CConstaterende datBeesel
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport Duurzaamheid gemeente Beesel (7 december 2020) - definitief

Raadscommissievergadering 11 januari 2021, gemeente BeeselBij agendapunt: Resultaten duurzaamheidsonderzoek rekenkamercommissie6.323 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Op weg naar een duurzaam Beesel Onderzoek naar het duurzaamheidsbeleid 2008-2020

Rekenkamercommissie Gemeente Beesel 7-12-2020

Inhoud Voorwoord .............................................................................................................................................. 2 Onderzoeksvraag/ normenkader ............................................................................................................ 3 Bevindingen ............................................................................................................................................. 6 Conclusies .............................................................................................................................................. 15 Aanbevelingen (volgend uit de conclusies) ........................................................................................... 16 Normenkader ........................................................................................................................................ 15 Documentatie ........................................................................................................................................ 18 Geïnterviewde personen ....................................................................................................................... 19 Bestuurlijke reactie college van B&W ...................................................................................................

20 Nawoord rekenkamercommissie .......................................................................................................... 24

1

Voorwoord Beesel is ambitieus wat haar duurzaamheidsdoelen betreft en heeft dat uitvoerig vastgelegd. Maar liefst 23 documenten hebben wij aangetroffen in de afgelopen 13 jaar waarin het gemeentebestuur zijn ambities op het gebied van duurzaamheid heeft verwoord of vertaald. Aan gedocumenteerde ambitie dus zeker geen gebrek. Dat is mooi! Iedere reis begint immers met het verlangen naar de zee.1 Ook in Beesel dus. De reis zelf, daar is waar ons onderzoek over is gegaan. Hoe hebben we die gepland, hoe is die verlopen en wellicht het belangrijkste, hebben we uiteindelijk ons reisdoel gehaald? De hoeveelheid relevante documentatie was indrukwekkend, honderden pagina’s. En waar wij normaal gesproken voor ons onderzoek zeer hechten aan een papieren neerslag daarvan, hebben wij omwille van de omvang en het onderwerp van dit onderzoek gekozen voor een digitale aanlevering. Onze complimenten gaan uit naar uw organisatie die ons op de afgesproken datum de betreffende 320 mb (!) aan informatie, overzichtelijk geordend in afzonderlijke (digitale) mapjes toezond. Welke reisverslag wij hieruit destilleerden en de lessen die wij daaruit hebben getrokken vindt u terug in dit rapport. Wij wensen u veel leesplezier!

1 Antoine de Saint-Exupéry, 1948 (posth). Vert. Als je een schip wil bouwen, roep dan geen mannen en vrouwen bij elkaar

om hen bevelen te geven, om ze elk detail uit te leggen, om ze te vertellen waar ze alles kunnen vinden. In plaats daarvan, leer ze verlangen naar de enorme eindeloze zee.

2

Onderzoeksvraag/ normenkader Inleiding In 2019 hebben wij een herstart gemaakt met ons onderzoeksprogramma. Een aantal onderwerpen viel om verschillende redenen al snel af. Zo bleek het thema ‘wonen’ omwille van de beperkte invloed die de gemeente daarop heeft onvoldoende geschikt en had de gemeente Beesel net stevige aanpassingen gedaan aan het afvalbeleid waarmee ook dit onderwerp net iets te vroeg kwam. En omdat we ons onderzoeksbudget hadden gereserveerd om mee te kunnen doen aan een tweetal gezamenlijk (door een aantal Limburgse rekenkamer(commissie)s op te pakken onderzoek naar regionale samenwerking, hebben we in eigen beheer het armoedebeleid onderzocht en in september opgeleverd. En omdat we graag afwisseling zien in de keuze van onze onderzoeksonderwerpen kozen we deze keer voor een onderwerp in het fysiek domein, i.c. duurzaamheid. Een actueel onderwerp. En hoewel er maatschappelijk brede consensus lijkt te bestaan over de noodzaak hier ‘iets’ aan te (gaan) doen, is de praktijk vaak weerbarstiger zowel wat betreft de gewenste ambitie en het tempo daarvan, als wat betreft de oplossingen en de daadwerkelijke uitvoering.

Voorop gesteld dat Beesel, net als de meeste andere gemeenten, een vastgesteld duurzaamheidsbeleid kent waarin u uw eigen Beeselse ambities en de route daar naar toe heeft vastgelegd hebben wij als rekenkamercommissie onderzocht wat daarvan terecht is gekomen. Aan de hand van een beknopt normenkader en op basis van met name een veelheid aan documenten hebben wij de hieronder opgenomen onderzoeksvraag -facetsgewijs- uiteengezet. Wij hebben daarbij onderscheid gemaakt tussen ambitie, beleid, uitvoering, controle, doeltreffendheid en doelmatigheid. Afgezet tegen het door ons vooraf opgestelde normenkader zijn wij gekomen tot conclusies en uiteraard tot aanbevelingen. Rekenkameronderzoeken zijn volgens ons immers niet alleen bedoeld om te controleren en dus te (be-)oordelen, maar ook om u te adviseren en zo bij te dragen aan een beter bestuur en een beter Beesel. En in dit geval dus een duurzamer Beesel.

3

Onderzoeksvraag Beesel heeft in de ambitieagenda ‘Samen aan de Slag’ voor de periode 2018-2022 en in het lokaal beleid ambities opgenomen ten aanzien van duurzaamheid. Tegen de achtergrond daarvan heeft de rekenkamercommissie de volgende centrale onderzoeksvraag gehanteerd: Is het door de gemeente Beesel in de duurzaamheidsvisie en thematische verdieping vastgelegde beleid doeltreffend en ligt de gemeente op koers om de voor 2030 opgenomen ambities te realiseren? Normenkader Deze centrale onderzoeksvraag hebben wij vertaald naar een normenkader dat wij bij de beantwoording van deze centrale vraag hanteren. Ten aanzien van het beleid 1. Er is een door de gemeenteraad vastgesteld plan. 2. Er is sprake van heldere en toetsbare doelstellingen. Ten aanzien van de uitvoering 3. De uitvoering is conform het door de raad vastgestelde plan. Ten aanzien van de controle 4. De doelstellingen worden gerealiseerd. Ten aanzien van de doeltreffendheid 5. Er is sprake van een doelmatige en doeltreffende inzet van middelen. Ten aanzien van de doelmatigheid 6. Er is sprake van een balans tussen de ingezette middelen (en lasten) en resultaten.

4

Onderzoeksaanpak Het onderzoek is in de periode januari t/m juli 2020 uitgevoerd door twee leden van de rekenkamercommissie. -

Startgesprek met de betrokken portefeuillehouder en beleidsmedewerker( januari 2020) Toelichting onderzoek en bespreken dossier

-

Deskonderzoek (maart 2020 t/m mei 2020) Verzamelen en beoordelen documenten. Eventueel aanscherpen/ aanvullen normenkader.

-

Interviews (oktober 2020) Wat betreft de feitelijke uitvoering, mogelijk beperkt aantal interviews met (in- en extern) betrokkenen en portefeuillehouder

-

Productie feitenrelaas (september - oktober 2020). Inclusief (voorlopige) conclusies en (voorlopige) aanbevelingen. Verwerken van verkregen informatie en formuleren van bevindingen, conclusies en aanbevelingen.

-

Ambtelijk wederhoor en bestuurlijke reactie (november 2020)

5

Bevindingen De ambities, het vastgestelde beleid Inleiding Duurzaamheid is een onderwerp dat prominent aanwezig is in het coalitieakkoord en een expliciete ambitie is van het Beesels gemeentebestuur, maar daarnaast ook landelijk in de belangstelling staat. De gemeente Beesel maakt al enkele jaren beleid op het gebied van duurzaamheid. In de onderzochte periode (2008-2020) heeft het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Beesel een interessante ontwikkeling doorlopen. Was het beleid in de eerste jaren nog vooral gericht op vergunningverlening, handhaving en afvalverwerking, in de jaren daarna verschuiven deze accenten langzaam naar (meer) energiebesparing om uiteindelijk nog vrij recent ook bij energieopwekking als belangrijk accent uit te komen. Gegeven de maatschappelijke ontwikkelingen in Nederland en de volgende positie die Beesel (als relatief kleine gemeente bijna vanzelfsprekend) over het algemeen inneemt is dit geen onverwachte waarneming. Beesel kijkt in deze periode goed om zich heen en sluit aan daar waar de mogelijkheden en kansen zich voordoen. In deze paragraaf beschrijven wij aan de hand van de belangrijkste documenten de ontwikkeling van dit beleid.

2008-2012, Een bescheiden ambitie Opvallend in deze eerste vijf jaar is dat het milieubeleidsplan nog sterk het karakter heeft van een programma gericht op regelgeving, vergunningverlening, controle en handhaving van milieuwetgeving. Heel bescheiden is nog de aanzet tot hetgeen we nu zouden duiden met energie- en klimaatbeleid, duurzaamheidsbeleid. Doelstellingen zijn nog vrij algemeen (gemeentebrede CO₂.-reductie), er is een energiebesparingsplan opgesteld en een drietal grote bedrijven heeft een energieonderzoek laten uitvoeren. Van alternatieve vormen van energieopwekking is in 2008 nog geen sprake. Opvallend is ook dat Beesel ‘alleen wil overgaan tot het opstellen van klimaatbeleid indien dit regionaal wordt opgepakt’. Ook wordt er opgemerkt dat er op dat moment regionaal niveau geen ontwikkelingen zijn om tot een regionaal klimaatbeleid te komen.2 In het kort wordt aangegeven dat Beesel zich richt op het gescheiden inzamelen van huishoudelijk afval en het principe van ‘de vervuiler betaalt’.3 In 2008, verschijnt echter ook het klimaatprogramma Beesel 2009-2012. Daarin geeft het gemeentebestuur aan een actief beleid te willen voeren om klimaatveranderingen tegen te gaan en een reductie van de CO₂. uitstoot te bereiken. Hiermee sluit Beesel aan op de Rijksdoelstellingen en de Provinciale doelstellingen voor energie en energiebesparing.

Een heel andere toon, zo lijkt het, dan in het (hetzelfde jaar verschenen) milieubeleidsplan. De verklaring hiervoor is dat in de loop van 2008 rijks- en provinciale subsidies beschikbaar werden gesteld voor het opstellen van klimaatbeleid. Voorwaarde was echter dat dit klimaatprogramma gezamenlijk met andere gemeenten in de hele provincie werd opgepakt. Een (boven)regionale aanpak dus. De gemeente Beesel heeft zich destijds aangesloten bij het provinciaal Omschakelconvenant, waarbinnen diverse uitvoeringsprojecten gezamenlijk zijn opgepakt.4

2

Milieubeleidsplan 2008, pagina 17 Idem, pagina 20 4 Reactie B&W op feitenrelaas, 9 november 2020 3

6

Voor Beeselse begrippen een ambitieus programma waarin zowel middelen (bijna €100.000, waarvan €40.000 aan rijks- en €37.500 aan provinciale subsidie) als 1210 uren (ter waarde van €81.250) worden geïnvesteerd. Een programma gericht op het maken van afspraken met corporaties, informatie-uitwisseling met scholen en ondernemers, het energiezuiniger maken van woningen, bedrijfspanden, gemeentelijke gebouwen, het wagenpark en openbare verlichting.5

2012-2017 Accentverschuiving, verbreding van duurzaamheid en regionalisering In 2013 verschijnt de energiestrategie 2030 en deze wordt op 30 september 2013 vastgesteld door de gemeenteraad. Deze energiestrategie is opgesteld samen met de gemeenten Venlo en Venray. Het doel is dat deze strategie als afwegingskader zal dienen voor toekomstige energieprojecten. Met de vaststelling van deze strategie is het ambitieniveau voor energiebesparing en duurzame energieopwekking bepaald. Een veel ‘grotere ambitie dan in de vorige periode. Op basis van de aanwezige potentie wordt voorgesteld om voor 2030 de ambitie energieneutraal met compenserende maatregelen te kiezen. Aangegeven wordt dat de energiestrategie in lijn is met het milieubeleidsprogramma en het in februari van 2013 vastgestelde duurzaamheidsbeleid. De millenniumdoelen6 zijn het richtpunt. Van vergunningen, handhaving, afval en energiebesparing naar eerlijke handel en energieneutraliteit in nog geen twintig jaar! Enig realisme klinkt ook door in de ambitie als gesteld wordt dat ‘berekeningen aantonen dat het voor de drie gemeenten Beesel, Venlo en Venray praktisch gezien alleen mogelijk is om in 2030 energieneutraal te worden als we compensatiemaatregelen meetellen.

Een extra inspanning richting volledige energieneutraliteit zou met bestaande, betrouwbare en betaalbare technieken alleen mogelijk zijn met zeer veel extra windmolens. Dat wordt niet realistisch geacht. De ambitie energieneutraal met compensatiemaatregelen is ambitieus, maar wel realistisch en gestoeld op relevante maatschappelijke ontwikkelingen, de veranderende rol van de overheid en de beschikbare middelen. Compensatiemaatregelen kunnen zijn: duurzame energieproductie buiten de gemeentegrens, inkoop groene stroom en/of groen gas (opgewekt in Nederland), duurzaam beheer bossen of geld storten in een regionaal fonds waarmee lokale energieprojecten kunnen worden gerealiseerd. Deze compensatiemaatregelen zijn niet uitsluitend een gemeentelijke opdracht, maar moeten door de samenleving in zijn geheel worden gedragen.’ Belangrijk in de Beeselse aanpak is het mobiliseren en faciliteren van maatschappelijke activiteiten. Ook spreekt uit het document een duidelijke overheidsrol. i.c. ‘De overheid beperkt zich tot haar eigen rol (wettelijke taken) en treedt op als facilitator, om processen te ondersteunen (eventueel aanjagen) en randvoorwaarden te scheppen.’ Het beleid wordt uitgewerkt in een zogenaamde ‘roadmap naar 2030’ met een serie uitvoeringsprogramma's. Niet alle actiepunten waren echter van toepassing op Beesel.

De actiepunten die van toepassing waren voor Beesel zijn opgenomen in het milieuuitvoeringsprogramma van de volgende daarop volgende jaren. De globale aanpak is beschreven voor de periode 2013-2030 in bijlage vier van het rapport. In de Roadmap 2030 is in vier perioden: 2013-2017, 2017-2020, 2020-2025, 2025-2030 beschreven welke stappen gezet moeten worden om de bepaalde ambities te bereiken en op welke wijze de monitoring gaat plaatsvinden. I.c. ‘De realisatie van de doelstellingen wordt bewaakt met een 5

Klimaatprogramma Beesel 2009-2012, pagina 25 The United Nations Millennium Declaration, signed in September 2000 commits world leaders to combat poverty, hunger, disease, illiteracy, environmental degradation, and discrimination against women. The MDGs are derived from this Declaration, and all have specific targets and indicators 6

7

monitoringssysteem waar de gemeenten reeds over beschikken. In dit systeem worden zoveel mogelijk initiatieven in de gemeenten en de resultaten daarvan bijgehouden.’ Aansluitend op de reguliere programmacyclus zal, zo wordt aangegeven, de gemeenteraad op de hoogte houden worden over de budgettaire aspecten van de uitvoering van het energiebeleid en over lopende/afgeronde energieprojecten. 2017 - …….. Doorgaan op de ingeslagen weg, realistisch en volgend In september 2017 stelt de gemeenteraad de Duurzaamheidsagenda 2017-2020 'We pakken door' vast en vraagt om een richtinggevende duurzaamheidsvisie. In het najaar van 2017 vinden er twee raads(werk)vergaderingen plaats, waarin de raad om respectievelijk een beleidskader grootschalige opwek en een pilot Omgevingswet/ energietransitie vraagt. In februari 2018 wordt opdracht gegeven aan bureau Over Morgen om deze drie trajecten te begeleiden. Het traject om te komen tot een nieuwe integrale duurzaamheidsvisie 2019-2030, met een doorkijk naar 2050, wordt in juni 2018 gestart. Hiervoor zijn diverse bijeenkomsten georganiseerd: interne ambtelijke bijeenkomsten, 6x pop-up kraam op markten, stakeholdersbijeenkomst, ondernemersbijeenkomst, 2x masterclass zon- en windenergie, duurzaamheidsmarkt en een kids challenge.

In 2019 wordt vervolgens de duurzaamheidsvisie en de themagerichte verdieping van de duurzaamheidsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. Tevens bevat een door het college vastgesteld actieplan 2019-2022 dat ter kennisname aan de gemeenteraad wordt toegezonden. Onder de paraplu Duurzaamheidsvisie 2019-2030 Focus, Lef en Draakkracht (verder genoemd Duurzaamheidsvisie) zijn vijf themalijnen uitgewerkt: circulaire economie, klimaatadaptatie & biodiversiteit, sociale duurzaamheid, mobiliteit en energietransitie. Deze visie geeft inzicht in opgave en doelstellingen, richt zich op samenwerking tussen overheden, bewoners, bedrijven en instanties en het concreet maken en benutten van kansen vanuit lokale identiteit en ruimte. Er is gekozen voor een programmatische aanpak. De geformuleerde doelstelling voor energie is even verrassend als realistisch. ‘We constateren dat een realistische doelstelling vraagt om een bijstelling van de energiestrategie ‘Energie voor groene groei 2013-2030’. De doelstelling hierin was energieneutraal in 2030 met compensatiemaatregelen. We zouden met deze doelstelling erg vooruitlopen op de doelstellingen van de Rijksoverheid, die als doelstelling een aardgasvrije gebouwde omgeving en energieneutraliteit in 2050 hanteert.

De stip op de horizon ligt nog steeds op 2030, maar sommige doelstellingen hebben een verdere doorkijk: We realiseren de verwachte besparing van 34% in 2040 in plaats van 2030. Kijkend naar de typische groei bij transities, komen we in 2030 uit op een besparing van 20% (t.o.v. 2015); We realiseren een aardgasvrije gemeente in 2050 in plaats van 2030, of zoveel eerder als mogelijk; We behouden de verwachte grootschalige duurzame opwek van 370 TJ/jaar in 2030, uitgaande van voldoende ruimtelijke potentie en netwerkcapaciteit in onze gemeente.7 Beesel neemt gas terug ten aanzien van haar ambitie en kiest ervoor om haar doelstelling volgend te maken op het rijksbeleid (‘we zouden met deze doelstelling erg vooruitlopen’). Hiermee wordt meer dan een nuance verschoven. Beesel vertraagt de realisatie van haar strategische besparingsdoelstelling met tien jaar en de ambitie om van het aardgas af te gaan zelfs met twintig jaar.

7

Duurzaamheidsvisie 2019 – 2030, Gewoon Samen Duurzaam, Focus, Lef en Draakkracht, Thematische verdieping, pagina 6.

8

Tijdens de raadsbehandeling van de duurzaamheidsagenda 2017 op 25 september 2017 neemt de raad unaniem een motie die het college opdraagt om aan alle raadsvoorstellen een duurzaamheidsparagraaf te hechten8, omdat ‘duurzaamheid vanzelfsprekend zou moeten zijn en er nog te vaak aan duurzaamheid voorbij wordt gegaan’. Een vluchtige blik over de raadsagenda’s van de afgelopen twee jaar maken duidelijk dat deze toevoeging weliswaar in het format is opgenomen, maar zelden meer inhoud kent dan de aanduiding ‘n.v.t.’. Zelfs waar dat bij sommige onderwerpen zeer voor de hand had gelegen zoals bijvoorbeeld het armoedebeleid, de verordening starterslening of het raadsvoorstel toekomstigbestendige centra. Het lijkt inderdaad (te) vanzelfsprekend of er wordt inderdaad (te) gemakkelijk aan voorbij gegaan. Dat laatste lijkt deze tekst (in de duurzaamheidsparagraaf bij het raadsvoorstel ‘De regionale POLuitwerking voor Land- en Tuinbouw en het regionaal Ruimtelijk Kwaliteitskader’) te indiceren: De regionale POL-uitwerking voor Land- en Tuinbouw en het regionaal Ruimtelijk Kwaliteitskader dragen bij aan de algemene doelstelling van de 'Ambitie Agenda 2018-2022' om onze leefomgeving zo te gebruiken dat volgende generaties er ook plezier van kunnen hebben.9 Dat lijkt ons wel een heel gemakkelijke wijze van formuleren waarvan wij ons afvragen wat daarvan de meerwaarde is voor de gemeenteraad.

De uitvoering Ambities en plannen zijn een mooie start, uiteindelijk zal het van de uitvoering afhangen of er ook daadwerkelijk resultaten worden bereikt. In het normenkader hebben we dit benoemd als ‘de uitvoering is conform het door de raad vastgestelde plan’. Zoals aangegeven beslaat dit onderzoek een relatief lange periode. Dat maakt het mogelijk om over een langere periode waarnemingen te doen. 2008-2012, een bescheiden start Het beleid is vastgesteld, net als het uitvoeringsplan, inclusief middelen en capaciteit. De gemeente Beesel gaat aan de slag. Opvallend is in ieder geval dat in de eerste vijf jaar van de onderzochte periode er van de begrote €135.000 voor duurzaamheid slechts €60.000 is gerealiseerd.10 Opvallend in deze eerste vijf jaar is ook dat het milieubeleidsplan nog sterk het karakter heeft van een programma gericht op regelgeving, vergunningverlening, controle en handhaving van milieuwetgeving. In november 2008 verschijnt het uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid 2009 - 2012. Een brede aanpak dus. Opvallend, een van de eerder dat jaar in het klimaatprogramma vastgestelde doelen, namelijk dat 5% van de huishoudens ‘energiezuinig gedrag vertoont’, is verdubbeld naar 10%.11 Een verdubbeling van deze ambitie in een paar maanden tijd. Naar huidige maatstaven overigens nog redelijk bescheiden.

In het (eerste) jaarverslag 2008 met betrekking tot het milieubeleidsplan lezen we veel over vergunningverlening en handhaving (‘35 controles zijn niet uitgevoerd en worden ook niet ingehaald vanwege capaciteitsgebrek’).12 Zestien huishoudens hebben in 2008 een energiesubsidie ontvangen.

8

Raadsmotie Duurzaamheid (VLP), 25 september 2017 Raadsvoorstel Vaststellen POL-uitwerking 'Regionale visie Landen tuinbouw Noord-Limburg' en 'Regionaal Ruimtelijk Kwaliteitskader', 16 september 2019 10 Budgetoverzicht baten/ lasten, periode 2008-2012 11 uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid 2009 - 2012, pagina 5 12 Milieubeleidsprogramma 2009 Incl. verslag 2008), pagina 16 9

9

Over 2009 wordt voor het tweede jaar op rij gemeld dat er (opnieuw) geen Dubo-aanvragen (duurzaam bouwen) zijn gedaan. Het energielabel van het gemeentehuis betreft op dat moment een F-label. Er is besloten dat het gemeentehuis verbouwd zal worden, waarbij duurzaamheids- en klimaataspecten een grote rol spelen. Hiervoor worden gelden van de SLOK-uitkering (Stimulering lokaal klimaatbeleid) ingezet voor onderzoek naar de meest gunstige uitvoering van de aanpassingen. Ook voor sporthal de Schans en gemeenschapshuis de Schakel is een energielabel opgesteld. Er is een vervangingsplan opgesteld voor energieverspillende armaturen maar Beesel wil wachten met de toepassing van ledverlichting totdat er meer duidelijkheid is kosten en lichtefficiency en over pilotprojecten elders in het land. Beesel verstrekt weliswaar een enkele subsidie, maar is nog is vooral bezig met onderzoeken. In 2012 verschijnt er, gekoppeld aan het verslag over 2011 een evaluatie van het milieubeleidsprogramma.13 Hoewel de titel anders doet vermoeden betreft het echter een verslag over de activiteiten en resultaten in 2011.

Vermeldenswaardig is echter zeker dat de jury van de Duurzaamste Gemeente Prijs 2011 de renovatie van het Beeselse gemeentehuis heeft verkozen tot het beste duurzaamheidsproject van Nederland 2011, omdat het een voorbeeld is hoe een energieverspillend gemeentehuis in zeer korte tijd en relatief goedkoop kan worden omgebouwd tot een energiezuinig en duurzaam kantoorgebouw. Gelijktijdig werd de hele organisatie verduurzaamd (invoeren Nieuwe Werken, digitaal archief, flexplekken).14 Beesel liep op dat moment wat betreft gemeentelijke huisvesting dus voorop. Wat betreft klimaat, energie en duurzaamheid ontbreken echter concrete prestaties. Veel resultaten hebben betrekking op processen, afspraken, communicatie en overleg. Of Beesel ook buiten het gemeentehuis inmiddels concreet en meetbaar duurzamer is geworden is niet te vinden. Er gebeurt van alles, in 2012 weten we klaarblijkelijk (nog) niet met welk meetbaar resultaat. Het jaarverslag met betrekking tot het milieubeleid worden steeds minder omvangrijk en de rapportage over het laatste jaar van deze programmaperiode (2009-2012) telt nog maar vijf pagina’s. Eveneens ontbreken hier concrete, meetbare resultaten.

De oorzaak lijkt gelegen in het schrappen in 2013 van de verplichting (uit de Wet Milieubeheer) om een jaarverslag op te stellen over vergunningverlening, toezicht en milieuhandhaving.15 Beesel voert sinds eind 2009 energie- en klimaatbeleid uit. Het eerste beleid op dit vlak is het klimaatprogramma 2009-2012. Meer informatie vinden we in de Rapportage stand van zaken uitvoering Energie- en Klimaatprogramma 2009-2012. Een vier pagina’s tellende overzichtelijke lijst van projecten die in de afgelopen vijf jaar zijn opgepakt en uitgevoerd. Er wordt niet al te inhoudelijk ingegaan op de projecten. Voor meer details wordt verwezen naar de coördinator van het programma. Daarbij wordt opgemerkt dat in de loop van de planperiode is het programma enigszins is gewijzigd. Sommige projecten zijn samengevoegd of zijn helemaal komen te vervallen. Daarvoor in de plaats is een aantal nieuwe projecten uitgevoerd.16 Deze evaluatie maakt volgens de officiële bijlagenlijst geen onderdeel uit van het raadsvoorstel. Het valt op dat deze evaluatie vooral uitvoerend is en enkel een stand van zaken weergeeft en er geen relatie wordt gelegd met de hogere doelen en ambities zoals verwoord in het beleid. Het is duidelijk dat er veel gebeurd, maar of en in welke mate het heeft bijgedragen aan een duurzamer Beesel is niet te achterhalen.

Een bescheiden indicatie is de positionering van de gemeente Beesel in de top 10 van Nederlandse gemeenten met het hoogste percentage (energie-) gelabelde woningen (met 45,53% stond Beesel op dat moment op de 9e plaats). 13

Milieujaarverslag 2011 en evaluatie milieubeleidsprogramma, 2012 Milieujaarverslag 2011, inclusief evaluatie milieubeleidsplan, 2012 15 Reactie B&W op feitenrelaas, 9 november 2020 16 Rapportage uitvoering Energie- en Klimaatprogramma 2009-2012, raadsvergadering 30-09-2013 14

10

2013 – 2017 Accentverschuiving, verbreding van duurzaamheid en regionalisering In de Nota duurzaamheid en millenniumdoelen17 zijn 11 concrete acties opgenomen die de stevige ambitie uit dit beleidsdocument dichterbij zouden moeten brengen. Zoals €100.000 beleggen in Oikocredit, het behalen van de titel fairtrade gemeente in 2016, het opstellen van nieuw (duurzaam) inkoopbeleid, het instellen van een duurzaamheidsteam, actiepunten voor een energiestrategie opstellen en uitvoeren, ecologisch beheer, interne milieuzorg uitvoeren, een duurzaamheidinvesteringsplan, maatschappelijk verantwoord ondernemen en actiepunten gericht duurzaam bouwen en samen met WoonGoed2Duizend onderzoeken of de prestatieafspraken op het gebied van energiebesparing en duurzaamheid kunnen worden aangescherpt. En belangrijk (!), jaarlijks rapporteert de milieucoördinator de uitvoering aan de raad via het milieubeleidsprogramma en het daarin opgenomen jaarverslag. Een enorme ambitieus actieplan dus voor een kleine gemeente. Opvallend veel van deze acties zijn gericht op overleg, op het (nog) formuleren van aanpak en te maken afspraken. Wat betreft de actie om de titel Fair Tradegemeente in 2016 te behalen (dat is overigens gelukt!18) is onduidelijk wat daarvoor nodig is.

Evenmin is het niet duidelijk in hoeverre deze 11-puntige aanpak concreet de gestelde doelen dichterbij moet brengen en hoe dat moet worden vastgesteld. Er wordt een duurzaamheidsinvesteringsprogramma aangekondigd, dat op 25 maart 2013 door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Daarin vinden we een lijst met concrete acties en middelen voor de periode 2013 - 2016. Een (zoals afgesproken) jaarlijkse rapportage van de milieucoördinator over de uitvoering hebben we niet aangetroffen. Aan de hand van de ons ter beschikking gestelde beraps- en jaarrekeningen konden we de uitvoering echter volgen en op grond daarvan een beeld destilleren. Wij hebben kunnen vaststellen dat op die eerder genoemde afgesproken jaarlijkse rapportage na en de €100.000 aan Okiocredit na (de regels m.b.t. schatkistbankieren maken dit onmogelijk) is het hele duurzaamheidsinvesteringsprogramma daadwerkelijk uitgevoerd. In de jaarrekening 2017 lezen we dat er in 2017 een Duurzaamheidsagenda 2017-2020 met actiepunten is vastgesteld.19

2017 -2019, …….. Doorgaan op de ingeslagen weg, realistisch en volgend In 2017 leidt een nieuw document, de vastgestelde Duurzaamheidsagenda 2017-2020 'We pakken door', tot (op de eerder vastgestelde aanpak) aanvullende acties. In de aanvulling op deze agenda lezen we dat er gekozen is voor het scenario ‘Energieneutraal met compensatiemaatregelen’.20 Het energiebesparingspotentieel in 2030 bedraagt circa 34% (t.o.v. het verbruik in 2011) en het potentieel dat duurzaam kan worden opgewekt in 2030 is circa 35%. Hoewel de raad specifiek heeft gevraagd naar reële doelstellingen en ambities en de gemeenschap hier in lijkt te meegenomen21 is er -bewust of onbewust- afscheid genomen van de ambitie ‘energieneutraliteit in 2030’ uit de Nota duurzaamheid en millenniumdoelen uit 2012.

17

Raadsvoorstel Nota duurzaamheid en millenniumdoelen, 3 februari 2012, pagina 4. http://www.themanieuws.nl/app/publication/DKBE181/5833 19 Jaarrekening 2017, pagina 64 20 Notitie Aanvullingen naar aanleiding van de commissievergadering d.d. 11 september 2017 21 Reactie B&W op feitenrelaas, 9 november 2020 18

11

In de periode van september tot december 2017 zijn er nog twee raads(werk)vergaderingen geweest, waarin de raad om respectievelijk een beleidskader grootschalige opwek en een pilot Omgevingswet/ energietransitie heeft gevraagd. Er lijkt niet alleen afscheid genomen van een (te) hoge ambitie, ook lijkt er sprake van een nieuwe kijk op de materie. Met de komst van een nieuw college en een nieuwe portefeuillehouder vindt er ook een verbreding plaats van de focus. Niet alleen maar sectoraal afgebakend beleid, maar integraal en dus onderling met elkaar verbonden opgaven. In de praktijk betekent dit dat concrete initiatieven integraal worden afgewogen waarbij meerdere doelen dienen te worden gehaald. Of dat nu gaat over de herbestemming van vrijkomende ruimte rondom de kerk in Offenbeek, de ruimtelijke inpassing van zonnepanelen, afwegingen rondom parkeerplaatsen of de herbestemming van agrarische ruimte. Duurzaamheid neemt steeds een belangrijke plaats in als het om de afweging gaat. Om deze afweging te kunnen maken is een afwegingskader gecreëerd, genaamd KODE.22 . Met de gemeenteraad is bij de vaststelling afgesproken elke twee jaar de balans op te maken. In januari 2022, vlak voor de gemeenteraadsverkiezing zal dus de eerste keer zijn. En boter bij de vis. Er kwam in deze bestuursperiode namelijk ook €1 miljoen beschikbaar voor het nieuw beleid.

Beleidsmatig en financieel lijkt Beesel het dus goed voor elkaar te hebben. Het is de rekenkamercommissie opgevallen dat de voor dit beleid beschikbaar gestelde formatie, zeker in relatie tot de (wettelijk vastgelegde) opgave en de bestuurlijk vastgestelde ambities, met minder dan 1 fte, als hoofdverantwoordelijkheid, beperkt en kwetsbaar oogt.23 In februari 2018 is er opdracht gegeven aan bureau Over Morgen om deze drie trajecten te begeleiden. Het traject om te komen tot een nieuwe integrale duurzaamheidsvisie 2019-2030, met een doorkijk naar 2050, is in juni 2018 gestart. Hiervoor zijn diverse bijeenkomsten georganiseerd: interne ambtelijke bijeenkomsten, 6 x pop-up kraam op markten, stakeholdersbijeenkomst, ondernemersbijeenkomst, 2 x masterclass zon- en windenergie, duurzaamheidsmarkt en een kids challenge. Aan inzet en aanpak is dus geen gebrek. De gemeenten in de regio Noord- en Midden-Limburg werken onderling goed samen aan het energievraagstuk. Anders dan in de meeste andere Nederlandse regio zijn in de regio Noord- en Midden-Limburg meerdere bedrijvenallianties actief naast lokale energiecoöperaties. Ook zijn er buitengewoon veel lokale initiatieven. De regio vormt hiermee uitzondering op de regel in het actief betrekken van de aanbodzijde.

De gemeente Beesel heeft in de periode 2015-2019 binnen deze ontwikkeling een belangrijke rol gespeeld als coördinator en penvoerder van het door de VNG opgezette traject Regionale aanpak verduurzaming particuliere woningbouw. Dit heeft geresulteerd in de procesaanpak Regionale Energie Alliantie (REA) Noord- en Midden-Limburg. Binnen deze aanpak werken de gemeenten in de Regio Noord- en Midden-Limburg onderling goed samen aan het energievraagstuk. Deze samenwerking heeft zich voortgezet in de aanpak van de RES.24 De lokale partijen vormen de spil van de aanpak. Met name de aanpak om lokale partijen met ‘snel geld’ te helpen actief te worden, heeft goed gewerkt. Wel wordt aangegeven dat dat de gevormde coalities zich nog vooral op bestaande, enkelvoudige maatregelen richten. Het aanbieden van integrale concepten en bredere product-marktcombinaties moet nog verder worden ontwikkeld, net

22

ToetsingsKODE Beesel, Toetsingskader voor Opwekking Duurzame Energie, door de raad vastgesteld op 27 januari 2020 23 Interviews 24 Reactie B&W op feitenrelaas, 9 november 2020

12

als bij het grootste deel van de andere regio’s. De lopende innovatieve aanpakken in de regio maken intussen stappen in de beoogde integraliteit.25 Op 31 januari 2020 verscheen de uitgangspuntennotitie RES, Noord- en Midden-Limburg. De vijftien gemeenten van Noord- en Midden Limburg vormen samen met de provincie Limburg, netbeheerders en het waterschap één van de RES-regio’s. In de eerder verschenen startnotitie d.d. 17 mei 2019 is uiteengezet welke deelproducten de regio geacht wordt op te leveren, welke planning daartoe wordt gehanteerd en op welke wijze de organisatie en besluitvorming is ingericht. De CO2-emissiereductie moet gerealiseerd worden door energiebesparing en kleinschalige (gebouwgebonden zonPV) duurzame energie opwekking. Zo veel mogelijk geschikte daken moeten daarvoor worden ingezet. Dit moet resulteren in tenminste 25% CO2-emissiereductie in 2030 ten opzichte van 2015. Aanvullend richt de aanpak zich op CO2-emissiereductiemaatregelen (waaronder energiebesparing) bij productieprocessen van bedrijven en instellingen (Wet milieubeheerinrichtingen), waarvoor de energiebesparingsplicht conform het Activiteitenbesluit milieubeheer geldt.26

25

Analyse regionale aanpakken energiebesparing koopwoningen VNG, Rapportage regio Noord- en MiddenLimburg 26 Uitgangspuntennotitie RES, Noord- en Midden-Limburg, 31 januari 2020, pagina 7

13

De resultaten, monitoring Zoals hiervoor aangegeven is er in Beesel veel tot uitvoering gebracht. Weinig (met de gemeenteraad) gemaakte afspraken zijn niet tot uitvoering gebracht. Maar belangrijker wellicht nog dan de vaststelling of alles is uitgevoerd, is de vaststelling of datgene wat is uitgevoerd ook heeft geleid tot de beoogde resultaten. In het voorafgaande heeft u kunnen lezen dat gedurende de onderzochte er soms ook sprake was van ‘impliciete doelverschuiving’, ongemerkt werden ambities bijgesteld. Het meest opvallend was wat ons betreft de verlaging van de ambitie ‘energieneutraliteit in 2030’. Oud beleid werd in die periode vervangen door nieuw beleid omdat er door de raad -in de aanloop naar deze bijstellingspecifiek aangedrongen op ‘reële ambities’. We hebben geen noemenswaardige evaluatiedocumenten aangetroffen die u zicht had kunnen geven op de mate waarin eerder vastgestelde ambities of doelstellingen zijn of (nog) worden gehaald. De uitvoering hebben wij vanaf 2013 moeten destilleren uit generieke verantwoordingsdocumenten zoals de beraps en jaarrekeningen. Het controleren van de uitvoering, van het college en het (bij-)sturen door u als gemeenteraad is daarmee geen eenvoudige opgave.

Gelukkig hebben wij een aantal documenten aangetroffen die iets meer inzage geven in het doelbereik specifiek in Beesel, namelijk een aantal thematische effectrapportages van de Klimaatmonitor. In de Rapportage Energietransitie Gebouwde Omgeving 2017 (gedateerd 31 maart 2020) is zichtbaar dat de opwekking van hernieuwbare energie in de gemeente Beesel in de periode 2010-2017 met een groei van 25 Tj naar 54 Tj ruim is verdubbeld naar 4,0% van het totale energieverbruik. Dat is weliswaar een mooie toename, maar daarmee is dit percentage nog steeds duidelijk lager dan het landelijk gemiddelde van 6,6%. Om de deze groei in perspectief te plaatsen, in 2013 bedroeg dit cijfer in Beesel 3,0%, landelijk 4,5%. De groei is procentueel dus vergelijkbaar, wat betreft doelbereik bleef Beesel (in 2017), ondanks ambities, dus duidelijk achter.27 De totale CO2-uitstoot in Beesel laat in de periode 2014-2018 aanvankelijk een lichte daling zien, gevolgd door een hernieuwde stijging. De uitstoot door particuliere huishoudens is (gecorrigeerd voor temperatuurschommelingen) in die periode licht afgenomen. Deze afname werd echter gecompenseerd door een toename van de uitstoot door verkeer en vervoer, commerciële dienstverlening en industrie. Ook de landbouw liet een fraaie daling van de CO2-uitstoot zien van bijna 10%.28

27 28

https://nl.wikipedia.org/wiki/Duurzame_energie, CBS, hernieuwbare energie Klimaatmonitor, CO2-uitstoot in gemeente Beesel, Klimaatmonitor.databank.nl

14

Normenkader Onvoldoende: Voldoende: +/Goed: + Geen oordeel: 0

Onderdeel

Norm

Toelichting

Beleid

Er is een door de gemeenteraad vastgesteld plan

Er sprake van vastgesteld plan en beleid. Het beleid wordt na enkele jaren vervangen door nieuw beleid.

+

Beleid

Er is sprake van heldere en toetsbare doelstellingen

In de beginperiode zijn de doelstellingen vooral algemeen. In de daaropvolgende periodes volgen de doelstellingen de regionale en nationale ambities. Het beleid wordt via programmalijnen in acties vertaald.

+

Uitvoering

De uitvoering is conform het door de raad vastgestelde plan

De beleidsdoelen die zijn gesteld zijn ambitieus en worden telkens bijgesteld. Er gebeurt van alles, maar het is moeilijk te volgen welke concrete resultaten dit oplevert en op welke wijze dit bijdraagt aan de beoogde strategische doelstellingen . Er treden beleidswijzigingen op gedurende de uitvoering.

+/-

Controle/ toezicht

De doelstellingen worden gerealiseerd

De realisatie van de doelstellingen wordt grotendeels bewaakt. Rapportages worden echter niet altijd opgesteld conform de afspraak. Dit maakt het voor de gemeenteraad vrijwel niet mogelijk om te beoordelen of bijstelling van de ambities of van de aanpak gewenst of geboden is;

-

Doeltreffendheid Er is sprake van en een doeltreffende doelmatigheid en doelmatige inzet van middelen

Het beleid lijkt in beperkte mate doeltreffend. Aangezien beleidsambities telkens moeten worden bijgesteld omdat resultaten niet worden bereikt. De rekenkamercommissie heeft over de doelmatigheid van inzet op basis van de beschikbare informatie geen conclusies kunnen trekken.

-/0

15

Conclusies Beleid 1. De gemeente Beesel heeft vastgesteld duurzaamheidsbeleid dat periodiek wordt geactualiseerd. Het duurzaamheidsbeleid, meer in het bijzonder het energiebeleid, van de gemeente Beesel is goed gedocumenteerd en kent wisselingen in het ambitieniveau. 2. Het beleid kan zijn algemeenheid worden gekarakteriseerd als ‘volgend’ (op het rijks- en regionaal beleid) en ‘realistisch’; Uitvoering 3. De wijze waarop en de mate waarin de activiteiten die voortvloeien uit het vastgestelde beleid geacht worden om bij te dragen aan de doelstellingen is nauwelijks navolgbaar. Het is niet duidelijk hoe en wanneer welke doelstelling dient te worden gerealiseerd; 4. De activiteiten en projecten zoals die zijn opgenomen in het duurzaamheidsbeleid zijn in zijn algemeenheid adequaat uitgevoerd; Controle 5. De monitoring was in de onderzochte periode niet conform de met de gemeenteraad gemaakte afspraken. De voortgang was indirect herleidbaar uit de bestuursrapportages en de jaarrekeningen. Dit, in combinatie met conclusie 3, maakt het voor de gemeenteraad echter vrijwel niet mogelijk om te beoordelen of bijstelling van de ambities of van de aanpak gewenst of geboden is; Doeltreffendheid 6. Wat betreft de doeltreffendheid concluderen wij dat de door de gemeenteraad geformuleerde doelstellingen (vooralsnog) niet worden bereikt. a.

De ambitie om het energieverbruik te verlagen is deels bereikt. Huishoudens verbruikten in 2017 6% minder energie dan in 2013, het verbruik door het verkeer, industrie en landbouw is toegenomen; b. De opwekking van hernieuwbare energie in de periode 2010-2017 is verdubbeld (naar 4,0% in 2017 t.o.v. Nederland 6,6%), maar blijft duidelijk achter bij het landelijk gemiddelde; c. De uitstoot van CO2 is in de periode 2014- 2018 niet gedaald, ondanks een daling van de uitstoot door particuliere huishoudens en landbouw. 7. Het duurzaamheidsbeleid in Beesel lijkt (getuige de wijze waarop aan de duurzaamheidsparagraaf invulling wordt gegeven) nog te weinig ingebed in de overige beleidsterreinen welke, naar het oordeel van de rekenkamercommissie, een bijdrage hadden kunnen leveren aan het bereiken van de duurzaamheidsdoelstellingen. Met de vaststelling door de gemeenteraad van KODE lijkt er een goede stap te zijn gezet op weg naar een meer integrale afweging en betere verbindingen tussen de afzonderlijke beleidsterreinen en bestuurlijke doelen. Doelmatigheid 8. De rekenkamercommissie heeft over de doelmatigheid van de gepleegde inzet op basis van de beschikbare informatie geen conclusies kunnen trekken. Het is onduidelijk in hoeverre de budgettaire inzet, formatie en activiteiten in de praktijk leiden tot een groter doelbereik.

Daarmee is het niet duidelijk of er gesproken kan worden van een doelmatige inzet van publieke middelen.

16

Aanbevelingen (volgend uit de conclusies) 1. Bepaal als gemeenteraad (explicieter dan nu het geval is) uw ambitie en breng die in overeenstemming met uw beleid; 2. Laat in beeld te brengen op welke wijze en in welke mate de uit het beleid voortvloeiende activiteiten bijdragen aan door u vastgelegde doelstellingen; 3. Laat u informeren zoals u met het college heeft afgesproken, separaat en periodiek; 4. Geen; 5. Stuur op naleving van de gemaakte afspraken wat betreft de monitoring; 6. Stel uw ambities bij, passend bij het feitelijk doelbereik zoals deze zich aftekent of intensiveer uw aanpak; 7. Zie toe op een adequate naleving van de afspraken rondom de verplichte paragraaf duurzaamheid en leg meer nadruk op dwarsverbanden en de kansen die dat biedt op een verhoging van de doeltreffendheid en doelmatigheid; 8. Duurzaamheid is een relatief nieuw beleidsterrein. Dat maakt het moeilijk om de doeltreffendheid in beeld te brengen. Vraag om in beeld te brengen hoe Beesel het doet ten opzichte van andere gemeenten en de middelen die daarbij worden ingezet. Stuur ook op meekoppelkansen bij andere beleidsterreinen. Daarmee kan de impact van verduurzaming worden vergroot.

17

Documentatie Gemeente Beesel, Milieubeleidsprogramma 2008, met daarin het jaarverslag 2007 en het milieuuitvoeringsprogramma 2008 Gemeente Beesel, Essent BespaarPlan voor de gemeente Beesel, 2008 Gemeente Beesel, Klimaatprogramma Beesel, 2008 Gemeente Beesel, Uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid 2009-2012 (ihkv het landelijke SLOKprogramma en het provinciale Omschakelconvenant), 2008 Gemeente Beesel, Milieubeleidsprogramma 2009, met daarin het jaarverslag 2008 en het milieuuitvoeringsprogramma 2009, 2009 Gemeente Beesel, Milieubeleidsprogramma 2010 met daarin het jaarverslag 2009 en het milieuuitvoeringsprogramma 2010, 2010 Gemeente Beesel, Milieubeleidsprogramma 2011, met daarin het jaarverslag 2010 en het milieuuitvoeringsprogramma 2011, 2011 Gemeente Beesel, Nota Duurzaamheid en Millenniumdoelen, 2012 Gemeente Beesel, Meerjarig milieubeleidsprogramma 2012-2014 met daarin als bijlagen: evaluatie beleidsplan 2006-2010 en 0-meting stavaza milieu, 2012 Gemeente Beesel, Venray, Venlo Energiestrategie ‘Energie voor groene groei 2013-2030’, 2013 Gemeente Beesel, Duurzaamheidsinvesteringsplan nav Nota Duurzaamheid en Millenniumdoelen, 2013 Gemeente Beesel, Milieubeleidsprogramma 2013-2015 met daarin het jaarverslag 2012 en het milieu-uitvoeringsprogramma 2013-2015 , 2013 Gemeente Beesel, Rapportage stand van zaken energie- & klimaatprogramma 2009-2012, 2013 Gemeente Beesel,

Eindverslag Omschakelconvenant, 2013 Gemeente Beesel, Jaarverslag 2013, 2014 Gemeente Beesel, Beleidsplan openbare verlichting, 2015 Gemeente Beesel, Toekomstvisie ‘Blij in Beesel’, 2017 Gemeente Beesel, Duurzaamheidsagenda 2017-2020, 2017 Gemeente Beesel, Aanvulling Duurzaamheidsagenda, 2017 Gemeente Beesel, ambitieagenda ‘Samen aan de slag’ 2018-2022 Gemeente Beesel, Programmarekening 2018 Gemeente Beesel, Programmabegroting 2019-2022 Gemeente Beesel, Duurzaamheidsvisie 2019 – 2030, Focus, Lef en Draakkracht Gemeente Beesel – Vaststelling KODE Beesel, Kader voor opwekking duurzame energie, januari 2020

18

Gemeente Beesel, Duurzaamheidsvisie 2019 – 2030, Focus, Lef en Draakkracht, thematische verdieping Gemeente Beesel, Tweede bestuursrapportage 2018 en Eerste bestuursrapportage 2019 Gemeente Beesel, Regionale energievisie Noord Limburg 2018-2030 (pol-uitwerking), 2018 Gemeente Beesel, Duurzaamheidsvisie Focus, Lef en Draakkracht 2019-2030, 2019 Gemeente Beesel, Thematische uitwerking Duurzaamheidsvisie, 2019 Gemeente Beesel, Toetsingskader Opwekking Duurzame Energie (KODE Beesel), 2020 Gemeente Beesel, Uitgangspuntennotitie RES, 2020 Klimaatmonitor, CO2-uitstoot; Energiegebruik in de gemeente Beesel; Hernieuwbare Energie in Gemeente Beesel; Opgave Energietransitie Beesel (Klimaatmonitor.databank.nl) Kwink Groep, Over Morgen, analyse regionale aanpakken energiebesparing koopwoningen VNG, rapportage regio Noord- en Midden-Limburg Rapportage Energietransitie Gebouwde Omgeving 2017, gemeente Beesel Regio Noord- en Midden-Limburg, uitgangspuntennotitie RES, Noord- en Midden-Limburg, 31 januari 2020 Webpagina gemeente Beesel

Geïnterviewde personen Marcel Roelofs, portefeuillehouder Duurzaamheid (5 oktober 2020) Henk Lommerse, afdelingshoofd Grondgebied (5 oktober 2020) Esther Swinkels, beleidsmedewerker duurzaamheid (5 oktober 2020)

19

Bestuurlijke reactie college van B&W

20

21

22

23

Nawoord rekenkamercommissie

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beesel&id=d82e3838-b3ad-48a1-804a-8b7a6726ee71