Bijlage 3: Begroting 2023 GR WSP Parkstad met meerjarenraming 2024-2026
Tekst van het document
Begroting 2023 GR WSP Parkstad
Goedgekeurd door het Algemeen Bestuur d.d. 24 februari 2022 Vastgesteld door het Algemeen Bestuur d.d. 7 juli 2022
De Algemeen directeur/ Secretaris F. Dijk
De voorzitter M.E.E. de Beer
Begroting 2023 GR WSP Parkstad
Leeswijzer Bekijk je dit document digitaal? Dan kun je hier navigeren
Afkortingen lijst
WSP Parkstad
Hier kun je zien in welk
Animatie
hoofdstuk je bent
ww w
Download onze app 3
Voorwoord Gepresenteerd wordt de begroting 2023 met meerjarenraming 20242026 van de Gemeenschappelijke Regeling Werkgeversservicepunt Parkstad (GR WSP Parkstad). GR WSP Parkstad dient te voorzien in passende werkgelegenheid voor de personen die door de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Oostelijk ZuidLimburg dan wel individuele deelnemende gemeenten aan haar worden toevertrouwd. Dit doet zij middels het genereren van werkplekken bij derden, werkopdrachten ten behoeve van regionale werkbedrijven (inclusief de voormalige Sw) en trajecten gericht op arbeid re-integratie. Dit betreft een technische begroting welke gebaseerd is op de uitgangspunten conform de 1ste begrotingswijziging 2022. In november 2022 zal er een aanpassing plaatsvinden middels een 1ste begrotingswijziging waarin de ambities uit het Ondernemingsplan 2023 worden vertaald.
In het licht van het vorenstaande heeft WSP Parkstad tot doel: 1. Het invulling geven aan de aan gemeenten (Colleges) op grond van de Participatiewet toegekende wettelijke opdracht ondersteuning te bieden bij de arbeidsinschakeling en ondersteuning bieden aan gemeenten bij het ontwikkelen van een uniform arbeidsmarktbeleid. 2. Het voor de regio realiseren van een optimaal functionerende arbeidsmarkt die zich onder meer manifesteert in een hoge participatiegraad, c.q. het minimaliseren van werkloosheid. 3. Het zijn van aanspreekpunt voor werkgevers voor arbeidsbemiddeling (werkgeversdienstverlening) in de door de deelnemende gemeenten gevormde regio. 4. Het uitvoering geven aan de voormalige Wet sociale werkvoorziening, exclusief het formele werkgeverschap. WSP Parkstad voert haar werkzaamheden uit voor de gemeenten Beekdaelen, Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Simpelveld en Voerendaal.
Hieruit voortvloeiend zijn in het ondernemingsplan 2022 de volgende doelen vastgesteld: WSP Parkstad is het werkgeversservicepunt voor Parkstad en het platform waar alle relevante arbeidsmarktpartijen samenwerken voor een inclusieve en duurzame arbeidsmarkt; • WSP Parkstad zet in op maximale doorstroom en uitstroom van het aantal Sw-medewerkers; • Maximaliseren van uitstroomwinst door maximaliseren duurzame plaatsingen PW; • Maximaliseren van de duur van duurzame plaatsingen Sw; • Digitale ontsluiting van de vraag en het aanbod middels de CompetenSYS omgeving voor Parkstad; • Samen met Ketenpartners kandidaat– en diagnose informatie verder optimaliseren; • Lagere maatschappelijke kosten door besparing op uitkeringen; • Beschutte werkplek voor de doelgroep met de grootste afstand tot de arbeidsmarkt; • Participatielocatie voor leerwerktrajecten en Sw-medewerkers op weg naar een detachering; • Aanjagen en optimaliseren van de ketensamenwerking; • Tegen zo laag mogelijk kosten een toekomstbestendige en professionele uitvoeringsorganisatie waarborgen. Fred Dijk Algemeen directeur/Secretaris
Gert-Jan van Westerveld Directeur dienstverlening 4
Inhoud 1
5
Samenvatting
naar vorige pagina
Uitvoering Participatiewet
6
13
naar volgende pagina naar inhoudsopgave
2
3
4
Ontwikkeling subsidiebedrag 2022-2025
Programmaverantwoording
6
7
14
7
Financiële paragraaf
Meerjarenraming
8
24
8
Verbonden partijen 11
Bijlagen 25
5
1 Samenvatting 1.1 Uitgangspunten De begroting 2023 en meerjarenraming 2024 – 2026 sluiten in de basis aan op de uitgangspunten zoals deze zijn opgenomen in de 1ste begrotingswijziging 2022. Binnen de verbonden partij WSP Parkstad Detacheringen BV heeft een bijstelling plaatsgevonden van verwachte declarabele uren en tarieven. Voor een toelichting hierop wordt verwezen naar de toelichting Verbonden Partijen.
€5.275.000 tot een netto verlies van €4.804.000. Het operationeel resultaat verslechtert met €1.376.000 en het subsidieresultaat verbetert met €1.848.000.
Het bestuur heeft van de 1ste begrotingswijziging 2022 kennis genomen op 18 november 2021 en voor zienswijze gestuurd aan de deelnemende gemeenten. De goedkeuring van de 1ste begrotingswijziging 2022 staat geagendeerd voor de bestuursvergadering van 2 juni 2022.
Bedrijfsvoering
De begroting 2023 en meerjarenraming 2024 – 2026 is opgesteld volgens de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). 1.2 Financiën De financiering en algemene dekkingsmiddelen vanuit de deelnemende gemeenten dalen ten opzichte van de 1ste begrotingswijziging 2022 in 2022 van €7.085.000 tot €6.677.000, een daling van € 408.000. In 2026 is deze bijdrage gedaald naar €3.551.000.
Ontwikkeling financieel resultaat GR WSP 2022 - 2026 1st begr. begroting wijz 2022 2023
(bedragen x € 1.000,-)
2024
2025
2026
-78
-82
-84
-86
-87
Verbonden Partijen
-5.275
-4.804
-3.818
-2.722
-1.630
Uitvoering Participatiewet
-1.732
-1.791
-1.805
-1.819
-1.834
0
0
0
0
0
7.085
6.677
5.707
4.627
3.551
0
0
0
0
0
Duale Poort Heerlen Financiering- en algemene dekkingsmiddelen
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
Figuur 1: Ontwikkeling van de financiële resultaten 2022-2026
Ontwikkeling resultaten van Verbonden Partijen
(bedragen x € 1.000,-)
1st begr. begroting wijz 2022 2023
Personeelskosten Wsw vanuit de GR WOZL
-74.875
-69.650
2024
2025
2026
-64.806
-59.524
-53.520
Subsidies vanuit de GR WOZL
59.797
56.420
53.366
50.267
46.495
Subsidieresultaat
-15.078
-13.230
-11.440
-9.257
-7.025
9.803
8.427
7.622
6.535
5.395
-5.275
-4.804
-3.818
-2.722
-1.630
Operationeel resultaat
Het netto resultaat van de verbonden partijen verbetert in de begroting 2023 ten opzichte van de 1ste begrotingswijziging 2022 van een netto verlies van
In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de resultaten van de verbonden partijen weergegeven.
Netto resultaat
Figuur 2: Ontwikkeling van de resultaten van verbonden partijen
6
Ontwikkeling subsidiebedrag 2 2022-2025 De meicirculaire 2021 die het Ministerie van BZK heeft gepubliceerd, heeft voor de GR WSP Parkstad en de deelnemende gemeenten een positief effect. Het subsidiebedrag per arbeidsjaar is in 2023 per saldo €760 hoger dan in de meicirculaire 2020 is opgenomen. Het subsidiebedrag per arbeidsjaar gebaseerd op de meicirculaire 2020 van het Ministerie van BZK bedraagt €28.618. In de meicirculaire 2021 bedraagt het bedrag per arbeidsjaar €29.378. Een verschil van €760 dat enerzijds voor €608 wordt veroorzaakt door een hogere bijdrage ter compensatie van stijgende lonen en anderzijds een volume effect van €152 door een snellere verwachte uitstroom van Sw’ers.
Subsidieontwikkeling
2022
2023
2024
2025
Subsidie cf. mei circulaire 2020
28.146
28.618
29.188
29.988
Subsidieontwikkeling cf. mei circulaire 2021 Loonprijsontwikkeling 598 Volume-effect 153 Subsidiebedrag cf. begroting 2023 28.897
608 152 29.378
620 139 29.947
637 128 30.753
760
759
765
Positief prijsverschil
751
Figuur 3: Opbouw subsidie per AJ
In de tabel hiernaast is de ontwikkeling van het subsidie per arbeidsjaar over de periode 2022 – 2025 weergegeven. Deze gegevens zijn gebaseerd op de meicirculaire 2021 die door het Ministerie van BZK is gepubliceerd. De september- en decembercirculaire 2021 hadden geen effect op de hoogte van het subsidiebedrag per arbeidsjaar in 2023 en verder.
7
7
3 Programmaverantwoording Overzicht baten & lasten Rubriek
(bedragen x € 1.000,-)
1ste begrotingswijziging 2022
Overzicht baten & lasten Rubriek
begroting 2023
Verschil
Bedrijfsvoering Wsw
(bedragen x € 1.000,-)
1ste begrotingswijziging 2022
begroting 2023
Verschil
Financiering en alg. dekkingsmiddelen
baten
-
-
-
Bedrijfsvoering
78
82
4
lasten
-78
-82
-4
Verbonden partijen
5.275
4.804
-471
-78
-82
-4
Uitvoering Participatiewet
1.732
1.791
59
7.085
6.677
-408
Resultaat verbonden partijen baten
-
-
-
lasten
-5.275
-4.804
471
-5.275
-4.804
471
Uitvoering Participatiewet (incl. bedrijfsvoering) baten
-
-
-
lasten
-1.732
-1.791
-59
-1.732
-1.791
-59
Duale Poort Heerlen baten
-
-
-
lasten
-
-
-
-
-
-
-7.085
-6.677
408
Vennootschapsbelasting
-
-
-
Onvoorzien
-
-
-
Incidentele baten en lasten
-
-
-
-
-
-
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
-
-
-
Mutaties in reserves
-
-
-
Gerealiseerd resultaat
-
-
-
Resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen
Figuur 4: Overzicht van baten en lasten GR WSP Parkstad
Figuur 5: Overzicht van baten en lasten GR WSP Parkstad vervolg
8
Toelichting op het overzicht baten en lasten 2023 Het resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen bedraagt in de begroting 2023 €6.677.000. 3.1 Bedrijfsvoering In onderstaande tabel staan de baten en lasten weergegeven voor de bedrijfsvoering: Specificatie baten en lasten
3.2 Verbonden partijen Het netto resultaat van de verbonden partijen verbetert in de begroting 2022 ten opzichte van de 1ste begrotingswijziging 2022 met €5.275.000 tot een netto verlies van €4.804.000. Het operationeel resultaat verbetert met €1.375.000 en het subsidieresultaat verslechtert met €1.848.000. Het saldo van de rubriek verbonden partijen bedraagt €4.804.000. Dit tekort wordt gefinancierd door de gemeenten.
(bedragen x € 1.000,-) 2022
2023
1ste begr. wijz.
begroting
Baten -
0
0
Totaal
0
0
Personeelskosten
58
60
Organisatiekosten
12
14
Accountants- en advieskosten
7
7
Rente en financieringskosten
1
1
Totaal
78
82
Saldo van baten en lasten
78
82
Lasten
Figuur 6: Specificatie baten en lasten
Het saldo van de rubriek bedrijfsvoering bedraagt €82.000. Dit tekort wordt gefinancierd door de gemeenten.
Voor de toelichting op het resultaat wordt verwezen naar de toelichting bij verbonden partijen. 3.3 Uitvoering Participatiewet De revenuen van de uitvoering van de Participatiewet, zoals het stopzetten van de uitkering of besparing op de uitvoeringskosten, zijn niet in deze begroting opgenomen en komen volledig ten gunste c.q. ten laste van de sociale diensten en/of deelnemende gemeenten. Het saldo van de uitvoering Participatiewet bedraagt €1.791.000. Dit tekort wordt gefinancierd door de gemeenten.
3.4 Duale Poort Heerlen In de 1ste begrotingswijziging 2022 is nieuw opgenomen de baten en lasten betreffende de activiteiten inzake de duale poort specifiek in opdracht van de gemeente Heerlen. Hoewel de exacte kosten in afwachting van verdere besluitvorming nog niet bekend zijn, is hiervoor wel een PM post opgenomen. Deze kosten zullen 1-op-1 worden doorberekend aan de gemeente Heerlen en als baten worden verantwoord. Het saldo van deze post zal hierdoor nihil zijn, waardoor dit geen financiële gevolgen heeft voor de overige deelnemende gemeenten. 3.5 Financiering en algemene dekkingsmiddelen De tekorten bij de GR WSP Parkstad worden volledig gedekt door een bijdrage van de deelnemende gemeenten. In 2023 wordt een bijdrage aan de deelnemende gemeenten gevraagd van €6.677.000. Voor een verdeling van de bijdragen per deelnemende gemeente wordt verwezen naar de bijlagen. In de volgende tabel worden de baten per rubriek weergegeven:
Voor de toelichting op het resultaat wordt verwezen naar de toelichting bij de uitvoering Participatiewet.
9
(bedragen x € 1.000,-)
Financiering- en algemene dekkingsmiddelen
3.11 Overzicht taakvelden
2022
2023
1ste begr. wijz.
begroting
78
82
Verbonden partijen
5.275
4.804
Uitvoering participatiewet
1.732
1.791
0
0
7.085
6.677
Bedrijfsvoering
Mutaties in reserve Totaal
In lijn met de richtlijnen BBV wordt in onderstaand overzicht de baten en lasten per taakveld weergegeven:
Figuur 7: Financiering en algemene dekkingsmiddelen
3.6 Vennootschapsbelasting De activiteiten binnen de GR WSP Parkstad zijn vrijgesteld van de vennootschapsbelasting en is derhalve nihil. 3.7 Onvoorzien De verwachting voor 2023 is dat er geen onvoorziene activiteiten zullen plaatsvinden. 3.8 Incidentele baten en lasten De verwachting voor 2023 is dat er geen incidentele baten en lasten zullen plaatsvinden. 3.9 Mutaties in reserve De verwachting voor 2023 is dat er geen gebruik wordt gemaakt van reserves. 3.10 Gerealiseerd resultaat De verwachting voor 2023 is dat het gerealiseerd resultaat nihil zal zijn.
Taakvelden Rubriek
(bedragen x € 1.000,-)
1ste begrotingswijziging 2022
begroting 2023
78 -78
82 -82
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
7.007 -7.007
6.595 -6.595
-
-
o.o Bestuur en ondersteuning 0.4 Overhead baten lasten
0.9 Vennootschapsbelasting baten lasten
0.10 Mutaties reserves baten lasten
0.11 Resultaat van de rekening van basten en lasten baten lasten
6.0 Sociaal domein 6.4 Begeleide participatie baten lasten
Figuur 8: Overzicht taakvelden
10
4 Verbonden partijen Omschrijving
1ste begrotings wijziging 2022
begroting 2023
verschil
Ext erne omzet
19.571
18.153
Int erne omzet
0
0
0
Mut at ie gereed prod./onderh. werken
0
0
0
19.571
18.153
Omzetwaarde Grondst offenverbruik Uit best eed werk Inhuur derden t .b.v. van produc t ie Verbruik grondstoffen, inhuur, uitbesteed
- 1.418
- 1.418
- 10
- 16
-6
- 106
- 107
-1
0
0
0
- 116
- 123
19.455
18.030
-1.425
Lonen n- SW
- 4.731
- 4.902
- 171
Opleidingen
- 190
- 180
10
- 40
0
40
- 2.020 0 -2.210 -4.771 -6.981
- 1.905 0 -2.085 -4.902 -6.987
Bruto marge
-7
Personeelskosten
Inhuur derden Overige personeelskost en SW Overige personeelskost en n- SW personele kost en SW personele kost en n-SW Totaal Personeelskosten
Afsc hrijvingskost en
115 0 125 - 131 -6
- 49
- 20
29
Fac ilit aire kost en (inc l. huisvest ing)
- 1.066
- 1.157
- 91
Dienst verlening
- 1.405
- 1.283
122
Aut okost en
- 92
- 82
10
Belast ingen en verzekeringen
- 67
- 75
-8
Indirec t e mat erialen
- 15
- 15
0
Magazijn- en expedit iekost en
- 11
- 11
0
Verkoopkost en
- 35
- 37
-2
Kant inekost en
- 131
- 133
-2
Reiskost en en KM- dec larat ies Overige algemene kost en
- 44
- 42
2
- 279
- 284
-5 0
Inc id. last en (+)/inc id. bat en (- ) Doorbelast ing overhead beheer Overige bedrijfskost en Totaal Bedrijfskosten
0
0
523
523
0
- 151
- 157
-6
-2.671
-2.617
54
Bedrijfsresultaat
9.803
8.427
-1.375
Operationeel resultaat
9.803
8.427
-1.375
- 75.223
- 69.965
5.257
348
315
Rijkssubsidie SW
59.797
56.420
- 3.377
Subsidieresultaat
-15.078
-13.230
1.848
-5.275
-4.804
472
Aant al FT E Wsw Aant al FT E N- Wsw
2.048 59
1.900 58
- 149
Aant al AJ Wsw
2.087
1.937
- 151
Lonen SW Wet Liv
Netto resultaat
Figuur 9: Financieel overzicht van de verbonden partijen
- 33
-1
11
Toelichting op baten en lasten de begroting 2023 Omzetwaarde en brutomarge begroting 2022 De omzetwaarde in de begroting 2023 bedraagt €18.153.000 en is daarmee €1.418.000 lager dan de 1ste begrotingswijziging 2022. Tot en met 2022 gold als target een aantal van 1440 declarabele uren bij individuele detacheringen. In 2023 hebben we dit bijgesteld naar 1385 uur vanwege drie redenen: 1. Hoge uitstroom met verloftegoeden wat leidt tot minder declarabele uren 2. Veroudering populatie leidt tot forse toename in de seniorenregeling 62+. Ook dit betekent minder declarabele uren. 3. Langdurig ziekteverzuim blijft hoog en zal naar verwachting gezien de veroudering alleen maar toenemen. Het tarief per uur stijgt in 2023 vooralsnog met 1%, waar normaliter 2% werd aangehouden. Reden hiervoor is de uitstroom van medewerkers met hogere detacheringstarieven, die niet meer ingevuld kunnen worden. De brutomarge is als gevolg hiervan €1.425.000 lager.
Personeelskosten De totale personeelskosten bedragen €6.987.000 en zijn daarmee vrijwel gelijk aan de 1ste begrotingswijziging 2022. In de personele kosten niet-Sw (inclusief inhuur) is rekening gehouden met de cao-verhoging. Deze cao-verhoging zat nog niet in de 1ste begrotingswijziging 2022. De overige personeelskosten Sw (inclusief opleidingen) dalen met €125.000 als gevolg van de bezettingsdaling. Bedrijfskosten De bedrijfskosten bedragen in de begroting 2023 €2.617.000 en zijn daarmee €54.000 lager dan is opgenomen in de 1ste begrotingswijziging 2022. De belangrijkste afname zit in de kosten dienstverlening als gevolg van het wegvallen van de kosten voor het medewerkerstevredenheidsonderzoek in 2023.
Voor de subsidie is de meicirculaire 2021 aangehouden ten aanzien van het subsidiebedrag per arbeidsjaar, te weten €29.133 (na afroming door de GR van € 245 per AJ). De loonkosten Sw dalen met €5.258.000, waarvan een negatief volume-effect van €5.436,000 en een positief prijseffect van €178.000 met name als gevolg van afname sociale lasten wao en in beperkte mate prijseffect als gevolg van periodieken. De subsidie daalt met €3.377.000, waarvan een negatief volume-effect van €4.298.000 en een positief prijseffect van €921.000. De Liv kent een afname van €33.000 t.o.v de 1ste begrotingswijziging 2022 parallel aan de dalende bezetting.
Operationeel resultaat Het operationeel resultaat in de begroting 2023 bedraagt €8.427.000 en is daarmee €1.376.000 lager dan in de 1ste begrotingswijziging 2022.
Per saldo verbetert het subsidieresultaat in de begroting 2023 met €1.848.000 ten opzichte van de 1ste begrotingswijziging 2022.
Subsidieresultaat In de begroting 2023 is in het subsidieresultaat geen loonsverhoging ingevolge de CAO-Sw opgenomen (laatste bekende CAO-verhoging is per 1-1-2022).
Netto resultaat Het nettoresultaat in de begroting 2023 bedraagt €4.804.000 negatief en is daarmee €471.000 beter dan de 1ste begrotingswijziging 2022.
12
5 Uitvoering Participatiewet Omschrijving
1ste begrotings wijziging 2022
Externe omzet
begroting 2023
verschil
75
0
-75
75
0
-75
Lonen n-SW
-1.408
-1.404
4
Opleidingen
-20
-20
0
-12 0 -1.440
0 0 -1.424
12 0 16
Omzetwaarde Personeelskosten
Inhuur derden Overige personeelskosten n-SW Totaal Personeelskosten
Afsc hrijvingskosten
0
0
0
Fac ilitaire kosten (inc l. huisvesting)
-20
-20
0
Dienstverlening
-72
-72
0
Autokosten
0
0
0
Belastingen en verzekeringen
0
0
0
Indirec te materialen
0
0
0
Magazijn- en expeditiekosten
0
0
0
Verkoopkosten
-40
-40
0
Kantinekosten
0
0
0
Reiskosten en KM-dec laraties
0
0
0
-10
-10
0
0
0
0
Overige bedrijfskosten
-50
-50
0
Doorbelasting bedrijfsvoering GR WOZL
-225
-225
0
Totaal Bedrijfskosten
-367
-367
0
Operationeel resultaat
-1.732
-1.791
-59
Netto resultaat
-1.732
-1.791
-59
Aantal FTE N-Wsw
18,01
17,01
-1,00
Overige algemene kosten Inc id. lasten (+)/inc id. baten (-) Doorbelasting overhead beheer
Toelichting begroting 2023 versus de 1ste begrotingswijziging 2022 uitvoering Participatiewet Toelichting De omzet (subsidie) inzake de jongerencoaches is (nog) niet toegezegd voor 2023 en derhalve niet opgenomen in deze begroting. 2023. Bij de salariskosten niet-Sw is sprake van daling als gevolg van een lagere bezetting, waaronder de vervallen jongerencoaches. Tevens vervalt de inhuur van een jongerencoach in 2023 van Detachering. Netto resultaat Het netto resultaat bedraagt €1.791.000 negatief en is daarmee €59.000 lager dan in de 1ste begrotingswijziging 2022.
0
Figuur 10: Begroting 2022 uitvoering Participatiewet
13
6 Financiële paragraaf De financiële paragrafen zijn bedoeld om een goed inzicht te geven in de financiële positie en het financiële beheer van GR WSP Parkstad. 6.1 Reserves en voorzieningen Het instellen van reserves, het toevoegen en het onttrekken van middelen aan reserves is een bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur besluit een deel van het eigen vermogen af te zonderen voor de dekking van toekomstige uitgaven voor een bepaald doel. Deze besluiten worden voorgelegd via de begroting, de begrotingswijzigingen de resultaatsbestemming van de jaarrekening of via afzonderlijke besluiten. Binnen de GR WSP Parkstad zijn geen bestemmingsreserves opgenomen en bestaat de reserve alleen uit de algemene reserve die geraamd is op €0 voor 2023 t/m 2026. Een eventueel resultaat in het voorgaande jaar wordt toegevoegd aan de algemene reserve en in het volgende jaar onttrokken om vervolgens terug te geven aan de deelnemende gemeenten.
jaarrekening en het hierin vermelde resultaat. Dit betekent dat alle risico’s die niet afdoende gemitigeerd kunnen worden en zich onverhoopt voordoen, volledig ten laste gebracht zullen moeten worden van de in GR WSP Parkstad deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten zijn uiteindelijk risicodrager voor de continuïteit van de GR WSP Parkstad. De GR WSP Parkstad heeft de plicht om de risico’s te inventariseren, te analyseren en te beheersen. De beoordeling van risico’s vindt periodiek plaats en hierover wordt gerapporteerd in de begrotingswijzigingen en de kwartaalrapportages. In de volgende tabel is voor verschillende risico’s van de GR WSP Parkstad de kans op een risico en de impact op het netto resultaat aangegeven.
Binnen de GR WSP Parkstad is geen sprake van gevormde voorzieningen. 6.2 Risico’s De GR WSP Parkstad en de verbonden partijen hebben nauwelijks beschikking over een ‘eigen’ weerstandsvermogen. Er wordt jaarlijks met de gemeenten afgerekend op basis van de vastgestelde 14
In de onderstaande tabel zijn de geïdentificeerde risico’s nader toegelicht. Risico in begroting
Toelichting in risico
Loonprijsontwikkeling
In de 1ste begrotingswijziging 2022 is rekening gehouden met de subsidiebedragen conform de meicirculaire 2021. Hierin is een LPO toegekend voor 2021 ad 2,11%. De september- en decembercirculaire 2021 hadden geen effect op de hoogte van het subsidiebedrag per arbeidsjaar in 2023 en verder. In de 1ste begrotingswijziging is rekening gehouden met een cao-stijging van 1,2% per 1 januari 2022. De LPO 2022 is nog niet definitief door het Ministerie van BZK vastgesteld. Deze zal pas worden vastgesteld in de mei- en septembercirculaire 2022. Een nadere vaststelling van de rijkssubsidie (LPO) 2022 en mogelijk andere loonkosten Wsw als gevolg van de cao-Wsw na 1-1-2022 zijn op dit moment niet bekend. Beiden zijn een op het moment van opstellen van de begroting niet te kwantificeren risico en vormen een onderdeel van het subsidieresultaat welke door de GR WSP Parkstad niet is te beïnvloeden.
Beschikbaarheid van passend werk
De vraag naar passend werk zal ontwikkeld moeten worden. De vraag is wel of er in de Parkstadregio voldoende passende werkgelegenheid voorhanden is.
Aantal arbeidsjaren
In de bepaling van het aantal arbeidsjaren wordt uitgegaan van de werkelijk verwachte pensioendata en een overige uitstroom van 3% als gevolg van met name ziek uit dienst en overlijden. Dit percentage is een verwachting op basis van historische uitstroom. De werkelijke overige uitstroom kan hiervan in zowel positieve als negatieve zin afwijken. Dit is voor WOZL/WSP Parkstad een niet te beïnvloeden risico.
15
Risico in begroting
Toelichting in risico
De corona-crisis en maatregelen
Uiteraard wordt ook WSP Parkstad/WOZL in de kern van haar bedrijfsvoering geraakt door de effecten van de corona-crisis. Vanaf het eerste moment heeft onze organisatie conform de landelijke richtlijnen het eigen beleid aangepast. De maatregelen die overheid en RIVM aanreiken, worden meteen vertaald naar onze eigen werksituaties, breed uitgedragen en toegelicht en worden consequent toegepast.
Effecten Cao Sw
In de nieuwe CAO Sw is een regeling voor vervroegde uittreding (RVU) én een uitbreiding van de seniorenregeling overeengekomen. De RVU regeling voorziet in de mogelijkheid voor Sw medewerkers om onder voorwaarden twee jaar voor pensioendatum te stoppen met werken (met behoud dienstverband tot aan pensioendatum). Het is op dit moment nog onzeker hoeveel medewerkers binnen welke detacheringen werkelijk gebruik zullen maken van deze regeling. Het exacte effect is daarom moeilijk vast te stellen en derhalve niet meegenomen in deze begroting. De deelname aan de seniorenregeling kent in mindere mate onzekerheid en is daarom in de begroting 2023 ingerekend als aandeel in de afname in het aantal declarabele uren per medewerker. Het exacte effect hiervan is op het moment van opstellen niet te bepalen en vormt daarmee een risico voor het resultaat van de verbonden partij.
16
Kandidaat duurzaam naar Werk
Voorzien in werkgeversbehoefte
Stimuleren duurzame inzetbaarheid Sw-medewerkers door te investeren in vitaliteit middels diverse maatregelen.
Acquisitie bestaande en nieuwe klanten.
Detacheringsfitheid van Sw-medewerkers wordt gestimuleerd middels inzet van de KANS-locatie ondersteund door methodische aanpak van IDU binnen deze locatie op weg naar detachering.
Uitwerken (meerjarige) strategische HR propositie tbv strategische partners.
Borgen van adequate en betaalbare begeleidingsstructuur ten behoeve van Sw-medewerkers. Borgen van langdurige groepsdetacheringen bij verloop van Sw-medewerkers. Verantwoordelijkheid IDU Participatiewet gemeente Heerlen wordt gedragen door WSP Parkstad in samenwerking met Werk voor Heerlen. Best practises worden aangeboden aan de overige gemeenten.
Definiëren van 15 strategische partners.
Ontwikkelen werkleerlijnen / ontwikkelplekken gebaseerd op marktbehoefte. Verhogen MVO-bereidheid bij werkgevers mbv; gerichte communicatie met een treffende verhaallijn. Acquisitiegesprekken bestaande en nieuwe klanten. Continueren initiatieven SPRINC die aansluiten op werkgeversbehoefte en gericht op stimuleren MVO. Passend aanbod van PW kandidaten ter vervanging van uitstromende Sw medewerkers (a.g.v. pensioenering).
Ketenverantwoordelijkheid
Vergroting uitstroom van uitkeringsgerechtigden door optimaliseren en intensiveren van samenwerking met ketenpartners in het IDU-proces. Stimuleren kwaliteit en volledigheid gedeelde kandidaatgegeven door aantonen mismatch en het leveren van een proactieve bijdrage in betreffende verbetertrajecten. Stimuleren positieve grondhouding van alle ketenpartners in regiobrede samenwerking. Inzicht in alle beschikbare kandidaten én vacatures door CompetenSYS Parkstad matching omgeving, gefaciliteerd door WSP Parkstad. Verkleinen mismatch vraag en aanbod van arbeid door vanuit marktkennis input te leveren aan marktgerichte arbeidsontwikkeling door mensontwikkelbedrijven.
Adequate begeleiding voor Sw en PW.
17
Verlagen uitvoeringskosten
Binnenhalen passend werk voor de interne werkplaatsen tegen zo hoog mogelijke tarieven. Gerichte acquisitie in samenwerking met accountmanagers Sales team ten behoeve van maximeren aantal plaatsingen Sw- medewerkers. Waar mogelijk via natuurlijk verloop staf en ondersteunende functies (gerelateerd aan uitvoering Sw) afbouwen in lijn met krimp van het aantal Sw-medewerkers.
Niet-beïnvloedbare factoren
Beschikbaarheid van passend werk is mede afhankelijk van economische ontwikkelingen in de regio. In Q4 2021 wordt een vernieuwd advies verwacht van Iroko dat mogelijk invloed heeft op de bestuurlijke opdracht aan WSP Parkstad en haar ketenpartners in 2022.
Voorkomen van een oplopend ziekteverzuim bij een ouder wordende populatie. In nauwe samenwerking met onze ketenpartners realiseren van de plaatsingsdoelstellingen PW, hierbij waar mogelijk ook gebruik makend van vrijkomende Sw-vacatures als gevolg van verloop Sw.
18
6.3 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de algemene reserve, de vrij aanwendbare bestemmingsreserves en de post onvoorzien in de begroting. De GR WSP Parkstad hanteert het uitgangspunt dat het niet over een eigen weerstandsvermogen hoeft te beschikken om niet-structurele financiële risico’s op te kunnen vangen om zijn taken te kunnen voortzetten. Dit risico wordt, op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, gedragen door de deelnemende gemeenten. De onderstaande kengetallen zijn gebaseerd op de begroting 2023 en meerjarenraming 2024 t/m 2026. De verwachting is dat deze kengetallen niet wezenlijk zullen wijzigen.
aan financiering terug worden gestort aan de deelnemende gemeenten. 6.4 Financiering Voor de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden zijn kaders gesteld in de wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Onder de treasuryfunctie vallen onder andere het geldstromenbeheer, het saldobeheer, liquiditeitsbeheer, financiering, uitzetting van gelden en renterisicobeheer. De GR WSP Parkstad heeft twee instrumenten op het gebied van treasury, te weten een treasurystatuut en een financieringsparagraaf in de begroting.
Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarmee de gemeenschappelijke regeling haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,20% van het begrotingstotaal aan lasten vóór bestemming, dus met uitzondering van stortingen in reserves. De GR WSP Parkstad voert een beleid om binnen de kasgeldlimiet te opereren. Bij de bepaling van de omvang van het totaal aan lasten in de begroting is uitgegaan van de totale lasten.
In het Algemeen Bestuur van 21 februari 2019 zijn de financiële verordening en het treasurystatuut vastgesteld.
De solvabiliteitsratio is nihil als gevolg van het feit dat de GR WSP Parkstad geen algemene reserve aanhoudt en de eventuele overschotten
Kengetallen
Netto schuld quote
2023
2024
2025
2026
3,74%
4,38%
5,40%
7,04%
Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
3,74%
4,38%
5,40%
7,04%
Solvabiliteitsratio
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
Grondexploitatie
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Structuele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Figuur 11: Financiële kerngetallen GR WSP Parkstad
Kasgeldlimiet
2023
2024
2025
2026
omvang begroting in €
6.677
5.707
4.627
3.551
toegestane kasgeldlimiet in %
8,20%
8,20%
8,20%
8,20%
toegestane kasgeldlimiet in €
548
468
379
291
Figuur 12: Kasgeldlimiet
19
Schatkistbankieren Op 13 december 2013 is het wetsvoorstel verplicht schatkistbankieren in het Staatsblad gepubliceerd. De wet is op 15 december 2013 van kracht geworden. Tegelijkertijd met de wet is een ministeriële regeling van kracht geworden. Onderdeel van die regeling is de rekening-courantovereenkomst die iedere decentrale overheid krijgt met de Staat der Nederlanden. De regeling bevat verder onder meer de verplichting een tussenrekening te openen bij een of meerdere banken, zodat aan de verplichting tot deelname aan schatkistbankieren kan worden voldaan. De GR WSP Parkstad heeft deze tussenrekening geopend bij de Bank Nederlandse Gemeenten. De wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de
schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Een decentrale overheid behoudt, op basis van de wet Fido, de mogelijkheid om leningen te verstrekken en uitzettingen te verrichten uit hoofde van de publieke taak. Deelname aan schatkistbankieren verandert daar niets aan. Bij de bepaling van de hoogte van de ‘overtollige’ middelen is het decentrale overheden toegestaan een drempelbedrag aan te houden buiten de schatkist. Dit drempelbedrag is vastgesteld op 2% van het jaarlijks begrotingstotaal met een minimum van €1 miljoen. Voor de GR WSP Parkstad bedraagt het drempelbedrag als volgt:
Toegestaan saldo schatkistbankieren
2023
2024
2025
2026
omvang begroting in €
6.677
5.707
4.627
3.551
toegestane saldo in %
2,00%
2,00%
2,00%
2,00%
toegestane saldo in €
1.000
1.000
1.000
1.000
Figuur 13: Toegestaan saldo schatkistbankieren
20
In figuur 14 is de naleving van het schatkistbankieren over 2021 weergegeven. In het 4de kwartaal heeft er een minimale overschrijding plaatsgevonden van het drempelbedrag. Dit heeft als oorzaak: •
Alle gelden boven de €250.00 worden dagelijks afgeroomd van de BNG rekening naar schatkistbankieren. Deze automatische afroming vindt elke dag voor een bepaald tijdstip plaats. Alle bedragen die na dit tijdstip worden ontvangen, worden niet meegenomen in de afroming. Het kan daarom gebeuren dat er voor die dag een te hoog bedrag blijft staan op de lopende rekening. In het 4de kwartaal is dit één keer gebeurd.
6.5 Renterisiconorm Bij de renterisiconorm gaat het om het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente en de daarmee samenhangende rentelasten. De GR WSP Parkstad beschikt niet over langlopende leningen waardoor het renterisico minimaal is.
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
250 Kwartaal 1
Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
190
233
234
255
60
17
16
-
-
-
-
5
Verslagjaar (4a) (4b)
(4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
11.603 11.603
-
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met Drempelbedrag 250 een minimum van €250.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
17.100
21.223
21.483
23.489
90
91
92
92
190
233
234
255
Figuur 14: Naleving schatkistbankieren over 2020
21
6.6 EMU-Saldo Conform artikel 19 van het BBV dient een Gemeenschappelijke Regeling in de begroting een presentatie te geven van het EMU-saldo. Het EMU-saldo (begrotingssaldo) is het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven van de overheid (de Rijksoverheid, sociale fondsen en de decentrale overheden) van een bepaald land in een bepaald jaar. Er kan een tekort of een overschot op de begroting zijn. Decentrale overheden dienen het EMU-saldo te berekenen, zodat op macro niveau het EMU-saldo voor Nederland kan worden bepaald. Hiernaast de berekening van het EMU-saldo van de GR WSP Parkstad voor de begroting 2023 en meerjarenraming 2024 - 2026. 6.7 Bedrijfsvoering Planning en control Op 21 februari 2019 is de Financiële verordening Gemeenschappelijke regeling WSP Parkstad vastgesteld. Hierin is onder andere opgenomen dat het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur tenminste eenmaal per jaar tussentijds via een begrotingswijziging wordt geïnformeerd over de uitvoering van de begroting. Personeel Aan de begroting 2023 ligt financieel de volgende formatie ten grondslag:
2de 1ste begrotings-begrotingswijziging wijziging 2021 2022
EMU Saldo (x € 1.000)
2023
2024
2025
2026
1
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17).
0
0
0
0
0
0
2
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie.
0
0
0
0
0
0
3
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie.
0
0
0
0
0
0
4
Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd.
0
0
0
0
0
0
5
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4.
0
0
0
0
0
0
6
Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op de exploitatie verantwoord.
0
0
0
0
0
0
7
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan).
0
0
0
0
0
0
8
Baten bouwgrondexploitatie (niet op de exploitatie verantwoord).
0
0
0
0
0
0
9
Lasten op balanspost voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen.
0
0
0
0
0
0
10
Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten).
0
0
0
0
0
0
11
Verkoop van effecten (verwachte boekwinst).
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Berekend EMU saldo
Figuur 15: EMU saldo
GR WSP
Algemeen directeur/secretaris Secretariaat Concerncontroller Financien Totaal
1ste begrotingswijziging 2022 aantal fte 1 0,50 1 0,50 1 0,25 3 0,88 6
2,13
begroting 2023 aantal
1 1 1 3 6
fte
Dienstverband 0,50 GR WOZL 0,50 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,25 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,88 GR WOZL en WSP Parkstad Detacheringen B.V. 2,13
Figuur 16: GR WSP Parkstad
22
6.8 Verbonden partij Deze paragraaf gaat in op de doelstellingen, activiteiten en de financiële mate van betrokkenheid van de samenwerkingsverbanden waarin de GR WSP Parkstad in financieel opzicht participeert en (tevens) een bepaalde bestuurlijke invloed kan uitoefenen. In het Besluit Begroting en Verantwoording wordt hiervoor het begrip “Verbonden partijen” gehanteerd: “Een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft (artikel 1 lid b BBV)”. De wetgever schrijft voor: “De paragraaf verbonden partijen bevat tenminste de visie die de Gemeenschappelijke Regeling heeft op de verbonden partijen en dat in relatie tot de uitvoering van de gemeentelijke doelstellingen en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen (artikel 15 BBV)” De GR WSP Parkstad is met de volgende partijen verbonden: - WSP Parkstad Detachering B.V.; - Beschut OZL B.V. Bestuurlijk belang De bestuurders van de verbonden partijen zijn benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders (AvA). De heer F. Dijk vervult namens de GR WSP Parkstad de functie van algemeen directeur/secretaris. De heer G.J. van Westerveld vervult de functie van directeur dienstverlening.
Visie en strategie De missie van WSP Parkstad Detachering B.V. luidt: “WSP Parkstad Detachering B.V. is een uitvoeringsorganisatie die, in opdracht van en in samenwerking met de deelnemende gemeenten, op doelmatige en efficiënte wijze trajecten uitvoert voor mensen, in eerste instantie behorende tot de huidige doelgroep Sw, waarbij deze groep wordt ondersteund om zo regulier mogelijk passende arbeid te verrichten waarvoor betaald wordt door opdrachtgevers.”
denken naar het nieuwe denken en dat daardoor de beweging van binnen naar buiten duurzaam plaatsvindt.
WSP Parkstad Detachering B.V. gaat binnen de context voor de Sw-doelgroep uit van het adagium: ‘werken is ontwikkelen en participeren’. Door te werken (en hierbij de benodigde ondersteuning te ontvangen) ontwikkelt ieder mens zich, ieder op zijn eigen manier en op zijn eigen niveau. Ontwikkelen is geen aparte (scholings)activiteit; werken zorgt ervoor dat mensen zich ontwikkelen. De focus voor WSP Parkstad Detachering B.V. ligt, gegeven de opdracht en het afbouwscenario, uitsluitend op de doelgroep Sw. Door samenwerking en co-creatie zal kennis en kunde met gemeenten worden gedeeld ten behoeve van andere doelgroepen waarvoor de aanpak niet verschilt. De strategie geeft invulling aan de wijze waarop WSP Parkstad Detachering B.V. de eerdergenoemde opdracht van de GR WSP Parkstad en daarmee de gemeenten zal gaan realiseren. Van belang is dat in nauwe samenwerking met gemeenten en sociale diensten de transitie gemaakt wordt van het oude 23
7 Meerjarenraming Overzicht baten & lasten Rubriek
Uitgangspunten meerjarenraming bedrijfsvoering De lasten stijgen in de bedrijfsvoering met 2%.
(bedragen x € 1.000,-) 1ste begrotingswijziging 2022
Meerjarenraming
begroting 2023
2024
2025
2026
Bedrijfsvoering Wsw baten
-
-
-
-
-
lasten
-78
-82
-84
-86
-87
-78
-82
-84
-86
-87
Resultaat verbonden partijen baten
-
-
-
-
-
lasten
-5.275
-4.804
-3.818
-2.722
-1.630
-5.275
-4.804
-3.818
-2.722
-1.630
Uitvoering Participatiewet (incl. bedrijfsvoering) baten
-
-
-
-
-
lasten
-1.732
-1.791
-1.805
-1.819
-1.834
-1.732
-1.791
-1.805
-1.819
-1.834
baten
-
-
-
-
-
lasten
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-7.085
-6.677
-5.707
-4.627
-3.551
Duale Poort Heerlen
Resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen
Financiering en alg. dekkingsmiddelen Bedrijfsvoering
78
82
84
86
87
Verbonden partijen
5.275
4.804
3.818
2.722
1.630
Uitvoering Participatiewet
1.732
1.791
1.805
1.819
1.834
7.085
6.677
5.707
4.627
3.551
Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-
-
-
-
Incidentele baten en lasten
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
-
-
-
-
-
Mutaties in reserves
-
-
-
-
-
Gerealiseerd resultaat
-
-
-
-
-
Figuur 17: Meerjarenraming GR WSP Parkstad
Uitgangspunten meerjarenraming verbonden partijen • De gemiddelde Sw-bezetting daalt in de jaren 2023-2026 met 24% (ca 602 fte) t.o.v. de 1ste begrotingswijziging 2022. Als gevolg hiervan daalt de absolute omzet fors de komende jaren. Daarnaast zien we een toename van deelname aan de seniorenregeling 62 jaar van 23% in 2022 naar bijna 37% in 2026. Ook dit heeft gevolgen voor de omzet. • de niet-Sw bezetting is op enkele pensioengerechtigden vooralsnog op een gelijk niveau gehouden; • de bedrijfskosten blijven in de jaren 2022-2025 op een vrijwel zelfde niveau; • het operationeel resultaat daalt t.o.v. de 1ste begrotingswijziging 2022 met 45% in de jaren 2023-2026. Echter het netto resultaat verbetert als gevolg van een daling van het subsidieresultaat; • de looneffecten binnen de CAO-Sw na 1-1-2022 zijn nog niet bekend; er is daarom geen verdere CAO-stijgingen opgenomen.; • de rijkssubsidie per arbeidsjaar is opgenomen op basis van de mei/septembercirculaire 2021. Uitgangspunten meerjarenraming uitvoering Participatiewet • De kosten voor de uitvoering Participatiewet blijven in de jaren 2023-2026 vrijwel gelijk aan de 1ste begrotingswijziging 2022, behoudens een cao-stijging van de car-uwo; • de bezetting blijft in de gehele ramingsperiode op 17,01 fte. 24
8 Bijlagen Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 1ste begrotingswijziging 2022 GR WSP Parkstad
Deelnemende gemeente
bedrijfsvoering Wsw
verbonden Partijen
uitvoering participatiewet
Totaal financiering
Beekdaelen
4.157
282.467
62.015
348.639
Brunssum
9.422
640.284
167.231
816.937
Gulpen-Wittem *
1.960
133.210
0
135.170
Heerlen
27.475
1.867.060
882.607
2.777.142
Kerkrade
18.239
1.239.451
339.107
1.596.797
Landgraaf
9.774
664.216
229.942
903.933
Simpelveld
2.295
155.949
25.549
183.793
Vaals *
1.546
105.077
0
106.623
Valkenburg*
1.510
102.586
0
104.096
Voerendaal
1.246
84.700
25.549
111.496
77.625
5.275.000
1.732.000
7.084.625
totaal
* De bijdragen voor de heuvellandgemeenten worden via GR WOZL verrekend
Figuur 18: Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 2022
25
Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2023 GR WSP Parkstad
Deelnemende gemeente
bedrijfsvoering Wsw
verbonden Partijen
uitvoering participatiewet
Totaal financiering
Beekdaelen
4.518
263.487
64.127
332.132
Brunssum
9.884
576.468
172.927
759.279
Gulpen-Wittem *
2.147
125.226
0
127.373
Heerlen
28.982
1.690.313
912.673
2.631.968
Kerkrade
19.623
1.144.446
350.658
1.514.727
Landgraaf
10.266
598.744
237.775
846.785
Simpelveld
2.456
143.239
26.419
172.115
Vaals *
1.566
91.336
0
92.902
Valkenburg*
1.575
91.881
0
93.456
Voerendaal
1.352
78.860
26.419
106.632
82.370
4.804.000
1.791.000
6.677.370
totaal
* De bijdragen voor de heuvellandgemeenten worden via GR WOZL verrekend Figuur 19: Totaal bijdragen deelnemende gemeenten 2023
26
Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2024 GR WSP Parkstad
Deelnemende gemeente
bedrijfsvoering Wsw
verbonden Partijen
uitvoering participatiewet
Totaal financiering
Beekdaelen
4.661
211.828
64.629
281.118
Brunssum
10.239
465.271
174.279
649.789
Gulpen-Wittem *
2.066
93.901
0
95.967
Heerlen
30.035
1.364.855
919.807
2.314.696
Kerkrade
19.745
897.265
353.399
1.270.410
Landgraaf
10.392
472.232
239.634
722.258
Simpelveld
2.483
112.819
26.626
141.927
Vaals *
1.573
71.481
0
73.054
Valkenburg*
1.647
74.832
0
76.479
Voerendaal
1.178
53.516
26.626
81.320
84.018
3.818.000
1.805.000
5.707.018
totaal
* De bijdragen voor de heuvellandgemeenten worden via GR WOZL verrekend
Figuur 20: De bijdragen voor de heuvellandgemeenten 2024
27
Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2025 GR WSP Parkstad
Deelnemende gemeente
bedrijfsvoering Wsw
verbonden Partijen
uitvoering participatiewet
Totaal financiering
Beekdaelen
4.708
149.527
65.130
219.364
Brunssum
10.434
331.402
175.631
517.467
Gulpen-Wittem *
2.120
67.343
0
69.463
Heerlen
30.764
977.152
926.941
1.934.858
Kerkrade
20.154
640.148
356.141
1.016.442
Landgraaf
10.612
337.051
241.493
589.155
Simpelveld
2.353
74.726
26.833
103.911
Vaals *
1.609
51.117
0
52.727
Valkenburg*
1.752
55.635
0
57.387
Voerendaal
1.193
37.899
26.833
65.925
85.698
2.722.000
1.819.000
4.626.698
totaal
* De bijdragen voor de heuvellandgemeenten worden via GR WOZL verrekend Figuur 21: De bijdragen voor de heuvellandgemeenten 2025
28
Totaal bijdragen deelnemende gemeenten begroting 2026 GR WSP Parkstad
Deelnemende gemeente
bedrijfsvoering Wsw
verbonden Partijen
uitvoering participatiewet
Totaal financiering
Beekdaelen
4.628
86.293
65.667
156.588
Brunssum
10.729
200.063
177.079
387.871
Gulpen-Wittem *
2.156
40.208
0
42.364
Heerlen
32.203
600.506
934.585
1.567.294
Kerkrade
20.049
373.868
359.077
752.995
Landgraaf
10.573
197.156
243.484
451.213
Simpelveld
2.449
45.661
27.054
75.164
Vaals *
1.717
32.012
0
33.728
Valkenburg*
1.770
33.005
0
34.775
Voerendaal
1.138
21.228
27.054
49.420
87.412
1.630.000
1.834.000
3.551.412
totaal
* De bijdragen voor de heuvellandgemeenten worden via GR WOZL verrekend
Figuur 22: De bijdragen voor de heuvellandgemeenten2026
29
Locatie Carbon 6
Locatie Maankwartier
Kloosterweg 1
Maanplein 88
6412 CN Heerlen
6412 AZ Heerlen
Postbus 330
Postbus 330
6400 AH Heerlen
6400 AH Heerlen
045 566 66 00
045 566 66 00
WSP Parkstad www.wspparkstad.nl