32a. MRA verstedelijkingsconcept 2050 geanonimiseerd.pdf
Tekst van het document
waar relatief gezonde mensen in een gezonde omgeving
paarse gebieden, waar ruimteclaims ter bevordering van
De energietransitie werkt door in de industrie, die ook in
wonen, is het zaak deze gezonde omgeving te behouden
de gezondheid concurreren met andere ruimteclaims,
de energievoorziening meer circulair zal gaan werken, en
ondanks verstedelijkingsdruk.
vraagt dit om een zorgvuldige afweging.
in de mobiliteitstransitie.
Beschermen van de gezondheid betekent in de
In algemene zin is ook de ontwikkeling van (snel)
We willen bevorderen dat in de bouw materialen worden
eerste plaats maatregelen tegen geluidsbelasting en
fietspaden en openbaar vervoer bevorderlijk voor de
gebruikt die bij de productie weinig tot geen CO2
luchtvervuiling in de woon- en leefomgeving. Daarbij kan
gezondheid. Verder kan maatschappelijke participatie
-uitstoot veroorzaken, of die zelfs CO2 opslaan, zoals
gedacht worden aan het verminderen, verduurzamen
de gezondheid bevorderen. Daarvoor is de nabijheid
hout. Bosaanleg helpt om CO2 op te slaan. En ook het
of verplaatsen van geluid- en fijnstofbronnen zoals
van werk en opleiding relevant, net als ontmoeting en
terugdringen van de bodemdaling levert een reductie op
industrie en luchthavenactiviteiten, en het verlagen van
sociale cohesie. Aandachtspunt daarbij is dat segregatie
van de uitstoot van broeikasgassen.
de maximumsnelheid op autowegen in de nabijheid
en gentrificatie in wijken de oorzaak kunnen zijn van
van huidige en toekomstige woonlocaties. Maar ook
vermindering van sociale cohesie en ontmoeting, en een
bescherming tegen wateroverlast en hittestress zijn
negatieve invloed hebben op de mentale gezondheid. Tot
Doorontwikkelen van het metropolitane landschap
belangrijk in het beschermen van de gezondheid,
slot geldt dat ruimtelijke inrichting veelal niet voldoende
Dankzij de meerkernige stedelijke structuur van de
net als de verkeersveiligheid. Er ligt een relatie met
zal zijn. Voor daadwerkelijke gedragsverandering en
MRA is het landschap nooit ver weg. Onze ambitie is dat
de energietransitie en circulaire economie, die
gezondheidsbevordering is ruimtelijk beleid in combinatie
vanaf iedere woning binnen vijftien minuten fietsen een
enerzijds nodig zijn voor een structureel schonere en
met sociale maatregelen nodig.
aantrekkelijk en toegankelijk landschap bereikbaar is.
gezondere omgeving, maar waarvan de infrastructuur
Zo levert het landschap een belangrijke bijdrage aan de
veiligheidscontouren). Tenslotte is er een sterke relatie
De uitstoot van broeikasgassen terugdringen
tussen gezondheid en een slechte woningkwaliteit
We werken toe naar een schone MRA, circulair en
om een rondje te sporten of een dag op het water door
(schimmel, rotte fundering), die ook kan leiden tot
fossielvrij. Met name in het terugdringen van de
te brengen. De behoefte aan recreatie in landschap
energiearmoede. Daarmee zijn gerichte acties om via
uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen kan
nabij de steden groeit als de steden drukker worden. Dat
inzet op verduurzaming van woningen in bepaalde
de Verstedelijkingsstrategie veel betekenen. Dat is
maakt aandacht voor beleving, de recreatieve functie,
wijken niet alleen van belang om de energietransitie te
noodzakelijk om verdere klimaatverandering en de
toegankelijkheid en stad-landverbindingen (de scheggen
stimuleren, maar ook om gezondheidswinst te behalen.
daaruit voortvloeiende effecten op de veiligheid en
en stadsranden) op zijn plaats bij ruimtelijke ingrepen die
de gezondheid van de leefomgeving tegen te gaan.
invloed hebben op het landschap.
plaatselijk nadelige effecten kan hebben (milieu- en
leefkwaliteit en de menselijke maat. Of het nu is om stil te genieten van de natuur of om een festival te bezoeken,
Een ruimtelijke inrichting die uitnodigt tot bewegen,
Het energiesysteem staat voor een fundamentele
ontspannen en ontmoeten en tot actieve vormen van
vernieuwing. Duurzame energiebronnen zoals wind,
Het landschap draagt bij aan de identiteit van het
mobiliteit (lopen en fietsen) bevordert de gezondheid.
zon en geo- en aquathermie zullen fossiele bronnen
gebied, is een drager van cultuurhistorische waarden,
Belangrijk daarin zijn functiemenging (de nabijheid
vervangen. Dat vraagt om een geïntegreerd hybride
biedt ontspanning en is productief als landbouwareaal.
van dagelijkse voorzieningen, werk en opleiding en
energiesysteem; een systeem dat gebruik maakt van
Het aaneengesloten landschap is essentieel voor het
voorzieningen voor ontspanning) en de nabijheid
verschillende duurzame bronnen, dat kleinschalige
herstellen van de biodiversiteit. Een sterk landschap
en kwaliteit van groen; zowel groen in de directe
energiewinning tot op buurtniveau integreert en een
functioneert bovendien als leverancier van een aantal
30
Terugdringen van de bodemdaling De bodemdaling in veenweidegebieden (Waterland, Amstelscheg, Vechtstreek) is een gevolg van het oxideren van veen. Daarbij komen broeikasgassen zoals CO2 vrij. De bodemdaling in droogmakerijen ontstaat door een combinatie van inklinkende kleigronden en oxidatie van veen. Dalende bodems kunnen ook gevolgen hebben voor onder meer het grondgebruik, het beheer van infrastructuur en de kwaliteit van houten funderingen. Het tempo waarin veen oxideert heeft te maken met het grondwaterpeil dat nodig is voor het huidige agrarische grondgebruik. Naarmate de grond natter is, daalt de bodem trager. Het huidige peilbeheer in veel agrarische veenweidegebieden, waarbij slootwater wordt weggepompt om de bodem voldoende droog te houden voor agrarische productie, draagt bij aan het tempo van de bodemdaling. Een optie om de bodemdaling in veenweidegebieden tegen te gaan, is om het grondwaterpeil structureel te verhogen. Dat heeft al gauw gevolgen voor het grondgebruik. Dat zou daarop afgestemd moeten worden, hetzij door een aangepaste agrarische bedrijfsvoering, hetzij door een keuze voor natuur of recreatie, of een combinatie van de drie. Technische oplossingen (zoals drukdrainage of onderwaterdrainage) zijn ook denkbaar en worden momenteel onderzocht op hun kansen en mogelijke effecten.
Welke oplossing voor welk veenweidegebied het meest in aanmerking komt, wordt uitgewerkt in integrale gebiedsprocessen met alle betrokken partijen, zoals in Laag-Holland en het Groene Hart. In deze integrale gebiedsprocessen wordt gezocht naar oplossingen die de bodemdaling tegengaan en op maatschappelijk draagvlak kunnen rekenen. Ook in de Amstelscheg werken gebiedspartijen samen aan een integraal Gebiedsperspectief, waarin dit onderwerp wordt meegenomen. Eerste oorzaak van de bodemdaling in Flevoland is het inklinken van klei. Dat is een natuurlijk proces dat op termijn tot stilstand komt. Daarnaast is er sprake van lokale veenpakketten die dicht op het oppervlakte zitten. Oxidatie van deze veenpakketten heeft (naast de inklinking) daling tot gevolg. Bepaalde vormen van intensieve akkerbouw kunnen op een aantal plekken op termijn niet meer haalbaar zijn. Hier moet worden gezocht naar ander gebruik van deze gronden.
groenblauwe diensten die stuk voor stuk van belang zijn voor een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving, zoals schone lucht, waterwinning voor de drinkwaterproductie, waterbuffering, verkoeling, energie en de mentale gezondheid die verbonden is aan een groene omgeving. De landschappelijke waarden en groenblauwe diensten vragen allemaal aandacht en onderhoud, willen we ze op de lange duur kunnen handhaven en versterken. Het behoud van de doorgaande landschappelijke structuur, de ontwikkeling van de landschapseenheden die daar deel van uitmaken en een landschapsinclusieve verstedelijking hebben een cruciale rol in het borgen van een goede leefkwaliteit voor iedereen in deze groeiende metropoolregio.
De regio klimaatadaptief inrichten Het klimaat verandert snel. Dat betekent een grotere toevloed van water via de rivieren, een stijgende zeespiegel, extreme buien, maar ook perioden van hitte en extreme droogte. Ruimtelijke ontwikkelingen van nu krijgen gedurende hun levensduur te maken met een wezenlijk ander klimaat. In de tweede helft van deze eeuw zal de klimaatverandering waarschijnlijk accelereren. Dat maakt de urgentie van een klimaatadaptieve inrichting des te groter. Er zal steeds kortere tijd zijn om keuzes te maken, ontwikkelingen voor te bereiden en maatregelen uit te voeren. Wachten met klimaatadaptieve maatregelen leidt ertoe dat we binnen afzienbare termijn de ruimtelijke inrichting en het watersysteem in veel landelijke en stedelijke gebieden opnieuw moeten aanpassen, willen we de metropoolregio leefbaar houden en mogelijke schade beperken.
31
In gebieden met veel economische waarde, waar veel mensen wonen en werken, is dat ingewikkeld en kostbaar. Enkele jaren voor je uitschuiven of alleen rekenen met mogelijke scenario’s tot 2050 resulteert al snel in miljarden euro’s aan extra investeringen in de ruimtelijke inrichting van met name stedelijk gebied en in het watersysteem. Kortom: hoe eerder we beginnen met aanpassen, hoe beperkter de uiteindelijke totaalkosten. Bij ruimtelijke plannen en projecten moeten we direct
Terugdringen hittestress Hitte vormt een steeds groter gezondheidsrisico, vooral in stedelijk gebied. Vanwege de klimaatverandering komen hittegolven steeds vaker voor. Bij een hittegolf ontstaan temperatuurverschillen tot wel acht graden tussen stedelijk en landelijk gebied. Reductie van hittestress werkt door in de inrichting van nieuwe en bestaande stedelijke gebieden, in het bijzonder bij stedelijke verdichtingsprojecten. Voorbeelden van verkoelende maatregelen zijn het creëren van meer schaduw in de stad en meer ruimte voor groen en bewegend water, zowel in het openbaar domein (parken, plantsoenen, groenstroken) als in het private domein (inwoners en bedrijven stimuleren om daken, gevels of verharde tuinen te vergroenen). Op een groter schaalniveau kunnen stedenbouwkundige keuzes helpen om verkoelende wind uit het buitengebied diep de stad in te laten waaien.
al de gehele levensduur in beschouwing nemen en kijken naar de verre horizon van 2100. Dat betekent dat ruimtelijke ontwikkelingen ook op korte termijn moeten worden getoetst aan alle scenario’s voor de lange termijn. Daar zitten onzekerheden in. We weten niet precies hoe snel de klimaatverandering gaat verlopen en hoe zwaar de effecten zullen zijn. Een klimaatadaptieve regio moet met
De biodiversiteit vergroten
stootje kan zonder direct aan waarde te verliezen. Zo’n
die onzekerheden weten om te gaan. Zo kunnen ingrepen
De MRA onderscheidt zich van de meeste andere
robuuste ecologische droge en natte structuur is een
vermeden worden die op lange termijn tot grote extra
metropolen door de aaneengesloten landschappelijke
voorwaarde voor het herstel van de biodiversiteit en voor
risico’s of kosten zullen leiden, en blijven verschillende
structuur, waardoor nabij de stedelijke gebieden steeds
een duurzame stedelijke en ruimtelijk-economische
ontwikkelpaden open.
goed bereikbare en waardevolle landschappen te
ontwikkeling.
vinden zijn. Zee, strand, duinen, bos, heide, veenweiden, Elke ontwikkeling draagt zo bij aan een klimaatadaptieve
moerassen, polders en de grote meren – ze kennen
We werken toe naar een situatie waarbij de aandacht
regio2 . Dat is een regio waar:
allemaal eigen en belangrijke natuurwaarden. Tezamen
voor planten en dieren als vanzelfsprekend is ingebed
•
Risico’s van overstroming beperkt zijn
vormen ze een leefomgeving voor duizenden plant- en
in ieders leefomgeving en in de planning, het ontwerp,
•
Voldoende ruimte is om water vast te houden en te
diersoorten. Die landschappelijke en ecologische variatie
de ontwikkeling en het beheer van steden, dorpen en
bergen, ook in periodes van hevige neerslag of grote
neemt niet weg dat de biodiversiteit in de loop van de
landschappen. De natuur loopt zo vanaf de achtertuin
toevoer
twintigste eeuw dramatisch is afgenomen. Die afname
in de stad en het dorp naar de natuurgebieden door de
Men niet afhankelijk is van meer drinkwater en
is de laatste jaren afgeremd, maar nog steeds ligt er een
hele MRA. Zo versterkt de natuur zich in alle haarvaten
zoetwater dan beschikbaar is, ook niet bij langdurige
grote herstelopgave.
van de samenleving en kunnen inwoners profiteren van
•
droogte •
2
de gezondheidseffecten van een groene en biodiverse
Stedelijke gebieden voldoende
Op lange termijn moet het ecologische systeem zodanig
verkoelingsmogelijkheden bieden bij extreme hitte
veerkrachtig en robuust zijn, dat de natuur tegen een
omgeving.
Bij de transitie naar een klimaatadaptieve regio kan gebruik worden gemaakt van de resultaten uit het proces van de Deltaprogramma’s Ruimtelijke Adaptatie en Zoetwater.
32
3. Verstedelijkingsconcept Ambities worden concreet in het Verstedelijkingsconcept. Het laat zien hoe we de meerkernige ontwikkeling in een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving willen vormgeven. Niet alles kan overal. We zijn zuinig op bestaande waarden en kwaliteiten van de leefomgeving. De wisselwerking tussen stedelijke ontwikkeling en de systemen van water, energie en mobiliteit stelt voorwaarden. Maatregelen ondersteunen verschillende ambities tegelijkertijd, maar er ontstaan ook schuurpunten die om keuzes vragen. Bij verstedelijking komen vele aspecten samen. In dit hoofdstuk wordt het Verstedelijkingsconcept uiteengezet in de drie hoofdlijnen van het concept: 3.1
Meerkernige ontwikkeling met menselijke maat
3.2
Groenblauw netwerk in en om de stad
3.3
Systemen voor de toekomst
33
3.1
Meerkernige ontwikkeling met menselijke maat Aan de basis van het Verstedelijkingsconcept staat de
wordt de relatie gelegd met de bestaande wijken, in
inzet op een meerkernige ontwikkeling. Daarmee geven
de paragraaf ‘Stedelijke vernieuwing en beheer’. Het
we uitwerking aan de ambities van een evenwichtige
hoofdstuk over de meerkernige ontwikkeling sluit af met
groei van de woningmarkt en de werkgelegenheid en het
een paragraaf over de ontwikkeling van Schiphol in relatie
voorzieningenniveau en het voldoen aan de kwalitatieve
tot de verstedelijking.
en kwantitatieve vraag: het ontwikkelen van complete steden en samenlevingen.
De ontwikkeling van wonen, werken en voorzieningen vindt plaats in wisselwerking met de systemen van
Nog steeds zal een groot deel van de behoefte aan
mobiliteit, ecologie, water en in toenemende mate ook
woningen en arbeidsplaatsen voortkomen uit de
energie. Deze systemen stellen voorwaarden aan de
Amsterdamse agglomeratie en daar ook worden
stedelijke ontwikkeling en andersom zijn met name de
opgevangen. Maar een fors deel landt ook elders,
grote bouwlocaties ook afhankelijk van investeringen
in aanvulling op de behoefte die uit de deelregio’s
in deze systemen. Door de woon- en werkmilieus
zelf voortkomt. Door een samenhangende verdeling
klimaatadaptief en natuurinclusief te ontwikkelen, dragen
van woningbouw, arbeidsplaatsen en voorzieningen,
ze ook bij aan de doelstelling van een gezonde, veilige en
versterken we de afzonderlijke delen van de
aantrekkelijke leefomgeving.
metropoolregio.
Ontwikkeling van woon- en werklocaties
Dit hoofdstuk beschrijft in de eerste paragraaf welke
De druk op met name de woningmarkt vertaalt zich in
woon- en werklocaties worden ontwikkeld en onder
onze afspraak om 175.000 woningen te bouwen tot 2030
welke voorwaarden, met een nadruk op de locaties waar
en 325.000 tot 2050, afgestemd op de kwalitatieve
samenwerking tussen Rijk en regio voor nodig is. De
woningbehoefte. Daarbij worden de mogelijkheden
daaropvolgende paragrafen geven weer hoe we, onder
verkend om tot 2030 de woningbouw te versnellen met
meer met deze woon- en werklocaties, willen bouwen
nog eens maximaal 45.000 woningen. Deze gezamenlijke
aan de samenleving: via een divers woningaanbod in de
ambitie om 220.000 woningen te realiseren vraagt om
hele regio, via strategische economische ontwikkellijnen
een hoog bouwtempo.
en de inzet op een grotere kansengelijkheid. Vervolgens
35
Meerkerninge ontwikkeling met menselijke maat Verstedelijkingsconcept 2050
N
schaal 1:100.000 0
5.000
10.000
15.000
20.000
Openbaarvervoerslocaties
centrumgebieden te versterken, in aanvulling op de
Versnelling grote ontwikkellocaties
De ontwikkelingsmogelijkheden aan knooppunten en
banengroei die uit de deelregio zelf voortkomt. Daarvoor
Met oog op de grote woningbehoefte wordt gezocht
haltes van het openbaar vervoer zijn mede afhankelijk
zijn aantrekkelijke hoogstedelijke woonwerkmilieus
naar mogelijkheden om de bouwproductie tot 2030
van de positie in het mobiliteitssysteem. We maken
nodig op korte afstand (maximaal vijftien minuten lopen)
te verhogen tot 220.000 woningen door realisatie op
onderscheid in:
van een intercitystation of ander hoogwaardig ov-
een aantal grote locaties te versnellen .3 Rijk en regio
1.
Multimodale knooppunten: (hoog)stedelijk gemengd
knooppunt, die aansluiten op het economische profiel
verkennen de mogelijkheden om nog eens maximaal
woonwerkmilieu direct bereikbaar met bus, trein én
van de omgeving. De versnelling van de woningbouw
45.000 woningen in de MRA al voor 2030 te bouwen,
metro, met aanwezigheid van of potentie voor een
in de stadsharten en regionale centra tot 2030 is een
verdeeld over vijf ontwikkellocaties:
stevig economisch programma
belangrijke randvoorwaarde voor een aantrekkelijk
•
Haven-Stad in Amsterdam
Stadsharten: (hoog)stedelijke gemengde
vestigingsmilieu, naast een helder economisch profiel (zie
•
Achtersluispolder in Zaanstad
woonwerkmilieus met veel stedelijke voorzieningen,
ook de paragraaf ‘Ruimtelijk-economische Strategie’).
•
Almere Pampus
•
Amsterdam Zuidoost/Duivendrecht
•
Hoofddorp centrum en westflank Haarlemmermeer
2.
direct bereikbaar via bus en trein of metro en met de 3.
4.
potentie voor groei van economisch programma
Voor zeven stadsharten zijn integrale gebiedsplannen
Regionale centra: stedelijke gemengde
gemaakt, met een samenhangende aanpak en
woonwerkmilieus met stedelijke voorzieningen,
uitvoeringsstrategie voor zowel de toe te voegen
Om de versnelling op deze vijf locaties waar te maken,
direct bereikbaar via bus en trein of metro en met de
bebouwing als de bestaande voorraad en de openbare
moet aan randvoorwaarden worden voldaan. Dat
potentie voor een licht economisch programma
ruimte. Dit gaat om Almere, Haarlem, Hilversum,
betekent dat niet alleen de woningbouw wordt versneld,
Haltes: stedelijk woonmilieu direct bereikbaar via trein
Hoofddorp, Lelystad, Purmerend en Zaanstad. Deze
maar ook andere maatregelen en projecten die daar één
of metro met potentie voor een licht commercieel
integrale plannen omvatten:
op één aan verbonden zijn, bijvoorbeeld op het gebied
programma. De dichtheid kan variëren. Naarmate de
•
Blijvend investeren in de leefbaarheid, de
van mobiliteit, energie, klimaatadaptatie of gezondheid.
ontmoetingsfunctie en aantrekkingskracht
In de transformatiegebieden vraagt het uitplaatsen van
afstand naar de halte groter wordt, zal de dichtheid soms minder worden, waardoor er ook suburbane
•
Een forse en versnelde woningbouwproductie
bedrijven een gedegen voorbereiding. Hier zullen kosten
woonmilieus in de invloedssfeer van ‘haltes’ worden
•
Een noodzakelijke impuls aan de economische
mee gemoeid zijn.
gerealiseerd
profilering, economische structuurversterking en extra banen
Ook de bereikbaarheid vraagt om forse investeringen.
Met name de woningbouwontwikkeling in de stadsharten
•
Het klimaatbestendig maken
Vanwege de lange doorlooptijd van grote
en de regionale centra in de MRA is van belang bij de
•
Het benutten en optimaliseren van de ov-
infrastructuurprojecten zoals nieuwe metrolijnen, zullen
bereikbaarheid en het langzame verkeer
deze op z’n vroegst pas medio jaren dertig tot ontlasting
De toegankelijkheid van groen in en om deze
van het mobiliteitsnetwerk kunnen leiden. Afhankelijk
woningbouwlocaties
van de uiteindelijke snelheid van de verstedelijking kan
ambitie om de economische groei evenwichtig over de regio te verdelen. Naar verwachting is met ruimtelijk-
•
economisch beleid de locatiekeuze van zo’n 10% van de banengroei op ov-locaties te beïnvloeden. De inzet
In het Verstedelijkingsakkoord worden afspraken gemaakt
dit mogelijk in een bepaalde periode tot knelpunten
is om dit beïnvloedbare aandeel te benutten om deze
over de Rijk-regio inzet op deze gebiedsplannen.
leiden. Om bereikbaarheidsproblemen te voorkomen, is
3
Hierover zijn afspraken gemaakt in het BO-MIRT van najaar 2020.
38
afstemming in de tijd van woningbouw en infrastructuur
die wel belangrijk zijn voor de werkgelegenheid
Ook het havenindustrieel complex staat onder ruimtelijke
noodzakelijk. Daarbij kan gedacht worden aan
in de MRA, blijven ongemengde en gezoneerde
druk van de woningbouwopgave, gecombineerd
ingroeistrategieën voor de mobiliteit.
bedrijventerreinen nodig.
met toenemende vraag naar ruimte voor circulaire
Wat voor woon- en werkmilieus op deze locaties
Bij grootschalige transformatie van bedrijventerreinen
dat bedrijven verplaatst moeten worden, daarvoor
worden gerealiseerd, wordt bepaald aan de hand
ontstaat de noodzaak voor alternatieve vestigingslocaties.
moet een nieuwe locatie worden gevonden. Belangrijk
van de kwalitatieve behoefte, de kwaliteiten van de
Tot 2040 heeft de MRA alle beschikbare harde en zachte
hierin is dat onderscheid wordt gemaakt tussen kade-
locatie en de positie in het mobiliteitssysteem. De
plancapaciteit nodig om te voorzien in de behoefte aan
en havengebonden bedrijven, die zich moeilijker laten
twee ontwikkellocaties in het Noordzeekanaalgebied
bedrijventerreinen, zowel voor nieuwe bedrijven als
verplaatsen, en ‘droge’ bedrijven. Intensivering heeft
(Achtersluispolder en Haven-Stad) lenen zich
bedrijven afkomstig van te transformeren terreinen. Die
daarbij altijd de voorkeur, maar zal niet altijd haalbaar zijn.
bijvoorbeeld goed voor het realiseren van productieve
harde en zachte plancapaciteit is vooral te vinden in de
wijken waarin woningbouw wordt gemengd met
gemeenten Lelystad en Almere, ten noorden van het IJ
Dit alles vergt een regionale bedrijventerreinenstrategie.
bestaande bedrijvigheid, lokaal verzorgende bedrijven en
en in Purmerend/Edam-Volendam, en in de Zuidflank. In
Daarnaast zien wij de opgave deze bedrijventerreinen
werkgelegenheid voor met name praktisch geschoolden.
de Zuidflank is de vestigingsdruk van met name nieuwe
voor het personeel uit de regio goed bereikbaar te maken.
bedrijvigheid en de energietransitie. Dit kan ertoe leiden
bedrijven groot. Het is noodzakelijk om zuinig met de Ongemengde bedrijventerreinen
ruimte en plancapaciteit om te gaan, zodat nieuwe en
Voorwaarden voor ontwikkeling
Niet ieder bedrijf leent zich voor menging met
te verplaatsen bedrijven een plek in de metropoolregio
Willen ze daadwerkelijk bijdragen aan een gezonde,
woningbouw in ‘productieve wijken’. Voor deze bedrijven,
kunnen vinden.
veilige en aantrekkelijke leefomgeving, dan zullen nieuwe woon- en werkmilieus aan een aantal voorwaarden moeten voldoen op het gebied van bereikbaarheid,
Strategie voor datacenters
klimaat, biodiversiteit, water en energie.
De digitale infrastructuur groeit en alles wijst erop dat deze groei zich doorzet. Conform de Nationale Omgevingsvisie
Bereikbaarheid op orde
gaat voor hyperscale datacenters (die in bezit zijn van grote techbedrijven en alleen door hen worden gebruikt) de
Door de keuze voor een nadruk op binnenstedelijke
voorkeur uit naar locaties aan de randen van Nederland, maar voor andere datacenters liggen er mogelijkheden in de
ontwikkellocaties en ontwikkeling rondom ov-
MRA. Op dit moment bieden drie locaties in de MRA vestigingsmogelijkheden voor datacenters die gebruik willen maken
knooppunten, beperken we het aantal verplaatsingen
van hyperconnectiviteit, om extra digitale snelheid te kunnen aanbieden. Deze ‘hyperconnectiviteitshubs’ liggen in
dat wordt gegenereerd en de daarbij afgelegde afstand,
Haarlemmermeer (Schiphol) en Amsterdam (Science Park en Zuidoost). Het beleid is gericht op selectieve, geclusterde
en benutten we de bestaande infrastructuur optimaal.
groei van deze hubs, en tegelijk lijkt in de markt behoefte te bestaan aan een vierde hub. De MRA is voornemens daar
Dat neemt niet weg dat op die ontwikkellocaties
ruimte voor te bieden. In Flevoland onderzoeken provincie en gemeenten een mogelijke ontwikkeling van deze vierde
zelf investeringen in bereikbaarheid nodig zijn, soms
hyperconnectiviteitshub.
substantieel in omvang; in slimme en betaalbare mobiliteit, goede stedelijke bereikbaarheid en
De MRA heeft een Datacenterstrategie in voorbereiding die vormgeeft aan een selectieve, geclusterde groei van
het regionale en nationale multimodale netwerk.
datacentercapaciteit met hyperconnectiviteit in de MRA. Hierin worden ook de voorwaarden voor ontwikkeling
Capaciteitsuitbreiding en versterking van onder meer
opgenomen. Deze voorwaarden gaan onder meer over de locatiekeuze, de ontwerpkwaliteit, een duurzame
het stedelijke fietsnetwerk en openbaar vervoer en
energievoorziening, warmtelevering, waterveiligheid en het gebruik van drink-, grond- en oppervlaktewater.
het wegsysteem in hun onderlinge samenhang vragen
40
om grote investeringen. En de ontwikkellocaties zijn
Oplossingen voor een klimaatadaptieve en waterrobuuste
is om het voorziene programma tot 2030 (inclusief de
tegelijk overstappunten, waar doorgaande reizigers snel
ontwikkeling, gaan vaak hand in hand met een
opwek van duurzame energie) te faciliteren zonder dat
en soepel hun aansluiting moeten kunnen vinden, hun
natuurinclusieve ontwikkeling en een openbare ruimte
het energiesysteem dwingt tot een prioriteitenstelling, en
fiets kunnen parkeren of voor de last mile een deelfiets,
die uitnodigt tot bewegen en het risico op hittestress
of daar wellicht een aanpassing in de programma’s voor
scooter of auto kunnen huren. Mobiliteitsvoorzieningen
terugdringt en daarmee de gezondheid van bewoners
nodig is.
moeten zich voegen in een openbare ruimte die ook als
zowel bevordert als beschermt. Al deze ambities
verblijfsomgeving aantrekkelijk is.
vragen om voldoende groen en water in de omgeving:
In Flevoland zijn de voorbereidingen gestart voor nieuwe
in de woonbuurt zelf, maar ook in het buitengebied
onderstations die de stedelijke groei en de toename in de
Grote ontwikkellocaties hebben bovendien een goede
in de directe omgeving. Aan de ontwikkeling van een
opwek van duurzame energie ondersteunen. Een nieuw
aansluiting op het regionaal openbaar vervoer nodig.
aantal grote locaties zijn investeringen verbonden in de
onderstation bij Almere met voldoende capaciteit kan ook
Over de uitbreiding van het metronet en ander HOV
toegankelijkheid en aantrekkelijkheid van stadsranden en
de vestiging van een vierde hyperconnectiviteitshub in de
hebben Rijk en regio afspraken gemaakt in het BO-MIRT
groene scheggen.
MRA voor datacenters faciliteren.
Knelpunten energiesysteem oplossen
Divers woningaanbod in de gehele regio
van 2019 en 2020 (zie daarvoor de paragraaf over het mobiliteitssysteem voor de toekomst).
Uitgangspunt bij stedelijke ontwikkelingen is een inzet
Om de gewenste sociale en economische ontwikkeling
Klimaatadaptief en natuurinclusief ontwikkelen
om energieneutraal of energieleverend te ontwikkelen.
van de MRA te realiseren is het noodzakelijk om in alle
De ambitie is om ervoor te zorgen dat de MRA op zo’n
Met name bij de ontwikkeling van grote energievragers
delen van de MRA de diversiteit in woningaanbod (prijs,
manier wordt ontwikkeld, dat er geen nadelige effecten
is de leveringszekerheid van energie een aandachtspunt.
grootte, type, woonmilieu) na te streven die past bij de
(afwenteling) ontstaan voor het watersysteem en de
Op korte termijn (tot 2030) doen zich al knelpunten
woningbehoefte. Dit is een gemeenschappelijke opgave,
klimaatbestendigheid. We streven naar een wijze van
in de energie-infrastructuur voor. In het nationale
die afhankelijk van het karakter van de deelregio’s,
ontwikkelen (op alle schaalniveaus, van gebouw en
net liggen er knelpunten in het netwerk van 380 kV-
verschillend ingevuld wordt. Dat betekent niet overal
infrastructuur tot de regio als geheel) die niet leidt tot
hoogspanningsleidingen. Voor de verbinding door
dezelfde mix, maar wel een die in alle deelregio’s kansen
extra belasting van het watersysteem (kwantitatief of
Flevoland is een capaciteitsuitbreiding in gang gezet.
biedt voor alle inkomensgroepen om op een acceptabele
kwalitatief, zoals het risico op verzilting door verticale
Momenteel wordt onderzocht in hoeverre een tweede
afstand van hun werk te wonen in een woning die
drainage) of tot een hoger risico bij overstromingen, en
380 kV-leiding tussen het Noordzeekanaalgebied en
aansluit op hun wensen en (financiële) mogelijkheden.
die het mogelijk maakt om snel en adequaat in te grijpen
Noord-Nederland wenselijk of noodzakelijk is.
Economisch is diversiteit in het woningaanbod belangrijk om voldoende praktisch en middelbaar opgeleide
in geval toch wateroverlast of -schaarste dreigt en die de gevolgen van zo’n crisis beperkt. Als dat niet mogelijk
In het Noord-Hollandse deel van de MRA vraagt de
arbeidskrachten te behouden, en een plek te bieden
is, streven we naar een oplossing voor het watersysteem
verstedelijking tot 2030 om capaciteitsvergroting van
aan de jonge starters die we nodig hebben om een
waarbij de consequenties (kosten, planning, ruimte)
bijna alle onderstations. Op een aantal onderstations
innovatieve en levendige regio te blijven. Sociaal is een
expliciet worden meegenomen in de businesscase van de
doet zich al voor 2025 een knelpunt voor, zoals in
divers woningaanbod belangrijk om alle huishoudens
verstedelijking. Partijen in de MRA willen binnenkort een
Haarlemmermeer. Een taskforce van de provincie Noord-
in deze regio kansen te bieden op ondersteuning, zorg,
intentieovereenkomst ‘klimaatbestendige nieuwbouw’
Holland en de netbeheerders adviseert over het oplossen
inburgering en meedoen in de maatschappij/ werk. Voor
ondertekenen met daarin een basisveiligheidsniveau waar
van zulke knelpunten, in samenwerking met lokale
arbeidsparticipatie van praktisch opgeleiden is nabijheid
nieuwbouw minimaal aan zou moeten voldoen.
partijen. In het kader van de Verstedelijkingsstrategie
van werk in de woonomgeving vaak een doorslaggevende
is die taskforce gevraagd om aan te geven wat er nodig
factor.
41
delen van de MRA voor lagere en middeninkomens
Ruimtelijk-economische strategie: evenwichtige ontwikkeling werkgelegenheid
onder druk. De wachtlijsten voor een sociale huurwoning
De meerkernige ontwikkeling sluit aan bij de ruimtelijk-
zijn lang. Er zijn voor lagere en middeninkomens
economische strategie om de deelregio’s te versterken
Met de ruimtelijk-economische strategie wordt
steeds minder betaalbare koopwoningen, zeker in het
en daarmee de werkgelegenheid evenwichtiger over de
het economisch kerngebied uitgebreid naar de
economisch kerngebied. De huren in de vrije sector
MRA te verdelen. Buiten het economische kerngebied
stadsdeelcentra Noord, Nieuw-West en Zuidoost van
zijn vaak hoog en moeilijk op te brengen voor deze
profiteren huishoudens en bedrijven van de voordelen
Amsterdam en naar Zaanstad. Voor Hoofddorp wordt
groepen. Zonder aanvullende maatregelen staat de
van specialisatie in concurrerende en veelbelovende
ingezet op het bevorderen van economische diversiteit.
toegankelijkheid voor hen in grote delen van de regio
bedrijfstakken en van concentratie rondom bepalende
Almere en Haarlem worden volwaardige stedelijke centra
onder druk.
infrastructuur zoals lucht- en zeehaven, de veiling in
in samenhang met het kerngebied. Daar wordt ingezet
Door de stijgende koop- en huurprijzen staan de betaalbaarheid en toegang tot de woningmarkt in grote
Hoogwaardig openbaar vervoer verbindt de centra, bedrijven, huishoudens en mensen fysiek, en daarmee economisch en sociaal-cultureel.
Aalsmeer, AMS-IX, en op het Mediapark. In Amsterdam
op het verhogen van de functiemenging, verbeteren van
Rijk en regio kunnen samen werken aan de
en omliggende gemeenten profiteren huishoudens en
de verbondenheid met het kerngebied en verbreding van
randvoorwaarden voor de diversiteit van
bedrijven van de sociaaleconomische diversiteit en de
de economische diversiteit. In Hilversum ligt de nadruk
het woningaanbod. Gemeenten werken
complexiteit van de aanwezige economische activiteiten.
op het opschalen van de krachtige en veelbelovende sectoren. Een corridorontwikkeling kan de ontwikkeling
aan concrete gebeidsontwikkelingen en woningbouwprogrammeringen en kunnen hier afspraken
De ruimtelijk-economische strategie spitst zich toe op
van deze centra versterken. Goede verbondenheid
over maken met woningcorporaties en marktpartijen. Het
het versterken van gespecialiseerde clusters en het
met andere delen van de metropool is daarvoor een
Rijk kan een bijdrage leveren aan het instrumentarium
vergroten van de voordelen van sociale en economische
belangrijke randvoorwaarde. In de ontwikkeling van
waarmee gemeenten de betaalbaarheid van de
diversiteit. Door de bestaande economische profielen
Amstelveen, Beverwijk en Purmerend ligt functiemenging
bestaande woningvoorraad kunnen borgen en aan
in de deelregio’s te versterken ontstaan er interessante
en diversificatie van de bestaande economische structuur
voldoende investeringsruimte voor woningcorporaties
en complementaire vestigingsmilieus, voor bedrijven
voor de hand. De structuurversterking van de stadsharten
om de opgaven voor nieuwbouw én aanpak
én huishoudens. Met deze inzet worden bedrijven en
tot 2030 is voor de geschetste ontwikkeling cruciaal.
bestaande voorraad (woningkwaliteit, verduurzaming,
kantoren verleid naar plekken waar zij het beste tot hun
De bovenstaande ambitie voor de doorontwikkeling
energietransitie, betaalbaarheid) te realiseren. Tot slot is
recht komen en tegelijk een grote toegevoegde waarde
van de meerkernige structuur na 2030 behoeft nadere
de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke capaciteit
leveren in de doorontwikkeling van de deelregio’s en
uitwerking en concretisering.
bij gemeenten een belangrijk knelpunt bij tijdige
hun economische profielen. Zo wordt lokaal en regionaal
bouwproductie. Rijk en regio kunnen hier een rol in spelen
een bijdrage geleverd aan de spreiding van welvaart en
Om vorm te geven aan deze gewenste ontwikkeling
door bij te dragen aan een flexibele schil van experts, die
welzijn en invulling gegeven aan ‘de juiste functie op
zijn er per deelregio strategische lijnen uitgezet. De
kunnen worden ingezet om bouwplannen (versneld) te
de juiste plaats’. De complementariteit en trekkracht
deelregio’s geven daarmee invulling aan de drie principes
realiseren.
van de economische profielen wordt ondersteund door
van economische ontwikkeling: inclusie, innovatie en
versnelling van de woningbouw in de stadsharten en
interactie .4 De tabel vat deze strategische lijnen samen .
regionale centra en hoogwaardig openbaar vervoer.
De strategische lijnen worden aangevuld met concrete
4
Deze driedeling sluit inhoudelijk aan op de MRA-Agenda 2020-2024. Inclusie gaat om (on)gelijkheid, rechtvaardigheid, en evenwichtigheid. Innovatie gaat om waarde, waarde-creatie en
toekomstbestendigheid. Interactie gaat over interactiemogelijkheden, toegankelijkheid, functiemenging wonen-werken-voorzieningen.
42
Strategische lijnen voor het versterken van het economisch profiel per deelregio, volgens de principes inclusie, innovatie en interactie Deelregio en zwaartepunt economsich profiel
Inclusie
Innovatie
Interactie
Almere-Lelystad Logistiek cluster, transitietechniek en -markten voor duurzame verstedelijking, met Medium & High Tech Campus
Uitbouwen van lokale MBO, HBO en op termijn WO werkgelegenheid; door versterken kennis, kunde, vakmanschap en vaardigheden in sterke sectoren industrie, logistiek en transities; en daarvoor integrale afspraken te maken over wonen-werken-voorzieningen.
Verbreden gerelateerde vaardigheden op het snijvlak van maatschappelijke transities, toegepaste technologie en (nieuwe) verstedelijking; door verbreden kennisbasis en menselijk kapitaal in toegepaste en experimentele technologie; en daarvoor een ecosysteem op te zetten en inspirerende missies te formuleren gericht op ‘de toekomst van steden’.
Versterken eigenheid van stedelijke profielen van Almere-C en Lelystad-C; door verdichten en verstedelijking van de stadsharten; en daarvoor de woon-werkmilieus van deze centra te programmeren en profileren.
Amstelland-Meerlanden Diverse economische structuur met zowel groothandel, logistiek, landbouw en industrie als financiële en specialistische dienstverlening
Behouden balans/evenwicht wonen-werken-voorzieningen; door o a. compenseren van m2 en ha bij onttrekken door transformaties, toevoegen ruimte als markt daarom vraagt en integrale ontwikkeling werklocaties i.r.t. bereikbaarheid; en daarvoor o.a. transformeren verouderde glastuinbouw en onttrekken/herontwikkelen incourante kantoren.
Voldoende en kwalitatief passend aanbod van toekomstbestendige werklocaties; door o a. inzetten op complementair en divers palet werkmilieus, positionering werklocaties en ruimte geven aan lokale en regionale dynamiek; en daarvoor o.a. actualiseren van profielen werklocaties, toevoegen nieuwe ontwikkelruimte voor na 2030 en invulling geven de grote bijdrage aan economische schaalsprong.
Optimaliseren ondernemersklimaat; door o.a. behoud internationaal profiel, inzet op diversificatie en menselijk kapitaal en verbinden, lokale, regionale en (inter)nationale bedrijvigheid; en daarvoor o a. behouden en aantrekken van bedrijven die bijdrage leveren aan structuurversterking (o a. via AiB), versterken mobiliteit (o.a. doortrekken Noord-Zuidlijn en in Zuidoostlob), en stimuleren duurzaamheid (via ROM)
Amsterdam Diverse economische structuur met geavanceerde (zakelijke) dienstverlening en grootstedelijke interactiemilieus
Versterken van economische diversiteit en tegengaan uitsortering en ontmenging van buurten; door behouden gemengde buurten en functiemenging wonen-werken-voorzieningen, realiseren van ruimte voor bedrijvigheid in transformatiegebieden, bedrijventerreinen/haven en nieuwe gebieden, en voor praktisch geschoolden en marginale functies (die stad nodig hebben om te overleven); en daarvoor koppelen van transformatie aan behoud voldoende ruimte voor passende bedrijven in transformatiegebieden en compensatie elders in de stad en metropool.
Versterken kenniseconomie en bijbehorende vaardigheden zodat alle opleidingsniveaus profiteren en opleidingen aansluiten op de arbeidsmarkt; door stimuleren sleuteltechnologieën en innovatie voor de transitie van de stad, zoals IA, Life Sciences/Smart Health, TMT, energietransitie en circulaire economie; en daarvoor versterken ruimtelijke kwaliteit, economische mix en innovatienetwerk van innovatiegebieden, versterken positie Haven op het gebied van energietransitie en circulair en opbouwen ecosysteem waterstof en Carbon Capture Storage Utilisation met Haven, NZKG en MRA, en verbreden inzetbaarheid van kennis voor alle opleidingsniveaus.
Uitbreiden en ontwikkelen (hoog)stedelijke milieus met hoge economische mix en goede bereikbaarheid; door realiseren van 15 min bereikbaarheid van wonen-werken-vrijetijdsvoorzieningen-interactieplekken met langzaam verkeer binnen Amsterdam en 30 min toegankelijkheid van Amsterdam vanuit de stadshaltes en regiohaltes; en daarvoor realiseren van HOV-infrastructuur en het doorontwikkelen van verschillende stedelijke milieus: stadscentra, gemengde buurten, productieve wijken, innovatie districten en stationskwartieren.
Gooi en Vechtstreek Data-gedreven media industrie met Media Campus en AI-hub als aanjager voor innovatieve en cross-sectorale toepassingen
Verbeteren balans wonen-werken en versterken draagvlak voor voorzieningenniveau; door het geven van prioriteit aan- en ruimte voor meer banen en passend werk voor bestaande en toekomstige beroepsbevolking, praktisch geschoolden en MBO+, en verbeteren bereikbaarheid banen; en daarvoor vergroten vestigingsmogelijkheden voor werk en een betere aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt.
Doorontwikkelen van de mediasector gericht op innovatie en toepassing van disruptieve technologieën gericht op versnelling digitale transformatie en vergroten kennis en innovatie intensiteit; door verbreden van bestaand ecosysteem door cross-sectorale vervlechting met ICT, CI en Tech zoals AI, AR, VR en Gaming en toepassing kennis en vaardigheden voor maatschappelijke uitdagingen zoals zorg, onderwijs en mediawijsheid; en daarvoor vormgeven van een campus voor Digitale Media en Content Technologie en AI-hub op het Mediapark.
Versterken identiteit en uniek vestigingsklimaat: voldoende formele werklocaties en goede aantrekkelijke informele milieus werkmilieus, op goed bereikbare plekken, te midden van waardevol landschap; door binnenstedelijk ontwikkelen met gewenste en gevraagde kwaliteiten en verbinden werkmilieus met speerpunten sectoren zorg, recreatie en vrijetijdseconomie, en creatieve industrie; en daarvoor vergroten functiemix rond stationslocaties en overige OV-hubs, versterken voorzieningenniveau en identiteiten van kernen in regio, en verbeteren multimodale bereikbaarheid van werklocaties.
IJmond Brainport maak- en onderhoudsindustrie, met het cluster voor energietransitie van de MRA
Doorontwikkelen Techport tot Brainport voor maak- en onderhoudsindustrie als slimme werkplaats van de MRA; door positioneren van de IJmond als de plek voor innovatieve en schone maak- en onderhoudsindustrie en zorgen voor voldoende kwantitatief en kwalitatief goed opgeleid personeel; en daarvoor realiseren van Meerjarenagenda Techport, profilering van Brainport samen met regio en Rijk, doorontwikkeling van triple helix naar quadruple helix, en toevoegen van hoger technisch onderwijs in de regio.
Versterken positie in technische maak- en onderhoudsindustrie en het energiecluster: de IJmond is de groene stekker van de MRA; door verduurzamen van de economie, versterken van het cluster energietransitie, en benutten van de nautische toegangspoort NL; en daarvoor stimuleren van (product) innovatie, uitvoeren van JTF-projecten energietransitie, en verduurzaming van de maak- en onderhoudsindustrie in de IJmond (alles met oog voor de gezondheidseffecten).
Voldoende kwalitatieve woonmilieus in de regionale centra gericht op een divers palet van woon(werk)milieus en een prettig en kwalitatief hoogwaardig leefklimaat; door koppelen noodzakelijke verduurzaming en energietransitie aan de gewenste verbetering van o.a. leefbaarheid luchtkwaliteit en gezondheid en verbeteren van de (OV) bereikbaarheid en ontsluiting, bijv. 30 min bereikbaarheid Amsterdam-C, Schiphol en Zuidas; en daarvoor transformatie in stadsharten tot kwalitatieve woon (-werk)milieus en verkennen 30 min metropool
Zaanstreek-Waterland Hoogwaardige maak- en procesindustrie en agrifood, met Tech & E-sports campus
Arbeidsmarkt klaar maken voor de toekomst zodat aanbod aansluit op vraag; door stimuleren van een wendbare en weerbare beroepsbevolking en leven lang leren voor iedereen met doorlopende leerlijnen (V)MBOHBO en een focus op (proces)techniek en ICT; en daarvoor versterken triple helix samenwerking, koppelen onderwijs, innovatie, kennisinstellingen en bedrijfsleven, en ontwikkelen tech-campussen: Purmer Valley, H20 Esports Campus en Techlands.
Excelleren in innovatie in agrarische- en foodindustrie, circulair bouwen/ houtbouw, en maakindustrie gericht op de grote transities, verduurzaming en digitalisering; door aanjagen innovatie en digitalisering, samenwerking in maak- en procesindustrie, en ICT/Tech; en daarvoor aangaan van samenwerkingsverbanden met bedrijfsleven om vestigingsmilieus te realiseren die ondernemerschap en innovatie versterken.
Borgen voldoende ruimte voor economische activiteiten, verbeteren balans wonen-werken-verblijven, inclusief inlopen achterstand, door koppelen voorzieningen aan groei woningen; door creëren ruimte voor werken en gemengde, goed bereikbare woon-werkmilieus en voldoende vrijetijdsvoorzieningen in stedelijke en landelijk gebied; en daarvoor intensiveren van woon-werkgebieden, verhogen menging en dichtheid stedelijke centra, en versterken van fietsinfra, routes langzaam verkeer en parken.
Zuid-Kennemerland MKB en ondernemerschap in ICT & CI sector met ‘living labs’ voor toegepaste innovatie
Aanpakken van de kwalitatieve mismatch op de arbeidsmarkt (banen vs. beroepsbevolking) ter voorkoming van pendel, het beter benutten van het aanwezig economisch kapitaal, en het ontwikkelen en aantrekken talent; door een betere aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt, het uitbouwen van (kennisintensieve) werkfuncties; en daarvoor werkgebieden intensiveren: stapelbaar, bereikbaar, gemengde woon-werkmilieus.
Benutten van ondernemerschap en talent voor het aanjagen van open innovatie gericht op transities en andere maatschappelijke opgaven; door proeftuinen/broedplaatsen op te zetten voor toegepaste innovatie; en daarvoor het uitbouwen van een ecosysteem ecosystemen waarin bestaande sterke sectoren, zoals de digitale/ICT en creatieve sector, worden verbonden met circulair, duurzaamheid, gezondheid en sport.
Versterken van het voorzieningenniveau passend bij het hoge woon- en leefklimaat; door het realiseren van goed bereikbare multifunctionele woon-werkmilieus rondom de OV-knooppunten; en daarvoor (stapelbare en kennisintensieve) werkfuncties toe te voegen rondom OV-knooppunten voor een kwalitatieve, aantrekkelijke en levendige mix van wonen/werken/ verblijven, het uitwerken van het concept ‘Werken aan zee’ Zandvoort, en versterken Noordzeekust.
handelingsperspectieven. Daarvoor moeten op korte termijn vier onderzoeken worden uitgevoerd. Concreet gaat het om onderzoek naar het versterken van onderzoeks- en innovatie-ecosystemen, naar slimme specialisatie van bestaande sectoren en clusters, naar de balans van wonen-werken-voorzieningen-bereikbaarheid, en naar het sociaaleconomische karakter van de deelregio’s. Onderwijs en arbeidsmarkt vraagstukken spelen in al deze verkenningen een rol. Op basis hiervan kan een samenhangende uitvoeringsstrategie worden opgesteld.
Sturing en regie op toeristische druk Spreiden van de druk, om de groei evenwichtiger te verdelen en de leefkwaliteit te beschermen, gaat ook over het toerisme in de MRA. Door samen te blijven werken en de grote diversiteit in de MRA te benutten, kunnen we de bezoekersstromen spreiden over een groter aantal bestemmingen. Daarbij zoeken we steeds naar balans tussen de belangen en behoeftes van bewoners, bezoekers en bedrijven. Landelijk wordt gezocht naar vormen van sturing en regie die recht doen aan de druk op de belangrijke toeristische bestemmingen en hun draagkracht. De MRA met haar internationaal bekende en attractieve bestemmingen wil daarbij een belangrijke rol spelen en werkt daarom aan een actuele, datagedreven strategie voor toerisme en recreatie. Die heeft raakvlakken met bijvoorbeeld het beleid voor mobiliteit, duurzaamheid en werkgelegenheid (de sector levert veel banen op, juist ook voor praktisch geschoolde mensen).
Grotere kansengelijkheid De evenwichtige verdeling van de groei over de regio heeft onder meer de bedoeling om de kansengelijkheid te bevorderen. We willen de opkomende segregatie ermee doorbreken. Daaruit volgt de opgave om overal in de regio betaalbaar te bouwen, in kwetsbare wijken te
•
In MRA-Noord: het bedienen van de woonvraag
•
In de nabijheid van Schiphol: het betaalbaar
werken aan functiemenging, de nabijheid en betaalbare
van de vergrijzende bevolking (ten behoeve van
aanbieden van nieuwe woningen voor starters en
bereikbaarheid van dagelijkse voorzieningen en te zorgen
de doorstroming), lokale starters en vestigers in
doorstromers uit de betreffende gebieden, onder wie
voor voldoende en passende werkgelegenheid, vervoers-
de MRA met een kleinere beurs; en het versterken
doorstromende ouderen, en nieuwe doelgroepen van
en energiearmoede tegen te gaan en de gezondheid van
van kwetsbare wijken. Daarnaast het optimaal
starters en praktisch en middenopgeleiden.
de leefomgeving in kwetsbare wijken te bevorderen.
benutten van de betaalbaarheid van het wonen in
Onder de huidige marktomstandigheden gaat het
de MRA-Noord, waarbij het in verhouding tot de
Stedelijke vernieuwing en beheer
tegengaan van segregatie en het zorgen voor voldoende
bevolkingsgroei minimaal op peil houden en dus
De ambitie is dat zittende bewoners per saldo baat
menging niet vanzelf. Het vergt voortdurende en
laten meegroeien van het aantal bereisbare banen
hebben bij de bouwopgave en verdichting. In de
vergaande interventies op de woningmarkt om ook
boven het IJ en Noordzeekanaalgebied belangrijk is.
periode tot 2030 landt een deel van de binnenstedelijke
In Flevoland: behoud van betaalbare ruim opgezette
bouwopgave in stedelijke vernieuwingsgebieden. Hier
deelregio’s van de MRA. In alle gebieden moet om
woonmilieus en de zorg dat de nieuwbouwopgave
wordt verdichting ingezet als deel van een integrale
verschillende redenen voldoende betaalbare voorraad
niet ten koste gaat van bestaande wijken waar sociale
gebiedsgerichte aanpak die de leefbaarheid in deze
beschikbaar zijn:
lage en middeninkomens blijvend te binden aan alle
•
•
problematiek speelt of op de loer ligt. Daarnaast het
wijken en de sociaaleconomische positie van de
In de kernagglomeratie: het behoud van voldoende
optimaal benutten van de betaalbaarheid van het
huidige bewoners versterkt. Dat vraagt om woningen in
betaalbare woningen voor vestigers en jonge
wonen in Flevoland, waarbij het in verhouding tot
verschillende woonsegmenten, voorzieningen en ruimte
starters, met name met een middelbare of praktische
de bevolkingsgroei minimaal op peil houden en dus
voor lokaal ondernemerschap.
opleiding (die andere woonwensen hebben dan
laten meegroeien van het aantal bereisbare banen in
hoogopgeleide starters).
Flevoland belangrijk is.
44
Brede aanpak stedelijke vernieuwing en kansengelijkheid
Het kabinet heeft zijn koers voor de ontwikkeling van de
de stedelijke vernieuwing, binnen het Programma
Leefkwaliteit Schiphol in relatie tot verstedelijking in de MRA
Leefbaarheid en Veiligheid: Amsterdam Zuidoost,
In een groot deel van de MRA, in het bijzonder
‘Verantwoord vliegen naar 2050’. Hierin is onder meer
Amsterdam Nieuw-West, Lelystad Oost en Zaandam
in Amstelland-Meerlanden, heeft de
opgenomen dat er ruimte voor groei van de luchtvaart
Oost. Voor deze gebieden werkt het Rijk samen met
ontwikkeling van Schiphol grote invloed op de
kan ontstaan, als door innovatie en vlootvernieuwing
decentrale overheden en maatschappelijke partners
verstedelijkingsmogelijkheden ten behoeve van de
de negatieve effecten van de luchtvaart op het klimaat
(zoals scholen, bedrijven, politie en woningcorporaties)
meerkernige ontwikkeling in een gezonde, veilige en
en de leefomgeving aantoonbaar zijn verminderd. ‘Van
aan een langjarige maatwerkaanpak per gebied.
aantrekkelijke leefomgeving.
ongeclausuleerde groei kan niet langer sprake zijn’.
In vier gebieden werken Rijk en regio samen aan
luchtvaart uiteengezet in de Luchtvaartnota 2020-2050
Een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving door
Ook in andere wijken en buurten met een stedelijke vernieuwingsopgave kan vanuit het Programma
Schiphol is een economische motor voor Nederland en
het verminderen van de negatieve effecten van de
Leefbaarheid en Veiligheid een bijdrage worden geleverd
de regio in het bijzonder. Direct en indirect zijn 114.000
luchtvaart op mens en natuur is een belangrijk doel
met kennis, expertise en het stimuleren van doorbraken.
banen met de aanwezigheid van Schiphol gemoeid.
in de Luchtvaartnota. Daarbij wordt gesteld dat het
De toegevoegde waarde die hiermee samenhangt
verminderen van het aantal nachtvluchten op Schiphol
De bouwopgave wordt ook ingezet als vliegwiel
bedraagt € 10,4 miljard. Tegelijkertijd beïnvloedt de
mede afhankelijk is van (het besluit over) de opening en
voor een gezamenlijke inzet op het verminderen
luchtvaart de leefkwaliteit in de omgeving en draagt
ontwikkeling van Lelystad Airport en de substitutie van
energiearmoede in delen van kwetsbare wijken waar dit
het in gemeenten in de Schipholregio in grote mate
vliegverkeer door treinen.5
speelt. Dit om maatschappelijke kosten als gevolg van
bij aan de relatief ongezonde leefomgeving rond
gezondheidsproblematiek of andere sociaaleconomische
Schiphol (zie de analyse van het RIVM op pagina 29 ).
De regio heeft te maken met grote opgaven op het
problematiek ten gevolge van de slechte staat van de
De luchthaven legt daarnaast een claim op de ruimte
gebied van woningbouw, economie, mobiliteit, klimaat,
woningvoorraad verminderen.
in de omgeving, door beperkingen die gelden voor
energietransitie en groen. Dat vraagt op de eerste plaats
de ontwikkelingsmogelijkheden van andere functies
om een brede belangenafweging en een zorgvuldige
Een specifieke opgave ligt in de voormalige groeikernen,
vanwege de geluid- en risicobelasting door de luchtvaart.
toedeling van functies aan de schaarse ruimte. De
waar grote delen van de stad gelijktijdig verouderen.
Tot slot beïnvloedt de aanwezigheid van Schiphol ook de
luchthaven is van waarde voor Nederland en voor de
Dat gaat om Lelystad, Almere, Purmerend en
mogelijkheden om het areaal verrommeld glas (zo’n 800
regio, net zoals woningbouw van waarde is voor het
Haarlemmermeer. Voor deze relatief jonge steden zijn
hectare) te transformeren. Vanwege de beperkingen voor
versterken van het vestigingsklimaat en als bijdrage aan
nieuwe, preventieve vormen van beheer nodig. Die
woningbouw en andere geluidgevoelige en kwetsbare
de bouwopgave. De luchtvaart is in beweging, net zoals
moeten ervoor zorgen dat problemen op fysiek en sociaal
functies is het moeilijk om hiervoor een sluitende
ontwikkelingen op de grond. Uitgangspunt is het principe
terrein, verbonden aan de typische leeftijdsopbouw
businesscase te formuleren. Een knelpunt dat zich
van wederkerigheid tussen ‘de lucht’ en ‘de grond’: de
van de bevolking en het eigen karakter van deze wijken,
voortsleept, waardoor de gebieden verder verpauperen,
luchtvaart houdt rekening met het ruimtegebruik op de
vroegtijdig worden gesignaleerd en aangepakt.
met negatieve gevolgen voor de ruimtelijke kwaliteit en
grond en vice versa.
leefkwaliteit.
5
Kamerbrief 26 juni 2020: “Een eerste stap naar 29.000 nachtvluchten legt het kabinet vast in het komende Luchthavenverkeersbesluit (LVB1). Het gaat hierbij om een evenredige bijdrage. De
stapsgewijze vermindering naar 27.000 en 25.000 zal nader worden uitgewerkt en vastgelegd in regelgeving. Deze laatste stappen zijn mede afhankelijk van voorwaarden zoals de opening van Lelystad Airport en substitutie door treinverkeer op bestemmingen zoals Brussel en Düsseldorf.”
46
3.2
Groenblauw netwerk in en om de stad
De grote variatie aan waardevolle landschappen draagt
Integendeel: landschappelijke structuren zetten zich
het aaneengesloten groenblauwe netwerk van de MRA,
door in de stad, soms verscholen en soms uitgesproken.
dat zich doorzet tot diep in de stedelijke gebieden. Een
Die samenhang wordt versterkt door de noodzaak
hoge en toekomstbestendige kwaliteit van dit netwerk
om de regio klimaatadaptief en natuurinclusief in te
is een onmisbaar element in de gezonde, veilige en
richten. Factoren als de bodemsoort en -kwaliteit, de
aantrekkelijke leefomgeving die we nastreven.
hoogteligging en de watervoorziening zijn richtinggevend bij keuzes voor het ruimtegebruik, zowel in een stedelijke
Sterke steden kunnen niet zonder sterk landschap.
als in een landelijke omgeving. Er ligt een nauwe relatie
Een sterk landschap draagt bij aan de identiteit van het
met de ontwikkeling van het watersysteem.
gebied, is een drager van cultuurhistorische waarden, biedt ontspanning en is productief (als landbouwareaal
Bij de ontwikkeling van het groenblauwe netwerk is
en als leverancier van groenblauwe diensten zoals
steeds het uitgangspunt dat functionele ingrepen in
schone lucht, drinkwater, waterbuffering, verkoeling,
het landschap ook de beleving vergroten, en andersom,
energie en biodiversiteit). De variatie in samenhangende
dat ingrepen die de landschappelijke beleving moeten
landschappelijke eenheden is een unieke,
vergroten ook andere doelen dienen. We maken daarbij
onderscheidende kwaliteit. De metropoolregio beschikt
onderscheid in vijf pijlers:
over cultuur- en natuurlandschappen, oude en nieuwe
1.
landschappen, en natte landschappen in de vorm van het
Koesteren van en een kwaliteitsimpuls voor landschappen met bijzondere waarden (agrarisch,
IJmeer-Markermeer en de Noordzeekust. De kwaliteit en
cultuurhistorisch, ecologisch),
het functioneren van deze landschappen staat in nauw
2.
Landschappelijke versterking,
verband met de landschappelijke waarden en structuren
3.
Aanleg van groene zones,
in de gebieden rondom de MRA.
4.
Landschaps- en natuurinclusieve verstedelijking,
5.
Uitbouwen van een MRA-dekkende recreatieve
Hoewel in het spraakgebruik vaak een onderscheid wordt
structuur.
gemaakt tussen stad en land, is die grens niet zo hard.
48
Groenblauw netwerk in en om de stad Verstedelijkingsconcept 2050
N
schaal 1:100.000 0
5.000
10.000
15.000
20.000
Landschappen met bijzondere waarden: koesteren en kwaliteitsimpuls
en ook daarna vraagt dit netwerk inspanningen voor
van 2021 ontstaan door uitbreiding van het bestaande
beheer en verbetering. Dat geldt in het bijzonder voor de
werelderfgoed Stelling van Amsterdam met de Nieuwe
Een aantal gebieden binnen de MRA heeft bijzondere
instandhoudingsverplichting in Natura 2000-gebieden.
Hollandse Waterlinie. Andere landschappen met
natuur- of erfgoedwaarden of een belangrijke functie
Zo gaat de agenda voor het ‘Toekomstbestendig
bijzondere cultuurhistorische waarden zijn in Noord-
als recreatiegebied. Het zijn gebieden om te koesteren,
Ecologisch Systeem’ in en om Markermeer en IJmeer veel
Holland de ‘bijzondere provinciale landschappen’.
maar die in sommige gevallen wel om een kwaliteitsimpuls
verder dan 2027. In beide Nationale Parken in de MRA,
vragen. De landschappelijke waarden vragen aandacht
Zuid-Kennemerland en Nieuw Land, is de ambitie om een
Ook de open en weidse landbouwgebieden zijn een
en onderhoud, willen we ze op de lange duur kunnen
ecologische en recreatieve bufferzone rond de Natura
belangrijk onderdeel van de cultuur en de historie van
handhaven en versterken.
2000-gebieden te realiseren, in lijn met het programma
de regio, maar deze zijn niet altijd beschermd. Deze
Nationale Parken Nieuwe Stijl van het ministerie van LNV.
karakteristieke landschappen zijn afhankelijk van het agrarische grondgebruik. Goede landbouwgronden
De grootste concentraties van natuurwaarden zijn te vinden in de gebieden die behoren tot het Natuurnetwerk
Erfgoedwaarden zijn in het bijzonder aanwezig in
blijven noodzakelijk voor de voedselvoorziening en ook
Nederland, waaronder de natuurgebieden die vallen
de drie Unesco-werelderfgoederen in de MRA.
voor de transitieopgave naar kringlooplandbouw, de
onder het beschermde Europese netwerk Natura
Naast de grachtengordel van Amsterdam zijn dat de
productie van duurzaam streekvoedsel en het verkorten
2000. De komende jaren zijn nog veel inspanningen
landschappelijke werelderfgoederen van de Beemster
van de voedselketen. Bij afwegingen over ruimteclaims
nodig om het Natuurnetwerk Nederland af te ronden,
en de Hollandse Waterlinies. De laatste is in de zomer
in het landschap moet het behoud van goede landbouwgronden daarom altijd een criterium zijn.8
Behoud agrarische gronden voor kringlooplandbouw
Landschappelijke versterking
Onder de noemer ‘kringlooplandbouw’ vallen vormen van landbouw met een duurzaam beheer van de bodem (waardoor
Het landschap is voortdurend in beweging en in een
de agrarische productiefunctie op lange termijn behouden blijft), waarbij zo min mogelijk afval vrijkomt, de uitstoot van
aantal gebieden kondigt de verandering zich al aan.
schadelijke stoffen (zoals stikstof) zo klein mogelijk is en grondstoffen en eindproducten met zo min mogelijk verliezen
Het zijn de gebieden waarmee we aan de slag zijn
worden benut. Kringlooplandbouw is ook een natuur- en landschapsinclusieve landbouw die bijdraagt aan het behoud en
of aan de slag moeten. Dat gaat lang niet alleen om
vergroten van de biodiversiteit in zowel het agrarisch gebied zelf als natuurgebieden in de omgeving. De landbouw binnen
verstedelijking in de beperkte zin van het woord: de bouw
de MRA biedt ook oplossingen om CO2 op te slaan en vast te houden, door het beheer van de bodem en gewaskeuze daar
van stedelijke en industriële functies en infrastructuur.
meer op te richten.
In veel landschappen wordt de ontwikkeling aangejaagd door een andere factor. Dat kan de behoefte aan
Voorwaarde voor de transitie naar kringlooplandbouw is dat er voldoende goede landbouwgrond beschikbaar is, waarbij er
gezondheidsbevordering zijn, bijvoorbeeld in gebieden
per productie-eenheid meer grond nodig zal zijn.
met tekorten aan groen in de woonomgeving of direct bij de kernen (zoals in de Haarlemmermeer en de