Bijlage: Beantwoording advies van Adviesorgaan Sociaal Domein Beekdaelen m.b.t. het Koersdocument Jeugdhulp Beekdaelen 2023-2024.
Tekst van het document
Reactie-beantwoording ASD Beekdaelen omtrent Koersdocument Jeugd Beekdaelen 2023-2024 Vraag/opmerking Namens de taakveldgroep Jeugd van het Adviesorgaan Beekdaelen willen wij eerst onze complimenten uitspreken over onderhavig Koersdocument. De grootste winst zien we als ASD dat er een concrete poging wordt gedaan op basis van data inzicht te krijgen en er daarnaast op basis van visie en financiële en beleidskaders keuzes gemaakt worden over hoe de jeugdhulp in Beekdaelen wordt ingezet.
Beantwoording Goed om te lezen dat de intenties en voornemens omarmd worden.
Zo zou het ASD graag meedenken in welke vragen middels data verzameling antwoorden kunnen geven op eigen koers en de resultaten daarvan. Een van de vragen zou zijn: Het is niet helder of en hoeveel casussen/cliënten er moeten worden overgedragen van aanbieders die geen contractpartner meer zijn.
In 2024 lopen de basiscontracten ambulante jeugdhulp zoals we die nu kennen nog 1 kalenderjaar verder door. Dit betekent dat er vóór 1-1-2024 geen overdrachten hoeven plaats te vinden en jeugdigen de ingezette jeugdhulp bij de voor hen vertrouwde jeugdhulpaanbieder kunnen afronden. Uiterlijk 31-12-2024 zal alsnog een warme overdracht moeten plaatsvinden naar een gecontracteerde aanbieder als de jeugdhulp onverhoopt nog door moet lopen in 2025.
Het is niet helder of nog een aantal van deze aanbieders weer onderdak vinden bij de 3 huidige contractpartijen en of deze partijen hiervoor moeten of mogen openstaan.
Het kan zijn dat niet-gecontracteerde aanbieders alsnog onderaannemerschap aangaan met één van de drie penvoerders. Dit is een eigen keuze. Het is aan de penvoerders/consortia om te beslissen of ze het onderaannemerschap aangaan.
Het is daarmee ook niet helder of en hoeveel kinderen tussen wal en schip raken.
Jeugdigen vallen niet tussen wal en schip. Waar jeugdhulp nodig is wordt deze ingezet/voortgezet. Indien er gegronde redenen zijn is de inzet van maatwerk (buiten-contract) een optie.
Er zijn in het verleden positieve resultaten behaald met afbakening van de indicatietermijn. Wat binnen een half jaar niet is bereikt in een behandelplan moet of worden herzien of op een andere manier worden aangepakt. Als ouders weten dat er binnen een half jaar een resultaat moet zijn dan werken ze daarnaartoe, net als de hulpverlener. Het vergt van team Jeugd als procesregisseur moed en alertheid hierop te sturen.
Dat onderschrijven wij. Samen met de Westelijke Mijnstreek gemeenten, omliggend veld en de drie consortia is dit één van de actuele bespreekpunten, o.a. zodat we tot meer eenduidigheid hieromtrent komen in de Westelijke Mijnstreek.
Bij het ASD komen ook signalen van onderlinge concurrentie tussen aanbieders, dat vertraging van een snelle opname in de jeugdzorg in de hand werkt. We krijgen signalen dat sommige cliënten niet naar concullega’s worden doorgegeven terwijl daar wel plek is. Een goed data/dashboard zou hier scherper op kunnen acteren
De ambities binnen de ambulante ontwikkelcontracten dienen in een tijdsbestek van 10 jaar gerealiseerd te worden. Het zal dan ook tijd vergen om de drie consortia zodanig afgestemd te krijgen dat men in samenwerking en vertrouwen uitvoering geeft aan de gezamenlijke opdracht waar ze voor staan. Dit realiseren is een taak van alle betrokkenen binnen de subregio èn op regionaal vlak is het aan het contractregieteam van Centrumgemeente Maastricht om hieraan te werken. De Beschikbaarheidswijzer is een tool die reeds is ingericht en inzicht geeft in wachttijden.
18+ kinderen in de jeugdzorg mogen indien nodig uitlopen tot 23 jaar. Het is dus zaak ruim voor het verstrijken van de 18 jaar te bepalen of er voldoende perspectief is voor de jeugdige of deze kan uitstromen naar zelfstandigheid dan wel goed overgedragen wordt naar de volwassenzorg.
Dit vraagt een gedegen en tijdige afstemming tussen team Jeugd, het gezin en de betrokken jeugdhulpaanbieder. Daarnaast tussen team Jeugd, het omliggend veld en team Wmo, maar ook met teams Wmo van andere gemeenten. Intern heeft gemeente Beekdaelen het 18-/18+ proces recent aangescherpt, zodat vanaf 17 jaar een Wmo consulent actief gaat meekijken en tijdig de korte en lange termijndoelen worden vastgelegd.
Verwijzing via arts GI of rechter: In de wet op de jeugdzorg is deze verwijsmogelijkheid vastgelegd en daarmee een gegeven. Vervelend als dit onduidelijkheid geeft omdat daarmee het budget door externen beïnvloed kan worden. Toch is het ASD voorstander van deze constructie aangezien daarmee eventueel toekomstig financieel gedreven denken en eventueel beperken van inzet van jeugdzorg gepasseerd kan worden. Het is zaak dat er een goede afstemming komt met de huisarts. Daarvoor is al een basis gelegd begrepen we uit het koersdocument. Verder kan men zich de vraag stellen waarom de verwijzing via gemeente afneemt.
Verwijzingen vanuit de gemeente zijn niet afgenomen. We zetten in op een nauwe samenwerking met huisartsen en POH- Jeugd. Indien de POH-Jeugd denkt aan gespecialiseerde jeugdhulp schakelt deze met team Jeugd van de gemeente. In die zin verloopt de medische route steeds meer met tussenkomst van de gemeente waardoor sneller integraal gewerkt kan worden en procesregie kan worden toegepast waar dat nodig is. Huisartsen in Beekdaelen zijn positief over deze ontwikkeling.
Er is zorg dat gemeenten door eigen inkoopbeleid sommige zorgtaken wel en sommige niet gaan aanbieden waardoor er een ongelijkheid in jeugdzorgaanbod lijkt te ontstaan. Is er een basislijn op service- en zorgniveau waar men als burger op mag rekenen?
Jeugdigen moeten tijdig passende hulp ontvangen. Dat zijn de hoofddoelen in het Regionaal Beleidskader Jeugdhulp 2024-2028 en het Koersdocument Jeugd Beekdaelen 20232024. Centrumgemeente Maastricht ziet erop toe dat dat alle vormen van jeugdhulp in Zuid-
Limburg ingekocht zijn binnen de verschillende segmenten. De vraag is of er naast de tekorten aan goed geschoold en ervaren personeel ook aandacht is voor de transformatie bij het huidige personeel van de betrokken zorgorganisaties? Dit vraagt naar onze mening ook extra aandacht om de noodzakelijke stappen te kunnen zetten. Hoe wordt dat vormgegeven bij de uitvoeringsplannen?
We zetten als gemeente in op integraal en domein overstijgend werken. In dit proces is er veel aandacht voor de uitgangspunten van de transformatiedoelen. Dit gebeurt onder andere middels overlegvormen, werksessies en scholing. Binnen het ambulante ontwikkeltraject in de Westelijke Mijnstreek is dit tevens een punt van aandacht in gesprek met de partners in het omliggend veld en bij de 3 consortia.
We vragen ook specifieke aandacht te besteden aan de samenwerking tussen de organisaties. Hopelijk wordt de zorg voor de jeugd centraal gesteld en niet de eigen positie in het werkveld!
Dat onderschrijven wij. Samen met de Westelijke Mijnstreek gemeenten, omliggend veld en de drie consortia is dit één van de actuele bespreekpunten. Daarnaast organiseert Centrumgemeente Maastricht bijeenkomsten Vertrouwen & Partnerschap waar bestuurders, jeugdhulpaanbieders en omliggend veld het gesprek aangaan rondom dit thema.
Het beleidskader ademt toch de sfeer van “op weg naar minder”. Dat stelt ons toch niet gerust.
Het huidige stelsel is financieel niet houdbaar. In de Hervormingsagenda Jeugd staan een aantal maatregelen om de knelpunten in de jeugdzorg op te heffen èn te komen tot een gezondere financiële situatie. In die zin begrijpelijk dat dit gelezen wordt als “op weg naar minder,” maar met behoud van kwaliteit en met het uitgangspunt dat jeugdige tijdige passende jeugdhulp ontvangen als dat nodig is!
Binnen het onderwijs zou meer moeten worden geïnvesteerd op de ontwikkeling van het kind, naast het overdragen van kennis.
Dat is de reden dat het onderwijs nauw betrokken wordt bij het ambulante ontwikkeltraject in de Westelijke Mijnstreek.