Bijlage: Concept Analyse Veerkrachtkaarten PSL
Tekst van het document
Stadsregio parkstad limburg
analyse Veerkrachtkaarten
oktober 2024 (CONCEPT)
inhoudsopgave Voorwoord
3
1. Introductie Veerkracht
4
•
Onderzoek ‘Veerkracht in het corporatiebezit’
6
•
Achtergronden
7
•
Samenleving uit balans
9
2. Analyse Veerkrachtkaarten
10
•
Veerkrachtkaarten
11
•
De situatie
13
•
De ontwikkeling
18
3. Werken aan Veerkracht
21
•
Werken aan Veerkracht
22
•
De volgende stap
24
•
Samenwerken aan Veerkracht
25
voorwoord In de meeste buurten en wijken leven mensen prettig samen op een manier die hen past. Voor deze bewoners is de buurt een solide basis voor een waardevol leven. Maar er zijn ook gebieden waar die positieve basis er niet is, omdat belemmeringen het prettig samenleven in de weg staan. In een tijd dat het woningtekort en de klimaatdoelen de woonagenda bepalen, is het belangrijk om dat niet te vergeten. Want de keuzes van nu, zijn bepalend voor de samenleving van morgen. De analyse die voor u ligt geeft een beeld van de veerkracht in de regio Parkstad Limburg. Wie woont er nu in welke kern of buurt, hoe gaat het daar, wat verandert daarin de laatste jaren en wat kan dat betekenen voor de buurt, de kern, de gemeente en voor de regio als geheel? Zijn er grote verschillen en wat betekent dat, welke gebieden vragen extra aandacht en welke gebieden tonen veerkracht? Deze notitie bestaat uit drie delen. In het eerste deel geven we invulling aan het begrip Veerkracht. We besteden aandacht aan de conclusies uit de landelijke onderzoeken ’Veerkracht in het corporatiebezit’ (2018, 2020, 2023) die Circusvis samen met In.Fact.Research heeft uitgevoerd. In het tweede deel zoomen we met behulp van zeven veerkrachtkaarten in op de Stadsregio Parkstad Limburg. Daarbij kijken we puur feitelijk.
In het derde deel staan we kort stil bij de mogelijkheden om de veerkracht van de buurten te versterken. Samengevat typeert Circusvis de Stadsregio Parkstad Limburg als
3
een regio met twee gezichten. Dat was in de voorgaande veerkrachtanalyse al zo en dat is niet wezenlijk verandert. De gemeenten Beekdaelen, Voerendaal en Simpelveld kennen zeer weinig bewoners in een kwetsbare positie en nagenoeg geen problemen. De stedelijke gebied van Kerkrade tot aan Heerlen Noord kennen daarentegen veel buurten waar sprake is van een concentratie van bewoners in een kwetsbare positie en bijna al die gebieden gaan gebukt onder overlast en onveiligheid. Het zijn vaak corporatiebuurten, maar soms ook gebieden met veel particulier bezit. De situatie in Kerkrade en Heerlen vraagt onveranderd aandacht (doorgaan!), maar ook de toenemende tweedeling in de regio baart zorgen. Uit de wetenschappelijke studies komt naar voren dat mensen die alleen met gelijkgestemden omgaan, eerder negatiever over andersdenkenden oordelen. Vanuit deze veerkrachtanalyse ligt het voor de hand na te gaan op welke wijze de gemeenten in het Heuvelland de meer stedelijke gebieden in Parkstad Limburg een helpende hand kunnen toesteken. Denk daarbij aan het realiseren en aanbieden van meer sociale huurwoningen onder de aftoppingsgrenzen. De samenleving als geheel zou ermee gediend zijn. Als we naar de ontwikkelingen binnen de gebieden kijken, dan is er ook reden voor optimisme.
Zeker in Landgraaf en Heerlen (Noord) zien we gebieden waar het aandeel bewoners in een kwetsbare positie toeneemt of stabiel blijft en de problemen op het gebied van overlast en veiligheid afnemen. Dat is
hoopgevend en leerzaam voor andere gebieden, zoals Kerkrade. Daar is zowel de situatie als de ontwikkeling negatief. Het lijkt erop dat Kerkrade meer en/of andere aandacht nodig heeft om de veerkracht te versterken. Voordat de inzichten uit deze kaarten worden vertaald in conclusies, plannen en beleid, is het belangrijk om eerst te doorgronden wat de achtergrond van de geschetste beelden is. Door andere data toe te voegen, maar vooral door met ervaringsdeskundigen, bewoners en buurtprofessionals in gesprek te gaan over wat er in de verschillende buurten speelt en mogelijk is. Wij hopen dan ook onveranderd dat onze analyses aanleiding geven voor een gesprek met en over uw gemeente, over de bijdrage die bewoners en organisaties aan de Stadsregio Parkstad Limburg kunnen leveren en de samenwerking die daarbij nodig is. Wij wensen u veel succes bij het vervolg. Jeroen Frissen Edwin Verhaagen Circusvis
I.
Over veerkracht
“
De Veerkracht van een buurt geeft aan hoe de buurt weet om te gaan met een verandering in de bewonerssamenstelling.
Onderzoek ‘Veerkracht in het corporatiebezit’
Over veerkracht Onderzoek ‘Veerkracht in het corporatiebezit’ in opdracht van aedes Veerkrachtige buurten Met de term ‘veerkracht’ introduceerde Aedes in 2018 een nieuwe aanduiding voor hoe het gaat met een buurt. Daarvoor werd al jaren ‘de leefbaarheid’ gebruikt als graadmeter. Dat blijft zo, maar het inzicht over veerkracht voegt daar iets aan toe. De termen ‘leefbaarheid’ en ‘veerkracht’ van buurten zijn goed te vergelijken met ‘gezondheid’ en ‘weerstand’ van het menselijk lichaam. Een mens kan niet ziek zijn, maar wel een lage weerstand hebben. Ze is dan niet goed bestand tegen invloeden van buiten. Iets vergelijkbaars zien we bij een buurt. De leefbaarheid kan goed zijn, maar de veerkracht laag. De buurt is dan niet goed bestand tegen de druk die een toename van bewoners in een kwetsbare positie er teweegbrengt. Landelijk veerkracht onderzoek In opdracht van Aedes hebben In.Fact.Research en Circusvis met het onderzoek ‘Veerkracht in het corporatiebezit’ uit 2018 aangetoond dat er een toename is van kwetsbare groepen in corporatiewoningen, dat zich dit in het bijzonder voordoet in buurten met een hoog aandeel corporatiebezit en dat tegelijkertijd de overlast in deze buurten gemiddeld genomen toeneemt en de veiligheid afneemt. De updates van dit onderzoek in 2020 en 2023 hebben deze samenhang bevestigd.
De figuren op deze pagina laten de verandering in de huurderpopulatie van corporatiewoningen zien. Aedes Veerkrachtkaarten De inzichten die de onderzoeken gaven en het kaartmateriaal 6
waarop de situatie in buurten, steden en regio’s gedetailleerd voor alle woningcorporaties beschikbaar kwamen, leidden tot veel dynamiek. In eerste instantie vooral bij de woningcorporaties zelf. Ze vormden de aanleiding voor een kritische beschouwing van het portefeuillebeleid, voor de inzet van het sociaal beheer en zaken zoals de woonruimteverdeling. De in het Aedes datacentrum beschikbare kaarten brachten betrouwbare en voor het gehele land vergelijkbare informatie. In tweede instantie verbrede de toepassing van de veerkrachtkaarten naar de andere partijen die zich bezighouden met wonen, zoals de gemeenten en ontwikkelaars. Inmiddels hebben de veerkrachtonderzoeken en de veerkrachtkaarten op veel plekken een belangrijk functie gekregen in de dialoog van gemeenten onderling - bijvoorbeeld in de regio Parkstad, maar ook met de woningcorporaties en bewoners, met de politie en het onderwijs, de zorg- en de welzijnsorganisaties. De kaarten zijn in veel gemeenten input bij het maken van prestatieafspraken en woonvisies. Overal in het land wordt verdiepend onderzoek gedaan naar de lokale situatie en verkend hoe de veerkracht in wijken kan worden versterkt. Tenslotte worden de kaarten meer en meer geraadpleegd bij de nationale programma’s Leefbaarheid en Veiligheid.
(Boven) Aandeel huishoudens naar inkomensgroep in het corporatiebezit onder de liberalisatiegrens (sociale huur) 1998-2021 (In.Fact.Research, 2022) (Onder) Ervaren gezondheidsproblemen van bewoners per inkomensgroep in 1998 en 2021 (In.Fact.Research, 2022)
Over veerkracht
In balans
achtergronden Meer overlast en onveiligheid
Zelfredzaamheid en samenredzaamheid Het veerkrachtonderzoek legt het verband tussen zelfredzaamheid, samenredzaamheid en leefbaarheid. Bij zelfredzaamheid gaat het om de mate waarin een individu in staat is om voor zichtzelf te zorgen. Daartoe behoort ook het omgaan met prikkels van buiten die het eigen welzijn aantasten. Bij samenredzaamheid gaat het om de mate waarin de samenstelling van de buurt de zelfredzaamheid van bewoners vergroot of verlaagt. Of eenvoudiger gezegd: bevordert of schaadt de woonomgeving de zelfredzaamheid van het individu. Om een beeld te krijgen van de zelfredzaamheid van bewoners wordt in het onderzoek gekeken naar de aanwezigheid van een aantal populaties in de wijk waarvan bekend is dat ze relatief vaak verminderd zelfredzaam zijn. Dit noemen we kwetsbare bewoners. Kwetsbare bewoners Mensen kunnen om allerlei redenen kwetsbaar zijn. Daarbij kan het gaan over armoede, over gezondheidsproblemen, over belemmeringen op het gebied van taal of cultuur en dit meestal in combinatie. De groepen waar we in deze analyse rekening mee houden zijn mensen: • Die afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering (CBSmicrodata); • Met een herkomst uit een van de vluchtelingenlanden (CBSmicrodata); • Met een licht verstandelijk beperking (WoonZorgwijzer);
7
Wijk toont geen veerkracht
• Met een psychiatrische aandoening; (WoonZorgwijzer); • Met meervoudige, chronische somatische aandoeningen en mobiliteitsbeperkingen (WoonZorgwijzer);
Verminderde zelfredzaamheid bij individuele bewoners
De buurt
Aanwezigheid van samenredzaamheid in de gemeenschap
Hierbij kijken we niet naar al die groepen afzonderlijk – er is immers overlap tussen de groepen - maar naar een index waar de aanwezigheid van al deze groepen in tot uitdrukking komt.
Wijk toont wel veerkracht Minder overlast en onveiligheid
Overlast en onveiligheid Om een beeld te krijgen van het effect van de samenstelling van bewoners in een buurt op de leefbaarheid wordt ingezoomd op de dimensie ‘Overlast en onveiligheid’ uit de Leefbaarometer 3.0. Deze dimensie hangt direct samen met de manier waarop mensen samenleven. De score op overlast en onveiligheid is deels gebaseerd op feitelijke meldingen en deels op de beleving van bewoners zelf, onderverdeeld in ervaren overlast en ervaren onveiligheid. Die eigen beleving is wezenlijk, want die is bepalend voor het gedrag van mensen. Samenhang Een sterke samenhang tussen aanwezigheid van kwetsbare groepen en overlast/onveiligheid betekent niet automatisch dat kwetsbare groepen feitelijk overlast en onveiligheid veroorzaken (feitelijke gebeurtenis), maar kan evengoed impliceren dat kwetsbare bewoners het moeilijker vinden om zich te verhouden tot verstoringen in de buurt (ervaren overlast of veiligheid). Vanuit het idee van een samenleving waarin iedereen een kans heeft op een gezond en perspectiefvol leven, zijn beiden een wezenlijk kenmerk van een buurt met te weinig veerkracht.
Uit balans Meer overlast en onveiligheid
derde Vermin id bij zaamhe ners zelfred wo uele be individ
De
t ur bu
Wijk toont geen veerkracht
zigheid Aanwe heid in de m redzaa chap samen s n e e gem
Wijk toont wel veerkracht Minder overlast en onveiligheid
Veerkracht legt het verband tussen zelfredzaamheid, samenredzaamheid en de overlast en onveiligheid in een buurt (Circusvis).
“
Een toenemende concentratie van bewoners in een kwetsbare positie gaat over het algemeen samen met meer overlast en onveiligheid.
Onderzoek ‘Veerkracht in het corporatiebezit’
Over veerkracht Samenleving uit balans Versterkende trends in Nederland De veerkrachtonderzoeken laten zien dat veel steden meer en meer uit elkaar worden getrokken en een tweedeling op de loer ligt (als die er al niet is). Dat heeft te maken met drie elkaar versterkende trends. 1. Kwetsbare bewoners concentreren in corporatiebuurten. De sociale huursector wordt meer en meer bewoond door de laagste inkomensgroep, waaronder veel kwetsbare bewoners. Deze toename gaat het snelst in de gebieden waar het aandeel corporatiewoningen het grootst is (zogenaamde corporatiebuurten) en waar al veel kwetsbare bewoners wonen (zie ook de figuur boven). Een bewoner van een sociale huurwoning heeft dus steeds vaker een buurman of buurvrouw die (ook) minder zelfredzaam is. 2. De ontwikkeling van corporatiebuurten blijft achter. Het algemene beeld is dat het qua leefbaarheid niet goed gaat met wijken met een groot aandeel corporatiebezit (zie ook de figuur onder). De verschillen met de rest van Nederland zijn groot en worden groter. Vooral op de dimensie overlast en onveiligheid is dat merkbaar. 3. Corporatiebuurten liggen vaak dicht bij elkaar. Al enkele decennia is de trend dat de woningvoorraad van woningcorporaties bewust (door verkoop) of gedwongen (door grondpolitiek) steeds meer concentreert in buurten waar al veel sociale huur staat: corporatiebuurten.
In 2020 bevond 34% van het corporatiebezit zich in een gebied waarin het aandeel 9
corporatiewoningen 60% of meer is en 12% in gebieden waar het corporatiebezit 80% of meer is. In veel gemeenten liggen deze corporatiebuurten dicht bij elkaar en op afstand van buurten met weinig corporatiewoningen. Tweedeling De combinatie van deze drie trends vormt een duidelijke aanwijzing dat in Nederland de afstand tussen mensen binnen en buiten de sociale huursector in verschillende opzichten groter is geworden. Er is in Nederland niet alleen een situatie ontstaan waarin kwetsbare mensen geconcentreerd samenleven in corporatiebuurten. We hebben het ook toegestaan dat inwoners van corporatiebuurten zich minder gezond en minder veilig voelen. En dit zijn juist de basisvoorwaarden voor sociale acceptatie en zelfrealisatie. Het is aannemelijk dat het wonen en opgroeien in eenzijdige corporatiebuurten niet alleen bepaalt hoe en met wie je samenleeft, maar voor een deel ook voor wat je kansen zijn in het leven. NB. Het laatste veerkrachtonderzoek (2023) laat zien dat deze drie trends in de periode 2018-2021 iets zijn afgezwakt. Het is echter te vroeg om te zeggen of dit duidt op een structurele of incidentele verandering.
(Boven) Aandeel en ontwikkeling van kwetsbare bewoners i.r.t. het aandeel corporatiebezit in een buurt of wijk (In.Fact.Research, 2022). (Onder) Score op overlast en onveiligheid t.o.v. het landelijk gemiddelde i.r.t. het aandeel corporatiebezit in een buurt of wijk (In.Fact.Research, 2022).
II. analyse veerkrachtkaarten stadsregio PARKSTAD Limburg
veerkrachtkaarten Op de volgende pagina’s geven we aan de hand van zeven* kaarten inzicht in de veerkracht van de buurten in de regio Parkstad Limburg. De set kaarten hebben peildatum 2022 en zijn de meest actuele downloads uit het datacentrum van Aedes. Deze kaarten zijn gebaseerd op dezelfde bronnen die ten grondslag lagen aan de landelijke uitkomsten uit het onderzoek ‘Veerkracht in het corporatiebezit’. Bronnen zijn de CBS-microdata, de WoonZorgwijzer en de Leefbaarometer. Voor de herkenbaarheid hebben we in deze rapportage een topografische laag over de kaarten gelegd. De analyse bestaat uit vier delen en is als volgt opgebouwd: A. Vier kaarten die de situatie weergeven De situatiekaarten (kaarten 1 t/m 4) tonen als het ware een foto van de situatie in 2022.
aandeel corporatiebezit. B. Drie kaarten die de ontwikkelingen weergeven De ontwikkelingskaarten (kaarten 5 t/m 7) tonen als het ware de film over de periode 2014 – 2022. • Kaart 5 biedt inzicht in de ontwikkeling van de overlast en onveiligheid in deze periode. • Kaart 6 laat zien hoe het aandeel bewoners in een kwetsbare positie zich in deze periode heeft ontwikkeld. • De veerkrachtkaart (kaart 7) combineert beide ontwikkelingen zodat een indicatie wordt verkregen van de gebieden die meer, minder of andere aandacht vragen dan de afgelopen periode.
• Kaart 1 geeft weer hoe de situatie is op het gebied van overlast en onveiligheid. • Kaart 2 laat zien in welke mate er in een gebied bewoners in een kwetsbare positie wonen. • Kaart 3 (de focuskaart) combineert beide kaarten, zodat getoond wordt naar welke gebieden veel of juist weinig aandacht uit hoeft te gaan. • Om te kunnen zien hoe dit samenhangt met het aandeel sociale huurwoningen in een gebied, toont kaart 4 het
11
* Om het niet te complex te maken hebben we ons beperkt tot deze 7 kaarten. In het Aedes datacentrum zijn ook kaarten beschikbaar die de situatie beschrijven in 2014, 2018 en 2020. Ook is er een mogelijkheid om de score overlast en onveiligheid te presenteren ten opzichte van het gemiddelde in de eigen gemeente in plaats van het landelijk gemiddelde en kunnen vergelijkingen met andere gemeenten worden gemaakt.
a. De situatie
1. Overlast en onVeiligheid
Beekdaelen Brunssum
De situatie in 2022 De kaart (1) hiernaast laat zien hoe de overlast en de onveiligheid in de regio Parkstad Limburg scoort ten opzichte van het nationale gemiddelde. Een regio met twee gezichten of drie? Parkstad Limburg kent een deel van de regio dat het op het gebied van overlast en onveiligheid veel beter doet dan het Nederlandse gemiddelde. Grote delen van Beekdaelen, Voerendaal en Simpelveld doen het wat dit betreft ronduit goed. Landgraaf lijkt een tussenpositie in te nemen. De overlast en onveiligheid ligt hier rond het Nederlands gemiddelde.
Heerlen
Landgraaf
Het meer stedelijke gebied – van Kerkrade via Heerlen naar Brunssum – aan de oostkant van de regio laat in 2022 het omgekeerde beeld zien. Aaneengesloten gebied met overlast en onveiligheid De oostkant van de regio valt niet alleen op omdat hier veel buurten zeer veel slechter scoren dan het Nederlandse gemiddelde, maar ook omdat het een zo groot en aaneengesloten gebied betreft. Wie van Kerkrade-Zuid, via het centrum van Heerlen naar Brunssum-Oost fietst, komt bijna nergens door een gebied dat bovengemiddeld scoort. Kinderen die hier opgroeien zouden de mate van overlast en onveiligheid zomaar als ‘normaal’ kunnen beschouwen.
Kerkrade
Voerendaal
Simpelveld Kaart 1 - Deze kaart toont het niveau van overlast en onveiligheid in 2022 ten opzichte van het Nederlands gemiddelde. (Bron: Leefbaarometer, bewerking: In.Fact.Research en Circusvis)
13
2. kwetsbare bewoners
Bewoners in een kwetsbare positie In de eerste hoofdstukken van deze analyse is toegelicht dat de sociale huurwoningen in Nederland steeds meer worden bewoond door de laagste inkomensgroep. Daaronder zijn veel mensen in een kwetsbare positie, bijvoorbeeld omdat ze licht verstandelijk beperkt zijn, psychiatrische of lichamelijke problemen hebben en/of statushouder zijn. Een toenemende concentratie van mensen die beperkt zelfredzaam zijn, zet ook de samenredzaamheid onder druk. Het is dan ook goed te weten waar in de regio Parkstad Limburg sprake is van hoge concentraties bewoners in een kwetsbare positie. Concentraties van bewoners in een kwetsbare positie Net zoals op de kaart van de overlast en onveiligheid, zien we op kaart (2) een deel van de regio waar weinig tot geen bewoners in een kwetsbare positie wonen en gebieden waar het omgekeerde beeld zichtbaar is. De wat grotere gebieden met veel tot bijzonder veel bewoners in een kwetsbare positie zien we in Vrieheide-De Stack, Maria Gewanden en Terschuren, Heerlerheide-Passart, ZeswegenNieuw Husken en Meezenbroek-Schaesbergerveld in Heerlen. In Kerkrade-Oost en Kerkrade-West is het aandeel weliswaar wat lager, maar altijd nog veel hoger dan gemiddeld.
Kaart 2 - Deze kaart toont de aanwezigheid en spreiding van kwetsbare bewoners per buurt in 2022. (Bron: CBS Microdata, bewerking: In.Fact.Research en Circusvis)
14
3. focusgebieden
Gebieden die aandacht vragen Mensen in een kwetsbare positie wonen vaak in een wijk die gebukt gaat onder veel overlast en onveiligheid. Daarbij moet niet te snel de conclusie worden getrokken dat die bewoners die overlast en onveiligheid ook zelf veroorzaken. Het is immers ook zo dat bewoners in en kwetsbare positie vaak minder te kiezen hebben op de woningmarkt en veelal komen te wonen in een buurt waar al veel overlast en onveiligheid is. Bovendien hoeft het niet perse te gaan over het veroorzaken van overlast en onveiligheid, maar kan het ook gaan om het sneller ervaren van overlast en onveiligheid. Oorzaak of gevolg, veroorzaken of ervaren, het is aannemelijk dat dit allemaal tegelijk het geval is. Problemen voor en achter de deur Als er veel mensen die op individueel niveau een stapeling van problemen kennen bij elkaar wonen in een buurt waar ook sprake is van veel overlast en onveiligheid, dan is er vanuit maatschappelijk perspectief alle reden daarop te focussen. Het is overduidelijk zichtbaar op de kaart dat de regio Parkstad Limburg meerdere (uitgestrekte) gebieden kent, waar deze situatie zich voordoet. Met name in de rode gebieden is werk aan de winkel! De contramal van de focusgebieden in Heerlen en Kerkrade is Simpelveld, Voerendaal en Beekdaelen.
Deze gebieden kleuren donkergroen op de focuskaart omdat hier bijna geen problemen spelen op overlast en onveiligheid en er zeer weinig bewoners wonen in een kwetsbare positie.
15
Opvallend is dat de regio Parkstad Limburg scherpe scheidslijnen kent. Bijna altijd is het woordje ‘zeer’ van toepassing: zeer veel of zeer weinig. Alleen Brunssum is afwijkend. Hier spelen wel bovengemiddeld veel problemen, maar wonen zeer weinig bewoners in een kwetsbare positie.
Kaart 3. Deze kaart combineert het niveau van overlast en onveiligheid in 2022 met het aandeel kwetsbare bewoners in 2022. Bron: Leefbaarometer en CBS-microdata, bewerking: In.Fact.Research en Circusvis)
4. aandeel Corporatiebezit Veel focusgebieden zijn corporatiebuurten Mensen in een kwetsbare positie wonen vaak in een wijk die gebukt gaat onder veel overlast en onveiligheid en dat zijn dikwijls buurten waar veel corporatiewoningen staan. Als we de kaart (3) op de voorgaande pagina vergelijken met kaart (4) hiernaast, dan zien we dat dit ook in de regio Parkstad Limburg vaak het geval is. De wijken in Heerlen Noord kennen een hoog aandeel sociaal en vragen vaak veel aandacht, omdat er èn veel bewoners in een kwetsbare positie wonen èn veel problemen spelen op het gebied van overlast en onveiligheid. Dit geldt zeker ook voor Meezenbroek-Schaesbergerveld en Molenberg. Contramal in Beekdaelen, Voerendaal en Simpelveld Andersom zijn de gebieden met weinig sociale huurwoningen – Beekdaelen, Voerendaal en Simpelveld - bijna altijd gebieden waar nauwelijks problemen zijn voor en achter de deur. Ook gebieden met veel particulier bezit vragen aandacht Opvallend voor de regio Parkstad Limburg is echter dat er ook focusgebieden zijn, waar de woningcorporaties een gemiddeld aandeel sociale huur hebben. In de gebieden SchandelenGrasbroek (zuid), Zeswegen-Nieuw Husken en Eikenderveld zien we wel een combinatie van problemen, maar relatief een beperkt aandeel sociale huurwoningen.
Kaart 4 - Deze kaart toont het aandeel corporatiewoningen per buurt in 2022. (Bron: CBS Microdata, bewerking: In.Fact.Research en Circusvis)
16
B. De ontwikkeling
5. Ontwikkeling overlast en onveiligheid Het gaat de goede kant op De voorgaande kaarten toonden dat de situatie anno 2022 veel aandacht vraagt, maar kaart (5) stemt toch overwegend positief. Een groot deel van de gebieden die focus vraagt zit de laatste jaren in de lift. Opvallend is de positieve ontwikkeling van Heerlen Noord in de periode 2014 - 2022. Ook HeerlenCentrum en een groot deel van Landgraaf ontwikkelt positief. Daarbij is het goed te realiseren dat de situatie anno 2022 nog steeds zeer veel slechter dan gemiddeld is, maar dus nog veel slechter was. De foto van 2022 is nog steeds niet best, maar de film geeft reden tot optimisme. Maar niet overal Andersom toont de kaart dat de trend in Brunssum sterk verslechtert, waarbij juist moet worden beseft dat de situatie in 2022 nog altijd niet zo negatief is als in andere delen van de regio. Hoe dan ook, een negatieve ontwikkeling verdient de aandacht en dat zien we met name in Brunssum. Hier is de foto van 2022 nog best aardig, maar moet worden voorkomen dat de film zich negatief blijft ontwikkelen. Dezelfde aandacht en relativering verdient de situatie inde kernen Schinveld en Merkelbeek (Beekdaelen). Hier zien we wel degelijk een negatieve trend, maar de situatie is anno 2022 allesbehalve alarmerend.
Stabilisatie Een groot deel van de kernen Voerendaal, Beekdaelen en Simpelveld scoren in 2022 bovengemiddeld en dat is de laatste jaren maar heel weinig verandert. Noch de foto, noch de film geven hier reden tot zorgen.
18
Kaart 5 – Deze kaart toont de ontwikkeling van overlast en onveiligheid over de periode 2014-2022 ten opzichte van het Nederlands gemiddelde. (Bron: Leefbaarometer, bewerking: In.Fact.Research en Circusvis)
6. Ontwikkeling kwetsbare groepen Toenemende concentratie Een van de conclusies van de serie veerkrachtonderzoeken is dat bewoners in een kwetsbare positie steeds vaker in een sociale huurwoning wonen en dat die sociale huurwoningen vaak in buurten staan met veel andere sociale huurwoningen. Een ding is klip en klaar, het aandeel bewoners in een kwetsbare positie is in Beekdaelen, Voerendaal en Simpelveld laag en in de periode 2014 en 2022 nog verder afgenomen. In grote delen van Heerlen en Kerkrade is dat andersom. De verschillen tussen het stedelijke en het landelijke gebied nemen toe. Vooral in corporatiebuurten De rode cirkels op de kaart (6) hiernaast zijn de gebieden waar anno 2022 sprake is van bijzonder veel bewoners in een kwetsbare positie. De donkerrode kleur van het gebied toont dat de concentratie in de meeste van die gebieden tussen 2014 en 2022 stevig is toegenomen. Een vergelijking met kaart 4 toont dat dit allemaal buurten zijn met een hoog aandeel sociale huurwoningen. Maar niet overal. Uitzonderingen bevestigen de regel In Maria Gerwanden-Terschuren zien we anno 2022 wel een hoge concentratie maar de afgelopen jaren geen toename. Een uitzondering die de regel bevestigt.
Er zijn ook een aantal gebieden – de donkergroene cirkels op de kaart - waar de concentratie de afgelopen jaren wel sterk is toegenomen, maar waar de sociale woningvoorraad niet buitengewoon groot is. Kaart 6 - Deze kaart toont wat de aanwezigheid en spreiding van kwetsbare bewoners is en hoe dat zich tussen 2014 en 2022 heeft ontwikkeld. (Bron: CBS microdata en WoonZorgwijzer, bewerking: In.Fact.Research en Circusvis)
19
7. Veerkracht
Tweedeling binnen de regio neemt toe Wie de ogen toeknijpt ziet bijna op alle vlakken toenemende verschillen tussen aan de ene kant Heerlen en Kerkrade en aan de andere kant Beekdaelen, Voerendaal en Simpelveld. De laatstgenoemde gemeenten kennen zeer weinig problemen op het gebied van overlast en onveiligheid en hebben ook een laag aandeel bewoners in een kwetsbare positie. Heerlen en Kerkrade kennen het omgekeerde beeld. Brunssum niet urgent, toch andere aandacht Landgraaf en Brunssum nemen op de foto van 2022 beiden een tussenpositie in, maar bevinden zich klaarblijkelijk in een andere ‘film’. De situatie van Landgraaf zit rond het gemiddelde en ontwikkelt positief. Waar het aandeel bewoners in een kwetsbare positie toeneemt toont het veerkracht. Brunssum zit ook rond het gemiddelde, maar kent op overlast en onveiligheid een negatieve trend. De situatie in Brunssum is niet alarmerend, maar er is wel reden na te gaan wat deze ontwikkeling verklaart en hoe deze te keren. Het heeft weinig veerkracht Aaneengesloten gebied, vertoont gefragmenteerd beeld ‘De foto’ van 2022 van Kerkrade en Heerlen rechtvaardigt onveranderd veel aandacht (zie focuskaart) maar de ontwikkelingen van de buurten (‘de film’) vertonen grote verschillen. Waar in Heerlerheide-Passart zowel de foto als de film donkerrood kleurt, tonen Hoensbroek en Vrieheide veerkracht.
Zeer interessant wat dit verschil verklaart! Daar kan de regio Parkstad Limburg van leren.
20
Ook Heerlen Zuid laat een gefragmenteerd beeld zien. De donkerrode gebieden gebieden hebben geen veerkracht. Opvallend is hierin dat bijna geheel Kerkrade weinig veerkracht toont en veel problemen. Hier is niet alleen veel aandacht gevraagd, maar mogelijk ook meer en/of andere aandacht.
Kaart 7 - Deze kaart signaleert welke gebieden anno 2022 vanuit het oogpunt van veerkracht aandacht vragen en welke niet. (Bron: Leefbaarometer, CBS microdata en WoonZorgwijzer, bewerking: In.Fact.Research en Circusvis)
Iii. Werken aan veerkracht
werken aan veerkracht
Balans verbeteren
Matrix handelingsperspectieven veerkracht Meer overlast en onveiligheid
• Een effectieve aanpak berust altijd op een breed gedragen, domeinoverstijgende probleemanalyse op buurtniveau • Problemen manifesteren zich vaak op het niveau van de wijk, maar de oplossingen liggen vaak op het niveau van de stad of de regio.
Wijk toont wel veerkracht Minder overlast en onveiligheid
B E S TA A N D E D Y N A M I E K
WONING
VERBETEREN
BEWONER
• De oplossing komt nooit uit een richting. Het is altijd een combinatie van de vier handelingsperspectieven.
Vergot en samenr edzaam gemee heid in de nschap
DOORBREKEN
LEEFOMGEVING
WONINGPROGRAMMA
Kwaliteit van gebouwen, voorzieningen en openbare ruimte
Woningen toevoegen en slopen, en infrastructuur veranderen
S O C I A L E A A N PA K
WONINGGEBRUIK
Zekerheid bieden, begeleiden en kansen vergroten
Veranderen van instroom, gebruik of eigendom
O R I E N TAT I E
Als eigenaar, verhuurder en beheerder van woningen in een wijk, vervullen woningcorporaties een belangrijke plaats binnen dat netwerk.
Wijk toont geen veerkracht
t ur bu
Werken aan zelfredzaamheid én samenredzaamheid Een goed functionerend netwerk heeft oog voor zowel de zelfredzaamheid van individuele bewoners in de buurt als de samenredzaamheid van de buurt. Met een juiste mix van op elkaar afgestemde initiatieven kan het netwerk er voor zorgen dat de buurt(gemeenschap) een steun in de rug is en geen barrière vormt voor het leven dat je als bewoner wilt leiden.
Lessen uit de praktijk Circusvis heeft de laatste 5 jaar op veel plekken ervaring opgedaan met het werken aan veerkrachtige wijken. Het belangrijkste inzicht is dat er geen algemeen recept is, maar dat de aanpak moet aansluiten op zowel de specifieke kenmerken van de wijk (wat heeft de wijk nodig) als de specifieke kenmerken van de samenwerkende partners en bewoners (wat biedt vertrouwen).
Matrix Handelingsperspectieven Veerkracht Verbetering van de Veerkracht vraagt altijd om inzet op verschillende fronten. Circusvis gebruikt hierbij de Matrix Handelingsperspectieven Veerkracht. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen inzet op het verbeteren van de bestaande dynamiek in een buurt (omgaan met concentratie kwetsbare bewoners) én inzet op het creëren van nieuwe dynamiek (tegengaan van concentratie kwetsbare bewoners). Voor beide geldt dat benodigde maatregelen zich zowel op de bewoners als de fysieke structuur kunnen richten. 22
In welke verhouding de inzet op de verschillende fronten nodig is hangt af van de situatie in een gebied. De oplossing komt nooit uit een richting. Het is altijd een combinatie van de vier handelingsperspectieven. Een effectieve aanpak berust altijd op een breed gedragen, domeinoverstijgende probleemanalyse.
De
Integrale en domeinoverstijgende samenwerking Waar de veerkracht in het geding is, hebben bewoners hulp nodig van samenwerkende organisaties met de kennis en middelen die voor kwetsbare bewoners het verschil kunnen maken. Het functioneren van dat netwerk is de sleutel van succes.
Verg zelfred roten z individu aamheid bij ele bew oners
Matrix Handelingsperspectieven Veerkracht (Circusvis)
werken aan veerkracht in breder perspectief STAD
Verschillende schaalniveaus De 4 handelingsperspectieven uit de Matrix Handelingsperspectieven Veerkracht zijn gericht op het creëren en functioneren van buurten en wijken met voldoende samenredzaamheid, zodat ze tegen een stootje kunnen. Ook op andere schaalniveaus dan het buurt- of wijkniveau is veerkracht belangrijk. Gemeentebesturen hebben zorg voor de veerkracht van de stad als geheel en leggen hierbij de koppeling tussen de economische, culturele en ruimtelijke kwaliteiten van de stad. De wijk als verbindende schakel In het sociale domein gaat veel aandacht naar de sociale veerkracht van het individu. Hierbij gaat het vooral om wat een individu nodig heeft om overeind te blijven en verder te komen. Met gezondheid, inkomen, talentontwikkeling (opleiding en werk) en participatie als sleutelbegrippen.
ECONOMIE
CULTURELE IDENTITEIT
LEEFOMGEVING
WONINGPROGRAMMA
Kwaliteit van gebouwen en openbare ruimte
Woningen slopen, transformeren en toevoegen
RUIMTE EN INFRASTRUCTUUR
TALENT ONTWIKKELING
PARTICIPATIE
WONINGGEBRUIK
Meedoen, sociale cohesie, tegengaan ondermijning
Veranderen van instroom, eigendom of gebruik
GEZONDHEID
INKOMEN
WIJK
INDIVIDU
De figuur hiernaast laat zien dat het schaalniveau van de wijk niet alleen het verbindende middenniveau is, maar ook deel uitmaakt van beide andere niveaus. Voor het individu is een prettige woning in een veerkrachtige wijk belangrijk voor de sociale participatie, voor de stad is het woningbestand in de wijken een belangrijke uiting van zowel de economische, culturele als ruimtelijke kwaliteit van de stad. Werken aan veerkrachtige wijken reikt daarmee veel verder dan de wijk zelf. 23
Werken aan Veerkracht in een breder perspectief (Circusvis)
de Volgende stap Verdiepen door in te zoomen op specifieke buurten én het bestaande beleid De inzichten uit de veerkrachtkaarten zijn gebaseerd op data. Om de impact van deze inzichten te kunnen bepalen en te vertalen naar gewenst nieuw beleid, is een verdieping wenselijk. In gebiedsateliers vanuit de praktijk nader inzoomen op buurten die het nu nodig hebben. Circusvis vindt het verstandig om samen met bewoners en professionals in de buurt nader in te zoomen op de buurten die vanuit het oogpunt van veerkracht het meeste aandacht vragen. Omdat de problematiek rond overlast en onveiligheid daar groot is of zorgwekkend toeneemt. Een gebiedsatelier is een door Circusvis ontwikkelde werkvorm om op buurtniveau het gesprek te organiseren tussen 10-15 mensen die vanuit verschillende invalshoeken zicht hebben op de praktijk van de wijk. Dit zijn naast medewerkers van de gemeente (uit het sociale, fysieke én veiligheidsdomein), corporatie en welzijn ook andere professionals in de wijk zoals de wijkagent, de schoolleider en huisarts die vanuit hun functie weten wat er echt speelt in de wijk. Bij voorkeur nemen ook enkele bewoners uit de betreffende wijk deel aan de ateliers. .
Beoogde opbrengst is een bondige beschrijving vanuit de praktijk van de aspecten die bepalend zijn voor de veerkracht van de buurt (wat zien we?), samengebracht in een beknopte integrale probleemanalyse (hoe komt dat?), en een ontwikkelperspectief (wat willen we bereiken?) inclusief een doorkijk naar de hoofdopbouw van de in de buurt te volgen
strategie (hoe kunnen we dat bereiken?) en in hoe sluit dat aan op de bestaande aanpak (wat moet anders?). Behalve dat hiermee veel informatie wordt opgehaald, draagt de uitwisseling van ervaringen en inzichten ook positief bij aan de verbinding tussen de vanuit verschillende organisaties deelnemende professionals. In samenhang inzichtelijk maken van bestaand beleid dat van invloed is op de veerkracht in de regio Parkstad Limburg. De gemeente, de corporaties, de politie, welzijnsorganisatie enzovoort maken allemaal beleidsmatige keuzes die de veerkracht van Leerdam raken. Het is moeilijk om na te denken over nieuw beleid als niet duidelijk is wat het bestaande beleid is. Wij adviseren om samen met maatschappelijke partners de huidige beleidspraktijk in beeld te brengen. De matrix handelingsperspectieven Veerkracht kan hierbij als ordening gebruikt worden. 1. VERDIEPEN
0. VERKENNEN
Samenwerken aan veerkracht Lessen die Circusvis heeft geleerd Over bewonersbetrokkenheid Ontmoet in de leefwereld. In de eerste plaats is een goede betrokkenheid van bewoners noodzakelijk. Want zoals Ghandi zei: ‘Alles wat je doet voor mij maar niet met mij, doe je tegen mij’. Door de jaren heen hebben we geleerd dat het echter niet eenvoudig is om bewoners echt te betrekken. Wij raken er steeds meer van overtuigd dat de sleutel ligt in het betrekken vanuit de leefwereld en niet in het organiseren van nog meer overlegmomenten vanuit de systeemwereld waar de meeste bewoners een grote afstand ervaren. Dat vraagt bestuurders en beleidmakers zich te verplaatsen in degene om wie het gaat. Dat ze zich in hun denken en doen niet alleen solidair tonen met ministers, wethouders en toezichthouders, maar bovenal met degene voor wie ze het doen: de bewoner. Met betrekken vanuit de leefwereld gaat het om aan te sluiten bij contactmomenten die al onderdeel zijn van het leven van bewoners. Denk aan de school, de kringloopwinkel, samen eten in het buurthuis, de kerk/moskee, enzovoort. En ook het onderwerp van gesprek is bij voorkeur de leefwereld.
Wat vind je belangrijk en hoe komt dat terug in het dagelijks leven in de wijk? En dus niet beginnen met: ‘Wat moeten wij als professionals doen?’ of met ‘Wat vind je van onze voorgenomen aanpak?’ Over agendering Houd de focus op de buurt en haar bewoners. Veerkracht verbindt de situatie in wijken aan de mensen die er wonen. Hoewel we spreken van een samenhang en niet van een 25
causaliteit, blijkt dat dit in de huidige maatschappelijke context toch gevoelig ligt. Het gevaar bestaat dat door zaken te benoemen (‘In deze wijk en met deze mensen gaat het niet goed’) er een stigmatiserende stempel wordt gedrukt op bepaalde wijken en de mensen die daar wonen en daarmee de problemen worden vergroot. Een veelgehoorde en op zich logische reactie hierop is dat de problemen niet in de wijk liggen, maar in de manier waarop we onze samenleving hebben ingericht. En dat je dus niet de wijken maar deze bovenliggende systemen (geen armoede meer) moet aanpakken. Maar biedt die oproep voor een eerlijkere samenleving voldoende vertrouwen en perspectief voor de huidige bewoners die nu aan het kortste eind trekken? Zijn ze ook niet gebaat bij concrete acties die het (samen)leven in hun eigen wijk ten goede komen? Wees daarom zorgvuldig in je analyses en communicatie, maar blijf de focus houden op wijken en buurten. In een tijd waarin ook veel andere opgaven aandacht vragen is dat cruciaal. Bouwen en verduurzamen bijvoorbeeld gaan over veel geld, raken iedereen, zijn tastbaarder en spreken mede daarom politiek en bestuurlijk vaak meer aan dan leefbaarheid in wijken met weinig veerkracht. Over samenwerking Redeneer vanuit de kracht van het hele netwerk. Niemand kan het alleen.
Om de veerkracht in wijken te vergroten zijn ondersteunende maatregelen nodig vanuit verschillende beleidsvelden. Gemeente, woningcorporaties, welzijnsorganisaties, politie, ondernemers, (jeugd)zorg, scholen, verenigingen, enzovoort. Ieder van deze organisaties beschikt over unieke kennis, vaardigheden, bevoegdheden en middelen
die de buurt kunnen versterken. Misschien wel de grootste opgave is om die krachten samen te brengen. Onze ervaring is dat alleen het verwoorden van een gezamenlijke ambitie niet voldoende is voor een effectieve aanpak. Vanwege de valkuil dat elke organisatie die ambitie vanuit zijn eigen logica interpreteert en onderbrengt in bestaande ambities en beleid op het eigen domein. In plaats daarvan is het belangrijk dat de samenwerkende partners (en afdelingen daarbinnen) investeren in het begrijpen van elkaars logica (taal, systemen, waarden, middelen, werkdruk) en vanuit dat begrip expliciet maken welke impact de samenwerking in de wijk heeft (mag hebben) op ieders handelen. Het antwoord op deze vraag vormt een goede basis voor de organisatorische inrichting van de samenwerking (governance). Over leiderschap Durf over het belang van de eigen organisatie en voorbij de schaduw van je eigen bestuursperiode te kijken. Werken aan veerkrachtige wijken is niet een serie van goedbedoelde projecten die worden gefinancierd met kortdurende budgetten of subsidies. Werken aan veerkracht vergt de bereidheid om voor een lange periode keuzes te maken vanuit een brede visie op de wijk.
Dat vereist de bestuurlijke moed om over het belang van de eigen organisatie te kijken en voorbij de schaduw van je eigen bestuursperiode te durven kijken omdat de effecten van de gemaakte keuzes pas vele jaren later zichtbaar zullen zijn.
Over ons Adviesbureau circusvis
Circusvis is een adviesbureau van betrokken professionals in de wereld van het wonen. We helpen huurders, woningcorporaties en gemeenten om effectief te werken in deze complexe omgeving. Circusvis redeneert vanuit een eerlijke stad of regio. Door thema’s te verbinden ontstaan kansen om te verbeteren, versnellen en vernieuwen.
www.circusvis.nl www.veerkrachtigewijken.nl