Raadsvoorstel inzake ontwerpbegroting 2025 BsGW
Tekst van het document
Onderwerp: ontwerpbegroting 2025 BsGW
Vergaderdatum:
11 juni 2024
Registratienr:
Z/24/201628 361696
Portefeuillehouder:
P. Janssen
Steller:
Zeegers, Lea
Aan de Raad Voorstel: 1. in te stemmen met de door de GR BsGW aangeboden ontwerp begroting 2025 en meerjarenraming 2026 - 2029 van GR BsGW. 2. een zienswijze in te dienen ten aanzien van: • de reservering van het surplus van het weerstandsvermogen ten gunste van de reserve AHA; • een oproep om de financiële consequenties van ambities en autonome kostenstijgingen de komende jaren primair op te vangen binnen de eigen begroting. 3. Kennisnemen van de financiële consequenties voor de gemeente Beekdaelen en deze voor 2025 tm 2028 verwerken in het meerjarenperspectief bij de kadernota 2025 van de gemeente Beekdaelen, te weten: - de tekortbijdrage 2025 met € 3.229 te verhogen; - de tekortbijdrage 2026 met € 21.595 te verlagen; - de tekortbijdrage 2027 met € 27.045 te verlagen; - de tekortbijdrage 2028 met € 29.542 te verlagen. Inleiding: Op 29 februari jl. heeft het dagelijks bestuur van BsGW de ontwerpbegroting 2025 en de meerjarenraming 2026 – 2029 vastgesteld en hebben wij deze van BsGW ontvangen. Op 2 mei hebben wij een addendum op de begroting 2025 – 2029 ontvangen. Enige toelichting daarop en de cijfermatige vertaling daarvan zijn verwerkt in voorliggend voorstel.
De raden van de aan BsGW deelnemende gemeenten en het algemeen bestuur van het Waterschap Limburg ontvangen deze ontwerpbegroting en meerjarenraming op grond van artikel 23 van de GR BsGW en worden in de gelegenheid gesteld om hun eventuele zienswijze hierover in te dienen. Voorafgaand aan de vaststelling van de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 – 2029 dient het dagelijks bestuur van BsGW schriftelijk en gemotiveerd te reageren op ingediende zienswijzen. De begroting wordt samen met ingediende zienswijzen en reacties daarop aangeboden aan het algemeen bestuur van BsGW ter vaststelling in haar vergadering van 27 juni a.s. Aan welke global goals draagt dit voorstel bij? Het voorstel draagt niet specifiek bij aan een van de global goals. 1
Argumenten: Begrotingsresultaat 7 december 2023 is de kadernota 2025 door het algemeen bestuur van de BsGW vastgesteld. Deze dient als basis voor de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 – 2029. In vergelijking met de begroting 2024 stijgen de netto-kosten 2025 met € 3,397 miljoen als gevolg van de onderstaande bijstellingen (bedragen x € 1.000): 1. CAO 2024 2. loonindexering 3. indexering goederen en diensten 4. doorontwikkeling samenwerkingsportaal 5. vorming bestemmingsreserve ICT 2025 - 2029
€ € € € €
340 915 384 100 555
totaal effect zekere ontwikkelingen 6. vergoedingen maatwerk 7. opbrengst vervolgingskosten
totaal effect harmonisatie en kostenverdeelmethode 8. reductie netto-kosten effecten OOP (addendum) totaal bijstellingen ten opzichte van 2024
€ 2.294 -€ 246 € 2.149
€ 1.903 - €
800
€ 3.397
Van dit verschil is € 2,149 miljoen het gevolg van de door het AB BsGW genomen besluiten van 7 december 2023 en 25 januari 2024 om de opbrengst vervolgingskosten niet meer op te nemen in de begroting van BsGW maar de werkelijke opbrengsten rechtstreeks aan de betreffende deelnemers af te dragen. De overige mutaties worden veroorzaakt door de loon- en prijsindexering, de doorontwikkeling van het Samenwerkingsportaal en de vorming van een bestemmingsreserve ICT 2025-2029. Daarnaast kent BsGW maatwerkvarianten waarvan de uitvoering separaat wordt geoffreerd en gefactureerd bij de betreffende deelnemers. € 385 duizend. De mutaties kunnen verder nog als volgt toegelicht worden: ad 1. CAO 2024 BsGW valt onder de CAO Werken voor Waterschappen. Eind 2023 is een onderhandelingsakkoord gesloten voor de CAO 2024. Het financiële effect is ruim 5,5% en is daarmee fors hoger dan de in de begroting 2024 opgenomen indexering van 3,3%. ad 2. Loonindexering 2025 Het gemiddelde percentage van de loonvoet overheidssector over de jaren 20222025 bedraagt tussen de 5,6% en 5,9%. Gekozen is om hier het drie jaargemiddelde 2023-2025 aan te houden van 5,6%
2
ad 3. Indexering goederen en diensten Het gemiddelde percentage van nationale consumentenprijsindex over de jaren 2022-2025 bedraagt tussen de 3,2% en 5,1%. De forse inflatie van 2022 van 10% betreft een trendbreuk en wordt daarom buiten beschouwing gelaten. Gekozen is om ook hier het drie jaargemiddelde 2023-2025 van 3,4% aan te houden. ad 4. Doorontwikkeling samenwerkingsportaal Initieel was dit project (toen nog Regieportaal) aangegaan voor een looptijd tot en met 2024 voor een bedrag van € 250 duizend per jaar. Uit het oogpunt van zekerheid en continuïteit is in de begroting 2024 het Samenwerkingsportaal begrotingstechnisch in de meerjarenraming 2025 – 2028 opgenomen, waarbij is besloten het bedrag te verhogen naar € 350 duizend per jaar (nominaal) om zo de door de deelnemers gewenste verdere doorontwikkeling vorm te kunnen geven. ad 5. Vorming bestemmingsreserve ICT 2025 – 2029 In 2022 zijn drie grote aanbestedingstrajecten opgestart voor de hosting en implementatie van de belasting- en waarderingsapplicatie van BsGW. De implementatie hiervan is in 2023 gestart, met een uitloop naar 2024. De verwachte implementatiekosten van dit programma Aanbesteding Hosting en Applicaties (hierna: AHA) zijn ingeschat op € 2,775 miljoen.
Vanaf 2025 moeten middelen worden gereserveerd (middels een bestemmingsreserve) voor de volgende aanbesteding in 2028, inclusief de daaropvolgende implementatie in 2029. Zodra het huidige aanbestedingstraject is afgerond en de gerealiseerde programmakosten bekend zijn, komt het Dagelijks Bestuur van BsGW hiertoe eind 2024 met een voorstel. Vooruitlopend hierop is op basis van het huidige prijspeil in de voorliggende begroting voor de jaren 20252029 bedrag opgenomen van € 555.000. ad 6. Vergoedingen maatwerk Per 1 januari 2025 wordt een nieuwe kostenverdeelsystematiek ingevoerd. Voorafgaande aan de invoering van de nieuwe kostenverdeelmethode (KVM) zijn de beleids- en uitvoeringsregels en de daarmee samenhangende processen zoveel mogelijk geharmoniseerd. In dit harmonisatietraject zijn de verschillende producten die BsGW levert aan haar deelnemers op het gebied van belastingheffing en inning, onderverdeeld in: 1. voorkeursvarianten; 2. maatwerkvarianten; 3. en externe heffingen. Dit heeft er in geresulteerd dat vanaf 2024 de laatste twee categorieën voortaan via een separaat offerte- en factureringstraject in rekening worden gebracht bij de betreffende deelnemers. De kosten voor de reguliere belastingsoorten c.q. voorkeursvarianten worden via de kostenverdeelmethode in rekening gebracht. ad 7.
opbrengst vervolgingskosten De opbrengst vervolgingskosten zal vanaf 2025 rechtstreeks aan de deelnemers worden afgedragen. Deze maakt derhalve geen onderdeel meer uit van de begroting van BsGW zelf. Dit resulteert in een negatief effect op de begroting van BsGW en een positief effect op de eigen begroting van de desbetreffende deelnemer. De nieuwe KVM heeft verder geen financiële gevolgen voor de begroting van BsGW zelf, maar wel in de doorbelasting van de kosten aan de deelnemers van BsGW.
3
ad 8. Reductie netto-kosten effecten OOP BsGW heeft een separaat ontwikkeltraject uitgevoerd, zijnde het Ondernemings- en Ontwikkelplan (OOP). Het doel daarvan is om na jaren van groei, de focus te leggen op het toekomstbestendig maken van BsGW. Processen stroomlijnen, efficiënter maken. Meer digitaliseren en automatiseren. Het hierbij behorende investerings- en ontwikkelbudget van € 4 miljoen is destijds door het bestuur vastgesteld. De dekking voor deze projectkosten bestond uit de op termijn te realiseren structurele reductie van de netto-kosten. Het OOP is (in financieel opzicht) in drie fase verdeeld: : • Fase 1 2018 tot 2021 Projectfase • Fase 2 2021 tot 2028 Terugbetalen projectkosten • Fase 3 vanaf 2028 Structureel voordeel deelnemers Het OOP zou -conform besluitvorming door het Algemeen Bestuur van 14 december 2017- met ingang van 2028 leiden tot een structurele reductie van de netto-kosten van € 1,3 miljoen. In voorliggende meerjarenbegroting is daarom vanaf 2028 een structurele taakstelling van € 1,3 miljoen opgenomen, die in belangrijke mate gerealiseerd dient te worden middels een formatiereductie. Globaal gerekend zal hierdoor de bijdrage van Beekdaelen vanaf 2028 met € 32.000 afnemen.
Addendum: Naar aanleiding van de controle van de voorlopige jaarrekening 2023 is de (nieuwe) accountant echter van mening dat de projectkosten OOP niet op de balans geactiveerd hadden mogen worden. In plaats van het tot 2028 via de balans in tranches ten laste van het resultaat brengen van de projectkosten OOP (fase 2), dienen deze ten laste van het resultaat te worden genomen op het moment dat de lasten zijn gerealiseerd. Dit betekent voor de huidige situatie dat de lasten, die in voorgaande jaren zijn gerealiseerd, alsnog ten laste van het resultaat moeten worden gebracht. De technische verwerking van deze omissie verloopt via een correctie op het beginvermogen 2023 van BsGW met € 4 miljoen en zal feitelijk terugbetaald moeten worden door de gemeenten. Hier staat tegenover dat de begroting van BsGW met ingang van dit jaar stapsgewijs (2024 met € 600.000; 2025 met € 800.000; 2026 met € 1.000.000 en 2027 met € 1.200.000) benedenwaarts wordt bijgesteld. Het inverdieneffect 2023 (€ 400.000) is verwerkt in de voorlopige jaarrekening 2023 van BsGW. Per saldo heeft de correctie dus geen gevolgen voor de deelnemers. Proceskostenvergoeding In 2023 zijn fors meer WOZ-bezwaren ontvangen dan in de jaren ervoor. De totale proceskosten voor het belastingjaar 2023 bedragen € 6,895 miljoen, waarvan € 5,080 miljoen uitkeringskosten.
Hierdoor vallen de totale proceskosten in 2023 € 2,720 miljoen hoger uit dan begroot. Normaliter zou dit leiden tot het verhogen van de begrotingspost. Echter, eind 2023 is de Wet herwaardering proceskostenvergoeding WOZ (en bpm) aangenomen. Naast een reductie van de proceskostenvergoeding regelt deze wet ook dat de uitkering hiervan voortaan aan de belanghebbende in plaats van het no cure no pay-bedrijf (ncnp-bedrijf) wordt uitgekeerd. Met het oog hierop is de post uitkeringskosten niet verhoogd in de ontwerpbegroting 2025, alleen geïndexeerd naar € 3,506 miljoen. Of de Wet herwaardering proceskostenvergoeding WOZ daadwerkelijk tot lagere proceskosten (uitkerings- en uitvoeringskosten) gaat leiden, is nog onzeker. Het is bijvoorbeeld niet uitgesloten dat genoemde bedrijven op zoek gaan naar andere 4
mogelijkheden, zoals een intensievere en bredere inzet van Artificial Intelligence en/of meer bezwaren tegen andere soorten heffingen in zullen dienen. Verder beschikken de meeste ncnp-bedrijven over voldoende financiële armslag om in combinatie met een personeelsreductie nog een aantal jaren te kunnen acteren. Bovendien is het standaardtarief in de bezwaarfase voor belastingzaken door de advocaat-generaal ter discussie gesteld. Dit tarief à € 296 zou in zijn ogen verhoogd moeten worden tot € 597 gelijk aan overige gevallen, niet zijnde belastingzaken. Om dit risico af te dekken is in het weerstandsvermogen een bedrag opgenomen in relatie tot de proceskostenvergoeding van € 300.000,-. Weerstandsvermogen Het benodigde weerstandsvermogen is gebaseerd op een jaarlijks bij het opstellen van de ontwerpbegroting uitgevoerde risicoanalyse en is voor de voorliggende ontwerpbegroting berekend op € 1,137 miljoen. Het aanwezige weerstandsvermogen bedraagt eind 2023 (vóór resultaatbepaling 2023) € 1,502 miljoen. Het verschil tussen het aanwezige en het benodigde weerstandsvermogen bedraagt € 365 duizend. De inzet van dit bedrag zal worden meegenomen bij de resultaatbepaling 2023 (AB 27-6-2024). Het voorgenomen DB-besluit resp. ABvoorstel is om deze € 365 duizend in te zetten voor de ‘voeding’ van de nieuwe bestemmingsreserve AHA.
Kanttekeningen en risico’s: Bestemming surplus weerstandsvermogen Voorliggende begroting is aangeboden aan de gemeenten voordat de jaarrekening 2023 is vastgesteld en een besluit is genomen over de dekking van het tekort 2023. Uit de voorlopige jaarrekening 2023 blijkt dat er over 2023 sprake zal zijn van een negatief resultaat van € 1,293 miljoen (excl. de correctie ivm activering van het OOP). Het weerstandsvermogen eind 2023 is niet toereikend om dit negatieve resultaat te dekken en gezien de afgesproken regels ten aanzien van de omvang van het weerstandsvermogen zal in 2024 naar alle waarschijnlijkheid een verzoek worden gedaan om aanvulling van het weerstandsvermogen. In de begroting 2025 ev jaren wordt hier min of meer aan voorbij gegaan en wordt zelfs voorgesteld om het ogenschijnlijke surplus van € 365 duizend in het weerstandsvermogen toe te voegen aan de nieuwe bestemmingsreserve AHA. Deze toevoeging komt bovenop de al opgenomen jaarlijkse storting van € 555 duizend. Voorgesteld wordt om een zienswijze in te dienen tegen de voorgestelde storting van € 365 duizend in de bestemmingsreserve AHA omdat 1. vanwege een verwacht tekort over 2023 geen sprake zal zijn van een surplus; 2. in de begroting 2025 al een jaarlijkse storting in deze reserve van € 555 duizend is opgenomen; 3.
de transparantie van de dekking van het negatieve resultaat 2023, de vorming van een bestemmingsreserve AHA en de noodzakelijke omvang van het weerstandsvermogen bij een dergelijke handelwijze in het geding is. Ambities en autonome kostenontwikkelingen Ondanks het feit dat er sprake is van een alleszins redelijke raming van kostenstijgingen is het van belang om de financiële consequenties ten gevolge van ambities en autonome kostenontwikkelingen (zoals loon- en prijsstijgingen) als 5
aandachtspunt te benoemen. Het is voor gemeenten hoogst onzeker hoe de financiële toekomst er (zeker vanaf 2026) uit zal zien. De draagkracht van gemeenten staat enorm onder druk. Daarom wordt aan alle GR-en de oproep gedaan om de financiële gevolgen van ambities en kostenontwikkelingen primair binnen de eigen begroting op te vangen. In de loop van 2024 verwachten wij meer helderheid te krijgen over de perspectieven voor 2025 en verder voor wat betreft de gemeentelijke financiën. Een vertaling hiervan in consequenties richting onze gemeenschappelijke regelingen (indicatief een taakstelling van 5-10%) volgt dan ook later dit jaar met het verzoek om voorstellen te doen hoe een dergelijke besparing in de werkzaamheden gerealiseerd kan worden. Dit uitgangspunt geven wij aan alle GR-en mee en zal ook met de verschillende deelnemende gemeenten worden opgepakt. Financiën: Op basis van de ontwerpbegroting 2025 bedraagt de bijdrage 2025 € 659.895. In vergelijking met 2024 een stijging met € 13.358. Voor zover deze stijging voortkomt uit loon- en prijsstijging vindt dekking plaats uit de betreffende stelposten binnen onze begroting (€ 10.129). Ten laste van het begrotingssaldo komt een bedrag van € 3.229 en dat betreft de reservering voor AHA, onze bijdrage in het afgesproken ingroeitraject voor invoering van de nieuwe kostenverdeelmethode minus het effect OOP.
Op basis van de bestaande kostenverdeelmethode zou de gemeentelijke bijdrage € 39.660 hoger uitvallen en de gemeente Beekdaelen is daarmee voordeelgemeente bij de inwerkingtreding van de nieuwe kostenverdeelmethode. Omdat er een tweejarig ingroeimodel is afgesproken van 50% - 100% dient daarvan in het 1e jaar de helft (€ 19.830) te worden bijgedragen ter compensatie van de nadeelgemeenten. Met de extra kosten voor de doorontwikkeling van het samenwerkingsportaal vanaf 2025 was al rekening gehouden in onze begroting 2024. Conform de gebruikelijke begrotingssystematiek van de gemeente Beekdaelen worden in de begroting constante prijzen opgenomen. Beleidsmatige ontwikkelingen binnen de begroting van BsGW (incl. addendum) In onderstaande tabel is het bovenstaande cijfermatig weergegeven voor de komende begrotingsjaren bijdrage ontwerp begroting 2025 af: opbrengst vervolgingskosten bij: maatwerk extra container maatwerk rioolheffing ingroei voordeel nieuwe KVM af: vervallen tijdelijke formatie-uitbreiding af: effect OOP (addendum) totaal bijdrage
2025
2026
2027
2028
670.797
670.797
670.797
670.797
-33.858
-33.858
-33.858
-33.858
6.175 16.928
6.175 16.928
6.175 16.928
6.175 16.928
19.830
0
0
0
0 -19.977
0 -24.971
-4.000 -29.965
-4.000 -32.462
659.895
635.071
626.077
623.580
6
beschikbaar huidige meerjarenbegroting
646.537
646.537
642.993
642.993
verschil
13.358
-11.466
-16.916
-19.413
inzet stelpost loon- en prijsstijging Inzet saldo begroting Toevoegen aan saldo begroting
10.129
10.129
10.129
10.129
-21.595
-27.045
-29.542
3.229
De financiële gevolgen worden meegenomen bij de samenstelling van de kadernota 2025 en de begroting 2025 en volgende jaren. Conform de gebruikelijke begrotingssystematiek van de gemeente Beekdaelen worden in de begroting constante prijzen opgenomen. Beleidsmatige ontwikkelingen binnen de begroting van BsGW (incl. addendum) zoals de oplopende effecten OOP en het vervallen van tijdelijke formatie-uitbreidingen worden uiteraard wel verwerkt in onze conceptbegroting. Vervolgtraject en verantwoording: Het dagelijks bestuur van BsGW zal de begroting en meerjarenraming aanbieden ter vaststelling aan het algemeen bestuur in haar vergadering van 27 juni 2024. De zienswijzen van de deelnemers en de reactie daarop van het dagelijks bestuur worden meegestuurd naar het algemeen bestuur. Het dagelijks bestuur zendt de definitief vastgestelde begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029 vóór 15 juli 2024 aan Gedeputeerde Staten. Communicatie: Na de raadsvergadering waarin de raad de mogelijkheid heeft om ten aanzien van voorliggende begroting haar wensen en bedenkingen kenbaar te maken worden deze formeel gedeeld met het Algemeen Bestuur van de BsGW. BsGW heeft gevraagd om een eventuele zienswijze uiterlijk 31 mei a.s in te dienen. De behandeling van voorliggende stukken kan echter niet eerder plaatsvinden dan in de raadsvergadering van 11 juni a.s.
Vooruitlopend op de behandeling in de raadsvergadering is BsGW in kennis gesteld van het advies van de commissie B&M van 29 mei. Bijlage: Meegestuurd: 1. Concept raadsbesluit ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026–2029 BsGW; 2. Concept brief aan BsGW waarin instemming en zienswijze zijn opgenomen; 3. BsGW: Aanbiedingsbrief kadernota 2025; 4. BsGW: kadernota 2025; 5. BsGW: bijlagen bij de kadernota 2025; 7
6. BsGW: aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029; 7. BsGW: ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2029 incl. bijlagen; 8. BsGW: brief addendum ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2029; 9. BsGW: addendum ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026 – 2029. Ter inzage gelegd: Niet van toepassing Burgemeester en wethouders van Beekdaelen, De secretaris,
De burgemeester,
Mevr. Mr. S.M.J. Troisfontaine
Dhr. ing. E. Geurts
8