Speel- en sportbeleid in de openbare ruimte
Tekst van het document
Spelen en sporten in de openbare ruimte
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave.....................................................................................2 Inleiding ...............................................................................................3 Hoofdstuk 1: Doel en positionering .......................................................4 Hoofdstuk 2: Belang van splelen, sporten en bewegen ...........................6 Hoofdstuk 3: Analyse ............................................................................7 Hoofdstuk 4: Visie en uitgangspunten ................................................. 15 Hoofdstuk 5: Uitvoerings-programma.................................................. 21 Hoofdstuk 6: Financiën ....................................................................... 26 Bronnenlijst........................................................................................ 28 Bijlages: ............................................................................................. 29 Bijlage A: Multi Criteria Analyse ........................................................... 30 Bijlage B: Output enquête ................................................................... 31 Bijlage C: Barrière-analyse en visiekaart .............................................. 32
2
Inleiding Leeswijzer
I
Spelen en sporten is goed voor de gezondheid, sociale contacten, mentaal en fysiek welzijn en persoonlijke ontwikkeling. We willen dat alle inwoners van gemeente Beesel met plezier kunnen spelen, sporten en elkaar kunnen ontmoeten in de openbare ruimte. Hiervoor is het belangrijk dat de openbare ruimte aantrekkelijk is, motiveert tot samenkomen, de jeugd goede mogelijkheden heeft tot spelen en dat er voor alle leeftijden voldoende toegankelijk aanbod is om te sporten in de openbare ruimte.
In hoofdstuk 1 wordt het doel van het beleid uitgewerkt, bepalen we de scope en beschrijven we kort het doorlopen proces. In hoofdstuk 2 wordt uitgelegd waarom spelen, sporten en bewegen van belang is. De analyse van de huidige situatie, ontwikkelingen, wetenschappelijke bronnen en de uitkomsten van de participatie worden in hoofdstuk 3 uitgewerkt. In hoofdstuk 4 beschrijven we onze visie en uitgangspunten. Hoofdstuk 5 bevat het uitvoeringsprogramma en in hoofdstuk 6 maken we hiervan de financiële doorvertaling.
Dit speel- en sportbeleid biedt handvatten voor het realiseren en renoveren van openbare speel- en sportvoorzieningen. Het realiseren van deze openbare voorzieningen gaat hand in hand met het toekomstbestendig inrichten van de openbare ruimte. Hittestress door verstening, biodiversiteit, klimaatadaptatie, droogte maar ook wateroverlast zijn ontwikkelingen die in het fysieke domein om een nieuwe ontwerpaanpak vragen. Ook maatschappelijke opgaven zoals de vergrijzing, leefbaarheid en gezondheid dienen te worden meegenomen in ontwerpopgaves in de openbare ruimte. Door gebruik van jeugdmonitors is een daling te zien in de beweegrichtlijn van 19% in 2019 naar 16% in 2021 (CBS en VWS). Door middel van dit beleid en het bestaande Sportakkoord van gemeente Beesel willen wij deze dalende lijn doorbreken. De stabiele lijn van 53% (2016 en 2020) (Samen Fit: Sportakkoord 2023-2026) van volwassenen en ouderen die voldoen aan de beweegrichtlijn willen we handhaven en waar nodig verbeteren.
3
Hoofdstuk 1: Doel en positionering
1.1 Doel van het beleid
Het doel van dit beleid is om te komen tot een netwerk van speel- en sportvoorzieningen in de openbare ruimte die voor lange termijn in stand gehouden kunnen worden. Daarmee doet het beleid uitspraken over het aantal locaties, de spreiding en geeft kaders voor de invulling ervan. Dit beleid geldt voor de realisatie van nieuwe speel- en sportvoorzieningen in de openbare ruimte als ook voor renovatie van bestaande voorzieningen in de openbare ruimte.
1.2 Positionering Dit beleid is kaderstellend voor de realisatie en renovatie van speel- en sportvoorzieningen en bouwt daarmee voort op het bestaande Sportakkoord van gemeente Beesel (2023-2026). De doelen die in het Sportakkoord zijn benoemd die betrekking hebben op de openbare ruimte zijn in dit beleid verder uitgewerkt.
1.3 Rol van de gemeente Gemeente Beesel heeft binnen het speel- en sportbeleid in de openbare ruimte de rol van uitvoerder. Dit houdt in dat gemeente Beesel de realisatie, exploitatie en het beheer van de speel- en sportvoorzieningen in de openbare ruimte op zich neemt. Ook kan de gemeente Beesel de rol van facilitator op zich nemen. Hierbij draagt de gemeente enkel een ondersteunende rol. Dit komt voor wanneer er vanuit de gemeenschap een initiatief wordt opgestart. Bij gemeenschapsinitiatieven kijkt de gemeente mee of er mogelijkheden tot subsidie zijn. Ook bepaalt de gemeente per
gemeenschapsinitiatief of er een vorm van wederkerigheid wordt gehanteerd.
1.4 Afbakening Dit beleid gaat over de openbare speel- en sportvoorzieningen in gemeente Beesel. Buiten de scope vallen: sportverenigingen en bijbehorende sportvelden omdat deze niet openbaar toegankelijk zijn, niet (volledig) openbare speel- en sportplekken zoals schoolpleinen en commerciële speel- en sportplekken. Ook buiten de scope vallen: parkjes en groenplekken met parkinrichtingen zoals stapstenen, boomstamschijven en stappaaltjes. Hier kan wel gespeeld worden, maar deze worden niet gecategoriseerd als speelplek. Uitspraken over inspectie en onderhoud maken geen onderdeel uit van dit beleid.
1.5 Proces Het opstellen van dit beleid is begonnen met een inventarisatie van de huidige situatie. Tegelijkertijd is er onderzoek gedaan naar wetenschappelijke bronnen, trends en ontwikkelingen rondom het spelen en sporten in de openbare ruimte. De huidige situatie is daarna objectief getoetst op basis van wetenschappelijke bronnen, trends en ontwikkelingen in een Multi Criteria Analyse (bijlage 1). De concept visie is vormgegeven op basis van deze onderzoeken, de Multi Criteria Analyse en het participatieproces. Na de raadswerkvergadering is deze visie aangepast en aangescherpt tot de definitieve visie die nu voorligt. Ook is een uitvoeringsprogramma opgesteld en bijgevoegd.
4
Bij het opstellen van dit beleid heeft een uitvoerig participatieproces plaatsgevonden. Op verschillende momenten en op verscheidene manieren is contact gelegd met basisscholen en de middelbare school, inwoners van alle leeftijden, ondernemers en stakeholders van de gemeente om te participeren in de totstandkoming van dit beleid.
In gesprek met scholen
Op verschillende basisscholen zijn we in gesprek gegaan met kinderen tussen de 6 en 12 jaar oud. Wij hebben meegedaan aan het programma van KERNgezond en zijn ook met een aantal kinderen naar speelplekken in de buurt van de basisschool gegaan om op te halen waar kinderen graag mee spelen en waar ze behoefte aan hebben. Ook hebben de basisscholen meegedaan aan het DemocraCity spel van ProDemos. Bij dit programma zijn wij aangehaakt en hebben onze concept visie punten toen al kunnen toetsen bij drie basisscholen.
Inwonersavonden en online-enquête
Op de twee georganiseerde inwonersavonden zijn wij in gesprek geweest met bewoners van de gemeente over speel- en sportplekken. Hier is gesproken over de onderstaande thema’s en is de behoefte gepeild. Daarnaast was er een enquête beschikbaar waar onderstaande thema’s ook in terug kwamen: - Schone en veilige leefomgeving; - Elkaar ontmoeten; - Natuurlijk en informeel spelen; - Groen, hittestress en droogte; - Inclusiviteit en toegankelijkheid.
Zorggroep, PSW en wandelclub
De behoeften van ouderen hebben wij op een aantal manieren gepeild: wij zijn een ochtend meegegaan met de wandelclub van Beesel en zijn wij bij zorggroep Bosdael een ochtend aangesloten bij het beweeg programma. Met PSW (Pedagogisch Sociaal Werk) zijn we in gesprek geweest om behoeften voor mensen met een beperking op te halen.
Raadswerkvergadering
Tijdens een raadswerkvergadering op 11 november 2024 is de gemeenteraad meegenomen in het proces en zijn de huidige situatie, participatie en de uitkomsten daarvan besproken en hoe deze aspecten hebben geleid tot een concept visie. Deze concept visie is besproken aan de hand van stellingen met de thema’s: - Spreiding van speel- en sportplekken in de openbare ruimte; - Inclusiviteit en toegankelijkheid; - Ruimte voor eigen spel; - Het aanpakken van speel- en sportplekken: projectmatig of toestelmatig; - Klimaatadaptatie en biodiversiteit.
5
Hoofdstuk 2: Belang van spelen, sporten 2.1 De essentie van en bewegen (kunnen) spelen, sporten en bewegen Kunnen spelen en sporten is belangrijk voor elke leeftijd. Het draagt bij aan de lichamelijke en mentale gezondheid, daarnaast is sporten doorgaans een sociale activiteit. Spelen en sporten is vooral belangrijk om de intellectuele, sociale, emotionele en fysieke ontwikkeling van het kind te ondersteunen. Kunnen spelen en sporten is van belang voor een goede ontwikkeling, voor jong en oud. Uit meerdere onderzoeken blijkt dat kinderen en jeugd te weinig bewegen. Tegenwoordig zitten kinderen gemiddeld 7,2 uur per dag tot zelfs 9,7 uur per dag, waarbij op een weekenddag gemiddeld 6,1 tot 8,8 uur. In de leeftijd van 12 tot 18 jaar voldeed maar 39,3% aan de beweegnorm in 2023. Zo sporten zij wekelijks 5,4 uur waarvan 1,8 uur op school (CBS en VWS). Tegenwoordig spenderen we meer tijd binnen en zijn we druk bezig met onze telefoon, laptop of kijken we televisie. Toch is het van belang dat iedereen voldoende beweegt. Bewegen kent namelijk veel positieve effecten, zowel op de fysieke als de mentale gezondheid (Pal, Vervoort, & Klaassen, 2021) (Beck & Willemsen, 2022). Door veelzijdig te bewegen ontstaat een beter aanpassingsvermogen, de creativiteit wordt bevorderd en wordt het risico op chronische ziekten alsook hart- en vaatziekten verminderd.
Daarnaast levert bewegen een positieve bijdrage aan aerobe fitheid, spierkracht en botkwaliteit. Deze gezondheidsverbeteringen vertalen zich vervolgens ook in financiële waarden: wanneer iemand structureel sport of beweegt, kan dit tot € 75.000 aan maatschappelijke waarde per persoon opleveren, over de rest van zijn/haar leven (van der Maat & Butselaar, 2019).
Spelen en sporten doe je vaak niet alleen, zo leer je op elke leeftijd nieuwe mensen kennen. Door te sporten bouw je assertiviteit, moed en zelfbeheersing op. (Pal, Vervoort, & Klaassen, 2021) Ook bouwen kinderen zelfdiscipline en persoonlijke verantwoordelijkheid op en leren ze communiceren en samenwerken met anderen (Beck & Willemsen, 2022). Zo brengt sporten emotionele, persoonlijke en sociale waarden met zich mee. Spelen, sporten en bewegen doe je vanzelfsprekend in een uitnodigende openbare ruimte. Het is dus van belang dat de openbare ruimte voldoende aansluit op de behoeften en een zo positief mogelijke bijdrage levert.
2.2 Het belang voor het woon- en leefklimaat Een gezonde woon- en leefomgeving stimuleert inwoners om hun gezondheid te verbeteren. Een klimaatbestendige, groene omgeving, met kwalitatief goede voorzieningen die voldoen aan de behoefte en die voor iedereen toegankelijk zijn. Alle aspecten van de openbare ruimte hebben effect zowel op de fysieke als de mentale gezondheid. Om dit wetenschappelijk te onderbouwen wordt het model Positieve Gezondheid van het Institute for Positive Health (IPH) gebruikt. Het belang van buiten spelen en bewegen is van vitaal belang voor de gezondheid, zowel fysiek als mentaal, van de inwoners. De openbare ruimte moet voldoen aan verschillende criteria om een optimale ontwikkeling en behoud van kwaliteit van leven te waarborgen. Zo moet de openbare ruimte divers aanbod bieden aan speel- en sportmogelijkheden, toegankelijk en inclusief zijn en veelzijdig groen en voldoende schaduw en rust plekken bieden.
6
Hoofdstuk 3: Analyse
3.1 Trends ontwikkelingen
en
Woningbouwambitie
Gemeente Beesel heeft in 2023 de Woonzorgvisie vastgesteld. In de Woonzorgvisie wordt een groei verwacht van 120 extra woningen in basisscenario en 330 extra woningen in het migratiescenario. Dit resulteert in de woningbouwambitie die de gemeente heeft vastgesteld; namelijk het bouwen van 500 woningen vóór 2033 (Gemeente Beesel, 2025). Om invulling te geven aan deze ambitie worden nieuwe woningbouwlocaties ontwikkeld.
Inclusiviteit en toegankelijkheid
De afgelopen jaren is er meer aandacht voor inclusiviteit in de samenleving. Iedereen moet mee kunnen doen, en openbare voorzieningen moeten toegankelijk zijn voor iedereen. Ook op speel- en sportplekken werkt deze ontwikkeling door. Bewegen is voor mensen met een beperking niet vanzelfsprekend (Steenbergen, 2021). Deze doelgroep heeft over het algemeen extra hulp nodig om aan de beweegnorm te voldoen. Uit de trendrapporten Bewegen en Gezondheid (2004 en 2010) blijkt dat bewegen als onderdeel van een actieve leefstijl een gunstig effect heeft op de gezondheid en kwaliteit van leven (Duijf & van den Berg, 2020). Denk bij dit laatste aspect met name aan het tegengaan van sociaal isolement, het vergroten van het sociaal netwerk, het verhogen van zelfvertrouwen, zelfrespect en zelfbeeld, acceptatie van de beperking en het verleggen van (sportieve) grenzen. Juist bij mensen met een lichamelijke beperking en/of chronische aandoening kan bewegen en sport een grote bijdrage leveren aan het totale functioneren en welzijn. Ook is bekend dat kinderen, tieners en jongvolwassenen met een
beperking vaak moeilijker aansluiting vinden bij een sportvereniging in de buurt. Dit kan tot gevolg hebben dat deze personen minder sociale contacten hebben. Deelname aan sport (via een sportvereniging) kan de integratie in de maatschappij bevorderen voor mensen met een beperking. De openbare ruimte moet naast de mogelijkheid tot bewegen ook interessant zijn voor diegene die niet kunnen en/of willen bewegen. Het zintuiglijk prikkelen is voor mensen met een beperking een speciale ervaring. Ook jonge kinderen die nog niet kunnen lezen of praten kunnen wel al zintuiglijk geprikkeld worden. In speel- en sportplekken zijn toegankelijke paden en inclusieve speeltoestellen belangrijk om iedereen mee te kunnen laten doen.
Klimaatadaptatie
Klimaatverandering zorgt onder andere voor hittestress in versteende gebieden. Versteende gebieden kampen ook met wateroverlast. Als regenwater niet in de bodem kan infiltreren kan dit voor overlast zorgen. Om in te spelen op deze problemen gerelateerd aan klimaatverandering wordt steeds meer aandacht gevraagd voor een klimaatadaptieve inrichting. Een klimaatadaptieve inrichting helpt om de effecten van klimaatverandering in een gebied te verminderen.
Ontmoeting
Uit de landelijke Gezondheidsmonitor afgenomen in 2022 bleek dat bijna de helft van de volwassen Nederlands zich eenzaam voelt. Dit is een toename van 10% in tien jaar tijd (RIVM, 2022). Bijna één op de zeven mensen voelt zich zelfs erg eenzaam. Niet alleen ouderen kunnen te maken krijgen met eenzaamheid. Het kan iedereen overkomen. Uit een onderzoek (Universiteit Utrecht, 2024) van
7
Universiteit Utrecht is gebleken dat één op de tien kinderen zich vaak tot altijd eenzaam voelt. Het is daarom belangrijk dat inwoners van alle leeftijden samen kunnen komen bij openbare voorzieningen en elkaar kunnen ontmoeten. Het liefst in hun eigen buurt.
Natuurlijk spelen
Het is wetenschappelijk bewezen dat kinderen in een natuurlijke omgeving meer bewegen (Nisbet & Zelnski, 2014). Daarnaast ervaren kinderen op een natuurlijke speelplek een groter gevoel van vrijheid en neemt het vermogen om nieuwe dingen te ontdekken, zich te verwonderen en het ontwikkelen van creatief spel toe. Toch is er al jaren een trend gaande waarin kinderen steeds minder buiten spelen. Onderzoek van Jantje Beton wijst zelfs uit dat 15% van de kinderen nooit buiten komt om te spelen (Jantje Beton, 2018). Landelijk speelt de ontwikkeling om het natuurlijk spelen weer terug te brengen in speelplekken.
3.2 Literatuur en wetenschap De 10 beweegvormen
De Schijf van 10! Beweegvormen (Athletic Skills Model, sd) van het Athletic Skills Model licht het belang van variatie in speelvormen en de diversiteit van deze vormen toe. De Schijf van 10! geeft een praktische invulling aan een brede motorische ontwikkeling en veelzijdig bewegen en focust niet enkel op kinderen maar ook op volwassenen en ouderen. Dit maakt het model een goed handvat voor diverse beweegmogelijkheden, rekening houdend met verschillende leeftijden en interesses. De Schijf van 10! wordt ingezet als wetenschappelijk handvat voor dit beleid. De 10 beweegvormen worden op de volgende pagina uitgelegd:
Technologische ontwikkelingen
De manier waarop we spelen maakte in de afgelopen jaren – alsook in de toekomende jaren – een omslag. De trend van digitalisering en het toenemen van multimedia speelt hierin een grote rol. Een voorbeeld is het opkomen van tv-programma’s, vlogs en apps waar mensen mee kunnen trainen op het scherm. Ook nemen Virtual Reality en Augmented Reality een steeds meer aanwezige positie in bij het entertainen van kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen. Voorbeelden hiervan zijn Virtual Reality Sports en Pokémon Go. Zeker de laatste liet zien hoe een app kan aanzetten tot beweging (Multiscope, 2016). De prognose is dat in de toekomst meer van deze ontwikkelingen zullen ontstaan.
8
1. Balanceren en vallen Het behouden van evenwicht tijdens steunen, glijden, draaien, rijden, zweven en/of hangen 2. Stoeien en vechten Het duelleren met- en/of trekken, duwen, tillen, heffen, dragen en grijpen van materiaal of personen 3. Gaan en lopen Alle vormen van verplaatsen zoals lopen, rennen, kruipen, zwemmen, fietsen, schaatsen, skaten en (water)skiën 4. Springen en landen Allerlei springvormen zoals hoogspringen, verspringen, diepspringen, steunspringen, touwtjespringen of duiken 5. Rollen, duikelen en draaien Lengte-, breedte-, en diepte-as rotaties zoals tijdens koprollen, wenden, duikelen in de rekstok of het maken van radslagen 6. Gooien, vangen, slaan en mikken Het gooien van ballen, dribbelen, slaan met de racket/stick, schermen, schijnbewegen en (fijne) oog-hand coördinatie 7. Trappen, schieten en mikken Het passen en schieten van ballen, dribbelen, trappen/schoppen, schijnbewegen en (fijne) oog-voet coördinatie 8. Klimmen en klauteren Verplaatsen over of aan objecten zoals wandklemmen, boulderen, touwklimmen 9. Zwaaien en slingeren Met het lichaam door de ruimte slingeren aan de rekstok, polsstok of touwen 10. Bewegen op – en maken van muziek Alle vormen van dans, (body)percussie, vormen van bewegen op muziek en het bespelen van een muziekinstrument
9
Richtlijnen voor speelruimtereservering en inrichting
Om de verschillende doelgroepen in kaart te brengen zijn ze opgedeeld in leeftijdscategorieën, om zo de ontwikkelingen die ze doormaken, het gedrag dat erbij hoort en dus hun benodigdheden in de openbare ruimte inzichtelijk te maken. Verschillende doelgroepen hebben verschillende wensen voor de openbare ruimte. De inrichting van de openbare ruimte voldoet op het moment dat de verschillende wensen samen komen.
Voor de oudste doelgroep is voldoende beweging zeer belangrijk. Over het algemeen kiest deze doelgroep voor toegankelijke manieren van bewegen zoals wandelen en fietsen (RIVM, sd). Dit doen ze vaak samen. Naast dat deze doelgroep graag met leeftijdsgenoten bewegen, gaan ze ook met kleinkinderen naar speelplekken. Hier is het belangrijk dat de paden toegankelijk zijn en dat er voldoende rustplekken aanwezig zijn.
De jongste doelgroep (0 tot 4 jaar) heeft voornamelijk zintuiglijke prikkeling nodig en moet nog leren (samen) spelen. Ook gaan ouders van jonge kinderen mee naar de speelplek (Playworld, sd)(Pathways.org, sd)(Manja, Manan, Mustafa, & abdullah, 2022). Hieruit blijkt dat het ontmoeten van zowel ouders als de kinderen belangrijk zijn. Kinderen vanaf 4 jaar spelen samen met anderen en de openbare ruimte moet dus ruimte bieden voor deze interactie. Vanaf 6 jaar hebben kinderen meer uitdaging nodig en hebben ze behoefte aan grotere speelplekken die uitnodigden om samen te spelen, diverse toestellen en ruimte voor eigen spel. De tienerleeftijd wil graag onder vrienden zijn (Nederlands Jeugdinstituut, sd). De openbare ruimte vervult voor deze doelgroep voornamelijk een sociale behoefte. Er moet dus ruimte zijn om elkaar te ontmoeten, en de openbare ruimte moet mogelijkheid bieden tot het uitoefenen van sport. (Jong)Volwassenen maken over het algemeen minder gebruik van de openbare ruimte dan het kind. Voor hen is het van belang dat er ruimte is om tot rust te komen, te ontspannen, elkaar te ontmoeten en om te sporten (Institute for Positive Health, sd).
10
3.3 Bestaande situatie Kern Beesel:
Het aantal speel- en sportvoorzieningen in kern Beesel staan in verhouding tot het aantal inwoners van de kern en de grootte van de buurten in Beesel. Deze voorzieningen zijn niet heel verscheidend qua beweegvormen volgens de schijf van 10!. Beesel ligt omgeven door groen, waardoor overal op korte afstand voldoende plekken zijn om informeel te spelen. Voor elke leeftijdscategorie is er minimaal één locatie waar toestellen of voorzieningen aanwezig zijn, toegespitst op die leeftijdscategorie.
11
Kern Reuver:
Kern Reuver heeft een hoge dichtheid aan voorzieningen in de Bloemenbuurt. De verscheidenheid van de speelvoorzieningen is niet groot. Veel dezelfde beweegvormen zorgen voor een eentonig beeld. De grotere speel- en sportvoorzieningen liggen over het algemeen in Reuver redelijk verspreid. Voor een goede, kwalitatieve spreiding wordt alleen tussen het centrum van Reuver en Bosdael nog een openbare speel- en/of sportvoorziening gemist. Dit aandachtspunt is al meegenomen in de Gezonde Buurten ontwikkeling van Bosdael. In Reuver zijn meerdere beweegvormen aanwezig in de speel- en sportplekken. Reuver ligt, net als Beesel, dicht bij het groen. Informeel spelen levert ook in Reuver een grote bijdrage aan de speelmogelijkheden voor alle leeftijdscategorieën.
Kern Offenbeek:
In Offenbeek ligt over het algemeen een evenwichtige spreiding van speel- en sportvoorzieningen. De speel- en sportvoorzieningen die in de afgelopen vijf jaar zijn aangelegd hebben meerdere beweegvormen, waardoor de variëteit en het aanbod van de Schijf van 10! goed wordt gerepresenteerd. In de buurt Heyencamp liggen veel speelplekken geclusterd die geen grote verscheidenheid hebben in verhouding tot elkaar. In Offenbeek is er een grotere afstand om af te leggen tot de openbare groenvoorzieningen, waardoor informeel spelen in de natuur hier minder aanwezig is. Wel wordt er in de buurten veel op straat gespeeld, wat ook tot informeel spelen behoort.
12
Buurtdefiniëring
Het oversteken van drukke ontsluitingswegen en de spoorlijn zijn barrières voor kinderen wanneer ze buiten spelen. De kaart met ontsluitingswegen en barrières zoals de spoorlijn vormen de basis voor de definitie van de buurten die we voor het speel- en sportbeleid in de openbare ruimte hanteren. Zo zorgen we ervoor dat elke buurt een speelplek heeft.
13
3.4 Uitkomst participatie In gesprek met scholen
Kinderen gaven aan dat in de zomer speelplekken zonder schaduw erg heet zijn, dat zand en houtsnippers fijner zijn om op te vallen dan rubberen valtegels en dat een kleine meerderheid de voorkeur gaf aan kunstgras bij voetbalveldjes. Tijdens DemocraCity van ProDemos gaven de kinderen aan dat ze het leuk vinden om te spelen in het groen, met water en om uitdagende speeltoestellen te hebben om op te spelen, zowel als vrije ruimte om bijvoorbeeld te voetballen of te turnen en om eigen spel te spelen. Het spelen met vriendjes en vriendinnetjes was heel belangrijk, en toch wel een van de aanleidingen om buiten te spelen. De leeftijden die zelfstandig naar speelplekken (mogen) gaan gaven aan het niet erg te vinden om een paar minuten langer onderweg te zijn naar een speelplek die de voorzieningen heeft die zij graag zien en waar ze hun vrienden kunnen treffen. Wij hebben kinderen ook gevraagd of ze vaker met opa en oma naar een speelplek gaan, en of deze voor opa en oma altijd toegankelijk is. Een aantal kinderen gaven aan dat hun opa of oma hier soms problemen bij ervaarden, zoals onregelmatige ondergrond op de speelplekken en het ontbreken van zitplekken.
Inwonersavonden en online-enquête
Op de thema’s werd positief gereageerd. Ouders benoemden het avontuurlijk spelen, hoogteverschillen, schaduwrijke speelplekken en uitdagende toestellen. Ook gaven zij aan dat het spelen met water en zand heel populair is. De speelplek Offenbekermarkt werd vaak als voorbeeld genoemd als ideale speelplek. Wel werd extra aandacht gevraagd voor het groenonderhoud van speelplekken. Ook benoemden ouders dat er voldoende sportplekken moesten zijn: voetbalvelden of een pannakooi, turnen en basketballen zijn populaire sporten maar ook zeker de pumptrackbaan en skatebanen voor wat oudere kinderen
worden veel bezocht. Een sportroute die vroeger in de gemeente lag wordt gemist door volwassenen. Het belang van toegankelijke paden en het toevoegen van inclusieve speeltoestellen in speelplekken is ook benoemd en dat veiligheid en toegankelijkheid hierdoor wordt bevorderd, en ook door goede openbare verlichting. Ouders gaven ook aan dat ze liever niet hebben dat kinderen tot een bepaalde leeftijd drukke straten oversteken of het spoor over gaan zonder begeleiding. Grafieken met uitkomsten van de online enquête staan in Bijlage 2.
Zorggroep, PSW en wandelclub
Wij hebben opgehaald dat samen bewegen voor ouderen heel belangrijk is. Er zijn verschillende wandel- en fietsclubs en jeu de boules groepjes. Wij hebben de ouderen gevraagd of ze gebruik maakten van de sporttoestellen die bij Bosdael staan, waarop ze aangaven dat ze niet worden gebruikt, ze staan te veel in het zicht en veel gaven aan dat ze niet weten hoe ze de toestellen moeten gebruiken. Ook de Kwiek-route in Offenbeek werd eveneens individueel nauwelijks gebruikt. Voor ouderen is het belangrijk dat ze een prettige, veilige, aantrekkelijke openbare ruimte om zich heen hebben om in te bewegen en te ontspannen. Ze zijn vooral op zoek naar elementen die verbindend kunnen werken. PSW gaf aan dat het voor personen met een beperking veel waarde heeft om zintuiglijk geprikkeld te worden. Een beleefpad of zintuiglijke prikkeling in speelplekken zou veel toevoegen voor deze doelgroep.
14
Hoofdstuk 4: Visie en uitgangspunten
Spelen en sporten is goed voor de gezondheid, sociale contacten, mentaal en fysiek welzijn en persoonlijke ontwikkeling. We willen dat alle inwoners van gemeente Beesel met plezier kunnen spelen, sporten en elkaar kunnen ontmoeten in de openbare ruimte. We dragen zorg voor een dekkend netwerk van voorzieningen in de kernen. We focussen ons op grotere speelvoorzieningen in de buurten, waar ontmoeten en samen spelen, sporten en bewegen in het middelpunt staan. Deze voorzieningen leveren een grote maatschappelijke toevoeging en hebben vaak naast enkel spelen en sporten ook andere maatschappelijke functies die wij niet uit het oog verliezen.
4.1 Spreiding In elke buurt is ruimte om te spelen, te bewegen en elkaar te ontmoeten. We geven de voorkeur aan ten minste één grote speelplek per buurt met een breed aanbod voor jong en oud. Kinderen van alle leeftijden ontmoeten elkaar hier en kunnen samen spelen. Op het moment dat een grote speelplek geen mogelijkheid is in een buurt, wordt de mogelijkheid onderzocht om kleine speelplekken in nabijheid van elkaar te beschouwen en in te richten als één grote. Op het moment dat een buurt meerdere kleine speelplekken heeft én een grote, streven we ernaar de grote speelplek op te waarderen en de verblijfswaarde te maximaliseren waardoor (een aantal van) de kleine(re) speelplekken kunnen komen te vervallen. De kaart in paragraaf 3.3 is de basis voor de formulering van de buurten. De ontsluitingswegen en barrières zoals de spoorlijn zorgen voor een natuurlijke scheiding en definiëren zo de buurten.
Diversiteit in voorzieningen
Binnen de spreiding van de speel- en sportplekken onderscheiden we een aantal verschillende speelplekken en sportplekken: - Buurtoverstijgende voorzieningen zoals de pumptrackbaan en de skatebaan hoeven niet in elke buurt te liggen en tellen daarom niet mee in de reguliere spreiding. - Een grote speelplek heeft een oppervlakte van 1.000 m2 of meer. - Een kleine speelplek is kleiner dan 1.000 m2. Het is belangrijk dat kinderen van alle leeftijden elkaar ontmoeten en samen kunnen spelen. Om deze reden is het niet noodzakelijk om specifieke leeftijdsgebonden speelplekken in te richten. Spelregels: • Wanneer er meerdere speelplekken in een buurt liggen, waarderen we de grote locatie(s) op waar mogelijk en komen de kleine voorzieningen te vervallen. • Wanneer een buurt gerenoveerd wordt of wanneer er een nieuwe woonwijk wordt gebouwd, bestaat de mogelijkheid tot het toevoegen, het wijzigen of het transformeren van een speelen/of sportplek. • Nieuwe speel- en/of sportplekken moeten het bestaande aanbod aanvullen en versterken. • Het is belangrijk om de beweegvormen en de mogelijkheid tot het maken van ontmoetingsfuncties in het nieuwe ontwerp in acht te nemen.
15
4.2 Inclusiviteit
4.3 Ruimte voor eigen spel (informeel spelen)
Onze speelplekken zijn gericht op ontmoeting, samenspelen en bewegen voor mensen met en zonder beperking. Alle speelplekken beschikken over minstens één toegankelijk pad en in een aantal grote speelplekken, die hier ruimte voor bieden, voegen we inclusieve speeltoestellen toe. Deze speeltoestellen zijn geschikt voor mensen met en zonder een beperking. De combinatie van het avontuurlijk spelen en inclusieve toestellen op één locatie is voor iedereen toegankelijk. Het zintuiglijk prikkelen door middel van beleefroutes en sensorisch spelen kan ook een bijdrage leveren aan inclusiviteit en het spelend leren voor de jongste doelgroep van 0 tot 4 jaar.
Informeel spelen, oftewel: ongedwongen spelen zonder begeleiding (van toestellen) vereist vrije ruimte. Kinderen zijn creatief, en verzinnen vaak hun eigen spel, met of zonder speelelementen. Wij willen hier de ruimte voor bieden, zodat kinderen zich ook op creatief vlak blijven ontwikkelen, in de buitenlucht. Dit houdt in dat speelplekken niet vol komen te staan met speeltoestellen, maar juist ook die vrije ruimte gaan bieden. Bovendien is zo’n vrije ruimte multifunctioneel: er kan zo ook in de openbare ruimte worden gesport of kan de mogelijkheid bieden tot het organiseren van een (ontmoetings)activiteit. Daarnaast is de groene omgeving een grote speler in het informeel spelen. Spelen en ontdekken in de natuur is een belangrijk onderdeel van de ontwikkeling van een kind. Deze vorm van spelen moet niet worden ingericht. Door dit juist ongedwongen te laten gebeuren ontstaat er voor het kind een ideale gelegenheid om zelf te ontdekken en te spelen.
Spelregels: • Een speelplek moet voor iedereen toegankelijk zijn. • Om het avontuurlijke karakter te behouden, worden niet alle (toegangs)paden verhard. • Per speelplek dient minimaal één (toegangs)pad aanwezig te zijn die voor iedereen toegankelijk is. • Iedereen moet kunnen spelen, maar hoeft niet overal te kunnen spelen. Het avontuurlijke spelen is niet voor iedereen toegankelijk. • In een speelplek die groter is dan 1.000 m2 moet minimaal 1 van de speeltoestellen inclusief zijn en te gebruiken zijn door mensen met een beperking. Deze toestellen moeten ook op een toegankelijke ondergrond staan. • Naast het plaatsen van inclusieve toestellen kan er ook gebruik worden gemaakt van objecten die zintuiglijk prikkelen, zoals voelborden, speciale verschillende ondergronden of kleurrijke en geurende beplanting.
Spelregels: • Een vrije ruimte in een speelplek kan multifunctioneel gebruikt worden en telt voor meerdere beweegvormen. Dit wordt ook zo opgenomen in het netwerk van speelvoorzieningen. • In grote speelplekken realiseren we speelgroen. • Het gebruik van speelaanleidingen, waarbij kinderen nog steeds ruimte hebben om hun eigen spel te spelen, worden toegepast samen met toestellen in een grote speelplek of kunnen solitair worden ingezet.
16
4.4 Beweegvormen
4.5 Biodiversiteit en klimaatadaptatie
De Schijf van 10! en de bijbehorende beweegvormen passen we toe in onze speelplekken. Ze zorgen voor uitdaging en voldoende variatie. Deze beweegvormen worden gerepresenteerd door diversiteit in toestellen, maar ook door voldoende ruimte te bieden om te bewegen.
Speel- en sportplekken in de openbare ruimte dragen bij aan de verduurzaming van de openbare ruimte; minder verharding, meer groen voor waterbuffer en -infiltratie, schaduwvoorzieningen en het verrijken van de biodiversiteit. Gelijktijdig draagt het verduurzamen van de openbare ruimte ook bij aan de kwaliteit van de speelplek: schaduwvoorzieningen verminderen hittestress, waterbuffers en groen maken het spelen avontuurlijk. Ook streven we naar circulair materiaalgebruik van de toestellen en andere voorzieningen. Tevens draagt het ook bij als aantrekkelijke ontmoetingsplek.
Spelregels: • Bij het realiseren of renoveren van een speel- en/of sportvoorziening dient een inventarisatie van de beweegvormen te worden gemaakt van bestaande speel- en sportplekken in de buurt. In elke kern moet de mogelijkheid bestaan om alle tien de beweegvormen uit te voeren. De beweegvormen dienen dus een gelijkmatige spreiding te hebben. Niet elke beweegvorm heeft een (speel of sport)toestel nodig. Voorbeelden hiervan zijn ‘Gaan en lopen’, ‘Trappen, schieten en mikken’ en het ‘Bewegen op - en maken van muziek’. • Elke beweegvorm vraagt om een passende ondergrond en ruimte om dit uit te voeren. Deze moeten dan ook meegenomen worden in het ontwerp van een speel- en sportplek. Hieronder staat de richtlijn voor het aantal beweegvormen per oppervlakte: - <500 m2 : 3 of meer beweegvormen - 500 m2 tot 1.000 m2 : 4 of meer beweegvormen - 1.000 m2 tot 3.000 m2 : 5 of meer beweegvormen - >3.000 m2 : 6 of meer beweegvormen
Spelregels: • Op grote speelplekken realiseren we speelbosjes. • Het spelen met water op speelplekken wordt aangemoedigd. • Bij het planten van beplanting en bomen geven we de voorkeur aan inheemse soorten. Het gebruik van fruitbomen wordt aangemoedigd. • Voor valondergronden geven we de voorkeur aan natuurlijke materialen zoals boomschors en zand. • Het gebruik van een natuurlijke ondergrond mag niet ten koste gaan van de speelbaarheid van een inclusief speeltoestel. Het is hier wenselijk gebruik te maken van verharde valondergronden zodat inclusieve speeltoestellen toegankelijk blijven.
17
4.6 Sporten
4.7 Ontmoeten
Sporten en bewegen zijn goed voor de gezondheid, sociale contacten, welzijn en persoonlijke ontwikkeling. We willen dat alle inwoners met plezier kunnen sporten en bewegen in de openbare ruimte. Daarvoor is het belangrijk dat de omgeving uitnodigt tot bewegen. Gebaseerd op de participatie ontbreekt er een sportroute in de openbare ruimte en een openbare pannakooi. Voor de sportroute is op dit moment geen locatie gevonden. Het onderzoeken of het realiseren van een sportroute in de openbare ruimte haalbaar is wordt opgepakt. Bij nieuwe realisatie of bij renovatie zal worden onderzocht of het mogelijk is een pannakooi toe te passen.
Elkaar ontmoeten en sociale verbindingen leggen hebben een positief effect op de mentale gezondheid. Sociale connecties en verbinding met buurtgenoten en de buurt leveren een belangrijke bijdrage aan zingeving en woongeluk. Het ontmoeten van buurtgenoten draagt bij aan het welzijn van bewoners en de veiligheid in de buurt. De openbare ruimte moet uitnodigen om in beweging te komen en zo ontmoeting te faciliteren.
Spelregels: • Bij het realiseren van een specifieke sportplek is de eis om meerdere beweegvormen per locatie te realiseren niet van toepassing. • Het gebruik van openbare sportgelegenheden door groepsinitiatieven wordt aangemoedigd.
Spelregels: • Speel- en sportplekken hebben naast hun beweeg- en speelfunctie ook een belangrijke ontmoetingsfunctie. Deze ontmoetingsfunctie kan veel positieve effecten hebben op de mentale en fysieke gezondheid van de inwoners zoals benoemd in het model van Positieve Gezondheid. In elke speel- en sportplek moet de mogelijkheid zijn om elkaar te kunnen ontmoeten, zoals zitplaatsen. • Rustplekken en plekken om elkaar te ontmoeten hebben schaduw nodig. Rust- en zitplekken gaan gepaard met schaduwrijke begroeiing. • Bij de grote speelplekken moeten er ook zitplekken aanwezig zijn voor mensen met een beperking. • Om de omgeving schoon te houden is het wenselijk minstens één prullenbak per speelplek te plaatsen, bij voorkeur bij de zitplekken of de ingang van de speelplek.
18
4.8 Toekomstige speel- en sportvoorzieningen In hoofdstuk 3 is de bestaande situatie geanalyseerd en in kaart gebracht. Hierin is een onderscheid gemaakt tussen kleine en grote speelplekken en de buurtoverstijgende voorzieningen. De toepassing van de visie leidt tot een aangepaste kaart: In de kaart zijn weergegeven met verschillende kleuren: • • • •
Grote speelplekken; Kleine speelplekken; Buurtoverstijgende voorzieningen; Sportplekken.
Ook zijn in deze kaart de drie belangrijkste uitvoeringssporen weergegeven met verschillende kleuren: • • •
Nieuwe realisaties: nieuw te realiseren speelplekken wegens woningbouw of geconstateerde witte vlekken. Renovaties: Bestaande speel- en/of sportplekken opwaarderen. Transformaties: het transformeren van een huidige speel- en/of sportplek naar een andere functie.
Deze uitvoeringssporen en aangegeven locaties kunnen aan veranderingen onderhevig zijn. Het uitvoeringsprogramma wordt uiteengezet in hoofdstuk 5.
19
20
Hoofdstuk 5: Uitvoeringsprogramma
Om de visie te realiseren zijn er
meerdere uitvoeringssporen opgesteld. De drie meest voorkomende sporen zijn uitgelicht in het uitvoeringsprogramma, namelijk: renovatie, nieuwe realisatie en transformatie. Deze uitvoeringssporen en de locaties kunnen aan verandering onderhevig zijn.
5.1 Vervangingscyclus en uitvoering Het toewerken naar het nieuwe netwerk van speel- en sportvoorzieningen doen we op locatieniveau. Dit gebeurt bij voorkeur op een natuurlijk moment: bijvoorbeeld op het einde van de levensduur van toestellen, of wanneer aangesloten kan worden bij een ander (lopend) project in de buurt. De levensduur van de speeltoestellen is 15 tot 20 jaar. Dit komt overeen met de garantietermijn. Op basis hiervan, en op basis van de beschikbare capaciteit, is het mogelijk om 1 à 2 speel- en/of sportplekken per jaar aan te pakken. Dit houdt in dat speel- en/of sportplekken om de 20 jaar worden aangepakt. Als er in de buurt een transformatieopgave ligt wordt deze altijd gelijktijdig opgepakt met het renoveren van een speelvoorziening in de buurt.
5.2 Uitvoeringsspoor: Renovatie
Buurtbewoners wordt gevraagd om aan te geven welke aspecten van de speel- en/of sportplek veel wordt gebruikt en door hen wordt gewaardeerd. Hiernaast is het ook van belang om buurtbewoners te vragen naar eventuele nieuwe wensen. Het participatietraject wordt opgezet door de gemeente en zal hier over communiceren naar de buurtbewoners.
5.3 Uitvoeringsspoor: Nieuwe realisatie Bij de realisatie van nieuwe buurten, of bij het constateren van witte vlekken in de bebouwde omgeving, bestaat de mogelijkheid tot het toevoegen van een speel- en/of sportplek. Nieuwe speel- en/of sportplekken moeten het bestaande aanbod aanvullen en versterken. Het is belangrijk om de beweegvormen en de mogelijkheid tot het maken van ontmoetingsfuncties in het nieuwe ontwerp in acht te nemen. Bij de realisatie van een nieuwe speel- en/of sportplek bij grote woningbouwopgaven worden buurtbewoners in omliggende buurt en indien mogelijk, de toekomstige buurtbewoners, meegenomen in de participatie. Buurtbewoners wordt gevraagd welke wensen er zijn en welke gebruiksvormen de buurtbewoners in de toekomst graag willen zien. Het participatietraject wordt opgezet door de gemeente (en eventueel de ontwikkelaar van de nieuwe woningbouwlocatie) en zal hier over communiceren naar de buurtbewoners.
Speel- en/of sportplekken worden 1 keer per 20 jaar gerenoveerd. Het is belangrijk om aan te sluiten bij wijkaanpakken indien dat mogelijk is.
5.4 Buurteigenaarschap van speel- en/of sportplekken:
Bij renovatie van een speel- en/of sportplek worden de buurtbewoners betrokken. Het is van belang om een analyse te maken van de huidige gebruikswaarde van de plek en de (eventuele) toestellen.
Als uit de participatie bij nieuwe realisatie en renovatie blijkt dat er draagvlak is voor (deels)eigenaarschap moedigen we dit aan.
21
5.5 Uitvoeringsspoor: Transformatie Het transformeren van speel- en/of sportplekken naar een andere functie wordt altijd gelijktijdig opgepakt met het renoveren of nieuw realiseren van een speel- en/of sportplek in de nabije omgeving. Als er geen andere mogelijke ruimteclaims op dit stuk grond liggen, zoals bijvoorbeeld waterberging of een technische ruimteclaim zoals transformatorhuisjes, wordt een participatieproces opgestart met de buurtbewoners. Zij kunnen dan hun wensen voor de nieuw vrijgekomen openbare ruimte inbrengen.
5.6 Uitvoering: Termijnen Op basis van de Multi Criteria Analyse, de huidige leeftijd van de toestellen in de speel- en sportplekken en koppelkansen met wijkaanpakken of andere projecten zijn tabellen opgesteld in uitvoeringstermijnen. Deze staan op de volgende pagina’s weergegeven.
22
Korte termijn (0-7 jaar):
Nummer visiekaart
Adres
Uitvoeringsspoor
Onderdeel van
37
Meester Bosmanshof, Reuver
Nieuwe realisatie
Project Gezonde Buurten
29
Wildenkamp, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
Wijkaanpak
1
Heijackerstraat, Beesel
Renovatie
Project nieuwbouw
39
Wederikstraat, Reuver
Nieuwe realisatie
Project bouw modulaire woningen
34
Speenkruidstraat, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
19
Heyencamp, Reuver
Renovatie
17
Chamottestraat, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
18
Chamottestraat, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
20
Houtlagerstraat, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
21
Benheuvel, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
32
Boterbloemstraat, Reuver
Renovatie
31
Distelstraat, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
33
Dopheistraat, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
Gelijktijdig
23
Middellange termijn (7-14 jaar): Nummer visiekaart
Adres
Uitvoeringsspoor
10
Vincent van Goghstraat, Reuver
Renovatie
7 26
Kerstenbergweg, Beesel Veenmos/ Offenbeker Bemden, Offenbeek
Renovatie Renovatie
27
Snavelbies, Offenbeek
Renovatie
8
Schinderspark, Reuver
Renovatie
9
Parklaan/ Oude Baan, Reuver
Transformatie (naar groenbeheer)
4
Juffrouw Hensenlaan, Beesel
Renovatie
5
Pastoor Gerrishof, Beesel
Transformatie (naar groenbeheer)
2
Walsbergweg, Beesel
Renovatie
14
Ben Verstappensingel
Renovatie
36
Hovergelei, Reuver
Renovatie
35
Ranonkelstraat, Reuver
Renovatie
22
Prins Clausstraat, Offenbeek
Renovatie
Onderdeel van
Gelijktijdig
24
Lange termijn (14-21 jaar):
Nummer visiekaart
Adres
Uitvoeringsspoor
28
Secretaris Moonenlaan, Reuver
Renovatie
23 11
Broeklaan, Offenbeek Sint Jozefweg, Offenbeek
Renovatie Renovatie
3
Wittebergstraat, Beesel
Renovatie
25
Sint Annastraat, Offenbeek
Renovatie
23
Broeklaan, Offenbeek
Renovatie
6
Burgemeester Janssenstraat, Beesel
Renovatie
12
Hazenkamp, Offenbeek
Renovatie
30
Spoorkamp, Reuver
Renovatie
15 en 16
Oppe Brik, Offenbeek
Renovatie
13
Offenbekermarkt, Offenbeek
Renovatie
Onderdeel van
Gelijktijdig
Project Nieuwbouw / transformatie
25
Hoofdstuk 6: Financiën
De visie voor het speel- en sportbeleid is vertaald naar een financiële paragraaf. In dit hoofdstuk zetten wij de kosten uiteen waarbij we richtprijzen gebruiken voor realisatie, renovatie en transformatie op basis van de visie en het uitvoeringsprogramma.
-
De huidige staat van de speel- en/of sportplek; Voldoet de speel- en/of sportplek nog aan het beleid?; Voldoet de speel- en/of sportplek nog aan de huidige trends en ontwikkelingen?; Staat er een wijkaanpak of een nieuw te bouwen woonwijk op de planning? Indien mogelijk pakken we op deze momenten de betreffende renovatie, nieuwe realisatie of transformatie op.
6.1 Jaarlijkse financiën Speeltoestellen worden periodiek geïnspecteerd en gecontroleerd door een externe partij. Zij rapporteren hun bevindingen aan de gemeente. Hiernaast voert de onderhoudsdienst ook controles uit op het moment dat zij werkzaamheden verrichten in de buurt van de speelen/of sportplekken. Kleine reparaties, gebreken en aandachtspunten voert de onderhoudsdienst zelf uit en valt dus onder regulier onderhoud. Voor de kosten van keuringen en inspecties door externe partijen, alsmede klein onderhoud is een jaarlijks budget in de begroting opgenomen. Op basis van de gerealiseerde kosten in de afgelopen jaren is een jaarlijks budget benodigd van €22.000,- euro. Voor de vervanging van speeltoestellen bij grote gebreken is jaarlijks een krediet benodigd van €30.000,- euro.
6.2 Financiën bij renovatie, nieuwe realisatie en transformatie Er is jaarlijks een financiering benodigd voor: Het aanpakken van speel- en sportplekken in de gemeente, mits deze speel- en sportplekken niet al zijn opgenomen in een financiering voor een groter plan zoals bijvoorbeeld een wijkaanpak of grondexploitatie. Welke locaties op de planning komen te staan wordt op basis van een aantal factoren bepaald:
26
Onderstaande tabel is een indicatie van de benodigde kosten voor de komende vier jaar. Hierin zijn opgenomen: 1. De structurele onderhoudskosten voor: - Klein onderhoud: hiervoor is structureel budget geraamd (€ 14.500 per jaar). Op basis van de gerealiseerde kosten in de afgelopen jaren wordt dit gewijzigd naar € 22.000 per jaar; - Vervanging speeltoestellen: Deze investeringen worden in 1520 jaar afgeschreven (kapitaallasten € 1.500-2.000 per jaar). - In de huidige Nota Activa en afschrijving bedraagt de afschrijvingstermijn voor speeltoestellen 10 tot 15 jaar. Op basis van de huidige garantietermijn van speeltoestellen (15 tot 20 jaar), zal de afschrijvingsperiode worden verlengd naar 15 tot 20 jaar. Dit wordt in de eerstvolgende actualisatie van de Nota activa en afschrijving opgenomen.
2. De investeringskosten voor de projecten gepland voor de komende 4 jaar (met eveneens meerjarige afschrijving).
De kosten zijn opgemaakt in 2025. Vanaf 2026 zal nog indexatie moeten plaatsvinden.
Jaar
Structurele kosten Budget klein Krediet vervanging onderhoud van speeltoestellen
Locatie specifieke kosten Krediet renovatie/nieuwe Locaties realisatie / transformatie
2025
€ 22.000, -
€ 30.000, -
-
2026
€ 22.000, -
€ 30.000, -
2027
€ 22.000, -
€ 30.000, -
€ 15.000, Totaal: € 15.000, Dit wordt nader bepaald en opgenomen in de begroting
2028
€ 22.000, -
€ 30.000, -
Dit wordt nader bepaald en opgenomen in de begroting
Meester Bosmanshof, Reuver (37) Wildenkamp, Reuver (29) Heijackerstraat, Beesel (1) Wederikstraat, Reuver (39) Speenkruidstraat, Reuver (34) Heyencamp, Offenbeek (19) Chamottestraat, Offenbeek (17) Chamottestraat, Offenbeek (18) Houtlagerstraat, Offenbeek (20) Benheuvel, Offenbeek (21)
Financiering reeds meegenomen in projectbegroting Ja Ja Ja Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee
27
Bronnenlijst Athletic Skills Model. (sd). Schifj van 10! Opgeroepen op 2024, van https://www.athleticskillsmodel.nl/schijfvan10/ Beck, R., & Willemsen, N. (2022, 05 12). Effecten van bewegen voor kinderen en jongeren. Opgeroepen op 2024, van Alles over Sport: https://www.allesoversport.nl/thema/gezonde-leefstijl/effecten-vanbewegen-voor-kinderen-en-jongeren/#reference-list-1 CBS en VWS. (sd). Jeugdmonitor. Opgeroepen op 2025, van https://jeugdmonitor.cbs.nl/ Duijf, M., & van den Berg, L. (2020, 02 27). Effecten van sport en bewegen voor mensen met een beperking. Opgehaald van Alles over Sport: https://www.allesoversport.nl/thema/meedoen-door-sport-enbewegen/effecten-van-sport-en-bewegen-voor-mensen-met-een-beperking/ Gemeente Beesel. (2025). Meerjaring kader prestatieafspraken 2025-2030. Opgehaald van https://zigbukcpproduction.blob.core.windows.net/woonwenz-ksp-web-hupo-portal-ppub/user_upload/Over_Woonwenz/Publicaties/Meerjarige%20prestatieafspraken%2020252030%20gemeente%20Beesel%20%28getekende%20versie%29%20incl.%20jaarschijf%202025.p df Institute for Positive Health. (sd). Positieve Gezondheid in woon- en leefomgeving. Opgeroepen op 2024, van Institute for Positive Health: https://www.iph.nl/positieve-gezondheid-in-woon-enleefomgeving/#:~:text=Positieve%20Gezondheid%20vertaald%20naar%20het,van%20de%20woon %2D%20en%20leefomgeving. Jantje Beton. (2018).
Buitenspelen onderzoek 2018. Opgehaald van https://jantjebeton.nl/uploads/files/Onderzoek%20Buitenspelen%202018%20%20Jantje%20Beton.pdf LSM-A Bewegen en Ongevallen/Leefstijlmonitor, RIVM(Rijksinstituut Volksgezondheid en Milieu) , VeiligheidNL in samenwerking met CBS. (2023). Zitgedrag. Opgeroepen op 2024, van Sportenbewegenincijfes.nl: https://www.sportenbewegenincijfers.nl/kernindicatoren/zitgedrag Manja, S. A., Manan, A. H., Mustafa, M. C., & abdullah, N. (2022). Multi-Sensory Activity in Early. Jurnal Penyelidikan Sains Sosial (JOSSR)(5(16)), pp. 9-17.
Nisbet, E. K., & Zelnski, J. M. (2014). Beetje natuur, grote invloed. IVN. Opgehaald van https://www.ivn.nl/app/uploads/sites/38/2022/12/ivn_beetje_natuur_grote_invloed_literatuurstudi e_factsheet_1_0.pdf Pal, F. v., Vervoort, J., & Klaassen, A. (2021, 09 20). Effecten van sporten en bewegen in het Human Capital Model. Opgeroepen op 2024, van Alles over Sport: https://www.allesoversport.nl/thema/beleid/effecten-van-sporten-en-bewegen-in-het-humancapital-model/ Pathways.org. (sd). How Kids Learn to Play: 6 Stages of Play Development. Opgeroepen op 2024, van Pathways.org: https://pathways.org/kids-learn-play-6-stages-play-development Playworld. (sd). The Different Levels of Play in Childhood. Opgeroepen op 2024, van Playworld: https://playworld.com/blog/levels-of-play-in-childhood/?lang=can RIVM. (2022). Resultaten Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen. Opgeroepen op 2024, van RIVM: https://www.rivm.nl/gezondheidsonderzoek-covid-19/resultaten-gezondheidsmonitorvolwassenen-en-ouderen RIVM. (sd). Ouderen: bewegen. Opgeroepen op 2024, van RIVM: https://www.sportenbewegenincijfers.nl/verdiepend-onderzoek/themapaginas/ouderen/bewegen Samen Fit: Sportakkoord 2023-2026. Steenbergen, R. (2021, 11 16). Meer bewegen met een verstandelijke beperking.
Opgehaald van Kennisplein Gehandicaptensector: https://www.kennispleingehandicaptensector.nl/thema-s/leefstijl/meerbewegen Universiteit Utrecht. (2024, 11 20). Onderzoek: in elke klas voelen 2 tot 3 kinderen zich eenzaam, ook al op de basisschool. Opgehaald van https://www.uu.nl/nieuws/onderzoek-in-elke-klas-voelen-2-tot-3kinderen-zich-eenzaam-ook-al-op-de-basisschool van der Maat, K., & Butselaar, L. (2019, 12 18). Meer grip op effecten van sport en bewegen met de Effectencalculator? Opgeroepen op 2024, van Alles over Sport: https://www.allesoversport.nl/thema/beleid/meer-grip-op-effecten-van-sport-en-bewegen-metde-effectencalculator/
Multiscope. (2016, 07 15). Ruim 1,3 miljoen Nederlanders spelen Pokémon Go. Opgeroepen op 2024, van Multiscope: https://www.multiscope.nl/persberichten/ruim-13-miljoen-nederlanders-spelenpokemon-go.html Nederlands Jeugdinstituut. (sd). Puber | Vriendschap: vrienden steeds belangrijker. Opgeroepen op 2024, van Nederlands Jeugdinstituut: https://www.nji.nl/ontwikkeling/vriendschappen-en-leeftijdsgenoten
28
Bijlages
29
Bijlage A: Multi Criteria Analyse
30
Bijlage B: Output enquête
Wat doet u zoal in de speelplek? 40 35 30 25 20 15 10 5 0
De ideale speelplek heeft voor mij?
36 04
Natuurlijke materialen
45
Verschillende speeltoestellen
14
18
4 6
19
23
19
24
21 15 7
10
14
10 2
3
12 6
6
23 25
Groen/schaduw
Zitplaatsen/ ontmoetingsplaatsen Ruimte voor eigen spel/sport
3 0
Helemaal eens
Eens
17
6 5
10 Oneens
15
26 29
20
25
30
35
Helemaal oneens
Aantal
31
Bijlage C: Barrière-analyse en visiekaart
32
33