CConstaterende datBeekdaelen
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2024

Raadsvergadering 11 juli 2023, gemeente BeekdaelenBij agendapunt: Kadernota 202410.847 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota 2024

2

Kadernota 2024

3

Kadernota 2024

Inhoudsopgave Inhoudsopgave .......................................................................................................4 1. Inleiding ..............................................................................................................5 2. Financiële ontwikkelingen ...................................................................................7 2 Algemeen .......................................................................................................8 2.1 Inventarisatie toekomstig beleid ......................................................................9 2.2 Bijstelling meerjarig perspectief begroting 2023-2027 ......................................12 2.3 Op weg naar een betere financiële positie .......................................................15 3.1 Programma 1 | Inwoners, bestuur en veiligheid..............................................17 3.1.1 Algemene ontwikkelingen...........................................................................18 3.1.2 Ontwikkelingen met directe financiële gevolgen ............................................20 3.2 Programma 2 | Sociale leefomgeving ..............................................................22 3.2.1 Algemene ontwikkelingen...........................................................................23 3.2.2 Ontwikkelingen met directe financiële gevolgen

............................................24 3.3 Programma 3 | Fysieke leefomgeving..............................................................26 3.3.1 Algemene ontwikkelingen...........................................................................27 3.3.2 Ontwikkelingen met directe financiële gevolgen ............................................29 3.4 Programma 4 | Bestuurlijke samenwerking en financiën.................................35 3.4.1 Algemene ontwikkelingen...........................................................................36 3.4.2 Ontwikkelingen met directe financiële gevolgen ............................................38 Bijlagen .................................................................................................................39 1. Begrotingsuitgangspunten ..............................................................................40 2. Financiële kaders...........................................................................................42 3. Beleidsinventarisatie per categorie ...................................................................43

4

Kadernota 2024

1. Inleiding

De kadernota vormt het startpunt van de planning & controlcyclus en beschrijft de kaders die gelden voor de begroting van het volgende jaar. Ook wordt het beleid aangekondigd dat ter besluitvorming wordt voorgelegd in de eerstvolgende begroting. De omvang van onze beleidsambities is voor een groot deel afhankelijk van de financiële positie van de gemeente. Die financiële positie laat in de jaren 2024 en 2025 positieve resultaten zien. Dat beeld kentert de jaren daarna; vanaf 2026 is sprake van tekorten. De voornaamste reden voor de tekorten is dat de gemeente vanaf het jaar 2026 minder inkomsten ontvangt uit de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Dat geldt overigens niet alleen voor onze gemeente, maar voor alle gemeenten in Nederland. Uit de Voorjaarsnota 2023 van het Rijk blijkt dat gemeenten vanaf 2026 structureel 3 miljard euro minder krijgen om hun taken uit te voeren. Daarmee is er geen toereikende structurele financiering van de taken van de gemeenten. Het spreekt voor zich dat dit effect heeft voor het voorzieningenniveau, de leefomgeving, de zorg en de ondersteuning die wij aan onze inwoners kunnen bieden. Tijdens de Algemene Ledenvergadering van de VNG is de resolutie ‘Naar een rechtvaardig, duurzaam en solide meerjarig financieel perspectief’ aangenomen.

Belangrijkste onderdeel uit deze resolutie is het voeren van overleg met het kabinet om te komen tot een rechtvaardig, duurzaam en solide meerjarig financieel perspectief voor gemeenten met specifieke verzoeken om het gemeentefonds op te hogen, de opschalingskorting te schrappen en een toereikende en stabiele indexering van het gemeentefonds om de loon-, prijs- en volumeontwikkelingen op te kunnen vangen. Het beroep dat het kabinet op gemeenten doet bij het aanpakken van de grote opgaven (zoals de klimaatopgave en de energietransitie, de stikstofcrisis, de woningnood, de opvang van vluchtelingen, de vergrijzing en de zorg voor allerlei doelgroepen) blijft onverminderd groot. Daarnaast wordt geconstateerd dat het telkens decentraliseren van taken en de gemeenten aan zet te laten zijn bij de vele opgaven, zonder afdoende financiële mogelijkheden, niet langer kan. In lijn met het advies ‘Elke regio telt’ houden wij als gemeente vast aan het uitgangspunt dat de brede welvaart in alle regio’s structureel bevorderd dient te worden. Onder deze moeilijke financiële omstandigheden kan het niet anders dan dat het te initiëren beleid beperkt is. In deze kadernota is een inventarisatie opgenomen van de beleidsaspecten die de komende periode op ons af gaan komen.

Definitieve keuzes worden bij de begroting 2024 gemaakt als ook de septembercirculaire van het gemeentefonds beschikbaar is en wellicht meer duidelijkheid is over het in gang gezette overleg met het kabinet Het spreekt voor zich dat wij daarnaast ook onze eigen beïnvloedbare begrotingsposten kritisch bekijken en waar nodig naar beneden bijstellen. Voor zover die keuzes effect hebben op kwaliteitsniveaus wordt de raad uiteraard in positie gebracht. Leeswijzer In deze kadernota wordt in hoofdstuk twee ingegaan op de beleidsontwikkelingen die de 5

Kadernota 2024

komende jaren worden opgepakt en die gevolgen hebben voor het begrotingsbeeld. Daarnaast vindt een actualisatie plaats van het begrotingsresultaat dat is gepresenteerd in de eerste burap 2023. In hoofdstuk drie wordt -tot slot- nader ingegaan op de inhoudelijke beleidsontwikkelingen. Die ontwikkelingen worden per programma beschreven.

6

Kadernota 2024

2. Financiële ontwikkelingen

7

Kadernota 2024

2 Algemeen In dit hoofdstuk beschrijven wij de ontwikkelingen die gevolgen hebben voor de financiën van de gemeente. Allereerst wordt in paragraaf 2.1 stilgestaan bij beleidsontwikkelingen met financiële gevolgen. Het betreft beleidsontwikkelingen die tot structurele of eenmalige financiële mutaties leiden. Zoals aangegeven in de inleiding betreft het slechts een eerste inventarisatie van het beleid dat op ons afkomt. Keuzes vinden plaats via aparte raadsvoorstellen en via de begroting 2024. Het geactualiseerde begrotingsbeeld wordt gepresenteerd in paragraaf 2.2 van deze nota. In paragraaf 2.3 volgt een bespiegeling van de algemene financiële positie van de gemeente en de manier waarop ervoor wordt gezorgd dat deze op termijn verbetert.

8

Kadernota 2024

2.1 Inventarisatie toekomstig beleid Deze paragraaf bevat een inventarisatie van het beleid dat de komende periode op ons afkomt. De raad confirmeert zich met het vaststellen van deze kadernota niet aan dat beleid. Besluitvorming vindt immers plaats via aparte raadsvoorstellen of via het vaststellen van de programmabegroting 2024. Per project is aangegeven in hoeverre het project bijdraagt aan de publieke waarde (één van de 6 p's van het prioriteringskader). Daartoe hebben wij, per beleidsontwikkeling, beschreven of het beleid noodzakelijk is (A), nuttig is (C) of dat sprake is van een mix van nut en noodzaak (B). Op die manier trachten wij tot enige prioritering te komen. Daarnaast is aangegeven of de betreffende beleidsinitiatieven aan de raad worden aangeboden via een apart raadsvoorstel (Rv) of via de begroting (Begr). In de donkergrijze kolommen zijn de bedragen vermeld die eenmalig van aard zijn. De licht grijze kolommen -die daar rechts van staan- vermelden de structurele kosten per jaar. De vermelde bedragen zijn in duizenden euro’s.

9

Kadernota 2024

No

Inventarisatie beleid

Jaar Doc A,B of C

§

Eenmalig Dekking (D) (E)

Netto (D-E)

2024

2025

2026

2027

Programma Inwoners, bestuur en veiligheid 1 Werkplekken

2024 Begr

A 3.1.2.

0,0

0,0

0,0

52,1

52,1

52,1

52,1

2 Datagedreven werken

2024 Begr

B 3.1.2.

142,8

0,0

142,8

0,0

0,0

0,0

0,0

3 Kinderraad

2024 Begr

C 3.1.2.

0,0

0,0

0,0

5,0

5,0

5,0

5,0

4 Onderwijshuisvesting school middengebied

2024

Rv

A 3.2.2.

1.900,0

0,0 1.900,0

0,0

0,0

0,0

0,0

5 Speelruimtebeleid

2023 Begr

C 3.2.2.

327,5

42,5

285,0

54,5

54,5

54,5

54,5

6 Beschermd wonen/ Skaeve Huse

2024 Begr

C 3.2.2.

450,0

100,0

350,0

0,0

0,0

0,0

0,0

7 Gemeenschapshuis Sweikhuizen

2024

Rv

C 3.2.2.

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

8 Uitrol pilot straatcoaches

2023

Rv

C 3.2.2.

pm

pm

pm

50,0

50,0

50,0

50,0

9 Geluidskaarten

2024 Begr

A 3.3.2.

25,0

0,0

25,0

0,0

0,0

0,0

0,0

10 Uitvoeren boomveiligheidscontrole

2024 Begr

A 3.3.2.

0,0

0,0

0,0

30,0

15,0

15,0

15,0

11 Groot onderhoud beplanting

2024 Begr

A 3.3.2.

70,0

0,0

70,0

0,0

0,0

0,0

0,0

12 Aanbesteding beheer bomen en groen sportvelden

2024 Begr

A 3.3.2.

30,0

0,0

30,0

0,0

0,0

0,0

0,0

13 Rehabilitaties wegen

2024

Rv

A 3.3.2.

0,0

pm

0,0

0,0

176,5

384,3

588,6

14 Meerjarig onderhoud culturele kunstwerken

2024

Rv

A 3.3.2.

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

15 Cofinanciering centrumplan Schimmert

2024

Rv

A 3.3.2.

250,0

0,0

250,0

0,0

0,0

0,0

0,0

16 Meerjarig onderhoudsplan gebouwen

2023

Rv

A 3.3.2.

0,0

0,0

0,0

600,0

600,0

600,0

600,0

Meerjarig onderhoudsplan gebouwen duurzaamheid

2023

Rv

C

pm

pm

pm 1.000,0 1.000,0 1.000,0 1.000,0

17 Uitbreiding standplaatsen woonwagens

2024

Rv

B 3.3.2.

320,0

0,0

18 Cofinanciering revitalisering Kern Schinveld

2026

Rv

B 3.3.2.

4.850,0

19 Vertaling Nationaal 2024 Begr Programma Landelijk Gebied naar het Limburgs programma landelijk gebied

C 3.3.2.

pm

20 Beleid holle wegen

2024 Begr

C 3.3.2.

pm

21 Gemeenschapshuis Puth

2023

Rv

C 3.3.2.

2.200,0

22 Entree gemeenschapshuis Schinnen

2023

Rv

C 3.3.2.

200,0

0,0

23 Gijselaar fase 2

2023

Rv

C 3.3.2.

500,0

24 Centrumplan Nuth (pm)

2024

Rv

C 3.3.2.

pm

2024 ev

Rv

C 3.4.2.

Programma Sociale leefomgeving

Programma Fysieke leefomgeving

320,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0 4.850,0

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

700,0 1.500,0

0,0

0,0

0,0

0,0

200,0

0,0

0,0

0,0

0,0

500,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

pm

Rentekosten A

0

0

0

0,0

70,9

70,9

70,9

Rentekosten B

0

0

0

0,0

16,2

16,2

185,9

Rentekosten C

0

0

0

113,0

137,5

137,5

137,5

Programma Bestuurlijke samenwerking en financiën 25 Regiodeal Zuid Limburg (pm)

10

Kadernota 2024

Totalen

11.265,3

1.342,5 9.922,8 1.904,6 2.177,6 2.385,5 2.759,5

Als bijlage 3 bij deze kadernota is het beleid dat is opgenomen in de tabel op een andere manier gepresenteerd. In die bijlage is het beleid getotaliseerd per categorie noodzaak (A), nut (C) of mix (B). De tabel in deze paragraaf wordt afgesloten met rentekosten. De afgelopen periode is de rente op de kapitaalmarkt gestegen. Was deze vorig jaar nog nagenoeg nihil, ten tijde van het schrijven van deze kadernota bedraagt de rente inmiddels 3,5%. De rentekosten worden berekend over de eenmalige vraag die bijna 11,3 miljoen euro bedraagt. Het jaarlijkse rentebedrag dat daarbij hoort, bedraagt op termijn bijna 400 duizend euro per jaar. Voor een nadere toelichting op het beleid dat is opgenomen in de tabel wordt verwezen naar de programmateksten in hoofdstuk 3 van deze kadernota.

11

Kadernota 2024

2.2 Bijstelling meerjarig perspectief begroting 2023-2027 Als startpunt voor het meerjarig perspectief van de kadernota 2024 geldt de eerste bestuursrapportage 2023. Die burap laat in het jaar 2023 een positief saldo zien van afgerond 1,9 miljoen euro. Het jaar 2026 sluit met een negatief bedrag van bijna 1,2 miljoen euro. In deze kadernota wordt het jaar 2027 toegevoegd. Het jaar 2027 laat, ten opzichte van 2026, een verslechtering zien van ruim 1,9 miljoen euro. Die daling wordt vooral veroorzaakt doordat de algemene uitkering uit het gemeentefonds in 2027 daalt. Met het oog op de afschaffing van de zogenaamde normeringssystematiek vanaf het jaar 2026 worden de accressen tot en met het jaar 2025 bevroren. Dat leidt vervolgens tot een lagere algemene uitkering. Via de septembercirculaire 2022 is het rijk de gemeenten tegemoetgekomen in de gevolgen van de daling door eenmalig middelen te storten. Voor de gemeente Beekdaelen betrof het een compensatie van ongeveer 1,7 miljoen euro. In de meicirculaire 2023 geven de beheerders van het gemeentefonds aan de gemeente ook vanaf het jaar 2027 structureel te compenseren. Voor meer informatie over de afschaffing van de normeringssystematiek wordt kortheidshalve verwezen naar paragraaf 3.4.1 van deze kadernota.

Het resultaat dat is geschetst in de eerste burap 2023 wordt onder andere beïnvloed door de beleidsinventarisatie die in deze kadernota is opgenomen. Dat beleid is in paragraaf 2.1 beschreven. De onderstaande tabel laat het begrotingsbeeld zien na het nieuwe beleid. Resultaat na beleidsinventarisatie

2023

Resultaat na eerste burap 2023

2024

2025

2026

2027

1.926,3

2.015,6

1.323,4

-1.177,7

-3.106,2

Kosten beleidsinventarisatie § 2.1

0,0

-1.904,6

-2.177,6

-2.385,5

-2.759,5

Resultaat na beleidsinventarisatie

1.926,3

111,0

-854,2

-3.563,2

-5.865,7

Naast het nieuwe beleid is sprake van andere ontwikkelingen die gevolgen hebben voor het begrotingsresultaat. Die ontwikkelingen staan in de navolgende tabel opgesomd. Een nadere toegelicht volgt na de tabel. No Resultaat na ontwikkelingen

2023

Resultaat na beleidsinventarisatie

1.926,3

1 Effecten mei- circulaire 2023

2024 111,0

2025

2026

2027

-854,2

-3.563,2

-5.865,7

51,4

3.219,8

3.655,3

2.522,6

3.718,5

COA- stijging lonen 2023/ loon- en prijs 2024

-780,4

-3.674,3

-3.659,3

-3.644,5

-3.645,1

2 Verbonden partijen (stijging bovenop inflatie)

pm

-273,5

-284,4

-332,8

-326,1

3 Beschermd wonen herverdeling

0,0

0,0

226,8

738,4

853,0

4 Indexering leges en belastingen met inflatie (3,1%)

0,0

288,0

288,0

288,0

288,0

1.197,3

-329,1

-628,0

-3.991,4

-4.977,4

Resultaat na ontwikkelingen kadernota 2024

1. In de mei- circulaire worden gemeenten gecompenseerd voor loon- en prijsstijgingen van het jaar 2023 naar het jaar 2024. De nieuwe CAO, die in het jaar 2023 is gesloten, heeft tot gevolg dat de loonsom ongeveer met 8,5% toeneemt. Daarvoor 12

Kadernota 2024

worden gemeenten in de algemene uitkering echter niet gecompenseerd. Die CAOstijging werkt niet alleen kostprijsverhogend voor de loonsommen, maar leidt ook tot hogere bijdragen aan verbonden partijen waar die CAO- stijgingen eveneens van toepassing is. Per saldo schiet de gemeente er bij in. Daarnaast vindt in het gemeentefonds ook een korting plaats als gevolg van de zogenaamde opschalingskorting. Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds, die oploopt tot € 975 miljoen in 2025. Deze zogenaamde opschalingskorting is opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. De beleidswijziging ‘opschalen van alle gemeenten naar 100.000+ gemeenten’ is nooit gerealiseerd, terwijl de korting is blijven staan. Ook heeft de exorbitante inflatie die in het jaar 2022 van toepassing is en nog steeds voortduurt een drukkend effect op het begrotingsresultaat. De beheerders van het gemeentefonds compenseren de prijsstijgingen eenmaal per jaar in mei. De meicirculaire 2022 is uitgebracht vlak voordat de inflatie toenam. In de compensatie die in dat jaar is verstrekt zijn gemeenten zodoende niet volledig gecompenseerd. In de meicirculaire 2023 vindt weliswaar een correctie over het jaar 2022 plaats, maar die bedraagt slechts 125 miljoen landelijk. Voor Beekdaelen gaat het om een bedrag van ongeveer 190 duizend euro.

Dat is niet voldoende om de inflatie 2022 het hoofd te kunnen bieden. Zoals aan het begin van deze paragraaf beschreven worden gemeenten via de meicirculaire vanaf het jaar 2027 gecompenseerd voor het feit dat het accres is bevroren in aanloop naar de afschaffing van de normeringssystematiek. Dat verklaart de positievere bijstelling van de algemene uitkering in het jaar 2027 ten opzichte van het jaar 2026. 2. In de raadsvergadering van juni 2023 zijn diverse begrotingen en begrotingswijzigingen van verbonden partijen aan de gemeenteraad voorgelegd. Een groot deel van de stijging van de bijdragen kan de gemeente dekken door inzet van de stelpost die in de begroting is opgenomen voor loon- en prijsstijgingen. Voor zover de stijging daar niet door wordt veroorzaakt komen de hogere bijdragen ten laste van het begrotingsresultaat. 3. Tot en met 2024 ontvangt de gemeente Heerlen als centrumgemeente de rijksmiddelen beschermd wonen. Alle uitgaven verlopen ook via deze gemeente. Met ingang van 2025 vindt er landelijk een herverdeling plaats en ontvangen alle individuele gemeenten middelen van het Rijk voor het uitvoeren van de taak in het kader van beschermd wonen. Tevens wordt in een periode van 10 jaar de uitkering van het Rijk aan de centrum gemeente (Heerlen) afgebouwd.

Op basis van een voorlopige raming van de kosten over de komende 5 jaar voor beschermd wonen (uitgevoerd door Heerlen) is de financiële bijdrage die gemeente Beekdaelen vanaf 2025 moet leveren aanzienlijk lager dan de te verwachten ontvangen Rijksmiddelen. Dit voordeel vanaf 2025 is opgenomen in deze kadernota. 4. De beheerders van het gemeentefonds rekenen met een prijsstijging van 3,1% voor het jaar 2024. Het is gebruikelijk dat de opbrengsten van de leges en van de lokale

13

Kadernota 2024

belastingen met hetzelfde percentage worden geïndexeerd. Dat leidt tot een stijging van de inkomsten met een bedrag van 288 duizend euro.

14

Kadernota 2024

2.3 Op weg naar een betere financiële positie Het begrotingsresultaat vertoont in de jaren 2026 en 2027 relatief grote nadelen. Ook de reservepositie van de gemeente is de afgelopen jaren terug gelopen. Inclusief de resultaatbestemming van de jaarrekening 2022 bedraagt het vrij besteedbare eigen vermogen ruim 12 miljoen euro. De eenmalige middelen die nodig zijn volgens de beleidsinventarisatie in paragraaf 2.1 van deze kadernota bedragen bijna 10 miljoen. In die inventarisatie is nog geen rekening gehouden met de onderwijshuisvestingen in Puth en Nuth, die ook een aantal miljoenen zullen vergen. Wij willen de periode tot de begroting aangrijpen om de huidige budgetten (nogmaals) kritisch door te lopen. Beinvloedbare kosten worden in beeld gebracht en waar mogelijk verlaagd. Voor zover die verlaging gevolgen heeft voor afspraken die met de raad zijn gemaakt wordt de raad opnieuw in positie gebracht. Wij verwachten niet dat dit gaat leiden tot een sluitende meerjarenbegroting; aanvullende maatregelen zullen nodig zijn. In de begroting 2023 heeft de raad besloten om een deel van de gestegen kosten van afval niet in rekening te brengen bij de burgers. Wij willen de tarieven afvalstoffenheffing, als te doen gebruikelijk, weer terugbrengen op een kostendekkend niveau. Dat leidt tot een stijging van het vast recht van ongeveer 25 euro per gezin in het jaar 2024.

Ook de legestarieven zijn niet kostendekkend. Uit een berekening blijkt dat sprake is van een onderdekking van ongeveer 470 duizend euro. Wij willen de raad via de begroting voorstellen de tarieven te verhogen tot kostendekkend niveau. De afgelopen jaren is gebleken dat in de gemeentelijke jaarrekeningen vaak sprake is van (incidentele) overschotten. Die worden voor een deel veroorzaakt doordat de voornemens ook door externe factoren- niet helemaal binnen die periode gerealiseerd kunnen worden. Om hierop te anticiperen willen we een stelpost in de begroting opnemen voor een bedrag van 200 duizend euro. We willen de tijd tot de begroting gebruiken om concreet inzichtelijk te maken welke beleidsvoornemens waarschijnlijk worden getemporiseerd. Vanaf het jaar 2025 worden gemeenten voor wat betreft de WMO in de gelegenheid gesteld af te stappen van het abonnementstarief. Er kan een inkomensafhankelijke bijdrage worden gevraagd die leidt tot een stijging van de baten enerzijds. Anderzijds leidt de afschaffing van het abonnementstarief mogelijk tot een afname van de vraag en daarmee ook tot een afname van de kosten. De beheerders van het gemeentefonds hebben vanaf het jaar 2026 een korting in het gemeentefonds doorgevoerd, die gemeenten kunnen terugverdienen door het abonnementstarief af te schaffen.

Wij willen de mogelijkheid benutten om de eigen bijdrage voor de WMO- voorzieningen te verhogen. De bovenstaande maatregelen leiden tot een verbetering van het in paragraaf 2.2 gepresenteerde resultaat. In de onderstaande tabel is een en ander samengevat.

15

Kadernota 2024

Verbeteringen financiële positie

2023

2024

2025

2026

2027

1.197,3

-329,1

-628,0

-3.991,4

-4.977,4

Kostendekkend maken afvalstoffenheffing

0,0

400,0

400,0

400,0

400,0

Leges kostendekkend maken

0,0

470,0

470,0

470,0

470,0

Stelpost achterblijven ambities ad 200 dzd euro

0,0

200,0

200,0

200,0

200,0

Inkomensafhankelijke bijdrage WMO

0,0

0,0

0,0

390,0

390,0

1.197,3

740,9

442,0

-2.531,4

-3.517,4

Resultaat na ontwikkelingen kadernota 2024

Resultaat na doorgevoerde maatregelen

16

Kadernota 2024

3.1 Programma 1 | Inwoners, bestuur en veiligheid

17

Kadernota 2024

3.1.1 Algemene ontwikkelingen Vernieuwing en uitvoering dienstverleningsvisie en communicatievisie In 2023 werken wij aan de herijking van onze dienstverlenings- en communicatievisie. De huidige visiedocumenten dateren uit 2017 en zijn vooral opgesteld met de herindeling in het vooruitzicht. Inmiddels is het tijd voor vernieuwing. Nieuwe visies die richting geven aan de verdere ontwikkeling van onze dienstverlening en de vernieuwing van onze communicatie. De weg die wij in 2019 ingeslagen zijn wordt verder vervolgd. Beekdaelen maken we nog steeds samen: digitaal waar mogelijk en persoonlijk waar nodig. Er zijn echter ook nieuwe invloeden, nieuwe communicatiemiddelen en een groeiende behoefte aan een transparante overheid, waar we graag invulling aan willen geven. Om deze nieuwe visies te realiseren worden concrete doelen voor implementatie in een uitvoeringsprogramma uitgewerkt. Deze wordt samen met de visiedocumenten eind 2023 ter vaststelling aan uwraad voorgelegd. De acties uit dit uitvoeringsprogramma kunnen financiële consequenties hebben. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de implementatie van social media, een webcaresysteem (voor het beheren en beantwoorden van social media vragen), chatten met de gemeente, maar ook bijvoorbeeld het communicatiever maken en trainen van de medewerkers uit de organisatie.

Een goede interne communicatie en samenwerking is immers een randvoorwaarde voor een goede externe dienstverlening naar onze inwoners

AI register (-s) en AI-Artificial Intelligence/Kunstmatige Intelligentie (KI) 1. Na vaststelling van de Europese en Nederlandse wetgeving, vaststelling van het AI normenkader en uitvoering van de impactanalyse kunnen de gemeentelijke activiteiten en de financiële consequenties hiervan nader worden vastgesteld. 2. Algoritmetoezicht De overheid gebruikt steeds meer algoritmes om o.a. gegevensverwerking of andere menselijke handelingen in processen verder te automatiseren en hiermee de efficiency te vergroten. Dienstverlening of gegevensverwerking die met behulp van algoritmes is geautomatiseerd, moet dezelfde principes respecteren als alle andere dienstverlening door de gemeente Beekdaelen. Ze moeten mensen gelijk behandelen, de vrijheid en zeggenschap niet inperken, open en controleerbaar zijn en in dienst staan van de inwoner van gemeente Beekdaelen. Wij benadrukken het feit datbij de inzet van algoritmes mensen, hun grondrechten en publieke waarden centraal staan. Inwoners van Beekdaelen moeten toegang hebben tot begrijpelijke en actuele informatie over hoe algoritmes hun leven kunnen beïnvloeden. Dat bevordert de overheid door meer openheid, duidelijke eisen en het toezicht op algoritmes. Het bijhouden van algoritmeregisters wordt een verplichting voor elke overheidsorganisatie.

Via overheid.nl: https://algoritmes.overheid.nl/nl/algoritme is te zien welke (gemeentelijke) organisaties welke algoritmes hebben aangeleverd.

Digitaal werken en innovatie Exponentiële groei én adaptie van technologie door burgers en bedrijven stellen nieuwe eisen aan de gemeente: wij moeten onze diensten goedkoop, snel, gemakkelijk, locatie- en tijdonafhankelijk aanbieden en onze inwoner in staat stellen zijn eigen zaken met de gemeente online te regelen en de dienstverlening te volgen. Inzet van nieuwe technologie en slimme inzet van data maken nieuwe manieren van dienstverlening en burgerparticipatie 18

Kadernota 2024

mogelijk. Zo maken bijv. sensoren in de openbare ruimte het beheer efficiënter, levert digitaal mobiel handhaven een efficiencywinst op en helpt augmented reality bij het visualiseren van nieuwe scenario’s en het uitwerken van potentieel beleid voor gebiedsontwikkeling. Leveranciers ontwikkelen hun applicaties steeds verder door en implementeren ook vernieuwingen, deels als gevolg van wet- en regelgeving, deels door toepassing van slimme technologie zoals algoritmes, zelflerende applicaties en chatbots die o.a. ondersteuning kunnen bieden bij digitale dienstverlening of bij beleidsontwikkeling. Op dit moment zijn de financiële consequenties nog onbekend. De financiële consequenties zijn deels afhankelijk van projecten en hiermee samenhangende implementatie van nieuwe toepassingen en applicaties (hierin maken wij zelf een keuze); deels inherent aan vernieuwingen die leveranciers in bestaande applicaties doorvoeren (hierin hebben wij zelf geen keuze). Op dit moment zijn de financiële consequenties nog onbekend. Op het moment dat vernieuwingen substantiële financiële consequenties hebben en aanvullende middelen nodig zijn, dan leggen wij hiervoor een concreet adviesvoorstel voor.

Informatiebeveiliging en privacy Tegelijkertijd met de inzet van slimme technologie en datagedreven werken moeten we de privacy, informatieveiligheid en ethische belangen borgen. Bij elke rapportage/dashboard leggen we vast wat we willen weten (doelen en stuurgegevens), welke gegevens hiervoor nodig zijn en wie deze gegevens nodig heeft. Bij al onze oplossingen gaan we uit van privacy en security by design en privacy security by default: vanaf het ontwerp tot en met borging, gebruik en beheer houden we rekening met data-minimalisatie en dwingen we zorgvuldig gebruik van persoonsgegevens af. We zorgen ervoor dat de rapportages/dashboards zo worden ingesteld dat persoonsgegevens standaard nooit openbaar zichtbaar zijn. We spreken spelregels af over het gebruik van rapportages/dashboards, data en algoritmes en documenteren en archiveren deze op de juiste wijze. Hierbij houden we rekening met de verschillende belangen en zijn we kritisch op de vraag wat verantwoord is vanuit het oogpunt van ethiek, privacy en informatieveiligheid. Ook scherpen wij onze maatregelen verder aan in lijn met de landelijke ontwikkelingen en normenkaders voor informatieveiligheid en privacy. Voor de DigiD audit voeren wij de verplichte nieuwe normen en aanvullende maatregelen in. Verder actualiseren wij het informatiebeveiligingsbeleid en maken wij een actueel uitvoeringsplan.

Wij blijven het informatiebewustzijn via de elearnings onder de aandacht brengen. Informatieveiligheid, privacy en ethiek zijn allemaal risicobeheer aspecten en gelden voor alle gemeentelijke business- en informatie ontwikkeltrajecten, raken alle vakafdelingen en kunnen grote risico’s veroorzaken. Gelet hierop wordt aandacht besteed aan het versterken van de alertheid en bewustzijn binnen onze organisatie.

Invoering omgevingswet De Omgevingswet bundelt regels voor ruimtelijke projecten, maakt samenwerking tussen partijen gemakkelijker en biedt ruimte voor burgerparticipatie en interactie. Na herhaaldelijk uitstel wordt de Omgevingswet op 1 januari 2024 ingevoerd. Vanwege technische problemen met het landelijk Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) konden ICT-leveranciers en gemeenten de ketentesten niet (behoorlijk) uitvoeren. Inmiddels zijn de belangrijkste issues opgelost en zijn ook wij volop aan de slag met ketentesten. Verdere aanpassingen in de gemeentelijke processen, ICT-applicaties en koppelingen zijn noodzakelijk om op tijd gereed te zijn voor de invoering van de Omgevingswet.

19

Kadernota 2024

3.1.2 Ontwikkelingen met directe financiële gevolgen 1. Werkplekken De huidige werkplekken op kantoor zijn afgeschreven. Dit blijkt ook uit het aantal storingen. Hetzelfde geldt ook voor de laptops en de apparatuur in de vergaderruimten. De huidige werkplekvoorzieningen staan efficiënt (samen-)werken in de weg en zijn voor het beheer tijdrovend. Wij stellen nieuw beleid op voor de inzet van eigentijdse werkplekken. Hierbij houden we rekening met het gebruik van bestaande en nieuwe technologie, integratie van teams op de werkplek voor vergaderen en samenwerken. De werkplekken moeten voldoen aan de eisen om zonder beperkingen tijd-, plaats- en locatie-onafhankelijk te kunnen (samen-)werken. De meerkosten bedragen ruim 52 duizend euro. Eind 2023 leggen wij het nieuwe werkplekkenbeleid voor, waarbij uiteraard rekening wordt gehouden met de definitieve toekomstige huisvesting.

2.

Datagedreven werken

In 2021 heeft het college de startnotitie voor de invoering van datagedreven werken vastgesteld. In 2022 is als onderdeel van de organisatieontwikkeling de werkgroep “Procesverbetering en managementinformatie” aan de slag gegaan met een marktverkenning en pilots voor de invoering van datagedreven werken. Doelstellingen die de werkgroep heeft meegekregen zijn beter grip op kosten en kwaliteit, efficiency vergroting en gerichtere advisering. De marktverkenning hebben wij inmiddels afgerond. Deze was vooral gericht op het verkennen van de mogelijkheden voor ondersteuning en kennisoverdracht bij de invoering en borging van datagedreven werken én de invoering van een centraal dataplatform voor het combineren van data en maken/onderhouden van rapportages en dashboards. Tijdens de marktverkenning hebben wij geconstateerd dat aanbieders, producten, diensten en kosten verschillen en hierdoor lastig vergelijkbaar zijn. Momenteel zijn we bezig met de voorbereidingen voor een aanbesteding om te komen tot een partij die het beste bij ons past. Onze planning is erop gericht om deze aanbesteding nog voor de zomer te starten.

Randvoorwaarden voor een verantwoorde invoering van datagedreven werken zijn o.a.: borgen en bewaken van privacy, informatieveiligheid en ethische belangen, samenwerken aan datakwaliteit, spelregels afspreken over het gebruik van rapportages/dashboards, data en algoritmes en deze goed documenteren, rekening houden met de verschillende belangen bij het bepalen van doel en functionaliteit van de rapportages en dashboards, samenwerken (data-experts en vak medewerkers) aan een goede duiding en interpretatie van de uitkomsten en hierover het gesprek met elkaar voeren. In de meerjarenbegroting is reeds rekening gehouden met een eenmalig krediet van € 80.000 voor het uitvoeren van pilots en marktonderzoeken. Voor de uitbreiding van de dataplatforms verwachten wij een aanvullend bedrag nodig te hebben van 142,8 duizend euro. Na afronding van deze fase evalueren wij wat de vervolgstappen zijn en welke financiële consequenties hieraan zijn verbonden.

3. Kinderraad Op dit moment wordt in samenwerking met de leerlingenraden van de basisscholen in Beekdaelen onderzocht hoe dit het best concreet kan worden ingevuld. Het initiatief kan bij

20

Kadernota 2024

de scholen en in de gemeenteraad op draagvlak rekenen. De verwachte kosten bedragen 5,0 duizend euro per jaar.

21

Kadernota 2024

3.2 Programma 2 | Sociale leefomgeving

22

Kadernota 2024

3.2.1 Algemene ontwikkelingen Accommodatiebeleid Momenteel worden -in het kader van het beleidsproces accommodatiebeleid- kernprofielen opgesteld. Dit is onderdeel van de visie die gebaseerd is op de drie pijlers, kernprofielen, financiën en de vitaliteit van de verenigingen. Streven is om het accommodatiebeleid in Q4 2023 ter besluitvorming voor te leggen aan de gemeenteraad. Na vaststelling van de beleidsnota wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld, waarbij een financiële vertaling van de kaders zal worden opgenomen. Parallel hieraan loopt het vraagstuk om de drie pijlers te bezien in het licht van de leefbaarheid in onze kernen.

Onderwijshuisvesting Puth en Nuth De businesscase Nuth, Wijnandsrade en Vaesrade staat in het IHP benoemd voor het jaar 2029. Naar verwachting zal een locatiestudie plaatsvinden om de locatie van het kindcentrum te bepalen. De verwachting is dat vanaf 2029 kosten gemaakt worden in de voorbereidingsfase, waarna een separaat krediet gevraagd wordt voor de uitvoering. De uitvoering voor het ontwikkelen van een kindcentrum in Puth staat in het IHP benoemd voor het jaar 2026. Behoudens een voorbereidingskrediet om een locatiestudie uit te voeren en voorbereiding te treffen om te komen tot realisatie, is de verwachting dat uitvoering zal plaatsvinden in 2028.

23

Kadernota 2024

3.2.2 Ontwikkelingen met directe financiële gevolgen 4. Onderwijshuisvesting school middengebied Voor het kindcentrum middengebied wordt de locatiestudie afgerond om vervolgens een definitieve locatiekeuze te maken. Daarna start de planvoorbereiding en uitwerking, zodat op basis daarvan in 2024 een kredietvotering gevraagd kan worden.

5.

Speelruimtebeleid

De voormalige gemeenten Schinnen, Onderbanken en Nuth hadden weliswaar een eigen visie en werkwijze op het terrein van speelruimte, echter geen van de voormalige gemeenten had een formeel vastgesteld beleidskader. Harmoniseren van beleid was daarom niet aan de orde na de fusie tot de gemeente Beekdaelen, ook omdat speelruimtebeleid geen wettelijke vereiste is. In de praktijk bestaat er behoefte aan speelruimtebeleid om bijvoorbeeld antwoord te kunnen geven op verzoeken vanuit kernen/wijken om een nieuwe speelplek of sportspeelvoorzieningen (zoals een skateparkje). Ook geeft een speelruimtebeleid richting en doet recht aan de inzet van inwoners van Beekdaelen die zich jaar in jaar uit inzetten als bestuurslid of vrijwilliger bij een speeltuin. Tenslotte is speelruimtebeleid nodig gezien het belang van spelen voor de (gezonde) ontwikkeling van kinderen, jeugd en jongeren. Tijdens de beeldvormende commissie is gekozen voor de variant waarbij de openbare locaties, op het moment dat zij aan vervanging toe zijn, worden omgevormd naar ontmoetingsplekken voor jong en oud. De behoefte in de buurt/wijk is daarbij leidend; ook de betrokkenheid uit de buurt/wijk is een belangrijke en onlosmakelijke voorwaarde hierbij.

Gebruikers/bewoners geven in dat geval aan welke activiteiten gewenst zijn op de locatie (speelkansen zoals: schommelen, glijden, klimmen en/of ontmoetingsmogelijkheden: hangen, zitten, sporten). Ook geven zij aan of zij bereid zijn een structurele actieve rol in het proces van ontwikkeling en toezicht te spelen. Het uitgangspunt is om hierbij zoveel mogelijk natuurlijke spelelementen toe te passen. Voor het omvormen van 12 locaties (omvorming van 2 locaties vindt plaats in 2023) is een eenmalig bedrag nodig van 327,5 duizend euro. Daarvan is een bedrag van 42,5 duizend euro gereserveerd in een reserve speeltuinen. Het aanvullend bedrag bedraagt dan nog 285 duizend euro. Structureel is een bedrag nodig van 54,5 duizend euro. Dat bedrag is nodig om te sparen voor vervanging in de toekomst.

6.

Beschermd wonen/ Skaeve Huse

De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verplicht elke gemeente om te voorzien in opvang en beschermd wonen. En geeft daarbij ook aan dat gemeenten moeten voorzien in een plan opdat cliënten zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven. Cliënten die beschermd wonen of opvang ontvangen moeten een veilige woonomgeving hebben en, indien mogelijk, weer in staat worden gesteld om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. In 2018 is in het kader van de landelijk verplichte doordecentralisatie Beschermd Wonen, waarbij gemeenten gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor voldoende aanbod van 24

Kadernota 2024

Beschermd Wonen, door alle gemeenteraden van Parkstad de nota “Visie Opvang en Beschermd Wonen Parkstad” vastgesteld. Hierin is afgesproken dat de uitwerking van te realiseren doelstellingen, volgend uit deze visie, zal plaatsvinden in de vorm van uitvoeringsagenda’s. Om de doordecentralisatie vanaf 2023 verder vorm te kunnen geven is medio februari 2022 de uitwerkingsnotitie ‘Samen Thuis’ vastgesteld. De raad is hierover geïnformeerd door middel van een raadsinformatiebrief. Vanuit de uitvoeringsagenda Opvang en Beschermd Wonen Parkstad 2019-2020 zijn afspraken gemaakt, waarbij elke gemeente o.a. een taakstelling heeft gekregen. Binnen Parkstad betekent dit voor de gemeente Beekdaelen de realisatie van 3 Skaeve Huse. Als uitgangspunt is binnen de gemeente gekozen om de realisatie zo mogelijk te combineren met de nieuwe locatie van het zorgpension. De locatie daarvan is nog niet uitgekristalliseerd. De meest recente uitvoeringsagenda Opvang en Beschermd Wonen Parkstad 2021-2022 is medio 2021 vastgesteld door het college en is nog actueel. Indicatief is voor het realiseren van de Skaeve Huse een bedrag nodig van eenmalig 450 duizend euro. ² Skaeve Huse zijn eenvoudige eenpersoonswoningen die veelal op afstand van reguliere woningen worden gebouwd. De woningen beschikken over eigen sanitair en een eigen keuken.

De woningen zijn stevig en eenvoudig schoon te houden en staan alleen of met enkele stuks bij elkaar. Skaeve Huse zijn bedoeld voor mensen die vanwege hun woongedrag niet in een regulier huis kunnen wonen.

7. Gemeenschapshuis Sweikhuizen Het doel is om een gemeenschapsvoorziening -gecombineerd met de functie wonen- te realiseren op de plek van het huidige Rector Raevenhuis te Sweikhuizen. Het inbreidingsgebied biedt kansen om deze plek veelzijdig te ontwikkelen in samenspraak met de gemeenschap, waar een integratie tussen een gemeenschapsvoorziening en woonfuncties toegesneden voor de kern Sweikhuizen speerpunten zijn. We bevinden ons in de verkenningsfase die de basis vormt voor het verwerven van draagvlak/commitment.

8. Uitrol pilot straatcoaches In februari 2023 is de pilot straatcoaches gestart in Beekdaelen. De pilot loopt tot en met medio september 2023. In de raadsvergadering van september ontvangt de gemeenteraad een voorstel met advies over het al dan niet structureel inzetten van straatcoaches. De geschatte jaarlijkse kosten hiervan bedragen ca. €100.000,-.

25

Kadernota 2024

3.3 Programma 3 | Fysieke leefomgeving

26

Kadernota 2024

3.3.1 Algemene ontwikkelingen Energieopwekking Beekdaelen beleid In 2021 hebben wij als Beekdaelen de Regionale Energiestrategie 1.0 vastgesteld en daarbij een amendement toegevoegd. De hoofdboodschap uit het besluit van de raad: Lokaal duurzame energie opwekken aan de hand van de provinciale zonneladder met participatie. Hiermee kan invulling worden gegeven aan de nationale doelstellingen en de ambitie van energieneutrale gemeente. In 2024 gaan we meer zon op dak stimuleren en realiseren. Daarnaast wordt gewerkt aan een beleidskader voor energieopwekking op land. Om een brug te slaan tussen de lokale energieopwekking en te zorgen dat de voordelen hiervan binnen de eigen regio kan landen wordt gewerkt aan een regionaal energiebedrijf binnen Parkstad. Waar we middelen ontvangen van het Rijk ten behoeve van capaciteit voor uitvoering van klimaat- en energiebeleid, is helder dat voor andere kosten en investeringen onvoldoende middelen beschikbaar zijn. Indien noodzakelijk zullen aanvullende financiele vragen aan uw raad worden voorgelegd.

Warmtetransitie Het Klimaatakkoord van de Rijksoverheid bevat de verplichting dat in 2050, 7 van de 8 miljoen woningen in Nederland van het aardgas af moeten zijn. In 2019 heeft de gemeenteraad aansluitend de ambitie uitgesproken om in 2040 energieneutraal te zijn. In 2023 wordt de Transitievisie Warmte 2.0 met daarin handvaten en de richtlijnen hoe hieraan gewerkt wordt ter vaststelling aan de raad aangeboden. Als vervolg op deze visie worden gemeente brede en kerngerichte plannen gemaakt die versnelling moeten bieden aan de transitie naar een aardgasvrije gemeente. We hebben middelen vanuit het Rijk ontvangen voor zowel capaciteit als uitvoering van het Isolatieprogramma. Vooralsnog is nog niet inzichtelijk of dit voldoende is voor het uitvoeren van deze plannen op langer termijn. Dit zal bekend worden in de loop van 2023 en 2024.

Implementatie en onderhoud wet BasisRegistratie Ondergrond (BRO) Op 1 januari 2018 is de Wet op de Basisregistratie Ondergrond (BRO) in werking getreden. Waar de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) de zichtbare werkelijkheid beschrijft, is de BRO juist bedoeld om (onderdelen van) het niet-zichtbare gedeelte onder de grond te registreren. Kennis over de ondergrond is nodig bij een groot aantal overheidstaken. De daarvoor benodigde ondergrondgegevens zijn te ontsluiten via de BRO. De BRO maakt deel uit van het stelsel van basisregistraties en maakt daardoor ook onderdeel uit van de ENSIA. De BRO is ingericht voor een breed gebruik binnen het Rijk en de decentrale overheden. Bestuursorganen zijn verplicht om (a) bodem- en ondergrondgegevens aan te leveren volgens de afgesproken standaarden, (b) ondergrondgegevens te gebruiken voor alle overheidstaken en (c) onjuiste gegevens terug te melden aan de bronhouder.

Beekdaelen B(l)oeit, pilot geveltuinen De visie Beekdaelen B(l)oeit bevat 7 pijlers, waarbij elke pijler representatief is voor een collectief van actoren dat op eigen wijze bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen van Beekdaelen B(l)oeit. Uitgangspunt is niet alleen een sturende en uitvoerende overheid te 27

Kadernota 2024

zijn, maar een gemeente die ondersteuning verleent aan grote en kleine initiatieven en de bevolking op enthousiaste wijze weet te activeren. T.b.v. de pijler individu, burgercollectief (groene speldenprikken voor leefbare keren) starten wij de pilot geveltuinen. Geveltuinen Geveltuinen leveren een bijdrage aan de biodiversiteit en verfraaien de leef- en woonomgeving. Inwoners van de gemeente Beekdaelen hebben de wens uitgesproken een geveltuin aan te leggen (stoeptegel eruit en groen erin) en deze zelf te onderhouden en de gemeente gevraagd hierin te ondersteunen. In samenspraak met de medewerkers groen en beheer en onderhoud starten wij een pilot samen met een aantal inwoners t.b.v. het realiseren van een geveltuin. Doel van de pilot is ervaring op te doen, zodat een uitrol Beekdaelen breed vervolgens mogelijk is.

RWM Gemeente Beekdaelen is voornemens om per 1-1-2025 uit te treden bij RWM. Bij die uittreding zijn wij een desintegratievergoeding verschuldigd. Dit betreft een (aflopende) vergoeding van de overhead kosten gedurende drie jaar en een vergoeding voor de boekwaarde van overcomplete activa. Daarnaast ontvangen wij een vergoeding voor de waarde van ons aandelenpakket. De verwachting is dat de uittreding budgettair neutraal kan verlopen.

28

Kadernota 2024

3.3.2 Ontwikkelingen met directe financiële gevolgen 9.

Geluidskaarten

Het college heeft op 7 maart 2023 de Geluidskaarten 2021 vastgesteld. Door de komst van de Omgevingswet op 1 januari 2024 worden geluidsplafonds ingesteld op 30km/u wegen met meer dan 1000 motorvoertuigen per etmaal. De gevolgen voor de gemeente als wegbeheerder worden in een actieplan opgenomen. Samen met de regio Parkstad wordt een actieplan opgesteld en vóór 18 juli 2024 ter besluitvorming aan college en raad voorgelegd. De eenmalige kosten voor het opstellen van een actieplan worden geraamd op 25 duizend euro. Er dient rekening te worden gehouden met een additionele kostenpost (aanvullende maatregelen en periodieke monitoring), die minimaal deels ook structureel van aard zullen zijn. De hoogte en aard zijn nu nog niet bekend.

10.

Uitvoeren boomveiligheidscontroles

Voor de instandhouding van het bomenareaal en in het kader van de wettelijke zorgplicht is het noodzakelijk om periodiek een boomveiligheidscontrole uit te voeren. Het betreft 30 duizend euro kosten voor het jaar 2024 t.b.v. het uitvoeren van 2/3e van het bomenbestand. Vanaf 2025 bedragen de kosten 15 duizend euro per jaar ten behoeve van het controleren van 1/3e deel van het bestand.

11.

Groot onderhoud beplanting

Voor de instandhouding van het groenareaal is het noodzakelijk om de oude en versleten plantvakken opnieuw in te richten of om te vormen. De beheerovereenkomsten zijn afgesloten op basis van beeldkwaliteitniveaus. Dit betekent dat de plantvakken moeten voldoen aan een bij het betreffende beeldkwaliteitniveau behorende bedekkingsgraad. De kosten bedragen 70 duizend euro voor het jaar 2024. De kosten worden als incidentele kosten opgevoerd vooruitlopend op toekomstige ontwikkelingen ten aanzien van een groenstructuurplan waarin meerjarig perspectief wordt geschapen. Op basis daarvan zal dan een vast vervangingsbudget worden gevraagd.

12.

Aanbesteding beheer bomen en groen en sportvelden

Voor de instandhouding van het bomenareaal en de sportvelden is het noodzakelijk om met ingang van 01-03-2025 nieuwe beheerovereenkomsten af te sluiten. Het betreft 30 duizend eenmalige kosten voor het jaar 2024 t.b.v. ondersteuning bij het aanbestedingstraject. Hierbij zal ook gekeken dienen te worden in hoeverre het uitdaagrecht invloed heeft op een duurzaam beheer.

13. Rehabilitatie wegen Alle infrastructuur en flora in de openbare ruimte in eigendom en beheer van de gemeente kent een technische levensduur, waarna deze moeten worden vervangen. Hiervoor zijn investeringsmiddelen nodig, die overeenkomstig de afschrijvingstermijnen zoals deze zijn opgenomen in de financiële verordening worden afgeschreven. 29

Kadernota 2024

Om de komende jaren op een goede wijze te kunnen werken vanuit het motto “integraal tenzij” en ook een goede (financiële) programmering te kunnen maken van de integrale beheerprojecten is het noodzakelijk dat naast het GRP en het uitvoeringsprogramma Mobiliteit een vervangingsinvesteringsprogramma voor de diverse IBOR beheergroepen wordt opgesteld, met inbedding van het nieuwe GRP 24 – 27 en het uitvoeringsprogramma Mobiliteit in een Meerjaren Infrastructuur Programma (MIP), dat voor de eerste keer in 2023 wordt aangeboden ter besluitvorming aan de raad.

14. Meerjarig onderhoud culturele kunstwerken Door opname in het IBOR-beleidsplan en het hieraan gekoppeld structureel budget in de programmabegroting is de instandhouding van de culturele kunst in de openbare ruimte (KIOR) vanaf 2025 geborgd. Om het beheer van de KIOR structureel te borgen binnen de afdeling Ruimte is vanaf dat moment een formatie-uitbreiding voor deze nieuwe taak noodzakelijk van 0,2 fte.

15. Co-financiering centrumplan Schimmert Het oorspronkelijk plan voor Centrumplan III in Schimmert bestond uit 96 woningen (half-) vrijstaande woningen in voornamelijk het duurdere segment. Onder verwijzing naar de RIB van 19 april 2022 is voor fase 2 en 3 gekozen voor een integrale planherziening. Op basis van de woonvisie en de vraag vanuit de markt wordt nu in overwegende mate ingezet op de doelgroepen sociale huur, betaalbare koop (starters) en levensloopbestendige en nultredenwoningen (senioren). Zoals aangegeven in de RIB van 18 oktober 2022 leidt deze planaanpassing tot lagere grondopbrengsten en een te verwachten exploitatietekort van € 450.000. Vanuit de Provincie Limburg is voor de gewijzigde planopzet voor het centrumplan Schimmert een bijdrage van € 200.000 toegekend in het kader van de afgesloten samenwerkingsagenda KLC. Aldus resteert een gemeentelijke cofinanciering van € 250.000. Daarnaast is in het kader van de 5de tranche woningbouwimpuls (WBI) een regionale subsidieaanvraag ingediend vanuit de stadsregio Parkstad Limburg. Hiervoor is een WBI-bijdrage gevraagd van € 1,1 miljoen, waarvan ongeveer 5 ton voor het woningbouwplan Schimmert. Deze WBI-aanvraag vereist geen additionele cofinanciering van de gemeente naast de eigen bijdrage van € 250.000 die in een eerder stadium (in het kader van de gesloten Samenwerkingsagenda) met de Provincie is overeengekomen.

De gemeente verwacht in juli 2023 duidelijkheid te krijgen of de WBI-aanvraag wordt toegekend. De planuitwerking bevindt zich in een afrondend stadium en in Q4 2023 zal hiervoor het bestemmingsplan in procedure worden gebracht.

16.

Meerjarig onderhoudsplan gebouwen

Elke 4 jaar dient de raad een actueel meerjarig onderhoudsplan gebouwen (MJOP) op te stellen. Wij willen dit MJOP in september 2023 aan uw raad ter vaststelling aanbieden. Aanvullende middelen, vanwege extreme prijsstijgingen t.o.v. 2019, zullen nodig zijn om het 30

Kadernota 2024

beleidsplan te kunnen uitvoeren. Ten tijde van het opstellen van deze kadernota wordt een alternatieve berekening uitgevoerd van de omvang van de kosten van het onderhoud. Die berekening voorziet in een lager onderhoudsniveau totdat het accommodatiebeleid ter besluitvorming voorligt. In relatie tot dit MJOP wordt ook inzichtelijk gemaakt wat de kosten zijn voor de verduurzaming van ons gemeentelijk vastgoed; het zgn. DMJOP (duurzaamheidsmeerjaren onderhoudsplan). De verduurzamingsopgave komt voort uit de wettelijke verplichting om in 2040 energieneutraal en in 2050 gasloos te zijn. Door inzicht te verschaffen in deze totale kostensom kunnen gedegen keuzes gemaakt worden in het kader van het strategisch accommodatiebeleid. Momenteel wordt namelijk gewerkt aan een voorstel accommodatiebeleid van de gemeente Beekdaelen.

17. Uitbreiding standplaatsen woonwagens Uit een informele offerte is bekend, dat de kosten voor de aanleg van een nieuwe standplaats ongeveer € 80.000 kosten. Daar komen de planologische kosten nog bij. Dit betekent dat er € 320.000 voor 4 standplaatsen nodig is.

18. Co-financiering revitalisering kern Schinveld IIn het kader van het project revitalisering kern Schinveld wordt er gewerkt aan een leefbaar, gezond, aantrekkelijk en veilig centrum van Schinveld. Om dit majeure project te kunnen ontwikkelen en te realiseren is een grote inzet van financiële middelen noodzakelijk. Om het project financieel dekkend te krijgen is en wordt een beroep gedaan op diverse subsidies. Een deel hiervan is inmiddels toegekend (VHF, KLC, IW) en in deel wordt nog aangevraagd (Regiodeal 2.0, VHF 2.0, WBI). Het project kan echter niet enkel met subsidiegelden gefinancierd worden; voorwaarde voor subsidie is immers dat de gemeente met eigen middelen de benodigde cofinanciering inbrengt in het project. Hoeveel deze cofinanciering zal moeten bedragen, staat op dit moment nog niet geheel vast. Deze zal naar verwachting in de orde van grote ongeveer 4 miljoen bedragen. Het plan is in ontwikkeling en de invulling staat nog niet geheel vast. Gestreefd wordt om in september met een concreet raadsvoorstel in deze te komen.

19. Vertaling van het Nationaal Programma Landelijk Gebied naar het Limburgs Programma Landelijk gebied Het betreft de vertaling van het Nationaal Programma Landelijk Gebied naar het Limburgs Programma Landelijk gebied met een voortrekkersrol door Beekdaelen. Zo zijn wij initiator van de inbreng van Zuid-Limburgse gemeenten bij dit thema en mede-initiator van het opzetten van pilot projecten binnen Parkstad Limburg. Voor Zuid-Limburg (net als 3 andere gebieden in Limburg) is een uitvoeringsprogramma opgesteld door de Provincie in overleg met de regionale stakeholders.

20.

Beleid holle wegen

Het behoud van de holle wegen is een van de speerpunten uit het Landschapskader. Ook de rol voor de waterhuishouding en ecologische verbindingen maken dat behoud en versterking van deze typische structuur in de komende jaren geïntensiveerd wordt. Financiering zal deels door eigen middelen, maar ook door beroep op provinciale subsidies geschieden. 31

Kadernota 2024

21. Gemeenschapshuis Puth Voormalig gemeente Schinnen is het project gestart voor de realisatie van een nieuw gemeenschapshuis in Puth met als doel: Het realiseren van een ontmoetingsplaats in Puth, waar het verenigingsleven zijn plek krijgt en waar mensen terecht kunnen voor laagdrempelige voorzieningen in het sociaal domein, zoals een hoeskamer, open eettafel en nulde-lijns zorg in de wijk. Tegelijkertijd wordt er middels een brasserie een stapsteen naar de Beekdaelenroute gerealiseerd, die mede de exploitatie van het geheel draagt. De voormalige raad van Schinnen heeft in september 2018 het bestemmingsplan voor het gemeenschapshuis Puth vastgesteld maar dit bestemmingsplan is door de Raad van State op 15-01-2020 vernietigd. Naar aanleiding hiervan is er opnieuw naar de plannen voor het gemeenschapshuis gekeken en is de omgeving actief betrokken bij de planvoorbereidingen. Het ontwerp voor het gebouw en de buitenruimte is inmiddels gereed en het bestemmingsplan zal vierde kwartaal 2023 in procedure gaan. Vanwege stijgende bouwkosten en marktwerking, veranderde uitgangspunten en ontwerp, nieuwe planprocedures en niet eerder geraamde planontwikkelingskosten is het huidige budget niet toereikend.

Voor de raadsvergadering van september 2023 wordt een kredietaanvraag geagendeerd voor het beschikbaar stellen van een aanvullend krediet van € 2.276.249,- voor de realisatie van het project.

22. Entree gemeenschapshuis Schinnen De stichting van gemeenschapshuis Schinnen heeft de vraag bij de gemeente neergelegd voor een financiële bijdrage. Het meubilair is sterk verouderd en toe aan vervanging, het huidige meubilair brengt nu ook schade toe aan het gebouw, dit door de scherpe stoelpoten. De drankopslag is te klein om alle benodigde drank te kunnen opslaan. De entree is onoverzichtelijk. Daarbij ligt de garderobe in de entree voor de toiletten. De stichting heeft het beheer begin dit jaar overgenomen en de gevraagde aanpassingen zijn nodig om het beheer/exploitatie te verbeteren. Deels kunnen de kosten gedekt worden uit de voorziening onderhoud gebouwen. Dit zijn de kosten die gerelateerd zijn aan het nog uit te voeren onderhoud. De overige kosten wordt gevraagd aanvullend ter beschikking te stellen.

23. Gijselaar fase 2 In de kern Amstenrade wordt momenteel gebiedsontwikkeling De Gyselaar gerealiseerd. De gebiedsontwikkeling kenmerkt zich door de grote diversiteit aan deelprojecten: Fase 1: 1) Het opwaarderen van gemeenschapshuis de Koeteleboet 2) De huisvesting van de voetbalvereniging Amstenrade (VVA) 3) Realisatie van een trainingsveld voor openbaar gebruik en VVA 4) Het inrichten van de openbare ruimte 5) De realisatie van een Kindcentrum Fase 2: 6) Het slopen van de oude kantine en basisschool om ruimte te maken voor woningbouw.

32

Kadernota 2024

Voor deelprojecten 1 t/m 5 (fase 1) zijn de uitvoeringskredieten beschikbaar gesteld. De uitwerking en uitvoering hiervan is in volle gang. Voor de laatste fase, fase 2 van deze gebiedsontwikkeling, dient nog uitvoeringskrediet te worden gevoteerd. E.e.a. zoals aangekondigd in het raadsvoorstel ‘Uitvoeringskrediet 4-tal deelprojecten gebiedsontwikkeling de Gyselaar’. Fase 2 omhelst de volgende onderdelen: a) Sloop oude voetbalkantine VVA b) Sloop oude basisschool De Verrekijker c) Verkoop bouwrijpe grond op locatie oude basisschool t.b.v. woningbouw d) Realisatie ‘fase 2’ Koeteleboet a) Sloop oude voetbalkantine VV Amstenrade Op dit moment wordt de nieuwe voetbalkantine voor VVA gerealiseerd. Deze zal, naar verwachting, eind 2023 gereed zijn. De oude voetbalkantine kan vervolgens worden gesloopt. Zodat plaats wordt gemaakt voor de benodigde herinrichting en uitbreiding van de openbare ruimte. Waaronder de parkeerplaats voor VVA en het nieuwe kindcentrum. b) Sloop oude basisschool De Verrekijker Momenteel loopt de aanbesteding voor de bouw van het nieuwe Kindcentrum op de al bouwrijp gemaakte locatie van het oude hoofdveld van VVA. Naar verwachting zal het kindcentrum eind 2024 worden opgeleverd. Medio Q1 2025 kan aansluitend de bestaande basisschool verhuizen naar het nieuwe Kindcentrum en komt de huidige basisschool vrij/leeg.

De huidige basisschool wordt vervolgens gesloopt om plaats te maken voor het laatste deel van de uitbreiding van de openbare ruimte, waaronder de aanleg van een fietsstraat. c) Verkoop bouwrijpe grond op locatie oude basisschool t.b.v. woningbouw De huidige basisschool wordt gesloopt om plaats te maken voor het afronden van het laatste deel van de openbare ruimte. Daarnaast komt een deel van de locatie beschikbaar voor een nieuwe ontwikkeling. In overeenstemming met het herziene vigerende bestemmingsplan is het mogelijk hier 18 woningen te realiseren. Na het bouwrijp opleveren van deze gronden, zullen deze worden aangeboden voor verkoop. d) Realisatie ‘fase 2’ Koeteleboet Binnen het nieuwe Kindcentrum wordt, naast de basisschool, ook kinderopvang voor 0 tot 13-jarigen voorzien. Tot de oplevering van het Kindcentrum is de peuterspeelzaal nog gehuisvest in de onlangs deels gerenoveerde Koeteleboet(fase 1). Deze ruimte komt bij ingebruikname van het nieuwe kindcentrum vrij. De tweede fase van de renovatie behelst het renoveren en toevoegen van de huidige peuterspeelzaal aan de Koeteleboet. Medio Q2 2025 zal dan ook deze laatste fase uitgevoerd kunnen worden. Na beschikbaar stellen van het krediet kunnen de twee sloopprojecten en de 2de renovatie fase worden aanbesteed en aansluitend worden uitgevoerd. Voor de sloop en renovatie is het gevraagde krediet nodig.

Daar tegenover staat dat, na afronding van de sloop van de oude basisschool en het bouwrijp opleveren van de grond, inkomsten worden gegenereerd vanuit de verkoop van deze gronden. De verkoop dekt, op basis van recente taxaties minimaal de kosten die eerst moeten worden gemaakt voor de sloop en renovatie. Per saldo een financieel positief resultaat.

24. Centrumplan Nuth 33

Kadernota 2024

De gemeente werkt aan het centrumplan Nuth als onderdeel van Regio deal Parkstad. De gemeente wil een impuls geven aan het centrum van Nuth en daarmee inzetten op brede welvaartcreatie. De projectomschrijving, scope en de financiële randvoorwaarden zijn in ontwikkeling.

34

Kadernota 2024

3.4 Programma 4 | Bestuurlijke samenwerking en financiën

35

Kadernota 2024

3.4.1 Algemene ontwikkelingen Regiodeal Parkstad 

Regiodeal 1.0 In deze regiodeal staat de aanpak van de Nuinhofwijk centraal voor Beekdaelen de komende jaren.

Regiodeal 2.0 Centrale thema is versterken van de Brede welvaart op basis van integrale gebiedsgerichte en programmatische aanpak. Er zijn 8 focusgebieden, waarvan Beekdaelen er 2 inbrengt; kern Schinveld en kern Nuth. Rond de zomerperiode zal een convenant opengesteld worden met het Rijk, waarna concreter gemaakt wordt hoe de verdeling van middelen zal gaan uitzien. Het Rijk heeft minder middelen ter beschikking gesteld dan gevraagd (40 miljoen euro – 25 miljoen euro). Dit wordt binnen de governance Regio Parkstad afgestemd.

Nationaal Programma aanpak Landelijk gebied/ Limburg Programma aanpak Landelijk gebied Gemeente Beekdaelen neemt een actieve rol hierbij in. Zo heeft zij samen met de ZuidLimburgse gemeenten de notitie ‘perspectief Zuid Limburg’ opgesteld en aangeboden aan de Provincie als handelingsperspectief voor de aanpak Landelijk gebied Zuid Limburg. Deze aanpak zal worden overgenomen door de Provincie. Daarnaast is de gemeente Beekdaelen actief binnen de regio Parkstad, waarbij de landelijke gemeenten van Parkstad (Beekdaelen, Voerendaal en Simpelveld) ieder een pilotgebied hebben op eigen grondgebied op het handelingsperspectief Zuid-Limburg te beproeven. Het pilotgebied voor Beekdaelen betreft het Plateau van Schimmert rondom het Ravensbosch. Hierbij wordt ook samengewerkt met de gemeente Valkenburg aan de Geul.

Heffingsgrondslag rioleringen Momenteel wordt bekeken of, en zo ja, op welke wijze de heffingsgrondslag voor de rioolheffing wordt aangepast. De raad is hierbij actief betrokken. Een wijziging van de heffingsgrondslag leidt vanzelfsprekend tot herverdeeleffecten. Sommige burgers/bedrijven gaan meer betalen, terwijl anderen juist minder gaan betalen. Daarnaast wordt het gemeentelijk rioleringsplan geactualiseerd inclusief het kostendekkingsplan. Hierin worden onder andere exploitatielasten voor beheer en onderhoud, herprogrammering van projecten en prijsstijgingen in ogenschouw genomen. Een besluit over de heffingsgrondslag en nieuw vast te stellen GRP is voorzien voor de raadsvergadering in Q4 2023.

Aanpassing financiële verordening Op grond van de rechtmatigheidsverklaring die vanaf het jaar 2023 door het college wordt afgegeven wordt een nieuwe financiële verordening voorbereid. Naar de huidige inzichten kan de raad daarover in de vergadering van september 2023 een besluit nemen. Wij willen die gelegenheid aangrijpen om nog een tweetal andere zaken in de verordening aan te passen.

36

Kadernota 2024

Zo willen wij de raad voorstellen bij het activeren van gebouwen rekening te houden met een restwaarde van 10%. Daarmee wordt, na afschrijving van het betreffende gebouw, geanticipeerd op een verkoopopbrengst die 10% bedraagt van de aankoopwaarde/ bouwkosten van het actief. Dat wordt realistisch geacht, en zorgt ervoor dat de jaarlijkse afschrijvingskosten afnemen. Daarnaast wordt bij het vaststellen van de financiële verordening voorgesteld om de afschrijvingstermijn van wegrehabilitaties te verlengen van 35 jaar naar 40 jaar. Die verlenging ligt in lijn met de verwachte technische afschrijvingstermijn van de betreffende rehabilitaties. Bij de inventarisatie van beleidsontwikkelingen in paragraaf 2.1 van deze kadernota is op die verlenging geanticipeerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beekdaelen&id=8fa6abc8-40df-418d-a337-1981c5802491