Voorstel / Ter kennisname Commissie
Tekst van het document
*23vra00020* 23vra00020
Ter kennisname commissie Onderwerp 4e kwartaalrapportage 2022 Sociaal Domein Korte inhoud Om verantwoord te kunnen sturen op financiën is inzicht in inhoudelijke kengetallen en trends nodig. Om deze reden is in 2020 gestart met het maken van kwartaalrapportages voor het Sociaal Domein. De kwartaalrapportage Sociaal Domein is gericht op het periodiek informeren van zowel het college als Commissie Inwonerszaken over de uitvoering Wmo, Jeugdwet en de Participatiewet inclusief schuldhulpverlening en minimabeleid zonder daaraan gekoppelde financiële cijfers. Nu ligt de 4e kwartaalrapportage 2022 Sociaal Domein voor. Uit de cijfers van deze 4e kwartaalrapportage 2022 kan het volgende afgeleid worden. Wmo In tegenstelling tot de eerste 3 kwartalen van 2022 waarbij de aantallen stabiel bleven, is in het laatste kwartaal weer een stijging te zien in het aantal cliënten met huishoudelijke ondersteuning. Wanneer gekeken wordt naar de afgelopen jaren (2020 t/m 2022), is te zien dat het aantal cliënten met Huishoudelijke Ondersteuning ZIN behoorlijk toegenomen is; van 419 cliënten in januari 2020 naar 492 cliënten in december 2022 (een stijging van 17%). Deze stijging is het gevolg van de invoering van het abonnementstarief en de vergrijzing. Het aantal cliënten met een Pgb blijft gedurende deze 3 jaar stabiel.
Door scherper te indiceren, is het wel gelukt om het aantal geïndiceerde minuten per indicatie vanaf januari 2020 te verlagen met gemiddeld 24 minuten per indicatie per week naar een gemiddelde indicatie van 154,28 minuten per week in december 2022. Ook bij de maatwerkvoorziening Begeleiding is vanaf het derde kwartaal weer een lichte stijging zichtbaar in het aantal cliënten. Wanneer gekeken wordt naar de volledige jaren 2020 t/m 2022 is een stijging zichtbaar vanaf mei 2020 (vlak na de uitbraak van Corona). Deze stijging houdt aan tot mei 2021, daarna daalt het aantal indicaties. Deze daling houdt aan t/m september 2022, daarna is weer een lichte stijging zichtbaar. Het totale aantal cliënten is op 31 december 2022 nagenoeg gelijk aan het aantal cliënten op 1 januari 2020. Wel is er in 2022 een verschuiving geweest tussen ZIN en Pgb. Er waren afgelopen jaar meer indicaties voor een Pgb, als gevolg van de nieuwe inkoop begeleiding per 1-1-2022, waarbij minder aanbieders zijn toegelaten tot het nieuwe contract. Een aantal lopende indicaties is als gevolg daarvan overgegaan van ZIN naar Pgb. De overige maatwerkvoorzieningen Wmo blijven behoorlijk stabiel qua aantallen. Kijkend naar 2020 t/m 2022 is het aantal uitstaande rolstoelen en scootmobielen in 2022 iets lager dan de voorgaande twee jaren.
Het aantal woningaanpassingen en trapliften schommelt per maand, maar per volledig jaar zijn ongeveer 80 aanpassingen verricht. De coronapandemie is nog altijd merkbaar in het collectief vervoer. Het vervoer trekt langzaam weer aan, maar het werkelijke percentage versus het begrote percentage ligt aan het einde van 2022 op slechts 68% voor de gemeente Beek. Het gemiddelde percentage van de overige gemeenten ligt op 73%. De MARAP tot en met december 2022 van Omnibuzz wordt in het voorjaar ter informatie aan de Commissie Inwonerszaken aangeboden. Jeugd De kwartaalrapportage over het vierde kwartaal 2022 maakt het beeld over 2022 compleet. Er is zichtbaar dat de daling van het aantal voorzieningen ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder heeft doorgezet. Met betrekking tot het aantal unieke cliënten dat jeugdhulp ontvangt is er een lichte toename te zien maar dit valt binnen de normale fluctuaties gedurende het jaar.
2
Rondom verblijf blijft het aantal unieke cliënten ook redelijk constant. Bij een analyse van deze cliënten valt op dat er in Q4 1 Beekse jeugdige na een crisis is ingestroomd in de zwaarste (en daarmee meest dure) vorm van verblijf. Doordat het totaalbeeld over 2022 nu compleet is, wordt het ook mogelijk om vergelijkingen te gaan maken met voorgaande jaren op basis van beschikbare data. Specifiek voor ambulante jeugdhulptrajecten zagen we in 2021 een flinke toename van de zorgzwaarte van de ingezette zorg. Hieraan gekoppeld zat dan ook een flinke stijging van de zorgkosten. Over het jaar 2022 is te zien dat deze toename qua zwaarte niet doorzet maar lijkt er weer een stabilisatie op te treden. Rondom verblijf was er in 2021 ook sprake van een toename van het aantal jeugdigen met verblijf ten opzichte van eerdere jaren waarbij ook de zwaardere vormen van verblijf meer zijn ingezet. Vanwege de Wet Wijziging Woonplaatsbeginsel zijn er per 2022 wat wijzigingen opgetreden in de verantwoordelijke gemeente voor jongeren in verblijf. Qua zorgzwaarte op het gebied van verblijf was er over 2022 zichtbaar dat er lichtere vormen van verblijf zijn ingezet. Update rondom pilot instroom en doorstroom jeugdhulp Beek - jeugdconsulent met specifieke taak Zoals in de vorige update aangegeven zijn de consulenten die invulling geven aan de pilot in november 2022 van start gegaan.
Direct in de beginfase zijn de Beekse huisartsenpraktijken per brief geïnformeerd over de pilot en de concrete invulling ervan. Hierop volgend hebben de consulenten ook nog fysiek (door aansluiten bij overlegvormen) danwel via digitale wijze contact gehad met alle praktijken om een nadere toelichting te verzorgen. Ook de verwijzers vanuit de verwijsroute van de Gecertificeerde Instellingen zijn middels een presentatie geïnformeerd over de pilot. Inmiddels laat de pilot zowel kwantitatief als kwalitatief de eerste positieve resultaten zien. Zo zijn de pilotconsulenten betrokken (geweest) bij 37 casussen van Beekse jongeren met zorgvragen. In de periode sinds de start tot en met 1 maart 2023 is er reeds een besparing gerealiseerd van € 59.171,-. Deze besparing bestaat enerzijds uit administratieve correcties van toekenningen die door zorgaanbieders eerder afgesloten zijn, uit analyses naar voren kwamen en na onderzoek aangepast konden worden. Anderzijds gaat het ook om besparingen omdat uit onderzoek is gebleken dat de duur en intensiteit van geleverde zorg door een zorgaanbieder anders is dan beschikt en daardoor naar beneden bijgesteld kon worden. In kwalitatieve zin zijn er verbeteringen zichtbaar doordat de rol van team jeugd bij de ondersteuning van ouders en jeugdigen steeds duidelijker wordt. Hierdoor is er sneller sprake van afstemming onderling.
Specifiek voor huisartsen heeft er merkbaar een kennisvergroting plaatsgevonden van de mogelijkheden op jeugdvlak en kunnen er verbeterpunten ten behoeve van het proces gedefinieerd worden. Tijdens de vergadering van 11 april a.s. van de Commissie Inwonerszaken zullen de consulenten die invulling geven aan de pilot zich voorstellen en een presentatie verzorgen rondom de gekozen aanpak en de eerste resultaten. Participatie inclusief schuldhulpverlening en minimaregelingen In het vierde kwartaal van 2022 is het bijstandsvolume afgenomen tot 227, het laagste niveau sinds enkele jaren. Naast het aanvaarden van arbeid in een dienstbetrekking hebben ook diverse andere redenen aan deze daling bijgedragen. Belangrijk hierbij te vermelden is dat de belangrijkste reden voor de instroom tevens het niet hebben van/wegvallen van inkomen betreft. Bij de bijzondere bijstand blijven de kosten voor leenbijstand en de bewindvoering structureel de belangrijkste kostenposten. Incidenteel zijn de kosten voor de energietoeslag cumulatief meer dan €900.000,-. Met de uitvoering van deze tijdelijke rijksmaatregel is het overgrote gedeelte van de door het rijk geduide doelgroep ook daadwerkelijk bereikt (doelgroep zijn de huishoudens met een inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm).
Het aantal cliënten dat via het participatiebedrijf Vidar in een traject zit tot ontwikkeling naar passende arbeid/ participatie vertoont een stabiel patroon. Voor de toename van cliënten in de leeftijd van 56 – 64 jaar is geen specifieke verklaring te geven. Het arbeidsmarktbeleid voor Zuid- Limburg “Perspectief op werk” is aangepast waardoor die mensen met een uitkering die arbeidsfit zijn, direct te bemiddelen zijn naar betaalde arbeid. Dit beleid wordt ook in 2022 actief voortgezet. Deze werkwijze is ook in het 4e kwartaal van 2022 uitgevoerd.
-3-
Net als in het derde kwartaal liggen de cijfers van het vierde kwartaal 2022 over de schuldhulpverlening en budgetbeheer hoger dan in de vergelijkbare periode in 2021. Dit effect zal zich in het komende maanden naar verwachting doorzetten, vanwege de algemene tendens van zorgen om het kunnen betalen van de lasten van burgers en ondernemers. Prijsstijgingen en inflatie, met name op het terrein van kosten voor energie, zijn hier debet aan. In het vierde kwartaal is via Stichting Leergeld opnieuw voorzien in Fashioncheques voor Beekse kinderen tot 18 jaar die leven in armoede. Ongeveer 250 kinderen zijn voorzien van deze cheque. Daarnaast heeft dit jaar opnieuw een particuliere onderneming aanvullend een speelgoedbon aangeboden aan deze kinderen.
Beslispunten Kennisnemen van de 4e kwartaalrapportage 2022 Sociaal Domein