VRZL 3. Aanvullende wijzigingen Veiligheidsregio Zuid-Limbur
Tekst van het document
Bijlage 3
- Aanvullende wijzigingen Veiligheidsregio Zuid-Limburg
De Veiligheidsregio Zuid-Limburg wenst bovenop de uniforme wijzigingsvoorstellen enkele aanvullende wijzigingen aan haar gemeenschappelijke regeling door te voeren. Deze aanvullende wijzigingen worden in de onderstaande tabel toegelicht. Huidige tekst Artikel 9.3 – Organisatie en personeel 3. Voor de rechtspositie van het personeel van de Veiligheidsregio Zuid-Limburg is de CAR-UWO van toepassing.
Nieuwe tekst 3.Voor de rechtspositie van het personeel van de Veiligheidsregio Zuid-Limburg is de CAR(-UWO) Veiligheidsregio’s van toepassing.
Toelichting Dit artikel was nog niet aangepast aan de per 1 januari 2020 in werking getreden Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. Met de nu voorgestelde wijziging voldoet de regeling aan deze wet.
Artikel 10.2 – Financiële en beleidsmatige kaders Het dagelijks bestuur zendt vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan het begrotingsjaar de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de concept jaarrekening aan de raden van de gemeenten.
Het dagelijks bestuur zendt vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan het begrotingsjaar de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de gemeenten.
Artikel 10.3 – Begroting
7. Overeenkomstig het bepaalde in artikel 35, zesde lid, van de wet, is dit artikel niet van toepassing op wijzigingen van de begroting die niet leiden tot een overschrijding van de jaarlijkse bijdragen van de deelnemers.
Nieuw lid 7 en huidige lid 7 wordt lid 8
In dit artikel is geschrapt dat het dagelijks bestuur voor 30 april ook de concept jaarrekening naar de raden van de gemeenten stuurt. Dit gegeven volgde namelijk al uit artikel 10.4 dat in zijn geheel gaat over de jaarrekening. De dubbeling is er daarom uitgehaald.
Met deze wijziging wordt in de GR duidelijk gemaakt, dat begrotingswijzigingen die het budgetrecht van de deelnemers
Huidige tekst
Nieuwe tekst 8. Voor overige begrotingswijzigingen is het bepaalde in het tweede, vierde en zesde lid van dit artikel, met uitzondering van de in de leden 4 en 6 genoemde termijnen, van overeenkomstige toepassing.
Toelichting raken, voor zienswijze worden aangeboden.
Artikel 10.4 – Jaarstukken
De leden 3 en 4 zijn geschrapt.
Nu is voorgesteld de jaarrekening niet meer voor zienswijze aan te bieden, kunnen deze passages vervallen. Overigens zal de jaarrekening/ het jaarverslag wel informatief met de raden gedeeld blijven worden. Zie ook artikel 10.4, lid 1.
3. De conceptjaarrekening en het jaarverslag worden door de gemeenten voor eenieder ter inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten, algemeen verkrijgbaar gesteld. Artikel 197, tweede en derde lid Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. 4. De raden van de gemeenten kunnen vóór 1 juni bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de conceptjaarrekening en het jaarverslag naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de stukken, zoals deze aan het algemeen bestuur ter vaststelling worden aangeboden. De jaarrekening wordt vervolgens door het algemeen bestuur vastgesteld.