Aangepast raadsvoorstel financiële verordening 2022 n.a.v. 2e nota van wijziging
Tekst van het document
Onderwerp: financiële verordening 2022
Vergaderdatum:
13 juli 2021
Registratienr:
Z/21/159498 268850
Portefeuillehouder:
P. Janssen
Steller:
Zeegers, Lea
Aan de Raad Voorstel: vaststellen van de financiële verordening gemeente Beekdaelen 2022 Inleiding: In artikel 212 1e lid van de gemeentewet is bepaald dat de raad bij verordening de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie vaststelt. Deze verordening waarborgt dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. Met de verordening regelt de raad op hoofdlijnen de spelregels voor het financieel beleid, de financiële organisatie en het financieel beheer en heeft zo invloed op procedures rondom en vormgeving van het financiële proces. Zonder een nadere uitwerking, laat de raad de invulling over aan het college. Op 2 juli 2019 is de financiële verordening gemeente Beekdaelen 2019 vastgesteld. De aanpassingen op de geharmoniseerde verordening van 2 januari 2019 kwamen voort uit vragen, opmerkingen en suggesties uit de vergadering van 4 februari 2019 van de werkgroep Auditcommissie. Werkende weg is gebleken dat de verordening enige verfijning behoeft voor wat betreft de artikelen 5 en 6 en een aanpassing van artikel 7, Bovendien wordt voorgesteld de afschrijvingstermijnen van de aanleg van riolering, wegen, pleinen en rotondes te verlengen.
1
Aan welke global goals draagt dit voorstel bij?
Voorliggend voorstel draagt niet bij aan specifieke global goals Argumenten: De artikelen 5, 6 en 7 én de afschrijvingstermijnen (bijlage 1) zijn (deels) aangepast in vergelijking met de vigerende verordening. In bijlage 2 bij dit voorstel is hiervan een was – wordt lijst opgenomen. De argumenten voor de voorgestelde aanpassingen zijn onderstaand toegelicht. Toelichting aanpassing artikel 5: Autorisatie begroting en investeringskredieten - Lid 2 en 3 zijn aangepast: in de programmabegroting worden nieuwe investeringen met het bijbehorende investeringskrediet opgenomen in de investeringsstaat en geautoriseerd bij het vaststellen van de begroting. Om de slagvaardigheid te vergroten komt de beperking dat voor sommige kredieten nog afzonderlijke autorisatie van de raad nodig is, te vervallen. - Lid 4 (was lid 3): aan de informatieplicht van het college bij overschrijdingen wordt een percentage van 10% (met een minimum van € 10.000) gekoppeld om uitvoering van beleid bij kleine overschrijdingen niet onnodig te vertragen. - lid 6 de aanpassing betreft een nieuwe bepaling en ziet er op toe dat in tussentijdse rapportages geen nieuw beleid wordt opgenomen. - Lid 7 betreft een verschuiving van het oude lid 6.
Toelichting aanpassing artikel 6: Tussentijdse rapportage en toelichting overschrijdingen - Lid 3 is aangepast in die zin dat rapportage over afwijkingen is gekoppeld aan een percentage van 10% (met een minimum van € 10.000) en niet meer aan het concrete bedrag van € 25.000. Hiermee wordt geacht ook recht te doen het rapporteren over relatief kleinere afwijkingen. - In lid 4 (nieuw) is aangegeven welke afwijkingen in lid 3 bedoeld zijn. 2
- Lid 5 (nieuw) regelt dat autorisatie van de afwijkingen plaatsvindt in de bestuursrapportage of jaarrekening. - lid 6 is nieuw en bepaalt welk percentage en minimumbedrag van afwijkingen in de analyse van de begrotingsrechtmatigheid worden toegelicht. De betreffende analyse geeft daarmee inzage op hoofdlijnen. Voor detailinformatie is binnen de programma’s immers lid 3 van toepassing. Toelichting aanpassing artikel 7 informatieplicht Het college besluit, voor zover niet opgenomen in de begroting, niet over het toekennen van subsidies groter dan € 20.000 (was € 10.000), dan nadat de raad is geïnformeerd over het voornemen en in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. Met deze aanpassing wordt het bedrag van € 20.000 in overeenstemming gebracht met de mandaatbevoegdheid van de ambtenaren. Toelichting aanpassing afschrijvingstermijnen (bijlage 1) Voor de afschrijvingstermijn van rioleringen wordt voorgesteld een verdere onderverdeling aan te brengen in de afschrijvingstermijnen. De afschrijvingstermijn van een deel van de investeringen kan verlengd worden naar 45 jaar respectievelijk 60 jaar. Mechanisch/elektrische investeringen in gemalen en drukriolering worden conform voorliggend voorstel afgeschreven in 15 ipv 40 jaar.
De economische afschrijvingsduur van de verschillende rioleringsinvesteringen wordt hiermee in overeenstemming gebracht met de technische levensduur De economische levensduur van investeringen in de aanleg van wegen, pleinen en rotondes wordt eveneens in overeenstemming gebracht met de verwachte technische levensduur en verlengd tot 35 jaar. Geconstateerd is dat bovenomschreven afschrijvingstermijnen ook door andere gemeenten gehanteerd worden.
Kanttekeningen en risico’s: De wijziging van de artikelen 5 t/m 7 van de financiële verordening leidt niet tot risico’s. Wat betreft de verlenging van de afschrijvingstermijnen van investeringen in de aanleg van riolering, wegen, pleinen en rotondes is van belang dat voldoende aandacht en middelen beschikbaar zijn en blijven voor regulier onderhoud. Als kanttekening zij opgemerkt dat voorliggende verordening opnieuw moet worden aangepast bij invoering van de rechtmatigheidsverantwoording van het college. Op dit moment is niet duidelijk wanneer deze wetswijziging aan de orde is.
3
Financiën: Het verlengen van de afschrijvingstermijn van investeringen in wegen, pleinen en rotondes levert een budgettair voordeel op dat in de kadernota 2022 wordt verwerkt. De kosten van rioleringen worden verdisconteerd in het tarief rioolheffing. Daar waar in het vigerende plan in het jaar 2022 een gemiddelde rioolheffing werd voorzien van € 292,24 (tarief 2021 € 284 vermeerderd met 2,9%) volstaat, na verlenging van de afschrijvingstermijn naar 60 jaar, een gemiddelde heffing van € 276,80 euro. De daling bedraagt daarmee jaarlijks gemiddeld € 15,44 per aansluiting. Vervolgtraject en verantwoording: Bij positieve besluitvorming door de raad treedt de verordening in werking op 1 januari 2022. De bestaande verordening (financiële verordening gemeente Beekdaelen 2019 vastgesteld op 2 juli 2019) blijft van toepassing op de jaarstukken 2021. Communicatie: De gewijzigde verordening zal op de gebruikelijke wijze bekend worden gemaakt. Bijlagen: Meegestuurd: 1. concept financiële verordening gemeente Beekdaelen 2022; 2. bijlage 1 afschrijvingstermijnen; 3. bijlage 2 was – wordt lijst; 4. concept raadsbesluit financiële verordening gemeente Beekdaelen 2022. Burgemeester en wethouders van Beekdaelen, De secretaris,
De burgemeester,
Mevr. Mr. N.M.A. Ramaekers
Dhr. ing. E. Geurts
4