Bijlage: TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan Sweikhuizen_Ruimtelijke motivering (Geanonimiseerd)
Tekst van het document
Ruimtelijke Motivering
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b
Inbreidingsplan (geanonimiseerd) Gemeente
(geanonimiseerd)
: pouderoyentonnaer.nl
DEROYEN
JO
NNAER
KEÛbEKevER gs
TAM-OMGEVINGSPLAN -
Ruimtelijke motivering
TAM-omgevingsplan
-
hoofdstuk
22b
Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
EN
(geanonimiseerd)
Gemeente
IDN-nummer:
NL.IMRO.1954.OPINBRSweikhuizen-VAO1
Status:
vastgesteld
Datum:
9
sa
juni
2026
pEKOYen
Nm Locatie
Nijmegen
nn
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) ed 024-3224579
info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl
Locatie Rosmalen
(geanonimiseerd) nn (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) een
raf ieenoven gp
Inhoudsopgave Hoofdstuk
Inleiding
1
UI
1.1
Aanleiding
WV
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
WI
1.3
Leeswijzer
NN
Hoofdstuk
2
huidige
De
21
Huidige
2.2
Toekomstige
2.3
ETFAL
Hoofdstuk
toekomstige
en
situatie
W@
situatie situatie
15 17
3
Toetsing
het
aan
omgevingsplan
19
geldende omgevingsplan
3.1
Het
3.2
Bestaande
3.3
Strijdigheden
3.4
Wat
is
Hoofdstuk
4
gebruiksmogelijkheden met het
20
omgevingsplan
21
TAM-Omgevingsplan?
een
21
Beleidskader
41
Rijksbeleid
4.2
Provinciaal
4.3
Gemeentelijke
Hoofdstuk
19
5
23
regionaal
en
Algemeen
5.2
Verkeer
5.3
Bodem
beleid
26
beleid
Aspecten
5.1
23
39
met
betrekking
tot
de
fysieke leefomgeving
47 47
parkeren
en
47 51
5,4
Archeologie
5.5
Geluid
5.6
Bedrijven
5.7
Luchtkwaliteit
65
5.8
Geur
70
5.9
Gezondheid
72
5.10
Omgevingsveiligheid (Externe veiligheid)
77
5.11
Water
80
en
cultuurhistorie
52 59
en
milieuzonering
63
klimaat
5.12
Duurzaamheid
5.13
Natuur
5.14
Niet gesprongen
explosieven
100
5.15
Vormvrije MER-beoordeling
101
en
91
Hoofdstuk
6
6.1
omgevingsplan
Een
87
Juridisch
kader
omgevingsplan
105 105
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
En 6.2
Artikelgewijze toelichting
106
6.3
Verbeelding
108
Hoofdstuk
Participatie/ omgevingsdialoog
7
109
7.1
Algemeen
109
7.2
Het
109
participatietraject
Hoofdstuk
Economische
8
uitvoerbaarheid
111
8.1
Algemeen
8.2
Economische
8.3
Kostenverhaal
111
8.4
Nadeelcompensatie
111
Hoofdstuk aan
uitvoerbaarheid
Conclusie
9
met
betrekking
111
tot
evenwichtige toedeling
(ETFAL)
locaties
Hoofdstuk
111
van
functies 113
Procedure
115
volgen procedure
115
10
10.1
De te
10.2
Kennisgeving voorbereiding wijziging omgevingsplan
115
10.3
Overleg ketenpartners
115
10.4
Ontwerp
en
vaststelling
116
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
Hoofdstuk 1 Aanleiding
1.1 De van van van
Inleiding
aanleiding
het
opstellen van deze ruimtelijke motivering is het planvoornemen om het omgevingsplan de gemeente Ne (geanonimiseerd) wijzigen middels een TAM-omgevingsplan, ten behoeve van de herontwikkeling het (geanonimiseerd) Dit betreft de locatie gecombineerd met woningbouw, in de kern van (geanonimiseerd) | | het huidige gemeenschapshuis(met oude gymzaal) en de voormalige school (reeds gesloopt) aan de voor
Bergstraat 80-82.
gemeenschapshuis met oude gymzaal (het | (geanonimiseerd) wordt gesloopt en in het kader herontwikkeld tot een onderhavige planvoornemen ontmoetingsruimte (inclusief terras) en woningen zoals en bijbehorende voorzieningen, ontsluiting, parkeergelegenheid, groenvoorzieningen
Het bestaande van
het
met
hemelwaterafvoer. Om
de
realisatie
van
het
planvoornemen
mogelijk
te
maken,
dient
het
omgevingsplan
van
de
gemeente
(geanonimiseerd) voor het plangebied te worden gewijzigd. Op dinsdag 22 april 2025 heeft het college van B&W van TN het kavelpaspoort definitief vastgesteld. Het vastgestelde kavelpaspoort vormt het gemeente (geanonimiseerd) | uitgangspunt
1.2 De
voor
Ligging locatie is
|
van
Via
pad
Kerstraat.
bevinden
begrenzing plangebied aan
in
de
(geanonimiseerd) in het doro MN, (geanonimiseerd) cat deel uitmaakt van de gemeente MN,
provincie Limburg.
(geanonimiseerd) en |
de kern
verbindt
en
gelegen
(geanonimiseerd) in de een
onderhavig TAM-omgevingsplan.
Het
is onderdeel
noordelijke richting
is
plangebied aan de Bergstraat bevindt zich vrijwel in het van de (historische) lintbebouwing aan de Bergstraat. het
plangebied
verbonden
met
Kerkstraat
dorp
van
Hagenstraat, welke aansluit op de de kern | (geanonimiseerd) De Bergstraat
de
en Bergstraat vormen de ‘hoofdwegen! van westelijke richting met Geleen en in oostelijke richting met Puth. zich het Danikerbos en de Danikerberg; ten zuiden ligt het Stammenderbos.
De
het
midden
in
Ten noorden
van
de kern
plangebied is kadastraal bekend als gemeente Schinnen, sectie A, nummers 3753 (1.450 m?), 4066 (21 m?), 4350 (354 m?), 4636 (665 m?) en 5056 gedeeltelijk (294 m?). Het totale oppervlak van het plangebied bedraagt circa 2.784 m?. Hieronder is zijn afbeeldingen opgenomen waarop het plangebied (globaal) is Het
aangeduid.
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
5
Ra ate Hi
Ligging plangebied in breder verband
6
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan | (geanonimiseerd)
5
raf ieenoven gp
Luchtfoto met kadastrale
gegevens
en
begrenzing plangebied (rood kader)
Leeswijzer
1.3
Na dit inleidende hoofdstuk is de In Hoofdstuk
huidige
opbouw
van
de
voorliggende ruimtelijke motivering
volgt:
2 wordt het
situatie
planvoornemen omschreven waarbij wordt ingegaan op de vergelijking van de planvoornemen. het planvoornemen getoetst aan de geldende regels uit het omgevingsplan
met het
In
Hoofdstuk
In
Hoofdstuk 4 staat het beleidskader centraal.
3 wordt
betrekking tot de fysieke leefomgeving beschreven met onder parkeren, bodemkwaliteit, bedrijven en milieuzonering, luchtkwaliteit, geur, omgevingsveiligheid, water, ecologie, archeologie & cultuurhistorie, duurzaamheid & klimaat, gezondheid en de m.e.r.-beoordeling. In Hoofdstuk 6 worden de juridisch bestuurlijke aspecten toegelicht. In Hoofdstuk7 wordt de maatschappelijke aanvaardbaarheid aan de hand van participatie omschreven. In Hoofdstuk8 wordt de economische uitvoerbaarheid van het planvoornemen besproken. In Hoofdstuk9 is de conclusie van de voorliggende ruimtelijke motivering opgenomen met het oog op een Evenwichtige Toedeling van Functies aan Locaties (ETFAL). In Hoofdstuk10 wordt de te doorlopen procedure omschreven. In
Hoofdstuk
als
5 worden
de aspecten
met
andere verkeer &
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
7
raf ieenoven inns
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
Hoofdstuk
2
huidige
De
toekomstige
en
situatie Huidige situatie
2.1
(geanonimiseerd) is een woonkern in de Nederlandse provincie Limburg, grenzend aan Geleen, Spaubeek en Puth, | en behorend tot de gemeente | (geanonimiseerd) | (geanonimiseerd) ligt op de helling van het Geleenbeekdal naar het Plateau
Doenrade.
van
Het
dorp ontstond stijgende weg
De
dorpskern
middeleeuwen, in het dal van de Geleenbeek. Er ontwikkelde zich lintbebouwing langs de naar Puth (Bergstraat). Onderaan de Sweikhuizerberg ligt de monumentale hoeve De Biesenhof. De vroegste vermelding van de Biesenhof dateert al uit 1259. Rond 1800 bestonden er twee kernen: één nabij de kerk en een meer oostelijk gelegen kern langs de Bergstraat. In de tweede helft van de 20e eeuw werd een woonwijk ten noorden van de kerk bijgebouwd.
kerk,
de kerk bevinden
en
bekend
in de
als
de
(geanonimiseerd) B, beschermheilige
Van
oudsher is
kwalitatief
van
verbonden
gehouden,
is met
mensen
bekend om (geanonimiseerd) BN
een
anticlimax.
de
helling,
op
een
hoogte
van
ongeveer 80 meter. De kleine
(geanonimiseerd) ook een gebouwd in 1739. Sinds 1851 kent MMM (geanonimiseerd) pe heilice BEM (geanonimiseerd) is de Sint-Dionysius en WM 1929 worden in oogproblemen. Sinds (geanonimiseerd) GM jeerlijks werd
aan
met deelnemers
goede pruimensoort.
echter
volgde
halverwege
Sint-Dionysiuskerk, die
blindenbedevaarten
zich
de
uit heel
Nederland.
pruimenteelt. Vanaf 1820 verwierf het dorp bekendheid dankzij een reputatie hield ongeveer anderhalve eeuw stand. Tussen 1960 en 1970 ruilverkaveling en de overgang van fruitteelt naar landbouw vond er een de
Deze
Door
kaalslag
plaats: complete boomgaarden met pruimen- en andere hoogstambomen werden gerooid. en uitbreiding van de bebouwing versnelden de teloorgang van de eens zo beroemde rèngelaot. Rooipremies Van het ooit zo rijk beschreven, bloeiende landschap rondom EN (geanonimiseerd) is weinig overgebleven. Het aantal tot tientallen. slechts enkele pruimenbomen slonk ware
plateau begroeid door het Stammenderbos en aan de noordzijde door het Danikerbos, gelegen op de Danikerberg. | (geanonimiseerd) ligt in het Landschapspark De Graven, dat in 1999 tot stand kwam op initiatief van de toenmalige gemeenten Sittard, Geleen en Schinnen. Het doel was een toegankelijk natuurgebied te realiseren en het buitengebied zo veel mogelijk in de oorspronkelijke staat van Aan
de
zuidzijde
de drie gemeenten Bekende ten
Geleen,
van
van
het
te behouden. van
het
Sittard,
de
onderdelen
noorden
helling
wordt de
de omgeving
van
de
landschapspark zijn onder meer het historische kasteel Terborg, de Schwienswei beekdalontwikkeling van de Muldersplas bij Schinnen via WN (geanonimiseerd) tot «an historische Biesenhof, en de hellingen en gebouwen bij (geanonimiseerd)
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
9
raf ieenoven
Ligging plangebied
De
omgeving van het plangebied wordt gekenmerkt door de (historische) lintbebouwing aan de Bergstraat. lintbebouwing bestaat overwegend uit woningen. Deze woningen laten een gedifferentieerd beeld zien qua verschijningsvorm, architectuur c.q. gevelindeling, goot-/bouwhoogte en kapvorm. In westelijke richting op ongeveer 70 meter van het plangebied, op de kruising Bergstraat/Kerstraat is de kerk, twee cafés en een bakkerijwinkel gelegen. Deze
10
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
POUDEROYEN
gp
paf”
ec
4
EN
NEN
Lintbebouwing aan
de Bergstraat
Lintbebouwing aan
de Bergstraat
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
11
POUDEROYEN
inns
(geanonimiseerd)
Café aan
12
de Kerkstraat
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
Bakkerijwinkel aan
de Kerstraat
plangebied is in de huidige situatie bekend als de locatie waar het | (geanonimiseerd) staat en de school van stond. Het voormalige (reeds gesloopt) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) in | (geanonimiseerd) is in de | | of met oude gymzaal van de voormalige school. Het huidige situatie een dorpshuis gemeenschapshuis die een belangrijke rol speelde binnen de gemeenschap. gebouw is vernoemd naar pastoor (geanonimiseerd) B, Het
In het
gemeenschapshuis kwamen en komen nog steeds verenigingen, inwoners en lokale groepen samen voor heeft in het verleden tevens dienst bijeenkomsten, feesten en andere activiteiten. Het (geanonimiseerd) | als school Ook het naaiatelier en was er in een peuterspeelzaal. gebouw gedaan gevestigd, waar bewoners het asielzoekerscentrum in (geanonimiseerd) kleding konden repareren en andere textielproducten konden van | maken. Door de jaren heen raakte het gebouw verouderd, voldoet het niet meer aan de wensen c.q. eisen van deze tijd en werd het te groot en inefficiënt voor hedendaags gebruik. Dit heeft geleid tot de huidige plannen voor herontwikkeling. waar (geanonimiseerd) |
de voormalige school heeft gestaan wordt nu gebruikt als parkeerplaats. parkeerplaats loopt een pad links langs het gebouw, langs de achtergelegen zaal (oude gymzaal). de achterzijde bevindt zich een kleine aanbouw of berging. Het pad loopt verder in noordelijke richting en
Naast
het
Vanaf deze Aan
sluit via
een
korte
kronkel
aan
op de Hagenstraat.
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
13
raf ieenoven inns
Luchtfoto met aanduiding
Uitsnede
14
van
het
plangebied
Google Streetview met zicht op
het
(geanonimiseerd) en de in/uitrit naar de parkeerplaatsen |
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
Ee
Uitsnede
Streetviuw met zicht op de
2.2
Toekomstige situatie
parkeerplaatsen
en
links het
hoogte
verschil t.o.v. de
Bergstraat
herontwikkeling van het B (geanonimiseerd) wordt gestreefd naar de realisatie van een nieuwe ontmoetingsruimte (minimaal 135 m?), geschikt voor dorpsactiviteiten en verenigingen. De plannen omvatten tevens de bouw van generatie neutrale woningen (10-12 woningen) en zijn erop gericht de leefbaarheid en vitaliteit van het dorp te versterken. Het bestaande | (geanonimiseerd) wordt gesloopt, aangezien het gebouw Met
te
de
groot
en
verouderd
is.
gemeenschapshuis (het | (geanonimiseerd) wordt in het kader van het onderhavige en herontwikkeld tot een ontmoetingsruimte planvoornemen gesloopt (inclusief terras) en woningen met bijbehorende voorzieningen, zoals ontsluiting, parkeergelegenheid, groenvoorzieningen en hemelwaterafvoer. Het
bestaande
ontmoetingsruimte betreft een gemeenschappelijke multifunctionele ruimte van minimaal 135 m?. Daarnaast wordt beoogd in totaal 10 tot 12 ‘generatie neutrale’ appartementen te realiseren met een oppervlakte van minimaal 80 m?, allen voorzien van een eigen buitenruimte (tuin of balkon), buitenberging en De
parkeerplaats. Binnen het plangebied wordt gebouwd in maximaal 1 tot 2 bouwlagen met kap. De goothoogte aan de voorzijde varieert daarbij tussen de 4,5 en 8,0 meter en aan de achterzijde 6,0 meter en 8,0 meter. De bouwhoogte bedraagt respectievelijk 9,0 meter en 13,0 meter mocht in de toekomst blijken dat een andere invulling wenselijk is Bijzonder is dat de ontmoetingsruimte juridisch-planologisch omgevormd moet kunnen worden tot een tweetal woning. Het is daarom van belang om op dit punt voldoende flexibiliteit in het plan op te nemen. Daarnaast wordt voorzien in de aanleg van een hemelwater en aanvullende (openbare) parkeerplaatsen, voorziening voor de opvang van groenvoorzieningen. —
Hieronder is
—
afbakening van het plangebied opgenomen met de randvoorwaarden en uitgangspunten voor onderhavig planvoornemen in de vorm van een kavelpaspoort. Dit kavelpaspoort dient als basis c.q. uitgangspunt voor het planologisch-juridisch kader van dit TAM-omgevingsplan. een
kavelpaspoort
is
toegevoegd
|
als
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
Bijlage
1.
15
raf ieenoven gp
(geanonimiseerd) Aansluiten middels
op openbaar voetpadvoetpad
het
reeds
bestaand
Naar
Bergstraat
planlocatie appartementen generatie neutraal
10 tot 12
min. 80
m2
v.z.v. tuin of balkon, eigen buitenberging en parkeerplaats
Min. 18 openbare parkeerplaatsen realiseren
op
eigen terrein
Op termijn mogelijkheid tot herbestemmen wonen
Bestaande kenmerkende keerwand handhaven waar
mogelijk
Min.
25m2
t.b.v.
realiseren
fietsparkeerplaatsen
Definitief kavelpaspoort zoals vastgesteld door het college d.d. 22 april 2025
16
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
Circa
1:250
raf ieenoven
TONNAER
(geanonimiseerd) Aansluiten middels
openbaar voetpad op het
planlocatie
appartementen 10 totgeneratie neutraal 12
min. v.z.v.
80 m2
tuin of balkon, eigen
buitenberging en parkeerplaats
Op termijn mogelijkheid tot herbestemmen wonen
Bestaande kenmerkende keerwand handhaven waar ogelijk
2.3
Crea
1: 250 d
ETFAL
Met
inachtneming van hetgeen omschreven in Hoofdstuk 4 en Hoofdstuk 5 met de bijbehorende onderzoeksrapportages en resultaten uit eventuele vervolgonderzoeken, is er met uitvoering van voorliggend ruimtelijk planvoornemen sprake van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving, en daarmee sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Zie tevens Hoofdstuk 9
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
17
raf ieenoven inns
18
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
Hoofdstuk 3 3.1
Het
Toetsing
het omgevingsplan
aan
geldende omgevingsplan
planologisch-juridische situatie van het plangebied is vastgelegd in het omgevingsplan van de gemeente (geanonimiseerd) dat op 1 januari 2024 in werking is getreden. Het tijdelijke deel van het ‘Omgevingsplan gemeente | bouwt voort op het voorgaande bestemmingsplan ‘Kernen Schinnen’, vastgesteld op 14 maart (geanonimiseerd) | basis van het 2013. Op bestemmingsplan ‘Kernen Schinnen! heeft het plangebied de bestemming en 'Verkeer'. De gronden zijn hiermee in eerste instantie bestemd voor maatschappelijke ‘Maatschappelijk’ doeleinden en verkeersdoeleinden. Binnen de bestemming 'Maatschappelijk'is ter plaatse van de huidige bebouwing bovendien voorzien in een bouwvlak. De
is
dubbelbestemming ‘Waarde Archeologie 1'. Hiermee is het plangebied tevens bedoeld ter bescherming van eventueel archeologisch erfgoed. Naast het voorgaande is het 'Paraplubestemmingsplan Archeologie', vastgesteld op 23 april 2024, en van toepassing. Op basis van dit paraplubestemmingsplan heeft het plangebied de dubbelbestemmingen 'Waarde Archeologie 3, 4 en 6' als vervanging van de dubbelbestemmings 'Waarde Archeologie 1'. Daarnaast
het
plangebied
voorzien
van
de
-
-
-
'Paraplubestemmingsplan Woningsplitsing, Kamerbewoning en Parkeren, vastgesteld op 19 Dit bestemmingsplan is met name gericht op het voorkomen van meergezinswoningen dan kamerbewoning en derhalve niet van toepassing in realatie tot de maatschappelijke bestemming.
Tevens
geldt
december wel
het
2023.
Kernen Schinnen Bestemmingsplan meer
kenmerken
-
Gemeente Schinnen
w
vastgesteld
14-03-2013
Plekinfo
Regels
-
geheel onherroepelijk
Bijlagen bijregels
in werking
Gerelateerd
Overig
Bestemmingsvlakken (2)
[+ ]Waarde Archeologie -
1
>
LJ] Maatschappelijk >
187346, 329374
Uitsnede
omgevingsplan gemeente (geanonimiseerd)
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
19
raf ieenoven gp
Bestaande
3.2
Hieronder
gebruiksmogelijkheden
zijn regels opgenomen die de bestaande gebruiks-
Maatschappelijk goed
*
17.11
De
voor
aangewezen
bibliotheken;
b. c.
gezondheidszorg; _jeugd- en kinderopvang; onderwijs;
d.
sociaal-culturele doeleinden;
g. h. i.
_
horeca
van
wonen,
uitsluitend ter
met daaraan
categorie 2, uitsluitend
Artikel
gronden zijn bestemd
voor:
horeca;
2.
groenvoorzieningen;
3.
van
ter
de
ondergeschikt:
1.
parkeervoorzieningen; en waterhuishoudkundige voorzieningen.
4,
water
_ 17.2 Bouwregels
.
17.2.1
Op de a.
b.
*
Voor a.
van
plaatse van de aanduiding ‘horeca van categorie 2'; plaatse aanduiding ‘wonen’; ter uitsluitend verblijfsgebied, plaatse van de aanduiding ‘verkeer’;
k.
e
basis
openbare dienstverlening; religie; verenigingsleven; _ _welzijnsinstellingen; zorginstellingen; _ het uitoefenen van sport- en spelactiviteiten;
j. |
op
Algemeen
'Maatschappelijk'
a.
f.
bouwmogelijkheden
_ Artikel 17 Maatschappelijk
,
e.
en
samenvatten.
voor
Algemeen 'Maatschappelijk'
aangewezen
gronden
uitsluitend worden
mogen
gebouwen ten behoeve van de in artikel 17.1 genoemde bestemming, aanduiding 'bouwvlak!' ; de daarbij behorende bijgebouwen; de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouw zijnde.
_17.2.2
ter
plaatse
van
de
aanduiding
het bouwen
ter
plaatse van
de
aanduiding '‘bouwvlak!' gelden
het bouwvlak
mogen
uitsluitend ter
plaatse van
de
'‘bouwvlak'
Regels
binnen
gebouwd:
gebouwen, bijgebouwen
en
de
volgende regels:
bouwwerken, geen gebouw zijnde worden
gebouwd; b.
g.
plaatse van de aanduiding ‘maximum bebouwingspercentage!' het aangeduide maximum bebouwingspercentage geldt; de voorgevels worden geplaatst in of evenwijdig aan de naar de weg gekeerde bouwgrens; gebouwen worden plat of met een kap van maximaal 60° afgedekt; de goothoogte bedraagt maximaal 9,00 meter, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding ‘maximale goothoogte! de aangeduide maximale goothoogte geldt; _de bouwhoogte bedraagt maximaal 16,00 meter, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding ‘maximale bouwhoogte! de aangeduide maximale bouwhoogte geldt; voor de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde wordt verwezen naar artikel 17.2.3.
20
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
c.
f.
het bouwvlak wordt
voor
maximaal
100%
bebouwd,
met dien
verstande dat ter
|
17
raf ieenoven gp
_17.2.3 Bouwwerken,
*
het bouwen
Voor
buiten het bouwvlak
*
gebouw zijnde
geen
bouwwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels:
van
bouwwerken, geen gebouw zijnde worden gebouwd;
mogen
_ bouwwerken, geen gebouw zijnde mogen
uitsluitend achter de naar de weg gekeerde bouwgrens worden gebouwd, met uitzondering van erfafscheidingen; _de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde bedraagt maximaal 5,00 meter, met dien verstande dat de bouwhoogte van lichtmasten maximaal 8,00 meter bedraagt en de bouwhoogte van erfafscheidingen voor de naar de weg gekeerde bouwgrens maximaal 1,00 meter bedraagt en achter de naar de weg gekeerde bouwgrens maximaal 2,00 meter bedraagt.
*
*
Strijdigheden
3.3
realiseren
Het
van
'Maatschappelijk'.
met
het
woningen
is
omgevingsplan op
is binnen
Wonen
basis
van
het
deze functie alleen
omgevingsplan toegestaan
op
niet
grond
mogelijk binnen de functie een specifieke aanduiding
van
‘wonen’. Verder mogen
gebouwen
plangebied
echter
is
uitsluitend worden
ook
toekomsige
gerealiseerd binnen het bouwvlak. Aan de westelijke zijde van het bebouwing voorzien buiten het bouwvlak, ter plaatse van de huidige
parkeervoorziening. Het *
*
planvoornemen
is derhalve op twee onderdelen
strijdig met het geldende omgevingsplan:
_ De functie: de bestemming 'Maatschappelijk' biedt niet de gewenste mogelijkheden voor wonen. _ Het bouwvlak:voor een deel van het plangebied ontbreekt het benodigde bouwvlak.
kavelpaspoort mogelijk te maken, dient te worden afgeweken geldende planologische regeling. omgevingsplan ter plaatse van het plangebied zal daarom worden gewijzigd naar de functie 'Wonen' met bijbehorende bouwmogelijkheden, door middel van een TAM-omgevingsplan. Voor de multifunctionele ruimte wordt een functieaanduiding ‘Maatschappelijk! Om
het
van
de
conform
gewenste planvoornemen
het
Het
opgenomen. Het
door
college vastgestelde planologisch juridisch kader voor omgevingsplan met TAM-IMRO. 3.4
het
Wat
‘TAM’
staat
IMRO-standaard
het
Dit
Daarom
(22B)
van
de Omgevingswet in
combinatie
is het
TAM-omgevingsplan
Juridisch
van
van
omgevingsplan
functioneren.
het
vormt
tijdelijke deel)
Tijdelijke Alternatieve Maatregel. Met een TAM-omgevingsplan is het mogelijk om voor bestemmingsplannen en bijbehorende software het omgevingsplan te wijzigen.
Bij inwerkingtreding van
uitgangspunten
van
het het
TAM-Omgevingsplan?
is een
voor
kavelpaspoort met de randvoorwaarden en het opstellen van onderhavige wijziging (van
met
is onderkend het
DSO
dat de
(Digitaal
met
de
planapplicaties voor het maken en publiceren Omgevingswet) vaak nog onvoldoende
Stelsel
TAM-omgevingsplan mogelijk gemaakt.
opgesteld op basis van de IMRO-standaard voor bestemmingsplannen. het omgevingsplan. Dit TAM-omgevingsplan wordt een apart hoofdstuk het tijdelijke omgevingsplan. Uiteindelijk zal het verwerkt worden in het definitieve omgevingsplan
is
het
de gemeente
een
is
dus
wijziging
van
(geanonimiseerd) |
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
21
raf ieenoven inns
22
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
Hoofdstuk 4 4.1
Rijksbeleid
4.1.1
Nationale
De
Nationale
waarin
het
Beleidskader
Omgevingsvisie (NOVI) (NOVI)
Omgevingsvisie
Rijk
de
is
opvolger geeft op
de
van
Infrastructuur
Structuurvisie
De
de
(SVIR), leefomgeving in wordt bij voorkeur en
lange termijn toekomstige ontwikkeling geeft richting en helpt keuzes te maken. Bij de afweging van keuzes gekozen voor slimme combinaties van functies, wordt uitgegaan van de specifieke kenmerken van gebieden en worden beslissingen niet uitgesteld of doorgeschoven. Nederland.
visie
een
NOVI
De nationale belangen en volgende vier prioriteiten:
opgaven
het
waarop
Rijk
wil
sturen
richting
en
3.
klimaatadaptatie en verandering energievoorziening. Duurzaam economisch groeipotentieel. Sterke en gezonde steden en regio's.
4.
Toekomstbestendige ontwikkeling
Om
invulling
1.
Combinaties
2.
Kenmerken
en
3.
Afwentelen
wordt voorkomen.
1.
Ruimte
2.
wil
Ruimte
de
van
komen
geven,
kwaliteiten
en
in
samen
de
voor
te kunnen
geven
aan
functies gaat
van
identiteit
van
het
van
landelijk gebied.
deze vier prioriteiten
Rijk de volgende drie afwegingsprincipes:
hanteert het
enkelvoudige functies. gebied staan centraal.
voor
een
Toetsing Met de NOVI wordt vooral
gestuurd op inbreiding in plaats van uitbreiding. Dit planvoornemen sluit aan bij integrale verstedelijkingsstrategie, die gericht is op het realiseren van voorzieningen (in de vorm van een multifunctionele ruimte) en woningen binnen stedelijk gebied. Een belangrijk aspect van de NOVI is het creëren van prettige woonmilieus (prioriteit 3: 'Sterke en gezonde steden en regio's!) en aandacht voor klimaatadaptatie (prioriteit 1). de ambities
de
van
Dit
planvoornemen biedt ruimte gerealiseerd, ofwel De
of
10
12
woningen,
ruimte
twee
voor
opties.
ofwel
Er worden
10
woningen
én
een
multifunctionele
12 woningen. al
dan
niet
in
combinatie
met
de
multifunctionele
(geanonimiseerd) pit draagt bij aan de herstructurering van de kern MM Doordat de woningen met gemeenschapsruimte stedenbouwkundig zorgvuldig planvoornemen geen afbreuk aan de bestaande identiteit van de buurt.
leefbaarheid
ruimte, van
de
worden
zorgen kern
voor
een
(geanonimiseerd) GN
ingepast,
doet
het
langer dienst doet als school of peuterspeelzaal, het gebouw niet meer tijd en er slechts sprake is van tijdelijke invullingen, ligt het voor de hand dat de kern (geanonimiseerd) hier wordt aangepast. Het planvoornemen sluit hiermee aan bij de MM functionele structuur van een toekomstbestendie (geanonimiseerd) ruimtelijke en
Aangezien voldoet
het bestaande
aan
de
wensen
gebouw
niet
c.q. eisen
van
Door de centrale
ligging van
aanwezig, zich op
korte afstand. Naast
bij
aan
voor
het
waar
de
een
prettig
deze
de woningen
woonmilieu
voor
ontstaat
een
sociaal
de
toekomstige
bewoners.
van
het
(minimale) voorzieningenniveau
gemeenschap
van
(geanonimiseerd) Mekaar
behoud
netwerk
het feit dat de woningen
kan ontmoeten
en
en
bevinden voorzieningen,
voorzien in de Daarnaast
blijft
een
voor
zover
woningbehoefte, dragen zij ook
zorgt de multifunctionele
voorziening,
in
‘afgeslankte!
ruimte vorm,
behouden.
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
23
Gezien de grote woningbehoefte en met name de vraag naar kleinere huurwoningen in de regio Sweikhuizen is er sprake van duurzame groei. Het planvoornemen speelt in op deze regionale vraag en zal de doorstroming op de woningmarkt bevorderen. De woningen worden met aandacht voor duurzame energievoorziening gerealiseerd. Dit draagt bij aan een duurzame ontwikkeling op lange termijn. ,
,
Conclusie Samenvattend kan worden gesteld dat het planvoornemen evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
wenselijk is
en
dat
er
sprake is
van
een
Instructieregels Rijk (AMvB's) 4. 1. 2 De Omgevingswet werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur (AMvB’s): 1. 2. 3. 4.
het Omgevingsbesluit (Ob) ; het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) ; het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) ; het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).
In deze AMvB's staan regels voor het praktisch uitvoeren van de wet. Voor de volgende onderwerpen gelden er op grond van het Besluit kwaliteit leefomgeving instructieregels voor het vaststellen van een (wijziging van het) omgevingsplan: De dienstenrichtlijn (art 5. 1a Bkl) ; Waarborgen van veiligheid (§ 5. 1. 2 Bkl) ; Beschermen van waterbelangen (§ 5. 1. 3 Bkl) ; Beschermen van gezondheid en milieu waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht trillingen geluid en geur en bodemkwaliteit (§ 5. 1. 4 Bkl) ; Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking (§ 5. 1. 5 Bkl) ; Het behoud van ruimte voor toekomstige functies voor autowegen buisleidingen natuur- en recreatiegebieden (§ 5. 1. 6 Bkl) ; Het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten waaronder landsverdediging en nationale veiligheid elektriciteitsvoorziening rijksvaarwegen en luchtvaart fiets- en wandelroutes aanwijzing van woningbouwcategorieën (§ 5. 1. 7 Bkl) ; Het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (§ 5. 1. 8 Bkl). ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
Toetsing Voor onderhavige afwijking van het Omgevingsplan zijn de onderstaande categorieën
van
toepassing:
Omgevingsbesluit In het Omgevingsbesluit staan regels over het bevoegd gezag voor omgevingsvergunningen over procedures handhaving en uitvoering en over het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Voor het Omgevingsbesluit is er in dit geval sprake van het volgende: ,
,
,
Het TAM-omgevingsplan heeft als doel het wijzigen van het omgevingsplan. De aanvraag omgevingsplan te wijzigen valt onder de werking van artikel 16.30 lid 1 van de Omgevingswet. ,
Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Voor het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) betreft dit:
24
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan Sweikhuizen
,
om
een
raf ieenoven Ka
*
_ Doordat twaalf aan
sprake
er
rekening
sprake
er
te worden
Besluit bouwwerken Voor *
toevoeging
kwetsbare
nieuwe
van
in combinatie
niet
met
objecten
multifunctionele
een
in
de
vorm
ruimte, dient
van
dan
tien
getoetst
er
wel
worden
te
leefomgeving (Bkl).
leefomgeving (Bal)
het Besluit activiteiten
_ Doordat
*
de
van
het Besluit kwaliteit
Besluit activiteiten Voor
is
al dan
woningen
is
leefomgeving (Bkl) betreft dit:
van
een
gehouden
strijdigheid met het
de
met
regels
Besluit activiteiten
en een verandering leefomgeving (Bal).
het
in
gebruik
dient
er
ook
leefomgeving (Bbl)
het Besluit bouwwerken
leefomgeving (Bbl) betreft dit:
_ Naast het toevoegen van de woon-/maatschappelijke functies is er ook sprake van de activiteit bouwen. Met het project worden of
ruimte
12
nieuw bouwwerken
woningen.
Deze
toegevoegd,
gebouwen
dienen
te
de aspecten
met
in de
vorm
worden
van
10 woningen
getoetst
met
het
aan
multifunctionele
Besluit
bouwwerken
leefomgeving (Bbl).
In Hoofdstuk
5
betrekking tot de fysieke leefomgeving behandeld. Aan de hand van de aspecten met betrekking tot de fysieke leefomgeving wordt aangetoond dat er wordt voldaan aan de sectorale aspecten die voortvloeien uit het Omgevingsbesluit, het Besluit activiteiten het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bal), leefomgeving (Bbl) en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Voor
de
instructieregels
bij
het
zover
Hoofdstuk
5
deze motivering worden
van
relevant
zijn
het
voor
betreffende aspect behandeld.
voorliggend planvoornemen, worden deze regels blijkt dat het planvoornemen past binnen
Uit deze toets
in de
kaders uit deze AMvB's.
4.1.3
Ladder
4,1.3.1
Wettelijk
De
Ladder
duurzame
voor
voor
verstedelijking
kader duurzame
leefomgeving (Bkl). het omgevingsplan,
verstedelijking
De Ladder
voor
duurzame
is
opgenomen
in
artikel
stedelijk ontwikkeling
5.129g
van
is opgenomen
als
het een
Besluit
kwaliteit
instructieregel voor stedenbouwkundige
specifiek gericht op het beschermen van landschappelijke of erfgoed. De ladder voor duurzame stedelijke ontwikkeling is van toepassing op een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, van kantoren, een detailhandelvoorziening of een andere stedelijke
waarden
cultureel
en
voorziening
en
die voldoende
substantieel is.
van
omgevingsplan voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt met het oog op het belang zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand in het omgevingsplan rekening gehouden met:
a.
de behoefte
Voor
zover
een
stedelijke ontwikkeling; en stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied, de mogelijkheden om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien. aan
die
als die
instructieregel in artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) regelt dat bij een wijziging omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de Ladder is vereist. De
Het
beoogde
worden.
De
en
huidige planologische
kwantitatieve
én
regime
kwalitatieve
moeten
behoefte
van
bij toepassing van de het planvoornemen
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
Ladder moet
met
worden
van
het
elkaar
vergeleken bepaald op het
25
raf ieenoven gp
het
verzorgingsgebied van
het
niveau
van
Artikel
5.129g Bkl geeft geen ondergrens
planvoornemen.
uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zijn hiervoor lijnen uitgezet. Bij woningbouw is vanaf 12 woningen sprake van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. De Laddertoets moet alleen worden uitgevoerd wanneer de stedelijke ontwikkeling 'nieuw' is. aan.
In
Toetsing
4.1.3.2
plangebied is sprake van een nieuwe ontwikkeling in de vorm van maximaal 12 wooneenheden. Op basis van het omgevingsplan zijn binnen het plangebied momenteel nog geen woningen toegestaan. Doordat er maximaal worden 12 woningen toegevoegd, wordt net de drempelwaarde van 12 woningen voor deze reden er sprake van een Om is woningbouw gehaald. ladderplichtige ontwikkeling in het kader van de ladder voor duurzame stedelijke ontwikkeling. De marktvraag en behoefte dienen daarom te worden Binnen
het
onderbouwd.
planvoornemen sluit qua aantal woningen en woningtypologie aan bij de marktvraag in de regio. levensloopbestendige woningen worden aangeboden als 4 sociale huurappartementen en 8 appartementen de middenhuur of betaalbare koop, met een prijs tussen € 280.000 en € 345.000. Het
het planvoornemen worden huurwoning worden aangeboden.
De in
gerealiseerd die zowel als koopwoning als sociale appartementen/woningen zijn qua oppervlakte geschikt voor zowel alleenstaanden als stellen en zijn geschikt voor zowel starters, 1-2 persoonshuishoudens en senioren. Het planvoornemen voldoet verder aan de definitie van een nultredewoning. Met
appartementen
De
Zoals
blijkt uit de paragrafen 4.2.7 en 4.3.2 sluit het planvoornemen aan bij de marktvraag en behoefte in de omgeving. De woningen zijn daarnaast al regionaal afgestemd. Er is in dit geval dus al beoordeeld dat er sprake is van een duurzame verstedelijking. (bij 10 woningen) van minimaal 135 m?. Dit is een afschaling c.q. verkleining van het huidige gemeenschapshuis. Hiermee blijft een dergelijke voorziening behouden voor de kern (geanonimiseerd) en draagt het bij aan het voorzieningenniveua en de leefbaarheid van de MN Daarnaast
kern
wordt voorzien
multifunctionele
ruimte
voorgaande kan worden gesteld verstedelijking’.
dat het
in
een
(geanonimiseerd)
Op basis
rondom
de
beoordelingen kan worden geconcludeerd dat het onderhavige planvoornemen lijn is met het Rijksbeleid en daarmee sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
in
‘Ladder
van
voor
het
planvoornemen
in
lijn
is met het beleid
duurzame
4.1.4
Conclusie
Op basis
van
4.2
Provinciaal
4.2.1
Provincialeomgevingsvisie (POVI)
bovenstaande
en
Op 1 oktober 2021 hebben
omgevingsvisie Limburg
regionaal beleid
de
Provinciale Staten de omgevingsvisie
op 25 oktober 2021 in
van
de provincie
Limburg vastgesteld.
De
werking getreden.
omgevingsvisie is een strategische en lange termijn (2030-2050) visie op de fysieke leefomgeving en beschrijft onderwerpen zoals wonen, infrastructuur, milieu, water, natuur, landschap, bodem, ruimtelijke economie, luchtkwaliteit en cultureel erfgoed. Daarnaast worden ook de aspecten gezondheid, veiligheid en een gezonde leefomgeving in de omgevingsvisie meegenomen. In de omgevingsverordening legt de Provincie regels vast voor onder meer natuur, milieu, (grond-)water, ontgronding, wegen, ruimte (verstedelijking, wonen, werklocaties, agrarische bedrijven). De
Bovengenoemde onderwerpen
26
worden
verdeeld in
een
drietal
hoofdopgaven.
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
aantrekkelijke, sociale, gezonde en veilige leefomgeving; toekomstbestendige, innovatieve en duurzame economie; Klimaatadaptatie en energietransitie.
1.
Een
2.
Een
3.
inclusief landbouwtransitie;
omgevingsvisie is geen blauwdruk voor de toekomst. Bij (nieuwe) ontwikkelingen kunnen nog keuzes worden gemaakt. Daarbij kiest de provincie Limburg voor maatwerk en dient er rekening gehouden te worden met het karakter en mogelijkheden van een gebied en de afweging van belangen op lokale schaal. Als er moeten worden deze basis van onderstaande worden, afwegingen gemaakt gemaakt op Limburgse principes: De
woNnurwN=
We
10.
We
„
streven
naar
De kenmerken Meer stad, We
gaan
inclusieve, gezonde
een
identiteit
en
gebieden
van
en
veilige samenleving;
staan
centraal;
land;
meer
zorgvuldig
met onze ruimte
om
voorraden,
boven- én
ondergronds;
Procesmatige uitgangspunten:
maatschappelijke opgaven en kansen staan centraal (Grensoverschrijdende) samenwerking, participatie en eigenaarschap; We werken gebiedsgericht; We werken adaptief aan de opgaven; De
werken
als één overheid
Toetsing planvoornemen wordt bijgedragen aan de eerste hoofdopgave: het creëren van een aantrekkelijke, en veilige samenleving. Door de realisatie van 10 woningen met multifunctionele ruimte (respectievelijk 12 woningen) aan de Bergstraat wordt hieraan bijgedragen doordat er een nieuwe, aantrekkelijke en veilige woonlocatie wordt gecreëerd die past binnen de bestaande ruimtelijke en Met
het
sociale
functionele structuur De
woningbouw
waardoor
met
ontstaat.
Door
identiteit
van
Bovendien
van
sluit
(geanonimiseerd)
de kern
aan
op
de
het
planvoornemen
de
inpassing
de kern
van
overwegende woonfuncties in de directe omgeving van het plangebied, een toekomstbestendige herstructurering van de kern van Sweikheuizen de
gerespecteerd
woningen in combinatie met de multifunctionele ruimte wordt de versterkt, wat de leefbaarheid binnen de kern ten goede komt.
tien en
zijn de procesmatige uitgangspunten
‘maatschappelijke opgaven’, ‘gebiedsgericht werken’ en ‘adaptief opgaven’ toepassing. Door de bouw van bijna energieneutrale woningen, die voldoen aan de meest recente eisen op het gebied van woningbouw en duurzaamheid, met duurzame waterberging en ruimte voor klimaatadaptatie, worden toekomstbestendige woningen, in combinatie met een multifunctionele ruimte, gecreëerd. werken
aan
van
van
Conclusie Samenvattend waardoor
kan worden
sprake
is
van
een
gesteld dat het planvoornemen in lijn is met de Provinciale Omgevingsvisie (POVI), evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
27
raf ieenoven Ka
Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI) 2025-2050
Geactualiseerde
4.2.2 de
Omgevingsvisie (ontwerp) in voorbereiding is. De strategisch plan voor de fysieke leefomgeving in Limburg. Het is de opvolger van de huidige Omgevingsvisie Limburg. In de Omgevingsvisie staan de ambities, doelen en kaders voor de lange termijn (2025-2050) van de Provincie Limburg. Het document biedt een integrale leidraad voor de inrichting, het beheer en het gebruik van de schaarse ruimte in de provincie Limburg. Daarbij kijkt de Omgevingsvisie naar de leefomgeving in de brede zin. Dus niet alleen naar traditionele ruimtelijke onderwerpen, maar ook naar thema's zoals gezondheid, leefbaarheid, milieu en veiligheid. Op grond van Voor
geldt
provincie
dat
Provinciale Omgevingsvisie
artikel 3.2 De
nieuwe
Limburg
is het
de Omgevingswet
van
Limburg
provincie
een
heeft
in
moet
haar
Provinciale
elke provincie
Omgevingsvisie hebben.
een
Omgevingsvisie
vier
overkoepelende
ambities
geformuleerd.
Deze
zijn
hieronder opgenomen. en dorpen met een goed vestigingsklimaat: Optimaal benutten van ruimte in bestaande dorpen, verbeteren van leefbaarheid en versterken van economische innovatiekracht. Balanstussen functies in het landelijkgebied: Combineren van de belangen van landbouw, natuur, water, landschap en vrijetijdseconomie, onder meer door gebiedsgerichte zonering. Toekomstbestendige mobiliteits- en energiesystemen: Duurzame energievoorziening en slimme mobiliteitsoplossingen.
1.
2.
3.
Sterke
steden
steden
en
4.
vitale
Een
bodem zowel
watersysteem
en
robuust
een
perioden
van
Herstel
watersysteem:
droogte
als
perioden
met
bodemkwaliteit
van
grote waterafvoer
en
zorgen
dat
ons
kan opvangen.
Verder
pakt de provincie toekomstige uitdagingen graag integraal aan en kiest daarbij voor duidelijke sturing samenwerking. Om dit te kunnen borgen werkt de provincie volgens vier leidende grondbeginselen, ook wel de Limburgse principes genoemd: en
*
Gezonde en veilige leefomgeving: Prioriteit voor gezondheid veiligheid en welzijn van mens, plant. De leefomgeving moet bijdragen aan het voorkomen van bijvoorbeeld hittestress, luchtverontreiniging, geluidsoverlast en risico's zoals overstromingen. _ Principe 2 Identiteit en kenmerken van gebieden: Beleidskeuzes sluiten aan op unieke landschappen, culturen en gebiedseigen kenmerken. Ontwikkelingen moeten de regionale identiteit versterken. _ Principe 3 Zorgvuldig omgaan met schaarse ruimte en voorraden (boven- en ondergronds): We moeten onze ruimte, netwerken (verkeer en energie) en voorraden optimaal benutten. Multifunctioneel wordt ruimtegebruik gestimuleerd. Versterken van bebouwd én landelijk gebied: We koesteren de variatie in stedelijke en Principe 4 landelijke gebieden. We willen steden en dorpen compact houden en stedelijke functies zoveel mogelijk in bestaand bebouwd gebied concentreren.
Principe dier
*
*
*
1
—
en
—
—
—
Toetsing
planvoornemen
sluit
Omgevingsvisie. De
eerste
Dit
met
goed vestigingsklimaat.
een
ruimte
aan
bestaande
in
bij
de
ambitie die
steden
en
ambities
zoals
in de POVI wordt
Dit kan
worden
dorpen,
de
bereikt
leefbaarheid
genoemd in de nieuwe (ontwerp) Provinciale genoemd, is het creëren van sterke steden en dorpen door optimaal gebruik te maken van de beschikbare te verbeteren
en
de
economische
innovatiekracht
te
versterken. Zoals
omschreven
leven in te blazen een
multifunctionele
De realisatie
bij
28
in
aan
de
van
paragraaf
4.2.6
door verouderde
is het
doel
gebouwen
ruimte, dan wel 12 woningen
deze 10 tot 12
herstructurering
van
woningen, de
kern
in
de
regio
te vervangen.
al dan
B
om
Met
potentiële locaties planvoornemen
het
binnen
de kernen
worden
10
nieuw
woningen
én
gerealiseerd. niet in combinatie
(geanonimiseerd) pit
sluit
ook
met
de multifunctionele
aan
bij
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
de
Limburgse
ruimte, draagt principes.
Door
raf ieenoven gp
transformatie
de
van
locatie
voormalige
(geanonimiseerd) is |
behoud
van
het
locatie
waar
de
kan
het
van
namelijk
sprake
van
optimaal
ruimtegebruik (principe 3). De
multifunctionele
hierdoor
een
Dit sluit
ontmoeten.
(minimale) voorzieningenniveau. De ekaar gemeenschap van (geanonimiseerd) B 'Identiteit en kenmerken van 2 bij principe gebieden’.
ruimte
voorziening, aan
zorgt
in
voor
‘afgeslankte!
vorm,
blijft (blijven)
draagt het planvoornemen bij aan het eerste principe: het creëren van een gezonde en veilige leefomgeving. Door levensloopbestendige woningen binnen de kern van WW (geanonimiseerd) te realiseren, wordt een brede beschikken over meerdere doelgroep aangesproken. De woningen slaapkamers onder één kap, waardoor ze geschikt zijn voor ouderen, maar ook als eengezinswoning kunnen dienen voor starters en 1-2 persoonshuishoudens. Daarnaast
het planvoornemen worden 10 tot 12 woningen toegevoegd aan de kern van MW, (geanonimiseerd) zonder dat uitbreiding van de kern nodig is. Dit is in lijn met principe 4: Versterken van bebouwd én landelijk gebied. Door dit inbreidingsplan blijft de kern compact, terwijl toch wordt voorzien in extra woonruimte. Met
Bovendien duurzame
worden
de woningen
energievoorziening.
klimaatbestendig gerealiseerd, met aandacht voor hemelwaterberging en een sluit het plan eveneens aan bij ambities 3 en 4 van de Provinciale
Daarmee
Omgevingsvisie. Conclusie Samenvattend
kan
Omgevingsvisie
worden
gesteld dat het planvoornemen in lijn (in voorbereiding c.q. ontwerp), waardoor sprake
functies
aan
4.2.3
_Provincialeomgevingsverordening
is
met
de
is
van
een
geactualiseerde Provinciale evenwichtige toedeling van
locaties.
de provincie vindt dat bindende regels noodzakelijk zijn voor de uitvoering van specifieke de Provinciale worden deze de uit in beleidsaspecten Omgevingsvisie Limburg, vastgelegd Provinciale hebben de de Staten nieuwe in omgevingsverordening. omgevingsverordening Limburg vastgesteld van december en december 17 2021 2022. vergadering gewijzigd op 16 Wanneer
omgevingsverordening omvat alle provinciale regels met betrekking tot de fysieke leefomgeving. regels zijn direct van toepassing op alle inwoners, bedrijven en specifieke doelgroepen in de provincie. regels geven aan welke voorwaarden er zijn voor het uitvoeren van bepaalde activiteiten. De
Deze Deze
In de
omgevingsverordening Limburg staan de provinciale regels op het gebied van milieu, provinciale wegen, (grond-)water, grond, landbouw, natuur, wonen en ruimte. De omgevingsverordening Limburg bevat twee soorten regels: *
*
_instructieregels gericht tot gemeenten of het waterschap. Dit zijn opdrachten aan de gemeenten en het waterschap die de gemeenten moeten verwerken in het gemeentelijke omgevingsplan en het waterschap moet verwerken in de waterschapsverordening. Pas na het verwerken van de provinciale instructieregels in het gemeentelijke omgevingsplan, of in de waterschapsverordening krijgen deze regels effect op activiteiten van inwoners en bedrijven. regels voor activiteiten die rechtstreeks voor alle inwoners en bedrijven gelden, of voor specifieke doelgroepen.
Bij de verordening op
perceelniveau
horen
een
kan
worden
aantal
thematische
beoordeeld
kaarten.
welke
Deze kaarten
provinciale
regels
zijn digitaal uit
de
raadpleegbaar, waarbij omgevingsverordening van
toepassing zijn. Toetsing
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
29
Uitsnede kaart omgevingsverordening Limburg
plangebied ligt op basis van de kaarten behorend bij de Omgevingsverordening Limburg, raadpleegbaar zijn via 'Regels op de kaart’, in een zone die is aangemerkt als ‘landelijk gebied (rood)'. Het
die
ter van de ook de geldt plaatse aanduiding ‘Stedelijk gebied' aanduidingen ‘Overstromingskansgebied E (1:100 jaar)' en uitsluitingsgebied windturbines. Daarnaast zijn de regels uit de paragrafen ‘wonen! en 'klimaatadaptatie' van belang voor het plan. Daarnaast
*
Wonen
Doordat
sprake is van de realisatie van een woonlocatie zijn zwaarstwegend. In paragraaf 12.11. 'Wonen' zijn onder artikel planvoorraad wonen opgenomen. motivering bij beschrijft dat: De
a.
b.
c.
30
omgevingsplan
dat betrekking
heeft
op
de
instructieregels van wonen het instructieregels voor nieuwe
realisatie
van
een
of meerdere woningen
rekening is gehouden met de hoofdstukken 3 (Limburgse principes en algemene zonering) en 5 (wonenleefomgeving) van de provinciale omgevingsvisie; sprake is van behoefte in kwaliteit en kwantiteit op basis van actueel onafhankelijk regionaal behoefteonderzoek; deze woningen overeenstemming bestaat binnen de regio Zuid-Limburg. De regio’s bepalen eigenstandig de regionale overeenstemming, organiseren hun eigen regionale overleggen en dragen zorg voor actuele regionale woonvisies en regionale onderzoeken; het omgevingsplan is opgenomen in de Limburgse systematiek van monitoring, bedoeld in afdeling 14.5 over
de
behoefte
Noord-Limburg
d.
een
de
12.1.1.
of
realisatie
van
Midden-Limburg
of
aan
TAM-omgevingsplan
hoofdstuk 22b
Inbreidingsplan | (geanonimiseerd)
raf ieenoven gp
realisatie
e.
de woningen
van
niet wordt
termijn
gehaald,
beoogd
is
hoe
wanneer
en
binnen
na vaststelling van het omgevingsplan en dat, deze mogelijkheid tot realisatie van deze woningen komt te
5 jaar de
vervallen.
In
paragraaf
bestaat
4.2.1 het
uit
is
getoetst
toevoegen
multifunctionele ruimte
de
aan
hoofdstukken dan
tien
van
in het bestaande
Doordat aan de overzijde toekomstige bebouwing aan
van
de
wel
gebied
rondom
en
op de bestaande
provinciale omgevingsvisie. Het planvoornemen woningen al dan niet in combinatie met een
twaalf
bebouwde
weg
uit de
het
ruimtelijke
de kern
van
perceel
(geanonimiseerd)
reeds
woningen
functionele structuur
en
aanwezig
van
de kern
zijn,
sluit
de
(geanonimiseerd)
woningen worden gericht op verschillende doelgroepen, zoals starters, 1-2 persoonshuishoudens en en daarmee senioren, zodat het project een brede bijdrage levert aan de leefbaarheid van de kern (geanonimiseerd) WN De
de
‘doorstroming’
in de
woningmarkt
brengt.
op gang
Dergelijke woningen zijn van groot belang voor de woningmarkt. Door het realiseren kleinere appartementen, alleenstaanden of een of twee persoonshuishoudens aangemoedigd om kleiner te gaan wonen. Deze locatie zorgt er binnen de kern BM (geanonimiseerd) voor det toekomstige woningen sociale contacten en
worden
op korte afstand
voorzieningen
kunnen
behouden.
afgestemd en zijn opgenomen in de plancapaciteitsmonitor van de provincie Limburg. De brief met betrekking tot de regionale afstemming is toegevoegd als Bijlage 2 aan de voorliggende motivering. Met betrekking tot sub e, geldt dat de woningen binnen 5 jaar na de vergunningverlening zullen worden gerealiseerd. De
woningen
zijn regionaal
In de
navolgende motivering,
voor
het
realiseren
getoetst
aan
_ Klimaatadaptatie
In
Paragraaf De
initiatief verder
3.2.3. worden
motivering bij
beschrijving
nieuwe
getoetst
In
aan
4.2.1
aansluit
e
1.
wordt het
woningen. paragraaf bij de provinciale en gemeentelijke visies. de overige regels uit de omgevingsverordening.
planvoornemen
van
een
onder artikel 3.5
omgevingsplan
regels genoemd dat
een
nieuwe
met
de
regels
in
en
4.2.4
wordt
In Hoofdstuk
betrekking
tot
de
omgevingsverordening aangetoond dat het wordt het planvoornemen 5
klimaatadaptatie.
ruimtelijke ontwikkeling mogelijk
maakt
bevat
een
van:
2.
gevolgen van klimaatverandering; en de maatregelen en voorzieningen die worden getroffen om de risico’s en gevolgen van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. In de beschrijving worden in ieder geval de volgende risico’s betrokken:
a.
wateroverlast;
b.
overstroming;
c.
droogte. Bij de beschrijving wordt gebruik gemaakt stresstest- en overstromingskaarten.
a.
3;
de wijze waarop in het
Er dient
een
beschrijving
plan rekening
van
is gehouden
de risico's
op het
van
met de risico’s en
de
gebied
informatie
van
van
gemeentelijke, regionale
wateroverlast, overstroming
en
en
landelijke
droogte aanwezig
zijn. Dit wordt nader gemotiveerd in paragraaf 5.11. Het plangebied is gelegen in een gebied met een laag klimaatrisico, zie hiertoe paragraaf 5.12.2. De omgeving biedt voldoende verkoeling. In het planvoornemen is
te
daarnaast
aandacht
klimaatverandering zeer
besteed
aan
een
op te vangen. Daarnaast
goede
isolatie
om de van schaduwwerking gevolgen is de overstromingskans van het gebied gezien de hoogteligging en
klein.
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
31
raf ieenoven Ka
*
_ Overstromingskansgebied
plangebied is gelegen in 'Overstromingskansgebied E (1:100 jaar)’. Vanuit de provincie gelden voor regionale oppervlaktewateren omgevingswaarden, ofwel “normen” voor wateroverlast. Met het oog op de en wateren moeten voor bergingsafvoercapaciteit waarop regionale zijn ingericht geldt overstromingskansgebied E een gemiddelde overstromingskans van 1:100 per jaar als omgevingswaarde. De
Met
betrekking tot het planvoornemen
zal het aspect wateroverlast
*
__Na-ijlendeeffecten steenkoolwinning
behandeld
worden
in
paragraaf
5.11.
paragraaf 12.1.8 van de Omgevingsverordening worden onder artikel 12.12 instructieregels gegeven voor na-ijlende ffect van steenkoolwinning. De voormalige steenkoolwinning in Zuid-Limburg leidt tot na-ijlende effecten, met name in de vorm van bodembeweging. Deze brengen mogelijk belemmeringen met zich mee in het gebruik van de fysieke leefomgeving, bijvoorbeeld in geval van verzakkingen. Het is van belang goed met deze In
risico's
te gaan.
om
In de Provinciale Omgevingsvisie streeft
negatieve voorkomen, en daar
waar
Limburg is daarom de ambitie opgenomen dat de Provincie Limburg er naar gevolg van voormalige steenkoolwinning samen met haar partners te deze optreden adequaat te handelen. als
invulling aan mijnbouwregio die bepaalt
voormalige omgevingsplan dat het bouwen van een nieuw bouwwerk in deze gemeenten beschrijft op welke wijze rekening is gehouden met de effecten van de na-ijlende voormalige steenkoolwinning. Om
hier
effecten
mede
De betreffende gemeenten beschikbaar in
het
is via
te
geven is
dat
een
instructieregel
de
motivering mogelijk maakt,
kunnen
daartoe
Informatiecentrum
van
gebruik
opgenomen
voor
de gemeenten
in de
een
maken
van
alle
informatie
Nazorg Steenkoolwinning
en
de
over
de
kaartviewer
na-ijlende effecten die van Het Gegevenshuis
Landgraaf.
Toetsing Op
basis
worden
,
Op
kaarten
van
c.
dat
het
plangebied na-ijlende effecten
niet van
gelegen is in de omgeving steenkoolwinning verwacht.
van
mijnsteengebieden.
Er
_ Beschermingsgebied Einstein Telescope basis
artikel
van
beschermingsgebied a.
blijkt
gezien de afstand geen
16.2
Einstein
is
het
verboden
een
aanvang
te
maken
met
de
volgende
activiteit
in
het
Telescope:
plaatsen of hebben van een windturbine; ontgronding met uitzondering van een ontgronding die op grond op grond van artikel 16.7 of 16.8 van het Besluit activiteiten leefomgeving vergunningvrij is; boring of andere ingreep in de bodem anders dan bedoeld in onderdeel b, dieper dan 100 meter beneden het maaiveld, met uitzondering van een onderzoeksboring of wetenschappelijke boring die bedoeld is voor het verzamelen van data over de ondergrond en die is afgerond voordat de Einstein Telescope in werking is.
door middel van een omgevingsvergunning van het bepaalde in het eerste lid, afwijken mits uit door de aanvrager overgelegd onderzoek, naar het oordeel van het bevoegd gezag is aangetoond dat de activiteit geen trillingen kan veroorzaken die een nadelig effect kunnen hebben op de werking van de Einstein Telescope. Het
bevoegd
onderdelen
gezag
b
en
kan
c,
Toetsing Op basis van
de
van
een
32
van
de
onderstaande
kaart
Telescope. ontgronding of het verrichten
Einstein
Daarnaast
blijkt dat is van
er
het
plangebied niet is gelegen binnen het beschermingsgebied geen sprake van het plaatsen van een windturbine, het uitvoeren boringen dieper dan 100 meter onder het maaiveld. Hierdoor heeft
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
Ligging beschermingsgebied Einstein Telescope t.o.v. de kern
e
Stein
_ Uitsluitingsgebiedwindturbines plangebied
gelegen binnen het uitsluitingsgebied windturbines. Het planvoornemen voorziet echter uitsluitend in een woningbouwontwikkeling in de vorm van het realiseren van nieuwe woningen. Er is daarmee op geen enkele wijze sprake van het realiseren van een windturbine. In welke vorm dan ook. Het
is
tevens
Conclusie
Onderhavig planvoornemen levert geen strijd op met de Provinciale omgevingsverordening Limburg. Het planvoornemen is passend binnen de doelstellingen en het beleid van de provincie en er bestaan geen belemmeringen met betrekking tot voorliggend planvoornemen. Er is derhalve sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 4.2.4
Woondeal Limburg
regionale woondeals zijn regionale uitwerkingen van de Nationale Woon- en Bouwagenda. Hierin staan de oorzaken van de wooncrisis en de doelstellingen en de aanpak voor de komende jaren. Het beleid is erop gericht om het woningtekort op te lossen door 900.000 goede nieuwe woningen te bouwen tot 2030. De
maart
hebben
2023
de middenhuur
en
zowel
minister
(geanonimiseerd) TTT}
koop.
nauwe
gemeenten, als een aantal woningcorporaties en het Waterschap Limburg hun handtekening onder de Woondeal Limburg gezet. In de Woondeal staat dat er in Limburg 26.550 woningen bij komen, waarvan het grootste deel in de sociale huur, In
de betaalbare
In
de
samenwerking
Provincie
gaan
en
verschillende partijen
aan
de slag
om
deze Woondeal te realiseren.
TAM-omgevingsplan
hoofdstuk 22b
Inbreidingsplan | (geanonimiseerd)
33
raf ieenoven gp
In
de
Woondeal
woningen, deze
is
aangegven 30%
waarvan
aanpak
Parkstad
dorpen
moeten
Limburg
-
dat
nieuwe
huur.
ledere
sociale en
steden in
woningbouwplannen gemeente
Limburg
WestelijkeMijnstreek-
neemt deel aan (geanonimiseerd) |
dienen
hierin
neemt
leefbaar worden
te
2/3 betaalbare verantwoordelijkheid. Met
voorzien
haar eigen
in
gehouden.
GemeenteBeekdaelen
subregionale bestuurlijke overleggen van zowel Parkstad Limburg Westelijke Mijnstreek. zijn meegenomen bij de subregio Parkstad Limburg. Parkstad bestaat uit een Limburg enerzijds stedelijk gebied (Heerlen, Kerkrade,Brunssum en Landgraaf) en anderzijds uit een aantal rustieke, landelijke gemeenten (geanonimiseerd) Voerendaal en Simpelveld). De gemeente als
de
de
aantallen
De
|}
(geanonimiseerd) MN, (geanonimiseerd) BN
subregio Westelijke Mijnstreek. Door de veelzijdige samenstelling van gemeenten variëren de woonmilieus van landelijk tot stedelijk. Een recent woningbehoefteonderzoek geeft aan dat er in de Westelijke Mijnstreek een regionale behoefte is aan 2875 woningen (bruto) voor de periode 2022 t/m 2030. De 4 gemeenten
kent
De regio
een
verouderde
Sittard-Geleen
en
Stein
vormen
daarnaast
samen
de
woningvoorraad. De afgelopen jaren stond de woningbouwopgave in periode relatief weinig nieuwbouwwoningen zijn gerealiseerd,
Omdat
het teken
herstructurering. nieuwbouwopgave steeds urgenter.
van
Westelijke Mijnstreek
wordt de
woningbouwprojecten van de Provincie Limburg en het Rijk ontvangen regelingen. Zuid-Limburg kent een aantal sleutelprojecten. Voor de gemeente | (geanonimiseerd) worden in de Woondeal Limburg drie sleutelprojecten genoemd die goed zijn voor een toevoeging van 476 woningen aan de woningvoorraad. Hiervan waren 213 woningen voorzien voor de termijn 2022-2024. De sleutelprojecten betreffen, Centrum schimmert, Tiny houses en volkuisvestingsfondsprojecten (geanonimiseerd) (herstructurering). PN Binnen
de
in deze
vanuit
steun
hebben verschillende
financiële
(geanonimiseerd) neemt in de subregio Parkstad een fair share van de regionale ambitiie en wil om deze MN
De gemeente
reden 900 woningen
realiseren als
gemeentelijk aandeel
in de
regionale
opgave.
Toetsing Het
voorliggende plan
maakt
onderdeel
van
de projecten die
gemeente BN woningbouwprojecten gaat het om een locatie in de kern (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) peze
in de
Bij herstructurering wordt
er
verbetering herstructureringsprojecten
van
om
zo
een
behoren tot de
komen
tot
stand
volkshuisvestingsfondsprojecten herstructurering. In dit geval
door
gekeken hoe bepaalde locaties en mogelijk ook gebouwen anders worden gevuld, de ruimtelijke kwaliteit, maar ook woningen te ontwikkeling. Door deze wordt en een voor omwonenden en win-win-situatie gecreërd toekomstige
bewoners. dit geval krijg de locatie van het worden 10 planvoornemen woningen
voormalige
multifunctionele ruimte
toegevoegd.
In
Op basis
van
de woondeal
middeninkomen. Om
ervoor
voldoende
Tot
en
te zorgen
de Bergstraat
aan
is het
met
dat
van
2030
ouderen
woningen geschikt voor
belang
zijn
dat
nationaal
(geanonimiseerd) een |
multifunctionele
er
voldoende
350.000
dan
woningen zijn
betaalbare
lang mogelijk prettig ouderen nodig. zo
ruimte,
en
koop-
gezond
thuis
voor en
nieuwe
invulling.
wel
woningen
12
starters
en
Met
mensen
het
zonder
met een
middenhuurwoningen nodig. blijven wonen, zijn er
kunnen
aandachtsgroepen van de Woondeal Limburg. Voor het planvoornemen geldt dat de woningen regionaal zijn afgestemd als vast onderdeel van het woningbouwprogramma en zijn opgenomen in de plancapaciteitsmonitor van de provincie Limburg. Naast dat het planvoornemen bijdraagt aan de planvoorraad, is het streven om energieneutrale en duurzame woningen te realiseren. Het
planvoornemen
met
doelt exact op de
Conclusie
Op basis
34
van
het
voorgaande
kan
worden
geconcludeerd
dat
het
planvoornemen
|
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22b Inbreidingsplan (geanonimiseerd)
aansluit
op
de
Woondeal
raf ieenoven gp
Limburg
een
bijdrage
levert.
_ Strucuurvisie Wonen Zuid-Limburg
4.2.5
Op
hieraan
en
november
2
2016
de
is
Structuurvisie
gewenste ruimtelijke ontwikkelingsrichting
mn
regio Zuid-Limburg (geanonimiseerd) Brunssum, Maastricht, Meerssen, Nuth, Onderbanken, in de
de Geul
Zuid-Limburg vastgesteld.
Wonen ten aanzien
van
het beleidsveld
De
wordt
structuurvisie
‘Wonen’
de
in de achttien gemeenten
Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Schinnen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan
Voerendaal) vastgelegd.
en
geeft richting
De structuurvisie
aan
de kwalitatieve
en
kwantitatieve opgave
de achttien gemeenten
waar
in de
volkshuisvesting. Daarnaast geeft komende de structuurvisie richting aan de wijze waarop het aantal woningbouwplannen wordt afgestemd op de betekent onder meer dat (toekomstige) woningbehoefte. Dit beleidsmatig is vastgelegd hoe de planvoorraad voor woningen in de gemeenten in de regio Zuid-Limburg in overeenstemming wordt gebracht met de regio Zuid-Limburg zich de
kwantitatieve
en
Ten
van
aanzien
jaren
het
afstemmen
de vraag groter is dan
elders
de
gemeente.
op
termijn
in
vernieuwing
sprake
van
en een
zien ten aanzien
van
kwalitatieve behoefte.
woonsfeer
ontstaat
gesteld
voor
de
In
van
vraag
het aanbod,
landelijke
overschot.
een
verbetering.
Tenslotte
overschot
dus
en
een
en
aanbod
vooral
woonsfeer
werd
zijn vraag
Atrivé
adviseert
is
de suburbane
in
geconstateerd,
dat
alleen
in Maastricht. Echter, dit heeft
dan
verdunningsopgave,
ook
en
aanbod
niet
toe
woonsfeer,
nu
te
zowel
dat wil zeggen
in
voor de stedelijke gevolgen voor de opgave redelijk evenwicht, maar
voegen, in
de
maar
steden
in
te
zetten
als
in
de
op
kernen,
kwaliteitsverbetering gepaard gaand
met transformatie.
verdunningsopgave zal plaatsvinden in de suburbane woonsfeer. Deze woonsfeer komt veel voor van de stedelijke gebieden Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, de randen van Maastricht en Sittard-Geleen. basis van de in structuurvisie, krijgen binnen de suburbane woonsfeer, ook de Op stedelijke kernen als (geanonimiseerd) Eijsden, Meerssen, Stein en Vaals, in bepaalde mate te maken met een verdunnings- en vernieuwingsopgave. De grootste
in grote delen
mn
Tegenover deze verdunningsjongeren
in
Zuid-Limburg
en
wonen.
vernieuwingsopgave De vergrijzing
in
staat
echter wel
Zuid-Limburg
heeft
dat
er
het
effect,
steeds dat
meer er
ouderen
steeds
en
meer
minder ouderen
afhankelijk worden van zorg. Eén van de grootste opgaven de komende jaren is een gevolg van de ontwikkelingen in het (scheiden van) wonen en zorg. Volgens de prognoses stijgt het aantal ouderen (ouder dan 75 jaar) van 58.000 in 2015 naar ruim 86.000 in 2030. In de