Bijlage: Ontwerpbegroting 2026 GR Rd4 geconsolideerd
Tekst van het document
Begroting Rd4 2026
1
Begroting Reinigingsdiensten Rd4 2026 Begroting Rd4 2026
Voorwoord Het voorliggende begrotingsdocument biedt een gedetailleerd overzicht van de financiële planning voor 2026 van de gemeenschappelijke regeling Reinigingsdiensten Rd4. Deze begroting is de basis waarop wij onze doelstellingen en activiteiten funderen die opgetekend zijn in ons Strategisch meerjarenplan 2022-2026. Daarnaast hebben wij in samenspraak met onze stakeholders, inclusief de opgerichte werkgroep “Bezuinigingsopgave” met beleids- en financiële ambtenaren, input gegeven om tot een gedegen en gefundeerde begroting te komen. Basale uitgangspunt van deze begroting 2026 is dat het servicegevoel bij onze inwoners niet aangetast wordt, maar waarbij wel gerichte keuzes gemaakt moeten worden om nog “scherper aan de wind te zeilen”. De wereld van vandaag is op z’n zachtst gezegd dynamisch. In de literatuur duikt vaak de term VUCA op, dat duidt dat de wereld samen te vatten is in de woorden: volatiliteit, onzekerheid, complexiteit en ambiguïteit. Juist in deze VUCA-dynamiek dienen wij als Reinigingsdiensten Rd4 invulling te geven aan de doelstelling om in 2030 voor 50% en in 2050 voor 100% circulair te zijn als samenleving. Een niet geringe opgave die gerichte keuzes vraagt. Keuzes die gemaakt dienen te worden door Rd4 voor de behoeften van de samenleving van vandaag maar ook keuzes die gemaakt moeten worden bij de uitdagingen die vóór ons liggen.
Als we aldus vooruitkijken naar 2026 dan nemen we ook een aantal ontwikkelingen waar. De recycling en het hergebruik van grondstoffen heeft het zwaar. Het lukt Nederland nog niet om de hoeveelheid grondstoffen die we gebruiken fors terug te dringen. Mensen kopen enerzijds meer terwijl anderzijds de levensduur van spullen afneemt. Meubels en kleren gaan steeds minder lang mee. Reparatie is ofwel onmogelijk of te duur. Het is bekend dat Nederlandse recyclingbedrijven het in het huidige recyclinglandschap moeilijk hebben. Virgin materiaal is en blijft goedkoper dan recyclaat en de overheid is (nog) niet dwingend genoeg via wetgeving om recyclaat verplicht te stellen bij de fabricage van nieuwe producten. Daarnaast zien we dat de overheid in z’n algemeenheid ook een behoorlijk impact creëert door een extra CO2-heffing op de CO2-uitstoot. Een exogene factor waar we weldegelijk rekening mee te houden hebben. De personeelskosten zijn in de afgelopen jaren ook toegenomen door verhogingen van de afgesloten cao’s in de afgelopen jaren. Het sociaal domein, welk prominent actief is binnen Rd4, is ook aan verandering onderhevig met stijging van kosten van de factor sociale arbeid tot gevolg. In het verduurzamen van het wagenpark hebben we de voertuigen waar dit mogelijk is reeds omgezet naar elektrisch.
Dit betrof vooral de voertuigen die niet behoren tot het zware materieel, omdat bij deze zwaardere klasse elektrificatie nog geen alternatief is binnen ons werkgebied. Bij de inzamelvoertuigen hebben we weliswaar in een pilot met een waterstofvoertuig gereden, maar in het heuvelachtige landschap van Zuid-Limburg blijkt dat deze techniek zich nog verder zal moeten ontwikkelen alvorens wij waterstofvoertuigen kunnen toevoegen aan het wagenpark van Rd4. Met deze begroting willen we een balans vinden tussen enerzijds het leveren van kwalitatieve diensten in de leefomgeving waarin wij actief zijn. Anderzijds willen we de financiën goed borgen en de doelstellingen vanuit het Strategisch meerjarenplan uitvoeren. De Zuid-Limburgse leefomgeving schoner, robuuster en duurzamer maken is waar we overall naar streven. En vanuit die overtuiging presenteren wij hierbij graag onze begroting 2026.
Roger Wetzels Directeur Reinigingsdiensten Rd4 2
Begroting Rd4 2026
Begroting Rd4 2026
3
Inhoudsopgave Elke dag zetten wij ons in voor een mooie en schone leefomgeving. Samen
Samenvatting6 Hoofdstuk 1
Beleidsmatige ontwikkelingen
8
Hoofdstuk 2
Besparingen
12
Hoofdstuk 3
Financiële ontwikkelingen
14
slimme en duurzame oplossingen om
Hoofdstuk 4
Bedrijfsvoering
22
afval te verminderen, grondstoffen te
Hoofdstuk 5
Beleidsbegroting
28
scheiden, spullen een tweede leven te
Financiële begroting 42 Hoofdstuk 6
geven en mensen kansen te bieden.
Hoofdstuk 7
met burgers, overheden, bedrijven en instellingen zoeken we constant naar
Alleen zo worden we: samen steeds slimmer
Meerjarenraming
62
Bijlagen64
Samenvatting De gemeenschappelijke regeling valt onder de vigerende voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en onder het toezicht van de Provincie Limburg. De twee dochtervennootschappen, Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. en Rd4 Kringloop Bedrijf B.V., vallen niet onder het toezicht van de Provincie Limburg. De begroting moet worden opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW. Hierdoor ontstaat er een situatie waarbij Rd4 een hybride structuur heeft en waarbij wij te maken hebben met verschillende voorschriften. Om te kunnen voldoen aan relevante i.c. van toepassing zijnde wettelijke richtlijnen wordt er een enkelvoudige begroting gemaakt conform het BBV waarin uitsluitend de cijfers van de gemeenschappelijke regeling (GR) mogen worden verwerkt. Echter omdat deze cijfers slechts een deel uitmaken van de totale begroting heeft deze begroting een geringe informatiewaarde voor de deelnemende gemeenten. Om een goed inzicht te krijgen in het functioneren van Rd4 als geheel, presenteren wij al vele jaren, in weerwil van het Besluit Begroting en Verantwoording, een integraal geconsolideerde begroting van de drie onderdelen, welke nu voor u ligt. De geconsolideerde begroting 2026 laat een stijging zien van € 3,5 miljoen ten opzichte van de begroting 2025. We zullen in dit stuk uitwerken hoe we hiertoe zijn gekomen.
Allereerst hebben we na de berichten vanuit onze tien gemeenten inzake hun situatie voor 2026; dat zij minder gelden ter beschikking krijgen vanuit het Rijk, tezamen met de beleidsambtenaren en de financiële ambtenaren onder leiding van ons algemeen bestuur, een traject doorlopen om mogelijke besparingen te evalueren zonder dat deze het servicegevoel van onze burgers raken en zonder afbreuk te doen aan de te realiseren doelstellingen in het vastgestelde Grondstoffenplan 2022-2026. We zien dat de inspanningen die we doen in het bewerkstelligen van de circulaire economie op dit moment voor de burger uitsluitend kostenverhogend uitpakken. We zien de belasting op het verbranden van stromen alleen maar toenemen. We zien echter evenwel geen daling in het aanbod, het volume van het materiaal waarvoor verbranding de enige optie is. We zien dat hergebruik van grondstoffen mogelijk is maar niet voldoende gestimuleerd wordt van overheidswege. Er zijn voor de consument te weinig alternatieven om te kiezen doordat producenten geen andere keuzes maken. Dat leidt dan uiteindelijk tot wel een kostenverhoging voor onze burger maar een te lage transitie in de gehele keten. Halen we dit effect uit onze begroting, dan stijgt deze per saldo minder dan de toekomstige inflatieverwachtingen.
Dit bereiken we door strakker te sturen, bewustere keuzes te maken in contracten met leveranciers en onze processen te optimaliseren. Zo vinden we met nieuwe softwaretechnieken nog steeds verbeteringen in routes en grondstofkwaliteit. We onderzoeken de mogelijkheid om kringlooplocaties aan te kopen in plaats van te huren. Voor Kerkrade gaat het om de bestaande locatie, voor Heerlen om een nieuwe. Salarisstijgingen lijken zich meer te gaan bewegen in lijn met de inflatieprognoses, nu cao’s eerdere inflatiestijgingen hebben verwerkt. De verwachte inflatie ligt nog steeds boven het vroegere gemiddelde. De stijging voor sociale arbeid omvat niet alleen compensatie, maar ook verbeteringen in de organisatie. Als alles volgens plan verloopt, openen we in 2026 het vernieuwde grondstoffenpark en kringloopwinkel Margraten.
samen steeds slimmer
De volgende hoofdstukken gaan in op besparingen, beleidsmatige en financiële ontwikkelingen. Daarna volgt de begroting 2026 met aandacht voor bedrijfsvoering, financiën, beleid en meerjarenraming. 6
Begroting Rd4 2026
7
Hoofdstuk 1
Beleidsmatige ontwikkelingen Landelijke ontwikkelingen De beleidsontwikkelingen op het gebied van afval en grondstoffen van de overheid zijn vastgelegd in het Landelijk Afvalbeheerplan 3 (LAP3) en het bijbehorende VANGprogramma. In LAP3 wordt meer ruimte geboden voor het circulair maken van afval- en grondstoffenstromen. LAP3 geeft ook antwoord op de vraag: wanneer is iets afval of een secundaire grondstof? Bronscheiden is opgenomen als voorkeursroute. Dit betekent dat bronscheiden de norm is voor álle huishoudens en dat iedere afwijking aan de wettelijke gronden moet voldoen. In 2025 wordt het CMP (circulair materialen plan) de opvolger van het LAP3. Dit plan ondersteunt de transitie naar een circulaire economie. Ook het beleid van de gemeenten richt zich steeds meer en concreter op circulariteit. Naast de landelijke en regionale beleidsontwikkelingen hebben de marktontwikkelingen een steeds grotere invloed op de begroting van Rd4. Vanaf 2026 zal voor het eerst naast de afvalstoffenbelasting (verbrandingsbelasting) ook de CO2-heffing op de CO2 uitstoot ingevoerd worden. Deze belastingmaatregel zal de komende jaren oplopen tot een ingeschat bedrag van € 45,- per ton ingezameld restafval.
De huidige economische situatie (loon-prijsspiraal) zorgt echter voor stijgende prijzen op de arbeidsmarkt en hogere tarieven bij marktpartijen, bijvoorbeeld bij de inkoop van goederen en diensten.
Strategisch meerjarenplan 2022-2026 De basis voor deze begroting is het opgestelde Strategisch meerjarenplan 2022-2026 (SMP) met het motto 'Samen Steeds Slimmer'. Hierin hebben we verdeeld over 7 thema’s strategische doelstellingen gedefinieerd. In de begroting 2026 zijn de benodigde activiteiten en middelen opgenomen om de plannen uit dit plan te realiseren. In lijn met dit plan is ook het Grondstoffenplan 2022-2026 opgesteld per gemeente en in 2022 door de gemeenteraden vastgesteld. Hiermee geven we vorm aan het afval-/ grondstoffenbeleid van de Rd4-gemeenten.
Grondstoffenplan 2022-2026 In 2022 is gestart met de uitvoering van het Grondstoffenplan. Speerpunten voor 2026 zijn verdergaande communicatie- en motivatieprojecten om afvalscheiding verder te stimuleren conform de gestelde ambities. De focus ligt op intrinsieke motivatie van burgers om deel te nemen aan een circulaire economie en verbetering van de kwaliteit van de grondstoffen. In 2026 zal het nieuwe grondstoffenpark in Margraten geopend worden en het doel is om in 2026 te starten om circulaire activiteiten uit te voeren met samenwerkingspartners. Hier ligt ook een relatie met onderwijsinstellingen in de regio.
Beleidsmatige ontwikkelingen 8
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 1. Beleidsmatige ontwikkelingen
9
Rd4 als verbonden partij
Regionale samenhang
Rd4 is een verbonden partij voor onze gemeenten. Door taken in afval- en grondstoffenbeheer en de openbare ruimte uit te voeren, ‘ontzorgt’ Rd4 de gemeenten in advies- en uitvoeringstaken. Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft.
De Rd4-gemeenten blijven het belang zien van het collectief en onderstrepen een vergaande uniformiteit in de regio. Gestreefd wordt naar bestuurlijke en ambtelijke interactie ter versteviging van de samenwerking met en tussen de gemeenten op de beleidsterreinen afval en grondstoffen, circulariteit en gedeelde leefomgeving. Rd4 vervult hierin eenspilfunctie en stelt zich proactief op.
Gemeenten zoeken voor de grotere taken steeds meer de samenwerking op. Dat biedt veel voordelen in zowel bestuurlijk als financieel-economisch opzicht. Denk aan schaalvoordelen, risicospreiding, het regionaal kunnen behouden en uitbouwen van vakinhoudelijke expertise en werkgelegenheid. Rd4 kan als verbonden partij door de krachtenbundeling de aanjager of katalysator zijn op het gebied van grondstoffeninzameling en de transitie naar een circulaire economie. Samenwerken is geven en nemen. Raadsleden en bewoners beleven een verbonden partij als een regionaal werkende organisatie, waar je minder invloed op hebt dan op een gemeentelijke dienst. Vandaar dat wij goede afspraken, regelmatig contact, een structurele dialoog en een heldere wijze van rapporteren belangrijk vinden.
Producentenverantwoordelijkheid
Beoordelen, samenwerking en resultaten De gemeente blijft eindverantwoordelijk voor de taken die de verbonden partij uitvoert. Ook de gemeenteraad moet goed in beeld hebben welke bijdragen en resultaten een verbonden partij levert. Veel gemeenteraden hebben daarom regelmatig aandacht voor evaluatie en (bij)sturing. De rapportages van Rd4, het Grondstoffenplan 2022-2026, de jaarlijkse grondstoffenconferenties, raadsinformatiebrieven en het jaarverslag zijn belangrijke bronnen van informatie. Daarnaast wordt regelmatig informeel contact door alle partijen prettig en zinvol gevonden. Rd4 staat daarom altijd open voor verzoeken en bezoeken van raadsleden en andere betrokken partijen.
In het kader van het verminderen van de hoeveelheid restafval speelt producentenverantwoordelijkheid een steeds belangrijkere rol. Producentenverantwoordelijkheid betekent dat producenten en importeurs (mede) verantwoordelijk worden voor het afvalbeheer van de producten die door hen op de markt zijn of worden gebracht. Daarnaast zal deze verantwoordelijkheid verduurzaming en duurzaam gebruik van producten verder stimuleren en zal het bijdragen aan de vernieuwing van de inzameling en recycling van afgedankte producten. Gemeenten hebben geen invloed op het ontwerp en de hoeveelheid consumptiegoederen en verpakkingen. Gemeenten zijn vooralsnog wel belast met de inzameling en verwerking van deze goederen ongeacht de waarde of schadelijkheid ervan. Vandaar ook dat het noodzakelijk is dat ervoor gemeenten duidelijkheid komt waar ze met het gemeentelijke beleid invloed op kunnen uitoefenen in de overgang naar de circulaire economie en hoe zij hun afvalkosten kunnen beheersen. Verdere landelijke afspraken met betrekking tot de uitbreiding van producentenverantwoordelijkheid en de hiermee samenhangende verwijderingskosten, zullen hierbij van groot belang zijn. Producentenverantwoordelijkheid geldt op dit moment voor elektrische en elektronische apparaten, matrassen, textiel, batterijen en accu’s, autowrakken, autobanden en alle consumentenverpakkingen.
Landelijk wordt erop dit moment gewerkt aan een producentenverantwoordelijkheid voor luiers. Het beoogde ingangsjaar hiervoor is 2027. Daarnaast zijn er onderzoeken gaande om producentenverantwoordelijkheid voor medicijnen en meubels te gaan invoeren.
Wet open overheid Rd4 conformeert zich aan de Wet open overheid (Woo). Zowel passief als actief wordt tijdig informatie verstrekt aan onze stakeholders. Verbetering van de informatiehuishouding; een van de uitgangspunten van de Woo is dat de informatiehuishouding op orde is. De continue verbetering van de informatiehuishouding is bij Rd4 niet nieuw. Jaarlijks worden stappen gezet, mede onder invloed van gedigitaliseerd werken en gecontroleerde dataopslag, waardoor bijvoorbeeld papieren archieven worden verkleind. Ook komend jaar zal deze verdergaande digitalisering en verbetering van onze informatiehuishouding verder vorm krijgen. Dit alles onder een toenemende mate van beveiliging van data.
10
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 1. Beleidsmatige ontwikkelingen
11
Hoofdstuk 2
Besparingen Medio 2024 zijn alle gemeenschappelijke regelingen door de gemeenten nadrukkelijk gewezen op het overgangsjaar 2026 (door de gemeenten zelf ravijnjaar genoemd). Gemeenten krijgen door wijzigingen in de verdeelsleutels van gelden vanuit het Rijk minder middelen ter beschikking. Als organisatie, samen met beleids- en financiële ambtenaren van onze 10-gemeenten, hebben we ondanks het feit dat we in een taakveld opereren dat gedekt wordt uit een doelbelasting (lees: de afvalstoffenheffing), deze handschoen opgepakt. In oktober 2024 zijn wij een uitgebreid traject gestart en gedurende dit proces (gelijklopend aan dit begrotingsproces) hebben wij onze bestuurders in meegenomen. Het hele spectrum van mogelijkheden is bekeken, rekening houdende met het behoud van het huidige serviceniveau en tegen de opwaartse prijsspiraal, op zoek naar besparingsvoorstellen. Deze mogelijkheden zijn vanuit een longlist aan maatregelen teruggebracht naar een shortlist en gecategoriseerd. Ieder jaar worden interne bedrijfsprocessen opnieuw tegen het licht gehouden, wordt de dienstverlening geoptimaliseerd en worden medewerkers bij Rd4 uitgedaagd om “scherper aan de wind te zeilen”. De afgelopen jaren heeft dit al tot teruggaven naar onze gemeenten geleid. In de jaren opvolgend aan deze teruggaven zijn deze besparingen jaarlijks meegenomen in de opvolgende begrotingen.
Ook afgelopen jaar is gekeken naar efficiëntie en effectiviteit vanuit onze eigen bedrijfsvoering. Dit heeft geresulteerd in een besparing van € 570.000. Een volgende besparing is gevonden in de verduurzaming van ons wagenpark. Om de kosten in de nabije jaren te kunnen dekken is een aantal jaar geleden gekozen om een reserve te vullen die jaarlijks stijgt. Deze reservering is bedoeld om het verschil te kunnen dekken tussen verduurzaamde voertuigen en de huidige Euro6 voertuigen. De opgave voor het verduurzamen van ons wagenpark blijft bestaan. Daar de ontwikkeling van deze voertuigen op dit moment geen grote stappen kent, is gekozen om de afgesproken stijging voor 2026 niet door te voeren en het huidig bedrag dat is opgenomen in de begroting 2025 te continueren. Dit heeft geresulteerd in een besparing van € 148.000.
Besparingen
Vergroten van de omzet van onze kringloopactiviteiten door het openen van 2 pop-up kledingwinkels in leegstaande panden. Dit zien wij als zeer kansrijk. We willen hiermee vier slagen slaan; de gemeenten helpen de aanblik van leegstand in de centra te voorkomen, circulariteit in die centra zichtbaar maken, sociale arbeid in zetten en als laatste door een extra afzetkanaal voor ons textiel te gaan inzetten. Dit heeft geresulteerd in een besparing (extra omzet) van € 100.000 in deze begroting. Een coulante regeling voor het extra inzamelen van klachten is ook aangemerkt als mogelijke besparing. Conform de afgesproken SLA’s met de gemeenten zal er gehandeld gaan worden. Concreet betekent dit dat wij strikter de termijn tussen inzamelmoment en moment van indienen klacht gaan hanteren (inzameling + max. 2 werkdagen). Dit leidt tot een jaarlijkse besparing van € 25.000. Samengevat: in deze begroting is een besparing verwerkt ter grootte van € 843.000.
12
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 2. Besparingen
13
Hoofdstuk 3
Financiële ontwikkelingen In dit hoofdstuk presenteren we op hoofdlijnen de financiële ontwikkelingen en plaatsen deze in perspectief. De kosten van Rd4 zijn als volgt opgebouwd: Begroting 2025
Begroting 2026
Mutatie 2026 t.o.v. 2025
Lasten Personeel
27.369.331
28.887.429
1.518.098
Uitbesteed werk/inkopen
2.601.358
2.929.550
328.192
Verwerking
4.707.761
5.768.194
1.050.434
Energie
2.506.000
2.489.250
-16.750
Productiekosten
3.008.530
3.092.546
84.016
Bedrijfskosten
4.659.441
4.786.340
126.899
Financiering
6.554.092
7.014.880
460.788
Totaal:
51.406.511
54.958.189
3.551.678
2026 is het jaar dat we via onze verwerkers geïntroduceerd gaan worden met kosten als gevolg van de CO2 heffing. Deze zal aanvullend aan de reeds sinds 2019 bekende afvalstoffenbelasting (zgn. verbrandingsbelasting) geïnd gaan worden. De CO2-heffing is ontstaan uit de noodzaak om de uitstoot van broeikasgassen te beperken en zo de opwarming van de aarde tegen te gaan. In Nederland is de CO2-heffing voor de industrie ingevoerd op 1 januari 2021, als onderdeel van het Klimaatakkoord. Dit akkoord heeft als doel de CO2-uitstoot in Nederland in 2030 met 49% te verminderen ten opzichte van 1990. De heffing is een financiële prikkel voor bedrijven om te investeren in duurzame technologieën en processen die de uitstoot van CO2 verminderen. In de komende jaren is de verwachting dat deze lineair stijgt naar een niveau dat vergelijkbaar of hoger zal zijn dan de bestaande verbrandingsbelasting. De totale impact wordt ingeschat op € 615.427 en betekent een totale afdracht van milieubelastingen van ruim € 2,2 miljoen. We hopen in het voorjaar 2026 ons vernieuwde grondstoffenpark en kringloopwinkel te Margraten te kunnen heropenen. De bouw zal starten in 2025 en de afschrijving vanaf 2026. In 2025 kopen we zoals besloten het pand Sourethweg 5E (huisvesting Textiel sorteercentrum), wat we sinds eind 2023 huren.
Vanaf 2026 zijn de huurkosten vervangen door een jaarlijkse afschrijving- en rentelasten.
Financiële ontwikkelingen 14
Begroting Rd4 2026
De overdracht van ondergrondse systemen in de voormalige gemeente Schinnen naar Rd4 zal in 2025 plaatsvinden. Vanaf 2026 zijn deze systemen dan ook volledig verwerkt in onze kosten. Het fundament van onze begroting wordt gevormd door een beleidsmatige inschatting van hoe de ingezamelde hoeveelheden zich zullen ontwikkelen op basis van de historie en daaraan gekoppeld een inschatting vanuit onze logistieke experts hoeveel uren dan van onze mensen en ons materieel benodigd zijn.
Hoofdstuk 3. Financiële ontwikkelingen
15
Zoals we vorig jaar al aangaven is de cao voor Rd4 inderdaad open gebroken in 2024 en is gestegen in lijn met wat we destijds al voorzagen voor 2025. De cao loopt tot en met april 2026, wat maakt dat vanaf dat moment de ontwikkeling onzeker is. We hebben gerekend met de verwachte inflatiecijfers. In het sociale domein waar we onszelf een doelstelling opleggen vanuit ons Strategisch meerjarenplan 2022-2026, hebben we te maken met andere bronnen die we moeten inzetten. Voorheen was WSP (uitvoering SW-wet) de hoofdpartner, maar door de gewijzigde wetgeving en de wijze waarop de huidige Participatie Wet (PW) is georganiseerd betekent dat een aanpassing voor ons. Hoe dan ook zien we dat het duurder wordt. We zien het als onze maatschappelijke verantwoordelijkheid om een bijdrage te leveren, waarbij we wel willen stellen dat dit niet uitsluitend ten laste van de afvalstoffenheffing dient te komen. Daarover hebben we met onze gemeenten en de andere partners continue overleg. Baten
Begroting 2025
Begroting 2026
Mutatie 2026 t.o.v. 2025
Begroting 2025
35.420.271
37.560.699
2.140.428
BOR-pakket
6.440.130
6.822.795
382.665
Gemeenten
41.860.501
44.383.494
2.523.093
Overige personeelskosten
Derden
10.142.606
11.170.403
1.027.797
Totaal
Begrotingsomvang
52.003.007
55.553.897
3.550.890
-596.496
-595.708
788
51.406.511
54.958.189
3.551.678
Totale kosten Rd4
Onze kosten worden gedekt uit verschillende bronnen. De bijdrage van de gemeenten inzake het basispakket en BOR-pakket betreft het grootste aandeel daarin. Onder de categorie derden is het doen van werkzaamheden voor onze Rd4 Bedrijvenservice de voornaamste post. Daarnaast valt daaronder de omzet welke rechtstreeks via onze burgers binnen komt zoals betaalde stromen op de grondstoffenparken, het kopen van producten in onze RD4U kringloopwinkels, de verkoop van textiel en andere kleinere bronnen welke soms incidenteel van aard zijn. In het kader van meer doen met ons ingezamelde textiel gaan we naar verwachting in ieder geval 2 popup kleding winkels starten in stads- en dorpscentra. Hier zitten extra kosten aan vast maar ook extra omzet van € 250.000. We verwachten hier € 100.000 aan extra resultaat te genereren wat een demping van de stijging van onze begroting bewerkstelligd. We verwachten ook meer inkomsten uit onze bestaande winkels te kunnen halen. In het BOR-pakket zijn behalve de stijging als gevolg van indexering ook aanpassingen doorgevoerd in de dienstverlening. Deze dienstverlening wordt deels nu al uitgevoerd en is vastgelegd in werkplannen en SLA’s met de betreffende gemeenten.
27.369.331
28.887.429
1.518.098
Ongeveer de helft van onze begroting bestaat uit de beloning van onze mensen. Alhoewel we waar mogelijk mechaniseren zijn onze processen nog altijd zeer arbeidsintensief. We zetten onze collega's in via vaste of tijdelijke Rd4-contracten en op inhuurbasis. Daarbij is onderscheid te maken tussen inhuur enerzijds via reguliere uitzendbureaus en anderzijds in samenwerking met WSP (medewerkers met een SW-indicatie) en andere partners. We zetten een sociaal coördinator in te kunnen spelen op sociale arbeid. We zetten in deze tijd van krapte op de arbeidsmarkt extra in op het behouden van onze medewerkers. Daarom kiezen we vaker voor een Rd4-contract waar we voorheen kozen voor een inhuurconstructie.
Basispakket
Mutatie reserve duurzaamheid
16
Personeel
Begroting 2026
Mutatie 2026 t.o.v. 2025
Salarissen
20.102.665
21.940.977
1.838.312
Personeel van derden
6.292.058
5.830.613
-471.445
974.608
1.125.840
151.323
27.369.331
28.887.429
1.518.098
Het totaal aantal werkzame fte’s is lager dan bij de begroting 2025. Dat is het gevolg van optimalisaties welke we gerealiseerd hebben in de uitvoering van het basispakket. Dat zit in routeoptimalisaties waardoor we er minder uren voor nodig hebben. De dienstverlening voor het BOR-pakket en de NV groeit nog steeds. Dit maakt dat de volledige stijging van de begroting terug te voeren is op loonstijgingen en de ontwikkeling van de sociale lasten en pensioenen. De huidige cao (CAO GEO Services) is vastgelegd tot en met voorjaar 2026. Voor de periode daarna is een inflatie volgende loonontwikkeling doorgerekend (3,5%). Voor sommige activiteiten zetten we sociale arbeid in. Voor deze groep medewerkers verwachten we terugloop van aantal Wet Sociale Werkvoorziening (SW)-medewerkers, meer inzet van Participatie Wet (PW)-medewerkers en andere bronnen. We houden voor deze categorie daarom rekening met oplopende kosten tot 10% voor lonen en de inzet van een sociaal coördinator binnen Rd4 om verbindingen te leggen en onderhouden en bezettingen op peil te houden.
In totaliteit stijgt de begroting 2026 van Rd4 met een bedrag van € 3,5 miljoen ten opzichte van de begroting 2025. De bijdrage van het basispakket welke zijn weerslag krijgt in de afvalstoffenheffing die de burger betaald stijgt met € 2,1 miljoen. Het restant komt vanuit de overige genoemde inkomstenbronnen.
We hechten veel waarde aan het ontwikkelen van onze mensen waardoor we conform de cao teksten een bedrag reserveren voor het doen van opleidingen gerelateerd aan de loonsom. Enerzijds betreft dat verplichte opleidingen en anderzijds functiegerichte opleidingen of ontwikkeling gerichte opleidingen. Ons leidinggevend kader volgt een leiderschapstraject. Hiermee hopen we nog meer de focus op de bedrijfsvoering en de bedrijfsdoelen te richten en eenieder mee te nemen in welke invloed ze hierop kunnen hebben.
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 3. Financiële ontwikkelingen
17
Uitbesteed werk/inkopen
2.601.358
2.929.550
328.192
Inzake sommige activiteiten of onderdelen van dienstverlening maken we de keuze om dit niet met eigen mensen en materieel uit te voeren. Dit betreft zaken als het inzamelen van papier door verenigingen, inzet bedrijven voor gladheidbestrijding en kolkenreiniging, inzet van externe transportfirma’s voor transporten van en naar de grondstoffenparken of op- en overslag transporten. Een aantal van deze contracten lopen af en zijn soms langlopend geweest. We verwachten daar dan ook nog een correctie in de prijs als gevolg van de hoge inflatie van enkele jaren terug. Onze gemeenten nemen meer diensten af inzake onkruidbestrijding en straatreiniging (BORpakket). Deze uitbreidingen worden vooralsnog uitbesteed vanwege langere levertijden materieel en het moeilijk vinden van personeel op de huidige arbeidsmarkt. Sommige van deze activiteiten vinden bij het opmaken van deze begroting al plaats. Het onderdeel inkopen behelst de inkoop van textiel door het Textiel sorteercentrum. Verwerking
4.707.161 Begroting 2025
5.758.294 Begroting 2026
1.050.434
In 2026 zullen we zoals we, zoals zijn geïnformeerd, in de tarieven te maken gaan krijgen met de nieuwe CO2-heffing, welke bovenop de reeds sinds 2019 geheven verbrandingsbelasting komt. We zien dat het aandeel van belastingen in de verwerkingskosten jaarlijks groter wordt. We proberen hierbij waar mogelijk langdurige stabiele en marktconforme contracten te realiseren. In de meeste contracten zijn jaarlijkse indexeringen overeengekomen. De vergoedingen nemen af wat maakt dat de kosten stijgen, wat voornamelijk is terug te voeren op het dalen van de hoeveelheid PMD na de invoering van statiegeld. We hebben de begrote hoeveelheden aangepast aan de laatste realisatiecijfers. De vergoedingen zelf stijgen als gevolg van indexeringen. Energie
6.218.752
6.611.876
393.124
Belastingen
1.619.316
2.234.743
615.427
Vergoedingen uit UPV of vergelijkbaar
-3.130.307
-3.088.425
41.883
Totaal:
4.707.761
5.758.194
1.050.434
Hier worden alle kosten bedoeld, en bij sommige stromen ook opbrengsten, die samenhangen met het afvoeren en verwerken door de eindverwerker. Dit omvat de verwerkingskosten, op- en overslagkosten, potentiële extra transportkosten, vergoedingen van instanties als Verpact (voorheen Nedvang)/ Afvalfonds Verpakkingen of AEEA/WEEE en de milieubelastingen van de rijksoverheid in het kader van een producentenverantwoordelijkheid (UPV).
2.489.250
-16.750
Dit onderdeel betreft de kosten die samenhangen met het verbruik van energie in onze onderneming. Het grootste deel bestaat uit de kosten voor diesel (en benzine, gas en elektra) voor onze voertuigen en machines. Verder zit ook het verbruik van gas, water en elektriciteit op onze diverse locaties in deze post.
Mutatie 2026 t.o.v. 2025
Verwerkingstarief
2.506.000
Begroting 2025
Begroting 2026
Mutatie 2026 t.o.v. 2025
Brandstof voertuigen en machines
1.896.000
1.879.250
-16.750
Gas, water en electra
610.000
610.000
0
2.506.000
2.489.250
-16.750
Totaal:
Voor de brandstof zijn uitgegaan van een literprijs genomen van € 1,50 (excl. btw). Inzake de liters is aangenomen dat deze vrijwel gelijk blijven (ongeveer 1.250.000 liter). Verder kijken we naar efficiëntie van routes en hanteren we software om verbeteringen in het weggedrag te stimuleren. Aan de andere kant hebben we ook vaak te maken met uitbreiding van de vraag en daarmee de capaciteit met daarbij uiteraard meer gebruik van brandstof. We verwachten wat minder brandstof inzake het basispakket te verbruiken en wat meer voor het BOR-pakket en de dienstverlening aan de NV Bedrijvenservice. Gezien de realisatie cijfers van 2024 verwachten we in 2026 het begrotingsbedrag inzake de energie voor onze gebouwen gelijk te kunnen laten. Waar we kunnen proberen we minder energie te verbruiken. In 2026 zal een nieuw contract moeten afgesloten, dus hier zit enige onzekerheid.
18
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 3. Financiële ontwikkelingen
19
Productiekosten
3.008.530
3.092.546
84.016
Hier zitten onze kosten in voor het onderhouden van onze voertuigen, materieel en onze inzamelmiddelen (containers, ondergrondse en bovengrondse systemen etc.). Het verbruik van materialen valt hier ook onder. Daarnaast wordt hier de interne dekking voor onze op- en overslag verantwoord. Als een grondstoffenstroom via de op- en overslaglocatie kan worden afgevoerd en we hierdoor verwerkings- en transportkosten kunnen besparen, staan hier kosten van op- en overslag tegenover. Deze kosten worden opgenomen in de verwerkingskosten en als dekking gepresenteerd in de productiekosten. Begroting 2025
Begroting 2026
Mutatie 2026 t.o.v. 2025
Wagenpark en machines
2.903.481
3.017.999
114.518
Inzamelmiddelen
1.568.676
1.640.233
71.557
Overig
742.588
837.749
95.161
Totaal:
5.214.745
5.495.981
281.236
Interne dekking
-2.206.215
-2.403.435
-197.220
3.008.530
3.092.546
84.016
Bedrijfskosten
4.659.441
4.786.340
126.899
Hieronder vallen de kosten inzake de huisvesting, de kosten van automatisering, de kosten van communicatie en overige algemene kosten. We verwachten nog niet geheel afscheid te kunnen nemen van de papieren afvalkalender dus het drukken en de verzendkosten daarvan zijn nog steeds opgenomen. Ons bedrijfsproces is afhankelijk van automatisering dus we zullen blijven werken aan het veilig en up-to-date houden van onze systemen. Daarbij worden we door de wetgeving gedwongen om meer te doen aan inzet van software, hardware en activiteiten en dat toetsbaar vast te leggen. Deze NIS2 Cyberbeveiliging wetgeving zorgt voor een kostenverhogend effect. Daarnaast zijn we gedwongen om onze systemen naar de cloud te brengen doordat leveranciers wereldwijd ons die kant op bewegen, wat per saldo niet goedkoper lijkt uit te pakken en daarnaast de afhankelijkheid van bepaalde wereldwijde leveranciers vergroot. Lokale vergelijkbare alternatieven blijken nauwelijks te vinden.
Financiering
6.554.092
7.014.880
460.788
Deze post omvat onze afschrijvingen op de vaste activa en de rente die we betalen over onze leningen. Op tijdelijke liquiditeitsoverschotten ontvangen we via de schatkist een rentevergoeding. Deze is meegewogen in de financieringskosten.
Door groei in met name het BOR-pakket zien we uitbreiding in voertuigen en ander materieel. Dit betekent ook dat de onderhoudskosten hoger worden voor zowel preventieve werkzaamheden als reparaties bij storingen en gebreken. Er zijn op meer plaatsen ondergrondse systemen en de jaarlijkse kosten daarvan inzake onderhoud en schoonmaak worden hier verantwoord. In de loop van 2025 nemen we de systemen uit de voormalige gemeente Schinnen (Beekdaelen) over en deze zitten in 2026 voor het eerst volledig in alle berekeningen. Onder overig zitten bijvoorbeeld de kosten voor zout t.b.v. de gladheidbestrijding, welke de laatste jaren gestegen zijn. Een gedeelte van het zoutverbruik is gegarandeerd met vaste prijsafspraken, daarboven betalen we meer.
20
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 3. Financiële ontwikkelingen
21
Hoofdstuk 4 Bedrijfsvoering Juridische structuur Deelnemers: 10 gemeenten / AB
Aandeelhouders: 10 gemeenten / AVA
Dagelijks bestuur
Raad van commissarissen
Reinigingsdiensten Rd4 (GR)
NV Reinigingsdiensten Rd4 (NV)
Rd4 Facilitair Bedrijf BV (BVF)
Rd4 Kringloop Bedrijf BV (BV KLB)/(TSC)
Deze begroting heeft betrekking op de gemeenschappelijke regeling (GR) en de beide besloten vennootschappen en is derhalve een geconsolideerde begroting. Vanuit de Gemeenschappelijke regeling wordt de dienstverlening voor onze gemeenten georganiseerd. In Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. (BVF) zijn bijna alle productiemiddelen ondergebracht, evenals de medewerkers die geen ambtelijke aanstelling hebben. Zij volgen cao voor de sector Grondstoffen, Energie en Omgeving (GEO). Alle (loon)kosten van de BVF worden volledig doorberekend aan de gemeenschappelijke regeling. Het exploitatieresultaat is dus nihil. De kringloopactiviteiten vinden sinds 2005 in de gemeenschappelijke regeling plaats. Vanaf 2014 zijn de activiteiten van het Textiel sorteercentrum ondergebracht in Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. (KLB). Om bedrijven in ons verzorgingsgebied te kunnen ontzorgen en deze grondstoffen veilig te stellen maken we gebruik van de N.V. Reinigingsdiensten Rd4 (NV). In deze geconsolideerde begroting is de dienstverlening opgenomen welke is afgesproken met deze NV. Het eigenaarschap van deze NV ligt rechtstreeks bij de gemeente en is niet verbonden aan de gemeenschappelijke regeling. De NV heeft geen eigen personeel en materieel maar huurt alles in van de gemeenschappelijke regeling.
Werkorganisatie Organigram per 01 januari 2025 Directie Directeur
Bedrijfsvoering 22
Begroting Rd4 2026
FZ, ICT & TD
Operations
Beleid & Grondstoffen
Financiën
P&O, KAM & Secretariaat
Manager FZ,ICT & TD
Manager Operations
Manager Beleid & Grondstoffen
Manager Financiën
Manager P&O, KAM
Hoofdstuk 4. Bedrijfsvoering
23
FTE's Directeur
1,0 Commerciële Zaken
7,1
Marketing en Communicatie
12,2
Manager FZ, ICT & TD
1,0 Staf TD & FZ
1,0
Technische dienst
18,7
Inzamelmiddelen
3,0
Facilitaire zaken & magazijn
5,0
ICT
8,9
Manager Operations
1,0 Bedrijfsbureau en staf
15,9
Grondstoffenparken
42,1
Uitvoering
157,7
Manager Beleid & Grondstoffen
1,0 2,0
Basisgegevens van onze gemeenten voor Rd4
Beleid
1,8
RSC
8,0
Op- en overslag
9,8
Textiel sorteercentrum
2,0
Voor de bepaling van het aantal inwoners is uitgegaan van de gegevens van het CBS. Voor de bepaling van het aantal aansluitingen is uitgegaan van de stand bij Rd4 per 01-12-2024 op basis van de gegevens zoals wij deze van de BsGW hebben aangeleverd gekregen. In deze begroting is uitgegaan van de bewoonde aansluitingen.
Kringloop en Assortimentsbeheer
65,1 1,0
Financien Manager P&O en KAM en Secretariaat
5,8 1,0
P&O
6,6
KAM
1,0
Secretariaat
2,4 382,0
Bovenstaande opstelling betreft zowel mensen in vaste dienst als inhuur, exclusief de medewerkers uit het sociaal domein/ doelgroepmedewerkers van het TSC en vrijwilligers. Bij de kringloop is de beoogde bezetting voor de nieuwe pop-up kleding winkels nog niet in fte’s vertaald. Deze winkels gaan we starten om meer kleding circulair te kunnen afzetten, om circulariteit meer in stads- en dorpscentra zichtbaar te maken, leegstand te verminderen en meer resultaten te genereren om een lagere bijdrage van onze gemeenten te vragen inzake kringloop.
24
Begroting Rd4 2026
Ultimo 2024 waren er 145 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werkzaam bij Rd4 en 40 vrijwilligers. Zij worden vooral ingezet bij onze kringloopwinkels en assortimentsbeheer alwaar ze o.a. de BEST-tas sorteren. Ook de sortering in ons Textiel sorteercentrum wordt door mensen uit deze groep uitgevoerd. De komende tijd wordt bekeken hoe we dit strategisch verder kunnen vormgeven zodat we op een toekomstbestendige wijze onze ambities op het terrein van sociale arbeid kunnen blijven realiseren.
Staf grondstoffen
Manager Financiën
Totaal aantal FTE's
Sociale Arbeid Een van onze ambities zoals opgenomen in ons Strategisch meerjarenplan 2022-2026 is het bieden van werk aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. We merken dat na het beëindigen van de Wet sociale werkvoorziening (WSW) er geen nieuwe instroom meer is. Het speelveld waarbinnen de sociale arbeid zich afspeelt is veranderd en ook meer versnipperd. De WSW-populatie binnen Rd4 is geplaatst via WSP Parkstad. Inzake de participatiewet en andere trajecten zijn er veel partijen actief en zijn de gemeenten zelf ook een partner voor Rd4. Dit maakt het realiseren van onze ambitie lastiger en het kost meer tijd en energie.
Aantal inwoners per 01-01-2025 Gemeenten
aantal
Gemiddeld aantal bewoonde aansluitingen ultimo 2024 %
aantal
inwoners per aansluiting
%
Beekdaelen
35.776
11,7
16.257
10,9
2,20
Brunssum
27.592
9,0
13.860
9,3
1,99
Eijsden-Margraten
26.150
8,5
11.387
7,6
2,30
Gulpen-Wittem
14.014
4,6
6.694
4,5
2,09
Heerlen
87.509
28,6
44.487
29,9
1,97
Kerkrade
45.491
14,9
22.736
15,3
2,00
Landgraaf
36.878
12,0
17.573
11,8
2,10
Simpelveld
10.294
3,4
4.825
3,2
2,13
Vaals
10.052
3,3
5.511
3,7
1,82
Voerendaal
12.576
4,1
5.597
3,8
2,25
GR-gemeenten
306.332
100,0
148.927
100,0
2,06
Hoofdstuk 4. Bedrijfsvoering
25
Verrekeningsgrondslagen Basispakket In de onderstaande tabel is de kostenverdeelsleutel schematisch weergegeven: werkelijk
aansluitingen
bezoeken
meldingen
Huis-aan-huisinzameling (Restafval, GFT, papier en PMD) verwerkingskosten
X
logistieke kosten/inzamelkosten
X
exploitatiekosten
X
Op afroep (Grofvuil en snoeiafval) verwerkingskosten
X
logistieke kosten/inzamelkosten
X
exploitatiekosten
X
Straatclusters verwerkingskosten
X
exploitatiekosten
X
Grondstoffenparken verwerkingskosten
X
logistieke kosten
X
exploitatiekosten
X
Kringloop + BEST-tas exploitatiekosten
X
Servicepunt
X
Afvalkalender, milieupas, app en website
X
Grondstoffenplan
X
Resterende kosten
X
Illegale dumpingen Duurzaamheid
“ geen afval maar grondstoffen” 26
Begroting Rd4 2026
X X
BOR-pakket Bij het BOR-pakket wordt de werkelijke inzet ten opzichte van de begroting per gemeente afgerekend.
Hoofdstuk 4. Bedrijfsvoering
27
Hoofdstuk 5 Beleidsbegroting Programmaplan Doelstellingen en beoogde maatschappelijke effecten Vanuit de wettelijke zorgtaak, conform de vigerende Wet Milieubeheer en rekening houdend met de beleidsontwikkelingen in LAP3, omvat het basispakket alle activiteiten die te maken hebben met de verwijdering van huishoudelijke afvalstromen. Er is een onderscheid te maken naar het huis aan huis inzamelen van stromen (rest- en gft-afval, papier, PMD, grofvuil, kringloopgoederen en snoeiafval), brengen (de straatclusters voor glas, papier en textiel en de grondstoffenparken) en overige diensten (afvalkalender, Milieu App, Mijn Rd4 en het Servicepunt). Het dienstverleningsniveau is op hoofdlijnen voor alle 10 Rd4-gemeenten nagenoeg gelijk. Het inzamelbeleid kan per gemeente verschillen. In Eijsden-Margraten wordt bijvoorbeeld het variabele tarief berekend op basis van gewicht in combinatie met frequentie. In de andere Rd4-gemeenten wordt het variabele tarief berekend op basis van het Volume/Frequentiesysteem. De belangrijkste doelstelling is het vinden van een goede balans tussen de laagst mogelijke kosten voor afvalverwijdering en een goed serviceniveau voor onze burgers, binnen het kader van de milieuwetgeving. De belangrijkste aandachtspunten zijn: • Het zo goed mogelijk scheiden van afvalstromen (kwantiteit). Dit leidt tot een besparing van kosten en milieu.
• De ingezamelde grondstofstromen zo schoon mogelijk in te zamelen (kwaliteit). • Het zo min mogelijk inzamelen van afval waarvoor een afvalstoffenbelasting wordt betaald. • Het zo efficiënt mogelijk inrichten en afstemmen op elkaar van haal- en brengvoorzieningen. • Het participeren in de afvalmarkt voor het verkrijgen van zo gunstig mogelijke verwerkingstarieven van afval.
Beleidsbegroting 28
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 5. Beleidsbegroting
29
Basispakket
BOR-pakket, NV en overige Rd4 2025
Rd4 2026
kosten per aansluiting
kosten per inwoner
Restafval
9.501.566
10.219.882
68,62
33,36
GFT
7.574.261
7.710.731
51,78
25,17
Papier
1.174.001
1.098.330
7,37
3,59
Grofvuil en snoeiafval
362.042
408.039
2,74
1,33
Grondstoffenparken
7.907.690
8.553.118
57,43
27,92
Straatclusters
1.590.284
1.640.686
11,02
5,36
PMD
2.329.927
2.366.712
15,89
7,73
BEST-tas en Kringloop
1.868.143
1.927.796
12,94
6,29
Servicepunt
663.245
771.476
5,18
2,52
Afvalkalender, pass en app, website
195.246
321.608
2,16
1,05
Grondstoffenplan
1.108.799
1.190.323
7,99
3,89
Baten
Resterende kosten
3.606.086
3.761.391
25,26
12,28
UPV (PMD, papier, glas, matrassen, E-waste)
-3.126.391
-3.085.167
-20,72
-10,07
Illegale dumpingen
68.875
80.065
0,54
0,26
Duurzaamheid
596.496
595.708
4,00
1,94
35.420.271
37.560.699
252,21
122,61
Lasten
Saldo
NV (KWD + RSC)
4.370.000
4.750.000
Straatreiniging
2.408.200
2.509.700
Riool- en kolkenreiniging
610.000
636.500
Reiniging markten
98.000
99.600
Transport verhuur
574.500
593.000
Gladheidbestrijding
1.415.100
1.468.000
Onkruidbeheersing
1.321.000
1.502.100
Afzet afvalstromen
13.330
13.895
10.810.130
11.572.795
GR-gemeenten
6.440.130
6.882.795
NV Reinigingsdiensten Rd4
4.370.000
4.750.000
0
0
10.810.130
11.572.795
0
0
Burgers & overigen Saldo
Paragrafen 35.420.271
37.560.699
0
0
35.420.271
37.560.699
0
0
NV Reinigingsdiensten Rd4 Burgers & overigen
Rd4 2026
Lasten
Baten GR-gemeenten
Rd4 2025
252,21
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Doelstellingen en beoogde maatschappelijke effecten De kosten van het basispakket vormen de grootste component voor de afvalstoffenheffing die de burger betaalt. Deze kosten zijn onderhevig aan conjuncturele- en weersafhankelijke invloeden. Door het vormen van een weerstandsvermogen kunnen dit soort fluctuaties worden opgevangen. Weerstandscapaciteit en verloop van het vermogen In 2023 is ambtelijk en bestuurlijk overleg geweest over de hoogte en de bepaling van het weerstandsvermogen. Hiertoe is een memo opgesteld en vastgesteld. De in de jaarrekening onderkende risico's zijn daarbij voorzien van een inschatting van de kans dat het risico zich gaat voordoen en een inschatting van het financieel effect dat daarmee gemoeid zou zijn. De nieuwe systematiek is onafhankelijk van de hoogte van de omzet en stijgt daardoor niet automatisch mee met de omvang van de begroting. Ter beoordeling van het aanwezige weerstandsvermogen wordt een ratio berekend van de beschikbare capaciteit ten opzichte van de benodigde weerstandscapaciteit (weerstandsvermogen).
30
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 5. Beleidsbegroting
31
Waarderingscijfer
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
A
> 2,0
Uitstekend
B
1,4 < X < 2,0
Ruim voldoende
C
1,0 < X < 1,4
Voldoende
D
0,8 < X < 1,0
Matig
E
0,6 < X < 0,8
Onvoldoende
F
< 0,6
Ruim onvoldoende
De risico's welke het weerstandsvermogen moet afdekken betreffen alle risico's waarvan we niet hebben afgesproken dat ze op basis van werkelijkheid worden afgerekend via de variabele component. Deze zijn direct van invloed op het resultaat van Rd4. Daar zitten niet de risico's inzake de verwerkingstarieven en -hoeveelheden bij. Deze zitten zowel qua tarief als hoeveelheid in de variabele component en worden op werkelijkheid afgerekend met de gemeenten. De navolgende risico’s zijn meegewogen in de benodigde weerstandscapaciteit:
Vastgesteld is dat Rd4 streeft naar een minimale ratio van "ruim voldoende" en dat daarmee de ondergrens een ratio van 1,4 is. De toets van de weerstandsvermogen ratio is een onderdeel van de jaarlijkse planning & control cyclus. Het minimaal benodigde weerstandsvermogen conform de beschreven methodiek zou € 2.082.500 (zijnde 1,4 x benodigde weerstandscapaciteit welke is berekend op € 1.487.500) bedragen. Dit minimale vermogen hebben we nu bereikt. In 2024 heeft geen herijking plaatsgevonden van de risicoanalyse. De ontwikkeling (onder voorbehoud van resultaatbestemming 2024) komt als volgt uit te zien:
t/m 2020
2021
2022
2023
concept jaarrek. 2024
Totaal
Beekdaelen
121.529
74.009
0
-43.580
0
151.959
Brunssum
136.926
103.987
0
-38.870
0
202.044
Eijsden-Margraten
92.661
83.492
0
-11.636
0
164.516
Gulpen-Wittem
11.260
50.315
0
36.835
0
98.410
Heerlen
427.036
330.965
0
-112.915
0
645.085
Kerkrade
210.348
170.401
0
-48.922
0
331.826
Landgraaf
194.039
108.854
0
-47.548
0
255.345
Simpelveld
52.870
34.765
0
-16.741
0
70.894
Vaals
53.473
41.429
0
-13.677
0
81.225
Voerendaal
63.310
38.646
0
-20.760
0
81.196
1.363.452
1.036.863
0
-317.815
0
2.082.500
Weerstandsvermogen
Risico
Kans
Effect
Risico
Middel
€ 350.000
€ 175.000
Middel
€ 125.000
€ 62.500
1. Arbeidsrisico's Aantasting van de arbeidscapaciteit door ziekte, staking en fraude. Invulling posities voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Door minder mensen in de sociale werkvoorziening (SW) en meer mensen via participatiewet (duurder). Een nieuwe leidraad inzake de fysieke belasting van onze medewerkers in de inzameling zorgt voor uitdagingen in het realiseren van het huidige serviceniveau. Een ander risico inzake arbeid betreft de krapte op de arbeidsmarkt. Het kunnen aantrekken van voldoende en kwalitatief juiste mensen is van belang om onze service te kunnen blijven waarmaken.
2. Materiële risico's Beschadiging aan of verlies van gebouwen, installaties, bedrijfsinventaris en transportmiddelen. De premies van de brandverzekeringen zijn fors gestegen en de eigen risico's zijn hoger geworden. We worden nog steeds geconfronteerd met premiestijgingen. Om schade ten gevolge van brand zoveel mogelijk te beperken zijn de eisen die verzekeraars stellen steeds hoger met als gevolg hogere kosten. Voor stroomuitval is er een noodstroomaggregaat geplaatst om uitval van de stroomvoorziening op te vangen.
Risico's
32
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 5. Beleidsbegroting
33
Risico
3. Continuïteitsrisico Het grootste risico inzake de continuïteit vloeit voort uit aantasting van de productiecapaciteit door bedrijfsstilstand. Bij volledig of gedeeltelijk verlies van het wagenpark zal vervanging op korte termijn of inhuur bij derden niet eenvoudig zijn. Bij onvoldoende bezetting bijvoorbeeld door een pandemie zijn er ook scenario's denkbaar waarbij delen van de dienstverlening niet kunnen worden uitgevoerd. Dit risico is niet verzekerbaar.
Kans
Effect
Risico
Middel
€ 750.000
€ 375.000
4. Milieurisico's Gezien de verscheidenheid aan producten is niet met 100% zekerheid aan te geven dat alle mogelijke risico's zijn afgedekt. Er vindt een continue monitoring plaats.
Middel
5. Financiële risico's Waaronder: Prijsontwikkeling brandstof Voor een logistiek bedrijf als Rd4 is de ontwikkeling van de brandstofprijzen van groot belang. Afhankelijk van de ontwikkelingen kunnen deze zowel een positief als een negatief effect op de begroting hebben.
Middel
Kwaliteit PMD Vanaf 1 januari 2022 zijn de Rd4-gemeenten, conform de landelijk geldende nieuwe overeenkomst via ASL, niet meer verantwoordelijk voor de gehele keten (van inzameling t/m verwerking) bij de inzameling van het PMD-afval. Vanaf deze datum zijn de gemeenten alleen nog maar verantwoordelijk voor de inzameling en de kwaliteit (mate van vervuiling) van de ingezamelde PMD-stroom. Bij de vergoeding die de gemeenten van Verpact ontvangen wordt uitgegaan van een vervuilingspercentage van max. 15%. Bij vervuilingspercentages hoger dan 15% wordt er gekort op de vergoeding. Dit kan resulteren in volledige afkeur en lagere inkomsten.
€ 125.000
€ 750.000
€ 62.500
€ 375.000
Risico
Kans
Effect
Risico
Klein
€ 350.000
€ 87.500
7. Liquiditeitsrisico's Voor de komende vijf jaar is er aan de hand van een kasstroomanalyse berekend of er kortlopende kasgeldfaciliteiten ofwel langlopende leningen benodigd zijn om aan de verplichtingen te kunnen voldoen.
Middel
€ 350.000
€ 175.000
8. Renterisico's Als er binnen afzienbare tijd geld geleend moet worden of een bestaande lening geherfinancierd moet worden dan bestaat er een renterisico omdat het dan geldende rentepercentage hoger zou kunnen zijn dan het percentage van de oude lening, waardoor de kosten voor de organisatie en dus indirect voor de gemeenten stijgen. Om dit risico af te dekken kiezen we voor spreiding in looptijden en veelal vaste rentepercentages.
Middel
€ 350.000
€ 175.000
6. Aansprakelijkheidsrisico's In zoverre alle aansprakelijkheidsrisico's bekend zijn, zijn deze afgedekt.
€ 1.487.500
Benodigde weerstandscapaciteit Minimaal weerstandsvermogen
1.4x
€ 2.082.500
Cao-ontwikkeling In deze dynamische en onzekere tijden in de wereld zijn prijsstijgingen een grotere zorg dan in het recente verleden. Dit betekent eveneens dat het lastig is om de invloed op de lonen in te schatten. Ook de krapte op de arbeidsmarkt is hierop van invloed.
34
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 5. Beleidsbegroting
35
Gemeentelijke risico's Een risico bij de gemeenten ligt aan de inkomstenkant. Indien het vaste en variabele tarief van de afvalstoffenheffing verkeerd wordt geschat en/of het aantal ledigingen dat aan inwoners in rekening wordt gebracht te laag is, dan betekent dit een extra financieel risico. Bovendien bestaat het risico bij het doorberekenen van ledigingen dat niet alles kan worden doorberekend (bijvoorbeeld bij een verhuizing). De gemeenten dekken deze resterende risico's af in hun egalisatiereserves.
Investeringsoverzicht
Bij het samenstellen van de begroting is gekozen voor een aantal verdeelsleutels waarbij er schattingen zijn gemaakt op basis van eigen ervaringen en ervaringen van derden. Belangrijke parameters hierbij zijn het afvalvolume, de vullingsgraad van de containers en het aanbiedpercentage van de containers. Indien de realiteit slechter is dan begroot dan kan dit voor de gemeenten een financieel risico betekenen.
Onderhoud kapitaalgoederen (inclusief investeringsoverzicht) Voor onderhoud aan kapitaalgoederen wordt een voorziening gevormd. De vervangings- en uitbreidingsinvesteringen worden op basis van systematische analyses gebundeld tot een investeringsoverzicht. Hierin zijn alle beleidsvoornemens (voor zover bekend) meegenomen, wordt rekening gehouden met de levensduur, restwaarde en de benodigde capaciteit voor het uitvoeren van onze taken.
Jaar van aanschaf
2025
2026
2027
2028
2029
Communicatie
125.000
130.000
190.000
145.000
150.000
Overig gebouwen & terreinen
9.380.000
5.305.000
950.000
450.000
450.000
Ondergrondse containers
1.307.000
1.135.000
1.385.000
1.385.000
1.385.000
Perscontainers
75.000
100.000
100.000
100.000
100.000
Minicontainers
175.000
185.000
185.000
185.000
185.000
Rolcontainers
85.000
95.000
95.000
95.000
95.000
Afzetcontainers
260.500
294.000
294.000
294.000
294.000
Diverse andere inzamelmiddelen
494.500
496.000
496.000
586.000
541.000
Rollpackers uitbreiding
300.000
150.000
125.000
75.000
25.000
Achterladers
1.350.000
100.000
2.110.000
2.000.000
665.000
Zijladers
1.750.000
1.250.000
250.000
250.000
250.000
Haakarmvoertuigen
788.900
0
0
620.000
310.000
Vrachtwagens
485.000
220.000
125.000
0
0
Bestelwagens
55.000
125.000
300.000
0
0
Container transport
330.000
170.000
340.000
170.000
170.000
1.600.000
0
160.000
455.000
645.000
Gladheidmaterieel
962.500
992.500
320.000
275.000
235.000
Onkruidbestrijding materieel
455.000
165.000
495.000
180.000
290.000
Diverse overige voertuigen
370.000
205.000
255.000
160.000
185.000
Hardware
48.500
52.000
40.000
40.000
40.000
Software
175.000
10.000
2.410.000
10.000
10.000
Vervanging boordcomputers
20.000
0
0
0
0
Op- en overslag Nijverheidsweg 17-23
490.000
1.840.000
0
0
0
Middelgrote veegmachine
Project Fase2 op- en overslag
0
0
0
310.000
0
Project Fase3 op- en overslag
1.166.414
215.000
65.000
65.000
65.000
Overig diversen
80.000
545.000
45.000
15.000
15.000
Textielsorteercentrum
200.000
325.000
125.000
225.000
160.000
22.528.314 14.104.500 10.860.000
6.350.000
6.265.000
Totaal
36
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 5. Beleidsbegroting
37
De investeringsbedragen voor 2025 tot en met 2029 zijn gebaseerd op het laatst bekende prijspeil. Over een periode van vijf jaar komt het totaalbedrag uit op € 60.107.814. Hiervan is een bedrag van € 42.018.123 terug te voeren op het vervangen van bestaande activa. Het resterende bedrag van € 18.089.814 betreft nieuwe investeringen. In 2026 hebben we naast de reguliere vervangingsinvesteringen twee nieuwe posten opgenomen. Dat betreft de mogelijkheid tot aankopen van de kringlooplocatie Kerkrade en de mogelijkheid tot een aankoop van een andere kringloopwinkel locatie in Heerlen. Over de locatie Kerkrade zijn we overtuigd dat deze locatie qua mogelijkheden ons precies past. De verhuurder wil ook verkopen. Dat maakt het moment om de afweging te maken nu valide. Dat proces zal in 2025 plaats vinden. Inzake de locatie in Heerlen zijn we qua locatie vlakbij de woonboulevard wel tevreden, maar werkt het gehuurde pand zelf beperkend aangezien het pand zwaar verouderd is. We hebben hier nog geen concreet pand op het oog bij het schijven van dit stuk. De afweging van huur of koop zal dan ook plaatsvinden op basis van een business case.
Lopende langlopende leningen in 2025 zijn: (alle rentetypes zijn 'vaste rente)' Hoofdsom
Schuldrest
Type
Looptijd
Rente %
Rente-type
Bestaand
7.000.000
7.000.000
Aflossingsvrij
15 jaar
2035
2,184%
Bestaand
6.500.000
2.340.000
Lineair
25 jaar
2035
4,805%
Bestaand
10.000.000
6.000.000
Lineair
25 jaar
2038
1,300%
Bestaand
7.000.000
7.000.000
Aflossingsvrij
20 jaar
2040
2,250%
Bestaand
6.000.000
3.840.000
Lineair
25 jaar
2042
1,495%
Bestaand
5.000.000
4.500.000
Lineair
20 jaar
2044
3,154%
Nieuw 2025
6.000.000
5.600.000
Lineair
30 jaar
2055
3,000%
Nieuw 2026
4.850.000
4.588.333
Lineair
20 jaar
2046
3,000%
Totaal
52.350.000
40.868.333
-
-
-
-
De financieringsbehoefte in 2025 en 2026 is berekend op basis van de investeringsbegroting in combinatie met de verwachtingen inzake de liquiditeitspositie.
Financiering •
•
38
Leningen De langlopende leningenportefeuille bedraagt ultimo 2024 na aftrek van verplichtingen korter dan 1 jaar € 31.930.000. Uitgaande van bovenstaande investeringen, is een calculatie gemaakt van de cashflows over de komende vijf jaar. Voor de realisatie van het investeringsprogramma zijn aanvullende financieringen noodzakelijk. Kapitaalrente De omslagrente in 2026 is begroot op 2,6% (2025: 2,6%).
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 5. Beleidsbegroting
39
Kasstroomoverzicht 2025-2029 (in duizenden euro's) Kasstroom uit operationele activiteiten Bedrijfsresultaat
0
Aanpassingen voor: Voorzieningen/reserves
2.846
Afschrijvingen
33.681 36.527
Veranderingen in werkkapitaal: Voorraden en onderhanden werk Vorderingen Betaalde rente minus berekende rente Kortlopende schulden (excl. kredietinstellingen)
-65 -1.500 -1.565 34.962
Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen immateriële vaste activa Investeringen materiële vaste activa
-60.108
Desinvesteringen immateriële vaste activa
0
Desinvesteringen materiële vaste activa
0 -60.108
Kasstroom uit financieringsactiviteiten Ontvangsten/aflossingen uit kasgeldleningen
0
Ontvangsten uit langlopende schulden
28.750
Aflossingen langlopende schulden
-9.240 19.510
“ Wij maken de wereld gewoon een beetje mooier” 40
Begroting Rd4 2026
Mutatie geldmiddelen
-5.636
Verloop geldmiddelen is als volgt : Stand per 1 januari 2025
5.966
Mutatie 2025 - 2029
-5.636
Stand per 31 december 2029
Hoofdstuk 5. Beleidsbegroting
330
41
Hoofdstuk 6 Financiële begroting De begroting 2026 is dusdanig opgebouwd zodat deze vergeleken kan worden met de goedgekeurde begroting 2025.
Uiteenzetting financiële positie Verkorte balanspresentatie (in duizenden euro's)
rekening 2024 concept
begroting 2025
begroting 2026
begroting 2027
begroting 2028
begroting 2029
ACTIVA Vaste activa
36.127
43.958
47.866
53.690
58.259
62.405
Vlottende activa
4.379
5.879
5.879
5.879
5.879
5.879
Liquide middelen
5.966
1.473
815
744
254
330
Totaal vermogen
46.472
51.310
54.560
60.312
64.391
68.614
2.501
2.501
2.501
2.501
2.501
2.501
Resultaat
401
0
0
0
0
0
Bestemmingsreserve duurzaamheid
817
1.414
2.010
2.605
3.201
3.797
Eigen vermogen
3.719
3.915
4.511
5.106
5.702
6.298
Voorzieningen
793
899
751
1.037
1.049
1.061
Langlopende schulden
31.930
36.280
38.803
41.913
46.898
50.382
Kortlopende schulden
10.029
10.216
10.496
12.256
10.743
10.873
Totaal vermogen
46.472
51.310
54.560
60.312
64.391
68.614
PASSIVA Overige reserves
Financiële begroting 42
Begroting Rd4 2026
Hoofdstuk 6. Financiële begroting
43
Overzicht baten en lasten
Mutatie overzicht reserves en voorzieningen
Begroting 2025
Begroting 2026
Salarissen
20.102.665
21.940.977
1.838.312
Personeel van derden
6.292.058
5.820.613
-471.445
Energie
2.506.000
2.489.250
-16.750
Bestemmingsreserve Duurzaamheid (in duizenden euro's rekening 2024 concept
begroting 2025
begroting 2026
begroting 2027
begroting 2028
Aanvang jaar
429
817
1.414
2.010
2.605
3.201
Storting
429
596
596
596
596
596
Onttrekking
-41
Einde jaar
817
1.414
2.010
2.605
3.201
begroting 2029
3.797
Onttrekking is alleen mogelijk via een besluit van het algemeen bestuur. Dit wordt voorzien middels een duurzaamheidsplan op basis van een duurzaamheidsstrategie.
Inkopen
163.358
240.050
76.692
Uitbesteed werk
2.438.000
2.689.500
251.500
Verwerkingskosten
4.707.761
5.758.194
1.050.434
Productiekosten
3.008.530
3.092.546
84.016
974.608
1.125.840
151.323
2.202.920
2.083.742
-119.177
Overige personeelskosten Voorziening groot onderhoud (in duizenden euro's) rekening 2024 concept
begroting 2025
Huisvestingskosten
begroting 2026
begroting 2027
begroting 2028
begroting 2029
Verkoopkosten
125.000
125.000
0
Automatiseringskosten
1.230.075
1.371.813
141.738
Algemene kosten
1.101.446
1.205.784
104.338
797.110
826.746
29.636
Aanvang jaar
519
793
899
751
1.037
1.049
Dotatie
749
836
913
913
913
913
Kosten
Rentekosten
-475
-730
-1.061
-627
-901
-901
Einde jaar
Afschrijvingskosten
5.756.982
6.188.134
431.152
793
899
751
1.037
1.049
1.061
Totale kosten
51.406.511
54.958.189
3.551.678
Opbrengst BOR-pakket
6.440.130
6.822.795
382.665
Overige inkomsten
10.142.606
11.170.403
1.027.797
596.496
595.708
-788
De dotaties en onttrekkingen aan de voorziening groot onderhoud zijn gebaseerd op actuele en vastgestelde meerjaren onderhoudsplannen welke meebewegen met het actuele prijspeil.
Mutatie bestemmingsreserve duurzaamheid
44
Mutatie 2026 t.o.v. 2025
Begroting Rd4 2026
Mutatie kosten basispakket
2.140.428
Mutatie verwerkingskosten
1.050.434
Mutatie organisatiekosten basispakket
1.090.782
Hoofdstuk 6. Financiële begroting
45
Begroting 2025
Begroting 2026
Basispakket
35.420.271
37.560.699
2.140.428
BOR-pakket
6.440.130
6.822.795
382.665
Gemeenten
41.860.401
44.383.494
2.523.093
NV
4.370.000
4.750.000
380.000
Overig (TSC, derden)
5.772.606
6.420.403
647.797
10.142.606
11.170.403
1.027.797
Totale inkomsten
52.003.007
55.553.897
3.550.890
Mutatie Reserve Duurzaamheid
-596.496
-595.708
788
51.406.511
54.958.189
3.551.679
Saldo
Mutatie 2026 herzien t.o.v. 2025
“ Wij werken samen aan onze toekomst” 46
Begroting Rd4 2026
47
Toelichting op overzicht baten en lasten
Basispakket
begroting 2025
begroting 2025
Aandeel gemeenten/ derden
mutatie 2026 - 2025 geld
9.501.566
GFT
7.574.261
7.710.731
136.470
1,8%
Papier
1.174.001
1.098.330
-75.671
-6,4%
Grofvuil en snoeiafval
362.042
408.039
45.998
12,7%
Grondstoffenparken
7.907.690
8.553.118
645.428
8,2%
Straatclusters
1.590.284
1.640.686
50.402
3,2%
Kunststof inzameling (PMD)
2.329.927
2.366.712
36.785
1,6%
BEST-tas en Kringloop
1.868.143
1.927.796
59.653
3,2%
Servicepunt
663.245
771.476
108.231
16,3%
Afvalkalender, pas en app, website
195.246
321.608
126.362
64,7%
Grondstoffenplan
1.108.799
1.190.323
81.524
7,4%
Resterende kosten
3.606.086
3.761.391
155.304
4,3%
UPV
-3.126.391
-3.085.167
41.225
Illegale dumpingen
68.875
80.065
Duurzaamheid
596.496 35.420.271
Totaal basispakket
718.315
begroting 2025
begroting 2026
Basispakket
%
Restafval
10.219.882
rekening 2024 concept
7,6%
mutatie 2026-2024 geld
%
per aansluiting in euro's totaal