CConstaterende datBeekdaelen
Koppel je AI →
Document · PDF

MvA technische vragen VG SLO B1

Raadscommissie Sociale Leefomgeving 2 september 2025, gemeente BeekdaelenBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake: "Regionaal Gezondheidsbeleid 2025 - 2030"1.159 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMORIE VAN ANTWOORD Memorie van Antwoord m.b.t. gestelde vóórvragen ex. artikel 10 van de “Verordening op de raadscommissies en beeldvormende bijeenkomsten Beekdaelen 2023” van de raadsfractie VG ten aanzien van het agendapunt B1 Regionaal gezondheidsbeleid 2025-2030 ter behandeling in de raadscommissie SLO van 2 september 2025. Raadsvoorstel

Vraag 1: Blz. 1: De afgelopen jaren zijn de gezondheidsachterstanden ten opzichte van het gemiddelde van Nederland niet afgenomen, zelfs verder toegenomen. Wat is hier de oorzaak van? En dan zoeken we vooral naar oorzaken die specifiek zijn voor ZuidLimburg. Algemene maatschappelijke ontwikkelingen gelden immers voor heel Nederland. Antwoord:

Op het moment van schrijven van de nota waren de nieuwe gezondheidsresultaten (Volwassenenmonitor 2024) nog niet bekend. Deze cijfers laten voor het eerst – voorzichtige - positieve trends in leefstijl zien. Zie ook het gezamenlijke persbericht hierover van GGD Limburg-Noord en GGD Zuid-Limburg bij de RIB Volwassenenmonitor GGD van 7 augustus 2025 (Z/25/215689 392371). Als we de specifieke oorzaken van de ZL gezondheidsachterstanden zouden kennen dan was het minder lastig de trend te breken. De oorzaken liggen waarschijnlijk in de intergenerationele overdracht van leefstijlen. Zolang het patroon van overdracht van generatie op generatie niet verandert, versterkt dit de achterstanden, zeker als in andere regio’s gezondheidswinst wordt geboekt. Toch is de ambitie om de volgende 5 jaren 25% van de gezondheidsachterstanden in te lopen.

Vraag 2: Waarom 25% en waar is dit optimisme op gebaseerd? Ook de ASD Beekdaelen (en ook andere adviesraden) acht deze 25% onrealistisch. In uw reactie hierop zegt u: we blijven onverminderd vasthouden aan deze ambitie. Onderbouwing hiervoor geeft u niet.

Antwoord:

De keuze voor een ambitieuze doelstelling van 25% vermindering onderstreept de urgentie van het probleem en stimuleert regionale samenwerking. Hoewel het streefcijfer hoog is, geeft het duidelijk richting aan waar we naartoe willen.

Vraag 3: Kunt u eens nader uitleggen waarom u aan deze ambitie blijft vasthouden? Antwoord:

Zie het antwoord op vraag 2.

Vraag 4: Kunt u ook aangeven om welke achterstanden dit gaat, of gaat dit om een algemene doelstelling? Antwoord:

Het gaat om achterstanden op alle leefgebieden waarover de GGD gezondheidsmonitoren (kind, jeugd, (jong)volwassenen en ouderen) rapporteren.

Vraag 5: Blz. 1: In tegenstelling tot het in de vorige vraag genoemde zegt u ook: ‘’We hebben afgelopen periode veel bereikt en goede stappen gezet.’’ Kunt u eens concretiseren wat er bereikt is? Antwoord:

Het programma Trendbreuk richt zich op een integrale aanpak van jeugdgezondheid, verdeeld over vijf levensfasen: van kinderwens tot jongvolwassene. Lokale coalities werken samen om kwetsbare gezinnen beter te ondersteunen. Steeds meer inwoners worden actief bereikt. De interventies rond de levensfase Kansrijke Start hebben positieve effecten zoals minder partnergeweld en kindermishandeling, minder roken tijdens de zwangerschap en na de bevalling en meer borstvoeding door vrouwen tot 6 maanden na de bevalling. Voor meer informatie zie Voortgangsrapportage Trendbreuk Zuid-Limburg 2024 | Trendbreuk Zuid-Limburg

De impact van Trendbreuk blijkt ook uit de tweede effectmeting door de Provincie Limburg Advies SAL_check.pdf: de gezondheidsachterstanden in Zuid-Limburg verslechteren niet verder ten opzichte van Nederland. Regionaal gezondheidsbeleid 2025-2030: Gezondheid nu voor later. Blz. 11, figuur 1. Uit deze figuur blijkt dat de determinanten van gezondheid uiteengelegd kunnen worden in fysieke, biologische, psychologische en sociale factoren. Fysiek (omgeving): 7%; Biologisch (genetica): 22%; psychologisch (gedrag): 36% en sociaal (sociale omstandigheden en zorg): 35%. Toch ziet u het positieve gezondheidsmodel van Huber als onderlegger voor het regionaal gezondheidsmodel, terwijl toch dit model zich richt op het individu en in dit model de

nadruk ligt op individualisering van de verantwoordelijkheid voor je gezondheid (‘vermogen om met fysieke, emotionele en sociale uitdagingen om te gaan en zelf de regie te voeren’). Figuur 1 laat zien dat ook de fysieke en sociale omgeving belangrijke determinanten van gezondheid zijn.

Vraag 6: Behoeft het model van Huber geen aanvulling? Antwoord:

Het Huber-model (‘positieve gezondheid’) vormt het uitgangspunt maar wordt in het gezondheidsbeleid – terecht - aangevuld met aandacht voor leefomgeving, sociale relaties en fysieke context (pagina 11). Zo ontstaat een integrale benadering waarin beide modellen elkaar versterken.

Vraag 7: Is het model uit figuur 1 geen betere onderlegger? Temeer ook omdat u zelf met pijler 4 aandacht vraagt voor de gezonde leefomgeving? Antwoord:

Zie het antwoord op vraag 6 Algemeen Aansluitend bij de constatering dat de gezondheid in onze regio eerder meer dan minder achterloopt bij het Nederlands gemiddelde het volgende. Recent onderzocht Tom Marell uit Brunssum waarom inwoners uit Parkstad weinig met verduurzaming hebben. Een belangrijke reden was de wrok en het wantrouwen t.o.v. de overheid van generatie op generatie doorgegeven (T. Marell. "Engaging the Excluded", Maastricht, master thesis, 2025).

Vraag 8: Zou een dergelijke houding ook niet een oorzaak kunnen zijn voor het ignoreren van gezondheidsadviezen van de overheid (mogelijk nog verergerd door de misinformatie op sociale media)? Antwoord: Naar het al dan niet gedaalde vertrouwen in de overheid is de laatste jaren regelmatig onderzoek gedaan. We denken dat het vertrouwen is gedaald Onder

Nederlanders met hbo- en wo-opleiding daalt vertrouwen in regering | Nieuwsbericht | Sociaal en Cultureel Planbureau maar over het tegendeel is ook gepubliceerd Vertrouwen in overheid gestegen, met name onder lager opgeleiden - Ipsos I&O Publiek

Vraag 9: En zou het beleid niet ook moeten inzetten op herstel van het vertrouwen in de overheid?

Antwoord:

Vertrouwen in de overheid is cruciaal bij het stimuleren van ander (gezonder) gedrag en verschilt per doelgroep. In gebieden als Parkstad is dit vertrouwen soms laag, maar overheden kunnen dit herstellen door in gesprek te gaan, transparant te zijn en inwoners actief te betrekken. Ondanks het wantrouwen zien we overigens in Parkstad ook hoopvolle leefstijlontwikkelingen (zie vraag 1). Er zijn verschillen qua gezondheid tussen onderscheiden regio’s in Zuid-Limburg en ook binnen Beekdaelen zelf zijn er verschillen per kern zichtbaar. De grotere kernen zoals Nuth en Schinveld sluiten meer aan bij het negatieve beeld van het stedelijk gebied van Parkstad, de kleinere plattelandskernen laten een positiever beeld zien. Dit betekent dat niet overal dezelfde prioriteiten moeten worden gesteld. Daarnaast komen er geen extra financiële middelen voor het uitvoeren van het gezondheidsbeleid.

Vraag 10: Dus is het niet zaak om de beperkte financiële middelen in te zetten op beleid dat het meest effectief is per kern? Antwoord:

Beleid wordt in de toekomst steeds meer gedifferentieerd uitgevoerd op basis van data (verzameld en geanalyseerd door Sofie verbindt). Kernen zoals Schinveld en Nuth hebben aantoonbaar meer gezondheidsproblemen en krijgen daarom prioriteit. Zo richt de PlusWIJken aanpak vanuit IZA zich op de kernen Nuth en Schinveld. Dit zijn de aanvullende pilotwijken (op basis van een ZonMw subsidie) die in september van start gaan. Zie ook: Eerstelijnszorg Westelijke Mijnstreek en Oostelijk Zuid-

Limburg

Vraag 11: Gaat u kiezen voor een uniforme of een gedifferentieerde uitvoering? Antwoord:

Zie het antwoord op vraag 10

Vraag 12: Is het laatste het geval, over welke gegevens beschikt u dan om keuzes te kunnen maken voor de diverse kernen in Beekdaelen als het om de uitvoering gaat? Antwoord:

Zie het antwoord op vraag 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beekdaelen&id=1c31c350-f48b-4a16-a18e-3997454b5b1b