Bijlage: Projectvoorstel Pilot Noodsteunpunten 1.0 def
Tekst van het document
Projectvoorstel Pilot Noodsteunpunten Een samenwerking tussen de Veiligheidsregio Zuid-Limburg en de 16 gemeenten
Documentbeheer Documentinformatie Document: Projectnaam: Projectleider: Documentversie: Aanmaakdatum:
Projectvoorstel Pilot Noodsteunpunten Pilot Noodsteunpunten Nog in te vullen 1.0 11-11-2025
Versies Versie 0.1 0.2 0.3 0.4
Datum 11-11-2025 13-11-2025 17-11-2025 02-12-2025
Auteur Camiel Jacobs Camiel Jacobs Camiel Jacobs Camiel Jacobs
0.5
16-12-2025
Camiel Jacobs
1.0
26-01-2026
Camiel Jacobs
pagina 2/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
Wijziging Document betreft projectvoorstel Verwerken opmerkingen Na bespreking in projectgroep Weerbare Samenleving Na bespreking in projectgroep Weerbare Samenleving Vastgesteld door Stuurgroep Weerbare Samenleving
INHOUD DOCUMENTBEHEER ...................................................................................................................2 1 PROJECT TOELICHTING .........................................................................................................4 A. Aanleiding / Probleemstelling ......................................................................................4 B. Doelstelling van het project .........................................................................................4 C. Verwachte projectresultaten ........................................................................................4 D. Scope van het project ...................................................................................................5 E.
Relatie met andere projecten .......................................................................................7 2 VOORSTEL PROJECTGROEP ................................................................................................8 3 PROJECTCOMMUNICATIE ....................................................................................................10 4 PLANNING ..............................................................................................................................11 5 PROJECTBEGROTING ..........................................................................................................12 BIJLAGE 1 CHECKLIST PILOT NOODSTEUNPUNTEN GEMEENTEN VRZL ........................13 BIJLAGE 2 CONCEPT TAAKOMSCHRIJVING PROJECTLEIDER ..........................................15
pagina 3/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
1 Project toelichting A. Aanleiding / Probleemstelling De ontwikkeling van coördinatie- en noodsteunpunten heeft hoge prioriteit bij Rijk, veiligheidsregio’s en gemeenten. In de eerste helft van 2025 is in samenwerking tussen Veiligheidsberaad, VNG en het Rijk ambtelijk en bestuurlijk verkend welke uitgangspunten voor noodsteunpunten wenselijk zijn. Parallel hieraan heeft het Rijk bij de Voorjaarsnota middelen vrijgemaakt voor het versterken van weerbaarheid, onder meer door het opzetten noodsteunpunten. Hiermee ligt een basis om de stap te zetten richting een pilotfase. Op de bestuurlijke tafel Weerbaarheid van 9 juli jl. hebben Rijk, VNG en Veiligheidsberaad afgesproken om in gezamenlijkheid te komen tot een voorstel voor een landelijke pilotfase. Veiligheidsregio Zuid-Limburg (VRZL) en gemeenten gaan hier samen mee aan de slag. Inmiddels hebben zich een aantal gemeenten aangemeld om deel te nemen aan de pilot. Dit document betreft een projectvoorstel, dat vervolgens concreet moet worden uitgewerkt in een projectplan. Dit is afhankelijk van de projectstructuur en de bemensing van de projectgroep.
B. Doelstelling van het project In 2026 gaan we onderzoeken (leren) wat nodig is om lokale noodsteunpunten (NSP) in te richten in de gemeenten en regionale coördinatiepunten (CP) in onze veiligheidsregio. Dit doen we op basis van de landelijke uitgangspunten (zie bijlage) en de landelijke opdracht Pilots Noodsteunpunten. Specifiek kijken we naar: • Bemensing van een coördinatie- en noodsteunpunt (beroepsmatig en vrijwillig); • Wat is er minimaal nodig in een coördinatie- en noodsteunpunt; • Wat kost een coördinatie- en noodsteunpunt; • Hoe sluit een coördinatie- en noodsteunpunt op de regionale crisisstructuur en op de lokale maatschappelijke structuur aan.
C. Verwachte projectresultaten • •
• • •
We omschrijven hoe een noodsteunpunt en coördinatiepunt er daadwerkelijk uitziet/ wat benodigd is. We gaan daadwerkelijk pilots draaien met de structuur van coördinatie- en noodsteunpunten. We richten minimaal een regionaal coördinatiepunt en meerdere lokale noodsteunpunten in. Met behulp van oefeningen / daadwerkelijk openstellen van noodsteunpunten testen we de werking en de structuur van het netwerk van coördinatie- en noodsteunpunten. Conform de landelijke opdracht delen we na evaluatie van de pilot onze opgedane kennis en ervaringen met de landelijke projectgroep. Voor inwoners wordt zichtbaar dat gewerkt wordt aan het ontwikkelen van noodsteunpunten. Hiermee werken we mee aan het urgentiebesef in de weerbaarheidsopgave.
pagina 4/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
D. Scope van het project I. • •
• •
• • • • • •
II. •
Basisuitgangspunten Nederland dient voorzien te worden van een duurzaam noodsteunpuntennetwerk. Door middel van de (landelijke) pilot worden de kaders opgesteld van dit noodsteunpuntennetwerk en de wijze waarop dit netwerk structureel geborgd dient te worden. De uitgangspunten voor de pilot, opgesteld door de ‘landelijke projectgroep maatstaf noodsteunpunten’ en vastgesteld in het Veiligheidsberaad, worden als leidraad gebruikt. Een landelijk netwerk van noodsteunpunten bestaat uit lokale noodsteunpunten (NSP) en regionale coördinatiepunten (CP): o Het noodsteunpunt (NSP) heeft twee hoofdfuncties: ▪ Informatie ophalen en brengen ▪ Het doen van een noodmelding Deze lokale noodsteunpunten worden ingericht door gemeenten, als verlengde van de huidige taken in relatie tot bevolkingszorg. o Het coördinatiepunt (CP) maakt deel uit van de regionale crisisorganisatie en zorgt dat het lokale noodsteunpunt zijn werk kan doen. Van hieruit wordt de operatie aangestuurd. Dit zijn primair overheidsgebouwen tenzij een andere locatie meer geschikt is. Inwoners gaan niét naar een coördinatiepunt. Het inrichten van coördinatiepunten is een verantwoordelijkheid van VRZL in samenspraak met de overige nood- en hulpdiensten (denk aan politie en ambulance). Bouw het systeem gefaseerd op en stem het ambitieniveau af op de beschikbare financiering.
Coördinatiepunten zijn de verantwoordelijkheid van VRZL (met multi-partners). Noodsteunpunten zijn de verantwoordelijkheid van gemeenten (in samenwerking met VRZL). De coördinatie- en noodsteunpunten moeten in grote mate op elkaar afgestemd worden omdat ze in de operationele uitvoering in elkaar overlopen. Minimaal één pilot noodsteunpunt wordt uitgevoerd in een gemeente zonder brandweerkazerne. Conform de landelijk en Europese richtlijn wordt ervanuit gegaan dat inwoners de eerste 72 uur zelfredzaam zijn. De eerste 72 uur ligt de nadruk voor noodsteunpunten dan ook op contact met hulpdiensten (melden en alarmeren) en informatievoorziening. Na ongeveer 72 uur ontstaat er, afhankelijk van de aard van het incident en sociale cohesie, meer behoefte aan primaire levensbehoeften en emotionele/sociale ondersteuning. Dit biedt de ruimte om noodsteunpunten getrapt op te starten en je zeker in de eerste fase enkel te richten op contact met hulpdiensten en informatievoorziening. Vereisten voor noodsteunpunten én coördinatiepunten: Elk noodsteunpunt en coördinatiepunt moet kunnen terugvallen op een vorm van noodstroom. Doel is dat personeel zijn werk kan doen ongeacht de omstandigheden. Denk aan het opladen van verbindingsmiddelen, verwarming bij lage temperaturen en licht als het donker is.
pagina 5/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
•
• III. •
•
•
Een vorm van communicatie tussen noodsteunpunten en coördinatiepunten is noodzakelijk, net als communicatie tussen coördinatiepunten en de multidisciplinaire crisisorganisatie. De veiligheid van medewerkers en inwoners moet worden gewaarborgd. Vereisten specifiek voor lokale noodsteunpunten: Noodsteunpunten worden opgezet op fysieke locaties die logisch, herkenbaar en goed bereikbaar zijn (voorbeelden van mogelijke locaties zijn gemeenschapshuizen, sportaccommodaties en stemlokalen). Er wordt gebruik gemaakt van bestaande geschikte locaties in de wijken en dorpen, in samenwerking met de gemeenschap. Er wordt dus géén noodsteunpuntorganisatie opgetuigd. De bemensing van noodsteunpunten geschiedt in principe door een mix van professionele hulpverleners aangevuld met burgerhulpverleners. Door vrijwilligers lokaal en regionaal te mobiliseren en faciliteren wordt burgerhulpverlening en gemeenschapszin versterkt. Informatie over locaties van noodsteunpunten en welke faciliteiten aanwezig zijn, moet bij inwoners bekend zijn. De communicatie hierover is in eerste instantie een lokale verantwoordelijkheid, maar vraagt om landelijke coördinatie en facilitering. Er wordt voorgesteld gebruik te maken van het internationale civil protection logo, het lokale gemeentelogo en de term ‘noodsteunpunt’, om zo te zorgen voor lokale én internationale herkenbaarheid.
IV. Functionaliteiten noodsteunpunten: Wat kan de burger in ieder geval verwachten op het noodsteunpunt (minimale functionaliteiten): • Eenduidig informeren van de bevolking: inwoners kunnen terecht voor informatie tijdens een ramp of een crisis, zodat ook bij uitval van communicatiemogelijkheden actuele informatie en handelingsperspectief beschikbaar is. • Kunnen doen van een noodhulpmelding: mensen kunnen terecht voor noodhulpmeldingen bij volledige uitval van communicatievoorzieningen waardoor de huidige meldstructuur (inclusief alternatieve kanalen) niet langer bereikbaar is. V. • •
•
VI. •
Welke aanvullende functionaliteiten kan een noodsteunpunt hebben: Als de duur van de ramp of de crisis dit noodzakelijk maakt kan een noodsteunpunt een functie hebben in bijv. het verdelen van schaarse goederen (basisbehoeften). De aard van mogelijke rampen en crises zal in grote mate leidend zijn bij de invulling van de behoefte waarin het noodsteunpunt voorziet en de faciliteiten die daarvoor nodig zijn (all hazard approach). Niet elk noodsteunpunt zal beschikken over dezelfde aanvullende faciliteiten, dit is mede afhankelijk van de regionale en lokale context - en wat te organiseren valt. Welke functionaliteiten heeft een noodsteunpunt in de basis niét: Een noodsteunpunt heeft zelf geen opvangfunctie. Zelf- en samenredzaamheid blijft het uitgangspunt. Wel kan een noodsteunpunt doorverwijzen naar opvangplekken.
pagina 6/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
•
•
Niet iedereen kan tegelijkertijd naar een noodsteunpunt. Mensen die daar komen voor informatie worden geacht deze informatie ook zelf weer te delen met anderen (gezin, straat, etc.), eveneens vanuit het uitgangspunt van zelf- en samenredzaamheid. Het is geen voorraadlocatie waar bijvoorbeeld houdbaar voedsel continu beschikbaar is.
E. Relatie met andere projecten Het algemeen bestuur (AB) van VRZL heeft in haar vergadering van 1 april 2025 de bestuurlijke opdracht Weerbare Samenleving verstrekt aan VRZL om in gezamenlijkheid met de zestien Zuid-Limburgse gemeenten te werken aan een weerbaar Zuid-Limburg. Deze bestuurlijke opdracht heeft als doel om door middel van regionale planvorming, kennisdeling en afstemming gezamenlijk toe te werken naar een weerbaar Zuid-Limburg. De pilot vormt dan ook een onderdeel van het project Weerbare Samenleving
pagina 7/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
2 Voorstel Projectgroep . De Pilot Noodsteunpunten Z-L haakt aan bij de landelijke aanpak, maar in een andere vorm. Iedere gemeente kan meedoen aan de pilot, mits ze aan de randvoorwaarden kunnen voldoen. De pilot voorziet in een test met een coördinatiepunt en meerdere lokale noodsteunpunten. Binnen VRZL wordt er binnen het project Operationele continuïteit op dit moment gewerkt aan een zodanige inrichting van de brandweerkazernes, zodat zij, bij langdurige stroomuitval operationeel blijven. Dat betekent dat alle brandweerkazernes aan de vereisten voor een coördinatiepunt zouden moeten voldoen. Randvoorwaarden voor deelname project Om vervolgens te bepalen, welke gemeenten daadwerkelijk deelnemen, zal er eerst een uitvraag worden gedaan bij de gemeenten binnen VRZL. Gemeenten wordt gevraagd om na te gaan of ze mee willen draaien in deze pilot. Om daadwerkelijk deel te kunnen nemen, moeten gemeenten zich wel bewust zijn van hetgeen van hen wordt gevraagd bij deze pilot. Deelname aan de pilot brengt immers verantwoordelijkheden met zich mee. Het betreft een pilot, waarbij we vooraf niet helemaal concreet kunnen bepalen wat de randvoorwaarden inhouden (m.n. wat betreft financiën en capaciteit). Dit zullen we proefondervindelijk moeten gaan onderzoeken.
Bij de randvoorwaarden voor deelname dient in ieder geval te worden gedacht aan: - Beschikbaar stellen van voldoende capaciteit voor de projectgroep (o.a. deelprojectleider voor de gemeenten 8 uur per en inzet van eigen medewerkers binnen de gemeente, die rol / taak hebben bij inrichting van noodsteunpunten). - Kosten voor inrichting van noodsteunpunten (o.a. kosten noodstroomvoorziening, noodcommunicatiemiddelen en locaties) - Beschikbaar stellen van locaties, waar mogelijk noodsteunpunten kunnen worden ingericht. Tevens verwijzen we naar bijlage 1 voor de checklist voor deelname gemeenten aan de pilot. De projectgroep stelt een uiterlijke datum waarvoor gemeenten aan dienen te geven of ze willen participeren in de pilot. Daarna sluit de pilot. Projectstructuur: Het Deelproject Noodsteunpunten wordt ondergebracht in de samenwerkingsstructuur van het project Weerbare Samenleving. De projectgroep Weerbare Samenleving wordt aangemerkt als opdrachtgever. Het Deelproject Noodsteunpunten zal via de projectgroep Weerbare Samenleving verantwoording afleggen aan de stuurgroep Weerbare samenleving. Binnen het project Weerbare Samenleving wordt de werkgroep Samenleving-Inwoners in stelling gebracht, om met thema’s zoals inwonerparticipatie, sociale netwerken, kwetsbare doelgroepen aan de slag te gaan.
Aangezien waarschijnlijk niet alle gemeenten zullen deelnemen aan de pilot, zal er regelmatig terugkoppeling dienen plaats te vinden aan de werkgroep Samenleving-Inwoners om zo ook alle gemeenten mee te nemen in de voortgang. Zo zal er in deze werkgroep dan ook de stand van zaken en best practices gedeeld worden ten aanzien van de pilot noodsteunpunten. De projectstructuur zal er als volgt uitzien:
pagina 8/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
•
• •
•
•
•
•
1
Projectleiding: • Is verantwoordelijk voor het organiseren, realiseren en aansturen van het deelproject pilot Noodsteunpunten • De projectleider wordt regionaal geworven en bekostigd • Voor de taakomschrijving wordt verwezen naar Bijlage 2 Project ondersteuning: • De projectondersteuner wordt regionaal geworven en bekostigd Deelprojectleider regionaal coördinatiepunt: VRZL • Lever capaciteit voor de rol van deelprojectleider voor het opzetten van een regionaal coördinatiepunt in samenhang met lokale noodsteunpunten. • Lever capaciteit voor deelname aan het deelproject vanuit de afdelingen brandweerzorg, crisisbeheersing en het project Operationele continuïteit voor het opzetten van een regionaal coördinatiepunt. • Levert een of meerdere locaties aan die kan dienen als regionaal coördinatiepunt. Deelprojectleider lokaal noodsteunpunt Gemeente 1, 2, 3…. • Is verantwoordelijk voor het opzetten van lokale noodsteunpunten in de betreffende gemeente. • Levert locaties aan die kunnen gaan dienen als lokaal noodsteunpunt; • Levert interne capaciteit voor daadwerkelijke invulling van het lokaal noodsteunpunt. De hoeveelheid benodigde capaciteit dient nader te worden ingevuld. • Stemt deelname aan de pilot af op minimaal het niveau van management en gemeentesecretaris. Deelname is niet vrijblijvend en gaat iets van de gemeente vragen in tijd en capaciteit1.
Overige afdelingen binnen VRZL en partners (al dan niet in klankbord): • Brandweerzorg • Crisisbeheersing • Risicocommunicatie • GHOR / Ambulancedienst Externe partijen die bij deze pilot betrokken dienen te worden zijn: • Politie • NRK (klankbord) • Leger des Heils • Netwerk Vitaal Limburg (klankbord) Rol projectgroep: • Niet te veel detailsturing • Faciliteren, aanjagen en verbinden • Van alle deelnemers wordt een actieve deelname verwacht. o Als er stukken geschreven moeten worden o Je komt niet alleen halen, maar ook brengen o Het is een gezamenlijke inspanning o Nader af te stemmen, maar de projectgroep zal ongeveer tweewekelijks bij elkaar komen met sessies van 3 uur.
Refererend aan de VNG-handreiking weerbaarheid en veerkracht op lokaal niveau en de bestuurlijke opdracht van de VNG.
pagina 9/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
Gevraagde capaciteit: Projectlid Naam 1 Naam 2
Rol Projectleider Deelprojectleider CP
Team Regionaal VRZL
Inzet in uren* 16 12
Naam 3
Deelprojectleider NSP gemeente 1 Deelprojectleider NSP Gemeente 2 Deelprojectleider NSP Gemeente 3 Project ondersteuner
Gemeente 1
8
Gemeente 2
8
Gemeente 3
8
Regionaal
8
Naam 4 Naam 5 Naam 6
*Aantal uren is een eerste inschatting. De pilot zal moeten uitwijzen of dit toereikend is!
3 Projectcommunicatie • • •
We volgen de landelijke communicatielijn over noodsteunpunten, die door het ministerie van J&V wordt opgesteld. Er wordt aanvullend regionaal en lokaal gecommuniceerd over de pilot Alle externe communicatie zal worden afgestemd met de werkgroep Communicatie van het project Weerbare Samenleving.
pagina 10/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
4 Planning Door lokaal en regionaal in 2026 pilots te draaien voldoen we aan de landelijke opdracht vanuit het veiligheidsberaad en bereiden we ons voor op het landelijk dekkend netwerk dat in 2027 vorm moet krijgen. Conform het verzoek van het AB VRZL zullen we in onze planning wel rekening houden met een strakke planning, om zo in 2026 reeds concrete stappen te zetten tot inrichting van een breder netwerk Coördinatie- en noodsteunpunten binnen VRZL en zullen we ons niet beperken tot één coördinatiepunt en enkele noodsteunpunten. Goed om hierbij te benoemen is, dat deelname aan de pilot dan ook commitment vraagt van alle deelnemers en dat we er op toe moeten zien, dat iedereen aangehaakt blijft. Hierbij hanteren we voor de pilot de volgende planning: Fase 1 (Q1 2026 – Gereed 01 maart 2026): In deze fase stellen we een projectgroep voor het deelproject Pilot Noodsteunpunten samen bestaande uit de gemeenten die een pilot draaien en de VRZL. De projectgroep maakt onderdeel uit van de samenwerkingsstructuur die we hanteren binnen het project Weerbare Samenleving, dat VRZL samen met de 16 gemeenten uitvoert. In de voorgestelde samenwerkingsstructuur vanuit het Project Weerbare Samenleving zal deze pilot vallen onder de werkgroep Samenleving-Inwoners. In deze werkgroep vallen thema’s zoals noodsteunpunten, inwonerparticipatie, sociale netwerken en kwetsbare doelgroepen.
Deze werkgroep bestaat uit de vertegenwoordiging van alle zestien Zuid-Limburgse gemeenten en VRZL. In deze werkgroep zal dan ook de stand van zaken en best practices gedeeld worden ten aanzien van de noodsteunpunten. Aangezien niet alle gemeenten zullen deelnemen aan de pilot, zal voor de pilot een eigen projectstructuur worden uitgewerkt, die nadrukkelijk aansluiting zoekt bij deze werkgroep Voor invulling van de projectgroep zullen we de volgende stappen moeten worden gezet: 1. Werven regionale projectleider en projectondersteuner 2. Startbijeenkomst met deelnemende gemeenten 3. Pilotvoorstel afstemmen met Stuurgroep en AB VRZL De projectgroep zal het projectplan verder concretiseren. Fase 2 ( start Q1 – Gereed 01 juli 2026): We omschrijven hoe een lokaal noodsteunpunt en regionaal coördinatiepunt er daadwerkelijk uitziet/ wat benodigd is. We gaan daadwerkelijk pilots draaien a.d.h.v. oefeningen. Door een noodsteunpunt open te stellen, het inrichten ervan en testen op werking/structuur. Fase 3 (Q3 2026 – Gereed 1 september 2026): In deze laatste fase gaan we de eerste ervaringen die we hebben opgedaan evalueren en verwerken voor onszelf en voor de landelijke pilot noodsteunpunten. Fase 4 (2027 e.v.) Uitvoering geven aan de landelijke opdracht tot uitrol van coördinatie- en noodsteunpunten naar aanleiding van de bevindingen van de pilots in alle veiligheidsregio’s.
pagina 11/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
5 Projectbegroting Voor 2025 en 2026 is er inmiddels een budget beschikbaar voor noodsteunpunten vanuit het Rijk voor de pilots. Voor de VRZL zal er een budget worden verstrekt van € 580.000 voor deze 2 jaren. Dit budget zal worden ingezet voor inhuur van een regionale Projectleider en projectondersteuner. De inzet van de resterende middelen zal worden uitgewerkt in de projectgroep. Daarnaast stelt het AB VRZL om, afhankelijk van het jaarresultaat 2025 van de VRZL, in de BAC Financiën te beoordelen of eventueel bestemmingsresultaat kan worden gekoppeld aan de Pilot Noodsteunpunten.
Voor de volledige landelijke implementatie van noodsteunpunten komt structureel €35 mln. beschikbaar in 2027 en 2028. In 2029 komt er €37 mln. beschikbaar en in 2030 en verder €37mln. Deze middelen worden uitgekeerd aan de veiligheidsregio’s via de BDuR en de verdeelsleutel wordt nog landelijk bepaald. Op basis van de uitkomsten van de (landelijke) pilots wordt een realistische businesscase uitgewerkt en nadere afspraken gemaakt over de financiering.
pagina 12/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
Bijlage 1 Checklist pilot noodsteunpunten gemeenten VRZL Voorbereiding en besluitvorming o Organiseer een integrale projectgroep vanuit de gemeente voor het uitvoeren van dit project (advies: pragmatische collega’s met mandaat). o Spreek af wie er op directie/ managementniveau verantwoordelijk is. o Wijs bestuurlijk verantwoordelijken aan (burgemeester/ wethouder bedrijfscontinuïteit). o Spreek een periodiek overleg af op operationeel ambtelijk niveau en periodieke bespreking op directie/ managementniveau. o Breng de handreiking Weerbaarheid van de VNG in roulatie naar college B&W en gemeenteraad en laat bevestigen dat jouw gemeente deelneemt aan de pilot noodsteunpunten voor draagvlak binnen het bestuur en management. o Leg het toets scenario vast: minimaal 3 dagen stroom- en betalingsuitval. o Borg aansluiting bij de Veiligheidsregio Zuid-Limburg. o Leg vast hoe privacy geborgd wordt bij registreren van vragen, hulpaanbod en medische distributie. o Check of gemeente en vrijwilligers voldoende verzekerd zijn bij inzet op een NSP. Locatiekeuze en inrichting o Kies een logische, herkenbare en goed bereikbare locatie2. o Heb aandacht voor rolstoeltoegankelijkheid, geleidelijnen en zorg voor duidelijke bewegwijzering buiten de locatie en binnen.
o Zorg dat deze taken kunnen worden uitgevoerd: ontvangst, informatieverstrekking, uitgave kleinschalige distributie, ruimte voor vraag/ aanbod burgerhulpverlening. o Zorg voor goede voorzieningen voor personeel noodsteunpunt: sanitair, rustruimte, kantine, overlegruimte), ruimte voor partners. o Zorg voor afgeschermde en beveiligde communicatieruimte o Noodhulp voor inwoners o Communicatie met coördinatiepunt o Telefoons/ computers o Leg in de voorbereidende fase afspraken vast met sleutelhouders en leveranciers (beheer, schoonmaak, beveiliging, catering). o Installeer noodstroomvoorziening (aggregaat, accu) op de locatie. o Verlichting, verwarming en verkoeling. o Voorzie in communicatiemiddelen (satelliet, NCV, portofoons). o Gegarandeerde communicatieverbinding tussen C-NSP en L-NSP o Wifi voor computers en printers (intern) o Basisinrichting: tafels, stoelen, verlichting, herkenbare sign (internationale symbool). Eerste hulp en blusmiddelen zijn ook aanwezig. o Borg veiligheidsmaatregelen: crowd management, EHBO, afspraken met beveiliging en politie/handhaving. o Voorzie in desinfectiemateriaal, mondkapjes, afvalinzameling en hygiëne protocollen.
2
Vermijd brandweerkazernes als primaire locatie i.v.m. operationele inzet.
pagina 13/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
Samenwerking en bemensing o Stel een mix samen van maatschappelijke hulpverleners3, gemeentemedewerkers en vrijwilligers uit de samenleving. o Organiseer een briefing en een protocol voor deze bemensing. o Mobiliseer lokale netwerken (buurtvaders, sleutelfiguren, buurtorganisaties). o Maak afspraken over inzet, meerwaarde en opschaling. Communicatie en publieksinformatie o Ontwikkel lokaal communicatieplan (voor, tijdens en na crisis). o Besteed aandacht aan kwetsbare groepen (mindervaliden, ouderen, anderstaligen). o Werk samen met andere partijen voor eenduidige communicatie. o Informeer inwoners over locatie noodsteunpunten en wat ze er wel/niet kunnen verwachten. o Benadruk dat het geen opvanglocatie of voorraadmagazijn is. o Stimuleer inwoners om informatie door te geven in hun eigen netwerken. o Gebruik herkenbare visuele middelen (logo, banners, huis-aan-huis flyers). Testen en oefenen o Oefen met het opbouwen en openen van een noodsteunpunt, waarbij er wordt samengewerkt met de veiligheidsregio. Het opbouwen en openen mag maximaal (volgens landelijke normen) 72 uur duren. o Prioriteit: open zo snel mogelijk, maar in de eerste 72 uur richt je vooral op informatievoorziening en organiseren contact met hulpdiensten. Na 72 uur ook maatwerk inrichting op basis van hulpbehoefte basisvoorzieningen. o Betrek hier ook alle vooraf gekozen hulptroepen/ groepen bij.
o Laat inwoners ook mee oefenen zodat ze weten wat ze kunnen verwachten. o Oefen met piekdrukte, onrust en misinformatie. o Zorg voor een aflossingsschema zowel van externe partners als gemeentemedewerkers. o Test de communicatiemiddelen en noodstroomvoorzieningen. o Overweeg om ook (één of enkele) distributieprocessen (water, medicijnen, contant geld) te beoefenen. o Documenteer de leerervaringen en koppel terug. Monitoring, evaluatie en rapportage o Maak een dashboard voor het NSP (inhoudelijke inzet): overzicht aantallen bezoekers, uitgegeven middelen en meldingen. o Houd continu een logboek bij als organisatie pilot NSP (proces): knelpunten, benodigde middelen, personele inzet. o Verzamel feedback van inwoners, vrijwilligers en partners. o Registreer kosten: basisfunctionaliteit vs. aanvullende functionaliteiten. o Stel een evaluatie op als projectgroep. Gebruik standaardvragen: Hoe is pilot georganiseerd? Obstakels? Rollen vrijwilligers/professionals? Kosten? Tegen welke juridische (on) mogelijkheden is de gemeente aangelopen? Is de gemeente voldoende verzekerd? Hoe zijn veiligheidsmaatregelen geborgd? Hoe is de aansluiting van het NSP op de CP? o Bespreek resultaten in veiligheidsregio en informeer de gemeenteraad. o Draag bij aan landelijke evaluatie (Q1 en Q3 2026 rapportages). 3
Nederlandse Rode Kruis, maatschappelijke organisaties, apotheek, lokale netwerken, GGD
pagina 14/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
Bijlage 2 Concept taakomschrijving Projectleider Taakomschrijving – Projectleider Pilot Noodsteunpunten Doel van de functie De Projectleider Pilot Noodsteunpunten is verantwoordelijk voor het voorbereiden, coördineren, uitvoeren en evalueren van de pilot Noodsteunpunten voor Veiligheidsregio Zuid-Limburg. Deze noodsteunpunten moeten tijdens crises of langdurige uitval van vitale infrastructuur (zoals stroom, telecom of water) operationeel zijn. Minimale functionaliteiten zijn daarbij : • Eenduidig informeren van de bevolking: inwoners kunnen terecht voor informatie tijdens een ramp of een crisis, zodat ook bij uitval van communicatiemogelijkheden actuele informatie en handelingsperspectief beschikbaar is. • Kunnen doen van een noodhulpmelding: mensen kunnen terecht voor noodhulpmeldingen bij volledige uitval van communicatievoorzieningen waardoor de huidige meldstructuur (inclusief alternatieve kanalen) niet langer bereikbaar is De pilot maakt onderdeel uit van de bredere (landelijke) weerbaarheidsopgave. In Zuid-Limburg hebben VRZL en gemeenten de handen ineengestoken om deze opgave in gezamenlijkheid op te pakken. Om deze samenwerking vorm te geven en te coördineren is een regionale projectgroep aangesteld. De projectleider Pilot Noodsteunpunten is onderdeel van deze projectgroep.
De pilot Noodsteunpunten bestaat uit de coördinatie van verschillende gemeenten die gaan ontdekken hoe noodsteunpunten het beste vorm kunnen krijgen in hun gemeente. De projectleider zorgt voor een vertaling van de ervaringen naar de regionale projectgroep en landelijke overheid, een integrale aanpak waarin de nadruk ligt op ‘trial-and-error' en ‘best practices', bestuurlijke verantwoording en een heldere overdracht naar structurele implementatie. Kerntaken 1. Projectvoorbereiding en -planning • Opstellen van een projectplan inclusief doelstellingen, resultaten, risicoanalyse, tijdslijn en begroting. •
Vertalen van landelijke uitgangspunten van de pilot Noodsteunpunten naar een praktische pilotopzet.
•
Organiseren van projectstructuur, overlegmomenten en besluitvormings-processen.
2. Inrichten projectstructuur • Afspraken maken met gemeenten, die deelnemen aan de pilot •
Coördineren van de uitwerking van de noodsteunpunten binnen de diverse gemeenten. Thema’s zijn daarbij o.a. inrichting van de locaties, energievoorziening, communicatie, logistiek, veiligheid, toegankelijkheid enz.
Testen van noodvoorzieningen en crisisprocessen door middel van oefeningen en scenario’s.
pagina 15/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
3. Samenwerking • De pilot valt onder het project Weerbare Samenleving. Er dient dan ook aandacht te zijn met: o Projectgroep Weerbare Samenleving o Werkgroep Samenleving – Inwoners o Stuurgroep Weerbare Samenleving • Onderhouden van intensieve samenwerking met interne en externe partners, zoals: o
Hulpdiensten (brandweer/ politie/GHOR/Bevolkingszorg)
o
Maatschappelijke organisaties en vrijwilligers (o.a. Nederlandse Rode Kruis of Leger des Heils
o
Netwerk Vitaal
•
Bevorderen van gedeeld eigenaarschap en duidelijke taakafspraken.
•
Informeren van bestuur, management en projectpartners over voortgang, risico’s en knelpunten.
4. Operationele aansturing van de pilot • Coördineren van alle uitvoerende werkzaamheden en verantwoordelijkheden binnen de pilotperiode. •
Monitoren van kwaliteit, voortgang en naleving van veiligheids- en privacyrichtlijnen.
•
Signaleren van problemen en proactief bijsturen in planning, inzet of middelen.
5. Evaluatie, rapportage & advies • Uitvoeren van evaluaties na tests, oefeningen en daadwerkelijke inzetmomenten (indien van toepassing). •
Opstellen van eindrapportage met conclusies, verbetervoorstellen en aanbevelingen voor opschaling of structurele implementatie.
•
Adviseren van de projectgroep en Stuurgroep Weerbare Samenleving over de toekomst van noodsteunpunten binnen de regio.
Conform de landelijke opdracht delen van de evaluatie en opgedane kennis en ervaring van de pilot met de landelijke projectgroep. Resultaatgebieden • Een duidelijk en gedragen projectplan voor de pilot. •
Operationeel ingerichte en geteste noodsteunpunten.
•
Goede samenwerking tussen betrokken stakeholders.
•
Tijdige en correcte rapportages, inclusief risico’s en verbeterpunten.
•
Een onderbouwd advies voor structurele verdere ontwikkeling.
pagina 16/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten
Competenties • Projectmatig werken •
Organisatie- en omgevingssensitiviteit
•
Communicatieve vaardigheid en verbindend leiderschap
•
Besluitvaardigheid
•
Stressbestendigheid en crisisbewustzijn
•
Analytisch vermogen
•
Plannen en organiseren
Opleiding en ervaring • Hbo- of wo-opleiding, bij voorkeur richting bestuur, veiligheid, projectmanagement of logistiek. •
Ervaring met projectleiding in publieke sector, crisisbeheersing of veiligheidsdomein is een pré.
•
Kennis van crisiscommunicatie, vitale infrastructuur en basisvoorzieningen is gewenst.
pagina 17/17 – Projectplan Pilot Noodsteunpunten