A5.g BIJLAGE 3_Notitie bestuurlijke toekomstscenario's en vervolgproces.pdf
Tekst van het document
25 maart 2025
Notitie
Bestuurlijke toekomstscenario’s en vervolgproces
Versie Definitief
1.
Colofon Datum: 20 maart 2025 Opdrachtgever: College van B&W, gemeente Uitgeest Opdrachtnemer: Necker – Job van Meijeren en Lennart Straver
2.
Inhoudsopgave Colofon
2
Inhoudsopgave
3
1. Inleiding
4
1.1 Doel van deze notitie 1.2 De raad besluit over fusiescenario’s 1.3 Samenhang met andere documenten
4 4 4
2. Randvoorwaarden voor bestuurlijke fusie
5
2.1 Typen herindelingen en formele procedure 2.2 Randvoorwaarden vanuit de wetgever 2.3 Randvoorwaarden vanuit Uitgeest 2.4 Toetsingskader fusiescenario’s
5 6 7 8
3. Fusiescenario’s
9
3.1 Overzicht mogelijke scenario’s 3.2 Fusiescenario’s in het licht van de regionale bestuurlijke verkenning 3.2.1 Richting de IJmond 3.2.2 Richting Zaanstreek – Waterland 3.2.3 Richting de BUCH 3.2.4 Richting Alkmaar 3.2.5 Over regio’s 3.3 Kansrijke scenario’s en hun aandachtspunten 3.3.1 Uitgeest fuseert met Alkmaar 3.3.2 Uitgeest fuseert met Heemskerk 3.3.3 Castricum, Heiloo en Uitgeest fuseren tot een nieuwe gemeente
9 10 10 10 11 11 12 13 13 13 13
4. Inrichting vervolgproces
15
4.1 Onderzoek van scenario’s 4.2 Opstellen onderzoekskader en onderzoeksplan 4.3 Opstellen participatieplan 4.4 Vervolgstappen en planning
15 15 16 16
3.
1. Inleiding 1.1 Doel van deze notitie De gemeenteraad van Uitgeest heeft op 30 januari 2025 een eerste principebesluit genomen over de bestuurlijke toekomst van Uitgeest. In de afgelopen weken heeft een bestuurlijke verkenning plaatsgevonden via gesprekken met mogelijke fusiepartners van Uitgeest. Ook is een inhoudelijke quick scan uitgevoerd. In de rapportage Verkenning potentiële bestuurlijke fusiepartners Uitgeest van dit proces zijn de feiten weergegeven die het resultaat zijn van dit onderzoek. Op basis van de bevindingen uit de regionale bestuurlijke verkenning en de inhoudelijke vergelijking van gemeenten heeft het college op 18 maart jl. gesproken met de gemeenteraad over mogelijke fusiescenario’s. Uitgeest wil voor de mogelijke fusiescenario’s een aantal randvoorwaarden hanteren. Deze randvoorwaarden worden in deze notitie beschreven. Op basis van deze randvoorwaarden komen er drie fusiescenario’s naar voren die het meest kansrijk zijn en voldoen aan deze eisen. In deze notitie worden deze scenario’s kort beschreven en wordt aangegeven welke aandachtspunten er zijn bij elk van deze scenario’s met het oog op verder onderzoek. In deze notitie wordt tenslotte uitgewerkt op welke wijze deze bestuurlijke toekomstscenario’s verder onderzocht kunnen worden.
Hiervoor wordt een stapsgewijs proces geschetst waarbij de gemeenteraad en het college van Uitgeest allereerst een onderzoekskader en participatieplan moeten vaststellen. Daarna kan het verdiepende onderzoek zelf plaatsvinden
1.2 De raad besluit over fusiescenario’s Het is aan de gemeenteraad van Uitgeest om een besluit te nemen over de kansrijke fusiescenario’s en te ondernemen vervolgstappen. Het college van Uitgeest legt op basis van deze notitie hiertoe een voorstel aan de gemeenteraad voor.
1.3 Samenhang met andere documenten De belangrijkste bouwsteen voor deze notitie vormt de rapportage over de regionale verkenning en de inhoudelijke quick scan die is uitgevoerd. Deze wordt gelijktijdig met dit document ook verstrekt aan de gemeenteraad van Uitgeest. Daarnaast vormen het eerdere bestuurskrachtonderzoek Uitgeest, de daarbij beschreven toekomstscenario’s en de hierbij gehouden Inwonerconsultatie belangrijke achtergrondinformatie. Al deze informatie is vindbaar op de website van de gemeente Uitgeest.
4.
2. Randvoorwaarden voor bestuurlijke fusie In dit hoofdstuk worden de randvoorwaarden beschreven die door de wetgever worden gesteld aan een bestuurlijke fusie. Daarnaast worden randvoorwaarden beschreven die Uitgeest zelf (op basis van het gesprek tussen raad en college) wil stellen aan fusiescenario’s.
2.1 Typen herindelingen en formele procedure Artikel 123 van de Grondwet bepaalt dat gemeenten bij wet worden opgeheven en ingesteld, en dat de wet de wijziging van provinciale en gemeentelijke grenzen regelt. Dit grondwetsartikel is uitgewerkt in de Wet algemene regels herindeling (Wet arhi). De wet onderscheidt de volgende varianten voor een bestuurlijke fusie of herindeling: 1. Reguliere samenvoeging: bij deze herindelingsvariant worden alle betrokken gemeenten opgeheven en wordt een nieuwe gemeente ingesteld. 2. Lichte samenvoeging: hierbij wordt één van de betrokken gemeenten niet opgeheven en worden de andere betrokken gemeenten wel opgeheven en geïntegreerd met de niet op te heffen gemeente, waardoor de rechtsgevolgen die zijn verbonden aan opheffing voor de niet op te heffen gemeente achterwege blijven1. 3. Grenswijziging: hierbij is sprake van een grenswijziging zonder opheffing of instelling van gemeenten. Indien de grenswijziging naar verwachting het inwonertal van geen van de betrokken gemeenten met 10% of meer zal doen toe- of afnemen, is sprake van een grenscorrectie. Als duidelijk is dat gemeenten willen herindelen, stellen de raden van de betrokken gemeenten gezamenlijk een herindelingsontwerp vast en zenden dit aan gedeputeerde staten (Art. 5 Wet Arhi). Burgemeester en wethouders leggen het herindelingsontwerp gedurende acht weken ter inzage op de gemeente.
Gedurende de termijn van terinzagelegging kan eenieder zijn zienswijze over het ontwerp kenbaar maken aan het college van burgemeester en wethouders. Het herindelingsontwerp wordt na de terinzagelegging – met de eventuele aanpassingen die zijn voortgekomen uit de ontvangen zienswijzen – omgezet in een herindelingsadvies dat eveneens door de raden wordt vastgesteld. Het herindelingsadvies wordt door gedeputeerde staten aan Onze Minister gezonden tezamen met de zienswijze van gedeputeerde staten. De provincie heeft niet de mogelijkheid het herindelingsadvies af te wijzen of niet door te sturen. De definitieve besluitvorming over een herindeling is de verantwoordelijkheid van de wetgever. De minister van BZK toetst het herindelingsadvies met de zienswijze van de provincie aan de Wet Arhi en het vigerende Beleidskader. Indien het herindelingsadvies door de minister van BZK positief wordt beoordeeld, agendeert de minister het in de ministerraad. Daarna gaat het naar de Raad van State en daarna naar de beide Kamers van de Staten Generaal. Vanwege de hiervoor beschreven procedure is het relevant om eerst te kijken in de wet welke randvoorwaarden er gelden voor een bestuurlijke fusie. Deze zal de gemeente Uitgeest moeten hanteren gedurende het hele proces van voorbereiding en het kiezen van een fusiepartner, zodat een voorstel hiervoor ook kans van slagen heeft.
1 De burgemeester, secretaris, griffier en het ambtelijk apparaat blijven in functie van een niet op te heffen gemeente en er is geen
preventief financieel toezicht op grond van artikel 21 Wet arhi. Daarnaast blijven rechtsvoorschriften van kracht. Er dienen wel herindelingsverkiezingen te worden georganiseerd.
5.
2.2 Randvoorwaarden vanuit de wetgever De Minister van BZK toetst het herindelingsadvies met de zienswijze van de provincie aan de Wet Arhi en het vigerende Beleidskader. In het beleidskader staan de volgende criteria: Draagvlak: lokaal bestuurlijk, regionaal en maatschappelijk In welke mate is sprake van, hoe is aandacht besteed aan en geïnvesteerd in lokaal bestuurlijk, maatschappelijk en regionaal draagvlak? •
•
•
Voorkeur voor voorstellen die op de steun van alle betrokken gemeenten en een zo groot mogelijke meerderheid van hun inwoners kunnen rekenen, maar unanimiteit is geen vereiste. In gevallen waar geen breed draagvlak is, vraagt het kabinet om een solide onderbouwing waarom herindeling toch gewenst is. Primair verantwoordelijkheid voor gemeenten om maatschappelijk draagvlak te beoordelen en erin te investeren. Daarvoor vraagt het kabinet aan de betrokken gemeenten in een logboek bij te houden op welke wijze inwoners en maatschappelijke organisaties betrokken zijn bij het herindelingsproces en op welke wijze het maatschappelijk draagvlak is vastgesteld, inclusief de ingediende zienswijzen. Gemeenten moeten van het kabinet ook omliggende of anderszins betrokken gemeenten uit nodigen om een zienswijze in te dienen.
Bestuurskracht Het kabinet vraagt in het herindelingsadvies onderbouwd uiteen te zetten welke opgaven ten aanzien van bestuurskracht bij de bestaande gemeenten spelen en hoe de voorgestelde herindeling tegemoet komt aan het gericht versterken van de bestuurskracht. Een herindeling zou kunnen bijdragen aan de volgende punten: • De gemeente is in staat adequate dienstverlening richting inwoners te organiseren en tot het leveren van de nodige bijdrage aan het realiseren van maatschappelijke opgaven die lokaal of in de regio aan de orde zijn. • De gemeente is responsief naar de samenleving. • De gemeente is in staat haar rol te pakken naar medeoverheden en maatschappelijke partners, bijvoorbeeld door in een keten of netwerk van organisaties te opereren die gezamenlijk aan een maatschappelijk gewenste situatie werken. • De gemeente is in staat haar maatschappelijke opgaven te vertalen naar een relevante uitvoeringsagenda, een samenwerkingsagenda of bijvoorbeeld een strategische beleidsagenda. • De gemeente heeft een professionele gemeentelijke organisatie (bestuurders met de juiste kwaliteiten en een ambtenarenapparaat dat in staat is om taken en verantwoordelijkheden adequaat uit te oefenen). • De organisatie van de gemeente is in personele zin robuust (weinig kwetsbaar) en in staat voldoende gekwalificeerd personeel aan te trekken.
• Het gemeentebestuur is in staat sturing te geven aan besluitvorming over, uitvoering van en verantwoording over beleid. • De gemeente is in de context van verdergaande gemeentelijke taakuitbreiding (decentralisaties) duurzaam in staat haar opgaven te formuleren en het hoofd te bieden. • De gemeente voert een gezonde financiële huishouding.
6.
Interne samenhang en nabijheid van bestuur Kent de nieuwe gemeente een interne samenhang en wat is de plek van buurten, dorpen en/of kernen? • •
•
Herindelingspartners hebben gemeenschappelijke kenmerken óf zijn complementair aan elkaar. Het kabinet acht het van belang dat de betrokken gemeenten de gemeenschappelijkheden en verschillen (en de verschillende belangen) onderkennen en hiervoor een passende besturingsfilosofie ontwikkelen. Dat kan bijvoorbeeld door in het herindelingsadvies te beschrijven op welke wijze de nieuw te vormen gemeente haar inwoners en gemeenschappen zal betrekken bij de vormgeving en uitvoering van beleid en de realisatie van opgaven. Belangrijk is dat het lokale bestuur ook in de toekomst responsief, nabij, betrokken en benaderbaar blijft. Van de nieuwe gemeente wordt daarom verwacht dat zij zich inzet om zoveel mogelijk de nabijheid van bestuur en betrokkenheid van inwoners te borgen en versterken.
Regionale samenhang Gemeente moeten in het herindelingsadvies in gaan op de gevolgen van de herindeling voor de samenwerkingsrelaties en eventuele andere bestuurlijke ontwikkelingen in de regio. Aanvullende criteria bij lichte samenvoeging In het geval voor een lichte samenvoeging wordt gekozen, gelden aanvullend twee criteria: • Er bestaat overeenstemming tussen de gemeenten over toepassing van de variant, blijkend uit het eensluidend vastgesteld herindelingsadvies. Het is van belang dat de gemeenten zich bewust zijn van de rechtsgevolgen van de herindelingsvariant en achter de keuze voor deze variant staan. • Er zijn afspraken gemaakt over de rechtspositie van het personeel, waarbij zoveel mogelijk wordt voorkomen dat de medewerkers van de op te heffen gemeente(n) in een nadeliger positie verkeren dan de medewerkers van de niet op te heffen gemeente.
2.3 Randvoorwaarden vanuit Uitgeest Op basis van de bestuurlijke verkenning, het bestuurskrachtonderzoek en gesprekken in het college en tussen college en gemeenteraad zijn er een aantal (aanvullende) randvoorwaarden die Uitgeest wil hanteren bij het onderzoeken van mogelijke fusiescenario’s. 1. Geen fusie op fusie. Uitgeest wil kiezen voor een robuuste bestuurlijke toekomst, waarbij de vraag over de bestuurskracht niet op korte termijn weer op tafel komt. Daarom is een fusie-opfusiescenario voor Uitgeest uitgesloten. Zo’n scenario is ook niet in het belang van de inwoners van Uitgeest omdat hun specifieke belang hierbij niet meer door de raad kan worden vertegenwoordigd bij een volgende fusie. Ook vraagt zo’n herhaalde fusie in een kortere tijd veel interne aandacht van de organisatie, wat niet in het belang is van de dienstverlening aan inwoners. Uitgeest wil daarom in één keer naar een situatie die op de langere termijn toekomstbestendig is. 2. Behouden van het tempo. Uitgeest heeft als eerste gemeente in de regio een stap voorwaarts gezet en uitgesproken dat bestuurlijke fusie op termijn wenselijk is, ook gelet op de maatschappelijke opgaven in Uitgeest. Het behouden van voortgang hierop is een wens van Uitgeest. Bestuurlijke fusietrajecten beslaan altijd meerdere jaren, maar het is in het belang van de inwoners van Uitgeest om deze periode zo kort mogelijk te houden. 3.
Een robuuste ambtelijke organisatie met eenduidige aansturing. Uitgeest wil niet in de situatie terechtkomen waar het nu inzit. Na een fusie moet de gemeente waar Uitgeest dan onderdeel van uitmaakt in de ogen van Uitgeest daarom zelf kunnen beschikken over de ambtelijke organisatie vanuit eenduidige aansturing. Deze ambtelijke organisatie moet voldoende robuust en bestuurskrachtig zijn. Deze randvoorwaarde specificeert het wettelijke kader over bestuurskracht.
7.
4. Een zo goed mogelijk resultaat op basis van de nota van kernkwaliteiten. Vanzelfsprekend wil Uitgeest een zo goed mogelijke fusie tot stand brengen voor de eigen opgaven, inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. In de nota van kernkwaliteiten heeft Uitgeest hiervoor de uitgangspunten geformuleerd die zij stelt aan een toekomstige gemeente. Uitgeest wil hierop een zo goed mogelijk resultaat bereiken. 5. Naast deze randvoorwaarden is voor Uitgeest ook van belang dat er in fusiescenario’s sprake is van een enigszins aansluitende regionale oriëntatie van bestuur en inwoners. Dit is een nadere specificering van wat de wetgever stelt over interne en regionale samenhang. Indien deze aansluiting niet overeenkomst tussen mogelijke fusiepartners acht Uitgeest een fusie weinig kansrijk.
2.4 Toetsingskader fusiescenario’s Op basis van het voorgaande ontstaat het volgende toetsingskader voor de mogelijke fusiescenario’s van Uitgeest. In het vervolg van deze notitie kan dit worden toegepast. Wettelijke randvoorwaarden
Uitgeester randvoorwaarden
1. Draagvlak
1. Geen fusie op fusie
2. Bestuurskracht
2. Behouden van het tempo
3. Interne samenhang en nabijheid bestuur
3. Robuuste ambtelijke organisatie met éénduidige aansturing
4. Regionale samenhang
4. Een zo goed mogelijk resultaat op basis van de nota van kernkwaliteiten 5. Aansluitende regionale oriëntatie van bestuur en inwoners
Dit toetsingskader kan in deze fase nog niet uitputtend worden toegepast. Er ontbreekt nog informatie (bijvoorbeeld over draagvlak en bestuurskracht), maar er is op basis van de verkenning en de quick scan wel een eerste beeld op basis waarvan de meest kansrijke fusiescenario’s naar voren komen.
8.
3. Fusiescenario’s In dit hoofdstuk worden alle mogelijke fusiescenario’s beschreven. Deze worden vervolgens langs de randvoorwaarden (wettelijk en Uitgeester) gelegd en hierop getoetst. Op deze wijze wordt toegewerkt naar de op dit moment meest kansrijke scenario’s op basis van de bevindingen uit de verkenning.
3.1 Overzicht mogelijke scenario’s In het onderstaande overzicht hebben we alle (theoretisch) mogelijke fusiescenario’s voor Uitgeest op een rij gezet. Het geeft beeld zoals dat vooraf aan de bestuurlijke regionale verkenning op te stellen is. Richting IJmond Met Heemskerk Met Heemskerk en Beverwijk Met Heemskerk, Beverwijk en Velsen Richting Zaanstreek – Waterland Met Zaanstad Met Wormerland, Oostzaan, Landsmeer (WOL) Met Zaanstad en de WOL Richting BUCH Met Castricum Met Castricum en Heiloo Met Castricum, Heiloo en Bergen NH (BUCH) Richting Alkmaar Met Alkmaar Met Alkmaar + Heiloo en/of Bergen NH Over regio’s Met Heemskerk en Castricum Met Heemskerk, Castricum en Heiloo In de hierna volgende paragrafen lopen we deze scenario’s af om te komen tot de meest kansrijke scenario’s.
9.
3.2 Fusiescenario’s in het licht van de regionale bestuurlijke verkenning In de bestuurlijke verkenning zijn vanuit de verschillende gemeenten uitspraken gedaan over de haalbaarheid van scenario’s en de mate waarin gemeenten hier ook voor openstaan. Op basis hiervan is de onderstaande analyse voor de verschillende fusierichtingen tot stand gekomen.
3.2.1 Richting de IJmond Uit de bestuurlijke verkenning blijkt dat gemeenten uit de IJmond zich verschillend oriënteren op de bestuurlijke toekomstscenario’s in deze regio. • Heemskerk wil alleen met Uitgeest fuseren en op de dan ontstane schaal een gemeente vormen die toekomstbestendig is. Heemskerk is voorstander van een fusie met twee gemeenten. Een derde gemeente maakt het proces complexer en maakt het ingewikkelder om een lichte herindeling te doen. • Beverwijk staat open om na te denken over een fusie met Uitgeest, maar verwacht dat een fusie tussen alleen Beverwijk en Uitgeest niet genoeg is om meer kracht te ontwikkelen. Een fusie van Uitgeest met alleen Heemskerk ziet Beverwijk daarom als gemiste kans. • Velsen staat open voor fusie met Uitgeest, maar heeft op termijn een volledige IJmond-gemeente (inclusief Beverwijk en Heemskerk) voor ogen. Een fusie met Uitgeest is hiertoe een eerste stap. Aandachtspunten bij de randvoorwaarden Omdat gemeenten verschillende toekomstscenario’s in gedachten hebben zijn er de volgende aandachtspunten bij de randvoorwaarden in deze richting: • Tempo: Een grotere fusiebeweging in de regio IJmond is niet op korte termijn te voorzien, hiervoor moeten meerdere gemeente nog een aantal stappen zetten. Een fusie met meer gemeente dan één in deze richting is daarom op dit moment niet kansrijk.
• Fusie op fusie: Door de wisselende bestuurlijke visies over de toekomst in de regio is er een grote(re) kans dat er een fusie-op-fusie proces ontstaat waarvan Uitgeest de aanjager is, maar zelf niet het grootste belang bij heeft. • Interne en regionale samenhang: Bij een fusie met een gemeente die niet direct grenst aan Uitgeest op dit moment (Beverwijk of Velsen) is het lastig uitlegbaar hoe de interne en regionale samenhang wordt georganiseerd in zo’n fusievoorstel. Kansrijke scenario’s Vanuit het voorgaande komt er in deze richting één kansrijk scenario naar voren: 1. Een fusie tussen de gemeente Heemskerk en gemeente Uitgeest
3.2.2 Richting Zaanstreek – Waterland Uit de bestuurlijke verkenning blijkt dat de gemeenten in Zaanstreek – Waterland waarmee is gesproken zich op dit moment verschillend oriënteren op hun bestuurlijke toekomst. • Wormerland is met Oostzaan en Landsmeer zich aan het oriënteren op de bestuurlijk toekomst. Een recent rapport laat zien dat niet richting Uitgeest wordt gedacht en de vraag is ook of dit bestuurskrachtig genoeg zou zijn. De richting is nu oostelijk: Purmerend, Edam-Volendam of Amsterdam. • Zaanstad staat open voor een bestuurlijke fusie als Uitgeest hiertoe zelf het initiatief neemt. Hierbij wil Zaanstad wel ook de bredere regio Zaanstreek – Waterland bezien en niet meerdere malen fusietrajecten doorlopen.
10.
Aandachtspunten bij de randvoorwaarden Vanuit de verkenning komen de volgende aandachtspunten naar voren bij de randvoorwaarden. • Tempo. Het proces dat Wormerland loopt is op dit moment niet georiënteerd richting Uitgeest. Wachten op de uitkomsten hiervan zou veel tijd kosten en is vooralsnog niet erg kansrijk, ook gelet op bestuurskracht. • Fusie op fusie. Vanuit Zaanstad wordt de deur breder dan voor Uitgeest open gehouden, gelet op de ontwikkelingen in Zaanstreek-Waterland. Een grotere fusie of fusie-op-fusie blijft daardoor mogelijk. Uitgeest heeft daar nu geen invloed op. • Regionale oriëntatie. De bestuurlijke en regionale oriëntatie van Zaanstad wijkt significant af van de bestuurlijke regionale oriëntatie van Uitgeest op dit moment. Ook de oriëntatie van inwoners van Uitgeest is weinig op Zaanstad gericht. Kansrijke scenario’s Vanuit het voorgaande komt er in deze richting geen kansrijk scenario naar voren.
3.2.3 Richting de BUCH Uit de verkennende gesprekken met de drie andere BUCH gemeenten blijkt dat de gemeenten zich in verschillende stadia van hun oriëntatie op de bestuurlijke toekomst bevinden. • Castricum heeft de voorkeur uitgesproken voor een bestuurlijke fusie met Heiloo en Uitgeest samen, waarbij één ambtelijke organisatie wordt ingericht die ten dienste staat aan deze nieuwe gemeente. • Heiloo heeft zojuist een bestuurskrachtonderzoek afgerond en oriënteert zich op verschillende mogelijke toekomstscenario’s. Hierover moet de raad nog een besluit nemen. Bestuurlijke fusie met één of meer (BUCH-)gemeenten behoort tot de mogelijkheden. • Bergen NH heeft in de afgelopen periode veel aandacht gegeven aan het bestuurlijke samenspel binnen de eigen gemeente. De raad oriënteert zich op dit moment op de wijze waarop hij wil gaan nadenken over de bestuurlijke toekomst. Aandachtspunten bij de randvoorwaarden • Tempo. Vanwege de nu nog verschillende mate waarin gemeenten zelf een helder beeld hebben over de bestuurlijke toekomst van hun gemeente is het tempo een aandachtspunt. • Fusie op fusie. Door de huidige tempoverschillen bestaat er de kans dat een fusie-op-fusie scenario in beeld komt. Het vinden van het juiste tempo is daarom belangrijk voor draagvlak. • Robuuste ambtelijke organisatie met eenduidige aansturing.
De huidige BUCH organisatie waarin meerdere gemeenten deelnemen voldoet niet aan de randvoorwaarde van Uitgeest voor de bestuurlijke toekomst. In deze richting is dit het grootste aandachtspunt voor de scenario’s. Kansrijke scenario’s Vanuit het voorgaande komt er in deze richting het volgende kansrijke scenario naar voren: 1. Een fusie tussen de gemeenten Castricum, Heiloo en Uitgeest. Hierbij moet dan één gemeentelijke organisatie ontstaan die voor deze nieuwe gemeente werkt.
3.2.4 Richting Alkmaar Uit het verkennende gesprek met Alkmaar blijkt dat Alkmaar openstaat voor een fusie met Uitgeest. ● Alkmaar staat open voor fusie met Uitgeest. Uitgeest wordt dan onderdeel van Alkmaar. ● Bergen NH en Heiloo hebben nog geen voorkeur uitgesproken, een toekomstige fusie met Alkmaar zou voor deze gemeenten tot één van de mogelijkheden kunnen horen.
11.
Aandachtspunten bij de randvoorwaarden Vanuit de verkenning en de quick scan komen de volgende twee aandachtspunten naar voren. • Interne samenhang en nabijheid van bestuur. Een fusie met de gemeente Alkmaar is een fusie met een aangrenzende gemeente, maar hierbij ligt het bestuurscentrum van deze gemeente wel op een (grotere) afstand van Uitgeest. • Aansluitende regionale oriëntatie van bestuur en inwoners. Vanuit de inwonerconsultatie weten we dat inwoners vanuit Uitgeest wel richting Alkmaar oriënteren, maar minder dan op meer nabijgelegen kernen. De bestuurlijke oriëntatie van Uitgeest is op dit moment wel sterker op het noorden gericht. Kansrijke scenario’s Vanuit het voorgaande komt er in deze richting één kansrijk scenario naar voren. 1. Een fusie tussen de gemeente Alkmaar en de gemeente Uitgeest.
3.2.5 Over regio’s Een mogelijkheid die nog niet veel is genoemd is een fusie waarbij huidige regionale scheidslijnen worden overschreden door andere gemeenten dan Uitgeest. Het gaat hierbij over een fusie waaraan naast Uitgeest ook Castricum en Heemskerk deelnemen. • Heemskerk staat op dit moment in principe alleen open voor een fusie met Uitgeest en wil dit liever niet doen met een derde gemeente. • Castricum heeft de voorkeur uitgesproken voor een fusie met Uitgeest en Heiloo. Aandachtspunten bij de randvoorwaarden • Tempo. Omdat deze variant op dit moment niet als eerste optie wordt genoemd door Heemskerk en Castricum zal waarschijnlijk de nodige tijd kosten. • Draagvlak. Er is op dit moment geen bestuurlijk draagvlak gezien voor een dergelijke variant bij de andere twee benodigde fusiepartners. Kansrijke scenario’s Vanuit het voorgaande komt er in deze richting geen kansrijk scenario naar voren.
12.
3.3 Kansrijke scenario’s en hun aandachtspunten Vanuit de voorgaande paragraaf zijn er drie scenario’s die op basis van de randvoorwaarden het meest kansrijk zijn. De onderstaande volgorde in deze varianten is niet hiërarchisch. Bij elk van de scenario’s zijn op basis van de randvoorwaarden aandachtspunten meegegeven.
3.3.1 Uitgeest fuseert met Alkmaar Bij een fusie van Uitgeest met Alkmaar kan worden uitgegaan van een ‘lichte herindeling’, gelet op het verschil in omvang tussen beide gemeenten (opgeteld 126.500 inwoners). In dit scenario zal Uitgeest uittreden uit de BUCH en (vooruitlopend op bestuurlijke fusie) ambtelijk worden bijgestaan vanuit Alkmaar. De bestuurskracht zal ook gelet op de omvang van Alkmaar geen probleem zijn. Er is een robuuste ambtelijke organisatie met eenduidige aansturing. Belangrijke aandachtspunten bij verder onderzoek van dit scenario betreft in elk geval draagvlak bestuurlijk en ook vanuit de inwoner, omdat dit scenario tot op heden niet bij iedereen op het netvlies stond. Dit volgt ook in het aspect interne samenhang en nabijheid van bestuur. Dit zal nader moeten worden besproken. Alkmaar heeft vanuit de eerdere fusie (Graft – De Rijp en Schermer) ervaring met deze opgave. Vanuit de regionale samenhang bezien is de oriëntatie bij deze keuze noordelijk, de meeste samenwerkingsverbanden van Uitgeest zijn hierop al gericht, zij het vanuit de BUCH. De grootste ontvlechting betreft de Veiligheidsregio waar Uitgeest nu deel vanuit maakt. Nader bezien moet worden hoe Alkmaar kan aansluiten bij de kernkwaliteiten van Uitgeest. De oriëntatie van het bestuur is weliswaar naar de regio Alkmaar, die van inwoners allereerst meer naar het westen.
Binnen het huidige bestuurlijke speelveld lijkt het mogelijk dat Uitgeest tempo kan houden en niet terechtkomt in een fusie-op-fusiescenario. Hoewel dit laatste niet op voorhand kan worden uitgesloten, gelet op de nog lopende oriëntatie van Bergen NH en Heiloo.
3.3.2 Uitgeest fuseert met Heemskerk Een fusie tussen Uitgeest en Heemskerk (opgeteld 52.500 inwoners) is geografisch en qua regionale samenhang en oriëntatie een keuze die goed te volgen is. Vanuit Heemskerk is hiervoor bereidheid, wat kan leiden tot een draagvlak. Deze mogelijke fusiepartner wil geen fusie-op-fusie en is bereid om het tempo daarmee hoog te houden voor Uitgeest. De interne samenhang en nabijheid van bestuur kan tussen beide gemeenten goed worden georganiseerd, zij het dat Heemskerk op dit moment niet uit meerdere kernen bestaat en daarmee ervaring heeft. Heemskerk beschikt over een ambtelijke organisatie met eenduidige aansturing. Een aandachtspunt bij verder onderzoek is de robuustheid en bestuurskracht van een toekomstige gemeente en of deze op de langere termijn ook genoeg toekomstbestendigheid heeft. Ook de hiervoor benodigde uittreding uit de BUCH en de consequenties van regionale heroriëntatie zijn hierbij een aandachtspunt. Nader bezien moet worden hoe Heemskerk kan aansluiten bij de kernkwaliteiten van Uitgeest.
3.3.3 Castricum, Heiloo en Uitgeest fuseren tot een nieuwe gemeente Een nieuwe gemeente die ontstaat vanuit Castricum, Heiloo en Uitgeest (opgeteld 74.500 inwoners). Dat is het perspectief van dit scenario. Vanuit Castricum is hiervoor reeds bestuurlijk draagvlak uitgesproken, in Heiloo is dit nog niet aan de orde. Verder gesprek over draagvlak zal dus nodig zijn. Deze nieuwe fusiegemeente zou voldoende schaal moeten kunnen organiseren om robuust en bestuurskrachtig te kunnen zijn. Hierbij is er wel een forse opgave voor de ambtelijke organisatie, om deze met eenduidige aansturing in te richten. Hierbij moeten gesprekken gevoerd worden hoe dit zich verhoudt tot de huidige samenwerking in de BUCH en de deelname van Bergen NH hieraan. Een aandachtspunt voor dit scenario is het fusie-op-fusie risico. Voor Uitgeest ligt binnen de randvoorwaarden een fusie met alleen Castricum niet voor de hand. Behoud van tempo is mede
13.
afhankelijk van de stappen die Heiloo in de komende tijd zet. Deze grotere fusievariant vraagt naar verwachting wel meer tijd gelet op de complexiteit van drie partners. Qua oriëntatie in de regio, bestuurlijk en vanuit inwoners is een fusie met Castricum en Heiloo een goede mogelijkheid. Hoewel voor de oriëntatie van Uitgeesters niet erg op Heiloo is gericht. Veel van de huidige samenwerkingsverbanden van de gemeente sluiten wel aan, de grootste ontvlechtingen betreffen de veiligheidsregio en mogelijk (transitie van) de BUCH werkorganisatie. Nader bezien moet worden hoe een nieuwe gemeente vanuit Castricum, Heiloo en Uitgeest kan aansluiten bij de kernkwaliteiten van Uitgeest. Het proces wat hierdoor tot stand komt biedt wel de mogelijkheid om hierover mee te praten en kent reeds de verscheidenheid van de verschillende dorpen. De interne samenhang en nabijheid van bestuur kan ook op deze principes een plek krijgen in de verschillende kernen, er ontstaat een meerkernige gemeente, waarbij Uitgeest één van de grotere kernen is.
14.
4. Inrichting vervolgproces 4.1 Onderzoek van scenario’s Het beleidskader en de wet Arhi schetsen niet hoe gemeenten tot een herindelingsontwerp moeten of kunnen komen. Ook is niet vastgelegd hoe gekomen kan worden tot een gewenste fusiepartner. Van dit proces zijn wel voorbeelden in de nabije bestuurlijke geschiedenis op een rij te zetten. We zien daarin een drietal hoofdroutes voor zo'n proces. 1. Beste voorstel: een aantal (geïnteresseerde) gemeenten wordt uitgenodigd om een voorstel te doen en op basis hiervan kiest de gemeenteraad van de gemeente die een fusiepartner zoekt het 'beste voorstel' uit. Hierna wordt een herindelingsontwerp gemaakt samen met deze gemeente. 2. Enkelvoudige selectie: er is maar één logische fusiepartner en deze wordt door de gemeente uitgenodigd om gezamenlijk een fusievoorstel uit te werken. 3. Scenario onderzoek: een gemeente werkt zelf of in samenwerking met potentiële fusiepartners een aantal scenario's uit en maakt hieruit vervolgens een keuze. Daarna volgt het proces waarbij in gezamenlijkheid een fusievoorstel wordt uitgewerkt. Vanuit de gemeenten waarmee in de bestuurlijke verkenning is gesproken is aangegeven dat de eerste variant geen wenselijke optie is. Het nadeel dat hierin geen gelijkwaardige samenwerking aan de start van een fusieproces ontstaat weegt hierin ook voor Uitgeest meer.
De variant van enkelvoudige selectie is voor Uitgeest (gelet op meerdere kansrijke scenario’s) niet aan de orde. Daarom is een scenario onderzoek voor de hand liggend. Ook gelet op de verscheidenheid van de verschillende fusiescenario’s. De wijze van onderzoek vergt voordat dit onderzoek van de scenario’s start een nadere uitwerking. Dit moet ook worden besproken met de andere gemeenten.
4.2 Opstellen onderzoekskader en onderzoeksplan Om op een goede manier een verdiepend onderzoek te kunnen doen naar de meest kansrijke scenario’s voor een bestuurlijke fusie is het volgende nodig. • Allereerste moet de gemeenteraad van Uitgeest de meest kansrijke scenario’s vaststellen zodat hierover helderheid ontstaat. • Daarna is uitwerking van een onderzoekskader nodig. Gelet op de manier van samenwerken tussen college en raad van Uitgeest in het traject tot op heden is het logisch dat de raad en het college dit in samenspraak doen. De raad kan dit kader hierna vaststellen • Het onderzoekskader bepaald wat de raad van Uitgeest nog wil weten voordat zij een besluit tussen de fusiescenario’s kan nemen. Elementen van dit onderzoekskader kunnen zijn: o De nota van kernkwaliteiten als inhoudelijk kader om te vergelijken voor de scenario’s wat de best mogelijke fusie is die Uitgeest kan bereiken voor haar inwoners. o Een vergelijking van beleidsmatig, organisatorische en financiële consequenties van elk van de fusiescenario’s. Juist omdat deze van elkaar verschillen vraagt dit aandacht. o Onderdeel van een verdiepend onderzoek is ook betrokkenheid van de gemeentebesturen, nadere kennismaking en gesprek over een mogelijke fusie. Uiteindelijk moet de verdieping leiden tot een bestuurlijk commitment met draagvlak.
Daarover moet helderheid komen of dit bij elk van de scenario’s te realiseren is. o Draagvlak onder inwoners is belangrijk, dus ook zij moeten door elke betrokken gemeente worden meegenomen in dit proces.
15.
•
• •
Op basis van het onderzoekskader kan het college een onderzoeksplan opstellen. Dit moet ook met de verschillende te onderzoeken fusiepartners worden afgestemd, want dit vergt van hen ook een bijdrage. Ook de BUCH organisatie zal hierin een rol hebben. Daarnaast zullen mogelijk meerdere onderzoek gelijktijdig lopen, dit vergt voorbereiding en coördinatie van het proces. Na vaststelling van het kader en het plan kan de uitvoering van het verdiepend onderzoek starten. Afhankelijk van de andere partners zou in Q4 2025 nog een resultaat hiervan kunnen worden voorgelegd aan de gemeenteraad van Uitgeest (en een of meer andere raden).
4.3 Opstellen participatieplan Het gemeentebestuur van Uitgeest wil zijn inwoners in de fase van scenariokeuze graag intensief raadplegen en betrekken. Deze fase is in het fusieproces voor inwoners misschien wel het meest relevant, hierin wordt de keuze voor de toekomstige gemeente van Uitgeesters gemaakt. In samenspraak tussen gemeenteraad en college wordt daarom eerst een participatieplan uitgewerkt. Het uitgangspunt hiervoor is dat de gemeenteraad uiteindelijk een besluit moet nemen. Het participatieniveau van dit traject (zie participatiebeleid Uitgeest) is dus adviserend aan de gemeenteraad. Hierbij wordt uiteraard ook ruimte geboden aan de gebruikelijke vormen van inspraak in het besluitvormingsproces, maar Uitgeest wil intensievere betrokkenheid organiseren. In het participatieplan worden hiervoor de middelen en werkwijze bepaald. De vaststelling van het participatieplan is gelijktijdig met het onderzoekskader voorzien.
4.4 Vervolgstappen en planning Het voorgaande leidt tot de volgende stappen en planning die Uitgeest kan doorlopen. Periode
Wat
Wie
April ‘25
Besluitvorming over de scenario’s in de raad van Uitgeest
Gemeenteraad
April – mei ‘25
Voorbereiding verdiepend onderzoek • Opstellen onderzoekskader en bespreking hiervan tussen gemeenteraad en college; • Opstellen onderzoeksplan en uitwerking hiervan in overleg met: mogelijke fusiepartners, BUCH organisatie; • Opstellen participatievarianten en bespreking hiervan tussen gemeenteraad en college. Uitwerking in plan. • Voorbereiden fase van verdiepend onderzoek
College, ambtelijke organisatie en gemeenteraad
Vastellen onderzoekskader en participatieplan De gemeenteraad stelt onderzoekskader en participatieplan vast.
Gemeenteraad
Juni ‘25
Start uitvoering verdiepend onderzoek Het college en de ambtelijk opdrachtgever gaan aan de slag met de uitvoering van het verdiepend onderzoek. De gemeenteraad zal in deze fase ook actief worden betrokken bij gesprekken.
Q4 ‘25
Formeel principebesluit
College Ambtelijke organisatie Gemeenteraad Gemeenteraad
16.