Koers Omgevingsvisie Beesel 2050
Tekst van het document
Koers Omgevingsvisie Beesel 2050 15 december 2025
INHOUD
1
Inleiding
3
2
Toekomstverhaal: Beesel in 2050
10
3
Drie integrale strategische kernambities
13
3.1 3.2 3.3
2
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
Gezonde groei met dorpse kwaliteit Recreatie in een beleefbaar en betekenisvol landschap Lokaal en toekomstbestendig ondernemen met brede meerwaarde
15 18 21
RUIMTEVOLK
1
Inleiding
INTRODUCTIE Hoe wonen, werken, ondernemen en recreëren we in het jaar 2050? Het jaar 2050 lijkt nog ver weg, maar in termen van ruimtelijke ontwikkeling is het heel dichtbij. De beslissingen die we nú nemen, bepalen namelijk mede hoe onze leefomgeving er over 25 jaar uitziet. Om te komen tot een prettige leefomgeving, nu en in de toekomst, is het belangrijk dat we nu met elkaar de juiste keuzes maken. Met de omgevingsvisie willen we als gemeente op inspirerende en uitnodigende wijze richting geven aan de ruimtelijke ontwikkeling van de leefomgeving. We zetten ons in om een duidelijk kader te bieden waarin we niet alleen inspelen op de huidige behoeften, maar ook rekening houden met de kansen en opgaven van morgen.
Reuver/Offenbeek
Beesel
In de voorliggende notitie – Koers Beesel 2050 – beschrijven we integraal en op hoofdlijnen het toekomstverhaal van onze leefomgeving en welke strategische keuzes we maken. Deze notitie vormt de basis voor de omgevingsvisie. Via drie kernambities richten we ons in dit koersdocument op de belangrijkste keuzes voor de toekomst. Het koersdocument is qua keuzes dan ook niet uitputtend: niet op ieder thema’s wordt nu al koers bepaald. Dit gebeurt wel in de volgende fase. Daarin werken we samen met de omgeving aan een meer gedetailleerde en gebiedsgerichte uitwerking van de koers en kernambities. Dit landt dan in de uiteindelijke omgevingsvisie en een uitvoeringsparagraaf.
4
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
RUIMTEVOLK
Figuur 1. Dit figuur toont de drie fasen en bijbehorende tussenproducten waarmee naar de Omgevingsvisie Beesel wordt toegewerkt.
5
WAAROM EEN OMGEVINGSVISIE?
TOTSTANDKOMING OMGEVINGSVISIE
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet ingevoerd. Deze wet verplicht alle gemeenten om een omgevingsvisie op te stellen, zo ook de gemeente Beesel. De omgevingsvisie is een strategische langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving. Hierin komen verschillende thema’s samen die om ruimte vragen: wonen, bedrijvigheid, gezondheid, veiligheid, mobiliteit, duurzaamheid, voorzieningen, maar ook recreatie, natuur, cultuur en landbouw. In de omgevingsvisie formuleren we een antwoord op de huidige en toekomstige opgaven en ambities, met thematische en gebiedsgerichte uitwerkingen en bijbehorende aanpak. Hiermee geeft de omgevingsvisie een duidelijk beeld van wenselijke ontwikkelmogelijkheden en een helder toetsingskader voor initiatiefnemers.
In vier fasen werken we naar een omgevingsvisie toe: (1) verdiepen, (2) ambitie en koers bepalen, (3) het ontwikkelen van de omgevingsvisie en (4) de besluitvorming en vaststelling. De eerste fase stond in het teken van het verdiepen van de opgave en het duiden van de kwaliteiten van de leefomgeving in Beesel. Dit deden we op basis van een bureaustudie, een beleidsinventarisatie en uitgebreide participatie met de samenleving. Het resultaat van deze analysefase is samengevat in de Atlas Beesel 2050. Dit document vormde het fundament voor de tweede fase.
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
Momenteel staan we aan het eind van de tweede fase, waarin we onze ambities en koers richting 2050 hebben bepaald. Om richtingen te verkennen
voor de gewenste toekomst, maakten we gebruik van drie integrale toekomstscenario’s voor de gemeente Beesel in 2050. De drie scenario’s brachten verschillende toekomsten in beeld en maakten keuzes, consequenties en effecten inzichtelijk. De scenario’s vormden gedurende deze fase het gespreksinstrument. Met de uitkomsten van deze gesprekken en van een online peiling (Swipocratie) hebben we een koers bepaald en in deze Koers Beesel 2050 vastgelegd. De belangrijkste ambities en strategische keuzes richting 2050 zijn hier op hoofdlijnen uitgewerkt.
RUIMTEVOLK
PARTICIPATIE De omgevingsvisie maken we als gemeente niet alleen. De input van inwoners, ondernemers, ketenpartners en maatschappelijke organisaties vormt een belangrijke bron bij het opstellen van de omgevingsvisie. Op verschillende momenten en met verschillende methoden betrekken we deze groepen. In de eerste fase van het omgevingsvisie traject vroegen we de samenleving naar kenmerken, kwaliteiten en opgaven voor de toekomst. Dit deden we in de vorm van een digitale enquête en met circa 350 straatgesprekken. In de tweede fase zijn we met ongeveer 50 inwoners, ondernemers en organisaties samengekomen tijdens het eerste Atelier Beesel 2050. Tijdens deze bijeenkomst gingen we aan de hand van de drie scenario’s met elkaar in gesprek over de gewenste koers voor de gemeente. We verkenden welke elementen deelnemers als kansrijk en wenselijk zagen, maar ook welke elementen ze juist niet passend vonden bij de toekomst van Beesel. Ook deelden meer dan 800 deelnemers in deze fase hun mening via het invullen van een online peiling (Swipocratie), zijn gesprekken gevoerd met belangengroepen en zijn jongeren op het Grescollege tijdens een gastles gevraagd naar hun beeld van 2050. Een overzicht van het participatieproces tot nu toe is opgenomen in de Nota van Participatie.
6
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
Figuur 2. Impressie van de verschillende participatie momenten in deze fase.
RUIMTEVOLK
CONTEXT De omgevingsvisie van Beesel staat niet op zichzelf; onze ambities kennen uiteraard ook een regionale, provinciale en nationale context. Veel opgaven waar we aan werken, overstijgen onze gemeentegrenzen en vragen om samenwerking met onze buurgemeenten, provincie en het Rijk. Daarom houden we in het koersdocument ook rekening met de uitgangspunten van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI)/(Voorontwerp) Nota Ruimte en uit de Ontwerp Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI). Tegelijkertijd zijn er ook gemeentelijke visies op verschillende beleidsthema’s die invloed hebben op deze omgevingsvisie. In dit koersdocument verbinden we onze actuele ambities met nieuw te maken keuzes en borduren we voort op bestaand beleid. In het bijzonder vormt de recent vastgestelde Toekomstvisie Leef Beesel 2050 (2025) een belangrijk vertrekpunt. Deze Koers Beesel 2050 – en straks de omgevingsvisie – zijn tot stand gekomen binnen de context van het hier en nu. We zijn ons ervan bewust dat de opgaven waarvoor we staan continu in beweging zijn. De omgevingsvisie is echter niet in beton gegoten: onze doelen en ambities kunnen in de komende jaren worden bijgesteld als dat nodig is. Dit gebeurt uiteraard weer in gesprek met de samenleving.
7
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
Figuur 3. Dit overzicht toont de samenhang van een aantal belangrijke (beleids)stukken die de inhoud van de omgevingsvisie van Beesel voeden.
LEESWIJZER Deze notitie start met het Toekomstverhaal: Beesel in 2050. Dit hoofdstuk schetst de gewenste toekomst van onze gemeente, geschreven vanuit het perspectief van 2050. Om tot dit gewenste toekomstbeeld te komen, moeten verschillende keuzes gemaakt worden. In hoofdstuk 3 worden richtinggevende keuzes samengebracht onder drie kernambities. De drie kernambities hebben elk een andere thematische focus.
RUIMTEVOLK
2
Toekomstverhaal: Beesel in 2050
In dit toekomstverhaal van de gemeente Beesel beschrijven we hoe we wensen dat de leefomgeving er in 2050 uitziet. We verplaatsen ons daarbij naar het jaar 2050: wat hebben we dan bereikt? Het is het jaar 2050. Als we terugkijken op de afgelopen jaren, zien we met trots hoe gemeente Beesel zich heeft ontwikkeld. In 2025 stonden we voor ingrijpende uitdagingen op het gebied van wonen, economie, klimaat en de vitaliteit van onze gemeenschap. Door heldere ambities te stellen en keuzes te maken, hebben we Beesel samen gevormd tot de bloeiende, toekomstbestendige gemeente die het vandaag de dag is. In 2050 is het nog steeds goed wonen in de gemeente Beesel. Het woningtekort dat ons in 2025 bezighield, is slechts een vage herinnering. Onze dorpskernen hebben een gezonde groei doorgemaakt en bieden nu een divers aanbod van woningen aan, waardoor de balans in de woningvoorraad hersteld is. De doorstroming op de woningmarkt is op gang gebracht door het toevoegen van woningen in het midden en dure segment, evenals aantrekkelijke woningen voor senioren. Het lokale verenigingsleven bloeit in 2050 nog altijd. Het aanbod aan sport, cultuur en evenementen nodigt inwoners uit om elkaar
9
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
te ontmoeten en er heerst een sterk gevoel van sociale verbondenheid. Commerciële voorzieningen zijn strategisch geconcentreerd in Reuver, en zijn vanuit de hele gemeente goed bereikbaar. Sociale en maatschappelijke voorzieningen bevinden zich op goed toegankelijke plekken in de kernen. Daarnaast kent elke kern mogelijkheden voor ontmoeting. Dit kunnen zowel formele als informele ontmoetingsplekken zijn. De ontmoetingsplekken dragen bij aan sociale cohesie, en daarmee aan solidariteit, begrip en onderlinge hulp. De ruimte voor woningbouw binnen de kernen vonden we met slimme oplossingen. Zo zijn verouderde bedrijfspanden getransformeerd naar woningbouw en is op enkele plekken in de dorpscentra gekozen voor compactere, soms hogere bouw. Ook de bestaande woningvoorraad is sterk verduurzaamd, waardoor deze nog altijd een fijne plek biedt voor onze inwoners. Aan de dorpsranden, voornamelijk van de kernen Reuver en Offenbeek, zijn nieuwe woonbuurten ontstaan. Hier zijn duurzame, onderscheidende en groene woonmilieus te vinden met een dorpse uitstraling.
Deze buurten zijn sterk in trek bij de lokale bevolking en bij nieuwe inwoners die op zoek zijn naar een hoge leefkwaliteit met rust, ruimte en gemoedelijkheid. Door zorgvuldig om te gaan met de beschikbare ruimte is er in de kernen Reuver, Offenbeek en Beesel nog altijd veel groen. De groene plekken in de openbare ruimte nodigen uit tot spelen, sporten, ontspannen en ontmoeten en vervullen een belangrijke klimaatadaptieve functie. Onnodige verharding heeft plaatsgemaakt voor groenstructuren die water vasthouden en droogte en hitte tegengaan. Het groen in de dorpskernen is stevig verbonden met het buitengebied. In 2050 is Beesel nog altijd een geliefde bestemming voor recreatie. Het aantal bezoekers is de afgelopen jaren verder gegroeid. Daarmee is de recreatieve sector een nog belangrijker onderdeel geworden van de lokale economie en draagt ze sterk bij aan de levendigheid van de dorpscentra. Er zijn meer overnachtingsmogelijkheden gekomen en ook de voorzieningen voor dagrecreatie hebben zich duidelijk ontwikkeld.
RUIMTEVOLK
Ondernemers die in 2025 al actief waren in Beesel, zijn met hun tijd meegegaan en hebben hun aanbod vernieuwd. Tegelijk hebben nieuwe ondernemers zich hier gevestigd, wat het recreatieve netwerk heeft versterkt. Zo hebben nieuwe initiatieven ertoe geleid dat kleinschalige, watergebonden recreatie een plaats heeft gekregen aan de Maasoever en de Rijkelse Bemden. Hiermee richt de gemeente het gezicht steeds meer naar de Maas toe. Door te kiezen voor zorgvuldig ruimtegebruik, waarbij ook transformatielocaties zijn ingezet voor recreatieve ontwikkelingen, genieten inwoners en bezoekers nog altijd van de kenmerkende landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten. Een recreatief profiel met meerwaarde voor de samenleving is tot bloei gekomen: routes langs de Maas, routes door 't Brook en het gebied De Witte Stein is een ware toegangspoort tot het Brachterwald. Cultuurhistorische plekken zoals Ronkenstein en de legende van Sint Joris en de Draak worden nog altijd gekoesterd.
10
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
De lokale economie van Beesel is in 2050 veerkrachtig en duurzaam, gedragen door een divers MKB dat niet alleen werkgelegenheid biedt, maar ook een zichtbare bijdrage levert aan de vitaliteit van de kernen. Door gericht te sturen op een passend profiel per bedrijventerrein, hebben we een gezonde balans weten te vinden tussen bedrijvigheid en woonkwaliteit. Hier hebben onze inwoners profijt van: zij ervaren in de woonomgeving minder overlast van geluid, geur en verkeersbewegingen. De bedrijventerreinen zijn duurzamer en groener, en er is veel aandacht voor (ruimtelijke) kwaliteit, veiligheid en samenwerking. Bedrijfslocaties waarvan in 2025 werd geconcludeerd dat het toekomstperspectief beperkt was, zijn getransformeerd tot woon- of recreatiegebied. Zoals van oudsher, is de agrarische sector nog altijd een identiteitsbepaler in het buitengebied van Beesel. In 2050 gaan verdienmodellen voor agrariërs hand in hand met andere functies, zoals recreatie, natuur en klimaatadaptatie. Als gemeente namen we een samenwerkende en meedenkende rol in in de zoektocht naar toekomstbestendige bedrijfsvoering.
Het aandeel opgewekte duurzame energie is toegenomen. Bij het inpassen van deze energie-opwek zorgden we ervoor dat de unieke kwaliteiten van het landschap centraal stonden. Zo pasten de oplossingen perfect bij onze natuurlijke omgeving. Ook op het gebied van mobiliteit zijn grote stappen gezet op het gebied van verduurzaming. Door een goede OV-verbinding met de regio en aangename fiets- en wandelroutes is het voor inwoners aantrekkelijker geworden om de auto te verruilen voor duurzame en gezonde alternatieven. En het mooiste is: station Reuver is in 2050 uitgegroeid tot een modern knooppunt dat onze gemeente naadloos met de regio verbindt. Ook het stationsgebied is opgewaardeerd en vormt een aantrekkelijke verbinding met het winkelhart van Reuver. Het Raadhuisplein, met veel winkelvoorzieningen en ruimte voor de wandelaar en fietser, is de perfecte plek om samen te komen.
RUIMTEVOLK
3
Drie integrale strategische kernambities
Om het geschetste toekomstverhaal van de gemeente Beesel in 2050 te kunnen verwezenlijken, moeten we nu al een aantal belangrijke keuzes maken. In de keuzes die we maken, proberen we verschillende ruimtelijke opgaven op een integrale manier te benaderen. Voortbordurend op de Toekomstvisie en op de inzichten en opbrengsten van gesprekken met inwoners, ondernemers, belangenorganisaties, de gemeenteraad en het college zijn drie integrale kernambities met ruimtelijke keuzes gedestilleerd: 1. Gezonde groei met dorpse kwaliteit 2. Recreatie in een beleefbaar en betekenisvol landschap 3. Lokaal en toekomstbestendig ondernemen met brede meerwaarde Deze drie kernambities zijn nauw aan elkaar verbonden en van elkaar afhankelijk. Samen geven ze aan welke ruimtelijke keuzes we op hoofdlijnen maken richting het jaar 2050. We lichten de kernambities nader toe:
12
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
RUIMTEVOLK
3.1 GEZONDE GROEI MET DORPSE KWALITEIT
13
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
RUIMTEVOLK
Onze strategische keuzes richting 2050: → We zetten in op groei als middel om onze gemeente sterker, vitaler en toekomstbestendig te maken. Hiermee bouwen we ook aan de basis van ons als kleine, krachtige gemeente. We kiezen voor geregisseerde groei met kwaliteit, waarbij we aansluiten en voortbouwen op onze huidige kwaliteiten. Tot 2033 zetten we in op 500 nieuwe woningen. Hiervoor hebben we al ruimte gevonden. Na 2033 willen we nog eens 1.200 tot 1.500 woningen toevoegen, dit komt overeen met een groei van 1% tot 1,25% per jaar. Met deze groei willen we de slagingskansen van lokale woningzoekenden vergroten, meer balans in onze woningvoorraad creëren en doorstroming faciliteren. Met deze woningen bieden we ruimte aan de lokale, autonome groei van onze gemeente met daar bovenop een plus voor huishoudens uit de omliggende regio. We zien immers kansen om met onze gunstige ligging ten opzichte van de steden Roermond en Venlo, en met goede aansluitingen vanuit OV, auto (A73) en (elektrische) fiets, sterke schouders en jonge gezinnen aan te trekken die bijdragen aan een evenwichtige bevolkingsopbouw. → We zorgen dat nieuwe woningen en voorzieningen bijdragen aan de vitaliteit van onze dorpen én aan de verbondenheid tussen inwoners. Ook benutten we de groeiopgave nadrukkelijk om te investeren in de ruimtelijke kwaliteit van onze dorpen.
We geloven immers dat groei vooral moet bijdragen aan de kwaliteit van leven in onze gemeente. In
14
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
het realiseren van onze woningbouwambitie kiezen we voor een getrapte groeistrategie: woningbouwplannen worden over de jaren heen gefaseerd in ontwikkeling gebracht, zo groeit de gemeenschap mee. Ook kunnen we zo tijdig inspelen op veranderingen in de bevolkingsopbouw en zorgen we voor een woningaanbod dat goed aansluit bij de behoeften en onze ambitie om meer balans te realiseren. → Voor onze woningbouwopgave na 2033 moeten we op zoek naar geschikte locaties. Voor onze groeiambitie (per jaar 1% tot 1,25% woningen erbij) zijn zowel inbreidings- als uitbreidingslocaties nodig. Beide bieden ook kansen voor een ander woonprogramma. ‒ Voor inbreiding benutten we waar mogelijk kansen voor transformatie naar nieuwe wooneenheden, bijvoorbeeld in het geval van verouderde (bedrijfs)panden. Ook onderzoeken we op welke plekken binnen de dorpskernen we ruimte kunnen bieden aan dorpse verdichting, waaronder ook mogelijkheden voor hogere bouw, zoals rond het centrum van Reuver en in de stationsomgeving. Compacte bouw binnen de dorpskernen zien we als noodzakelijk om het waardevolle groene karakter te behouden. ‒ Het zwaartepunt van de uitbreidingslocaties zal direct om de dubbelkern Reuver/ Offenbeek komen te liggen. We benutten zo de ligging langs de Maaslijn en bouwen op goed bereikbare plekken. In de kern Beesel bieden we via maatwerk de mogelijkheid
voor kleinschalige woningbouwprojecten, die passen bij het karakter van de kern en die bijdragen aan het kwalitatief afhechten van de dorpsranden. Hierbij gaan we zorgvuldig om met de kwaliteiten van beschermd dorpsgezicht Beesel. Bij uitbreiding respecteren we belangrijke groen-blauwe structuren die een belangrijke drager vormen voor de omgevingskwaliteit, identiteit en eigenheid van de gemeente. Ook hanteren we het principe ‘water en bodem sturend’. Ontwikkelingen aan de randen van de dorpen moeten de relatie tussen het buitengebied en de bestaande kern versterken. Woningbouw in het buitengebied beschouwen we in principe als ongewenst. We zien hiervoor alleen kansen als dit kleinschalig is én er een (maatschappelijk) probleem mee wordt opgelost (koppelkansen). → We zetten in op kwaliteitsverbetering van de bestaande woningvoorraad. Via een gebiedsgerichte aanpak zien we kansen om in de wijken een sterkere mix van doelgroepen en woningtypologieën te bereiken. Zo stimuleren we ontmoeting tussen verschillende generaties en doelgroepen. → In oudere wijken willen we via transformatie ruimere woningen toevoegen. In de kern Beesel zien we mogelijkheden om ruimere woningen te splitsen in kleinere wooneenheden. Het sleutelen aan de woningvoorraad zien we ook als kans om de bestaande voorraad energetisch en kwalitatief te verduurzamen. Juist door te
RUIMTEVOLK
actieve rol in het verbeteren van de nabijheid en bereikbaarheid van de voorzieningen in Reuver en Offenbeek. Ontmoetingsplekken zijn het kloppend hart van onze gemeenschap. Hier komen mensen samen, ontstaan nieuwe initiatieven en groeit het gevoel van verbondenheid. We blijven investeren in plekken waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten, samenwerken en zich thuis voelen.
investeren in een gevarieerd woningaanbod versterken we de sociale cohesie en het onderlinge contact in onze dorpen. → Het bieden van voldoende ruimte voor klimaatadaptatie vormt altijd een uitgangspunt in de (her)ontwikkeling van de woonomgeving. Door voldoende mogelijkheden te bieden voor wateropvang en groen in de openbare ruimte, zetten we in op het voorkomen van droogte, hittestress en wateroverlast. We zijn zuinig op bestaande groenstructuren en verkennen ook mogelijkheden voor het verwijderen van onnodige verharding. Naast dergelijke investeringen in de openbare ruimte, zien we ook kansen voor vergroening en het verwijderen van verharding op privéterrein. → Met de geleidelijke groei van het aantal inwoners zetten we in op behoud van het voorzieningenniveau in de gemeente. Maatschappelijke basisvoorzieningen zoals basisscholen, kinderopvang, huisartsen en (woon)zorginitiatieven blijven verspreid over de kernen aanwezig. Maatschappelijke voorzieningen die meerdere kernen bedienen, centreren we in de dubbelkern Reuver/Offenbeek, waarbij we inzetten op een goede bereikbaarheid. Niet-dagelijkse winkelvoorzieningen centreren we in het winkelhart Reuver, terwijl we in het centrum van Offenbeek inzetten op het instandhouden van de dagelijkse winkelvoorzieningen.
In de kern Beesel blijft ruimte voor ondersteunende lokale voorzieningen en blijven we lokale initiatieven faciliteren, maar pakken we ook een
15
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
→ We zetten in op een goede verbondenheid van de kernen onderling en in verbinding met de regio. De focus ligt daarbij op het faciliteren van verschillende vervoersvormen, onder andere vanuit het oogpunt van duurzame mobiliteit. ‒ We zetten in op optimale bereikbaarheid van voorzieningen en werklocaties binnen de gemeentegrenzen. Met aangename en veilige verbindingen binnen en tussen de kernen stimuleren we actieve mobiliteit (wandelen en fietsen). Zo realiseren we nieuwe voorzieningen op goed bereikbare plaatsen. Ook hebben we ook aandacht voor het op peil houden van de autobereikbaarheid. We verkennen hoe we met slimme inrichting van wegen de leefbaarheid en verkeersveiligheid kunnen bevorderen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen en herinrichtingen hanteren we het STOMP-principe1. ‒ Zowel met de trein, de elektrische fiets en de auto kennen we een goede noord–zuid 1
verbinding met de steden Venlo en Roermond. Samen met onze regionale partners zetten we ons in om de ov-bereikbaarheid van de gemeente te bestendigen en versterken. De aanstaande elektrificatie en gedeeltelijke verdubbeling van de Maaslijn hangt hier nauw mee samen. → Rond de dorpen zetten we in op groene, gezonde dorpsranden. Op deze manier borgen we dat vergroening zoveel mogelijk in de nabijheid van onze inwoners plaatsvindt, wat positief bijdraagt aan de gezondheid van inwoners. In de dorpsranden sturen we onder andere op een groene en beweegvriendelijke buitenruimte, aantrekkelijke wandel- en fietsverbindingen met het buitengebied (ommetjes) en het voorkomen van hittestress en wateroverlast. We zien hier momenteel weinig conflict optreden met het huidige agrarisch gebruik direct om de dorpen heen.
Het doel van het STOMP-principe is om prioriteit te geven aan
manieren waarop mensen zich duurzaam verplaatsen, zoals lopen, fietsen en openbaar vervoer, voordat de auto in beeld komt.
RUIMTEVOLK
3.2 RECREATIE IN EEN BELEEFBAAR EN BETEKENISVOL LANDSCHAP
16
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
RUIMTEVOLK
Onze strategische keuzes richting 2050: → We versterken recreatie als belangrijke pijler van onze economie. We zetten dan ook in op een toename van het aantal bezoekers in onze gemeente en spelen in op de groeiende vraag naar zowel verblijfs- als dagrecreatie. We richten ons op een breed toeristisch en recreatief aanbod dat zowel rustzoekers als actieve recreanten aanspreekt. De groeiambitie op recreatie gaat hand in hand met onze ambitie om gezond te groeien met dorpse kwaliteit. Het verder versterken van de recreatieve sector draagt bij aan een solide basis van ons als kleine, krachtige gemeente en heeft een meerwaarde voor inwoners. Zo draagt het bij aan de werkgelegenheid en aan de instandhouding van onze voorzieningen. Om deze groei te realiseren moeten deze recreatieve ontwikkelingen aansluiten bij het karakter en eigenheid van Beesel. Zo blijven we onderscheidend en blijft er draagvlak bij de inwoners. → We faciliteren de extra ruimtevraag die nodig is voor het versterken van onze recreatieve pijler. We richten ons enerzijds op de instandhouding van bestaande dag- en verblijfsrecreatie en faciliteren uitbreiding hiervan. Tegelijkertijd bieden we ruimte voor nieuwe hoogwaardige initiatieven. Hierbij houden we altijd aandacht voor leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit van onze gemeente.
Zo gaan we zuinig om met de beschikbare ruimte en zoeken we onder andere naar uitbreidingsmogelijkheden op transformatielocaties, zoals het Maasveld en vrijkomende
17
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
agrarische bebouwing (VAB). Voor unieke locaties met een hoge omgevingskwaliteit, zoals de Maasoever en Rijkelse Bemden, zien we kansen om een sterkere relatie met de Maas te realiseren. → De landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van onze gemeente vormen een grote recreatieve kracht die we sterker willen benutten. Richting 2050 zetten we in op het toevoegen van recreatie passend bij en voortbouwend op de diversiteit van ons landschap. ‒ Maasdal en Rijkelse Bemden | We zetten in op het beter beleefbaar maken van de Maas en haar oevers als kwaliteit van de gemeente. We zetten daarvoor in op aantrekkelijke routes langs de Maas, met voldoende en mooie rustplekken. Hierbij verkennen we ook de mogelijkheid voor het toevoegen van horeca en waterrecreatie. ‒ ‘t Brook | We verbeteren de fijnmazigheid van het routenetwerk voor wandelaars en fietsers. We faciliteren mogelijkheden om vrijkomende agrarische bebouwing te transformeren in kleinschalige recreatieve voorzieningen. ‒ Witte Stein | We koesteren dit kleinschalig boskamergebied en bouwen verder aan de ambitie om dit tot volwaardige recreatieve poort van het Brachterwald te maken. ‒ Parels in ons landschap | We investeren in de zichtbaarheid en beleefbaarheid van cultuurhistorische parels zoals Ronkenstein, Ouddorp en Rijkel.
‒ ‘t Haselt | Het gebied kent nu een open karakter met vergezichten als belangrijke belevingswaarde. In de toekomst kan dit gebied ruimte bieden voor nieuwe ontwikkelingen. Belangrijk is dat hierbij de recreatieve beleving en verbindingen behouden en versterkt worden. → We zijn trots op het groen, de afwisseling in landschappelijke kwaliteiten en de natuur binnen onze gemeentegrenzen. We zien dat als drager van onze identiteit. We zetten in op landschapsontwikkeling en -versterking en koppelen dat, waar mogelijk en gewenst, aan het versterken van ons recreatief profiel. Draagvlak onder de samenleving en samenwerking met gebiedspartijen is daarbij voor ons het vertrekpunt. Daarnaast wordt ons buitengebied ook gekenmerkt en gewaardeerd door het agrarisch gebruik. We willen ook in de toekomst ruimte blijven geven aan een divers agrarisch cultuurlandschap dat bijdraagt aan de betekenis en beleving van ons buitengebied. → Voor de dijkversterking Beesel sorteren we voor op eventuele aanvullende maatregelen vanuit waterveiligheid na 2050. Hier houden we voldoende ruimte vrij voor toekomstige dijkversterkingen. We gaan hiervoor proactief het gesprek aan met Rijkswaterstaat en het waterschap. Zo werken we ook aan het tijdig verkennen van mogelijke koppelkansen gericht op waterrecreatie.
RUIMTEVOLK
→ We koesteren het erfgoed dat onze gemeenschap en geschiedenis representeert. Dit betreft zowel het gebouwd erfgoed, de landschappelijke kwaliteiten als het immaterieel erfgoed. We waarderen en benutten de kracht van onze gemeenschap om met dit erfgoed aan de slag te gaan. Zo gaan we samen met inwoners en organisaties op zoek naar mogelijkheden voor behoud van monumenten, ook door verduurzaming en herbestemming van monumentale panden. Het immaterieel erfgoed, met als kenmerkend thema Sint Joris en de Draak, voegt een uniek en onderscheidend element toe. We bouwen dit samen met ondernemers en partners verder uit.
18
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
RUIMTEVOLK
3.3 LOKAAL EN TOEKOMSTBESTENDIG ONDERNEMEN MET BREDE MEERWAARDE
19
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
RUIMTEVOLK
Onze strategische keuzes richting 2050: → We blijven ruimte bieden aan een sterke lokale economie met voldoende ruimte voor bedrijvigheid van lokale ondernemers. We onderstrepen de meerwaarde van het lokaal MKB in het voorzien van werkgelegenheid, maar ook in het bijdragen aan de leefbaarheid en vitaliteit van kernen. We richten ons hierbij op het MKB in de economische clusters: (maak) industrie, detailhandel, recreatie en toerisme en de agrarische sector. We zien ondernemen nadrukkelijk als meer dan alleen economische groei: het moet ook sociaal-maatschappelijke meerwaarde opleveren. Dat betekent dat bedrijventerreinen, woongebieden en buitengebied in balans worden ontwikkeld en elkaar versterken. Bedrijven dragen niet alleen bij aan werkgelegenheid en innovatie, maar ook aan de leefbaarheid van de kernen en de kwaliteit van het landschap. → We bewaken een gezonde balans tussen ruimte voor bedrijvigheid en woonkwaliteit. Onevenredige belasting door bedrijvigheid op bijvoorbeeld het gebied van verkeer of geluid willen we verminderen en in de toekomst voorkomen. In samenwerking met het bedrijfsleven gaan we op zoek naar efficiënte en duurzame oplossingen. Binnen de gemeente en op de bedrijventerreinen streven we naar het juiste bedrijf op de juiste plek.
Wanneer blijkt dat een bedrijf niet langer past in de omgeving, of gelegen is op een werklocatie waar transformatie wordt beoogd, dan denken we actief mee over mogelijkheden voor
20
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
verplaatsing. Verplaatsing kan zowel binnen de gemeentegrenzen zijn als daarbuiten. Ten behoeve van bedrijfsverplaatsingen binnen onze gemeente wordt gezocht naar nieuwe bedrijfslocaties. Deze zoektocht richt zich op het gebied ten zuiden van de dubbelkern Reuver/Offenbeek, richting en nabij de ontsluiting van de A73. Naar nieuwe bedrijfslocaties voor het vestigen van nieuwe bedrijven wordt niet actief gezocht. → We zetten samen met de ondernemers in op het toekomstbestendig maken van Molenveld, Maasveld en Roversheide. We houden daarbij rekening met de extra ruimte die nodig is voor verduurzaming en de transitie naar een circulaire economie. Per bedrijventerrein kiezen we voor een passende strategie: ‒ Roversheide: revitalisatie en verdere doorontwikkeling. De lokale vraag naar bedrijfskavels faciliteren we met uitbreiding van bedrijventerrein Roversheide (De Klok). We benutten de revitalisering tegelijkertijd ook om de uitstraling van Roversheide op te waarderen tot een passende entree van Reuver en Offenbeek. Ook de overige overgangen naar woongebieden en het buitengebied willen we opwaarderen. Voor de omgeving Broeklaan is gekozen voor een transformatie naar wonen. ‒ Maasveld: transformatie. Het betreft een verouderd bedrijventerrein gelegen op een landschappelijk waardevolle locatie. We spelen in op de afnemende bedrijvigheid op deze locatie. We benutten deze als kans
voor (gedeeltelijke) transformatie tot een recreatieve invulling of wonen. ‒ Molenveld: revitalisatie en deels transformatie. We werken aan een toekomstbestendig bedrijventerrein met een mix aan functies. We benutten de revitalisatieslag om een scherpere keuze te maken in welk profiel aan bedrijvigheid hier het beste past. Zo willen we beter sturen op het beperken van overlast voor de omgeving. Met gerichte transformatie (wonen, vergroening) aan de randen willen we de overgangen verbeteren met de omliggende woonwijken en het buitengebied, zoals bij Ronkenstein. → We zetten in op doorontwikkeling van het centrum van Reuver tot een compact en levendig winkelhart waar het aangenaam winkelen, verblijven en ontmoeten is. We verkennen welke ingrepen noodzakelijk zijn om de verblijfskwaliteit te verhogen en de aantrekkingskracht te versterken. Concreet zien we hierbij kansen voor het opwaarderen van het stationsgebied en het versterken van de verbinding tussen het station en het Raadhuisplein. Ook willen we in het centrum van Reuver meer ruimte geven aan de voetganger en fiets. Daartoe zetten we bijvoorbeeld in op een betere bereikbaarheid van voorzieningen met de (elektrische) fiets, zowel in fietsverbindingen als in stallingsgelegenheid. → Het volledig voorzien in onze eigen energievraag binnen onze gemeentegrenzen is, gezien de beperkte ruimte en met de huidige
RUIMTEVOLK
technieken, niet haalbaar. Wel omarmen we de energietransitie en leveren we hier een bijdrage aan. Dit doen we door in te zetten op energiebesparing en energieopwekking via zon-op-dak. We stimuleren inwoners en bedrijven om hierin te investeren. Op de lange termijn zijn we aanvullend ook bereid andere duurzame opties te verkennen. Energieopwek vindt zo veel mogelijk doelgericht en geclusterd plaats, maar passend in ons landschap. Duurzame energieproductie kan fungeren als een aanvullende economische drager in het buitengebied. → De diversiteit van het agrarisch productielandschap in de gemeente Beesel is een sterke waarde. We bewaken deze diversiteit richting de toekomst door lokale agrariërs te binden en een meedenkende houding aan te nemen bij de doorontwikkeling van deze bedrijven. Daarbij gaan we terughoudend om met het toevoegen van bebouwing in het buitengebied en ketenverlenging. We vinden het belangrijk dat agrarisch ondernemers bijdragen aan de lokale economie en leefbaarheid van het buitengebied. Een gezond verdienmodel dat past bij de landschappelijke kwaliteiten van Beesel en bijdraagt aan een gezond bodem en watersysteem staat daarbij voorop. Bij stoppende agrariërs zien wij kansen in de transformatie van vrijkomende agrarische bebouwing voor recreatieve functies, in de dorpsranden zien we kansen voor transformatie naar woningbouw.
In samenwerking met de stopper verkennen we deze mogelijkheden. Uitgangspunt daarbij is om het effect op de
21
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
omliggende agrarische functie zo veel mogelijk te beperken. → Op provinciaal en nationaal niveau worden keuzes gemaakt die invloed hebben op de agrarische sector en ons buitengebied. Als gemeente stellen wij ons op als samenwerkingspartner in de zoektocht naar passende verdienmodellen voor agrariërs en het invullen van provinciale en nationale doelen. Hierbij hanteren we als uitgangspunt het bieden van langetermijnperspectief en een zorgvuldige omgang met landschap, bodem, water en natuur en het recreatieve gebruik van het buitengebied.
RUIMTEVOLK
COLOFON
Dit document is opgesteld door RUIMTEVOLK en is het resultaat van een samenwerkingsproces met de gemeente Beesel. Het copyright van de beelden, kaarten en foto’s berust bij RUIMTEVOLK tenzij anders aangegeven. Hoewel aan de inhoud en samenstelling van dit rapport de grootst mogelijke zorg is besteed, is het helaas mogelijk dat informatie verouderd, onjuist of onvolledig is. Naast data en beleid zijn in het rapport ook observaties en uitkomsten van gesprekken met professionals, politiek en inwoners verwerkt. RUIMTEVOLK en de gemeente Beesel aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor de volledigheid en juistheid van de gegeven informatie. Aan de inhoud van dit rapport kunnen geen rechten worden ontleend. Dit document is niet voor commercieel gebruik. Status: Definitief Datum: 15 december 2025 Versienummer: 3.0 Projectcode: 5.24.129 Opgesteld door: RUIMTEVOLK
22
KOERS OMGEVINGSVISIE BEESEL 2050
RUIMTEVOLK