CConstaterende datBeekdaelen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage: jaarrekening 2024 ODZL

Raadsvergadering 27 mei 2025, gemeente BeekdaelenBij agendapunt: Voorstel inzake jaarrekening 2024, begroting 2026 en meerjarenraming 2027 - 2029 ODZL18.793 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Jaarstukken 2024 Omgevingsdienst Zuid-Limburg

Inhoud 1.

AANBIEDING

2.

6 Inleiding.......................................................................................................................... 7 Ontwikkelingen 2024............................................................................................... 8 Interbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel................................. 8 Robuuste Omgevingsdienst Zuid-Limburg...................................................... 9 Personeel................................................................................................................... 10 De Omgevingswet. .................................................................................................. 12 Wet open overheid.................................................................................................. 14 Wet gemeenschappelijke regelingen............................................................... 15 Klachtenbehandeling............................................................................................. 15 Kerncijfers uitvoering VTH-taken. .................................................................... 17 Vergunningen............................................................................................................ 18 Toezicht en Handhaving.......................................................................................

23 Specialistische advies- en toezichtswerkzaamheden............................... 31 Verplichte paragrafen............................................................................................37 Weerstandsvermogen en risicobeheersing...................................................37 Financiering. ............................................................................................................. 38 Bedrijfsvoering........................................................................................................ 39 Verbonden partijen................................................................................................40 Duurzaamheidsparagraaf..................................................................................... 41

2.1. 2.2. 2.2.1. 2.2.2. 2.2.3. 2.2.4. 2.2.5. 2.2.6. 2.2.7. 2.3. 2.4. 2.5. 2.6. 2.7. 2.7.1. 2.7.2. 2.7.3. 2.7.4. 2.8.

3. 3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5. 3.6. 3.7. 3.8. 3.9. 3.10.

4. 4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5.

4

JAARVERSLAG 2024

43 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling................................ 44 Balans per 31 december 2024............................................................................ 46 Toelichting op de balans. ......................................................................................47 Overzicht Baten en Lasten 2024. ..................................................................... 49 Overhead. ..................................................................................................................50 Toelichting op de baten en lasten. .................................................................... 51 Gebeurtenissen na balansdatum. .................................................................... 53 Ontwikkeling EMU saldo. .................................................................................... 53 WNT-verantwoording 2024................................................................................ 54 Rechtmatigheidsverantwoording.....................................................................57 JAARREKENING 2024

59 Voorstel tot resultaatbestemming en resultaatverdeling. ................... 60 Risico-inventarisatie............................................................................................. 62 SISA SPUK IBP en SPUK energie. ...................................................................... 69 Lijst met afkortingen............................................................................................. 70 Controleverklaring. ................................................................................................. 71 BIJLAGEN

Jaarstukken 2024

1.

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

Aanbieding

In deze jaarstukken kijken we terug op het jaar 2024. We bespreken de belangrijkste trends, ontwikkelingen en resultaten voor de Omgevingsdienst Zuid-Limburg. De jaarstukken zijn het laatste deel van de planning- en controlcyclus. Ze bestaan uit twee hoofdonderdelen: • •

Het jaarverslag 2024 (hoofdstuk 2), met de verantwoording en de verplichte paragrafen. De jaarrekening 2024 (hoofdstuk 3), met de balans, het overzichxt van inkomsten en uitgaven en de toelichtingen. Dit is de financiële verantwoording volgens de wettelijke regels.

De totale baten zijn € 0,9 miljoen hoger dan de begroting (+5,1%). Dit is enerzijds het gevolg van de volgende besluiten die het bestuur reeds heeft genomen in het kader van het naderende ravijnjaar: •

Bij deze jaarrekening vindt u ook de controleverklaring van de accountant en een rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur. Financieel resultaat 2024 De jaarrekening over 2024 heeft een positief saldo voor resultaatbestemming van € 1.307.384. Toelichting op het resultaat 2024 Analyse van dit positieve resultaat laat zien dat de kosten in totaal € 0,4 miljoen lager zijn dan de begroting (-2,3%). Enerzijds zijn de kosten van salarissen en inhuur personeel € 0,1 miljoen hoger dan de begroting (+0,7%). Anderzijds zijn de overige personele kosten € 0,4 miljoen lager dan de begroting. Dit is met name veroorzaakt door lagere opleidingskosten.

4

•

De laatste voorschotnota’s zijn 25% verlaagd, waardoor de deelnemers een voordeel hebben gehad van € 1,1 miljoen en de baten werkprogramma’s eenzelfde bedrag lager zijn dan begroot. Door (vervroegde) vrijval van SPUK-subsidies zijn deze € 1,4 miljoen hoger dan de begroting.

Anderzijds zijn de overige baten € 0,6 miljoen hoger dan de begroting. Dit betreft vooral extra (incidentele) opdrachten buiten het werkprogramma en landelijke subsidies en voor € 0,1 miljoen rentebaten.

Bestemming resultaat Het voorstel is om de bestemmingsreserves nieuwe bodemtaken ingroeimodel (€ 300.086), nieuwe MBA basistaken ingroeimodel (€ 300.000) en juridische ondersteuning (€ 10.000) in te zetten ter dekking van in dit kader in 2024 gemaakte kosten. Naar aanleiding van de uitgevoerde risicoinventarisatie volgt een noodzakelijke verhoging van het weerstandsvermogen met € 159.695. De reserves (incl. post onvoorzien van € 201.901 in de begroting 2026) komen daarmee op een niveau van 5,2% van de begroting 2026. Na aanwending van de bestemmingsreserves en de verhoging van het weerstandsvermogen is het te verdelen resultaat € 1.757.775. Het positieve resultaat zal worden bestemd conform het bepaalde in artikel 30 van onze Gemeenschappelijke Regeling. Hierbij kan het algemeen bestuur besluiten het resultaat toe te voegen aan een reserve of uit te keren.

5

Jaarstukken 2024

2.

Jaarverslag 2024

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

2.1 Inleiding Het jaar 2024 was een bijzonder jaar voor de Omgevingsdienst Zuid-Limburg. We begonnen het jaar als RUD Zuid-Limburg en eindigden als Omgevingsdienst Zuid-Limburg. Deze naamswijziging weerspiegelt onze veranderde rol in de zorg voor de leefomgeving. We zijn niet alleen verantwoordelijk voor het verlenen van vergunningen, toezicht en handhaving, maar spelen ook een belangrijke rol in grote transities zoals de energietransitie en de overgang naar een circulaire economie. Daarnaast fungeren we als kenniscentrum in onze regio en zijn we één van de zes Seveso-omgevingsdiensten. Onze nieuwe naam, Omgevingsdienst Zuid-Limburg, weerspiegelt deze bredere rol. Terugkijkend op 2024 zien we dat er steeds meer aandacht is voor een schone, gezonde en veilige leefomgeving en de rol van omgevingsdiensten daarin. Onze inwoners worden zich steeds bewuster van het belang van hun leefomgeving. Grote landelijke kwesties zoals Tata Steel en Chemours hebben dit bewustzijn versterkt. In onze regio was er veel aandacht voor (indirecte) lozingen op de Maas en de tankcleaning bedrijven. Dit onderstreept het belang van een goed VTH-stelsel en robuuste omgevingsdiensten, zoals al in 2021 werd erkend door de commissie Van Aartsen. Deze commissie constateerde dat het systeem tekortschiet en tot vermijdbare milieuschade kan leiden.

Ze deed aanbevelingen om het stelsel te versterken, waaronder het robuuster maken van omgevingsdiensten. Voor ons was 2024 het jaar waarin we begonnen met deze versterking.

6

Naast het versterken van onze organisatie om op 1 april 2026 robuust te zijn, hebben we ook onze werkzaamheden en werkwijzen aangepast aan de nieuwe Omgevingswet die op 1 januari 2024 in werking trad. Tegelijkertijd bleef onze dienstverlening onverminderd doorgaan. Met de inzet van alle 160 medewerkers en onze 17 deelnemers hebben we het afgelopen jaar hard gewerkt aan nieuwe ontwikkelingen en het waarborgen van een schone, veilige en gezonde leefomgeving. Een leefomgeving die het verdient om daar op een goede wijze invulling aan te geven als Omgevingsdienst Zuid-Limburg.

7

Jaarstukken 2024

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

2.2. Ontwikkelingen 2024 2.2.1. Interbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel De afgelopen twee jaar gaf het interbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel (IBP VTH) uitvoering aan de aanbevelingen van de commissie Van Aartsen om het VTH-stelsel voor milieu sterker en onafhankelijker te maken. In dit programma werkten het Rijk (de Ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en Justitie en Veiligheid (JenV)), provincies, gemeenten,

1 2 3 4 5 6

Om de verbeteringen in het stelsel door te voeren werden binnen het programma zes pijlers benoemd. In elke pijler werkte een team van experts onder leiding van een onafhankelijke projectleider. De zes pijlers waren:

Robuuste omgevingsdiensten en financiering Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en vervolging; Informatievoorziening VTH; Kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt; Onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving; Monitoring kwaliteit milieutoezicht.

Het Interbestuurlijk Programma heeft diverse ‘producten’ opgeleverd om het VTH-stelsel te versterken. Inmiddels wordt gekeken naar een nieuwe interbestuurlijke samenwerkingsvorm om het VTH-stelsel in de komende jaren te blij8

omgevingsdiensten en waterschappen samen. Het programma begon in de zomer van 2022 en eindigde in september 2024.

ven versterken en de opgeleverde producten en resultaten te implementeren en te borgen. Dit moet zorgen voor een schonere, veiligere en gezondere leefomgeving.

2.2.2. Robuuste Omgevingsdienst Zuid-Limburg

ting delen wij en daaraan wordt door alle medewerkers, het bestuur en de deelnemers hard gewerkt.

In de zomer van 2023 stelde het Bestuurlijk Overleg IBP VTH robuustheidscriteria voor omgevingsdiensten vast. Elk van de 28 omgevingsdiensten heeft zichzelf beoordeeld op zes kritische prestatie indicatoren (kpi’s). Deze zelftoetsen zijn beoordeeld door het ministerie van IenW. Volgens deze beoordeling voldoen twee omgevingsdiensten aan de kpi’s. De overige omgevingsdiensten, waaronder de onze, moesten vóór 1 april 2024 een plan van aanpak opstellen om hier uiterlijk op 1 april 2026 wel aan te voldoen.

In verband met het robuust worden van onze organisatie en het versterken van het partnerschap met onze deelnemers, zijn een viertal onderzoeken opgestart met betrekking tot: • Revitalisering opdrachtgeverschap; • Bedrijfsplan voor de overdracht van milieu gerelateerde plustaken; • Financieringssystematiek; • Verantwoordings- en rapportageproces VTH. Deze onderzoeken worden hieronder toegelicht.

In het voorjaar van 2024 is een plan van aanpak robuuste Omgevingsdienst Zuid-Limburg opgesteld. Het plan is unaniem vastgesteld door ons bestuur. De financiële vertaling van het plan van aanpak vond plaats in de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 – 2028. Daarmee zijn vanaf 2025 de middelen beschikbaar om invulling te geven aan de versterking van onze organisatie. Deze versterking richt zich onder meer op bedrijfsvoering, zoals het slim gebruiken van data en het vormgeven van een innovatiekalender. Ook is de versterking gericht op onze primaire processen, zoals het beter invulling geven aan strafrechtelijke en bestuursrechtelijke handhaving.

Revitalisering opdrachtgeverschap De afgelopen jaren bleek dat het opdrachtgeverschap beperkt was ontwikkeld en onvoldoende in gezamenlijkheid met onze partners was vormgegeven. In 2024 hebben we met hulp van een extern adviesbureau gekeken hoe we dit samen beter kunnen doen. Het doel is om het partnerschap met onze 17 deelnemers te versterken. Vanaf 2025 gaan we de gemaakte afspraken uitvoeren. Het gezamenlijke partneroverleg zal vooral worden gebruikt om gemeenschappelijke thema’s over onze leefomgeving te bespreken. Ook gebruiken we dit overleg om elkaar beter te leren kennen en ons partnerschap te versterken.

Het ministerie van IenW toetst de voortgang van alle omgevingsdiensten. In een eerste toets van het plan van aanpak kleurde onze omgevingsdienst nog ‘oranje’ omdat niet alle stappen voldoende concreet waren beschreven. Het ministerie stelde met name vragen over het omzetcriterium. Met het vaststellen van de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026- 2028 is dit omzetcriterium gehaald.

Bedrijfsplan milieu gerelateerde plustaken Een manier om als omgevingsdienst robuuster te worden, is door naast de verplichte basistaken ook aanvullende taken (plustaken) voor de deelnemers uit te voeren. Hierdoor kunnen we de benodigde capaciteit en expertise voor bepaalde taken bundelen. Basis- en plustaken kunnen zo beter op elkaar worden afgestemd, wat leidt tot een effectievere en efficiëntere werkwijze. Tegelijkertijd kunnen we onze kennis en vaardigheden beter ontwikkelen en inzetten. Om duidelijk te maken wat dit voor onze deelnemers betekent, zijn we begonnen met het opstellen van een bedrijfsplan. Dit bedrijfsplan zal halverwege 2025 ter goedkeuring aan het bestuur worden voorgelegd.

Eind december 2024 hebben wij een eerste voortgangsrapportage ingediend over de periode april tot november 2024. Op basis van deze voortgangsrapportage heeft het Ministerie de inschatting afgegeven dat onze dienst, op een enkele kanttekening na, per 1 april 2026 aan de robuustheidscriteria zal voldoen. Die inschat-

9

Jaarstukken 2024

Financieringssystematiek Op verzoek van onze deelnemers is een onderzoek gestart om te beoordelen of onze huidige financieringssystematiek zorgt voor een eerlijke, transparante en evenwichtige verdeling van de kosten van onze omgevingsdienst. Daarnaast worden alternatieve financieringsmodellen, waaronder het nieuwe landelijke model, onderzocht om te zien of deze beter voldoen aan de gestelde criteria. Dit onderzoek is opgestart en zal in 2025 worden afgerond en ter besluitvorming aan het bestuur worden voorgelegd. Verantwoordings- en rapportageproces VTH In 2024 is het bestaande verantwoordings- en rapportageproces VTH beoordeeld. Uit dit onderzoek bleek dat een andere manier van data verzamelen, analyseren en presenteren zou zorgdragen voor meer transparantie en betere sturingsmogelijkheden. Dit sluit beter aan bij de behoeften van onze deelnemers en onszelf. De resultaten en aanbevelingen van het onderzoek zijn door ons bestuur goedgekeurd en worden in 2025 geïmplementeerd. Zoals in de inleiding is aangegeven is het robuust worden van onze omgevingsdienst een grote opgave voor onze organisatie. Om dit te realiseren, wordt steeds vaker de samenwerking gezocht binnen Omgevingsdienst Nederland (ODNL) en met name met de andere Seveso-omgevingsdiensten.

De problematiek van de Seveso-omgevingsdiensten is vaak van een andere orde vanwege de taken met betrekking tot de risicovolle Seveso-inrichtingen. 2.2.3. Personeel Formatie In 2024 is het aantal medewerkers in dienst van onze organisatie gegroeid naar 141, hetgeen neerkomt op 132,3 FTE (in 2023 waren dit 133 medewerkers en 124,3 FTE). Het aantal jonge medewerkers in dienst van de organisatie is opnieuw toegenomen in 2024. Op 31 december 2024 bestond 12,8% van het totaal aantal medewerkers uit medewerkers van 30 jaar en jonger (in 2023 was dit 10,5%).

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

Inhuur Op 31 december 2024 waren binnen de organisatie 28 inhuurkrachten werkzaam met een gezamenlijke omvang van 16,1 FTE. Bij de huidige inhuur zijn er nog steeds relatief veel mensen die slechts een beperkt aantal uren voor de organisatie werken, vergeleken met de medewerkers die in dienst zijn. Het aandeel kosten externe inhuur ten opzichte van de werkgeverslasten vermeerderd met kosten externe inhuur komt hiermee uit op 14,4%. Bij WSGO-leden bedraagt dit percentage 13,2% en bij gemeenten 18,1% (bron: Personeelsmonitor WSGO 2023, AO-fonds). Bij de inzet van ZPP-ers wordt sinds 2024 strikter rekening gehouden met de richtlijnen vanuit de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA), omdat deze wet vanaf 1 januari 2025 strenger wordt gehandhaafd door de overheid. Vacatures Het blijft een uitdaging om vacatures te vullen. Vaker dan voorheen sluit de opleiding en ervaring van kandidaten minder goed aan bij de functie. Dit komt door de krapte op de arbeidsmarkt en het is niet te verwachten dat dit snel verandert. Ondanks deze krapte heeft de organisatie in 2024 onder andere zeven nieuwe milieutoezichthouders kunnen aannemen. Het invullen van de functie van technisch adviseur bodem bleek echter moeilijker.

Het blijft noodzakelijk om te investeren in het inwerken van nieuwe werknemers, waaronder trainees die na hun opleiding in dienst komen, zodat zij praktijkervaring kunnen opdoen en verder opgeleid kunnen worden. Arbeidsmarktcommunicatie en aantrekkelijk werkgeverschap Arbeidsmarktcommunicatie en aantrekkelijk werkgeverschap blijven voortdurend onze aandacht houden. De landelijke campagne onder het motto ‘omdat je staat voor je omgeving’ om omgevingsdiensten zichtbaarder te maken, werd eind 2024 succesvol afgerond. Het LinkedIn-profiel van de Omgevingsdienst Zuid-Limburg wordt actief bijgehouden met

10

berichten, interviews en vacatures, waarbij we benadrukken wat het aantrekkelijk maakt om bij ons te werken. Ons intranet, een belangrijke informatiebron voor het personeel, heeft een nieuwe opzet gekregen. Dit is bedoeld om de communicatie zo efficiënt mogelijk te maken en medewerkers op de hoogte te houden van alle ontwikkelingen binnen de organisatie. Dit bevordert de betrokkenheid van medewerkers bij de organisatie. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage in 2024 was 3,5% (in 2023 was dit 3,3%). Dit percentage is nog steeds laag vergeleken met het ziekteverzuim in 2023 bij WSGO-leden (6,9%) en gemeenten (6,5%). Cao SGO De Cao SGO, die loopt van 1 januari 2024 tot en met 31 maart 2025, heeft geleid tot enkele wijzigingen in het personeelshandboek van de organisatie. Dit betreft onder andere het vervallen van het onderscheid in stagevergoedingen voor MBO- en HBO-studenten, de hoogte van de toelage voor beschikbaarheidsdiensten, (bijzonder) verlof met behoud van salaris en gewijzigd betaald ouderschapsverlof. De noodzakelijke aanpassingen in de regelingen van het personeelshandboek zijn inmiddels doorgevoerd. Het handboek is nu volledig up-to-date en in lijn met de Cao SGO 2024-2025.

Gewijzigde Wet bescherming klokkenluiders De regeling voor het melden van vermoedens van misstanden en inbreuken op Unierecht in het personeelshandboek is aangepast aan de gewijzigde Wet bescherming klokkenluiders. Dit betekent dat de regeling nu volledig in lijn is met de nieuwste modelregeling van de VNG. Een belangrijke wijziging is dat klokkenluiders vanaf 1 februari 2024 recht hebben op gratis rechtsbijstand en mediation. Duurzame inzetbaarheid Vitaliteit is een belangrijk speerpunt in de Cao SGO 2024-2025. Dit thema werd eerder al uitge-

werkt binnen het bredere kader van duurzame inzetbaarheid, voortkomend uit het onderwerp ‘aantrekkelijk werkgeverschap’ uit de Toekomstagenda en het thema ‘doorstroom’ uit het Strategisch Personeelsplan 2021-2025. In september 2024 werd duurzame inzetbaarheid geïntroduceerd bij medewerkers van de organisatie tijdens de landelijke Week van het werkgeluk. Naast een lezing over ‘werkgeluk’ werd gepresenteerd wat de Omgevingsdienst Zuid-Limburg kan betekenen voor werknemers op het gebied van duurzame inzetbaarheid en welke instrumenten beschikbaar zijn. Dit omvat loopbaanontwikkeling, het versterken van vakmanschap in de eigen functie en vitaliteit. Medewerkers kunnen hierover in gesprek gaan met hun leidinggevende door middel van ‘het goede gesprek’. Dit gesprek is toegevoegd aan de reguliere HRM-gesprekscyclus van plannings-, voortgangs- en beoordelingsgesprekken. In tegenstelling tot deze gesprekken wordt ‘het goede gesprek’ op initiatief van de medewerker gevoerd. Het doel blijft tweeledig: enerzijds de vitaliteit van medewerkers versterken, zodat zij gedurende hun loopbaan energiek en inzetbaar blijven in verschillende omstandigheden (zowel fysiek, mentaal als sociaal). Anderzijds heeft de organisatie er baat bij als medewerkers productief zijn, plezier hebben in hun werk en behouden blijven voor de organisatie.

Opleidingsplan In het opleidingsplan staat welke extra kennis, vaardigheden en opleidingen nodig zijn om de organisatie- en afdelingsdoelen te behalen. In het opleidingsplan 2024 zijn de volgende opleidingen op organisatieniveau opgenomen, die aansluiten bij nieuwe ontwikkelingen: • De inwerkingtreding van de Omgevings wet per 1 januari 2024 en de invoering van vijf VTH-competentieprofielen: casemanager, vergunningverlener, toezichthouder/handhaver, juridisch adviseur en specialistisch adviseur.

11

Jaarstukken 2024

• •

De overgang naar de geldende Kwaliteitscriteria 2.3 en het blijvend voldoen hieraan. De invoering van ‘het goede gesprek’ in het kader van duurzame inzetbaarheid (vakkennis, loopbaan en vitaliteit).

In het afgelopen jaar hebben medewerkers in een VTH-functie een in-company-opleiding ‘Omgevingswet’ gevolgd. Daarnaast volgen alle (nieuwe) medewerkers de trainingen ‘Politiek bestuurlijke sensitiviteit’ en ‘Tools voor samenwerken’. Op organisatieniveau is in 2024 gestart met de ontwikkeling van de competentie ‘verbinden’, die in alle VTH-competentieprofielen voorkomt. Alle medewerkers hebben in dit kader een training ‘verbinden’ aangeboden gekregen. Deze trainingen worden jaarlijks ook aan nieuwe medewerkers aangeboden. Leidinggevenden hebben een training gevolgd in het voeren van ‘het goede gesprek’. Ook medewerkers kunnen ter voorbereiding op dit gesprek een training volgen. Afdeling Bedrijfsvoering Een van de maatregelen uit het plan van aanpak om te komen tot een robuuste omgevingsdienst was de uitbreiding met een nieuwe afdeling Bedrijfsvoering. De vorming van deze afdeling is in 2024 voorbereid en per 1 januari 2025 is de nieuwe afdeling een feit. Er is een nieuw afdelingshoofd Bedrijfsvoering geworven en de Regeling organisatie Omgevingsdienst ZuidLimburg is aan deze organisatiewijziging aangepast. Medewerkers die naar de nieuwe afdeling Bedrijfsvoering zijn overgegaan, hebben een aanvulling op hun arbeidsovereenkomst ontvangen.

Om de bedrijfsvoering en informatievoorziening verder te verbeteren, hebben we nieuwe functies beschreven voor de afdeling Bedrijfsvoering, zoals functies op het gebied van informatievoorziening/data, communicatie, planning en control en projectleiderschap. Na goedkeuring door het bestuur worden de functies opengesteld voor sollicitaties.

12

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

2.2.4. De Omgevingswet Algemeen Sinds 1 januari 2024 geldt de Omgevingswet als belangrijkste kader voor de omgevingsdienst. De inrichting van systemen en werkprocessen in de organisatie is goed verlopen. Grote (technische) problemen in de verwerking van aanvragen en meldingen zijn uitgebleven. De overgang naar een nieuw wettelijk stelsel leidde ertoe dat op de drempel naar 2024 nog een groot aantal vergunningaanvragen en meldingen is gedaan die onder het inmiddels oude Wabo- en Wm-regime vallen. Deze aanvragen waren helaas vaak niet compleet hetgeen uiteraard extra werk opleverde. De organisatie is de eerste helft van 2024 nog drukdoende geweest met het behandelen van deze aanvragen onder de Wabo en Wm. In de tweede helft van 2024 is het werk verschoven naar de Omgevingswet. De afdoening van zaken die onder de Omgevingswet vallen, vergde zoals verwacht meer tijd doordat medewerkers zich de toepassing van nieuwe wetgeving in concrete gevallen nog eigen moesten maken. De verwachting is dat dit een tijdelijk effect is dat ook na 2024 nog na-ijlt. Met de verandering van inrichting naar milieubelastende activiteiten (mba’s) vindt er een verschuiving plaats van de vindplaats van de regels voor activiteiten.

Waar deze voorheen bij elkaar stonden in een vergunning is dit onder de Omgevingswet terug te vinden in een vergunning voor de activiteit, algemene rijksregels, algemene regels van de provincie of de gemeente, of onder de zorgplicht. Bij de vergunningverlening moet steeds worden gekeken om welke activiteit het gaat, of er een vergunningplicht geldt en wat de beoordelingsregels zijn. Wat de invloed op het werk is, is mede afhankelijk van hoe aanvrager de vergunning aanvraagt. Vraagt men steeds voor één of een beperkt aantal activiteiten een vergunning aan of voor alle vergunningplichtige activiteiten die binnen één bedrijf plaatsvinden.

De wijziging naar mba’s en gewijzigde terminologie onder de Omgevingswet leidt ertoe dat bij sommige bedrijven minder samenhang lijkt te zijn. Doordat mba’s separaat kunnen worden aangevraagd dreigt versnippering. Dit komt efficiëntie en doelmatigheid niet ten goede. Voor handhaving betekent de verschuiving van inrichting naar mba’s dat steeds goed gekeken moet worden om welke activiteit het gaat, waar de regels staan en wie bevoegd is om de regels te handhaven. Dit vraagt om praktische kennis van de systematiek die nog in opbouw is. Omzetting inrichtingen naar mba’s De inwerkingtreding van de Omgevingswet vraagt om een omzetting van het inrichtingenbestand naar milieubelastende activiteiten (mba’s). Voor die omzetting is via de begroting vanaf 2023 gedurende drie jaar budget gereserveerd. Deze omzetting is in 2023 gestart en ligt op schema. Inmiddels heeft via de zogeheten VIA-tool een automatische omzetting plaatsgevonden van inrichtingen naar mba’s op basis van de SBI-code uit de KvK, maar daarmee zijn nog lang niet alle mba’s 100% correct overgezet. De duizenden inrichtingen worden handmatig bekeken, aangepast en aangevuld aan de hand van het dossier van de betreffende inrichting. De complexe, provinciale inrichtingen worden geheel handmatig overgezet, zonder hulp van de VIA-tool.

Het is onze wens het inrichtingenbestand zo snel als mogelijk in zijn volledigheid te hebben omgezet. Dit met het oog op efficiëntie, de juiste doorberekening van kosten in de werkprogramma’s en het in het vizier hebben van de juiste bevoegd gezagen. Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) Het DSO (Omgevingsloket) laat initiatiefnemers beperkte informatie, minder dan voorheen, invoeren voor meldingen, informatieplichten en vergunningaanvragen o.a. door het verdwijnen van bepaalde indieningsvereisten. Hierdoor is het inhoudelijk kunnen toetsen van een verzoek op aard, type en omvang aan de voorkant (preventief) zeer beperkt en verschuift de inhoude-

lijke toetsing deels naar toezicht (reactief) en dit kan leiden tot fouten en onwenselijke situaties. Regionale processen en werkafspraken De (digitale) werkwijze zoals die regionaal is afgesproken en de nieuwe procedures vragen voortdurend aandacht en afstemming in concrete situaties. Deels heeft dat te maken met de functionele inrichting van het DSO (Omgevingsloket) en de onbekendheid daarvan voor gebruikers. Hierdoor ontstaan onjuiste en onvolledige meldingen, informatieplichten en vergunningaanvragen op basis van onjuiste aannames of door foutieve invoer door initiatiefnemers. Het kost de organisatie veel tijd om initiatiefnemers op de hoogte te stellen van verkeerd of onvolledig aangevraagde of gemelde activiteiten. Milieuleges De Omgevingswet introduceerde voor bevoegde gezagen de mogelijkheid om leges te heffen voor milieuactiviteiten zoals deze daarvoor reeds mogelijk waren voor bouw- en andere activiteiten. De omgevingsdienst stuurt namens de provincie en een aantal gemeenten als bevoegd gezag de vooraankondiging leges aan de initiatiefnemer. Niet alle gemeenten maken van deze mogelijkheid gebruik. Met betrekking tot de mogelijke legesopbrengsten signaleert de omgevingsdienst dat het aantal legesplichtige feiten in 2024 achterblijft bij de raming op basis van eerdere jaarcijfers.

Mogelijk zijn de hausse aan aanvragen onder de Wabo en Wet milieubeheer vóór 1 januari 2024 (niet legesplichtig) en een afwachtende houding ten aanzien van (jurisprudentie)ontwikkelingen onder de Omgevingswet hier debet aan. Een andere mogelijkheid is dat de daling of ‘het achterblijven’ verband kan houden met een bredere economische context. Zo zorgen ontwikkelingen op het gebied van klimaat- en milieubeleid voor meer complexiteit in vergunningaanvragen en projecten. Daarnaast speelt internationale onzekerheid een rol, wat mogelijk investeringen in nieuwe projecten beïnvloedt.

13

Jaarstukken 2024

2.2.5. Wet open overheid De Wet open overheid (hierna: Woo) maakt onderscheidt in twee soorten van openbaarmaking van overheidsinformatie, namelijk de passieve openbaarmaking (op verzoek) en de actieve openbaarmaking (op eigen initiatief). De Woo is van toepassing op de bestuursorganen van het openbaar lichaam te weten het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter. De Woo verplicht bestuursorganen om bij de jaarlijkse verantwoording verslag van de uitvoering van de wet te doen, mede in relatie tot de beleidsvoornemens in de begroting. Daarbij is het belangrijk dat in ieder geval ingegaan wordt op de drie hoofdonderdelen uit de Woo: • Actieve openbaarmaking • Passieve openbaarmaking • Verbetering van de informatiehuishouding. Actieve openbaarmaking De actieve openbaarmaking heeft betrekking op de openbaarmaking van overheidsinformatie uit eigen beweging. De vier categorieën die per 1 november 2024 verplicht openbaar moeten worden gemaakt en van toepassing (kunnen) zijn op de Omgevingsdienst zijn: • Wetten en algemeen verbindende voorschriften; • Overige besluiten van algemene strekking; • Organisatie en werkwijze; • Bereikbaarheidsgegevens; De categorieën Wetten en algemeen verbindende voorschriften en overige besluiten van algemene strekking worden geautomatiseerd ontsloten wanneer deze op de juiste wijze worden gepubliceerd.

De categorieën Organisatie en werkwijze en Bereikbaarheidsgegevens worden ontsloten via het Register van Overheidsorganisaties (ROO). In het Gemeenschappelijke Regelingen-register (GR-register, een ander onderdeel van het ROO) staan alle gemeenschappelijke regelingen geregistreerd. De Omgevingsdienst voldoet aan de geldende verplichtingen. In 2024 is verder invulling gegeven aan de

14

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

actieve openbaarmaking door de publicatie van besluiten(lijsten) van het algemeen en dagelijks bestuur via de website. Passieve openbaarmaking De passieve openbaarmaking behelst de behandeling van verzoeken van burgers of organisaties om openbaarmaking van overheidsinformatie. Woo-verzoeken kunnen aan de bestuursorganen van het openbaar lichaam worden gericht voor zover het informatie betreft die onder hen aanwezig is (ten behoeve van hen opgesteld). Voor het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter gaat het dan met name om documenten in het kader van de eigen bedrijfsvoering van de organisatie. Woo-verzoeken die zien op informatie die is opgesteld in mandaat voor de deelnemers, vallen hier niet onder. In 2024 hebben de bestuursorganen van het openbaar lichaam geen Woo-verzoeken ontvangen. Verbetering informatiehuishouding Een goede informatiehuishouding is een randvoorwaarde om informatie te kunnen vinden en ontsluiten. In 2023 is het informatie- en archiefbeheer van de organisatie voor de eerste keer getoetst door een archiefinspecteur van het Historisch Centrum Limburg (hierna: HCL). Deze inspectie heeft zich beperkt tot de eigen bedrijfsvoering van de organisatie. Hieruit bleek dat wij op dat moment niet voldeden aan (alle) verplichtingen van de Archiefwet en onderliggende regelgeving.

In 2024 is de organisatie gestart met een verbetertraject, met als ambitie om binnen een afzienbare periode in control te zijn op het eigen informatie- en archiefbeheer en, binnen de budgettaire en organisatorische mogelijkheden en beperkingen, compliant te zijn aan de Archiefwet. Daartoe is een verbeterplan opgesteld waarin de planning en activiteiten voor realisatie van deze ambitie zijn opgenomen. Het verbeterplan is akkoord bevonden door HCL.

Daarnaast is in 2024 mede invulling gegeven aan de aanbevelingen door het opstellen van een informatiebeheerbeleid en organisatieadvies en door in de begroting vanaf 2025 structureel middelen op te nemen voor een afdeling Bedrijfsvoering en de daaronder ressorterende functies waaronder de adviseur kwaliteitsmanagement en informatievoorziening. De organisatie zet blijvend in op bewustwording zodat medewerkers zorgvuldig met informatie omgaan en zorgen voor juiste dossiervorming. 2.2.6. Wet gemeenschappelijke regelingen In 2023 is de formele procedure gestart om onze gemeenschappelijke regeling aan te passen aan de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). De Wgr is in 2022 aangepast om de politieke verantwoording over samenwerkingsverbanden te verbeteren. Er zijn met de wetswijziging een aantal aanpassingen van c.q. aanvullingen op bestaande instrumenten geïntroduceerd die de volksvertegenwoordiging kan gebruiken om de eigen controlerende en kaderstellende rol bij gemeenschappelijke regelingen beter in te vullen. In de eerste helft van 2024 is het besluitvormingsproces doorlopen bij onze deelnemers om de gemeenschappelijke regeling te wijzigen. Na unanieme instemming van alle colleges van burgemeester en wethouders en het college van gedeputeerde staten is de gewijzigde regeling per 3 juli 2024 in werking getreden.

Met deze wijziging is ook de naamswijziging van RUD Zuid-Limburg naar Omgevingsdienst Zuid-Limburg formeel doorgevoerd, waardoor de naamgeving van de organisatie beter aansluit bij de tekst en gedachte van de Omgevingswet én een herkenbaar beeld oproept van waar wij van zijn en voor staan.

2.2.7.

Klachtenbehandeling

Klachtrecht De organisatie behandelt klachten volgens het interne klachtrecht van titel 9.1 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Voor een zorgvuldige uitvoering van de procedure is een Verordening klachtenbehandeling vastgesteld en gepubliceerd. Op grond van deze Verordening is er een klachtbehandelaar, die het klaagschrift behandelt en hierover adviseert aan het bestuursorgaan. De klachtbehandelaar en de plaatsvervanger(s) worden door het dagelijks bestuur aangewezen. Het bestuursorgaan stelt een klager schriftelijk en gemotiveerd in kennis van de bevindingen van het onderzoek naar de klacht, zijn oordeel daarover en van eventuele conclusies die daaraan worden verbonden. Deze bevoegdheid is gemandateerd aan de directeur (tenzij de klacht betrekking heeft op een gedraging van de directeur). Wanneer een klager niet tevreden is met de afhandeling van de klacht door de organisatie, kan deze een klacht indienen bij de Nationale ombudsman. Het bestuursorgaan is wettelijk verplicht om de bij hem ingediende schriftelijke klachten te registreren en daarover te rapporteren. De geregistreerde klachten worden gepubliceerd in het jaarverslag. De klachten die hier gepresenteerd worden zijn de klachten als bedoeld in de Awb. Dit zijn klachten van burgers over de bejegening door onze medewerkers of de kwaliteit van geleverde informatie, producten en diensten.

Het gaat daarbij dus niet om milieuklachten. In 2024 zijn geen formele klachten op grond van de Awb ontvangen.

15

Jaarstukken 2024

Klachtenmeldpunt aanbestedingen Naast de klachtafhandeling op grond van de Awb, heeft de organisatie een klachtenregeling in het kader van inkoop- en aanbestedingsprocedures. Deze regeling is gebaseerd op het flankerend beleid bij de Aanbestedingswet 2012. De klachtenregeling is zodanig ingericht dat ondernemers bij een klacht over een inkoop- of aanbestedingsprocedure deze snel en laagdrempelig kunnen indienen bij een onafhankelijk meldpunt, dat elke klacht onafhankelijk, zorgvuldig en deskundig wordt behandeld en dat voortvarend wordt beslist of de klacht (deels) terecht of onterecht is. Met de klachtenregeling hebben ondernemers de mogelijkheid om niet direct het rechtsmiddel van een kort geding te hoeven inzetten. Op grond van de regeling rapporteert de organisatie als aanbestedende dienst jaarlijks over de klachtafhandeling. In 2024 zijn door het onafhankelijk meldpunt geen klachten ontvangen over inkoop- en aanbestedingsprocedures van de Omgevingsdienst.

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

2.3. Kerncijfers uitvoering VTH-taken De Omgevingsdienst Zuid-Limburg heeft voor circa 3.800 inrichtingen, waarvan ruim 1.300 basistaak-inrichtingen, diverse (vuurwerk)evenementen én in het buitengebied in 2024 de volgende werkzaamheden uitgevoerd of behandeld:

960 1.100 5.370 850 3.260

bouw- en milieuvergunningaanvragen, zienswijzen, ontheffingen, taakstellende voorschriften, vooroverleggen e.d. (2023: 950);

adviezen bodem, asbest, energie, geluid, geur, lucht en dergelijke;

meldingen activiteitenbesluit, diverse bodemmeldingen, sloop-/ asbestmeldingen, vuurwerk en overige meldingen (2023: 4.275);

klachten en incidentmeldingen (2023: 1.400);

milieu-, bouw- (inclusief asbest) en bodemtoezicht (2023: 2.200).

Uit bovenstaande zaken zijn in totaal 280 juridische bezwaar- en beroepsprocedures, bestuursrechtelijke handhavingszaken en dergelijke ontstaan en behandeld (2023: 270).

16

17

Jaarstukken 2024

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

2.4. Vergunningen Prestatie indicatoren Vergunningaanvragen en meldingen moeten binnen de wettelijke termijnen en vanaf 2024 conform de eisen van de Omgevingswet (Ow) en deels nog onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) worden afgehandeld. Deze procedures worden geïntegreerd behandeld in het kader van de geldende wet- en regelgeving, waarbij een nauwe aansluiting vereist is met de gemeentelijke loketten en het digitaal

Speerpunt

Prestatie indicator

Score / resultaat 2024

(1) Tijdige vergunningen

90% van de vergunningen, voorbereid met de uitgebreide procedure, dient binnen de wettelijke termijn behandeld te zijn, tenzij door de aanvrager wordt ingestemd met termijnoverschrijding.

96% van de vergunningen voorbereid met de uitgebreide procedure zijn behandeld binnen de geldende termijn of hebben instemming vanwege termijnoverschrijding.

stelsel Omgevingswet (DSO). De door bedrijven ingediende documenten worden getoetst op juistheid en volledigheid. Bij een positieve beoordeling kan dit leiden tot het verlenen van een omgevingsvergunning of een andere benodigde toestemming door of namens het bevoegd gezag.

95% van de vergunningen voorbereid met de reguliere procedure, dient binnen de wettelijke termijn behandeld te zijn.

(2) Tijdige advisering over de te nemen beslissing op een aanvraag

95% van de adviezen over de te nemen beslissing op een aanvraag dient binnen de afgesproken termijn gegeven te zijn, tenzij wordt ingestemd met termijnverlenging.

100% van de vergunning gerelateerde adviezen zijn binnen de afgesproken termijn verstrekt of hebben instemming van de aanvrager.

(3) Kwaliteit

Vergunningen c.q. adviezen over de te nemen beslissing op een aanvraag voldoen aan de meest actuele wet- en regelgeving (normen, BREF’s, richtlijnen etc.) en het beleid van de opdrachtgever.

100% van de vastgestelde besluiten voldoen aan de meest actuele wet- en regelgeving.

Van de bezwaarschriften mag maximaal 15% gegrond worden verklaard.

(4) Actualiteit

18

96% van de vergunningen voorbereid met de reguliere procedure zijn behandeld binnen de geldende termijn of hebben instemming vanwege termijnoverschrijding.

Vergunningen worden binnen de daarvoor geldende termijnen aangepast aan BBT-conclusies/BREF’s.

Alle vergunningprocedures hebben de bezwaarfase, de rechterlijke toets c.q. Raad van State doorstaan of zijn ongegrond verklaard.

85% van de Seveso – Rie4 vergunningen zijn actueel en voldoen daarmee aan de BBT-conclusies / BREF’s

19

Jaarstukken 2024

Ad 1. Tijdige vergunningen (reguliere of uitgebreide procedures) In 2024 zijn 430 aanvraag beschikkingen (inclusief taakstellende voorschriften, diverse soorten ontheffingen en vuurwerkvergunningen) volgens de daarvoor geldende procedure afgerond (2023: 452). De beschikkingen zijn zoals uit de KPI blijkt overwegend binnen de wettelijke c.q. afgesproken termijn behandeld of er is instemming bereikt over termijnoverschrijding. Ad 2. Tijdige adviezen In 2024 zijn 126 adviesaanvragen afgerond (2023: 97). De adviezen die betrekking hebben op vergunningprocedures (o.a. de advies beschikkingen en ontheffingen) zijn grotendeels binnen de afgesproken termijn vastgesteld of hebben langer geduurd met instemming van de aanvrager. Slechts bij één advies beschikking is sprake van termijnoverschrijding, zonder instemming van de aanvrager.

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

Ad 3. Kwaliteit In 2024 zijn bij de afdeling vergunningen in totaal 39 bezwaar-, voorlopige voorziening en (hoger) beroepsprocedures in behandeling genomen (2023: 37). Hiervan zijn dit jaar in totaal 16 juridische procedures afgerond (2023: 17) en deze zijn allen ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard, ingetrokken door de aanvrager of afgewezen (voorlopige voorziening) (2023: 2 gegrond). Ad 4. Actualiteit Voor 2024 stond op de planning de vergunning van twee bedrijven te actualiseren via een revisievergunning of ambtshalve wijziging. Dat is in 2024 niet gelukt in verband met stikstofdepositie-problematiek. Aangezien voor de vergunning bouwkundige maatregelen zijn vereist, die extra stikstofdepositie tot gevolg hebben, is het wachten op toestemming vanuit natuurwetgeving. Het actualiteitspercentage vergunningen voor majeure risicobedrijven is daardoor eind 2024 85% (2023: 86%). Ter vergelijking, het landelijk gemiddelde actualiteitspercentage is 70% (peiling 3e kwartaal 2024).

Realisatie aantallen producten De volgende ‘vergunning’ zaken waren in 2024 behandeld of nog in behandeling: Zienswijze behandelen - 20 Vooroverleg voeren - 239 Nagekomen stukken - 2

Aanvraag beschikking behandelen - 652

Voorlopige voorziening behandelen - 1

Melding activiteit behandelen - 317

Informatieplicht behandelen - 235

Advies verstrekken formeel - 198

Bezwaar behandelen - 14 Beroep behandelen - 24

20

Vergunningen per zaaktype 2024 (aantal opdrachten ‘behandeld of nog in behandeling’)

De volgende ‘vergunning’ zaken zijn in 2024 afgerond: Zienswijze behandelen - 12 Vooroverleg voeren - 108 Aanvraag beschikking behandelen - 430

Nagekomen stukken - 2 Voorlopige voorziening behandelen - 1

Melding activiteit behandelen - 270

Advies verstrekken formeel - 126

Informatieplicht behandelen - 188

Bezwaar behandelen - 9

Vergunningen per zaaktype 2024 (aantal opdrachten ‘gereed product’)

Beroep behandelen - 6

In vergelijking met het voorgaande jaar vallen wat betreft de afgeronde zaken de volgende dingen op: • Het zaaktype ‘Aanvraag beschikking behandelen’ is vraaggestuurd en omvat voornamelijk omgevingsvergunningen, ontheffingen, taakstellend voorschriften en vuurwerkvergunningen. In 2024 zijn er 430 aanvragen afgerond, vergeleken met 452 in 2023. Dit komt vooral door de daling van het aantal afgeronde omgevingsvergunningen van 207 naar 180. Dit aantal is exclusief de 47 omgevingsvergunningen (advies beschikking, zonder mandaat) die vanaf 2024 onder het zaaktype ‘Advies verstrekken formeel’ worden geregistreerd. • Het aantal ontheffingen is gestegen van 30 naar 37. Het aantal taakstellende voorschriften is gedaald van 147 naar 131. Het aantal vuurwerkvergunningen (ontbrandingstoestemmingen) is afgenomen van 20 naar 17.

•

•

•

•

Het aantal afgeronde bezwaar- en beroepszaken ligt in lijn met het voorgaande jaar. In 2024 zijn 15 bezwaar- en beroepzaken afgerond. In 2023 waren dit er 16. Het zaaktype ‘Meldingen Activiteiten behandelen’ is vraaggestuurd en omvat de melding Activiteitenbesluit, melding Milieubelastende Activiteiten en de Vuurwerkmelding. In vergelijking met 2023 is het aantal meldingen in 2024 iets afgenomen van 301 naar 270 meldingen. Dit wordt veroorzaakt door het aantal afgenomen meldingen Milieubelastende Activiteiten (voorheen Melding Activiteitenbesluit) van 229 naar 175. Met betrekking tot de Vuurwerkmeldingen is sprake van een kleine stijging van 41 naar 47. Tot slot is het aantal afgeronde vooroverleggen ten opzichte van vorig jaar iets toegenomen, van 102 in 2023 naar 108 in 2024.

21

Jaarstukken 2024

Projecten en ontwikkelingen Financiële zekerheidsstelling majeure risicobedrijven Financiële Zekerheidsstelling is onderdeel van de Omgevingswet en heeft als doel de (opruim) kosten na een faillissement of een calamiteit met milieuschade te dekken. Voor risicobedrijven is een financiële zekerheidstelling verplicht. Omdat financiële zekerheidstelling nieuw en complex is en gespecialiseerde kennis vereist, is er een landelijke pilotperiode van twee jaar (2024-2025) gestart om ervaring op te doen en inzicht te krijgen in de werking ervan. In het pilotjaar 2024 hebben wij actief deelgenomen aan landelijke overleggen en presentaties gehouden voor enkele Seveso-bedrijven, waaronder de 17 relevante site-users van het bedrijvencluster Chemelot. Vervolgens hebben we meerdere gesprekken gevoerd met elk bedrijf over de hoogte en vorm van de borging, waarbij we gebruikmaakten van de specialistische financiële

22

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

en juridische kennis die landelijk beschikbaar was. De bedrijven kiezen zelf de vorm van de borging, waarbij vele (combinaties van) varianten mogelijk zijn. Eind 2024 hebben we als eerste omgevingsdienst in Nederland de vergunning van een Limburgs risicobedrijf ambtshalve aangevuld met voorschriften over financiële zekerheidstelling. Voor de 18 overige bedrijven waarmee we hebben gesproken, is er, op enkele uitzonderingen na, overeenstemming bereikt over de hoogte van de borg. Over de vorm is in de meeste gevallen nog geen keuze gemaakt, vooral niet bij borgen hoger dan € 1 miljoen. Pas nadat er in goed overleg overeenstemming is bereikt over de vorm, leggen we een financiële zekerheid ambtshalve op. Dit om tijdrovende rechtszaken te voorkomen.

2.5 Toezicht en handhaving Algemeen De inwerkingtreding van de Omgevingswet en aanverwante wetgeving bracht aanzienlijke uitdagingen met zich mee, zowel op het gebied van regelgeving als in de praktische uitvoering van ons toezicht. In de voor- en najaarsrapportage hebben wij hierover al gerapporteerd. De belangrijkste ontwikkelingen en uitdagingen van het afgelopen jaar waren: •

Tijdsintensieve voorbereiding: De complexiteit van de nieuwe wetgeving vereiste een intensievere voorbereiding van onze toezichtsactiviteiten. Hierdoor lagen de realisatiecijfers van het geplande toezicht in de eerste maanden van het jaar aanzienlijk lager dan verwacht.

•

Actualisatie backoffice-applicaties: Onze backoffice-applicaties voor het milieutoezicht waren aanvankelijk niet volledig upto-date. We hebben veel tijd geïnvesteerd in het actualiseren en optimaliseren van deze applicaties, wat leidde tot verbeterde prestaties in de tweede helft van het jaar.

Gezien deze uitdagingen hebben wij het milieutoezicht opnieuw geprioriteerd en de planning bijgesteld om onze doelen te kunnen bereiken, met uitzondering van het toezicht bij de meest risicovolle bedrijven. Prestatie indicatoren Onderstaande indicatoren zijn voor Toezicht en Handhaving van toepassing.

Speerpunt

Prestatie indicator

Gerealiseerd

1. Kwaliteit

Toezichtrapporten voldoen aan de meest actuele wet- en regelgeving en het beleid van de opdrachtgever.

Doelstelling gehaald

95% van de handhavingsbesluiten worden genomen binnen de daarvoor afgesproken termijn.

Doelstelling gehaald.

2. Tijdigheid

Uitvoering werkprogramma De bijgestelde planning is opdrachtgever zoals onderling gerealiseerd afgesproken 100%.

3. Uniformiteit

Hanteren van vastgesteld hand- Is gerealiseerd havingsbeleid opdrachtgever

23

Jaarstukken 2024

Ad 2. Tijdigheid Zoals in de voor- en najaarsrapportage is aangeven, hebben wij de reguliere planning van het milieutoezicht bijgesteld. Dit betekent een aanpassing van gemiddeld 75% van de oorspronkelijke planning. Het toezicht bij de meest risicovolle bedrijven (Seveso en RIE-4) bleef echter ongewijzigd en is volgens planning gerealiseerd. Onze opdrachtgevers zijn over bovenstaande bijstellingen in voortgangsrapportages en accountgesprekken geïnformeerd. In 2024 hebben we de bijgestelde planning van het milieutoezicht gerealiseerd. In totaliteit zijn er in 2024 meer bedrijven bezocht dan oorspronkelijk geprogrammeerd c.q. gepland. Dit heeft met name te maken met niet planbare controles zoals klachtcontroles, ongewoon voorval controles en adhoc-controles (extra opdrachten). In totaliteit bedraagt het niet geplande toezicht in 2024 circa 30% (2023: 20%) van de totaal geplande werkvoorraad.

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

Ad 3. Uniformiteit Als onderdeel van onze wettelijke verplichtingen en in lijn met het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel hebben wij een regionale risicoanalyse ontwikkeld. Een belangrijke voorbereidende stap was de regionale omgevingsanalyse Zuid-Limburg, aangeboden aan gemeenten en provincie. Deze analyse, gebaseerd op input van opdrachtgevers, biedt een gedetailleerd overzicht van thema’s binnen onze fysieke leefomgeving en belicht relevante ontwikkelingen en trends. Dit vormt de basis voor de regionale risicoanalyse, ontwikkeld door de Antea Group. De Regionale Risicomodule is in december 2024 vastgesteld door het algemeen bestuur. De volgende stap is de verankering van de methode in het regionale beleid en een nog vast te stellen regionaal uitvoeringsprogramma.

•

Cedo Recycling te Sittard-Geleen: afhandeling van geurklachten (circa 150 stuks);

•

Enerco in Sittard-Geleen: aanvullende controles naar aanleiding van overtredingen op het gebied van indirecte lozingen;

•

Fa. Grooten in Simpelveld: diverse controles en bestuursrechtelijk handhavingstraject naar aanleiding van geconstateerde overtredingen;

•

Van de Weijer B.V. te Peel en Maas: afhandeling van diverse handhavingsverzoekenafhandeling waarbij geen overtredingen zijn geconstateerd alsmede de afhandeling van geurklachten (circa 65 stuks);

•

Bredox B.V.: extra toezicht naar aanleiding van opgelegde last onder dwangsom;

•

L.R.E. B.V. te Brunssum en Maastricht: extra inzet in het kader van afhandeling van incident alsmede in het kader van bestuursrechtelijke handhavingstrajecten met betrekking tot de afvoer van afvalstoffen;

•

E-max-billets B.V. te Kerkrade: Intensivering toezicht naar aanleiding van constateringen op basis van naleving van emissievoorschriften;

•

Broekman Logistics Venlo B.V.: diverse controles naar aanleiding van opgelegde last onder dwangsom op basis van Seveso-voorschriften. Na een intensief handhavingstraject van circa twee jaar, heeft Broekman aanzienlijke verbeteringen laten zien op het gebied van veiligheid en naleving van de regelgeving.

Bijzonderheden In 2024 hebben we te maken gehad met een aantal dossiers die om meer toezicht inzet hebben gevraagd en/of dossiers die meer bestuurlijke aandacht hebben gevraagd. Het betreft onder andere onderstaande bedrijven: •

BP tankstation Vossedal: bestuursrechtelijk handhavingstraject (last onder dwangsom) naar aanleiding van geconstateerde overtredingen;

•

Huisdierencrematorium Parkstad in Heerlen: diverse controles naar aanleiding van geur/rook klachten. Bedrijf heeft plan van aanpak ingediend en verbeteringen in het proces doorgevoerd waardoor klachtenpatroon flink is afgenomen;

•

AsfaltNu te Stein: klachtenafhandeling (circa 50 stuks), aanvullende emissiemeting en afhandeling van handhavingsverzoek;

•

Poppies Bakeries Born B.V: klachtenafhandeling (circa 60 stuks) ten aanzien van geur en geluid;

24

25

Jaarstukken 2024

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

Realisatie aantallen producten Voor wat betreft Toezicht en Handhaving zijn in 2024 de volgende producten gereedgekomen c.q. in behandeling genomen:

38

674

130

196

213

358

294

742

96

Afhandeling klachten en meldingen ongewone voorvallen/incidentenonderzoeken De omgevingsdienst behandelt alle klachten en meldingen ongewone voorvallen van bedrijven die door het bevoegd gezag zijn ingebracht. De meldingen hiervan kunnen zowel administratief als fysiek worden afgehandeld door controles ter plekke. In het verslagjaar zijn 742 klachten ontvangen en geregistreerd. De klachten kunnen worden onderverdeeld in onderstaande milieuthema’s:

156

800 700 600 500 400

GEUR 565

300 200 100

STOF 1

GELUID 100

BODEM 3

OVERIG 73

Planmatig toezicht (milieu en Seveso) Voor het planmatig toezicht (milieu en Seveso) zijn er in het verslagjaar 712 controles uitgevoerd, onder te verdelen in: • 38 planmatige Seveso-inspecties; • 674 planmatige milieu-inspecties bij bedrijven (RIE-4, RIE-overig, Vergunning- en meldingsplichte bedrijven (basis- en nietbasistaak locaties)). Milieu hercontroles De regulier (planmatig) uitgevoerde (milieu)controles resulteerden in 196 hercontroles. Dit komt neer op circa 30% van het totaal aantal regulier geplande controles.

26

Bestuursrechtelijke handhaving

Meldingen ongewone voorvallen

Klachten

Toezicht Bodem

Toezicht Asbest

Overige controles

Hercontroles milieu

Controles bouwen

Planmatig milieutoezicht

Planmatig Seveso

0

Overige milieucontroles (ad-hoc controles) Naast regulier geplande controles zijn ook controles uitgevoerd die niet vooraf zijn in te plannen. In 2024 zijn in totaal 213 ad-hoc controles uitgevoerd. Dit waren controles naar aanleiding van klachten, meldingen ongewone voorvallen, naar aanleiding van bestuursrechtelijke handhavingsprocedures (dwangsomcontroles of handhavingsverzoeken), controles naar aanleiding van vuurwerkevenementen en overige ad-hoc situaties.

47% van deze klachten heeft betrekking op gemeentelijke bedrijven. Daarnaast hebben we 96 incidentmeldingen (meldingen ongewone voorvallen) ontvangen. De aard van de incidentmeldingen is zeer divers. In totaal hebben 66 van de ontvangen incidentmeldingen betrekking op bedrijven waar de provincie Limburg het bevoegde gezag is.

De meest voorkomende klachten over provinciale bedrijven zijn: • Walkro Blitterswijck B.V. (gemeente Venray, 58 klachten over geurhinder); • Van de Weijer B.V. (gemeente Peel en Maas, 65 klachten over geurhinder); • Ashorst B.V. (gemeente Horst aan de Maas, 34 klachten over geurhinder); • CNC grondstoffen B.V. (gemeente Gennep, 49 klachten over geurhinder).

De meest voorkomende klachten over gemeentelijke bedrijven zijn hieronder weergegeven: • Cedo Recycling (gemeente Sittard-Geleen; 147 klachten over geurhinder); • Poppies Bakeries Born B.V. (gemeente Sittard-Geleen; 59 klachten over geluid en geur); • Maastricht Aachen Airport (gemeente Beek; 34 klachten met name over geluid); • AsfaltNu (Asfaltcentrale gemeente Stein; • 52 klachten over geur).

27

Jaarstukken 2024

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

De verdeling van de aard van de klachten is in onderstaand overzicht weergegeven:

Bestuursrechtelijke handhaving In 2024 zijn er 156 zaken door de juristen toezicht en handhaving behandeld:

Bodem 0% Overig 10% Stof 0%

Geluid 14% Geur 76%

Doorlooptijd klachten De streeftermijn voor de afhandeling van klachten bedraagt 5 werkdagen. Afhankelijk van de aard van de klacht en of een controle noodzakelijk is (bijv. geluidmeting), is deze doorlooptijd echter niet altijd haalbaar. In 2024 werden 65% van deze klachtenzaken binnen 5 dagen afgerond. Bij 20% van de klachten bedroeg de doorlooptijd tot de afronding van de zaak meer dan 14 dagen.

Toezicht bestaande bouw/nieuwbouw In 2024 zijn de volgende aantallen bouwtoezichtzaken behandeld:

15 18 2 15 7 34 2 1 29 1 1

Adviezen Bezwaar Woo-besluiten Woo-advies Beroep Handhavingsbesluiten Hoger beroep Last onder bestuursdwang Last onder dwangsom Voorgenomen handhavingsbesluit Zienswijze

Overtredingen-naleefgedrag (milieutoezicht op basis van Omgevingswet) Naar aanleiding van de in het 2024 uitgevoerde milieucontroles zijn 322 overtredingen geconstateerd (2023: 476). De top vijf van de meest voorkomende overtredingen is hieronder weergegeven:

TOP 5 MILIEU-OVERTREDINGEN

A IL - Illegale activiteiten

I1 - Installaties - Keuringen

47 361 83 4 28

Toezicht Bouwen en Ruimtelijke Ordening Toezicht Sloop/Asbest

E2 - Energie - Onderzoek

Toezicht Brandveiligheid Toezicht op Mobiel Breken

B1 - Bodem (+ grond- en hulpstoffen) - Voorziening

B3 - Bodem (+ grond- en hulpstoffen) - Keuringen

29

Jaarstukken 2024

Het gemiddelde, spontane, naleefgedrag van de gecontroleerde bedrijven op het gebied van het milieutoezicht bij bedrijven bedraagt 75% (geen overtredingen geconstateerd). Overtredingen/naleefgedrag Seveso-bedrijven Het Seveso-toezicht controleert of bedrijven zelf genoeg doen om de veiligheid van hun activiteiten te waarborgen en daar verantwoordelijkheid in nemen. In 2024 hebben we samen met de Veiligheidsregio en de Nederlandse Arbeidsinspectie inspecties uitgevoerd. Hierbij zijn 87 overtredingen geconstateerd. Van deze overtredingen waren er 78 licht (categorie 3 van de landelijke Seveso-handhavingsstrategie), waarvoor een waarschuwingsbrief is gestuurd. Bij 9 overtredingen ging het om middelzware overtredingen (categorie 2), waarvoor een vooraankondiging voor een bestuursrechtelijke maatregel (dwangsom/zienswijzebrief) is verstuurd.

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

•

•

• Het gemiddelde, spontane, naleefgedrag van de gecontroleerde Seveso-bedrijven bedraagt 21% (geen overtredingen geconstateerd). Projecten en ontwikkelingen Deelname/ bijdrage aan landelijke Seveso-projecten Onze organisatie heeft bijgedragen aan verschillende landelijke projecten, zoals Impuls Omgevingsveiligheid (IOV), Meer-Jaren-Agenda Seveso (MJA), SEVESO+ en de Seveso-Omgevingsdiensten. Deze projecten worden gefinancierd door het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat via het IOV-programma en door de twaalf provincies om hun ambities uit het MJA Seveso-uitvoeringsprogramma te bereiken. Hieronder staan de belangrijkste werkzaamheden van het afgelopen jaar die direct te maken hebben met Toezicht en Handhaving:

30

•

•

Project Landelijke Benadering Risico Bedrijven (LBR) Implementatie en optimalisatie van de nieuwe inspectiemethodiek voor Seveso-inspecties. Project Melden ongewone voorvallen (TZ1a en b) Dit project bestaat uit twee deelprojecten: - TH1a: Deelproject dat gaat over de gewijzigde definitie van de meldingsplicht van ongewone voorvallen door de komst van de Omgevingswet. Alleen ongewone voorvallen met een (dreigend) significant nadelig gevolg voor de fysieke leefomgeving hoeven nog maar te worden gemeld. De voorbeeldenatlas ongewone voorvallen is hierop aangepast. - TH1b: Deelproject betreft een heroverweging van de (landelijke) analyse van ongewone voorvallen, met focus op doel, doelgroepen en diepgang van de analyse. Project Bestuurlijke boete (TH2) Invoering van de bestuurlijke boete als nieuw instrument voor overtredingen van Seveso-regels. Implementatie gestart in 2024, nog geen boetes opgelegd. Project permanente educatie en structurele opleidingen (K1 en K2) Medewerkers die toezicht uitvoeren bij Seveso- en RIE4-bedrijven moeten voldoen aan specifieke opleidingseisen om hun werk adequaat te kunnen uitvoeren. Focus op kennisbehoud en opleiding van nieuwe VTH-medewerkers om te voldoen aan opleidingseis voor toezicht op Seveso- en RIE4-bedrijven.

Concernbenadering toezicht Sevesobedrijven (TH6) Toepassen van concernaanpak bij bedrijven met meerdere vestigingen (in meerdere regio’s) die een gemeenschappelijk Veiligheidsbeheersysteem (VBS) hanteren. Voor de regio Limburg is dit van toepassing op de het bedrijf Varo Energy Tankstorage B.V. in Roermond.

2.6. Specialistische advies- en toezichtswerkzaamheden Onze specialistische medewerkers beschikken over gedegen en gespecialiseerde kennis op het gebied van milieu, waaronder asbest, bodem, energie, geluid, lucht en externe veiligheid (ook bekend als omgevingsveiligheid). Hierdoor zijn zij in staat om de vaak complexe en integrale milieuvraagstukken van zowel gemeenten als provincie grondig te analyseren en te voorzien van een helder advies. Bij het opstellen van deze adviezen wordt veelvuldig gebruik gemaakt van toetsingen, controles en toezicht. Bovendien worden regelmatig onderzoeken en metingen uitgevoerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beekdaelen&id=2382d558-d414-45cd-9729-724c053eb61b