CConstaterende datBeemster
Koppel je AI →
Document · PDF

technische vragen van VVD.pdf

Raadscommissie 21 september 2021, gemeente BeemsterBij agendapunt: -: Technische vragen.2.318 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen over in de raadscommissie of de gemeenteraad van Beemster geagendeerde onderwerpen DATUM VERGADERINGEN:

21 september 2021

FRACTIE:

VVD

DATUM BINNENKOMST VRAGEN:

14 september 2021

NR. VRAAG

AGENDAPUNT

VRAAG

ANTWOORD

1

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 -> Bij de stukken missen wij de “nota van overleg en inspraakreacties 2021”. Kunt u deze alsnog toevoegen ?

Beantwoording door de griffie: Dit document is gepubliceerd op de site ruimtelijkeplannen.nl en is alsnog toegevoegd aan de stukken.

2

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 -> De bijlage bij verbeelding 6 kan niet worden geopend. Kunt u dit verhelpen?

Beantwoording door de griffie: Dit is opgelost.

3

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 -> In het raadsvoorstel heeft u het op pag. 6 over de RONG (stuurgroep Ruimtelijke Ontwikkelingen Nieuwe Gemeente) Kunt u meer vertellen over deze stuurgroep, zoals: Wie nemen deel aan deze stuurgroep? Wat is het doel van stuurgroep? Wat zijn de bevoegdheden van deze stuurgroep?

Bij brief d.d. 8 december 2020 (kenmerk 1537322) heeft het college u geïnformeerd over de werking van de stuurgroep. Ter aanvulling op voornoemde brief: de stuurgroep is adviserend naar de colleges van zowel Beemster als Purmerend.

NR. VRAAG

AGENDAPUNT

VRAAG

ANTWOORD

4

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 -> In het raadsvoorstel van 31 augustus zegt u op pag. 4 dat er voor het bedrijf gevestigd aan het adres Middenweg 192b alsnog een agrarisch bouwblok is opgenomen. In de Nota van Zienswijzen (zonder datum) geeft u als antwoord op zienswijze nr. 9 dat deze uit het plan zal worden gehaald. 1. Wat is de laatste ‘stand van zaken’, staat dit bouwblok er op dit moment wel in of niet? 2. Zo nee, waarom niet? In de beantwoording op zienswijze 22 zegt u: “Veranderingen ten opzicht van de bestaande situatie worden alleen meegenomen voor zover daarvoor concrete onderbouwde plannen bestaan” Het gaat bij Middenweg 192b om een door de gemeenteraad vastgestelde bestemmingsplanwijziging. Dat is toch concreet?

Hier lijkt sprake van een misverstand. In het ontwerpbestemmingsplan was per abuis geen bouwvlak opgenomen voor het perceel Middenweg 192b. Dat is alsnog opgenomen op de verbeelding. Dit betreft een ambtshalve aanpassing.

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 -> In de Nota van Zienswijzen heeft u het in uw antwoord op zienswijze nr.12 over de overlegreactie van de Provincie Noord-Holland. Welke argumenten uit deze overlegreactie hebben u doen besluiten de inhoud van bijlage 4 geheel te wijzigen? En, zoals ook gevraagd bij vraag 1: kunt u deze overlegreactie alsnog toevoegen?

Naar aanleiding van de opmerkingen in deze zienswijze over het onjuist vertalen van de provinciale overlegreactie in het ontwerpbestemmingsplan is hier door ons opnieuw naar gekeken. Geconstateerd is dat deze opmerking juist is. Door nu in bijlage 4 uitgebreider te verwijzen naar het provinciaal beleid ten aanzien van de bescherming van kernkwaliteiten van het werelderfgoed Droogmakerij de Beemster is dit wel het geval.

5

RC 5

Zienswijze nr 9. heeft betrekking op het tegenovergelegen perceel 192a. Daar is een vergunning verleend voor vergroting van het bestaande agrarisch bouwperceel. Omdat daartegen nog een juridische procedure loopt is besloten dat vergrote bouwvlak buiten deze herziening te laten. De antwoorden op de vragen zijn: 1. Het bouwblok Middenweg 192b staat wel op de vast te stellen verbeelding. 2. (is met de bovenstaande uitleg beantwoord)

NR. VRAAG

AGENDAPUNT

VRAAG

ANTWOORD

6

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 -> In de Nota van Zienswijzen heeft u het in uw antwoord op zienswijze 30 over een sloot die van cultuurhistorische waarde is als één van de twee redenen waarom het betreffende bouwplan onwenselijk wordt geacht. De indiener heeft documentatie waaruit blijkt dat de betreffende sloot dateert uit 1970/71. Waarom denkt u dat dit een sloot is van cultuurhistorische waarde?

Naar aanleiding van uw vraag is opnieuw gekeken naar de waarde van de betreffende sloot. Wij constateren dat hetgeen daarover in de zienswijzennota is opgemerkt niet juist is. Deze sloot heeft geen historische waarde. Dit neemt niet weg dat er ook andere argumenten zijn benoemd om realisering van het voorgestelde bouwplan niet toe te staan en in ieder geval niet mee te nemen in het voorliggende bestemmingsplan.

7

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 -> Nota beleidsregels werkafspraken keukentafelgesprek: 1. Zijn er voor initiatiefnemers kosten verbonden aan het keukentafelgesprek? Zo nee, hoe worden deze kosten dan verhaald ? 2. Is het keukentafelgesprek alleen bedoeld voor agrarische bedrijven of voor alle inwoners en bedrijven in het buitengebied? 3. De laatste zin van de toelichting van beleidsregel 3 geeft aan dat er in bepaalde situaties een externe voorzitter aangewezen kan worden. Kan het verzoek hiertoe ook worden gedaan door de initiatiefnemer?

1. Wanneer de gemeente als resultaat van het keukentafeloverleg een schriftelijk advies uitbrengt, zal de gemeente hiervoor kosten in rekening brengen op basis van de gemeentelijke legesverordening. Voor het overige wordt verwezen naar de tekst van het raadsvoorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan. 2. Deze benadering is in eerste instantie bedoeld voor initiatieven die betrekking hebben op (de uitbreiding van) agrarische bedrijven en mogelijkheden t.a.v. ondergeschikt wonen, een en ander zoals in de regels van het bestemmingsplan opgenomen. Het bestemmingsplan biedt ook geen ruimte om andere functies zoals Bedrijven of Wonen zodanig uit te breiden dat die een grote impact hebben op het landschap. Wel wordt in het kader van de voorbereidingen op de inwerkingtreding van de Omgevingswet gewerkt aan nieuwe werkwijzen voor het samen met initiatiefnemers werken aan complexe vergunningaanvragen die op onderdelen lijkt op de keukentafelgesprekken. 3. Dat is onder omstandigheden zeker denkbaar, maar niet het uitgangspunt. Er dienen tussen partijen dan ook afspraken te worden gemaakt over de bekostiging van een dergelijke externe voorzitter.

NR. VRAAG

AGENDAPUNT

VRAAG

8

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 1. Zijn binnen het huidige bestemmingsplan windmolens toegestaan in Beemster? En zo ja, tot welke hoogte? 2. Wat is de huidige regelgeving m.b.t. voorkomen van overlast door slagschaduw? 3. 3. Wat zegt het RIVM, of enigszins vergelijkbare instelling, hierover (advies of onderzoek)?

ANTWOORD

1. In het huidige bestemmingsplan zijn geen windmolens toegestaan. In het nu voorliggende bestemmingsplan evenmin. 2. In de Activiteitenregeling (uitwerking van het Activiteitenbesluit) zijn hierover regels opgenomen in de artikelen 3.12 en 3.13. (zie 1 ) Door een recente uitspraak van de Raad van State staan deze normen op losse schroeven voor inrichtingen met 3 of meer windmolens. De afdeling heeft bepaald dat gemeenten (bevoegde gezagen) zelf onderzoek moeten doen naar in concrete gevallen te hanteren normen en dat daarvoor een merbeoordeling noodzakelijk is. Dat geldt echter niet voor individuele windturbines. Daarvoor blijven de regels uit het Activiteitenbesluit en de activiteitenregeling gelden. 3. De huidige normen in de Activiteitenregeling vloeien voort uit onderzoeksresultaten van onder andere het RIVM. Zoals aangegeven staan die resultaten voor grotere windparken onder druk een heeft de Raad van State aangegeven dat per individuele ontwikkeling onderzocht en beoordeeld moet worden welke normen daarop zouden moeten worden toegepast. Voor ontwikkelingen die betrekking hebben op 1 of 2 turbines geldt dit niet.

1 Artikel 3.12

1) Ten behoeve van het voorkomen of beperken van slagschaduw en lichtschittering is de windturbine voorzien van een automatische stilstandvoorziening die de windturbine afschakelt indien slagschaduw optreedt ter plaatse van gevoelige objecten voor zover de afstand tussen de windturbine en de gevoelige objecten minder dan 12 maal de rotordiameter bedraagt en gemiddeld meer dan 17 dagen per jaar gedurende meer dan 20 minuten per dag slagschaduw kan optreden en voor zover zich in de door de slagschaduw getroffen uitwendige scheidingsconstructie van gevoelige gebouwen of woonwagens ramen bevinden. De afstand geldt van een punt op ashoogte van de windturbine tot de gevel van het gevoelige object. 2) Het bevoegd gezag kan met betrekking tot het in werking hebben van een windturbine aanvullend maatwerkvoorschriften stellen ten behoeve van het voorkomen of beperken van hinder door slagschaduw indien het eerste lid in een specifiek geval niet toereikend is. Artikel 3.13 1) Ten behoeve van het voorkomen of beperken van slagschaduw en lichtschittering wordt lichtschittering bij het in werking hebben van een windturbine zoveel mogelijk voorkomen of beperkt door toepassing van niet reflecterende materialen of coatinglagen op de betreffende onderdelen. Het meten van reflectiewaarden vindt plaats overeenkomstig NEN-EN-ISO 2813 of een daaraan ten minste gelijkwaardige meetmethode.

2) Het bevoegd gezag kan met betrekking tot het in werking hebben van een windturbine aanvullend maatwerkvoorschriften stellen ten behoeve van het voorkomen of beperken van hinder door lichtschittering indien het eerste lid in een specifiek geval niet toereikend is.

NR. VRAAG

AGENDAPUNT

VRAAG

ANTWOORD

9

RC 5

Vaststellen BP buitengebied partiele herziening 2021 Om de functionaliteit en duurzaamheid te waarborgen bij bestaande bebouwingssituaties die niet voldoen aan de principes van het standaard Beemster erf, zijn wij op zoek naar regelgeving die hier meer duidelijkheid in kan geven. Tegelijkertijd is het ook niet onze bedoeling dat ‘alles maar moet kunnen’ of om de gemeente ‘klem’ te zetten waardoor juist toekomstige problemen worden gecreëerd. Kunt u ons adviseren hoe dit juridisch juist weer te geven? Wij denken hierbij aan regels als:

Het college heeft, gelet op de opdracht van de raad (besluit 29 september 2020) is een herziening van het bestemmingsplan Buitengebied 2012 opgesteld, waarin de uitgangspunten zoals omschreven in de memo “beantwoording vragen rondom themabijeenkomst proces actualisatie bestemmingsplan buitengebied van 2 februari 2021” d.d. 17 februari 2021 zijn verwerkt. Dit laat onverlet dat het toepassen van maatwerk (zoals beoogd in uw voorgestelde regeling) in sommige gevallen noodzakelijk is. Hiervoor kan niet worden voorzien in het vast te stellen bestemmingsplan, maar zijn eventueel buitenplanse procedures inzetbaar waarin per geval een belangenafweging in het kader van een goede ruimtelijke ordening plaats vind.

Bij de ‘Regels’ bij hoofdstuk 2 ‘Bestemmingsregels’, artikel 3.2.1 ‘Algemene bouwregels’ de volgende regels toe te voegen: f.

bestaande (historisch ontstane) bebouwingssituaties worden gerespecteerd, ook bij verdere aanpassing van deze bedrijfsgebouwen voor haar agrarische doeleinden; g. bestaande (historisch ontstane) bebouwing in een niet bij het ‘Beemster erf’ passende situatie, mogen geen belemmering zijn bij bedrijfsontwikkelingen, waarbij zo nodig bestaande lijnen van bebouwing mogen worden voortgezet; h. bestaande (historisch ontstane) slootpatronen mogen geen beletsel vormen bij het zoeken naar compenserend water ten gevolge van bedrijfsontwikkeling en dito verharding; Graag dus uw tekst suggesties hierbij.

NR. VRAAG

AGENDAPUNT

VRAAG

ANTWOORD

10

Raad 5

Ingekomen stuk 1: IKC MB -> In het nieuwe Programma van Eisen is het aantal benodigde m2 voor het onderwijs naar beneden bijgesteld omdat nu een school met kinderopvang gehandhaafd blijft op de bestaande locatie van de Blauwe Morgenster. Wij zien echter dat ook het aantal m2 voor de bibliotheek naar beneden is bijgesteld. Wat is hiervoor de reden?

In eerste instantie had de bibliotheek de wens geuit voor een eigen ‘ontdekkingslab’ in het nieuwe IKC. Bij de verdere doorontwikkeling van het ruimteprogramma hebben wij geconstateerd dat deze als onderdeel van enkele algemene en multifunctionele praktijkruimten kan worden vormgegeven.

11

Raad 5

Ingekomen stuk 1: Apotheek MB -> U geeft aan dat u opties onderzoekt naar een tijdelijke voorziening/uitgiftepunt voor de apotheek aangezien het bestaande uitgiftepunt in supermarkt Deen zeer spoedig wordt opgeheven. Wij vinden een dergelijk uitgiftepunt in de dorpskern belangrijk en merken dat hier ook veel onrust over is onder de inwoners. Het is niet alleen van belang dát dit punt tijdig wordt gerealiseerd, maar ook dat hier zo snel mogelijk duidelijkheid over gegeven wordt zodat mensen weten waar zij straks aan toe zijn. Is hier al meer over bekend? En zo nee, wanneer verwacht u hier wel meer duidelijkheid over te kunnen geven?

Wij delen uw mening dat het uitgiftepunt van de apotheek in de dorpskern belangrijk is. Er worden op dit moment diverse mogelijkheden onderzocht voor realisatie van een nieuw gezondheidscentrum in de kern van Middenbeemster. Daar zal het uitgiftepunt van de apotheek onderdeel van gaan uitmaken. Tevens wordt onderzocht op welke plek in de dorpskern het uitgiftepunt gevestigd zou kunnen worden in afwachting van de realisatie van het gezondheidscentrum. Dit najaar zal op beide vragen antwoord komen.

Ingekomen stuk 15: propositie Zaanstreek-Waterland U geeft aan dat het college bereid is de raad hierover nader toe te lichten. Bij deze geven wij aan dat wij hier graag gebruik van willen maken.

Als college kunnen wij een informatiebijeenkomst organiseren om de propositie nader toe te lichten. Dit is dan a-politiek. Ons voorstel met een programma hiervoor zullen wij inbrengen bij het raadspresidium. Als u daarna, of alleen, de behoefte heeft om hierover politiek in gesprek te gaan, is het zaak dat u verzoekt om dit onderwerp voor bespreking te agenderen in de commissie.

12

Raad 5

Gedurende de transformatie van Deen naar AH is een oplossing gevonden bij beide huisartsenpraktijken. In de eerste periode ná de transformatie zal het uitgifteloket tijdelijk terugkeren in de supermarkt. Het loket blijft zodoende voor de bewoners beschikbaar.

NR. VRAAG

AGENDAPUNT

VRAAG

ANTWOORD

13

Raad 5

Ingekomen stuk 18: predicaat fairtrade gemeente -> Onze fractie vindt dat de vraag aan de raad in de openbaarheid moet worden besproken. De griffier geeft aan dat de raad dit bij een onderwerp met dezelfde vraag ook vond (en vindt?). 1. Doet u dit alsnog op deze manier omdat er (kennelijk) haast bij zit? 2. Kunt u dit ingekomen stuk agenderen in de raad van 21 september aangezien alle fracties er inmiddels tijdig kennis van hebben kunnen nemen als ingekomen stuk

1. Ja, we willen graag op korte termijn aan Wereldwinkel laten weten of de gemeente(n) wil(len) meewerken aan het verzoek tot het aanvragen van het fairtrade-predicaat. (beantwoording ingekomen 27 september 2021) 2. Beantwoording door de griffier: In de raadsbrief vraagt het college een reactie van de gemeenteraad. De raad heeft eerder, bij een ander onderwerp met dezelfde vraag, aangegeven dat deze reactie alleen in de openbaarheid en dus in de raadsvergadering kan worden gegeven. Het raadspresidium heeft op 13 september 2021 besloten dit ingekomen stuk met een oplegnotitie van het raadspresidium te agenderen als A-punt (hamerpunt) in de raadsvergadering van 22 september 2021.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://beemsterraadsinformatie.purmerend.nl/api/v1/meetings/1259/documents/18978