CConstaterende datBeesel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage III Archeologisch onderzoek

Besluitvormende raadsvergadering 4 maart 2024, gemeente BeeselBij agendapunt: Bestemmingsplan Juffrouw Hensenlaan 2/2a, Beesel7.357 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BILANRAPPORT 2004/47 Beesel – Kleine Solberg Archeologisch vooronderzoek

in opdracht van Geoconsult Milieutechniek BV

ISSN 1572-3194-2004/47

Rapport-ID Titel

Beesel – Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek.

ISSN

1572-3194

Rapportnummer

2004/47

Aantal pagina's

42

Opdrachtgever

Geoconsult

Contactpersoon opdrachtgever

M. van Eijk

Onderzoekskader

Tweede fase bestemmingsplan Kleine Solberg

Projectleider BILAN Auteur(s) Onderzoeksmedewerker(s) Kaarten en afbeeldingen Onderzoeksperiode

Juni 2004

Eindrapport

Juli 2004

Elektronische versie

ja

Verzendlijst definitief

Woongoed 2-duizend Geoconsult Milieutechniek BV R.O.B. Provinciaal archeoloog KB-depot

Akkoord BILAN

C. Witteveen

Postbus 90903 5000 GD Tilburg T: 0877 - 874278 F: 013 - 5360051 M: 06 - 52352850 E: bilan@fontys.nl www.bilan.nl Bezoekadres: Hoevenseweg 55B, Kantoren 25 t/m 27 Tilburg © BILAN 2004 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, elektronisch databestand of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave dient men zich tot de uitgever te wenden.

Inhoudsopgave Samenvatting............................................................................................................................................7 1 Inleiding ...............................................................................................................................................9 1.1

Administratieve gegevens .........................................................................................................9

1.2

Ligging van het plangebied .....................................................................................................10

2 Bureauonderzoek ..............................................................................................................................11 2.1

Onderzoeksmethode...............................................................................................................11

2.2

Geologie en landschap ...........................................................................................................11

2.3

Historisch en huidig grondgebruik...........................................................................................14

2.4

Bekende archeologische waarden ..........................................................................................15

2.5

Verwachtingsmodel.................................................................................................................16

3 Inventariserend veldonderzoek .........................................................................................................17 3.1

Onderzoeksmethode...............................................................................................................17

3.2

Resultaten van het booronderzoek .........................................................................................17

3.3

Archeologische indicatoren .....................................................................................................20

4 Conclusies en aanbevelingen ...........................................................................................................21 5 Literatuur ...........................................................................................................................................23 Bijlage 1: Lijst van afkortingen en codes conform NEN 5104 ................................................................25 Bijlage 2: Boorstaten ..............................................................................................................................27 Bijlage 3: Overzicht archeologische perioden ........................................................................................41 Bijlage 4: Overzicht geologische perioden .............................................................................................42

Figuren fig. 1:

Ligging van het plangebied. ....................................................................................................10

fig. 2:

Maasterrassen in de omgeving van Kessel.. ..........................................................................11

fig. 3:

Ligging van het plangebied (rood) op de laat-pleistocene terrassen van de Maas. ...............12

fig. 4:

Ligging van het plangebied (blauw) op de bodemkaart. .........................................................13

fig. 5:

Het plangebied op het verzamelplan van de gemeente Beesel .............................................14

fig. 6:

Het plangebied op de IKAW met ARCHIS-waarnemingen en AMK-terreinen........................16

fig. 7:

Bodemtypes in het plangebied................................................................................................18

fig. 8:

Hoogteverschillen binnen het plangebied. ..............................................................................19

BILANRAPPORT 2004/47

Samenvatting In april 2004 voerde BILAN in opdracht van Geoconsult Milieutechniek BV, een archeologisch onderzoek in het plangebied Kleine Solberg in de gemeente Beesel (provincie Limburg). Aanleiding voor dit onderzoek was de uitvoering van de tweede fase van het bestemmingsplan Kleine Solberg. Op basis van het bureauonderzoek had het plangebied, gelet op de rijkdom van de archeologische regio Beesel, de verwachte ouderdom van de geomorfologie en de verwachte bodemopbouw, een hoge archeologische verwachting. Deze verwachting wordt weerspiegeld op de IKAW die voor het gehele plangebied een middelhoge trefkans aangeeft. In het plangebied werd met name bewoning in de steentijd, maar ook in de Romeinse tijd en de late Middeleeuwen verwacht. Tijdens het veldonderzoek werden op een totaaloppervlak van ca. 3,5 ha twintig boringen gezet met een Edelmanboor. Uit de boringen bleek dat met name de bodem op het hoogste deel van het plangebied en langs de steilrand een matig tot sterk afgetopt profiel had. In geen enkele boring werden noch archeologische bewonings- of vondstenlagen, noch archeologische indicatoren of relevante vondsten aangetroffen. Ook aan het oppervlak werden geen archeologisch relevante vondsten gedaan. De hoge archeologische verwachtingswaarde op basis van het bureauonderzoek werd door het veldonderzoek derhalve niet bevestigd.

Uitgaande van de resultaten van dit archeologische vooronderzoek wordt geen vervolgonderzoek aanbevolen voor het plangebied. 1

Bij bodemingrepen blijft de Monumentenwet onverminderd van kracht. Artikel 47 van deze wet stipuleert dat, indien archeologische vondsten of structuren worden aangetroffen, deze binnen drie dagen aan de bevoegde instanties gemeld moeten worden.

1

Monumentenwet 1988, artikel 47: meldingsplicht binnen de drie dagen aan de burgemeester.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 7

BILANRAPPORT 2004/47

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 8

BILANRAPPORT 2004/47

1

Inleiding

In april 2004 voerde BILAN in opdracht van Geoconsult Milieutechniek BV, een archeologisch onderzoek uit in het bestemmingsplangebied Kleine Solberg in de gemeente Beesel (Noord-Limburg). Aanleiding voor dit onderzoek was de uitvoering van de tweede fase van het bestemmingsplan Kleine Solberg. Een archeologisch vooronderzoek kan een algemeen overzicht geven van de mogelijke archeologische gevoeligheid van het bodemarchief in het plangebied. Op grond hiervan kan een indicatieve verwachting geformuleerd worden over de aanwezige archeologische waarden. Omdat een dergelijk onderzoek bij voorkeur in een vroeg stadium van (her)inrichting plaatsvindt, kan bijtijds geadviseerd worden over eventueel aanvullend onderzoek of planaanpassingen. Dit vooronderzoek omhelst de combinatie van een bureauonderzoek en een aanvullend veldonderzoek in de vorm van beschrijvende boringen. 2

Het vooronderzoek werd uitgevoerd volgens de desbetreffende specificaties in de KNA . De boringen 3

werd uitgevoerd conform NEN 5104 . De boorpunten werden gerelateerd aan de RD-coördinaten, de maaiveldhoogtes werden gemeten ten opzichte van NAP.

1.1

Administratieve gegevens

Provincie

Limburg

Gemeente

Beesel

Toponiem

Kleine Solberg

Centrumcoördinaten

201.000 - 364.000

Kaartblad

58EZ

Opdrachtgever

Geoconsult

Uitvoerder

BILAN

Projectcode (BILAN)

A093B

Bevoegd gezag

Provincie Limburg

Meldingsnummer

volgt

2

3

Specificaties bureauonderzoek LS01-LS06 en de specificatie inventariserend veldonderzoek VS03, booronderzoek; KNA 2de versie oktober 2001. NEN 5104:1989/C1:1990 nl = NEN-EN-ISO 14688-1:2003; Geotechniek - Classificatie van onverharde grondmonsters, www.NEN.nl .

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 9

BILANRAPPORT 2004/47

1.2

Ligging van het plangebied

Het plangebied ligt ten zuidwesten van de bebouwde kom van de gemeente Beesel tussen de achterzijde van de bebouwde percelen aan de St.-Antoniusstraat in het zuidoosten, de nieuwbouwwijk rond het Pastoor Gerrishof, de Juffrouw Hessenstraat en het Kerkpad in het oosten en de begraafplaats bij Ouddorp in het noorden.

fig. 1:

Ligging van het plangebied.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 10

BILANRAPPORT 2004/47

2 2.1

Bureauonderzoek Onderzoeksmethode

Het bureauonderzoek bestond uit het verzamelen en analyseren van gegevens van de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW), het Archeologische Informatie Systeem (ARCHIS), De Archeologische Monumentenkaart, beschikbare topografische, historische, geologische, geomorfologische en bodemkundige kaarten en relevante literatuur.

2.2

Geologie en landschap

Het Beeselse landschap is van oudsher gevormd door de Maas. Hoewel de huidige, relatief rechte Maasbedding zeer smal is en de gronden aan weerszijden hoger liggen dan het huidige waterpeil, is 4

dit niet altijd het geval geweest. Tijdens het Pleistoceen en het Laatglaciaal heeft de Maas zich meermaals door zijn eigen afzettingen ingesneden. Door deze herhaalde insnijdingen zijn verschillende terrasniveaus ontstaan, herkenbaar in het landschap aan doorgaans uitgesproken steilranden met een hoogteverloop van 1,5 tot 2 meter. Op de terrassen lopen plaatselijk oude meanders met soms diep ingesneden geulen. Er stromen nu vaak nog beken door de geulen: dit is onder meer het geval met de Tas- of Huilbeek.

fig. 2:

Maasterrassen in de omgeving van Kessel. De rand van het dekzandgebied wordt gemarkeerd door een strook stuifzand. Op de oudste terrassen komen veelvuldig brikgronden voor, op de jongste terrassen is de bodemvorming minder ver voortgeschreden (naar Van den Broek and Maarleveld, 1963).

Aan het einde van de laatste ijstijd, tijdens de periode van het laatglaciaal (circa 12.000-10.000 geleden) werden korte koude perioden gevolgd door eveneens korte, maar warmere interstadialen (Bolling en Allerød). Tijdens koude periodes stroomde de Maas in een vertakt, netvormig rivierenstelsel in een iets hogere bedding dan tegenwoordig. De overblijfselen van dit rivierterras zijn nu vaak nog herkenbaar aan weerszijden van de Maas. In die warmere interstadialen en met name in het vroeg-holoceen stroomde de Maas in een meanderende bedding. De meanderende Maas sneed diepere geulen uit die her en der de oudere pleistocene terrassen erodeerden. De Kleine Solberg is mogelijk een restant van de terrasrand of een rivierduin van het laat-pleistocene rivierterras en kan geomorfologisch ten laatste gedateerd worden tijdens de Allerødperiode (terras IIb, zie fig 3). 4

Voor overzichten van archeologische en geologische periodes, zie de bijlagen bij dit rapport.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 11

BILANRAPPORT 2004/47

fig. 3:

Ligging van het plangebied (rood) op de laat-pleistocene terrassen van de Maas. (naar Van den Broek and Maarleveld, 1963)

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 12

BILANRAPPORT 2004/47

Volgens de bodemkaart wordt het hele plangebied bedekt door radebrikgronden, bestaande uit fijnzandige lichte zavel (BKd25, GWT VII) op oude, pleistocene rivierklei. Volgens STIBOKA zijn deze brikgronden jong-pleistocene rivierafzettingen die versneden zijn door een vlechtende rivier die zich later al meanderend heeft ingesneden.

fig. 4:

Ligging van het plangebied (blauw) op de bodemkaart. (bron: Archis II)

Brikgronden worden gekenmerkt door een uitgesproken klei- of leemaanrijkingslagen beginnend 5

binnen 80 cm -mv . De vorming van een briklaag is een langdurig proces. Door deels mechanische processen wordt de fijne klei naar beneden ‘uitgewassen’ tot deze in een diepere horizont accumuleren: dit is de aanrijkingshorizont of briklaag. Deze briklagen zijn waargenomen in de meeste pleistocene en laatglaciale lutumrijke- of lössafzettingen. Daarbuiten zijn zij alleen waargenomen in rivierkleigronden, die vóór de Romeinse tijd zijn afgezet. Bij de oude rivierkleigronden bestaat de bovenste textuur door de sterke klei-uitloging vaak uit zand. In het door Geoconsult Milieutechniek BV uitgevoerde bodemonderzoek in het zuidelijke deel van het plangebied – ter hoogte van de boringen 6, 10 en 20 van dit archeologisch booronderzoek - bleek de bodem in de drie boringen tot een diepte van vijf meter te bestaan uit zeer fijn tot matig fijn, zwak siltig 6

zand . 5 6

-mv = onder maaiveld Informatie aangeleverd door opdrachtgever. Onderzoek Geopconsult uitgevoerd op 11 en 12-2-2004.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 13

BILANRAPPORT 2004/47

2.3

Historisch en huidig grondgebruik

De meeste wegen en zandpaden in Beesel zijn enkele eeuwen oud. Zo wordt het Kerkpad reeds omstreeks 1599 vermeld. Dit Kerkpad liep van oudsher van de kerk bij Ouddorp door de Kleine Solberg om de kapelanie in de Kerkstraat te kruisen in de richting van de Huilbeek. Op de Tranchotkaart uit 1815 blijkt het huidige wegenstelsel reeds in het landschap te zijn verankerd. Het plangebied zelf is nog grotendeels onbebouwd.

fig. 5:

Het plangebied op het verzamelplan van de gemeente Beesel (circa 1830-1835)

Ten noorden van het plangebied lag ter hoogte van de huidige begraafplaats bij Ouddorp het gelijknamige gehucht met kerk. De Kerkstraat, die loopt van de dorpskern van Beesel naar Ouddorp, wordt op de historische kaart van 1832-1854 en op de Tranchotkaart gekenmerkt door lintbebouwing. De lintbebouwing aan de St. Antoniusstraat daarentegen dateert pas uit het begin van de tweede helft van de twintigste eeuw. De terreinen in het plangebied Kleine Solberg zijn op beide vermelde historische kaarten aangeduid als landbouwgrond. Deze situatie is tot op heden slechts in geringe mate aangetast. Het gebied dat zal worden ingenomen door de tweede fase van de nieuwbouwwijk Kleine Solberg is tot op vandaag in gebruik gebleven als bouwland en weiland. In het oostelijke deel van het gebied van de Kleine Solberg is reeds nieuwbouw gerealiseerd.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 14

BILANRAPPORT 2004/47

2.4

Bekende archeologische waarden

Op de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) heeft het plangebied een middelhoge trefkans. Ten noordwesten van Beesel bij Broekerveld tot aan de Broekerveldweg zijn in 1996 in opdracht van de Maaswerken bij een archeologische veldkartering door RAAP diverse vondsten uit de steentijd 7

gedaan op de oostelijke oever van de Maas . Het verspreidingsgebied van de vondsten loopt van zo’n 300 m ten noorden van de noordelijke grens van het plangebied over een rivierterras uit de late Dryas (circa 11.000 tot 10.000 jaar geleden, zie ook fig. 3). Hier werden ook fragmenten van prehistorisch aardewerk aangetroffen (Archiswaarneming 27514). De meeste vuursteenvondsten zijn gedateerd vanaf het laat-paleolithicum tot het Neolithicum. Naast enkele vuursteenafslagen zijn werktuigen aangetroffen, waaronder een paleolithische holschrabber en B-spits, mesolithische artefacten met kerfsnedetechniek, microklingen en schrabbers (o.a. Archiswaarnemingen 9536, 9627, 29289, 29296, en 9520). Ten oosten van Broekerveld, langs de Tasbeek (Huilbeek) en de Beekstraat, zijn eveneens artefacten en afslagen uit de steentijden gevonden (AMK–terrein nr. 8692, terrein van archeologische betekenis). Er werden naast mesolithische microklingen en een neolithische kling, spits en schrabber ook Romeinse en laatmiddeleeuwse vondsten aangetroffen. Verder oostwaarts, bij de Hoogstraat, is een vondst bekend van een neolithische Ovalbeil (Archiswaarneming 4109). Ten zuiden van Beesel bij de Haselt zijn een neolithische klopsteen en werktuigen gevonden (Archiswaarneming 9660). Ten zuiden van Beesel bij de Haselt en noordelijker bij de Vossenberg zijn vondsten uit de Romeinse periode bekend.

Op de Vossenberg is in 2001 een booronderzoek uitgevoerd, waarbij de aanwezigheid van een Romeinse villa uit de tweede tot derde eeuw n.C. is vastgesteld. Het terrein heeft sindsdien de status van beschermd monument (AMK-terrein nr. 227). Direct ten noorden van het plangebied, bij de huidige begraafplaats aan de Ouddorp, zijn in 1997 de fundamenten en vloeren van een laatmiddeleeuws kerk opgegraven (AMK nr.15592, terrein van hoge archeologische waarde). Resten van de bijhorende nederzetting zijn toen niet aangetroffen. Ook bij het delven van graven in het aanpalende Nieuwe Kerkhof zijn nooit archeologische resten van de vermoede nederzetting aangetroffen.

7

Stassen 2001. Het betreft de Archiswaarnemingen 127502 t/m 127515 gedaan tijdens oppervlaktekartering.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 15

BILANRAPPORT 2004/47

fig. 6:

Het plangebied op de IKAW met ARCHIS-waarnemingen en AMK-terreinen.

2.5

Verwachtingsmodel

Op basis van de bekende archeologische waarnemingen, de verwachte ouderdom van de geomorfologie en de verwachte bodemopbouw kan de archeologische verwachting van het plangebied hoog geacht worden. Deze verwachting wordt weerspiegeld op de IKAW die voor het gehele plangebied een middelhoge verwachting aangeeft. Gelet op het bekende spreidingsbeeld lijken de paleo- en mesolithische vondsten zich met name ten noorden van het plangebied, langs de Maas op het laat-pleistoceen terras te bevinden en langs de Tasbeek. De neolithische vondsten liggen schijnbaar verder van de Maas af op het hogere en oudere rivierterras. Het is echter onduidelijk of dit de neerslag is van een reëel nederzettingspatroon. Aan het noordelijke deel van het plangebied kan op basis van de vondstgeschiedenis ten noorden en noordwesten van de bebouwde kom van Beesel een hoge verwachting worden toegekend met betrekking tot vondsten uit het Paleo- tot Mesolithicum en de late Middeleeuwen. Romeinse bewoning is duidelijk ten zuiden van het plangebied bij de Vossenberg. Hier is een Romeins villacomplex vastgesteld. Net ten noorden van het plangebied is een laatmiddeleeuwse kerk deels opgegraven, maar van de bijhorende nederzetting is nog niets ‘boven de grond gekomen’. De hoger gelegen pleistocene terrasrand heeft een hoge verwachting met betrekking tot de steentijden en de Romeinse periode.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 16

BILANRAPPORT 2004/47

3 3.1

Inventariserend veldonderzoek Onderzoeksmethode

Het veldonderzoek bestond uit het systematisch afboren van het terrein waarbij gelet werd op de bodemopbouw en de aanwezigheid van archeologische indicatoren, zoals houtskool, vuursteen en aardewerk. Hieruit kan blijken of de bodem al dan niet verstoord is, welke ontstaansgeschiedenis de bodem heeft en of eventuele archeologische bewoningslagen bewaard zijn gebleven. De aanwezigheid van archeologische indicatoren in de boorkernen kan inzicht geven in het de aard en ouderdom van het bodemarchief. Indicatoren zoals fragmenten aardewerk, vuursteen, houtskool, bot of verbrande leem, kunnen wijzen op (oudere) cultuurlagen onder de bouwvoor of op de aanwezigheid, ter plaatse of in de nabijheid, van een archeologische vindplaats. De spreiding van vondsten kan een indicatie geven van de gaafheid van de vindplaats. Deze boormethode wordt onder meer gebruikt bij het in kaart brengen van oude afgedekte bodems die in diepere lagen onder het oppervlak liggen. Deze oudere lagen en loopvlakken zijn vaak door natuurlijke sedimentatie zoals colluvium of door antropogene bodemvorming, zoals esdekken, bedolven en daardoor niet direct toegankelijk voor onderzoek. Tijdens het veldonderzoek werd zoveel mogelijk een raster van 40 x 50 m aangehouden. In totaal werden 20 boringen gezet op een totaaloppervlak van ca. 3,5 ha.

De boringen werden uitgevoerd met een Edelmanboor met een diameter van 7 cm en doorgezet tot minstens 25 cm in het onverstoorde moedermateriaal. De maximale diepte waarop werd geboord bedroeg 220 cm -mv. Alle boorpunten werden in het terrein relatief ingemeten en in GIS gekoppeld aan de RD-coördinaten. De hoogteligging ten opzichte van NAP werd bepaald aan de hand van de digitale hoogtegegevens die ter beschikking waren gesteld door de gemeente Beesel.

3.2

Resultaten van het booronderzoek

Op basis van het bureauonderzoek werden in het gehele plangebied radebrikgronden verwacht al dan niet op pleistocene rivierklei. Uit de boringen kwam een genuanceerder beeld naar voren. In het noorden werden inderdaad brikgronden aangeboord rustend op een kleidek. Dit kleidek behoort tot de gesedimenteerde rivierklei van de Maas. Sporen van gleyificatie in het bodemprofiel duiden op (voormalig) wisselende grondwaterstanden. Door de verbeterde hydrografie en waterafvoer is de grondwaterstand tegenwoordig echter redelijk stabiel, zodat de gley fossiel van aard moet zijn In de profielen met fossiele gley werden eveneens concreties in de briklaag waargenomen. De brikgronden onder de grasstrook in het noordelijke deel van het plangebied bleken ook recentelijk enigszins opgehoogd en/of in de bovenste lagen gekeerd. Dit is hoogstwaarschijnlijk gebeurd bij de aanleg van de groenstrook behorend bij de eerste fase van de nieuwbouwwijk Kleine Solberg.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 17

BILANRAPPORT 2004/47

fig. 7:

Bodemtypes in het plangebied

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 18

BILANRAPPORT 2004/47

Horizont Aan

ophoging

Apb

bouwvoor

EBt

Briklaag

Bt C

moedermateriaal

Tabel 1:

Diepte in cm -mv

Omschrijving

0 - 50

bruin, zwak humeus, zwak lemig, matig fijn zand

50 - 70

donker grijsbruin, matig humeus, matig fijn, lemig zand

70 - 100

bruin, sterk lemig, matig fijn zand

100 - 140

bruine zandige leem, toenemende oxidatie en Fe-concreties

140 - 150

oranje grijze, gelaagde geogene zavel (klei) sterke oxidatie, geen concreties

Bodemopbouw in boring nr. 2

De gronden op en langs de helling leverden een interessant beeld op. Met name de boringen op de top en langs de steilrand bleken matig tot sterk afgetopt te zijn (boringen 11, 12, 15, 16 en 18). Volgens de Nederlandse bodemclassificatie kunnen deze bodems tot de klasse van de vaaggronden worden gerekend. In boring 10 zou een mogelijke briklaag nog opgenomen kunnen zijn in de Ahorizont hetgeen zich vertaalt naar een zwaardere, zavelige bouwvoor.

fig. 8:

Hoogteverschillen binnen het plangebied. Hoogtelijnen om de 50 cm

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 19

BILANRAPPORT 2004/47

In deze hoger gelegen boringen kon echter geen duidelijke briklaag in het profiel worden waargenomen. Hier was in hoofdzaak sprake van bruine zandgronden met een afgetopt profiel en een matige tot ontbrekende profielontwikkeling. Onder de matig ontwikkelde bruingrijze A-horizont (20-40 cm dikte) volgde een homogene bruine horizont, die naar onderen toe lichter van kleur werd. De boringen langs de minder steile zuidoostrand van de terrasrug (boringen 14 en 17) toonden wel weer brikgronden.

Horizont

Diepte in cm

Omschrijving

Ap

bouwvoor

0 - 40

grijsbruin, matig humeus, matig fijn, zwak lemig zand; scherpe overgang naar Æ

C

moedermateriaal

40 - 150

bruin, humusarm, matig fijn zwak lemig zand

Tabel 2:

Bodemopbouw in boring nr. 16

Het matig ontwikkelde profiel of het ontbreken van een briklaag langs en op de helling is mogelijk te verklaren door de eroderende invloed van jarenlange landbouwbewerking in samenhang met wind- en watererosie. Tijdens het Holoceen ontstonden bijvoorbeeld lokaal secundaire verstuivingen van dekzand of rivierzand ten gevolge van ontbossing, strooiselroof en ontginning, daarom vind men (al dan niet geconsolideerde) stuifzandgebieden - zoals ook de nabijgelegen Vossenberg - vaak in de 8

nabijheid van oude cultuurgronden .

3.3

Archeologische indicatoren

In geen van de boringen werd een archeologische bewonings- of vondstenlaag aangetroffen. Noch op de terrasrand, waar Romeinse of steentijdbewoning werd verwacht, noch in het noordelijke deel waar eventuele steentijd- of laatmiddeleeuwse vondsten verwacht werden. In de boringen werden bovendien geen archeologische indicatoren aangetroffen. Uitzondering waren enkele recente stukken plastic, fragmenten steenkool en baksteenfragmenten in met name de bovenste laag of Ap-horizont van de boringen in het noordelijke deel van het plangebied. In boring 18 werden tussen 140 en 160 cm onder maaiveld sterk gecorrodeerde fragmenten ijzer gevonden. Deze fragmenten bevonden zich in een tussenlaag in de BC-horizont die zowel qua textuur als kleur overeenkwam met de bovenliggende A-horizont. Gelet op de enigszins verwrongen vorm van het metaal zou het een granaatscherf kunnen zijn. In dezelfde tussenlaag werd ook een fragment steenkool aangetroffen. Vermoedelijk betreft het een (sub-)recente verstoring. Alleen het middendeel van het plangebied leende zich enigszins voor een oppervlaktekartering. Er werden echter geen archeologisch relevante vondsten gedaan. De leesbaarheid van de braakliggende maïsakker werd door onkruid en veldbloemen grotendeels geminimaliseerd. De overige percelen waren in gebruik als met gras begroeide groenstrook (noorden) of als weidegrond voor pony’s (zuiden en noorden).

8

Mogelijk echter betreft het een eolisch gevormde rivierduin van oud dekzand met een matig ontwikkeld profiel. Deze kan dan nog altijd secundair verstoven zijn.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 20

BILANRAPPORT 2004/47

4

Conclusies en aanbevelingen

Uit het bureauonderzoek bleek een hoge archeologische verwachting voor het plangebied met betrekking tot vondsten uit de steentijden, de Romeinse periode en de late Middeleeuwen. Deze verwachting was gebaseerd op de vondstgeschiedenis van Beesel, de verwachte ouderdom van de geomorfologie en de verwachte bodemgesteldheid. Op basis van het veldonderzoek dient deze hoge verwachting te worden genuanceerd. In geen enkele boring werd een archeologische bewonings- of vondstenlaag aangetroffen. In de boringen werden bovendien geen archeologische indicatoren of relevante vondsten aangetroffen. Aan het oppervlak werden geen archeologisch relevante vondsten gedaan. Uit de boringen bleek bovendien dat met name de boringen op de top en langs de steilrand van het plangebied een matig tot sterk afgetopt profiel lieten zien en de bodem dus tot in het moedermateriaal verstoord was. Uitgaande van de resultaten van dit archeologische vooronderzoek wordt voor het plangebied geen vervolgonderzoek aanbevolen. 9

Bij bodemingrepen blijft de Monumentenwet onverminderd van kracht. Artikel 47 van deze wet stipuleert dat, indien archeologische vondsten of structuren worden aangetroffen, deze binnen drie dagen aan de bevoegde instanties gemeld moeten worden.

9

Monumentenwet 1988, artikel 47: meldingsplicht binnen de drie dagen aan de burgemeester.

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 21

BILANRAPPORT 2004/47

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 22

BILANRAPPORT 2004/47

5

Literatuur

STIBOKA, Toelichting bij de bodemkaart van Nederland, schaal 1:50.000, Blad 52 Oost, Venlo, Wageningen, 1975. STIBOKA, Toelichting bij de bodemkaart van Nederland, schaal 1:50.000, Blad 58 Oost, Roermond, Wageningen, 1968. STIBOKA, Bodemkaart van Nederland, schaal 1:50.000, Blad 58 Oost, Roermond, Wageningen, 1968. Archis II, Archeologisch informatiesysteem, ROB, Amersfoort, 2004. http://www.archis.nl Stassen, P., Zandmaas: Proefproject 2, deel I, IIa & IIb, ROB projectteam de Maaswerken& Via Limburg, 2001-2002, Maastricht. Bakker, H. de & Schelling, J., Systeem van bodemclassificatie, De hogere niveaus, Staringcentrum, Wageningen, 1989. College voor de Archeologische kwaliteit (CvAK), Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie de (KNA), 2 editie, oktober 2001. NEN 5104:1989/C1:1990 nl Æ NEN-EN-ISO 14688-1:2003; Geotechniek - Classificatie van onverharde grondmonsters. http://www.nen.nl

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 23

BILANRAPPORT 2004/47

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 24

BILANRAPPORT 2004/47

Bijlage 1: Lijst van afkortingen en codes conform NEN 5104 korrelgrootte < 2 µm ≥ 2 µm - < 63 µm ≥ 63 µm - < 2 mm ≥ 2 mm - < 63 mm ≥ 63 mm - < 200 mm ≥ 200 mm - <630 mm ≥ 630 mm

naam van fractie lutumfractie siltfractie zandfractie grindfractie (schelpenfractie) stenenfractie keienfractie blokkenfractie

Bijmengsel klei Omschrijving kleiig zwak kleiig sterk kleiig mineraalarm

code KX K1 K2 KM

bij grondsoort zand veen veen veen

Bijmengsel silt omschrijving siltig zwak siltig matig siltig sterk siltig uiterst siltig

code SX S1 S2 S3 S4

bij grondsoort grind klei, zand klei, zand klei, zand klei, zand

Bijmengsel zand omschrijving zwak zandig matig zandig sterk zandig uiterst zandig

code Z1 Z2 Z3 Z4

bij grondsoort grind, klei, leem, veen grind, klei grind, klei, leem, veen grind, klei

Bijmengsel grind omschrijving zwak grindig matig grindig sterk grindig

code G1 G2 G3

Bijmengsel humus omschrijving zwak humeus matig humeus sterk humeus

code H1 H2 H3

Zandmediaanklasse omschrijving uiterst fijn zeer fijn matig fijn matig grof zeer grof uiterst grof

code uf zf mf mg zg ug

bij korrelgrootte ≥ 63 - < 105 µm ≥ 105 - < 150 µm ≥ 150 - < 210 µm ≥ 210 - < 300 µm ≥ 300 - < 420 µm ≥ 420 - < 2000 µm (= 2 mm)

Grindverdeling omschrijving fijn grind matig grof grind zeer grof grind

code FG MGG ZGG

bij korrelgrootte 2– 5.6 mm 5.6 – 16 mm 16 – 63 mm

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 25

BILANRAPPORT 2004/47

Overige bodemkenmerken bsh harde baksteen bsz zachte baksteen ca kalkgehalte con (ijzer)concretie gs glas hok houtskool ht hout ks koolas mo mortel mn mangaan n.v.t. niet van toepassing oer ijzeroer oxi oxidatie pn puin pl plantenresten ps plastic sk steenkool vl verbrande leem vs verstoord indet indetermineerbaar hoeveelheid algemeen <1 % ≥1 - 10 % ≥10 - 30 % ≥30 – 50 %

omschrijving spoor weinig veel zeer veel

code 1 2 3 4

hoeveelheid grind spoor weinig veel zeer veel uiterst veel

percentage <1% ≥ 1 - < 25 % ≥ 25 - < 50 % ≥ 50 – < 75 % ≥ 75 %

code 1 2 3 4 5

hoeveelheid plantenresten geen plantenresten spoor plantenresten weinig plantenresten veel plantenresten hoeveelheid plantenresten onbekend

percentage =0% >0-<1% ≥ 1 – < 10 % ≥ 10 %

code PL0 PL1 PL2 PL3 PLX

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 26

onderdiepte laag

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

1

2

3

4

5

6

boring

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

2

2

2

2

2

2

code

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zkx

Lz1

Lz1

Lz1

Lz1

Zs3

Zs3

Zs3

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

zandmedafk

Bijlage 2: Boorstaten

bijmenging grind

humusbijmcode

h1

h1

h2

h2

h2

h2

h2

h2

h2

intensiteitcode

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

OR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BILANRAPPORT 2004/47

con

oxi 2

2

1

1

1

1 1

1

1

1

ks

gs

pl

oer

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 27

1

2

1

bs 1

hok 1

pn 1

vu 1

lei 1

gras; 7cm

gelaagd/zavel

lichter van kleur

lichte bijmenging geel zand

lichte bijmenging geel zand

gras; 7cm;lichte bijmenging geel zand

opmerkingen

vondst

ar

bot

vl

sk

ps

onderdiepte laag

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

boring

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

2

3

3

3

3

3

3

3

3

3

3

3

zandmedafk

code

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs3 mg

Zs3 mg

Zs3 mg

Zs3 mg

Zs2 mf

Zs2 mf

bijmenging grind

g1

g1

humusbijmcode

h1

h1

h1

h1

h1

h1

intensiteitcode

DO

LI

LI

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

hok 1

1

1

ks

gs

pl

oxi

oer

con

ht

ca

horizont

grondwater

ps 1

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 28

1

bs

BILANRAPPORT 2004/47

pn 1

vu 1

meer humus op 105cm (Ab?)

vermengd met Zs2 tot 100cm

wige Zs1 mg bandje(0,5cm) op 80cm

kwartsstuk

vs knol

gras; 7cm

geroerde grond(omgezet met kraan)

gele brokken Zs2

gele brokken Zs2

opmerkingen

vondst

lei

ar

bot

vl

sk

onderdiepte laag

12

13

14

15

16

17

18

19

20

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

boring

3

3

3

3

3

3

3

3

3

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

zandmedafk

code

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zkx mg

Lz1

Lz1

Lz1

Zkx mg

Zkx mg

Zkx mg

Zkx mg

Zs2 mf

bijmenging grind

g1

g2

humusbijmcode

h1

h1

h1

intensiteitcode

LI

LI

LI

LI

DO

DO

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

OR

OR

OR

OR

GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

horizont

oer 1

1

1

oxi 1

1

1

1

ks

hok

gs

pl

con

ht

ca

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 29

C

C

Br?

Bt

Ab

bs

BILANRAPPORT 2004/47

pn 1

1

sk 2

1

bleke zandkorrels;wordt lichter naar onder toe

bleke zandkorrels

bleke zandkorrels

bleke zandkorrels; los

wordt compacter

zwarte spikkels (wortelcarbon.?)

geroerd gele Zs2 vlekken

geroerd gele Zs2 vlekken

geroerd gele Zs2 vlekken

geroerd

gras; 7cm; geroerd

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

ps

onderdiepte laag

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

1

2

3

boring

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

5

6

6

6

zandmedafk

code

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

humusbijmcode

h2

h2

h2

h1

h1

h1

h1

h1

h2

h2

h2

h2

h1

h1

h1

h1

intensiteitcode

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

GE

GE

GE

GE

GE

GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

oxi

hok 1

1

ks

gs

pl

oer

con

ht

ca

horizont

grondwater

ps 1

1

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 30

1

1

1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

dwergponyweide; 7cm

sporen van kleimigratie

sporen van kleimigratie

lichte bijmenging gewi zand

gras; 7cm

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

pn

onderdiepte laag

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

1

2

3

4

5

6

7

8

9

boring

6

6

6

6

6

6

6

6

6

6

6

6

7

7

7

7

7

7

7

7

7

zandmedafk

code

Zs3 mf

Zs3 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mf

humusbijmcode

h2

h2

h2

h2

h2

h1

h1

h1

h2

intensiteitcode

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

GR

GR

GE

GE

GE

GE

GE

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

ks

hok

gs

pl

oxi

oer

con

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 31

1

1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

sk 1

iets lichter (=bruiner) van kleur

iets lichter (=bruiner) van kleur

dwergponyweide; 7cm

+gelaagd/kleiklompen;5cm dobr Zk1

+gelaagd/kleiklompen

+gelaagd/kleiklompen;5cm dobr Zk1

+gelaagd/kleiklompen

+gelaagd/kleiklompen;5cm dobr Zk1

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

pn

ps

onderdiepte laag

10

11

12

13

14

15

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

1

2

3

boring

7

7

7

7

7

7

8

8

8

8

8

8

8

8

8

8

8

8

8

8

8

9

9

9

zandmedafk

code

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs3 mf

Zs3 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zkx mf

Zkx mf

Zkx mf

Zkx mf

Zs3 mf

Zs3 mf

humusbijmcode

h1

h1

h1

h1

h1

h1

h1

intensiteitcode

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

GR

OR

OR

OR

OR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

con 1

1

oxi 1

1

1

ks

hok

gs

pl

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 32

1

1

oer 1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

wei; 7cm

grasweide; 7cm

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

pn

ps

onderdiepte laag

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

1

2

3

boring

9

9

9

9

9

9

9

9

9

9

9

9

9

9

9

9

10

10

10

zandmedafk

code

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs3 mg

Zs3 mg

Zs3 mg

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mf

humusbijmcode

h2

h2

h2

h1

intensiteitcode

DO

DO

DO

LI

LI

LI

kleur2code GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

ht

hok 1

1

ks

gs

pl

oxi

oer

con

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 33

1

1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

akker, braak; 7cm

humusvlekken 1 a 2, 0,5cm groot)

humusvlekken 1 a 2, 0,5cm groot)

hum.vlekken 1a2;0,5cm groot;bleker za, iets lemiger

humusvlekken 1 a 2, 0,5cm groot)

humusvlekken 1 a 2, 0,5cm groot)

humusvlekken 1 a 2, 0,5cm groot)

humusvlekken 1 a 2, 0,5cm groot)

humusvlekken 1 a 2, 0,5cm groot)

iets vaster

los

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

pn

ps

7

8

9

10

11

12

11

11

11

11

11

11

15

10

6

14

10

11

13

10

5

12

10

11

11

10

4

10

10

11

9

10

3

8

10

11

7

10

1

6

10

2

5

10

11

4

boring

11

onderdiepte laag

10

zandmedafk

code

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

humusbijmcode

h2

h2

h2

h2

h2

intensiteitcode

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

oxi

hok 1

ks

gs

pl

oer

con

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 34

1

1

1

1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

bouwland, braak; 7cm

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

pn

ps

5

13

14

12

4

13

12

13

12

12

3

11

12

13

10

12

2

9

12

13

8

12

1

7

12

13

6

12

17

5

12

12

4

12

15

3

12

16

2

12

12

1

boring

12

onderdiepte laag

12

zandmedafk

code

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs3 mf

Zs3 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

humusbijmcode

h2

h2

h2

h2

h2

h1

h1

h1

h1

h1

kleur2code GR

GR

GR

GR

GR

GE

GE

GE

GE

GE

GE

GE

GE

GE

GE

GR

GR

GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

oxi

1

ks

hok

gs

pl

oer

con

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 35

1

1

bs

intensiteitcode

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

pn 1

060cm:poederig,droog,kleur moeilijk te bepalen

braak;7cm

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

lichte zandkorrels

zeer los; scherpe overgang

zeer los

zeer los

zeer los

wei; 7cm; zeer los

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

ps

onderdiepte laag

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

boring

13

13

13

13

13

13

13

13

13

13

14

14

14

14

14

14

14

14

14

14

14

14

14

14

zandmedafk

code

Lz1

Zkx mg

Zkx mg

Zkx mg

Zs3 mg

Zs3 mg

Zs3 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mf

humusbijmcode

h1

h1

h1

h2

intensiteitcode

LI

DO

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

GE

GE

GE

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

con

1

ks

hok

gs

pl

oer

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 36

1

1

1

1

1

1

oxi 1

1

1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

wordt geleidelijk kleiiger

losse structuur

braak; 7cm

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

pn

ps

onderdiepte laag

15

16

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

1

2

3

4

5

6

7

boring

14

14

15

15

15

15

15

15

15

15

15

15

15

15

15

15

15

16

16

16

16

16

16

16

code

zandmedafk

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs2 mg

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Lz1

Lz1

bijmenging grind

g1

g1

g1

g1

humusbijmcode

h2

h2

h2

h2

h1

h1

intensiteitcode

LI

LI

LI

LI

LI

LI

kleur2code GR

GR

GR

GR

GE

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

con

hok 1

1

1

1

ks

gs

pl

oxi

oer

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 37

1

bs

BILANRAPPORT 2004/47

scherpe overgang

0-40cm: poederig droog

wei; 7cm

bleke zandkorrels

bleke zandkorrels

bleke zandkorrels

bleke zandkorrels

braak; 7cm

plaatstructuur

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

pn

ps

11

12

13

14

15

1

17

17

17

17

17

18

4

17

10

3

17

17

2

17

9

1

17

17

15

16

8

14

16

17

13

16

7

12

16

17

11

16

5

10

16

6

9

16

17

8

boring

17

onderdiepte laag

16

zandmedafk

code

Zs1 mf

Zkx mg

Zkx mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Lz1

Lz1

Lz1

Lz1

Lz1

Lz1

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

bijmenging grind

g1

g1

humusbijmcode

h1

h1

DO

intensiteitcode

DO

LI

LI

DO

kleur2code GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

con

hok 1

ks

gs

oxi

oer

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 38

1

1

1

1

1

pl 1

1

bs

BILANRAPPORT 2004/47

vu 1

wei; 7cm

bleke zandkorrels

zw.humusvlekken

zw.humusvlekken

wei; 7cm

opmerkingen

vondst

lei

ar

bot

vl

sk

pn

ps

onderdiepte laag

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

1

2

3

4

5

boring

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

18

19

19

19

19

19

zandmedafk

code

Zs1 mg

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

humusbijmcode

h1

h1

intensiteitcode

DO

DO

DO

DO

kleur2code GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

GR

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

ks

hok

gs

pl

oxi

oer

con

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 39

1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

sk 1

vondst 1

1

kiezel

wei; 7cm

scherpe overgang

kleur vgl. Laag 1

ijzervondst; iets minder fijn

opmerkingen

lei

vu

ar

bot

vl

pn

ps

onderdiepte laag

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

boring

19

19

19

19

19

19

19

19

19

19

20

20

20

20

20

20

20

20

20

20

20

20

20

20

zandmedafk

code

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs2 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mf

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

Zs1 mg

humusbijmcode

h2

h2

h2

h2

intensiteitcode

DO

DO

DO

DO

kleur2code GE

GE

GE

GE

GE

GR

GR

GR

GR

BR

BR

BR

GE

GE

GE

kleur1code BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

GE

GE

GE

BR

BR

BR

BR

BR

BR

BR

oxi

ks

hok

gs

pl

oer

con

ht

ca

horizont

grondwater Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 40

1

1

1

1

1

bs

bijmenging grind

BILANRAPPORT 2004/47

wei; 7cm

bleke zandkorrels

kiezel

opmerkingen

vondst

lei

vu

ar

bot

vl

sk

pn

ps

BILANRAPPORT 2004/47

Bijlage 3: Overzicht archeologische perioden

Periode

Code

Paleolithicum Paleolithicum Vroeg Paleolithicum Midden Paleolithicum Laat

Tot 8800 vC Tot 300.000 C14 300.000 - 35.000 C14 35.000 C14 – 8800 vC

PALEO PALEOV PALEOM PALEOL

Mesolithicum Mesolithicum Vroeg Mesolithicum Midden Mesolithicum Laat

8800 – 5300 vC 8800 – 7100 vC 7100 – 6450 vC 6450 – 5300 vC

MESO MESOV MESOM MESOL

Neolithicum Neolithicum Vroeg Neolithicum midden Neolithicum Laat

5300 – 2000 vC 5300 – 4200 vC 4200 – 2850 vC 2850 – 2000 vC

NEO NEOV NEOM NEOL

Bronstijd Bronstijd Vroeg Bronstijd Midden Bronstijd Laat

2000 – 800 vC 2000 – 1800 vC 1800 – 1100 vC 1100 – 800 vC

BRONS BRONSV BRONSM BRONSL

IJzertijd IJzertijd Vroeg IJzertijd Midden IJzertijd Laat

800 – 12 vC 800 – 500 vC 500 – 250 vC 250 – 12 vC

IJZ IJZV IJZM IJZL

Romeinse Tijd Romeinse Tijd Vroeg Romeinse Tijd Midden Romeinse Tijd Laat

12 vC – 450 AD 12 vC – 70 AD 70 – 270 AD 270 – 450 AD

ROM ROMV ROMM ROML

Middeleeuwen Middeleeuwen Vroeg Middeleeuwen Laat

450 – 1500 AD 450 – 1050 AD 1050 – 1500 AD

XME VME LME

Nieuwe Tijd Nieuwe Tijd A Nieuwe Tijd B Nieuwe Tijd C

1500 – heden 1500 – 1650 AD 1650 – 1850 AD 1850 – heden

NT NTA NTB NTC

Onbekend

XXX

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 41

BILANRAPPORT 2004/47

Bijlage 4: Overzicht geologische perioden

Periode

C-14 jaren voor heden

Holoceen Subatlanticum Subboreaal Atlanticum Boreaal Preboreaal

10.000 – heden 10.000 – heden 3.000 – heden 5.000 – 3.000 5.000 – 7.500 9.000 – 7.500 9.000 – 10.000

Late Dryas Allerød Bolling

2,3 mlj – 10.000 75.000 – 10.000 11.000 – 10.000 12.000 – 11.000 13.000 – 12.000

Postglaciaal

Pleistoceen Weichselien

Eemien

100.000 – 75.000

Saalien

250.000 – 100.000

Beesel - Kleine Solberg. Archeologisch vooronderzoek, p. 42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beesel&id=ff30a994-77af-4d8f-a33c-cf05b48d1c15