CConstaterende datBeekdaelen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel IBOR-beleidsplan

Raadsvergadering 1 februari 2022, gemeente BeekdaelenBij agendapunt: Voorstel inzake IBOR-beleidsplan3.544 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp: IBOR - beleidsplan

Vergaderdatum:

1 februari 2022

Registratienr:

Z/21/164149 288136

Portefeuillehouder:

J. Quadvlieg – van Dam

Steller:

Velderman, Bert (Beekdaelen)

Aan de Raad Voorstel: In te stemmen met 1.Het kiezen voor het integraal beleidskader dat voldoet aan de ambities van het raadsbrede programma (scenario 1) 2.Het IBOR-beleidsplan vast te stellen met een looptijd van 5 jaar 3.Het achterstallig onderhoud wegen in 4 jaar tijd terug te dringen naar 0% en deze hierop te consolideren onder inzet van de voorziening wegen. 4.Het restant op de reserve ‘in afwachting van harmonisatie van beleid’ dat is bedoeld voor wegen ad € 531.272 te laten vrijvallen en ten behoeve van het achterstallig onderhoud toe te voegen aan de voorziening wegen 5.De reserve masterplan Schinveld ad € 772.455 te laten vrijvallen en ten behoeve van het achterstallig onderhoud toe te voegen aan de voorziening wegen 6.Het wegenbeheerplan vast te stellen. 7.De extra exploitatiekosten als gevolg van areaal uitbreiding bij de aanvraag van het investeringskrediet in beeld te brengen en deze in de exploitatiebegroting op te laten nemen in het eerste jaar na overdracht. 8.Bij reeds lopende projecten, waar sprake is van areaaluitbreiding, de extra exploitatiekosten voor overdracht separaat bij te ramen. 9. Werken in de openbare ruimte in principe in te steken vanuit het motto “Integraal tenzij”. 10. Begrotingswijziging 1.1. IBOR-beleidsplan Inleiding: Wat is de aanleiding? Een groot deel van het gemeentelijk vermogen is geïnvesteerd in kapitaalgoederen.

Onderhoud en beheer van deze kapitaalgoederen zijn van belang om kapitaalvernietiging te voorkomen en de veiligheid te waarborgen. De waarde van alleen al de kapitaalgoederen in de openbare ruimte bedragen al ruim € 500.000.000., waarvan de waarde van onder IBOR vallende kapitaalgoederen circa € 395.000.000 bedragen. Met het beheer en onderhoud van onze wegen, bruggen, openbaar groen, openbare verlichting is een grote inzet van middelen gemoeid. Bij het bepalen van een beheerstrategie voor de openbare ruimte kunnen we niet om integraal en gebiedsgericht werken heen. Elk gebied of elke functie vraagt een ander kwaliteitsniveau en een andere aanpak. Het beheer en onderhoud heeft invloed op de kwaliteit van de openbare ruimte. Als dat op elkaar afgestemd wordt, betekent dat, dat de burger de kwaliteit van de openbare ruimte als beter ervaart. Bovendien worden daardoor de beheerkosten lager. Om die integrale aanpak te borgen in de toekomst is een sequentiële afstemming van de technische levensduur van de hoofdbeheergroepen noodzakelijk, waarin aangenomen moties flexibel kunnen worden ingepast. Wat is het bestaand beleid c.q. kader? 1

Het uitgangspunt voor de herijking van een integraal beleidsplan openbare ruimte zijn de reeds in 2019 en 2020 door de Raad vastgestelde geharmoniseerde of algemene beleidsvisies en plannen t.a.v. Groen, Verkeer, Water, Wegen, Openbare Verlichting en dergelijke. In een schematisch overzicht ziet dit er als onderstaand uit.

Op grond van artikel 21 van de Grondwet, de Gemeentewet en op grond van bijzondere/specifieke wetgeving heeft de gemeente een zorgplicht als het gaat om de openbare ruimte. De gemeente heeft, in eerste instantie als eigenaar, het beheer over openbare zaken. Ook als de gemeente geen eigenaar is van de zaak met een publieke bestemming, voert zij toch het beheer hierover. Kortom: de zorg voor een schone, veilige en goede hele openbare ruimte is ónze taak. Op grond van de Gemeentewet en het daaruit voortvloeiende Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) dient de gemeente de financiën binnen de gemeente op orde te hebben. Daaronder vallen ook de investeringen wat betreft de openbare ruimte. In de beleidsbegroting en het jaarverslag moet dan ook de paragraaf kapitaalgoederen opgenomen worden over het onderhoud van wegen, riolering, water, groen en gebouwen.

Welke vijf sporen kunnen een schone en veilige openbare ruimte borgen Om die veilige en schone openbare ruimte te kunnen borgen heeft de ambtelijke organisatie naast (kwaliteits)kaders van de Raad met daarbij behorende middelen, “de basis op orde” (achterstallig onderhoud wegen), de areaalwijziging, integrale aanpak projecten en projectmanagement formatie nodig om het beheer en onderhoud van de Openbare Ruimte op het door de Raad gewenste niveau te brengen en te houden, om daarmee invulling te kunnen geven aan zowel de maatschappelijke als economische waarden, waarden die van belang zijn voor onze gemeente, alsook de leefbaarheid en het woonplezier. 1. Beleidsplan / beleidskader IBOR Er is in de gemeente Beekdaelen veel areaal te beheren. Om de eigenheid van de verschillende gebieden recht te doen, is er een onderverdeling gemaakt in de verschillende gebieden met een eigen karakter.

2

Voor de gewenste beeldkwaliteit niveaus wordt gebruik gemaakt van de door het CROW ontwikkelde systematiek van beeldkwaliteit, waarbij output gericht gestuurd wordt op een kwaliteit die inwoners kunnen herkennen. Het concept IBOR-beleidsplan is als bijlage toegevoegd. In dit concept beleidsplan wordt nader ingegaan op de aanleiding, het wettelijk kader, de waarden in en van de openbare ruimte, de beheerstrategie, functionele gebieden, areaal en waarde, huidige kwaliteit, huidige begroting en kosten vervanging & financieringsmethodiek. Op basis van een voor de gemeente Beekdaelen ontwikkelt Dynamisch Kwaliteit Model Openbare Ruimte kunnen de financiële effecten van de diverse beeldkwaliteiten in beeld worden gebracht door aan de figuurlijke knoppen te draaien. Hiermee kan meer inzicht gekregen worden in de cyclische kosten van onderhoud en de gemiddelde rehabilitatiekosten. De basisgegevens (het areaal) die gebruikt zijn komen uit de beheerbestanden van het Gegevenshuis (peildatum 1-12021). Voor de verkeersborden en straatnaamborden is een inschatting gemaakt op basis van het aantal wegen in de gemeente. De matrix die het meest aansluit bij het brede raadsprogramma van 2019 en invulling geeft aan de motie inzake fiets- en wandelpaden is onderstaand weergegeven met de daarbij behorende onderhoud en rehabilitatie budgetten.

Het ware voor de hand liggend aan de raad te adviseren voor dit scenario (1) te kiezen. Volledigheidshalve wordt hierbij opgemerkt dat de rehabilitatiebudgetten worden geraamd via aparte kredietvoteringen. Scenario 1

In beschouwing genomen waaraan de gemeente vanuit haar zorgplicht minimaal moet voldoen is weergegeven in het onderstaande scenario (2), het zogenaamde wettelijk minimum.

3

Scenario 2

Dit onderhoudsniveau is echter niet te adviseren, aangezien deze met name bij groen en reiniging gelijk waarneembaar en merkbaar zijn voor de directe omgeving en veel inspanning en kosten met zich meebrengen als naar verloop van tijd voor een hoger niveau gekozen wordt. 2. Basis op orde - Achterstallig onderhoud wegen Tijdens de raadsvergadering van 27 oktober 2020 heeft de raad het geharmoniseerde beleid o.a. wegen vastgesteld. Bij de harmonisatie is vastgesteld dat het onderhoud wordt uitgevoerd conform de CROW-normen op kwaliteitsniveau C – Sober. De verhardingen binnen de gemeente zijn in 2020 geïnspecteerd en op basis van deze inspectie is een beheerplan wegenonderhoud 2021-2025 opgesteld. In het 2e kwartaal van 2021 heeft een toetsing van dit beheerplan in de vorm van een onafhankelijke inspectie- en maatregelentoets plaatsgevonden, met als resultaat dat de inhoud van het beheerplan juist is. Het concept wegenbeheerplan is toegevoegd als bijlage. Uit het beheerplan wegen, dat is toegevoegd bij dit voorstel, blijkt dat er veel verhardingen binnen de gemeente zijn die niet voldoen aan dat niveau. Er is zelfs bij 11% van het hele verhardingsoppervlak sprake van achterstallig onderhoud. (Lager dan niveau C). Bij 2,6 % is sprake dat deze binnen 2 jaar doorschuift naar kwaliteitsniveau D (achterstallig). Deze achterstand komt vooral voor bij de asfaltverhardingen.

Om de veiligheid voor de gebruiker te garanderen en om kapitaalsvernietiging door onvoldoende onderhoud te voorkomen is de gemeente volgens de BBV verplicht om de achterstanden in onderhoud van haar kapitaalsgoederen weg te werken. De Provincie Limburg gedoogd voor korte tijd een achterstand van 5%. Om de totale onderhoudsopgave van 13,6% de komende twee jaar terug te brengen naar 5% is in totaal € 5.084.000 nodig voor onderhoud aan de verhardingen. Voor de periode 2024 – 2025 is € 5.318.000 nodig om deze verder terug te brengen, waarna de jaarlijkse onderhoudsopgave bijgehouden kan worden geconsolideerd wordt op 0%. 1 Ter dekking van een aantal projecten die vallen onder het zogenaamde ‘masterplan Schinveld’ is een

ISV3 (Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing 3) subsidie ingediend. Betreffende middelen zijn toegevoegd aan de reserve ‘masterplan Schinveld’. Het masterplan omvat de projecten Ontwikkeling Brede school, sloop schoolgebouw De Belboom, herontwikkeling schoolgebouw De tweesprong, hergebruik schoolgebouw De Schatkist, herontwikkeling hoek Rabobank en verbetering en versterking van de woon- en verblijfsomgeving ivm sloop flat Chrysantenstraat. Al deze projecten zijn gerealiseerd en deels ten laste gebracht van de bruteringsreserve. Het vorenstaande betekent dat de reserve masterplan Schinveld kan vrijvallen. 4

Naast de achterstanden heeft 13,4% van alle verhardingen het minimum kwaliteitsniveau C. Deze verhardingen zullen de komende jaren verder zakken naar een achterstandsniveau (D). Er is een voorziening Wegen beschikbaar van € 2.432.820,--. Daarnaast wordt de raad voorgesteld om een bedrag van € 531.272 van de reserve ‘in afwachting van harmonisatie van beleid’ te laten vrijvallen en toe te voegen aan de voorziening wegen. Ook wordt voorgesteld het in de reserve ‘masterplan Schinveld’ resterende bedrag ad € 772.455 toe te voegen aan de voorziening wegen1. Na de diverse dotaties bedraagt de voorziening € 3.736.547. Om de kwaliteit van het gemeentelijk wegennet in lengte van jaren te waarborgen zullen delen hiervan, die aan het einde van hun levensduur zijn gekomen, volledig moeten worden vervangen. Hierbij wordt een integrale aanpak nagestreefd. Op dit moment is het GRP hierbij in het algemeen in de lead, waarbij voor de blauwe aderprojecten is besloten om 30% van het investeringsbedrag ten laste te brengen van wegen. Met behulp van de beheermodule wegen kan op basis van de ouderdom van het gemeentelijk wegennet een meerjaren vervangingsoverzicht worden opgesteld en hieruit kan samen met de herziening van het GRP in 2024 en het uitvoeringsplan Verkeer een Meerjaren Investeringen Programma (MIP) voor de Openbare Ruimte worden opgesteld.

De kosten van de investeringsprojecten kunnen worden geactiveerd en overeenkomstig de afschrijvingstermijnen uit Financiële Verordening worden verrekend. 3. Areaal wijziging Het areaal in de openbare ruimte wordt gevormd door o.a. voet- en fietspaden, wegen voor gemotoriseerd verkeer, pleinen, riolen, waterpartijen, groenvoorzieningen. Dit areaal is jaarlijks aan kleine en grotere wijzigingen onderworpen, als gevolg van uitbreiding (bijvoorbeeld de Gijzelaar) overdracht (nieuwe wegen e.d. i.h.k.v. de BPL). Deze voor de gemeente nieuwe openbare ruimte brengt ook extra kosten voor het beheer en onderhoud met zich mee. Niet direct in de volle breedte, maar door de in Nederland gangbare systematiek van de CROW moeten de budgetten in het jaar volgend op de overdracht van de uitbreiding worden opgehoogd. Het meest transparant is het om de uitbreiding van de beheer- en onderhoudskosten (exploitatiebudget) bij de aanvraag van het investeringskrediet aan de raad voor te leggen. Dit kan ook toegepast worden als delen van het areaal worden vervreemd, waardoor er minder beheer- en onderhoudskosten ontstaan. Areaal uitbreidingen die de komende jaren te verwachten zijn, zijn bijvoorbeeld het gevolg van overdracht onderdelen BPL, de ontwikkeling “De Gijzelaar”, Bekerpark te Schimmert en park Etzenrade.

Alleen al voor de BPL en de Gijzelaar is een verhoging van het cyclische beheer en onderhoud budget nodig van circa € 100.000,--.

5

4. Integrale (projectmatige) aanpak Het werken in de openbare ruimte zal moeten worden ingestoken vanuit het motto “Integraal tenzij”. Het is de bedoeling dat deze wijze van benaderen de komende jaren steeds verder gaat groeien, met de intentie om in 2024 bij de begroting 2025 een eerste Meerjaren Investeringen Programma (MIP) voor de Openbare Ruimte te presenteren, dat dan ook impliciet of expliciet kan worden vastgesteld door het college en de raad. Bij het uitgangspunt om integraal te werken worden de meerjarenplanningen van de verschillende vakdisciplines samengevoegd. Zo worden er projecten geformuleerd, waarbij sprake is van het zogenaamde ‘werk met werk maken’. Het kan ook betekenen dat opnieuw moet worden geprioriteerd of omwille van de integrale afstemming moet worden geschoven met planningen. Wel aan de voorkant van een project. Om dit gedachtengoed te bewerkstelligen is er binnen de afdeling Ruimte een 4wekelijks overleg met vertegenwoordigers van alle relevante vakdisciplines, waarin werkzaamheden die opgepakt gaan worden de revue passeren om zodoende af te stemmen, te (her-) prioriteren en integraal op te pakken. Op projectniveau worden dan “projectteams” met een projectverantwoordelijke benoemd om de integrale aanpak te borgen. 5.

Projectleiding Integrale Beheerprojecten Openbare Ruimte Om de integrale aanpak van beheerprojecten in de openbare ruimte en het projectmatig werken in de openbare ruimte op een hoger niveau te brengen en te houden en hierdoor ook de kwaliteit te verbeteren, wordt passend binnen de organisatieontwikkeling gebruik worden gemaakt van een matrix samenwerking. Dit om mede invulling te geven aan vermindering van inhuur op projecten, en daarnaast om kwaliteitsverbetering, kostenbesparing, professionalisering van projectmatig werken te kunnen bewerkstelligen. Aan welke global goals draagt dit voorstel bij? Goede Gezondheid en Welzijn (3) Door een beweegvriendelijke openbare ruimte, goede fiets netwerken, groene buitenruimte en sociaal veilige openbare verlichting. Industrie, Innovatie en Infrastructuur (9) Door een kwalitatief goede openbare ruimte, goede bereikbaarheid en toegankelijkheid en de identiteit en aantrekkelijkheid van Beekdaelen. Duurzame steden en gemeenschappen (11) Door bij de aanleg en herinrichting van de openbare ruimte zoveel mogelijk duurzaamheid en functionaliteit te combineren. Verantwoorde Consumptie en Productie (12) Door toepassing van circulaire en giftvrije materialen en verspilling tegen gaan.

Klimaatactie (13) Door rekening te houden met de negatieve effecten van de klimaatverandering bij de inrichting, herinrichting of reconstructie van de openbare ruimte. 6

Partnerschap om doelstellingen te bereiken (17) Door bewoners, bedrijven en andere (belangen) organisatie te laten participeren en te betrekken bij datgene wat er in de openbare ruimte gebeurt. Argumenten: Wat willen wij bereiken? Vanuit de wettelijke zorgplicht die de gemeente heeft voor de openbare ruimte willen we binnen 5 jaar de openbare ruimte op het door de Raad gewenste niveau brengen en houden om daarmee invulling te kunnen geven aan zowel de maatschappelijke als economische waarden, waarden die van belang zijn voor onze gemeente, alsook de leefbaarheid en het woonplezier bevorderen. Wat gaan wij ervoor doen? Om het doel te bereiken zullen er meerdere stappen gezet moeten worden, te beginnen met het door de raad vast te laten stellen van het beleidsplan IBOR (1), waarmee de noodzakelijke kaders met de daaraan gekoppelde middelen worden vastgelegd. Na de vaststelling van de kaders zullen een aantal parallelle sporen moeten worden opgepakt, te weten: 2. De basis op orde brengen door het achterstallig onderhoud in het wegbeheer in 2022 – 2023 (van 11 % naar 5%) en in de twee jaren daarna terug te brengen naar 0% achterstand. Met deze aanpak kan de Provincie Limburg als toezichthouder zal kunnen instemmen. 3.

In 2024 zal een Meerjaren Investerings Programma worden opgesteld voor de openbare ruimte en als bijlage van de programmabegroting 2025 worden gepresenteerd aan de raad. Hierdoor wordt aan de raad transparanter gemaakt waar projecten in de openbare ruimte tegen welke kosten worden opgepakt. Deze wijze van werken zal zich ook positief uitwerken op de afstemming intern en met derden. 4. Bij de aanvraag van een investeringskrediet aangeven wat de financiële consequenties zijn voor de exploitatiebudgetten t.b.v. de openbare ruimte. 5. De integrale (projectmatige) aanpak door ontwikkelen en versterken, ook over de grenzen van de afdeling Ruimte. Kanttekeningen en risico’s: Wat zijn de risico’s? 1. Door het niet vast laten stellen van kwalitatieve kaders voor de verschillende beheergroepen en de functionele gebieden in hun samenhang door de raad blijft het risico op sectorale aanpak en stokpaardjes aanwezig. 2. Door onvoldoende snel het achterstallig onderhoud wegen op te pakken is er een risico aanwezig dat de Provincie Limburg als toezichthouder zwaardere middelen gaat inzetten in de richting van de gemeente. 3. Door niet te werken met een Meerjaren Programma is de kans op ad hoc afstemming en missers in de afstemming intern en extern reëel aanwezig. 4.

Door niet de financiële consequenties voor het beheer en onderhoud in beeld te brengen als onderdeel van het investering besluit, zullen de beheerteams geconfronteerd worden met tekorten en is het college en de raad niet volledig geïnformeerd over het totale financiële impact voor de gemeente. 5. Door de integrale (projectmatige) aanpak niet met voorrang door te ontwikkelen en te versterken bestaat er een reëel risico dat de ambtelijk en 7

bestuurlijk opdrachtgever onvoldoende geïnformeerd zijn over de voortgang c.a. en zal de integrale aanpak een stille dood sterven. 6. Het met het dynamisch kwaliteit model openbare ruimte berekende middelen voor de hoofdbeheergroep Groen, komen overeen met de benodigde middelen conform het 5-jarig groenbestek. 7. Zoals aangegeven wordt voorgesteld de reserve masterplan Schinveld te laten vrijvallen en toe te voegen aan de voorziening wegen. De ISV3subsidie, die is gebruikt om de reserve te voeden, is ingediend inclusief een goedkeurende verklaring van de accountant. Formeel is deze nog niet beschikt. Wat is het draagvlak voor dit voorstel? Bij de totstandkoming van het IBOR-beleidsplan, de aanpak achterstallig onderhoud en het integraal werken is in de periode van januari tot en juli aan de raads- en commissieleden de mogelijkheid geboden om tijdens een vijftal klankbordgroepbijeenkomsten dieper en breder inzicht te krijgen in de materie en de (financiële) consequenties van de te maken keuzes. Financiën: Wat zijn de financiële consequenties? In de onderstaande tabel is aangegeven welke gevolgen het voorstel heeft op de exploitatie van de gemeente. Bij die becijferingen dient te worden bedacht dat de voorziening wegen, die na de aanvullingen zoals beschreven in dit voorstel € 3.736.547,-- bedraagt, helemaal wordt ingezet voor het achterstallig onderhoud.

Omschrijving Wegen civ kunstwerken groen

Budget

Nodig

Tekort

2.358.647 2.180.000

178.647

106.000

107.434

-1.434

1.505.819 1.693.150 -187.331

Verlichting en VRI

170.000

169.150

Reiniging

412.975

571.276 -158.301

Terreinmeubilair

66.840

79.700

Totaal

850 -12.860

4.620.281 4.800.711 -180.430

Het tekort bedraagt ruim € 180.000,--. Van het tekort op reiniging heeft een bedrag van € 119.500,-- betrekking op straatreiniging. Volgens het vigerende beleid worden die kosten voor 50% gedekt door inzet van het rioolfonds en voor 30% uit afvalstoffenheffing. Hierdoor daalt het bedrag van het tekort met € 95.600,-- tot € 84.830,--2. Daarnaast kan het budget dat in de begroting is opgenomen voor ‘knelpunten groenvoorzieningen’ met een bedrag van € 34.830,-2 In het jaar 2022 kunnen de kosten van straatreiniging niet ten laste gaan van de rioolheffing

of van de afvalstoffenheffing aangezien die heffingen al zijn vastgesteld. Verwacht wordt echter dat in het jaar 2022 nog een onderuitputting is op de budgetten die verband houden met het ibor omdat veel werken nog op de markt dienen te worden gezet. Die wordt gedurende het jaar nauwlettend gevolgd. Daar waar nodig wordt het budget 2022 alsnog eenmalig bijgesteld. 8

zakken als gevolg van het feit dat in de begroting 2022 is ingestemd met een kapitaalinjectie voor groot onderhoud beplanting. Die kapitaalinjectie zal er naar verwachting voor zorgen dat zich minder knelpunten voordoen. Het dan nog resterende tekort van € 50.000,-- kan de komende vijf jaar worden afgedekt door inzet van de middelen die in de begroting beschikbaar zijn voor de voorloopkosten van de agenda 2023. De aanbesteding van het groen draagt immers bij aan het principe van zelfsturing. In navolging van de visie Beekdaelen B(l)oeit is de aannemer een actieve rol toebedeeld op het gebied van burgerparticipatie. Uit de resultaten van de drie pilots in 2021 blijkt dat de aannemers hier actief een invulling aan kunnen geven, waarbij reeds een aantal kleinschalige activiteiten zijn uitgevoerd. Vervolgtraject en verantwoording: Wat gaat er gebeuren na vaststelling van dit voorstel? 1. Informatiebijeenkomst voor raadsleden en commissieleden op 11 januari 2022 2. Behandeling in de commissie ruimte op 20 januari 2022 3. Raadsvoorstel voorleggen aan de Raad op 1 februari na behandeling in de commissie Ruimte. Na de vaststelling door de raad zullen een aantal parallelle sporen opgepakt moeten worden 4. Beheerplannen en bestekken worden voor 2023 afgestemd op het door de raad vastgesteld beleidskader. 5.

Voor het wegwerken van het achterstallig onderhoud wordt met prioriteit een meerjarig contract opgesteld. 6. In kaart brengen vervangingsopgave wegen na het wegwerken van het achterstallig onderhoud in de jaren 2022 t/m 2025 7. Meerjaren Investering Programma Openbare Ruimte op basis van het GRP, uitvoeringsprogramma Verkeer en de vervangingsopgave wegen gelijktijdig met herziening GRP. 8. Eenmalige reparatie van de beheerbudgetten voor de areaalwijziging uit voorgaande jaren, die geen onderdeel zijn van het te beheren areaal. Wordt er een evaluatie uitgevoerd? Aangezien de effecten bij meerdere hoofdbeheergroepen niet overal direct meetbaar zijn, wordt voorgesteld om in 2024 een tussentijdse evaluatie te doen op basis van de inspectiegegevens en fixi-meldingen en in 2026 een bredere beleidsmonitor uit te voeren. Communicatie: Hoe en met wie wordt er gecommuniceerd? Na vaststelling van het beleidskader c.a. door de Raad via een artikel in de “Beekdaeler” en een publiekvriendelijke communicatie via de site van de gemeente Beekdaelen. De gebiedsfunctiekaarten zijn door de raad op 15 december 2020 vastgesteld Meegestuurd: Alle stukken zijn meegestuurd met het voorstel

9

Bijlage: 1. Concept raadsbesluit IBOR beleidsplan 2. Concept IBOR beleidsplan Beekdaelen 3. Concept Beheerplan Wegenonderhoud 2021 t/m 2025 Gemeente Beekdaelen 4. Gebiedsfunctiekaart (1) 5. Gebiedsfunctiekaart (2) 6. Gebiedsfunctiekaart (3) 7. Gebiedsfunctiekaart (4) 8. Gebiedsfunctiekaart (5) 9. Gebiedsfunctiekaart (6) 10. Begrotingswijziging 1.1 IBOR-beleidsplan De gebiedsfunctiekaarten zijn door de raad op 15 december 2020 vastgesteld Meegestuurd: Alle stukken zijn meegestuurd met het voorstel Burgemeester en wethouders van Beekdaelen, De loco-secretaris,

De burgemeester,

Mevr. Mr. S.M.J. Troisfontaine

Dhr. ing. E. Geurts

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beekdaelen&id=b4c52d49-e670-4c71-be81-7c6c6b806f98