Bijlage Nota VVE gemeente Beek 2024-2027
Tekst van het document
VOOR- EN VROEGSCHOOLSE EDUCATIE GEMEENTE BEEK 2024-2027
Gemeente Beek Afdeling Samenleving Raadhuisstraat 9 6191 KA BEEK Tel. 046-4389222 www.gemeentebeek.nl Oktober 2023
0
Inhoud INLEIDING HOOFDSTUK 1 Huidig VVE-beleid 1.1 Kindaantallen 1.2 VVE-aanbod HOOFDSTUK 2 UITGANGSPUNTEN VVE 2.1 Relevantie VVE 2.2 Wet OKE HOOFDSTUK 3 VVE-beleid gemeente Beek 3.1 Doelgroepkind, CBS-indicatoren 3.1.1. Definitie doelgroepkind 3.2 Bereik 3.3 Toeleiding 3.4 Doorgaande lijn 3.5 Resultaten 3.6 VVE coördinatie op gemeentelijk niveau 3.7 Integraal VVE-programma 3.8 Ouderbetrokkenheid 3.9 Externe zorg 3.10 Interne kwaliteitszorg voor- en vroegscholen 3.11 Systematische evaluatie en verbetering van VVE op gemeentelijk niveau 3.12 Toezicht kwaliteit VVE-aanbod 3.13 Gemeentelijk VVE-subsidiekader HOOFDSTUK 4 Overlegstructuur VVE 4.1 LEA-overleg 4.2 VVE-werkgroep 4.3 Koppeloverleg 4.4 Begeleiding externe adviseur 4.5 Organigram van de overlegstructuur VVE Gemeente Beek HOOFDSTUK 5 Doelstellingen VVE beleidsplan 2024-2027 HOOFDSTUK 6 Financiën 6.1 Rijksbijdrage VVE en gemeentelijk budget peuteraanbod 6.2 Subsidieregeling Peuteropvang en VVE gemeente Beek 6.3 Overzicht financiën vanuit doelstellingen VVE beleidsplan 2024-2027
2 3 3 4 5 5 5 6 6 6 6 7 7 8 8 8 8 9 9 9 9 9 11 11 11 11 12 13 14 16 16 16 17
1
INLEIDING De peuteropvang in de gemeente Beek heeft zich ontwikkeld tot een hoogwaardig educatief aanbod voor twee- en driejarigen. De inzichten over het belang van een goed educatief aanbod voor de ontwikkeling van jonge kinderen is gemeengoed bij de partners die peuteropvang bieden en de samenwerkingspartners onderwijs, GGD/JGZ, bibliotheek De Domijnen en de gemeente. Door in te zetten op een goed aanbod in een ‘rijke’ speelomgeving worden kansen geboden voor (jonge) kinderen om mee te doen en een goede startpositie voor het basisonderwijs te verwerven. Binnen dit gedachtengoed bleek de ontdekking van een Amerikaanse econoom, Heckman1, een extra maatschappelijke relevantie te bieden. Hij berekende dat naarmate de maatregelen om de ontwikkeling van kinderen te stimuleren vroeger ingezet werden, de effecten in termen van bruto nationaal product groter waren. Deze ontdekking heeft ook in Nederland geleid tot een grotere waardering voor het werken met jonge kinderen in de peuteropvang. De gemeente Beek heeft vier locaties met een VVE-peuteraanbod en wel bij De Bron (peuteropvang) in Neerbeek (anderhalve groep), KDV Eigen-Wijs in Spaubeek (één groep), PO Baeks Kompas in Beek (één groep) en BieNeeke Peuteropvang/ Kinderopvang in Genhout (één groep).
Met de realisatie van het VVE-aanbod in de peuteropvang is, met middelen van het rijk en de gemeente Beek, een kwaliteitsslag gemaakt: Peuters met een VVE-indicatie ontvangen gedurende vier dagdelen een educatief, methodisch aanbod; De peuteropvang met VVE-aanbod wordt begeleid door twee professionele krachten met een VVE-opleiding; In de voorliggende nota wordt het VVE-beleid geformuleerd voor de periode 2024 tot en met 2027. Het beleid 2024-2027 is een vervolg op de notitie: Peuterspeelzaalwerk gemeente Beek en Voor- en Vroegschoolse educatie 2012-2014. In de tussenliggende periode is het geformuleerde beleid uit bovenstaande nota steeds voortgezet. Het beleid dat nu voorligt is conform de eisen van de huidige wetgeving en gebaseerd op de verworvenheden van de gerealiseerde kwaliteitsslag van het VVE-aanbod zoals dat door de Beekse aanbieders van peuteropvang wordt verzorgd sinds 2010. Tevens heeft er in de periode februari 2023 – mei 2023 een onderzoek plaatsgevonden bij de VVEaanbieders (zowel voor- als vroegschool) binnen de gemeente Beek en GGD/JGZ naar de huidige stand van zaken en behoeften. Begin juni 2023 zijn de bevindingen van dit onderzoek gedeeld met voor- en vroegscholen binnen de gemeente Beek. Deze bevindingen en behoeften zijn meegenomen in voorliggend beleid.
1
https://heckmanequation.org/resource/early-childhood-education-quality-and-access-pay-off/
2
HOOFDSTUK 1 Huidig VVE-beleid
1.1 Kindaantallen Tabel 1: Aantal kinderen tot 4 jaar volgens de Basisregistratie Personen op peildatum 01-08-2023
Beek-Oost Beek-West Genhout Geverik-Kelmond Neerbeek Spaubeek Totaal
0 49 40 7 4 23 23 146
Leeftijd op 01-08-2023 1 2 47 46 22 16 11 4 3 2 13 12 27 33 123 113
Totaal 183 105 30 11 70 103 502
3 41 27 8 2 22 20 120
In de bovenstaande tabel staat het aantal kinderen van 0 tot 4 naar kern/wijk uitgesplitst. Het aantal geboren kinderen is het laatste jaar toegenomen in met name Beek-West en Neerbeek. Spaubeek laat een dalende lijn zien. Het aantal twee- en driejarigen is in totaal 233. . Tabel 2: VVE-indicaties in Beek op peildatum 01-08-2023
Locatie
VVEindicatie
VVE Voorschool
Baeks Kompas Beek BieNeeke Genhout De Bron Neerbeek Eigen-Wijs Spaubeek Elders Totaal
Geen VVE Voorschool 9 2 19 2 4
61
36
4
Aangemeld
Afgemeld
7
5
4 1
1 2 1
12
9
Toelichting begrippen tabel 2: Elders: VVE-aanbieders buiten de gemeente Beek VVE-indicatie: 2- en 3-jarigen met een (risico op een) (taal)ontwikkelingsachterstand, afgegeven door de JGZ (consultatiebureau) VVE Voorschool: het aantal VVE-geïndiceerde peuters dat gebruik maakt van het VVE-aanbod Geen VVE Voorschool: het aantal VVE-geïndiceerde peuters dat geen gebruik maakt van het VVEaanbod Aangemeld: de aanmeldprocedure bij de VVE-locatie is afgerond, maar de peuter is nog niet gestart Afgemeld: kinderen die in de zomervakantie 4 jaar zijn geworden (en na de zomervakantie zijn gestart op de basisschool)
3
1.2 VVE-aanbod Het college van burgemeester en wethouders heeft op 8 april 2008 besloten VVE aan te bieden op vier locaties, te weten; Peuterpeelzaal De Bron in Neerbeek (nu De Bron (peuteropvang), Peuterspeelzaal Dolfijn in Spaubeek (nu KDV Eigen-Wijs), Peuterspeelzaal ‘t Eigenwijsje in Beek (nu PO Baeks Kompas) en peutercentrum Duimelot in Genhout. Dit betekende dus dat de gemeente Beek vier peutergroepen VVE kreeg met een capaciteit van elk 16 kinderen. Met de intreding van de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk, ingaande 1 januari 2018, zijn de peuterspeelzalen kinderopvang geworden en zijn de namen van de locaties aangepast. Op 1 maart 2020 heeft BieNeeke peuteropvang/kinderopvang in Genhout de locatie van Duimelot overgenomen. Het wettelijk gesubsidieerd aanbod van voorschoolse educatie voor VVE-geïndiceerde peuters is per 1 augustus 2020 uitgebreid van 320 uur per jaar naar 960 uur in 1,5 jaar, voor kinderen tussen 2,5 en 4 jaar. In de praktijk betekent dit een aanbod verdeeld over vier dagdelen per week. In de gemeente Beek kan een peuter al met 2 jaar deelnemen aan een VVE-aanbod.
Het VVE-aanbod kenmerkt zich dus door een omvang van vier dagdelen in de peuteropvang en is gebaseerd op een VVE-aanbod waarbij op gestructureerde wijze de mondelinge taal, motorische activiteiten, ontluikende geletterdheid en gecijferdheid wordt aangeboden vanuit een erkende VVEmethodiek. In de peutergroepen met een VVE-aanbod (16 peuters) zijn twee VVE-geschoolde pedagogisch medewerkers aanwezig. Ook het peuteraanbod zonder VVE moet aan de beroepskrachtkind ratio van 1 pedagogisch medewerker op 8 kinderen voldoen. De gemeente Beek vindt samen met de partners van de kinderopvang, het onderwijs, de GGD/JGZ en bibliotheek De Domijnen dat aandacht voor de ontwikkeling van de jongste inwoners cruciaal is. De gemeente wil kinderen een kansrijk perspectief bieden. Kinderen moeten zich veilig voelen en opgroeien in een omgeving die ze prikkelt, stimuleert en de ruimte biedt om op ontdekkingstocht te gaan. Jonge kinderen hebben dat nodig; zij leren door te spelen, onderzoeken en ontdekken. VVEgeïndiceerde peuters krijgen extra begeleiding in een heterogene peutergroep waar ook peuters zitten zonder VVE-indicatie. De ontwikkeling van kinderen vindt op meerdere plekken plaats: thuis, op de kinderopvang, op de scholen, in de openbare ruimte en in club-of verenigingsverband. Met name de peuterjaren zijn van groot belang voor de ontwikkeling van kinderen.
Uit diverse onderzoeken (zoals het genoemde onderzoek van Heckman in de inleiding) blijkt dat eenmaal opgelopen achterstanden op deze leeftijd later erg moeilijk zijn in te lopen. Met extra aandacht en hulp in korte tijd wordt gestreefd om de ontwikkelingsachterstand van jonge kinderen voor zover als mogelijk te beperken. De rol van ouders2 bij het stimuleren van de ontwikkeling van een kind is essentieel. Ouders zijn daarom belangrijke partners bij het realiseren van het doel om (het risico op) de ontwikkelingsachterstand te verkleinen of te beperken. De kinderopvangorganisaties in de gemeente Beek zijn sinds 2008 de partner in het aanbod van voorschoolse educatie. De pedagogisch medewerkers van de kinderopvang werken nauw samen met de ouders en daar waar er zorgen zijn over de ontwikkeling van een kind, wordt samengewerkt met partners zoals de GGD/JGZ en de basisscholen. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid dat alle kinderen een goede start op de basisschool kunnen maken. Vooral jonge kinderen met een risico op achterstand in de Nederlandse taal hebben een specifieke voorbereiding nodig, voordat ze de stap maken naar de basisschool. Dit wordt voorschoolse educatie genoemd. Vervolgens is er vroegschoolse educatie in de groepen 1-2. Ook daar krijgt een kind specifieke ondersteuning, als dat nodig is. 2
Met ouders wordt bedoeld ouders/verzorgers/opvoeders
4
HOOFDSTUK 2 UITGANGSPUNTEN VVE
2.1 Relevantie VVE Jonge kinderen kunnen een taalachterstand oplopen door hun sociale of economische achtergrond. In het basisonderwijs lopen deze kinderen hun taalachterstand niet of nauwelijks in. Wanneer al in de peutergroep peuters een gestructureerd educatief aanbod volgen en begeleid worden door VVE opgeleide pedagogisch medewerkers, dan vergroot dit de kansen voor die peuters. Peuters die een VVE-aanbod hebben gehad in de peutergroep, hebben een betere start in de groepen 1-2 van de basisschool (de vroegschool). Het uiteindelijke doel van VVE is dat na het volgen van een VVEaanbod in de peutergroep én specifieke begeleiding in groep 1-2, kinderen mee kunnen met het leren van basisvaardigheden (lezen, rekenen, schrijven) in groep 3. In de gemeente Beek is sprake van geïntegreerde groepen peuteraanbod. Een goed (taal)aanbod is voor alle peuters van belang. De VVE-geïndiceerde peuters krijgen meer dagdelen en indien nodig extra begeleidingsplannen.
2.2 Wet OKE De Wet OKE (ontwikkelingskansen door kwaliteit en educatie) omvat een aantal wijzigingen in met name drie wetten: de Wet kinderopvang, de Wet op het onderwijstoezicht en de Wet op het primair onderwijs. Van daaruit worden nieuwe, specifieke eisen opgelegd met betrekking tot de inrichting van reguliere peuteropvang, peuteropvang met een voorschools educatief aanbod, een vroegschools aanbod en de samenwerking tussen de VVE-partners. Sinds 2010 is de Wet OKE van kracht en nog steeds leidend voor de inrichting van kinderopvang met (VVE) peuteropvang. De Wet OKE heeft een drieledig doel: 1. een wettelijke grondslag voor de inrichting van het peuterwerk in geharmoniseerde groepen kinderopvang-peuteropvang; 2. financiële toegankelijkheid van het peuterwerk; en een 3. breder en beter aanbod van voorschoolse educatie. Daarbij heeft de gemeente de regiefunctie bij het realiseren van het onderwijsachterstandenbeleid.3 De gemeente moet jaarlijks een overleg organiseren met schoolbesturen voor primair en voortgezet onderwijs en houders van kinderopvanglocaties over het voorkomen van segregatie, het bevorderen van integratie, het bestrijden van onderwijsachterstanden en het afstemmen van de inschrijvings-en toelatingsprocedures.4 Dit overleg wordt ook wel de Lokaal Educatieve Agenda (LEA) genoemd.
Dit overleg moet gericht zijn op het maken van afspraken, die zoveel mogelijk het karakter hebben van meetbare doelen.
3 Het onderwijsachterstandenbeleid is bedoeld om leerachterstanden te voorkomen en om eenmaal opgelopen achterstanden
te verminderen, onder meer door voor- en vroegschoolse educatie. 4 https://www.onderwijsinspectie.nl/documenten/publicaties/2022/12/21/factsheet-jaarrapportage-lea-vve-2021 .
5
HOOFDSTUK 3 VVE-beleid gemeente Beek Het VVE-beleid van de gemeente Beek wordt per kwaliteitsgebied in dit hoofdstuk uitgewerkt vanuit het waarderingskader VVE gemeentelijk niveau.5
3.1 Doelgroepkind, CBS-indicatoren Het VVE-aanbod in Beek is erop gericht de ontwikkeling van kinderen te stimuleren die opgroeien in een omgeving waar weinig aandacht is voor de ontwikkeling van deze kinderen in het algemeen en de ontwikkeling van de Nederlandse taal in het bijzonder. Dit met de bedoeling hen een betere startkans te geven bij de aanvang van de basisvaardigheden in groep 3. Bij de bekostiging gaat het Rijk uit van een achterstandsscore. De gemeente Beek volgt de criteria van het CBS als basis waarop een kind als doelgroepkind (kind met VVE-indicatie) kan worden aangemerkt. De indicatoren om het risico op onderwijsachterstanden te voorspellen zijn sinds 2019 vernieuwd. Dit zijn de zogeheten CBS-indicatoren. De indicatoren zijn: - opleidingsniveau van ouders of primaire verzorgers; - het land van herkomst van de ouders; het aantal jaar dat de moeder in Nederland woont; - gemiddeld opleidingsniveau van moeders van kinderen van de basisschool; en - ouders in schuldsanering.
3.1.1. Definitie doelgroepkind In het verlengde van het bovenstaande wordt in de gemeente Beek een doelgroepkind voor voorschoolse educatie gedefinieerd als: Kind in de leeftijdsfase 2-4 jaar dat het risico loopt op een ontwikkelingsachterstand, met name op het gebied van spraaktaalontwikkeling als gevolg van de invloed van de omgevingsfactoren op de (spraaktaal)ontwikkeling. Dit betekent dat de peuters geïndiceerd vanuit de CBS-criteria tot doelgroeppeuters behoren en dit is een zogenaamde brede doelgroepdefinitie. De brede doelgroepdefinitie betekent dus dat naast taalachterstanden ook indicatoren gelden die te maken hebben met de opvoedingssituatie waarin een kind opgroeit. Kinderen met een fysieke, verstandelijke en/of emotionele handicap behoren niet tot de doelgroep van het voorschoolse aanbod. De hulp die deze groep kinderen nodig heeft, kan niet gerealiseerd worden binnen dit aanbod.
3.2 Bereik GGD/JGZ draagt zorg voor de registratie van doelgroepkinderen en bespreekt structureel met doelgroepouders manieren hoe zij gebruik kunnen maken van het VVE-aanbod op de VVE-locaties.
5 https://www.nji.nl/voor-en-vroegschoolse-educatie-vve/waarderingskader-vve-gemeentelijk-niveau
6
Het gerealiseerde bereik wordt door GGD/JGZ gemonitord en afgestemd met de werkgroep VVE gemeente Beek. In 2023 zijn er 64 plekken waar VVE-geïndiceerde peuters kunnen worden opgevangen. Daar waar pedagogisch medewerkers van een peutergroep vermoeden dat bij een peuter sprake is van een (taal)risico wordt contact opgenomen met de GGD/JGZ met de vraag of deze voor een extra consult wordt opgeroepen en alsnog een VVE-indicatie kan krijgen. Voor een goed begrip is het noodzakelijk nogmaals te benadrukken dat er pas sprake is van VVE als een kind daadwerkelijk voor vier VVE dagdelen wordt ingeschreven. Als er wegens plaatsgebrek nog geen ruimte is voor vier dagdelen kan een 2-jarige peuter wel starten met VVE met het perspectief dat binnen een half jaar de vier dagdelen kunnen worden aangeboden. Als er sprake is van zijinstroom van een 3-jarige die VVE-indicatie heeft, kan er in overleg maatwerk geboden worden. Er wordt inspanning geleverd om ieder (doelgroep-)kind te bereiken. De gemeente Beek heeft de ambitie om tenminste 90% van de VVE-doelgroep aan het voorschoolse aanbod te laten deelnemen. Bij de gehele toeleiding zal dus om extra inspanning worden gevraagd van zowel GGD/JGZ als de VVE-aanbieders in het promoten van VVE. De gemeente kan op dit gebied haar steentje bijdragen door, in samenwerking met GGD/JGZ en de VVE-aanbieders, foldermateriaal beschikbaar te stellen.
Om de daadwerkelijke deelname financieel mogelijk en op zijn minst aantrekkelijk te maken geldt dat voor kinderen die van de GGD/JGZ een VVE-indicatie hebben gekregen een verlaagde ouderbijdrage geldt, zoals in paragraaf 3.13 staat omschreven.
3.3 Toeleiding De GGD/JGZ draagt zorg voor de indicering en registratie van doelgroepkinderen en zij bespreekt structureel met doelgroepouders hoe zij gebruik kunnen maken van het VVE-aanbod op de VVElocaties. Doelgroepouders worden bij het 18-maanden consult op het consultatiebureau geattendeerd op de mogelijkheden en de waarde van een voorschools aanbod voor hun kind. Dit zal de toeleiding van de doelgroepkinderen al in de hand werken. Daarnaast worden ouders door VVE-aanbieders gestimuleerd, wanneer er geen indicatie is afgegeven maar professionals dit wel nodig achten (signaleringsfunctie) of wanneer VVE-geïndiceerde kinderen maar twee dagdelen gebruik maken van de opvang. Echter, wanneer een kind een VVEindicatie heeft, maar niet op de voorschool aangemeld is, is JGZ aan zet. Doelgroepkinderen hebben voorrang bij plaatsing in een VVE-groep. In de gemeente Beek is sprake van geïntegreerde groepen peuteraanbod. Een goed (taal)aanbod is voor alle peuters van belang. Met GGD/JGZ is een werkinstructie gemaakt over toeleiding en bereik van doelgroeppeuters en deze afspraken worden jaarlijks geëvalueerd en indien nodig herzien.
3.4 Doorgaande lijn Een soepele doorgaande lijn van voor- naar vroegschool is belangrijk voor succesvolle VVE. Er is in de gemeente Beek een kwaliteitskaart ontwikkeld met de werkafspraken tussen scholen en VVEpeutergroepen over onder meer: de samenwerking; de doorgaande lijn in het VVE-aanbod; de warme overdracht; 7
de pedagogische-educatieve afstemming; de doorgaande zorg; en de ouderparticipatie.
De afgelopen jaren hebben de Intern Begeleiders (IB-ers) van de basisscholen de kwaliteitskaart ingevuld. Het is de bedoeling om vanaf schooljaar 2023-2024 de kwaliteitskaart jaarlijks met de voorschoolse partners te actualiseren. Hiervoor sluiten de leidinggevenden van de kinderopvanglocaties aan bij het Beeks IB-overleg. Vervolgens dient de kwaliteitskaart als onderlegger voor het locatieplan dat door de koppels jaarlijks wordt vastgesteld. Met koppels worden de voor- en vroegschoolse partners bedoeld die een locatie delen. In het locatieplan worden gezamenlijke actiepunten/doelen per schooljaar afgesproken. In het kader van kwaliteitszorg wordt het locatieplan structureel met elkaar besproken en worden de actiepunten tussentijds geëvalueerd en zo nodig bijgesteld. Aan het einde van het schooljaar volgt dan een eindevaluatie en worden (nieuwe) actiepunten voor het volgend schooljaar afgestemd. Binnen dit locatieplan kan het scholingsplan voor voorschoolse locaties een plek krijgen.
3.5 Resultaten De resultaatafspraken voor- en vroegschool zijn vastgelegd in het VVE-convenant gemeente Beek. Het VVE-convenant wordt met deze beleidsnota herzien en voor de periode 2024-2027 vastgesteld.
3.6 VVE coördinatie op gemeentelijk niveau De gemeente is regievoerder voor VVE en vormt samen met de VVE-partners de VVE-werkgroep. Binnen deze werkgroep vinden evaluaties plaats en worden nieuwe voorstellen besproken. Naast de VVE-werkgroep zijn er nog andere overlegvormen. In hoofdstuk 4 staat een nadere uitwerking van de overlegstructuur.
3.7 Integraal VVE-programma De gemeente Beek vindt het belangrijk dat alle peuters in de gemeente een goed aanbod krijgen. Vandaar dat de locaties in de gemeente Beek gebruik maken van erkende VVE-methodes/ methodieken: Speelplezier (Spaubeek en Genhout) en Uk & Puk (Beek en Neerbeek). Een aanbod waar peuters spelenderwijs bezig zijn met de domeinen mondelinge taal, motorische activiteiten, ontluikende geletterdheid en gecijferdheid. Op elke VVE-locatie is sprake van een kwalitatief aanbod voor alle peuters van 2 tot 4 jaar. VVEgeïndiceerde peuters krijgen meer dagdelen aan begeleiding (960 uur tussen 2,5 en 4 jaar) en vanuit ondersteuningsbehoefte een specifiek begeleidingsplan. De ontwikkeling van de individuele peuter wordt gevolgd met een observatie-registratiesysteem en er is structureel overleg over de voortgang met ouders en GGD/JGZ.
3.8 Ouderbetrokkenheid Ouderbetrokkenheid is een onderdeel van de VVE-kwaliteitskaart (zoals beschreven in paragraaf 3.4) en de locaties nemen ouderbetrokkenheid mee in het koppeloverleg. Ouders moeten actief mee kunnen doen met ontwikkelingsstimulerende activiteiten van VVE-geïndiceerde peuters. Zo profiteren peuters meer van het aanbod. De gemeente moet een heldere analyse hebben van de ouderpopulatie. 8
3.9 Externe zorg De basisscholen in de gemeente Beek hebben een knooppunt 4-12 jarigen. Dit is een samenwerking tussen allerlei partijen die betrokken zijn bij kinderen om leerlingen te bespreken waar zorgen over bestaan. Vanuit de VVE-partners bestaat een grote behoefte aan een knooppunt 0-4 jarigen. Het gaat om een structurele samenwerking van ketenpartners die betrokken zijn bij kinderen tussen 0-4 jaar en hun ouders. In 2024 zal een knooppunt 0-4 jaar ingericht worden. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van de expertise van het knooppunt 4-12 jaar.
3.10 Interne kwaliteitszorg voor- en vroegscholen De gemeente Beek maakt afspraken met de aanbieders van VVE en het onderwijs die worden vastgelegd in de kwaliteitskaart VVE van de VVE-aanbieders in gemeente Beek (zie paragraaf 3.4).
3.11 Systematische evaluatie en verbetering van VVE op gemeentelijk niveau Kwantitatieve en kwalitatieve gegevens moeten systematisch worden verzameld, zodat de VVEwerkgroep inzicht krijgt in de kwaliteit en de effecten van het gemeenschappelijk gerealiseerde VVEaanbod. Zo kan deelname aan het voorschoolse aanbod van alle kinderen in Beek worden bijgehouden vanaf zeer jonge leeftijd en kunnen verbetervoorstellen worden gedaan. Een nauwkeurige registratie van doelgroepkinderen, het voorschoolse en vroegschoolse aanbod dat kinderen volgen, alsmede de resultaten daarvan op hun ontwikkeling, zijn van groot belang voor de evaluatie en bijsturing van het gemeentelijk VVE-beleid. In dat licht is het de ambitie van de gemeente Beek om - bij voorkeur in regionale samenhang - gebruik te kunnen maken van een VVE-monitor, waarin gegevens van kinderen uit de voor- en vroegschoolse periode systematisch worden verzameld.
3.12 Toezicht kwaliteit VVE-aanbod De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de kwaliteit van de uitvoering van voorschoolse educatie en de vroegschoolse educatie (groep 1 en 2). Ook houdt de onderwijsinspectie toezicht op de wijze waarop de gemeenten de verplichtingen vanuit het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (goab), waaronder voorschoolse educatie, nakomen. De onderwijsinspectie kijkt naar alle aspecten die relevant zijn voor de kwaliteit van voor- en vroegschoolse educatie, waarbij er een onderscheid gemaakt wordt tussen het gemeentelijk niveau en het locatieniveau. De GGD beoordeelt jaarlijks of locaties voldoen aan de basisvoorwaarden voorschoolse educatie. De gemeente Beek heeft hierover afspraken gemaakt met de GGD Zuid-Limburg.
3.13 Gemeentelijk VVE-subsidiekader De gemeente Beek heeft op 21 juli 2020 de Subsidieregeling Peuteropvang en VVE gemeente Beek 2020, incl. bijlagen vastgesteld.
9
Het doel van deze regeling is om ouders te stimuleren hun kinderen een voorschoolse voorziening te laten bezoeken en te laten deelnemen aan een voorschools programma. Jaarlijks stelt het college de hoogte vast van: a. het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar; b. de maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor peuteropvang; c. de bruto-ouderbijdrage; d. de gemeentetoeslag; e. de VVE subsidie voor extra uren VVE aanbod; f. maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang. De gemeentetoeslag vervangt de kinderopvangtoeslag voor ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag en borgt voor kinderen uit deze gezinnen de toegankelijkheid. De VVE-subsidie borgt dat kinderen met een onderwijsachterstandsrisico geen financiële belemmeringen hebben om een extra VVE-aanbod van 320 uur per jaar te volgen. Voor de twee extra dagdelen betalen de ouders geen ouderbijdrage.
10
HOOFDSTUK 4 Overlegstructuur VVE De gemeente heeft de volgende overleggremia ingericht: LEA-overleg, VVE-werkgroep en koppeloverleg. In deze gremia dienen de ontwikkelingen rond VVE structureel aan de orde komen. Hieronder een uiteenzetting van de gremia, aansluitend weergegeven in een organigram.
4.1 LEA-overleg Allereerst wordt in dit kader het LEA-overleg genoemd. LEA staat voor Lokale Educatieve Agenda. Dit is een jaarlijks overleg waarin bestuurlijke vertegenwoordigers van kinderopvang, basisscholen, schoolbestuur Kindante, de manager GGD/JGZ/consultatiebureau, bibliotheek en de gemeente zitting hebben. Dit overleg staat onder voorzitterschap van de portefeuillehouder onderwijs. Er wordt gesproken over het voorkomen van segregatie, het bevorderen van integratie, het bestrijden van onderwijsachterstanden en het afstemmen van de inschrijvings-en toelatingsprocedures. Het overleg is gericht op het maken van afspraken, die zoveel mogelijk het karakter hebben van meetbare doelen.
4.2 VVE-werkgroep De VVE-werkgroep is de spil tussen het LEA-overleg en het koppeloverleg en komt 3 à 4 keer per jaar bij elkaar. De werkgroep bestaat uit leidinggevenden van de kinderopvang, IB-ers van de basisscholen in de gemeente Beek, de adviseur onderwijs van Kindante, GGD/JGZ, de Domijnen, een extern adviseur en de gemeente Beek. Afhankelijk van de inhoud van de agenda wordt bekeken of deelnemers het juiste mandaat hebben, waardoor incidenteel directie ook aanwezig kan zijn. Binnen de gemeente Beek bevindt zich ook kinderopvang Ut Buurke. Zij zijn geen VVE-aanbieder en hebben dan ook geen zitting in het LEA-overleg of koppeloverleg. Echter, nemen zij wel deel aan de VVE-werkgroep om op de hoogte te blijven van ontwikkelingen binnen de gemeente en mee te kunnen bewegen in kwaliteitsvraagstukken. Deze werkgroep bereidt het LEA-overleg voor en neemt informatie vanuit het koppeloverleg mee naar de werkgroep. In de werkgroep wordt de praktijk uitgewisseld van de VVE-koppels en wordt gezocht naar gemeenschappelijke oplossingen voor ervaren knelpunten. De eerder beschreven kwaliteitskaart en het locatieplan zijn documenten die door de VVE-werkgroep worden gemonitord.
4.3 Koppeloverleg Tot slot kent de gemeente Beek het “koppeloverleg”. Dit is het bilaterale overleg tussen de pedagogisch medewerkers en pedagogisch coach van de peutergroep en de leerkrachten en IB-er van groep 1-2 van de basisschool waarmee concreet samengewerkt wordt. Incidenteel kan dit overleg met leidinggevenden van voor- of vroegschool uitgebreid worden. Het overleg is met name gericht op de locatieplannen met de locatiespecifieke actiepunten, zoals bv. de concrete voorbereiding van de VVE- thema’s die gezamenlijk gedaan worden en de bespreking van individuele zorgkinderen. Indien de inhoud erom vraagt, kan een extern adviseur (BCO) toegevoegd worden aan het koppeloverleg.
11
4.4 Begeleiding externe adviseur De externe adviseur van BCO begeleidt de VVE-werkgroep. Deze komt 3 à 4 keer per schooljaar samen en wordt voorbereid en voorgezeten door de externe adviseur. Tevens zal elke locatie een keer begeleid worden door de externe adviseur rondom het opstellen en gebruiken van de locatieplannen. Tot slot is de externe adviseur op afroep beschikbaar voor de beleidsadviseur van de gemeente.
12
4.5 Organigram van de overlegstructuur VVE Gemeente Beek
LEA-overleg
Bestuurlijke vertegenwoordiging kinderopvang MIK & PIW Groep/Spelenderwijs en BieNeeke
Bestuurlijke vertegenwoordiging scholen (directie)
Bestuurlijke vertegenwoordiging schoolbestuur Kindante
Unit-hoofd GGD/JGZ/consultatiebureau
Leidinggevende bibliotheek De Domijnen
Portefeuillehouder gemeente Beek
VVE-werkgroep
Leidinggevenden kinderopvang MIK & PIW Groep/Spelenderwijs, BieBeeke en Ut Buurke
IB-ers scholen Gemeente Beek
Adviseur onderwijs van stichting Kindante
Coördinator VVE GGD/JGZ
Vertegenwoordiging Bibliotheek De Domijnen
Extern adviseur (BCO)
Beleidsadviseur Gemeente Beek
Incidenteel leidinggevende voor- en/ of vroegschool
Koppeloverleg Pedagogisch medewerkers voorschoolse locatie
Pedagogisch coach voorschoolse locatie
Leerkrachten groep 1-2 vroegschoolse locatie
IB-er groep 1-2 vroegschoolse locatie
Incidenteel leidinggevende voor- en/ of vroegschool
Op afroep extern adviseur (BCO)
13
HOOFDSTUK 5 Doelstellingen VVE beleidsplan 2024-2027 1
2
Doelstellingen Doelgroep VVE is, vanuit een brede doelgroepdefinitie, aangepast aan de CBScriteria
Realisatie doelstellingen Met de GGD/JGZ, die indiceert, en de organisaties die VVE signaleren, de komende jaren kinderen indiceren/signaleren vanuit de brede doelgroepdefinitie.
Tenminste 90% van de doelgroepkinderen neemt deel aan het VVE-aanbod
- De werkafspraken met GGD/JGZ actualiseren. Dit zijn inspanningen die de GGD/JGZ en de partners die VVE aanbieden verrichten om zoveel mogelijk kinderen en hun ouders te bereiken. - Het bereik van doelgroepkinderen twee keer per jaar monitoren. - Een informatiefolder over VVE, wie de aanbieders zijn en wat het aanbod is, wordt door de VVE-werkgroep ontwikkeld en verspreid via GGD/JGZ en de aanbieders van VVE. Om het VVE-aanbod te verzorgen krijgen VVE-aanbieders via de peuteropvang/VVE subsidiëring extra taaktijd van de gemeente. De tijd is nodig om het VVE-aanbod af te stemmen op de ondersteuningsbehoefte van kinderen, overleg met ouders voor ouderbetrokkenheid, overleg met de school voor de doorgaande lijn en doorgaande zorg (koppeloverleg). De Domijnen heeft middelen ontvangen van het rijk voor implementatie van het programma “Boekstart in de kinderopvang”. Zij gaan dit uitvoeren bij Baeks Kompas en BieNeeke. Vanuit de middelen van het Nationaal Programma Onderwijs wordt ook op de andere twee locaties Boekstart geïmplementeerd. De borging hiervan vindt plaats vanuit het onderwijsachterstanden-budget.
Gemeente
De IB-overleggroep wordt voor de VVE-kwaliteitskaarten aangevuld met de locatiemanagers van de VVE-aanbieders. De VVE-kwaliteitskaarten worden jaarlijks geëvalueerd en bijgesteld. Afgevaardigde vanuit het onderwijs (Kindante) en Ut Buurke kunnen ook bij dit overleg aansluiten.
IB-ers en locatieman agers
3
Alle VVE-aanbieders hebben taakuren voor de begeleiding van VVE-geïndiceerde kinderen en hun ouders
4
Alle locaties met een VVEaanbod maken gebruik van het BoekStart programma
5
De VVE-kwaliteitskaarten worden jaarlijks geëvalueerd en bijgesteld met actuele VVE-onderwerpen en nieuwe doelen
Regie Gemeente
Partners VVEaanbieders
Tijdspad 2024-2027 Door lopend
GGD/JGZ VVEaanbieders GGD/JGZ
2024-2027 Twee keer per jaar monitoren
Gemeente
VVEaanbieders
2024-2027
Gemeente
VVEaanbieders
2024-2027
De Domijnen
VVE aanbieders, Ut Buurke en onderwijs
2024-2027
14
6
Alle locaties voor- en vroegschool hebben een geactualiseerd locatieplan
7
Er is een structureel (3 keer per schooljaar) knooppunt voor 0-4 jaar. Overleg ketenpartners met als doel vroegtijdige onderkenning van zorgvragen kinderen en de ouders.
8
De inzet van logopedische ondersteuning / taalstimulering is geregeld.
Jaarlijks zijn er per locatie 4 koppeloverleggen. De doelen waaraan gewerkt wordt, komen uit de VVE-kwaliteitskaart. Te denken valt aan; roosters afstemmen, inhoudelijke VVE themabijeenkomsten, ouderbetrokkenheid, kennis over de ouderpopulatie (CBS dashboard) en behoeftepeiling onder ouders van VVE-geïndiceerde kinderen. Het knooppunt 4-12 jaar is reeds ingericht. Het gaat nu om de inrichting van een knooppunt 0-4. Bij het inrichten van het knooppunt 0-4, afspreken van procedures e.d. wordt gebruik gemaakt van expertise van het knooppunt 4-12 jaar. Knooppunt 0-4 en 4-12 kunnen op dezelfde dag plaats vinden, waardoor het voor partijen organisatorisch makkelijker is.
Pm’ers, Ped. coach, leerkrachten gr. 1-2 IB-ers Gemeente
VVE aanbieders en onderwijs
2024-2027
Kinderopvang GGD/JGZ CJG Gemeente logopedie
2024-2027
Gemeente
Kinderopvang incl. Ut Buurke
2024-2027
Gemeente
VVE aanbieders en onderwijs. Bestuurders, Kindante, Spelenderwijs, Bieneeke, GGD/JGZ, Domijnen VVE aanbieders en onderwijs
9
Tolk voor ondersteuning ouders
Een plan voor logopedische ondersteuning van VVE-locaties is een onderdeel van de vroegsignalering en aanpak taalcommunicatieproblemen van (jonge) kinderen. Dit betekent overleg met de pm’ers, ouders, observatie in de groepen en screening taal-spraakproblemen. Indien nodig voor overleg met ouders (ouderbetrokkenheid) wordt een tolk ingezet.
10
Er is een VVE-convenant afgesloten met inspanningsafspraken en resultaatafspraken van het VVE-beleid.
In de VVE werkgroep worden de inspanningsverplichtingen en de resultaatafspraken voorbereid. Het VVE-convenant wordt bekrachtigd door portefeuillehouder gemeente Beek, bestuurders van de kinderopvang die VVE aanbieden, bestuurders Kindante, GGD/JGZ en De Domijnen.
Gemeente
11
Er worden systematisch gegevens verzameld welke inzicht geven in de kwaliteit en effecten van het gemeenschappelijk gerealiseerde VVE-aanbod.
De gemeente onderzoekt (eventueel met regio) een partner voor evaluatie en monitoring.
Gemeente en VVEwerkgroep
logopedist
2024-2027
2024-2027
15
HOOFDSTUK 6 Financiën
6.1 Rijksbijdrage VVE en gemeentelijk budget peuteraanbod De gemeente Beek ontvangt van het Rijk jaarlijks een specifieke uitkering Onderwijsachterstandenbeleid met als doel het voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden in de Nederlandse taal, het voorkomen van segregatie en het bevorderen van integratie. De hoogte van deze uitkering wordt bepaald op basis van de jaarlijks door het CBS bepaalde achterstandsscore van elke gemeente. Naast deze uitkering is ook een gemeentelijk budget beschikbaar. SPUK Onderwijsachterstandenbeleid 2024 (voorlopig) Gemeentelijk budget 2024 Totaal
€ 209.997 € 98.756 € 308.753
6.2 Subsidieregeling Peuteropvang en VVE gemeente Beek Op basis van de Subsidieregeling Peuteropvang en VVE gemeente Beek 2020 kunnen VVEaanbieders jaarlijks een kindgebonden subsidie aanvragen. De hoogte van de subsidie is afhankelijk van het aantal peuters: - met kinderopvangtoeslag - zonder kinderopvangtoeslag - met een VVE-indicatie met kinderopvangtoeslag - met een VVE-indicatie zonder kinderopvangtoeslag De kosten hiervan worden gedekt vanuit de SPUK OAB.
16
6.3 Overzicht financiën vanuit doelstellingen VVE beleidsplan 2024-2027
1
2
Doelstellingen Doelgroep VVE is, vanuit een brede doelgroepdefinitie, aangepast aan de CBScriteria Tenminste 90% van de doelgroepkinderen neemt deel aan het VVE-aanbod.
3
Alle VVE-aanbieders hebben taakuren voor de begeleiding van VVE-geïndiceerde kinderen en hun ouders
4
Alle locaties met een VVEaanbod maken gebruik van het BoekStart programma
Realisatie doelstellingen Met de GGD/JGZ, die indiceert, en de organisaties die VVE signaleren, de komende jaren kinderen indiceren vanuit de brede doelgroepdefinitie.
-De werkafspraken met GGD/JGZ actualiseren. Dit zijn inspanningen die de GGD/JGZ en de partners die VVE aanbieden verrichten om zoveel mogelijk kinderen en hun ouders te bereiken. -Het bereik van doelgroepkinderen twee keer per jaar monitoren. -Een informatiefolder over wat VVE is en wat/wie de aanbieders zijn wordt door de VVE-werkgroep vastgesteld en verspreid via GGD/JGZ en de aanbieders van VVE. Om het VVE-aanbod te verzorgen krijgen VVE-aanbieders via de peuteropvang/ VVE subsidiëring extra taaktijd van de gemeente. De tijd is nodig om het VVE aanbod af te stemmen op de ondersteuningsbehoefte van kinderen, overleg met ouders voor ouderbetrokkenheid, overleg met de school voor de doorgaande lijnen en doorgaande zorg (koppeloverleg). De tijd voor dit overleg komt uit de uurprijs voor VVE-geïndiceerde kinderen. Onderwijs regelt dit vanuit eigen niet-lesgebonden uren. De Domijnen heeft middelen ontvangen van het rijk voor implementatie van het programma “BoekStart in de kinderopvang”. Zij gaan dit uitvoeren bij Baeks Kompas en BieNeeke. Vanuit de middelen van het Nationaal Programma Onderwijs wordt ook op de andere twee locaties BoekStart geïmplementeerd. De borging hiervan vindt plaats vanuit het onderwijsachterstanden-budget. Kosten voor uren/tijd die erin gestoken wordt vallen onder het scholingsplan voor de voorschool.
Kosten € 0,-
€
300,-
€
0,-
€ 12.000,-
17
5
6
7
De VVE kwaliteitskaarten Beek worden jaarlijks geëvalueerd en bijgesteld met actuele VVE-onderwerpen en nieuwe doelen. Alle locaties voor- en vroegschool hebben een geactualiseerd locatieplan
Er is een structureel (3 keer per schooljaar) knooppunt voor 0- 4 jaar. Overleg ketenpartners met als doel vroegtijdige onderkenning van zorgvragen kinderen en de ouders.
De IB-overleggroep wordt voor de VVE kwaliteitskaarten aangevuld met de locatiemanagers van de VVE-aanbieders. En de VVE kwaliteitskaarten worden jaarlijks geëvalueerd en bijgesteld. Afgevaardigde van Onderwijs (Kindante) en Ut Buurke kunnen bij dit overleg ook aansluiten. Jaarlijks zijn er per locatie 4 koppeloverleggen. De doelen waaraan gewerkt wordt, komen uit de VVE-kwaliteitskaart. Te denken valt aan; roosters afstemmen, inhoudelijke VVE themabijeenkomsten, ouderbetrokkenheid, kennis over de ouderpopulatie (CBS dashboard) en behoeftepeiling onder ouders van VVE-geïndiceerde kinderen. De tijd voor dit overleg komt uit de uurprijs voor VVE-geïndiceerde kinderen. Onderwijs regelt dit vanuit eigen niet-lesgebonden uren.
De inzet van logopedische ondersteuning/ taalstimulering is geregeld.
0,-
€
0,-
Het knooppunt 4-12 jaar is reeds ingevoerd. Het gaat nu om de inrichting van een knooppunt 0-4. Het knooppuntoverleg wordt in 2024 opnieuw gedefinieerd. Bij het inrichten van het knooppunt 0-4, afspreken van procedures e.d. wordt gebruik gemaakt van expertise van het knooppunt 4-12 jaar. Knooppunt 0-4 en 4-12 kunnen op dezelfde dag zitting hebben, waardoor het voor partijen organisatorisch makkelijker is. Voor opstart en goed bij elkaar brengen van ketenpartners. Maatschappelijk werk kan aansluiten (Partners in Welzijn); € 89 per uur.
8
€
Een plan voor logopedische ondersteuning van VVE-locaties is een onderdeel van de vroegsignalering en aanpak taalcommunicatieproblemen van (jonge) kinderen in voor- en vroegschool. Dit betekent overleg met de pm’ers/ leerkrachten, ouders, observatie in de groepen en screening taal-spraakproblemen. Eerste jaar wordt gefinancierd via NPO-gelden. Borging via OABbudget.
€ 5.000,-
€ 22.500,18
9
Tolk voor ondersteuning ouders
Indien nodig voor overleg ouders wordt een tolk ingezet.
€ 4.800,-
10
Er is een VVE-Convenant afgesloten met inspanningsafspraken en resultaatafspraken van het VVE-beleid.
In de VVE-werkgroep worden de inspanningsverplichtingen en de resultaatafspraken voorbereid. Het VVE-Convenant wordt bekrachtigd door portefeuillehouder gemeente Beek, bestuurders van de kinderopvang die VVE aanbieden, bestuurders Kindante, GGD/JGZ en De Domijnen.
€
11
Er worden systematisch gegevens verzameld welke inzicht geven in de kwaliteit en effecten van het gemeenschappelijk gerealiseerde VVE-aanbod. Advieskosten BCO Totaal
De gemeente onderzoekt (eventueel met regio) een partner voor evaluatie en monitoring.
€ 1.000,-
0,-
€ 6.624,€ 52.224,-
19