1e termijn wethouder Huijs begroting 2023
Tekst van het document
Algemene beschouwingen – 1e termijn – Anouk Huijs
10 november 2022
Dank u wel voorzitter. Precies 161 dagen geleden zijn wij als college gestart aan een nieuwe bestuursperiode. Deze dagen zijn omgevlogen. Een periode die zich kenmerkt door een hele hoop uitdagingen, waar ook uw raad in uw eerste termijn al meermaals aan refereerde. Binnen deze uitdagingen hebben we als college echter ook ruimte weten te vinden voor het realiseren van ambities van en voor onze mooie gemeente. Het is mooi om te horen dat we als college en raad voor een groot deel deze ambities delen. Kijkend naar deze begroting valt mij op dat er diverse ambities tot uitvoering worden gebracht die integraliteit in beleidsvelden bevorderen en daar ben ik trots op. Denk hierbij bijvoorbeeld aan; de woonzorgvisie, de aanpak ten aanzien van armoedebeleid in combinatie met duurzaamheid, de plannen uit het ambitiebudget en de school in Beesel. Een ontwikkeling die ik vanwege een tweetal redenen erg kan waarderen. De wereld laat zich immers niet sectoraal benaderen. De vraagstukken worden steeds complexer en vragen om een aanpak gestoeld op meerdere invalshoeken. Tevens bekrachtigt het wat mij betreft de waarde die wij hechten aan het samen optrekken met onze gemeenschap, gemeenteraad en ons college. Het doet mij goed om eenzelfde geluid ook bij diverse politieke partijen terug te horen in de eerste termijn. Alleen ga je sneller, samen kom je verder.
Ik kijk ontzettend uit naar de manier waarop wij vandaag samen invulling gaan geven aan deze algemene beschouwingen. Via deze weg neem ik uw raad graag mee in mijn reactie op uw eerste termijn. Dit doe ik door eerst programma- en later themagewijs stil te staan bij de prominente onderwerpen in deze begroting en de door u aangehaalde vragen of oproepen. Samenkracht Het werd vandaag al eerder aangehaald door een aantal partijen, het sociaal domein is complex en grillig. Zo zien we dat de hervormingsagenda jeugd ontzettend veel onzekerheden met zich meebrengt. De hervormingsagenda kent een legio punten waarvan verwacht wordt waarmee wij aan de slag zijn en gaan. Een aantal van deze punten is regionaal opgepakt, denk hierbij onder andere aan het verminderen van het aantal aanbieders middels sturing en inkoop, het doorvoeren van tariefdifferentiatie en het terugdringen van administratieve processen. Ook lokaal is er een aantal punten uit de hervormingsagenda opgepakt. Denk hierbij aan het verbinden van de praktijkondersteuner met de huisartsen, het periodiek voeren van leveranciersgesprekken en het monitoren van goede, passende en betaalbare zorg. Het oppakken van een heel aantal andere punten blijft echter nog uit en zijn tijdelijk on hold gezet. Reden hiervoor is dat de Rijksoverheid geen middelen ofwel kaders meegeeft die hierin voldoende comfort kunnen bieden.
Op dit comfort wordt dan ook aangedrongen vanuit de gemeenten richting de Rijksoverheid. Ik realiseer mij dat deze onduidelijkheid het complex maken voor u als raadsleden om overzicht en inzicht te verkrijgen op welke onderdelen er bijgestuurd kan worden. Om uw raad meer overzicht te verschaffen over de diverse facetten van het speelveld van het sociaal domein komen we aankomend jaar op verschillende beleidsterreinen met beleidsnota’s, denk bijvoorbeeld aan de beleidsnota gezondheid en wmo, lokaal jeugdbeleid, sport en cultuur. Het doel van deze beleidsnota’s is onder andere om per beleidsgebied met elkaar vast te leggen wat goede en betaalbare zorg is en hoe we dit monitoren. Maar ook hoe het voorliggend veld in de gemeente bijdraagt aan meedoen, meetellen en het in hun kracht zetten van inwoners. Monitoren vindt wat ons betreft plaats op zowel de kwaliteit als ook het gebruik van de zorg, zodat we hier zowel regionaal als lokaal tijdig op kunnen bijsturen. Het belang van de regionale samenwerking binnen het sociale domein wil ik hierbinnen nogmaals benadrukken. Door de regionale samenwerking zijn we namelijk in staat om alle expertise binnen het gehele veld met elkaar te delen en in
ontwikkelingen samen op te trekken. Zoals zojuist al kort aangestipt zal in het eerste kwartaal ook een nieuwe sportnota aan uw raad worden voorgelegd. In deze sportnota treft u een aantal nieuwe ambities, maar wordt ook een aantal eerder ingezette interventies voortgezet. Zo ook het programma Coaching op Leefstijl (COOL) waaraan de VLP in haar eerste termijn refereert. We zetten in 2023 in op het breder toegankelijk maken van het beweegdeel en daarmee de beweegcoach waarbij doorverwijzing van een huisarts niet meer noodzakelijk is. Hiermee verwachten we meer deelnemers te kunnen aantrekken. Gelijktijdig worden tevens de effecten regionaal gemonitord, waarna op regionaal niveau een evaluatie zal plaatsvinden. Zodra hierover meer bekend is breng ik u als raad op de hoogte. Ook het lokale sportevenement voor jong en oud waaraan het CDA refereert zal in het sportbeleid een plek in krijgen. Als college staan wij absoluut sympathiek tegenover het aantrekken of medeverantwoordelijk maken van lokale aanbieders binnen dit evenement. Als raad haalt u in uw eerste termijn ook een aantal spelers in het voorliggend veld aan. Terecht, want dit zijn spelers die voor ons als gemeente een belangrijke rol spelen in preventie. Om hier de juiste prioriteiten te kunnen stellen zal het voorliggend veld in 2023 worden herijkt.
In de herijking wordt u als raad bijvoorbeeld ook gevraagd welke rol is weggelegd voor de jongerenwerker in de gemeente en of de 12 uur voldoende toereikend zijn. Voor nu worden deze 12 uur voortgezet, waarbij er wel naar maatwerkoplossingen wordt gezocht indien er casussen zijn die vragen om meer inzet van de jongerenwerker. In haar eerste termijn stelt de VLP vragen over specialistische taken bij de reguliere kinderopvang. Het college is van mening dat we kinderen zo dicht mogelijk bij huis moeten opvangen en dat we er gezamenlijk voor moeten zorgen dat de professionals van voldoende kennis en vaardigheden worden voorzien om dit te bieden. Dit faciliteren we dan ook middels deskundigheidsbevordering van de pedagogische medewerkers. Tevens is er binnen de gemeente Beesel reeds een aantal jaren een Dolfijn groep van PSW die opvang organiseert voor kinderen tot en met 5 jaar met een zorgvraag. Fijn wonen Dat voor dit college wonen een belangrijk speerpunt is, zal voor uw raad geen verrassing meer zijn. Al bij de aanvang van de nieuwe bestuursperiode is dit met prioriteit opgepakt. Dit heeft geresulteerd in een aantal concrete punten in deze begroting die moeten bijdragen aan een meer passend woningaanbod voor alle inwoners, jongeren, ouderen, maar zeker ook spoedzoekers.
Hoewel recente uitspraken ten aanzien van stikstof, waaraan ook de fractie van Samen Verder refereert ons in de ban houden en onzekerheid met zich mee brengen, zijn wij voornemens om door te pakken op dit onderwerp in de aankomende begroting. We zijn voortvarend aan de slag gaan met een aantal nieuwbouwprojecten op de korte termijn waaronder Heijackerstraat (bestemmingsplan ter inzage), Oppe Stein en de Parklaan, maar ook op de middenlange termijn met ontwikkelingen zoals Kleine Solberg 3, Rustoord en Lennaerts. Hierbij ligt de focus niet alleen op het ontwikkelen van juiste woningen, maar ook op prettig wonen. Fijn wonen is het wonen in een prettige omgeving waar o.a. ruimte is voor groen, spel en ontmoeting. We zetten dus in op een kwalitatieve woonomgeving en nemen de woonkwaliteit integraal mee in de planontwikkeling. Hoe we dit borgen is afhankelijk van onze rol in de betreffende ontwikkeling, dat kan bijvoorbeeld stimulerend of juist kaderstellend zijn. Welke rol of rollen we hierin als gemeente gaan aannemen wordt bepaald in de nota grondbeleid. Binnen het opstellen van deze nota wordt fractie van het CDA op haar wenken bediend en gaan we met elkaar het gesprek aan over de manier waarop we aankijken tegen het te voeren grondbeleid.
Om deze ambities te kunnen uitvoeren vragen wij u als raad middels de aanpak wonen meerjarig budget vrij te maken. Met dit budget zijn we in staat om tijdelijk extra expertise en deskundigheid in te zetten. Denk hierbij aan stedenbouwkundige advisering en deskundigheid op planeconomie. Ook zetten we dit budget in ten behoeve van participatieprocessen en het opstellen van een nota grondbeleid. Tevens maken we het middels dit budget mogelijk om door te pakken op de actiepunten die voortvloeien uit de woonzorgvisie die wij volgend jaar aan uw raad zullen presenteren en die duiding geven aan dit budget voor 2024 en 2025. Hiermee ontstaat er een natuurlijk ijkmoment waar ook de fractie van het CDA naar vraagt om de balans op te maken en waar nodig bij te sturen. Op het gebied van volkshuisvesting staan wij ook in nauw contact met de woningcorporaties. Jaarlijks worden er prestatieafspraken gemaakt waaraan zowel de corporaties als de gemeente zich committeren. Bij het maken van deze afspraken wordt ook actief gesproken over de mogelijkheden ten aanzien van een toewijzingsbeleid. Het stemt mij optimistisch dat ook nieuwe wet- en regelgeving vanuit het Rijk hierin meer mogelijkheden gaat bieden, deze dient echter nog officieel te worden bekrachtigd.
Specifiek voor Nester richten we ons in de prestatieafspraken ook op de gebieden en het maatschappelijk vastgoed waarvan Nester de eigenaar is. Denk hierbij aan de invulling voor het pand van de voormalige dagwinkel in Beesel en de Passage. Tevens trekken we in 2023 samen op in het formuleren van een toekomstbeeld over de gebieden Rustoord en de Kloostertuin. Het verzoek van de VLP om dit daadwerkelijk voor het zomerreces op de raadsagenda te zetten durf ik in alle eerlijkheid nog niet toe te zeggen. Dit is namelijk ook afhankelijk van het proces dat Nester doorloopt, bijvoorbeeld in relatie tot de motie die u als raad eerder hebt vastgesteld. Ik ben gaarne bereid om uw in ieder geval tussentijds bij te praten over het proces wat hierin doorlopen wordt. Of al deze interventies uiteindelijk gaan zorgen voor het behalen van de 14.000 inwoners waarop het CDA hint, kan ik nog niet met zekerheid bevestigen. We zien de afgelopen jaren dat ons inwoners aantal stabiel is gebleven, ondanks de woningbouw van bijvoorbeeld Oppe Brik. In de nieuwe woonzorgvisie zullen we in ieder geval de haalbaarheid hiervan onderzoeken. Tot die tijd kunt u als raad natuurlijk ook zelf blijven bijdragen aan een toenemend aantal kleine inwoners in onze gemeente…
Bedrijvigheid Een ander facet waar het college de laatste tijd actief mee aan de slag is gegaan is het aanhalen van de contacten met bedrijven. De VLP liet al weten nieuwsgierig te zijn naar de opbrengsten van deze bezoeken. Ondanks dat de nadruk tijdens deze bedrijfsbezoeken met name lag op het opbouwen of versterken van een relatie en het inzichtelijk krijgen van de bedrijfsactiviteiten zijn er mooie inzichten opgehaald. Uiteraard deel ik dit graag met uw raad. Deze dienen overigens ook als input voor het op te stellen economisch profiel. Dit economisch profiel zal in de eerste helft van 2023 opgesteld worden en zal antwoord geven op de vragen: wat zijn we, wat willen we zijn en waar lopen we tegenaan op economisch vlak. Hier worden ook de vragen van de VLP meegenomen ten aanzien van prioriteiten in acties. Een verdere fysieke vertaling vindt plaats in de omgevingsvisie. Een gemeente brede visie waarin door u uiteindelijk wordt bepaald waar we welke functies willen in onze gemeente. In de eerste termijn heeft een drietal fracties aangegeven graag te zien dat het college al eerder aan de slag gaat met de notitie bedrijventerreinen en deze los te koppelen van de omgevingsvisie. Als college begrijpen we de betrokkenheid vanuit uw raad en de goede intenties om hier op korte termijn knelpunten mee op te lossen.
Als college zijn wij echter geen voorstander van het loskoppelen van de notitie bedrijventerreinen van de omgevingsvisie omdat principiële uitspraken of aanpassingen niet alleen impact hebben op de bedrijventerreinen, maar ook op andere functies. Een integrale aanpak met betrekking tot de locatiekeuze is dus van essentieel belang. Dit laat ook de huidige praktijk ons zien. Het gaat immers
niet alleen over de bedrijven, maar ook over mogelijkheden tot herontwikkeling en de relatie met andere functies zoals woningbouw, verkeer en natuur. We zien in de huidige praktijk dat juist de relatie tussen functies zoals wonen en bedrijvigheid tot problemen leidt. Dit pleit wat ons betreft voor een brede en integrale aanpak Toekomstbestendige kernen De afgelopen jaren zijn de dorpscentra van Beesel en Reuver succesvol aangepakt. Goed om te horen dat we dit raadsbreed ervaren. Een bruisende kern komt volgens ons als college de inwoners, ondernemers als ook de gasten in onze gemeente ten goede. Initiatieven die de VLP oppert, zoals een zomermarkt of een verlengde weekmarkt kunnen wij dan ook toejuichen en faciliteren. We zien hierbij een belangrijke rol weggelegd voor de Stichting Ondernemers Centrum Reuver. In de voorliggende begroting is budget opgenomen voor de aanpak van het centrum van dorpskern Offenbeek. Conform de door u vastgestelde visie Kern Offenbeek zijn we aan de slag gegaan met de verdere uitwerking. Momenteel bevinden we ons in de uitvoeringsfase van het 1e schetsontwerp; hiervoor is een gedetailleerde begroting opgesteld. In een RIB bent u hierover de vorige maand geïnformeerd. Het proces is tot op heden vormgegeven in nauwe samenwerking met het kernoverleg. In de vervolgfase worden ook ondernemers en bewoners betrokken.
De fractie van de VLP roept op tot een raadswerkgroep. Wij zijn graag bereid om de raad via een raadswerkgroep te informeren over de nu voorliggende plannen en het proces. Gezien het voorspoedige verloop van het proces tot op heden, maar zeker ook de aanwezig energie die er bij betrokkenen wordt gevoeld is het ons als college er om gelegen voortvarend aan de slag te kunnen gaan met de uitvoering van dit project. Leefbaarheid is meer dan alleen een mooi centrum waar het fijn recreëren is. Het betreft ook voorzieningen in de dorpskernen. De VLP doet in haar eerste termijn een oproep om te onderzoeken of het mogelijk is om de gymzaal te integreren in de nieuw te bouwen school in Beesel. Ik vind dat de fractie van de VLP terechte vragen stelt over de toekomstbestendigheid van de gymzaal in Beesel. Als college zouden wij echter willen pleiten geen geld te investeren in het onderzoeken van deze mogelijkheid, maar dit al op voorhand mee te nemen in het programma van eisen van de nieuwe school. Zowel het verduurzamen van de huidige gymzaal en het mogelijk op termijn vervangen als ook het nieuwbouwen van de gymzaal bij de school in Beesel vragen om een forse investering. Wat dus als een paal boven water staat is dat we linksom of rechtsom, een investering moeten doen.
Het geld dat geïnvesteerd wordt in onderzoek kunnen we dan direct steken in een gedeelte van de stenen voor een toekomstbestendige gymzaal in de nieuwbouw van de basisschool. Tot slot wil ik graag ingaan op de leefbaarheid in de kern Beesel. Dit onderwerp is door alle fracties, soms kort en soms uitvoerig, aan bod gekomen tijdens de eerste termijn. Ik kies er in deze bewust voor om met dit thema af te sluiten. Dit heeft alles te maken met de grote hoeveelheid raakvlakken die dit vraagstuk heeft ten opzichte van eerder toegelichte ambities en plannen. Zowel Samen Verder als de Beeselse Lijst roepen concreet op om te komen tot een leefbaarheidsplan voor de kern Beesel. Over deze onderwerpen is onder andere door stichting Kernoverleg Beesel en Haar Toekomst al veel informatie, visies en perspectieven opgehaald. Tevens dienen zij voor ons als college als klankbord voor de uit te zetten acties. Op basis van deze informatie en de input die u als raad eerder heeft gegeven zijn wij als college op diverse sporen al hard aan de slag met onderdelen die ieder op zijn of haar eigen manier bijdragen aan de leefbaarheid in de kern. Zo maar een greep uit de ontwikkelingen die momenteel spelen: •
•
Op het gebied van woningbouw hebben we zowel op de korte als op de lange termijn een aantal concrete woningbouwlocaties aangewezen waarvan het plan Heijackerstraat al op korter termijn ter inzage gaat. Naar aanleiding van de sluiting dagwinkel is er met diverse partijen gesproken over een eventuele invulling, te weten ROC Gilde – Jumbo over een samenwerkingsconcept en bekende supermarktretailers. Ook zijn we in gesprek met Post NL en Geldmaat om deze
•
•
• •
voorzieningen terug te krijgen in de kern. Op dit moment vullen wij dan ook nog steeds een aanjagende functie in ten opzichte van dit vraagstuk en spannen we ons in om te verbinden en te faciliteren. Bij de prestatieafspraken wordt tevens aandacht besteed aan de rol die Nester hierbinnen ook nog kan vervullen. Vooralsnog lijken commerciële partijen echter te weinig omzetpotentieel te zien in de kern Beesel om een rendabele vestiging te openen. Samen met het Bisdom zijn we aan de slag met het opstellen van een Kerkenvisie waarmee we in beeld brengen op welke wijze de kerk op de korte en lange termijn een rol vervult in de kern Beesel. We hebben recent een locatiekeuze gemaakt voor een Integraal Kind Centrum in Beesel waarmee we de eerste stappen zetten in een gezonde en duurzame leerplek voor de kinderen uit Beesel. In de begroting is een leefbaarheidsmedewerker opgenomen die dagdagelijks aan de slag gaat met leefbaarheidsvraagstukken in onze kernen. We gaan aan de slag met een onderzoek naar ons maatschappelijk vastgoed en nemen hier zowel het maatschappelijk vastgoed als ook de maatschappelijke functies in de kern Beesel mee.
Kortom; ons college deelt uw zorgen om de leefbaarheid in de kern Beesel en laat er geen gras over groeien; wij zijn er volop mee aan de slag. Wij kunnen ons voorstellen dat er bij u als raad behoefte is aan een overzicht van acties die op dit moment lopen, die op termijn nog gaan lopen en hoe deze zich tot elkaar verhouden. Als college komen wij graag tegemoet aan deze behoefte door u dit overzicht en inzicht te bieden. Deze handreiking brengt mij tot het einde van mijn eerste termijn. Dank u wel voorzitter.