CConstaterende datBeekdaelen
Koppel je AI →
Document · PDF

MvA VG cie FLO B3

Raadscommissie Fysieke Leefomgeving 5 februari 2026, gemeente BeekdaelenBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake: Leefbaarheidsfonds AWACS1.109 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMORIE VAN ANTWOORD Memorie van Antwoord m.b.t. gestelde vóórvragen ex. artikel 10 van de “Verordening op de raadscommissies en beeldvormende-, informatieve- en opiniërende bijeenkomsten Beekdaelen 2023” van de raadsfractie Vernieuwingsgroep ten aanzien van het agendapunt B.3 Raadsvoorstel inzake Leefbaarheidsfonds AWACS ter behandeling in de raadscommissie FLO van 5 februari 2026.

Vraag 1: Blz. 2: Als tweede prioriteit wordt aangegeven: het verbeteren van de omgevingskwaliteit van de gebouwde omgeving. Kan deze prioriteit nader gespecificeerd worden? Antwoord: De betreffende brede formulering is door de zogenoemde verkenner, die destijds de gesprekken tussen ministerie en gemeenten begeleidde in het proces om te komen tot de afspraken op hoofdlijnen, gebruikt en dient om zoveel mogelijk comfort en ruimte te bieden voor de besteding van de gelden. De relatie met het verbeteren van de gebouwde omgeving waarbij de leefbaarheid een positieve impuls kan worden gegeven, is daarbij aangegeven en is uitgangspunt bij punt 2 van de bestedingsrichtingen. Hierbij is door ons destijds bewust rekening gehouden de ontwikkelingen (die op dat moment in een “startfase” waren) in het centrum van de kern Schinveld waarbij er ook nog geen heel concrete bestedingsrichtingen voorlagen. Overigens is en was voor partijen daarbij uitdrukkelijk het uitgangspunt dat het fonds ten gunste moet kunnen komen van de leefomgeving van zoveel mogelijk mensen. Zie verder beantwoording vraag 2.

Vraag 2: Blz. 2: U geeft aan dat het toekomstige fonds niet inzetbaar is voor bewonersinitiatieven of initiatieven van verenigingen of stichting die betrekking hebben op de publieke/openbare ruimte. Hoe beoordeelt u het gegeven dat het aanplanten van bomen een effectieve geluiddempende maatregel kan zijn voor de directe woonomgeving en zouden burgerinitiatieven hierop gericht niet toch ondersteund kunnen worden?

Antwoord: Het fonds richt zich, zoals aangegeven, op gebiedsgerichte projecten van gemeenten en samenwerkende organisaties met betrekking tot buurt, wijk en kerngerichte aanpak. De betrokken partijen streven ernaar dat het fonds zo doelmatig mogelijk wordt beheerd. De achterliggende gedachte hierbij is ook dat wij geen onnodige beheerlasten, nieuw overlegforum of aparte specifieke regeling rond het fonds wil laten ontstaan. Een systeem van “inschrijving” met projecten die, hoewel ze kunnen bijdragen aan gestelde doelen, maakt dat deze beheerlasten en het inrichten van een governance of structuur om hiermee om te gaan, niet als effectief wordt gezien door de gemeenten. Hierbij speelt ook voor Beekdaelen nadrukkelijk de overweging dat via de weg van de inrichting van de gebouwde omgeving (met bijvoorbeeld ook meer groen) in het masterplan Schinveld, er uiteraard al goede mogelijkheden bestaan om onderwerpen of goede ideeën zoals wordt aangegeven te betrekken in dit plan. Zo doende kunnen deze onderdeel gaan uitmaken van een gedragen financieel plan (met bijdrage uit het leefbaarheidsfonds). Dit willen wij wel bezien in deze brede context van de ontwikkelingen van dit masterplan en de behoeften voor de kern Schinveld (gemeenschapsvoorziening, ander gebruik voormalig gemeentehuis etc.).

Daarbij biedt de ingerichte structuur rond het project masterplan Schinveld naar onze mening het juiste instrument om ook ideeën zoals door u in uw vraag naar voren gebracht, te betrekken.

Vraag 3: Blz. 3: Wat betekent “nodig geoordeeld om een formele stap hierin nader te bepalen”? Wie beslist uiteindelijk? Antwoord: De vaststelling van de afspraken op hoofdlijnen markeert de start van een proces waarbij de betrokken partijen in een nieuwe, gezamenlijke aanpak zich willen verdiepen in elkaars belangen en zo te komen tot wederzijds begrip. In goed overleg willen de partijen ook de besteding van de gelden bespreken. Daarbij is het, ook voor Defensie, evident dat de gemeenten het beste zicht hebben op waar de gelden, rekening houdend met de brede kaders, voor kunnen worden ingezet. Ook wordt rekening gehouden met de verantwoording die defensie heeft te geven over de verstrekte gelden. In de bestuurlijke overleggen worden de ideeën en voornemens van de gemeenten met Defensie gedeeld. In het onverhoopte en het niet voor de hand liggende geval dat in de toekomst over de nadere bestedingsrichting resp. gemeentelijke toekenning van gelden geen gelijk beeld bestaat, zullen wij als gemeente ons eigen plan hierin trekken, gehoord de eventuele andersluidende argumentatie en is het aan Defensie om hierop te reageren. In de gesloten bestuursovereenkomst van 7 februari 2026 is een geschillenregeling opgenomen. Hierin staat dat bij geschillen voortvloeiend uit deze overeenkomst, partijen zich verplichten tot onderling overleg alvorens gerechtelijke stappen te ondernemen.

Vraag 4: Blz. 4: Zowel m.b.t. prioriteit 2 als 3 zijn in de diverse contacten met het ministerie van defensie afspraken gemaakt (zie onder andere “afspraken op hoofdlijnen” van 1 juli 2024) over de deelname bij andere departementen zou lobbyen voor aanvullende financiering. In uw voorstel is aangegeven dat u niet weet wat de agenda is van het bestuurlijk over met het ministerie van defensie in Q1 2026. Zou u als agendapunt “vervolg inzake aanvullende financiering” (zie ook verslag CAL september 2025) op de agenda willen plaatsen? Te meer omdat hierover al in Q1 2025 gerapporteerd zou worden. Antwoord: Ten tijde van het vaststellen van het voorliggende raadsvoorstel was de agenda voor dit bestuurlijk overleg niet beschikbaar en in concept gereed. Het leefbaarheidsfonds is uiteraard weer een agendapunt van het bestuurlijk overleg. Het door uw genoemde “vervolg inzake aanvullende financiering” zal zeker (al dan niet als een apart agendapunt) door onze bestuurders en de bestuurder van Brunssum als gesprekspunt naar voren worden gebracht en worden besproken.

Vraag 5: Blz. 4: Communicatie is niet van toepassing. Moeten de burgers niet weten dat bekostiging van isolatie van hun woningen niet valt onder het leefbaarheidsfonds? Zijn hier geen valse verwachtingen gewekt? Antwoord: Communicatie hebben wij in het kader van dit raadsvoorstel niet van toepassing geoordeeld omdat bewonersinitiatieven rechtstreeks gerelateerd aan dit fonds, niet van toepassing zijn en hierover geen verwarring zou mogen ontstaan. Partijen, nogmaals herhaald, hebben bij de gekozen formulering en de context waarin de afspraken zijn gemaakt, beoogd en afgesproken, dat er niets verandert aan bestaande verantwoordelijkheidsverdelingen zoals die bijvoorbeeld bestaan bij geluidsisolatie van woningen van burgers. Deze verantwoordelijkheid lag en ligt bij de Rijksoverheid. Dit wijzigt niet door dit fonds. In het persbericht dat daarover is verschenen na ondertekening van de afspraken op hoofdlijnen in februari 2025 is naar onze mening niet de link te leggen voor isolatie van burgerwoningen uit dit fonds. Er zijn daarom geen valse verwachtingen gewekt. Het idee dat een bestedingsdoel van het fonds ook geluidsisolatie zou omvatten is daarna helaas wel ontstaan want wij constateren dat zowel één burger van Brunssum als één burger van Schinveld (overigens identiek en ogenschijnlijk gecoördineerde) verzoeken hiervoor hebben ingediend.

De gemeenten, nogmaals herhaald, kunnen en willen deze verzoeken niet honoreren omdat defensie voor geluidsisolatie van burgerwoningen aan de lat staat. Uw suggestie, breed opgevat, om over (de inwerkingtreding van) het leefbaarheidsfonds te communiceren, nemen wij graag in overweging.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beekdaelen&id=1e13a4a7-f889-4917-abf2-ee1255c0b6c9