CConstaterende datBeesel
Koppel je AI →
Document · PDF

P08073 TAM-Omgevingsplanwijziging uitbreiding Camping Natuurplezier Motivering 20251128

Raadscommissievergadering 9 februari 2026, gemeente BeeselBij agendapunt: Vaststelling omgevingsplanwijziging 'uitbreiding Camping Natuurplezier', Keulseweg 200, te Reuver19.054 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan;

d. bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan. 7.13.2

Onderzoek

Onderhavig planvoornemen is niet gelegen in de omgeving van geur belastende bedrijven en voorziet niet in het oprichten van een geur producerend gebouw. Derhalve wordt een geuronderzoek niet noodzakelijk geacht. 7.13.3

Conclusie

Vanuit het milieuaspect geur is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

7.14

Trilling

7.14.1

Toetsingskader

Trilling kan nadelige gevolgen hebben voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Het kan effect hebben op het welzijn of schade aan gebouwen veroorzaken. De Omgevingswet beschermt daarom (delen van) gebouwen en de mensen die daarin verblijven tegen trillingen van activiteiten. De aanwijzing van trilling gevoelige gebouwen staat in artikel 5.80 Bkl. Hieronder vallen gebouwen met een woonfunctie, onderwijsfunctie, gezondheidszorgfunctie, bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en de bijbehorende nevengebruiksfuncties. Er zijn verschillende soorten trillingen met verschillende bronnen. De Omgevingswet maakt bij de instructieregels over trillinghinder door activiteiten onderscheid tussen: •

Continue trillingen (trillingen die gedurende een lange tijd aanwezig zijn, door bijvoorbeeld machines of druk wegverkeer)

•

Herhaald voorkomende trillingen (kortdurende trillingen die periodiek voorkomen, door bijvoorbeeld treinverkeer)

Bronnen van trillingen zijn verkeer over de weg of het spoor, machines in de industrie en bouw- en sloopactiviteiten. Deze bronnen veroorzaken een trilling die voelbaar is in gebouwen. Dit gebeurt bijvoorbeeld via de vloer en de wanden. Trillingen kunnen op grote afstand hinder of schade opleveren.

TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f uitbreiding Camping Natuurplezier

46

In beginsel moet binnen een afstand van 100 meter van een treinspoor het risico op trillinghinder worden beoordeeld. In sommige gevallen is het nodig om het onderzoeksgebied uit te breiden tot 250 meter aan weerszijden van het spoor. Hiervan is bijvoorbeeld sprake wanneer er reeds klachten door trillinghinder van het spoor op een grotere afstand dan 100 meter bestaan 8. Provinciale omgevingsverordening De provinciale omgevingsverordening is de juridische uitwerking van de plannen en ambities uit een provinciale omgevingsvisie. In een omgevingsverordening kunnen instructieregels en/of direct werkende regels staan over trillingen. Omdat zoals eerder aangegeven het aspect trillingen vooral een lokaal probleem is, komen provinciale regels over trillingen in een omgevingsverordening niet vaak voor. De provincie mag wel regels over trillingen opnemen in de omgevingsverordening voor het omgevingsplan (paragraaf 2.5.1 van de Omgevingswet). Een provincie mag alleen direct werkende regels stellen over activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Dit gebeurt met het oog op 'een evenwichtige toedeling van functies aan locaties', als het onderwerp (trillingen) niet doelmatig en doeltreffend kan worden geregeld met een instructieregel (artikel 2.3, lid 2, van de Omgevingswet). Vanuit de Provinciale Omgevingsverordening Limburg (d.d.

1 januari 2024) gelden ter plaatse geen nadere instructieregels ten aanzien van het aspect trillingen. Omgevingsplan Het aspect trilling is vooral een lokaal probleem. Gemeenten mogen zelf regels stellen over trilling door milieubelastende activiteiten in het omgevingsplan. Hiervoor gelden de instructieregels over (continue en herhaald voorkomende) trillingen door activiteiten op trilling gevoelige gebouwen in het Bkl (paragraaf 5.1.4.4). De instructieregels voor trillingen door activiteiten gelden voor: •

het op een locatie toelaten van een activiteit en het aanpassen daarvan

•

het op een locatie toelaten van een trilling gevoelig gebouw en het aanpassen daarvan

•

een combinatie van beide

Het gaat hierbij om activiteiten die trillingen veroorzaken in een trilling gevoelige ruimte van een trilling gevoelig gebouw in een frequentie van 1 tot 80 Hz. Er zijn ook activiteiten die uitgezonderd zijn van de instructieregels: •

trilling gevoelige gebouwen op een industrieterrein waarvoor een geluidproductieplafond is ingesteld (artikel 5.79, lid 2, onder a, Bkl)

•

de activiteit wonen

•

verkeer op wegen, vaarwegen en spoorwegen

In het omgevingsplan leggen gemeenten vast welke trillingen door een activiteit in trilling gevoelige ruimten van trilling gevoelige gebouwen aanvaardbaar zijn (artikel 5.83 Bkl). Bij verlening van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit moet hier aan worden voldaan. Hierbij vindt een afweging plaats tussen het beschermen van de fysieke leefomgeving en het benutten van een locatie. Daarbij houdt de gemeente rekening met alle betrokken belangen.

8

https://iplo.nl/thema/trillingen/trillingen-instrumenten/omgevingsplan/nieuwbouw-langs-spoor/

TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f uitbreiding Camping Natuurplezier

47

Trillingen zijn aanvaardbaar als de standaardwaarden voor continue en herhaald voorkomende trillingen (zie Tabel en Tabel ) uit de artikelen 5.87 en 5.87a van het Bkl worden overgenomen (conform artikel 5.86 Bkl). Volgens artikel 5.87 Bkl dienen continue trillingen in eerste instantie te voldoen aan de in het omgevingsplan opgenomen waarden voor die trillingen, bedoeld onder A1. Indien hieraan wordt voldaan, is er sprake van een acceptabele situatie. Wanneer niet wordt voldaan aan deze waarden, moeten de continue trillingen voldoen aan de in het omgevingsplan opgenomen waarden onder A2 en A3. Hetzelfde geldt voor artikel 5.87a Bkl over de standaardwaarden voor herhaald voorkomende trillingen. Tabel 8 Standaardwaarden voor toelaatbare continue trillingen in trilling gevoelige ruimten (artikel 5.87 Bkl)

Soort Tijdsperiode A1 trillingssterkte Vmax A2 trillingssterkte Vmax A3 trillingssterkte Vper

Standaardwaarde 07.00-23.00 uur 0,1 0,4 0,05

Standaardwaarde 23.00-07.00 uur 0,1 0,2 0,05

Tabel 9 Standaardwaarden toelaatbare herhaald voorkomende trillingen in trilling gevoelige ruimten (artikel 5.87a Bkl)

Soort Tijdsperiode A1 trillingssterkte Vmax A2 trillingssterkte Vmax A3 trillingssterkte Vper

Standaardwaarde 07.00-23.00 uur 0,2 0,8 0,1

Standaardwaarde 23.00-07.00 uur 0,2 0,4 0,1

Artikel 5.88 en 5.89 van het Bkl bieden een mogelijkheid tot afwijking van de waarden, in het geval van bedrijventerreinen of zwaarwegende economische of maatschappelijke belangen. Verder leiden niet op alle locaties de standaardwaarden voor een activiteit tot het gewenste evenwicht tussen beschermen en benutten. Een gemeente kan dan gemotiveerd, vanuit het oogmerk van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, kiezen voor andere waarden (artikel 5.86, lid 2 Bkl). In het tijdelijk deel van het ‘Omgevingsplan gemeente Beesel’ is het aspect trillingen in artikel 22.83 tot en met 22.89 van paragraaf 22.3.5 vermeld. Ook is in artikel 22.18 de specifieke zorgplicht benoemd voor het gebruik van bouwwerken om overlast of hinder door trilling te voorkomen. 7.14.2

Onderzoek

Het planvoornemen maakt geen trilling gevoelig gebouw mogelijk. Derhalve hoeft het aspect trilling niet onderzocht te worden. Tevens is uit een gedegen analyse is gebleken dat er geen bedrijven zijn gelegen in de nabije omgeving met continue of herhaald voorkomende trillingen door een activiteit, waar hinder kan worden ervaren. 7.14.3

Conclusie

Vanuit het milieuaspect trilling is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f uitbreiding Camping Natuurplezier

48

8

Financiële en maatschappelijke verantwoording

8.1

Financieel-economische haalbaarheid

De ontwikkeling is voor rekening en risico van de initiatiefnemer. Er is geen sprake van een bouwplan waardoor de financiële uitvoerbaarheid anders geregeld is.

8.2

Maatschappelijke verantwoording

8.2.1

Advies en instemming

De wijziging van het omgevingsplan zal door de gemeente aan de vaste overlegpartners worden voorgelegd. Eventuele reacties worden beantwoord en waar nodig in het plan verwerkt. De Provincie Limburg heeft het plan beoordeeld. Zij heeft het volgende opgemerkt: •

De onderbouwing met betrekking tot natuur is nog onvoldoende: o

Er ontbreekt een bewijs van oplevering van de natuurcompensatie inclusief de kadastrale perceelnummers, eigendomsgegevens en moment van realisatie;

o

Het beheer is nog niet voldoende duidelijk, waarbij aangegeven dient te worden waaruit het beheer in de eerste komende 10 jaar bestaat;

o

Een duidelijk overzicht van de soorten en hoeveelheden op welke locatie (met visuele toelichting);

o •

Bewijs dat de compensatie ook planologische beschermd cq geborgd is en geregeld;

De onderbouwing met betrekking tot vrijetijdseconomie is nog onvoldoende: o

Er ontbreekt een bedrijfsontwikkelplan;

o

Er is geen onderbouwing van de marktruimte door een actueel vraag-aanbodanalyse;

o

Algemene onderbouwing voor deze locatie als zijnde een geschikte locatie voor deze ontwikkeling. Uiteraard is e.e.a. al gerealiseerd met de tijdelijke vergunning, desalniettemin is de onderbouwing noodzakelijk voor de duurzame realisatie;

o

Standpunt van de gemeente over een recreatieve ontwikkeling in dit gebied;

o

Er is geen weergave van de regionale afstemming;

o

Duidelijke definities in de regels.

Bovenstaande punten zijn, waar relevant ten aanzien van de evenwichtige toedeling van functies aan locaties, in de motivering nader onderbouwd. Hiervoor de uitwerking wordt verwezen naar de paragrafen 5.2.1 en 5.3.2. Op 24 oktober 2025 heeft de provincie per brief laten weten na de aanpassingen geen aanleiding meer te zien om zienswijzen in te dienen. 8.2.2

Resultaten proces met derden

Met betrekking tot het participatietraject is er een brief opgesteld welke rond is gebracht bij de omwonenden. In deze brief is er aangegeven dat de eerdere tijdelijke ontwikkeling permanent mogelijk wordt gemaakt en dat ze bij vragen contact hebben kunnen opnemen met de initiatiefnemers. De omwonenden weten reeds van de ontwikkeling omdat deze feitelijk bijna 10 jaar geleden is gerealiseerd.

TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f uitbreiding Camping Natuurplezier

49

8.2.3

Zienswijzen

De wijziging van het ontwerp-omgevingsplan wordt door de gemeente op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend gemaakt. Tegen de wijziging van het ontwerp-omgevingsplan kunnen gedurende zes weken zienswijzen worden ingediend. Eventuele zienswijzen worden beantwoord en waar nodig wordt het omgevingsplan aangepast. Vervolgens gaat de gemeenteraad over tot vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan. Door belanghebbenden kan tegen dit besluit gedurende zes weken beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State worden ingesteld.

TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f uitbreiding Camping Natuurplezier

50

Amsterdam Nachtwachtlaan 20 1058 EA Amsterdam +31 (0)20 506 19 99

‘s-Hertogenbosch Willemsplein 2 5211 AK ‘s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55

Venlo Industriestraat 94 5931 PK Tegelen +31 (0)77 373 06 01 info@bro.nl www.bro.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beesel&id=9177d9c7-ff04-46d9-ba9d-ba210f1c8c79