEUBEHEER §2.1 Inleiding Deverordening berust op medebewind:de afvalstoffenverordening moet opgrondvan artikel 10.23,eerste lid,Wet milieubeheer verplicht door de raadworden vastgesteld. DeWet milieubeheer bepaalt tevens de inhoud van deverordening. § 2.2Titel 10.4Wet milieubeheer Artikel 10.21Wetmilieubeheer 1. Elke gemeente draagt er, aldan niet insamenwerking metandere gemeenten,zorg voor datten minste eenmaal perweek de huishoudelijke afvalstoffen met uitzondering van grove huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld bijelk binnen haar grondgebied gelegen perceelwaar zodanige afvalstoffen geregeld kunnenontstaan. 2. Groente-,fruit- entuinafval wordt daarbij in ieder geval afzonderlijk ingezameld. 3. Degemeenteraad kan besluiten tot het afzonderlijk inzamelen van andere bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 10.22Wetmilieubeheer 1. Elkegemeente draagt erzorg voor: o a. datgrove huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld bijelk binnen haar grondgebied gelegen perceelwaar zodanige afvalstoffen ontstaan, en o b.

dat eropten minste één daartoe ter beschikking gestelde plaats binnen degemeente of binnen degemeentenwaarmee wordt samengewerkt, involdoende mate gelegenheid wordt geboden om grove huishoudelijke afvalstoffen achtertelaten. 2. Inhet belang van een doelmatig beheer van grove huishoudelijke afvalstoffen kan bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald dat heteerste lidgeheel of gedeeltelijk buitentoepassing blijft met betrekking tot bij de maatregel aangewezen categorieën van grove huishoudelijke afvalstoffen, aldan nietvoor zover deze vrijkomen ineen hoeveelheid of een omvang die,of eengewicht dat groter isdan bij de maatregel isaangegeven.

8-

Artikel 10.23Wetmilieubeheer 1. Degemeenteraad stelt inhet belang van de bescherming van het milieu een afvalstoffenverordening vast. 2. Onverminderd artikel 10.14wordt bij hetvaststellen ofwijzigen van de verordening rekening gehouden met: o a. hetgemeentelijke milieubeleidsplan; o b. hetgemeentelijke milieuprogramma, indien indegemeente geen milieubeleidsplan geldt. 3. Deafvalstoffenverordening bevat geen regels als bedoeld inartikel 10.48. Artikel 10.24Wetmilieubeheer 1. Deafvalstoffenverordening bevat ten minste regels omtrent: o a. hetoverdragen of hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan een bijof krachtens deverordening aangewezen inzameldienst; o b. hetoverdragen van zodanige afvalstoffen aan een ander; o o het achterlaten vanzodanige afvalstoffen opeen daartoe ter beschikking gestelde plaats. 2. Bijde afvalstoffenverordening kunnen voorts regelsworden gesteld omtrent het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 10.25Wetmilieubeheer Bijde afvalstoffenverordening kunnen in iedergeval regels wordengesteld: a.ten einde te voorkomen datafvalstoffen alszwerfafval in het milieuterecht komen danwel teneinde te bereiken datzulks zo min mogelijk gebeurt; b.omtrent het opruimen van afvalstoffen diealszwerfafval in het milieu terecht zijn gekomen; c. omtrent het opeenvoor het publiek zichtbare plaats aanwezig hebbenvan afvalstoffen.

Artikel 10.26Wetmilieubeheer 1. Degemeenteraad kan, inafwijking van artikel 10.21, in het belang van een doelmatig beheer van huishoudelijke afvalstoffen bijdeafvalstoffenverordening bepalen dat: a. huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld nabij elkperceel; b. huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld met een bijde verordening aangegeven regelmaat; c. ineengedeelte van het grondgebied van de gemeente geen huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld. 2. Bij de voorbereiding van eenzodanig besluit betrekt de gemeenteraad de ingezetenen en inde gemeente een belang hebbende natuurlijke en rechtspersonen, op dewijze voorzien in de krachtens artikel 150van de Gemeentewet vastgestelde verordening. 3. Burgemeester enwethouders stellen de inspecteur op de hoogte van hetvoornemen een zodanig besluit te nemen. 4. Onze Minister stelt regels inhoudende devoorwaarden waaronder ingevolge heteerste lid kanworden bepaald dat huishoudelijke afvalstoffen nabij elk perceelworden ingezameld. Hiertoe behoren iniedergeval regels omtrent de loopafstand van het perceel naar het inzamelpunt ende beschikbaarheid van het inzamelpunt. Artikel 10.27Wetmilieubeheer

-9-

Ingevallen als bedoeld inartikel 10.26, eerste lid,onder benc,Wm draagt degemeente er zorg voor dat opten minste één daartoe ter beschikking gestelde plaats binnen de gemeente of binnen degemeentenwaarmee wordt samengewerkt, involdoende mate gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen achter telaten. Artikel 10.28Wetmilieubeheer 1. Bijalgemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot het opnemen indeverordening van eenverplichting bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen te brengen naar een daartoe beschikbaar gestelde plaats. 2. Bijde maatregel kanworden aangegeven opwelke wijze de gemeenten erzorg voor dragen dat plaatsen als bedoeld inhet eerste lid,binnen degemeente involdoende mate beschikbaar zijn. 3. Bijde maatregel kanworden bepaald datde artikelen 10.21, eerste lid,en 10.24, eerste lid, onder a, nietvan toepassing zijn met betrekking tot de inzameling van de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, diezijn aangewezen krachtens heteerstelid.

HOOFDSTUK 3:DE DIENSTENRICHTLIJN De Europese Dienstenrichtlijn isop 28december 2006 inwerking getreden metalsdoel de nog bestaande belemmeringen van hetvrije verkeer van diensten opte heffen.Zo isover de vrijheid van vestiging (hoofdstuk 3) bepaald dat lidstaten de toegang tot ofde uitoefening van een dienstenactiviteit inbeginsel niet afhankelijk mag stellen van een vergunningstelsel (artikel 9). Inhoofdstuk 4van de richtlijn is bepaald dat het vrij verrichten van diensten niet mag worden beperkt door het stellen van eenvergunning-of inschrijvingseis (artikel 16en verder). HOOFDSTUK 4:DE AFVALSTOFFENVERORDENING §4.1 Algemene toelichting De afvalstoffenverordening heeft betrekking op die bepalingen dieworden gesteld voor het beheer van huishoudelijke en andere afvalstoffen. Opgrond van artikel 10.23Wm isde gemeente verplicht eenafvalstoffenverordening vast te stellenin het belang vande bescherming van het milieu.Artikel 10.24Wm schrijft de verplichte inhoud vande afvalstoffenverordening voor. Artikel 10.25Wm somt een aantal onderwerpen op die facultatief indeafvalstoffenverordening kunnen worden opgenomen.

Overigewetgeving Met betrekking tot de inzameling van afvalstoffen zijn -voor degemeente enderden -ook andere wetten enverordeningen van belang.Genoemd kunnen worden deWet milieubeheer (milieuvergunning), de bouwverordening (bouwvergunning) endeAPV (plaatsen voorwerpen op ofaan deopenbare weg). Opbouw vande afvalstoffenverordening Paragraaf 1: Algemene bepalingen Paragraaf 2: Inzameling van huishoudelijke afvalstoffen (regels over inzameldienst, andere inzamelaars en de inzamelstructuur;)

-10-

Paragraaf 3:Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen (regels voor de burger over de aanbieding van huishoudelijke afvalstoffen) Paragraaf 4: Zwerfafval Paragraaf 5: Overige onderwerpen die de afvalstoffenverordening aangaan Paragraaf 6: Slotbepalingen (strafbaarstelling,toezicht en overgangstermijn) §1ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsomschrijvingen Definities uit de Wetmilieubeheer(Wm) Indit artikel zijn alleen die begripsomschrijvingen opgenomen die specifiek zijnvoor deze verordening. Relevante begrippen die al inartikel 1.1 van deWet milieubeheer (hiernate noemen Wm) zijn omschreven,worden,voorzover bij de omschrijving indewet wordt aangesloten, niet inditartikel herhaald. Daarbij gaat hetom devolgende begrippen. Afvalstoffen: Allestoffen, preparaten of andere producten die behorentot de categorieën die zijn genoemd in bijlage Ibij richtlijn nr.2006/12/EGvan het Europees Parlement en de Raad van 5april 2006 betreffende afvalstoffen, waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zichte ontdoen ofzich moetontdoen. Doelmatig beheer van afvalstoffen: Zodanig beheer van afvalstoffen datdaarbij rekening wordt gehouden met hetgeldende afvalbeheersplan, danwel devoor devaststelling van het plan geldende bepalingen,danwel de voorkeursvolgorde aangegeven inartikel 10.4,ende criteria,genoemd inartikel 10.5,eerstelid.

Huishoudelijke afvalstoffen: Afvalstoffen afkomstig uit particuliere huishoudens, behoudens voor zover het ingezamelde bestanddelen van dieafvalstoffen betreft, diezijn aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen. Bedrijfsafvalstoffen: Afvalstoffen, niet zijnde huishoudelijke afvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen. Gevaarlijke afvalstoffen:Bij ministeriële regeling alszodanig aangewezen afvalstoffen, met inachtneming vanter zake voor Nederland verbindende verdragen envan besluiten van volkenrechtelijke organisaties. Afvalbeheersplan: Hetafvalbeheersplan, bedoeld inartikel 10.3Wm (Nb.LAPH2009-2021). Afvalstoffenverordening: Deverordening, bedoeld inartikel 10.23Wm Beheer van afvalstoffen: Inzameling,vervoer, nuttigetoepassing of verwijdering van afvalstoffen Nuttige toepassing: Dehandelingen die zijn genoemd in bijlage II Bbij richtlijn nr. 2006/12/EG van het Europees Parlement endeRaad van 5april 2006 betreffende afvalstoffen. Verwijdering: De handelingen diezijn genoemd in bijlage IIA bij richtlijn nr.2006/12/EGvan het Europees Parlement en de Raad van 5april 2006 betreffende afvalstoffen.

11-

Grofhuishoudelijkafval Het begrip huishoudelijke afvalstoffen omvat ook grof huishoudelijk afval. Onder grof huisafval worden verstaan 'huishoudelijke afvalstoffen diete groot entezwaar zijn omop dezelfdewijze als de andere huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienstte worden aangeboden'. Straatafval, zwerfafval enillegaledumping DeWet milieubeheer voorziet niet ineendefinitie van het begrip zwerfafval. Dit heeft te maken met hetfeit dathet begrip inde praktijk weinig problemen oplevert,terwijl een juridisch sluitende definitie moeilijk tegeven is. Inhet Landelijk Afvalbeheersplan (LAP) is wel een definitie opgenomen: 'Zwerfafvalisafval datdoormensen bewustofonbewust isweggegooidofachtergelatenop plaatsen diedaarniet voorbestemdzijnofdoorindirect toedoen ofnalatigheid vanmensen opzulkeplaatsen terechtisgekomen. Ditafvalbestaat voornamelijk uitverpakkingsmateriaal vanconsumpties (blikjes,flesjes, wikkels,patatbakjes), sigarettenpeuken, kauwgomresten enallerhande gebruiksgoederen alskranten,foldersentissues.' Het verschil tussen straatafval enzwerfafval isdat straatafval, dat niet ineen prullenmand wordt achtergelaten, maar inde openbare ruimte terecht komt, zwerfafval wordt. Onder zwerfafval wordt ook niet verstaan illegale dumping van afval.

Integenstelling tot bij zwerfafval, gaat het bij illegale dumping nietom een of enkele restanten van consumptie, maar omgrotere hoeveelheden afval (bijvoorbeeld met eenvolume van ten minste en plastic tas). Bovendien gaat het niet om afval dat uit nalatigheid of gemakzucht wordt achtergelaten of weggegooid. Deontdoener kiest er namelijk zeer bewust voor om het afval nietvia de daarvoor geëigende manier aftevoeren,maar om het onbeheerd achter te laten inde openbare ruimte. Het kanzowel huishoudelijk als bedrijfsafval zijn. Veel voorkomend illegaal gedumpt afval is huisvuil,tuinafval,fietswrakken, accu's, meubilair en autobanden. Ook het bijplaatsen van afval bij inzamelvoorzieningenvalt onder illegaledumping. b. Inzamelen Het begrip 'inzamelen' isgedefinieerd omuitdrukkelijk vast te leggen dat er sprake isvan een brede omschrijving. Hiervoor isgekozen om recht te doen aan hetfeit dat een gemeentelijke inzamelstructuur steeds meer bestaat uitzowel haal- als brengvoorzieningen opverschillende niveaus.

Bovendien maakt een bredere omschrijving van het begrip inzamelen de veelheid van termen uit de vorige modelbepalingen ('aan te bieden of over te dragen', 'achterlaten',etc.) overbodig.Wel iseen ondergrens aangebracht: voordat sprake kan zijn van inzamelen,dienen de afvalstoffen ter inzameling teworden aangeboden.Voor de omschrijving van het begrip 'ter inzameling aanbieden' geldt dezelfde brede invulling met betrekking tot haal- en brengvoorzieningen, nuvan de kant van degene diezichvan afval wenst teontdoen. h. Gebruiker vaneenperceel De omschrijving 'gebruiker van een perceel'sluit aan bij de begripsomschrijving indeVNGmodelverordening reinigingsheffingen. Deze isopgenomen omte kunnen bepalen dat alleen diegenen die inde gemeente betalen voor deinzameling van huishoudelijke afvalstoffen, gebruik mogen makenvan de inzamelstructuur (zie de toelichting bij artikel 8)ende aangewezen inzameldienst.

-12-

§2 INZAMELING VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN Artikel 2Aanwijzing inzameldienst enandere inzamelaars Eerstelid: Deaanwijzing vandeinzameldienst bijuitvoeringsbesluit Degemeente isop basis van artikel 10.24,eerste lid,onder a,Wm verplicht bijof krachtens deverordening een inzameldienst aantewijzen voor de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. Zoals de Memorie vanToelichting stelt, gaat het hierbij vooral om de inzameling van bestanddelen van het huishoudelijk afval door anderen dan de inzameldienst. Tweede lid: Deaanwijzing vanandereinzamelaars Debrede grondslag vande afvalstoffenverordening tenaanzien van huishoudelijk afval is vastgelegd inartikel 10.24,tweede lid,Wm. Op basis hiervan kunnen regels worden gesteld voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. Tweede lid: Detaillisten/reparatiebedrijven Deaanwijzing opgrond van hettweede lidvan dit artikel kanook worden gebruikt om detaillisten die bijvoorbeeld batterijen van particulieren inzamelen,op hunverzoek aante merken als inzamelpunt. Inhet kader van de aanwijzing als inzamelpunt kunnen nadere afspraken worden gemaakt met de inzamelende persoon of instantie over bijvoorbeeld de wijze van inzameling, opslag endeafgifte aan degemeente, monitoring,etc.

Indien detaillisten en/of reparatiebedrijven ineenAMvB,of ministeriële regeling zijn aangewezen als inzamelende instantie is degemeente niet bevoegd daarover nadere regels te stellen. Dit betekent dat detaillisten en/of reparatiebedrijven geen aanwijzing vande gemeente nodig hebben om huishoudelijke apparaten inte nemen. Ditgeldt bijvoorbeeld voor de Regeling beheer elektrische en elektronische apparatuur. Belang vandebescherming vanhetmilieu Degemeenteraad stelt op grond van artikel 10.23,eerste lid,Wm in het belang vande bescherming van het milieu een afvalstoffenverordening vast. Devoorschriften of beperkingen die krachtens de afvalstoffenverordening aande inzameling kunnen worden verbonden, beogen dus het belang van het milieu tebeschermen. Vierdelid:lexsilenciopositivo Hetgaat hier om de aanwijzing van inzamelaars van diverse soorten afval/. Een lex silencio positivo is hier nietwenselijk om dwingende redenen van algemeen belang, met name bescherming van het milieu en de volksgezondheid. Daarnaast iseen deugdelijk engoed geordend afvoer van huis-enander afval meer inhetalgemeen van groot maatschappelijk belang.Tenslotte zou eenaanwijzing van rechtswege botsen metde belangen van andere inzamelaars. Paragraaf 4.1.3.3.Awbwordt nietvantoepassingverklaard.

13

Artikel 3Afzonderlijke inzameling Eerstelid: Landelijkafvalbeheersplan Artikel 10.14Wm bepaalt dat bestuursorganen, bij de uitoefening van hun bevoegdheid met betrekking tot afvalstoffen, rekening dienente houden met het geldende afvalbeheersplan. Hieruit volgt dat bij hetvaststellen ofwijzigen van de afvalstoffenverordening rekening dient teworden gehouden met het LAP. Met de opsomming in het eerste lidvan dit artikel is daarom aangesloten bij het Landelijk afvalbeheersplan (LAP). Het LAP benoemt een nuttige toepassing van 60%.Met afzonderlijk inzameling van de inhet eerste lidgenoemde afvalstromen wordt gestreefd deze doelstellingen tebehalen. Eerstelid:Afstemming metartikel 9Afzonderlijk terinzamelingaanbieden Inartikel 9iseenverbod opgenomen omopgesomde categorieën anders dan afzonderlijk ter inzameling aantebieden. Eerstelid, suba:GFT-afval Artikel 10.21 tweede lid,Wm verplicht gemeenten inieder gevaltot de afzonderlijke inzameling van groente-,fruit-entuinafval (GFT-afval). Het Landelijk afvalbeheersplan (LAP) gaat er in ieder gevalvan uitdat GFT-afval apartwordt ingezameld. Ook het ministerie van VROM houdt vast aaneenverplichte GFT-inzameling. Desondanks isafwijking van deze verplichting mogelijk in het belang van een doelmatig beheer van huishoudelijke afvalstoffen, bijvoorbeeld om redenen van de GFT-kwaliteit, kostenniveau of de milieuhygiëne.

Opgrond van artikel 10.26, eerste lid,onder c,Wm kan bij verordening worden bepaald dat ineen deelvan het grondgebied geen huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld. Uitvoeringsbesluit opgrond vanhettweedelid Het vastleggen van eenomschrijving van deverschillende categorieën huishoudelijke afvalstoffen isvan belang omte kunnen ingrijpen bij vervuiling van defracties vanwege verkeerd aanbiedgedrag. Eente zeer vervuilde fractie kan leiden tot kostentoerekening voor de verwijdering door de be-ofverwerker aandegemeente, en inhet uiterste gevaltot weigering van de ingezameldefractie. Artikel 4 Inzamelmiddelen en -voorzieningen Eerstelid Inditartikel worden de niveaus van inzameling aangegeven. Hiermee wordt recht gedaan aan de vervaging van hetonderscheid tussen huis-aan-huisinzameling eninzameling via brengvoorzieningen opverschillende niveaus.

14-

Eerstelid, ondera: Inzamelingbijelkperceel (haalsysteem) Opgrond van artikel 10.21, eerste lid,Wm isdegemeente verplicht tot het wekelijks inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen bij elk binnen haargrondgebied gelegen perceel. Op grond van artikel 10.21,tweede lid,Wm wordt daarbij inieder geval groente-,fruit- en tuinafval afzonderlijk ingezameld,tenzij daar in het kadervan doelmatig beheer van mag worden afgeweken (zie detoelichting opartikel 3van deze verordening). De inzameling bij elk perceel is individueel envindt plaats bijelkewoning via een haalsysteem. De bewoners makengebruik van individuele inzamelmiddelen,zoals minicontainers. Eerstelid, ondera: Inzamelingbijhoogbouw Voor het bewaren enaanbieden van huishoudelijk afval kanvangemeentewege eventueel een bewaar- of inzamelmiddelworden verstrekt. De inzamelmiddelen worden buitengezet op de dagvan inzameling. Bij hoogbouw kunnen inpandige inzamelvoorzieningen worden getroffen, zoals stortkokers ofcontainers. Benadrukt moetworden dateen of meer inzamelvoorzieningen bijéénflat, moetworden gezien als inzameling bij elk perceel. Eerstelid, onderb: Inzamelingnabij elkperceel (brengsysteem) Inafwijking vanartikel 10.21Wmkanderaad opgrond vanartikel 10.26eerstelid,ondera, Wm bij verordening besluiten dat-inplaats vanbijelkperceel -nabij elkperceel wordt ingezameld.

Voor de inzameling nabij elk perceelwordt gebruik gemaakt van collectieve inzamelmiddelen, dit zijn brengsystemen waar een groep huishoudens gezamenlijk gebruik van maakt. Huishoudelijk afval wordt dus niet bijelk perceel- bijelkewoning -opgehaald, maar vanaf een centraal punt bijvoor meerdere huishoudens gezamenlijk. De huishoudens beschikken over individuele bewaarmiddelen en moeten deze brengen naar de plaats waar hetcollectieve inzamelmiddel staatopgesteld. Inzamelingnabij elkperceel: clusterplaatseneninzamelvoorzieningen Inzameling nabij elk perceel plaatsvinden via clusterplaatsen envia inzamelcontainers nabij elk perceel. Een clusterplaats iseen plaatswaar de burger het inzamelmiddel op de dagvan ophalen naartoe brengt. Voorbeelden van clusterplaatsen zijn: een parkje, een pleintje, een parkeerplaats waar op de dagvan inzameling niet magworden geparkeerd of een centrale plaats opdestoep. Eerstelid, onder c:Inzamelvoorziening opwijkniveau Bij inzamelvoorzieningen opwijkniveau kan inde eerste plaatsworden gedacht aan glasbakken,textielbakken,endergelijke. Ditzijn permanent aanwezige voorzieningen. De voorzieningen opwijkniveau kunnen ook mobiel of niet permanent aanwezig zijn. Voorbeelden van dergelijke mobiele voorzieningen zijndechemokar en 'afvaleilanden' die gedurende een bepaalde periode indewijk aanwezig zijn.

Hetgebruik van de wijkvoorzieningen is niet beperkt tot degebruikers van een bepaalde groep percelen. Inhet belangvan de doelmatige verwijdering van kca,glas, oud papier enkarton entextiel kande gemeente bepalen dat dit afval dientteworden gebracht naar eendoor de gemeente aangewezen plaats. -15-

Uitvoeringsbesluitopgrond vanhet tweedelid Hetcollege kan bij uitvoeringsbesluit voor iedere gebruiker van een perceel per categorie huishoudelijke afvalstoffen aanwijzen via welk(e) inzamelmiddel of-voorziening wordt ingezameld. Deinzamelmiddelen kunnen vangemeentewege worden verstrekt of geplaatst. Eisenaan hetinzamelmiddel Wanneer het inzamelmiddel niet door degemeente wordt verstrekt, kanworden vereist dat het inzamelmiddel aan bepaalde normen voldoet.Voor bepaalde categorieën huishoudelijke afvalstoffen (bijvoorbeeld asbest) kunnen specifieke eisen aanhetinzamelmiddel worden gesteld. Artikel 5 Frequentie van inzamelen Wekelijkseinzamelfrequentie Degemeentelijke zorgplicht voor de inzameling van huishoudelijk afval engroente-,fruit- en tuinafval bij elk perceel isopgrond van artikel 10.21, eerste lid,respectievelijk tweedelid, Wmgesteld opten minste eenmaal perweek.Artikel 10.21, eerste lid,Wm bepaalt datde gemeente, aldan niet insamenwerking met andere gemeenten, ervoor zorg draagt datten minste eenmaal perweek de huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld bijelk binnen haar grondgebied gelegen perceel waar zodanige afvalstoffen geregeld kunnen ontstaan.Op grond van artikel 10.21, tweede lid,Wm wordt daarbij in ieder geval groente-,fruit- en tuinafval afzonderlijk ingezameld.

Dewekelijkse inzamelplicht bij elk perceel geldt uitdrukkelijk nietvoor grove huishoudelijke afvalstoffen (zie ook artikel 10.21, eerste lid,Wm).Wel geldt voor deze categorie huishoudelijke afvalstoffen opgrond van artikel 10.22, eerste lid,onder aen b,Wm een zorgplicht. Het betreffende artikel bepaalt metwelkefrequentie de huishoudelijke afvalstoffen bijelk perceelworden ingezameld. Indiende raad besluittotafwijking vandewekelijkse inzamelfrequentie, isde raad verplicht omde inspraakverordening toete passen (zie artikel 10.26,tweede lid,Wm). Ook kan het artikelworden gebruikt om eenafwijking van de inzamelfrequentie ineen deel van de gemeente vast te leggen ofvoor een bepaald deel van hetjaar. Inditartikel wordt tevens hetzelfde bepaald voor groente-,fruit- entuinafval. Indien wordt besloten GFT-afval ineen deel van de gemeente nietgescheiden intezamelen,dient dit het uitvoeringsbesluit geregeld teworden. Hetcollege kanop basisvan het tweede lid indien gewenst defrequentie van inzameling bij elk perceel bepalen van andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen dan huishoudelijk restafval engroente-,fruit- entuinafval. Dit artikel heeft alleen betrekking opde categorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk bij elk perceelworden ingezameld en is beperkt tothet regelen vandefrequentievaninzamelen.

Dedagen entijdenwaarop huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling kunnen worden aangeboden, kunnenworden geregeld op basis van artikel 11van dezeverordening.

16

Artikel 6Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing Deinzameling Gemeenten zijn belast met dezorgplicht voor de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. Zij hebben daarmee ook het recht omte bepalen dat hetverboden isaan andere dande door het college aangewezen inzameldienst en instanties om huishoudelijke afvalstoffen inte zamelen. Tweede lid Indit kader isde brede omschrijving die inartikel 1isgegeven van het begrip inzamelen van belang. Derdelid Hetderde lid is nodig omdat het inzamelverbod behoudens aanwijzing niet mag gelden voor personen of instanties die bijAMvB of ministeriële regeling inhet kader van producentenverantwoordelijkheid een inzamelplicht hebbengekregen. §3 TER INZAMELING AANBIEDEN VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN Artikel 7Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Burgers mogen hunafvalstoffen alleen aanbieden aan de krachtens in heteerste lidvan artikel 2aangewezen inzameldienst, andere inzamelaars diezijnaangewezen krachtens het tweede lidvan artikel 2en personen of instanties die inhet kader van producentenverantwoordelijkheid bijAMvB of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben (zie detoelichting bijartikel 2en artikel 6). Inditgeval magde burger zijn huishoudelijke afvalstoffen, zoals elektrische enelektronische apparatuur, ook aandeze personen of instanties aanbieden.

Artikel 8Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dande gebruikers van percelen Ditartikel bepaalt dat alleen diegenen die binnen de gemeente afvalstoffenheffing betalen, huishoudelijke afvalstoffen mogen aanbieden.Achtergrond vanditartikel isdetoename in het illegaal aanbieden van afvalstoffen door inwoners van anderegemeenten (afvaltoerisme) of door bedrijven van binnen en buiten deeigengemeente, dieop deze manier de kosten van deverwijdering van hunafvalstoffen willenontlopen. De keuze voor deformulering 'anderen dan degebruikers van ...' isgekoppeld aan de Verordening reinigingsrechten. Overigens is het natuurlijk niet de bedoeling omte verbieden dat degene die de heffing betaalt zijn afvalstoffen door iemand anders laat aanbieden namens hem.

-17-

Artikel 9Afzonderlijk ter inzameling aanbieden GFT-afval Afwijking van dewettelijke inzamelplicht van groente-,fruit- entuinafval ismogelijk in het belang van een doelmatig beheer van huishoudelijke afvalstoffen, bijvoorbeeld om redenen vande GFT-kwaliteit, kostenniveau of de milieuhygiëne. Opgrond van artikel 10.26, eerste lid, onder c,Wm kan bijverordening worden bepaald dat ineendeel van het grondgebied geen huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld. Indit geval isde inspraakverordening vantoepassing enstelt het college de inspecteur op de hoogte van hetvoornemen.Zie ook detoelichting op artikel 3. Afstemming met artikel3;Afzonderlijke inzameling Inartikel 3iseen opsomming opgenomen van decategorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk worden ingezameld.Artikel 9houdt eenverbod invoor de burger. Ongeadresseerdreclamedrukwerk Om het afzonderlijk ter inzameling aanbieden van oud papier te bevorderen, isdit artikel opgenomen. Vierde lid Hetvierde lid is nodig,omdat hetverbod op het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aaneen ander dan de inzameldienst of andere inzamelaars niet maggelden voor het aanbieden van afval aan personen of instanties die bijAMvB of ministeriële regeling in het kader van producentenverantwoordelijkheid een inzamelplicht hebbengekregen.

Artikel 10Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Wettelijkeplicht brengdepots Opgrondvan artikel 10.27Wm iseengemeente ineen aantalgevallen verplicht om op tenminste één daartoe ter beschikking gestelde plaats binnende gemeente (of binnen de gemeenten waarmee wordt samengewerkt) een brengdepot te realiseren. Hetgaat om de gevallen waarin de raad opgrond van artikel 10.26,eerste lid,onder a, ben c,Wm afwijkt van artikel 10.21Wm: inzameling nabij elk perceel,inzameling met eenbij verordening aangegeven regelmaat en uitsluiting van inzameling opeen deelvan het grondgebied van de gemeente. Eerstelid Het eerste lid betreft het verbod om huishoudelijke afvalstoffen anders aante bieden danvia hetaangewezen inzamelmiddelof de inzamelvoorziening. Bij inzamelmiddelenvoor degebruiker van een perceel kanworden gedacht aan vaste inzamelmiddelen, zoals minicontainers, afvalemmers, kratjes, kca-boxen endergelijke, maar ook aan huisvuilzakken of plasticfolie waarin asbesthoudend afval moetworden verpakt. De inzamelmiddelen kunnen aldan niet van gemeentewege worden verstrekt.

18-

Tweede lid Hettweede iidbetreft hetverbod om categorieën huishoudelijke afvalstoffen anders aante bieden danvia hetaangewezen inzamelmiddelof deaangewezen inzamelvoorziening. Vijfdelid De mogelijkheid om huishoudelijke afvalstoffen te kunnen aanbieden zonder inzamelmiddel of -voorziening (bij het perceel of op een ander inzamelniveau) isvooral van belang voor grof huisvuil ofgroftuinafval. Uitvoeringsbesluiten Artikel 10biedtde basistot het stellen van diverse regels die relevant zijn voor het inzamelen van huishoudelijk afval. Deze regels kunnen bijv. betrekking hebbenop: - maximale gewicht - maximaal aantal aan te bieden inzamelmiddelen - voorwaarden voor gebruik van inzamelmiddelen - eisen aan inzamelmiddel - regels voor het gebruik van inzamelvoorzieningenop wijkniveau - regels ten aanzien van het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen bij het brengdepot op lokaal of regionaal niveau Artikel 11Dagen entijden voor hetter inzameling aanbieden Uitvoeringsbesluitopgrond vanheteerste lid Bij hetvaststellen van de dagen entijden kan in het besluit van het college een onderscheid worden gemaakt naar deverschillende niveaus van inzameling endedaarbij gehanteerde inzamelmiddelen en -voorzieningen. Artikel 12 Hetinbijzondere gevallenter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Ditartikel biedt degrondslag voor een door het college vast te stellen calamiteitenregeling.

Een dergelijke (eventueel tijdelijke) regeling zou bijvoorbeeld nodig kunnen zijn ingevalvan stakingen, etc. Ook kanworden gedacht aan een regelingvoor het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen bijwegopbrekingen. §4 ZWERFAFVAL Opgrond vanartikel 10.25, onder aen b,Wm kunnen gemeenten in hun afvalstoffenverordening de zwerfafvalproblematiek regelen. Erissprake van facultatief medebewind.

-19

Artikel 13Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging Ditartikel heeft een primair een milieubeschermendefunctie en beoogt degemeente een instrument tegeven om illegale dumpingen,voor zover ergeen hogerewet- of regelgeving van toepassing is,of hetontstaan vanzwerfafval tegentegaan. Wettelijkegrondslag Inartikel 10.25,onder a,Wmwordt de basis gelegd voor hetopnemen van een dergelijk artikel inde afvalstoffenverordening. Artikel 14Achterlaten van straatafval Straatafval Inartikel 1van dezeverordening wordt een definitie gegeven van straatafval. Bij het begrip straatafval gaat het infeite omafval 'dat onderweg ontstaat', buiten een perceel,dat niet als zwerfafval opstraat of in het plantsoen terecht dientte komen enwaarvoor je de burger (in dit geval ook toeristen) de mogelijkheid wilt bieden omzichter plekke ervan te ontdoen (voor zover vanzeer beperkte omvang engewicht). Klein chemisch afval is uitdrukkelijk uitgesloten van de omschrijving. Ditafval dient inalle gevallen viade daartoe opgezette inzamelstructuurtewordenverwijderd. Artikel 15Voorkomen vanzwerfafval bijter inzameling gereedstaande afvalstoffen Wettelijkegrondslag Inhoofdstuk 10van deWet milieubeheer wordt inartikel 10.25, onder a,Wm de basis gelegd voor hetopnemen van een dergelijk artikel inde afvalstoffenverordening.

Zie hiervoor ook de Memorie vanToelichting,die hierover zegt: "Deonderdelenaenbhebben betrekking opzwerfafval. Onderdeelabetrefthet voorkomenofhetbeperkenvanzwerfafval.Regels hieromtrentkunnen op diversewijzewordengesteld. Zokunnenerregels wordengesteld omtrenthetdirect veroorzaken vanditsoort verontreiniging. Ookeenverbodomter inzamelinggereed gezet afvaltedoorzoeken ("morgensterrenverbod")kan oponderdeela wordengebaseerd". Eerstelid: Morgensterren Heteerste lid heeft betrekking opwat wel de "morgenster"-problematiek wordt genoemd. Het beoogt paal en perk te stellen aan hetdoorzoeken en verwijderen van ter inzameling aangeboden afvalstoffen voordat de medewerkers van de inzameldienstter plaatse zijn. Vaak immers heeft ditdoorzoeken totgevolg dat het huisvuil over de hele straat verspreid ligt en de inzameldienst zijn werk niet meer kanverrichten. Hetaldus ontstane zwerfafval veroorzaakt een zware belasting van degemeentelijke veegdienst. Eerstelid: Inzameldiensten, andereinzamelaars entoezichthouders Het kan in plaatselijke situaties wenselijk en doelmatig zijn, op beperkte schaal "morgensterren"te dulden en het moetvanzelfsprekend ook mogelijkzijn dat toezichthouders en handhavers indegelegenheid zijn omzo nodig de inhoud van aangebroken zakken,emmers en(mini)containersteonderzoeken.

-20-

Tweedelid: Voorkomenvanzwerfafval Inartikel 10.25,onder a,Wmwordt de basis gelegd voor het opnemen van hettweedelid. Met hettweede lidwordt beoogd omzwerfafval bijter inzameling gereed staande afvalstoffen tevoorkomen. Artikel 16Afvalbakken in inrichtingen voor hetverbruiken van eet- en drinkwaren Wettelijkegrondslag Inartikel 10.25,onder a,Wm isde basis gelegd voor het opnemen van eendergelijk artikel inde afvalstoffenverordening. Artikel 17Wegwerpen van reclamebiljetten ofander promotiemateriaal Wettelijkegrondslag Inartikel 10.25, onder b,Wm isde basis gelegd voor het opnemen van eendergelijk artikel inde afvalstoffenverordening. Zie hiervoor ook de Memorie van Toelichting, dieover artikel 10.25Wm zegt: "Deonderdelen aenbhebbenbetrekking opzwerfafval Onderdeelb betrefthet opruimen vanzwerfafval." Ditartikel isdus een uitwerking van artikel 10.25,onder b,Wm indevormvan een verplichting totopruimen of laten opruimen van reclamebiljetten ofander promotiemateriaal. Promotiemateriaal Niet alleen reclamebiljetten worden aan het publiek uitgereikt. Ook ander promotiemateriaal wordt vaak uitgereikt. Gedacht kanworden aandezogenaamde samplings, monsters of miniverpakkingen, waarin ter promotie een product ineen kleine hoeveelheid wordt aangeboden.

Opgrondvan dit artikel kandegene die dergelijk promotiemateriaal uitreikt, worden verplicht het promotiemateriaal, deverpakking of de inhoud daarvan opte ruimenof te latenopruimen. Artikel 18Zwerfafval bijvervoeren, laden enlossen ofoverige werkzaamheden Eerstelid Degrondslag voor heteerste lid isopgenomen inartikel 10.25, onder a,Wm.Zie hiervoor ook de Memorie vanToelichting,die over artikel 10.25Wm zegt: "Deonderdelenaenb hebbenbetrekking opzwerfafval. Onderdeelabetrefthet voorkomenofhetbeperkenvan zwerfafval. Regels hieromtrent kunnen opdiversewijzewordengesteld.Zokunnen erregels wordengesteld omtrenthet direct veroorzakenvanditsoortverontreiniging." Het eerste lid beoogt het ontstaan van zwerfafval bij het laden of lossen ofvervoeren van afvalstoffen, stoffen ofvoorwerpen tevoorkomen.

-21

Tweede lid Hettweede lidvloeit voort uit artikel 10.25,onder b,Wm. Dememorie vantoelichting zegt hierover: "Deonderdelen aen b hebben betrekking opzwerfafval Onderdeel b betreft het opruimenvanzwerfafval." Dit artikel isdus een uitwerking van artikel 10.25, onder b,Wm inde vormvan eenverplichting tot het reinigen of laten reinigenvandeweg bij het ontstaan van zwerfafval. Deopname van hettweede lid heeftvooral betekenis inverband met hetop kostenvan deovertreder laten reinigen van deweg (bestuursdwang). §5 OVERIGE ONDERWERPEN DIE DEVERORDENING AANGAAN Artikel 19Verbod opslag van afvalstoffen Inartikel 10.25,onder c,Wm isde basis gelegd voor hetopnemen van een dergelijk artikel inde afvalstoffenverordening. Bij de afvalstoffenverordening kunnenvoortaan inieder geval regelsworden gesteld omtrent hetop eenvoor het publiek zichtbare plaats aanwezig hebben van afvalstoffen. Artikel 10.25, onder c,Wm geldt voor deopslag van alle afvalstoffen. Netals bij de bepalingen over zwerfafval, diezijn gebaseerd op artikel 10.25,onder aen b,Wm isook hier sprake vanfacultatief medebewind. Artikel 20Afgifte autowrakken afkomstig uiteen huishouden Wettelijkregime autowrakken De regelgeving voor autowrakken isin2002 drastisch gewijzigd.Op 8mei2002 isde wijziging van deWet milieubeheer (structuur beheer afvalstoffen, Staatsblad 2001, 346) gedeeltelijk inwerking getreden.

Op 2juli2002 is het Besluit beheer autowrakken (Staatsblad 2002,259) inwerking getreden. Het nieuwe Besluit Beheer Autowrakken (hierna te noemen BBA)verplicht autofabrikanten omeen hoogwaardig inname-en verwerkingssysteem voor autowrakken optezetten. Definitieautowrak Het begrip autowrak wordt inartikel 1,onder b, BBAals volgt gedefinieerd: "voertuigdateen afvalstof isindezin vanartikel 1.1 lid 1vandeWm". DeWet milieubeheer definieert het begrip afvalstof als: "allestoffen,preparaten ofandere producten waarvandehouder zichontdoet, voornemensiszichte ontdoen ofzichmoet ontdoen". Door deze definities wordt een autowrak altijd aangemerkt alsafvalstof envalt hiermee dus onder dewerking van deze bepaling.

-22

§6 SLOTBEPALINGEN Artikel 21 Strafbepaling Detekst van dit artikel sluit aan bij artikel 6.1 model-APV: Strafbepaling. Aanduiding strafbarefeiten Inditartikelworden de bepalingen opgesomd die als strafbaar feitworden aangeduid om strafrechtelijk te kunnenworden gehandhaafd. Destrafbaarstelling van artikel 10.23Wm over degemeentelijke afvalstoffenverordening isgeregeld indeWet opde economische delicten (Wed).Aangezien niet alle bepalingen inde afvalstoffenverordening zichvoor strafrechtelijke handhaving lenen,isdestrafbaarstelling geclausuleerd. Artikel 1a,aanhef, onder 3°Wed luidt: "Economische delicten zijn eveneens: overtredingen van voorschriften, gesteld bij of krachtens: .... deWet milieubeheer, 10.23-voorzover aangeduid alsstrafbarefeiten -en " Inde afvalstoffenverordening moet daarom worden aangegeven welke overtredingen (lees: deovertreding vanwelke artikelen) een strafbaar feit opleveren. Uitsluitend indien dat hetgeval is,vormt deovertreding eeneconomisch delict in dezinvan artikel 1a,onder 3°Wed.

Alsstrafbaar feitaangeduide bepalingen uit deAfvalstoffenverordening Gedragingen instrijd met devolgende artikelen van deAfvalstoffenverordening kunnen worden aangeduid als een strafbaar feit inde zinvan artikel 1a,onder 3°Wed: Artikel 6 Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing Artikel 7Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Artikel 8Verbod op hetter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan degebruikers van percelen Artikel 9Afzonderlijk ter inzameling aanbieden Artikel 10Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Artikel 11Dagen entijdenvoor hetter inzameling aanbieden Artikel 13Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging Artikel 14Achterlaten van straatafval Artikel 15Voorkomen van zwerfafval bijter inzameling gereed staande afvalstoffen Artikel 16Afvalbakken in inrichtingen voor hetverbruiken van eet- en drinkwaren Artikel 17Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Artikel 18Zwerfafval bijvervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden Artikel 19Verbod opslag van afvalstoffen -23-

Artikel 20Afgifte autowrakken afkomstig uiteen huishouden Artikel 22 Toezichthouders Aanwijzing van detoezichthouder inde afvalstoffenverordening isnoodzakelijk, indien een toezichthouder tevens opsporingsbevoegdheden dientte krijgen.Alleen voor de aanwijzing van toezichthouders iseen bepaling opgenomen inde afvalstoffenverordening. Opsporingsambtenaren worden namelijk aangewezen inde artikelen 141en 142Wetboek van Strafvordering. Door de invoering van deWet algemene bepalingen omgevingsrecht moeten de toezichthouders vanaf 1oktober 2010 aangewezen worden op grond vanartikel 5.10, derde lid, wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Voor diedatum gebeurde dit opgrond van artikel 18.4, derde lid,van deWet Milieubeheer. Overgangsrecht Inde Invoeringwet algemene bepalingen omgevingsrecht is inartikel 1.9 geregeld dat toezichthouders dieaangewezen zijn op grond van artikel 18.4, derde lidvan deWet Milieubeheer vanaf 1oktober 2010 (datum inwerking treding invoeringswet) geacht worden tezijnaangewezen opgrond van artikel 5.10,derde lidvan dewet algemene bepalingen omgevingsrecht. Dealaangewezen toezichthouders hoeven dus niet opnieuw aangewezen teworden. Artikel 23 Inwerkingtreding Tweede lid:IntrekkingAfvalstoffenverordening ofartikelen APV Detevervangen afvalstoffenverordening dientteworden ingetrokken.

Artikel 24 Overgangsbepaling Omdat echter deoude verordening eenvergunningstelsel kende ende nieuwe verordening dit niet kentzijn de bepalingen iets aangepast. Artikel 25 Citeerbepaling

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://www.raadbergen-nh.nl/api/v1/meetings/4999/documents/37840