technische vragen van D66.pdf
Tekst van het document
Technische vragen over in de raadscommissie of de gemeenteraad van Beemster geagendeerde onderwerpen DATUM VERGADERINGEN:
31 augustus 2021
FRACTIE:
D66
DATUM BINNENKOMST VRAGEN:
23 augustus 2021
NR. VRAAG
AGENDAPUNT
VRAAG
ANTWOORD
1
RC 5
Waarom wordt er een subsidie gegeven aan een organisatie die niet in de Beemster is gehuisvest? Welke organisatie zit daarachter?
Bibliotheek Waterland en Muziekschool Waterland zijn niet in Beemster gevestigd, maar Beemster behoort wel tot het werkgebied van deze regionale culturele instellingen. Zo is er o.a. een bibliotheekvestiging in Middenbeemster en een ‘bibliotheek op school’ in Westbeemster. De coronaschade die deze culturele instellingen hebben, is naar rato van inwoneraantal verdeeld over de regio. Vandaar dat Beemster ook een deel van de coronaschade vergoedt, zodat het dienstenniveau in stand kan blijven.
2
RC 8
Is er een rapportage b.v. in de vorm van een jaarverslag beschikbaar ter toelichting op de aard van de samenwerkingsprojecten en de resultaten?
Door middel van het budget zijn verschillende regionale visies en programma’s gevormd alsook daaruit volgende acties uitgevoerd. Voorbeelden hiervan zijn de Regionale Economische Visie Zaanstreek-Waterland, de Regionale Woonvisie Zaanstreek-Waterland, het Woonakkoord, verschillende bijdrage ter versterking van het regionaal toeristisch aanbod en de Regionale Detailhandelsvisie welke momenteel gevormd wordt. In sommige gevallen betreft het een complete financiering, in andere een bijdrage. De gemeenteraad zal dit najaar een complet overzicht krijgen van de uitgaven per PHO. Het uitgangspunt is om de raden van ZaWa vanaf dat moment periodiek te informeren over de inhoudelijke stand van zaken van dit regionaal samenwerkingsverband waaraan ook een financieel overzicht gekoppeld wordt.
NR. VRAAG
AGENDAPUNT
VRAAG
ANTWOORD
3
RC 9
Op grond van welke (ook politieke) overwegingen en bijvoorbeeld andere akkoorden heeft het College, kennelijk of ogenschijnlijk, namens de gemeente een woonakkoord gesloten met daarin een aantal particuliere initiatieven die beleidsmatig niet passend zijn als woningbouwlocatie in het buitengebied en achter het lint?
Het woonakkoord is een bestuurlijke overeenkomst die valt binnen alle vastgestelde kaders van de gemeenteraden in Zaanstreek-Waterland en Provinciale Staten. Dat locaties opgenomen zijn betekent alleen dat ze op grond van het beleid van de provincie Noord Holland tot de bespreekmogelijkheden behoren, als de gemeenteraad hiertoe besloten heeft. Deze locaties moeten nog steeds voldoen aan de eisen van “des Beemsters”, de eisen voor werelderfgoed van de stelling van Amsterdam en de Provinciale Omgevingsverordening die geldt ten tijde van het indienen van de plannen, inclusief de ladder voor duurzame verstedelijking en het aantonen van nut en noodzaak.
4
RC 9
Er gelden uitzonderingscriteria voor bouwen in het buitengebied. Kan de raad de beschikking krijgen over de schriftelijke stukken waarin naar provincie en andere gemeenten wordt geargumenteerd dat in voorkomende gevallen wordt voldaan aan deze criteria?
Op de website van de provincie Noord-Holland staat wat het ruimtelijke regime is voor gebieden met de status “MRA Landschap”, Unesco werelderfgoed en werelderfgoed van de stelling van Amsterdam. Dit beleid wordt regelmatig geactualiseerd, soms meerdere keren per jaar. Een grote wijziging is nu in voorbereiding de provinciale omgevingsverordening 2022. Omgevingsverordening NH2020 - Provincie Noord-Holland En viewer (tercera-ro.nl)
5
RC 9
Doet de provincie met het aangaan van dit woonakkoord afstand van haar toetsende en handhavende rol t.a.v. de ruimtelijke regels zoals vastgelegd in de provinciale ruimtelijke verordening?
Nee. De provincie Noord-Holland doet nergens afstand van. Nog sterker in het woonakkoord wordt juist die toetsende rol stevig benadrukt. Op pagina 26 van het woonakkoord, links boven staan de criteria uitgeschreven. De enige afspraak is dat we met elkaar in gesprek blijven als de gemeenteraad besluit dat ze toch ergens woningen wil bouwen die mogelijk passen te maken zijn binnen alle regelgeving.
NR. VRAAG
AGENDAPUNT
VRAAG
ANTWOORD
6
RC 9
Waarom is de Raad niet betrokken bij het opstellen van dit woonakkoord en wordt zij pas achteraf geïnformeerd?
Het college wordt geacht uitvoering te geven aan door de raad gestelde kaders. In dit geval de Woonvisie Beemster, energiek en vitaal 2018 en de Woonagenda Zaanstreek Waterland 2017, “Samen optrekken”. De raad heeft de Woonagenda Zaanstreek-Waterland van 2017 in september 2017 ontvangen (raadsbrief 5 september 2017 nr. 1392813 met bijlage). Op 13 september 2017 is hierover ook gesproken in de Regionale raadsledenbijeenkomst Zaanstreek-Waterland.
Technische vragen d.d. 26-07-2021 van D66 Opsteller: N.E. Hut Onderwerp: Niet gebruik van de bijstand Commissie/raad: Samenleving Geagendeerd: nee Agendapunt: Inleiding: In Nederland hebben ongeveer 490.000 huishoudens recht op bijstand. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 35% van de huishoudens met een inkomen onder de bijstandsnorm geen gebruik maakt van deze regeling. D66 maakt zich hier zorgen over. Immers helpt armoede niet bij het deelnemen aan de samenleving en ontzeggen deze huishoudens zichzelf de toegang tot de voorzieningen. Vraag 1: In hoeverre is de gemeente op de hoogte van het niet-gebruik van de bijstand binnen onze gemeente? Antwoord 1: De gemeente verwacht dat er ook in Purmerend huishoudens zijn met een inkomen onder de bijstandsnorm die geen gebruik maken het recht op bijstand. Echter zoals in het rapport wordt aangegeven is het sinds de komst van de AVG niet meer mogelijk mensen o.b.v. CBS gegevens aan te schrijven. Een actueel percentage is dan ook niet eenvoudig te noemen.
Vraag 2: Op welke manier brengt de gemeente deze groep in kaart en is deze groep in Purmerend even groot als landelijk (35%)? Antwoord 2: Zie antwoord vraag 1. Uitzondering is de groep ‘jongeren zonder startkwalificatie tot 23 jaar’. Het Regionale Meld- en Coördinatiepunt (RMC) ontvangt maandelijks de inkomens en arbeidsgegevens van jongeren tot 23 jaar zonder startkwalificatie. Vanuit deze lijsten is inzichtelijk welke jongeren geen, een beperkt, of een volledig inkomen/ uitkering hebben. Met name de groep die geen inkomen heeft wordt gemonitord. Er wordt geprobeerd om hen in beeld te krijgen en met hen in contact te komen. In het rapport is te lezen dat het niet gebruik per provincie verschilt. In Noord en Zuid Holland ligt het niet gebruik gemiddeld hoger dan in de overige provincies.
Vraag 3: Wat doet de gemeente om deze groep alsnog te bereiken? Antwoord 3: De groep niet gebruikers is heel divers. De gemeente probeert zo laagdrempelig mogelijk te zijn en deze groep komt via verschillende afdelingen bij ons binnen. Indien een inwoner zich bij de gemeente meldt voor een andere regeling (bijv. bijzondere bijstand en de regeling Meerdoen), wordt er naar het inkomen gekeken en actief actie ondernomen om de inwoner te wijzen op aanvullende bijstand, toeslagen, heffingskortingen (en de juiste toepassing hiervan), reiskostenvergoeding bij werkgevers etc. Bij armoederegelingen (zoals onlangs met de gratis zwembadkaartjes) melden zich ook gezinnen die nog niet bekend zijn bij de gemeente en gebruik willen maken van de regeling. Deze gezinnen worden uitgebreid gesproken en de situatie wordt bekeken. De sociale wijkteams en het loket schulddienstverlening kijken ook naar het gebruik/niet gebruik van de bijstand. Schulddienstverlening werkt o.a. samen met de woningbouwverenigingen, zodat mogelijke problemen vroegtijdig kunnen worden gesignaleerd. Statushouders zijn ook in beeld bij Vluchtelingenwerk, waarmee een goede samenwerking is. Voor jongeren heeft de gemeente het jongerenloket waar zij terecht kunnen met vragen. Er wordt dan direct
doorgevraagd en gekeken naar de situatie, ondanks de eventuele zoekperiode. Jongeren worden door de gemeente en Werkom begeleid naar werk indien mogelijk. Onlangs is het Ondernemersloket uitgebreid; hier ondersteunt en adviseert de gemeentelijk adviseur actief zelfstandig ondernemers. De gemeente zet bij voorkeur in op preventie. Zo wordt er momenteel aandacht besteed aan een regionale aanpak jeugdwerkloosheid en een route van school naar werk om jongeren zo goed mogelijk te begeleiden en te voorkomen dat zij in een situatie zonder werk/opleiding en inkomen terecht komen. Maar ook de andere doelgroepen faciliteert en ondersteunt de gemeente zoveel mogelijk om de weg naar betaald werk te vinden.
Vraag 4: Heeft de gemeente in beeld waarom deze mensen geen gebruik maken van de bijstand? Antwoord 4: De redenen die voor de hand liggen, komen veelal ook naar voren in het rapport, de gemeente heeft zelf geen onderzoek gedaan. - Jongeren worden onderhouden door hun ouders - Het inkomen verschilt per maand (geen vaste uren in loondienst, of verschil in opdrachten in het geval van zelfstandigen) - Men vindt het teveel gedoe/ de kosten wegen niet op tegen de baten - Men weet niet hoe de uitkering moet worden aangevraagd en heeft hier geen begeleiding bij - Men wil niet afhankelijk zijn van de gemeente/ overheid
Vraag 5: De VNG noemt enkele mogelijkheden voor gemeenten om hier iets aan te doen, namelijk om bestanden te koppelen (m.n. jongeren tot 23 jaar en tot 27 jaar) en meer doen aan voorlichting (ook vooral gericht op jongeren). Zet de gemeente deze mogelijkheden al in of is de gemeente van plan om hiermee aan de slag te gaan? Antwoord 5: Zie vraag 2. De gemeente doet dit nu alleen voor jongeren tot 23 jaar. Waar de gemeente meerwaarde ziet in de suggesties van de VNG zullen deze worden onderzocht.
Vraag 6:
Antwoord 6:
Vraag 7:
Antwoord 7:
Vraag 8:
Antwoord 8:
Vraag 9:
Antwoord 9:
Vraag 10:
Antwoord 10: