vragen van BPP.pdf
Tekst van het document
Technische vragen over in de raadscommissie of de gemeenteraad van Beemster geagendeerde onderwerpen DATUM VERGADERINGEN:
26 januari 2021
FRACTIE:
BPP
DATUM BINNENKOMST VRAGEN:
18 januari 2021
NR. VRAAG
AGENDAPUNT
VRAAG
ANTWOORD
1
RC 5
Opmerking/vraag bij het advies van Abc staan 2 verschillende data in de stukken, 7 januari 2020 en 7 januari 2019, de laatste staan licht grijs. Wat is de juiste datum?
De juiste datum is 7 januari 2020. Vermoedelijk heeft de stichting Abc aan het begin van een nieuw jaar per abuis nog automatisch het oude jaar genoemd, zoals gebruikelijk was in hele voorgaande jaar. Tenslotte is het kenmerk onder aan de brief, 19 099 bm, hetzelfde als het kenmerk in de kop van de brief met jaargang 2020.
2
RC 7
Algemeen inleidend Dienstverlening voltrekt zich op vele niveaus en is dus een zeer breed begrip. Bijna alles in met ICT-systemen te ondersteunen en deels uit te voeren. Maar niet-uitlegbaar beleid of een B&W-besluit laat zich niet sturen, vormt de basis van misverstand, onredelijke termijnen en willekeur. Dat beïnvloedt dus het Hoe van de uitvoering en dat kan niet recht worden getrokken of worden verholpen met het goed luisteren en de vraag achter de vraag proberen te vinden. Dienstverlening en economische ontwikkeling hebben ook een sterke relatie.
De portefeuillehouder zal in de commissievergadering op de vragen ingaan, niet inhoudelijk maar hoe daarmee moet en zal worden omgegaan.
a) Herkent u de relatie met dienstverlening en kent u de voorbeelden waarbij de economische ontwikkeling stokt in agrarische gerelateerde sectoren (verbrede landbouw, investeerders zoeken andere gemeenten) ten gevolge van extra eisen en kosten van niet door de raad vastgesteld beleid en/of onduidelijkheid voor de uitvoering ervan, waarbij niche bedrijven met hoog resultaat (die de extra eisen en kosten voor lief nemen) de vrijkomende gronden voor hun schaalvergroting
NR. VRAAG
AGENDAPUNT
VRAAG
benutten en dus de relatief kleine vaak minder intensieve bedrijven verloren gaan? b) Hoe gaat u met de raad heldere maatregelen nemen, kaders en regels vaststellen om zaken die geen kosten zouden opleveren voor de gemeenschap en nu in de praktijk toch optreden en tot uiting komen in de kosten van dienstverlening te normaliseren. Anders gezegd, hoe gaat u zorgen dat de dienstverlening niet met kosten voorkomend uit Werelderfgoed worden belast? c) Hoe is te verklaren dat het proces van Buiten naar Binnen in het onderwerp Dienstverlening niet aan de orde komt. Is er sprake van dat dit proces feitelijk een dode letter is en alleen als het past in het belang van de gemeente uit de kast wordt gehaald? Ook met het oog op bijvoorbeeld de realisatie van de dependance voor De Bloeiende Perelaar. Wat zegt dit over dienstverlening? d) Waar ligt de bron dat complexe processen met een uitstekend en gemotiveerd ambtelijk toch zo stroef lopen? Ligt dit aan de dienstverlening zelf of is er een ander structurele oorzaak aan te wijzen? e) Hoe gaat u zorgen dat de raad tijdig over voldoende informatie beschikt om goede besluiten te nemen gesteund op de resultaten van Omnibus enquêtes, waarbij over verschillende type dienstverlening ook verschillende uitkomsten kunnen komen en geen nietszeggend gemiddelde?
ANTWOORD
NR. VRAAG
AGENDAPUNT
VRAAG
ANTWOORD
3
RC 7
Aanbeveling 1: heldere doelstellingen door dienstverlening In hoge mate is het rapport geschreven vanuit de Purmerendse context en daarbij is er ook nog sprake van een dienstverleningscontract met Beemster waarover veel is gebakkeleid. Maar wat zijn de grote lijnen die herkend kunnen worden? Beide colleges gedragen zich op gelijke wijze als het over het oplossen van probleem gaat. Het informeel informeren is daarbij een gebruikelijke werkwijze/strategie om zaken wel benoemd te hebben zonder daar diepgaand de vooren nadelen tegen elkaar te kunnen afwegen als raad.
De portefeuillehouder zal in de commissievergadering op de vragen ingaan, niet inhoudelijk maar hoe daarmee moet en zal worden omgegaan.
a) Herkent u de conclusie van de rekenkamer dat zaken niet formeel worden voorgelegd, bekrachtigd via plannen en doelstellingen alvorens tot uitvoering te komen. Dat dit wel op informele wijze plaatsvinden via informatiebijeenkomsten waar raadsleden worden bijgepraat? b) Erkent u dat het niet helder vooraf formuleren van doelstellingen de controlerende rol van de gemeenteraad zeer wordt bemoeilijkt en of wordt beperkt en leidt tot voldongen-feiten-bestuur? 4
RC 7
Aanbevelingen 2 en 3: Leg op kritische onderdelen, de informele procesafspraken vast en zorg voor integratie van de verschillende kanalen.
a) Wanneer bent u zo ver dat u met de raad in gesprek gaat om kaders voor kosten-vereffening in complexere dossiers te gaan bepalen, deze vast te stellen en daar
De portefeuillehouder zal in de commissievergadering op de vragen ingaan, niet inhoudelijk maar hoe daarmee moet en zal worden omgegaan.
NR. VRAAG
AGENDAPUNT
VRAAG
ANTWOORD
passend uitvoering op voor te bereiden? b) Schort u tot die tijd de huidige niet door de gemeenteraad vastgestelde werkwijzen (die alleen informeel aan de orde is geweest) op? 5
RC 7
Aanbeveling 4: Verbeter de kwaliteit en eenheid van dienstverlening. Het grote punt is vanzelf de stijl van leidinggeven beginnend bij de wethouder en het management die de processen moet bewaken en waar het fout gaat, de hand in eigen boezem moeten durven steken. - Wat gaat u doen met de stijl van leidinggeven, zodat de operationele teams in complexe dossiers zich gesteund voelen, maar vooral ook gehoord worden als zij hun vakmanschap inzetten om knelpunten aan te pakken, want zonder hun feedback worden de (on)geschreven regels onmogelijke uitvoeringsopgaven met grote frustraties tot gevolg? Daar is de dienstverlening toch niet bij gebaat?
6
RC 7
Aanbeveling 5: Zet meer in op het gebruik van digitale dienstverlening. a) Wat onderneemt u om schijn-werklijkheden (wat in het systeem staat is de waarheid) door digitalisering dienstverlening te voorkomen? b) En dat cliënten of initiatiefnemers vastlopen door ongewenst maar in de praktijk toch voorkomende sturing met het middel tot communiceren en bijvoorbeeld niet meer weten wat de status is van hun vraag?
De portefeuillehouder zal in de commissievergadering op de vragen ingaan, niet inhoudelijk maar hoe daarmee moet en zal worden omgegaan.