CConstaterende datBeek
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Rapportage Detailhandelsbeleid Westelijke Mijnstreek juni 2023

Raadsvergadering 7 december 2023, gemeente BeekBij agendapunt: Bespreekstuk: Subregionaal detailhandelsbeleid Westelijke Mijnstreek.17.297 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Subregionaal detailhandelsbeleid Westelijke Mijnstreek 2023 - 2030

Meten, weten, kiezen en doorpakken De basis voor een heldere en toekomstbestendige structuur voor de consument, ondernemers en vastgoedeigenaren

Juni 2023

2

Inhoud Hoofdstuk 1. Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Aanpak 1.3 Kaders 1.4 Leeswijzer

5 6 6 8 9

Hoofdstuk 2. Samenvatting bouwstenen Bouwsteen 1: Aanbod Westelijke Mijnstreek Bouwsteen 2: Benchmark Bouwsteen 3: Consumentendraagvlak Bouwsteen 4: Trends en ontwikkelingen Bouwsteen 5: Behoefte dagelijkse detailhandel Bouwsteen 6: Behoefte niet-dagelijkse detailhandel

10 11 11 11 12 13 13

Hoofdstuk 3. Visie detailhandelsstructuur 3.1 Ambities 3.2 Gewenste detailhandelsstructuur 3.2.1 Recreatief winkelgebied 3.2.2 Dagelijkse centra 3.2.3 Perifere locaties 3.2.4 Bijzonder regionaal winkelgebied

14 15 16 17 19 23 25

3.3 Winkels buiten de structuur 3.4 Overige vormen van detailhandel

26 26

Hoofdstuk 4. Toetsingskader, uitvoeringsstrategie en programma 4.1 Inleiding 4.2 Toetsingskader in lijn met SVREZL 4.3 Uitvoeringsstrategie 4.4 Voorzet uitvoeringsprogramma

29 30 30 31 31

Bijlagen Bijlage 1: Toetsing dienstenrichtlijn Bijlage 2: Begrippenlijst Bijlage 3: Gesprekspartners Bijlage 4: Afbakening perifere clusters

35 36 40 42 43

3

Samenvatting – Visie op hoofdlijnen Aanleiding

Limburgse en Nederlands gemiddelde blijkt dat in de

landelijk gemiddelde. In Beek is sprake van een

De gemeenten Beek, Sittard-Geleen en Stein vormen

Westelijke Mijnstreek relatief veel m2 wvo per 1.000

marktevenwicht en in Stein is hier nagenoeg sprake van. In

samen de subregio Westelijke Mijnstreek. Voor Beek en

inwoners aanwezig is. Dit geldt voor bijna alle branches

de gemeente Sittard-Geleen is sprake van forse

Sittard-Geleen geldt dat hun detailhandelsbeleid meer dan

en daarnaast is er ook veel leegstand. Dit betekent dat er

overbewinkeling in de dagelijkse sector.

10 jaar oud is, terwijl Stein nog geen detailhandelsbeleid

veel winkelaanbod is in de regio in vergelijking met de

heeft. Om meerdere redenen is er behoefte aan actueel

andere regio’s.

Gezien de al aanwezige leegstand in de regio, trends, demografische ontwikkelingen en de branches met krimp,

detailhandelsbeleid dat rekening houdt met de huidige situatie in de Westelijke Mijnstreek en daarnaast inspeelt op

In de drie gemeente van de Westelijke Mijnstreek wonen in

is er op subregioniveau geen sprake van uitbreidingsruimte

trends en ontwikkelingen die van invloed zijn op het

totaal 133.500 mensen. Het aantal inwoners neemt in de

maar juist van een negatieve marktruimte niet-dagelijks

toekomstig functioneren van de detailhandelssector. Ook in

gehele Westelijke Mijnstreek al jaren af. Volgens recente

detailhandel. Dit betekent dat er op het gebied van deze

het kader van de Europese dienstenrichtlijn (zie bijlage 1) is

prognose (CBS en Sittard in cijfers) daalt het aantal

branches sprake is van overbewinkeling.

actueel beleid cruciaal. Met voorliggend subregionaal

inwoners in Westelijke Mijnstreek met een percentage

detailhandelsbeleid wordt aangesloten bij en verdere

tussen 2,2 en 0% tot 2030, ten opzichte van 2022. De

Heldere ambities

invulling gegeven aan het provinciale beleid en de

prognoses zijn daarmee minder negatief dan eerder, maar

De volgende ambities vormen de basis voor de gewenste

Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg.

de tendens is niettemin nog steeds neerwaarts. Het

structuur:

Voorliggend beleid vormt een goede basis om komende

inkomen in de drie gemeenten is lager t.o.v. het Nederlands

1.

jaren gezamenlijk stappen te zetten richting een toekomst-

gemiddelde. Er sprake van een sterke vergrijzing, het aantal

voor de consument met complementaire, op elkaar

bestendige detailhandelsstructuur.

65+’ers is al hoger dan het landelijk gemiddeld en zal

afgestemde centrumgebieden.

richting 2030 volgens CBS nog met 14% toenemen.

2.

Inzetten op compactere winkelgebieden en zo veel mogelijk clusteren van het detailhandelsaanbod (en

Bouwstenen Kenmerkend voor de Westelijke Mijnstreek is het fijnmazige

Een aantrekkelijke en duidelijke detailhandelsstructuur

andere publieksvoorzieningen).

De belangrijkste markttrends hebben betrekking op het

winkellandschap, met veel winkelgebieden en verspreide

online winkelen en de vervlechting van de fysieke en digitale

bewinkeling. In vergelijking met 2009 is de leegstand (in

detailhandel. Daar kwam vanaf 2020 de pandemie nog

verkooppunten) op regioniveau toegenomen met 34%. Op

overheen, die online winkelen een enorme boost gaf.

3.

In stand houden en/of creëren van vitale en leefbare dorpskernen voor inwoners.

4.

Een gezond ondernemers- en investeringsklimaat waar marktpartijen en eigenaren blijven investeren en

gemeenteniveau zijn de detailhandels-mutaties vooral in Sittard-Geleen te vinden. Opvallend is dat de branche Mode

Uit het in 2019 uitgevoerde Koopstromenonderzoek blijkt

& luxe juist in Beek is toegenomen, voornamelijk vanwege

dat 85% van de dagelijkse bestedingen van inwoners van de

de positie van Makado.

subregio terecht komt bij de winkelvoorzieningen binnen

innoveren. 5. Terugbrengen van het aantal overtollige winkelmeters. Het maken van keuzes wat betreft toekomstige

de subregio. De toevloeiing verschilt sterk per gemeente. In

winkelgebieden en winkelomvang is een vereiste.

Uit de benchmark met twee andere Zuid-Limburgse regio’s

de huidige situatie functioneert het dagelijks winkelaanbod

6. Kwalitatieve versterking van het (bestaande) aanbod op

(Parkstad en Maastricht Heuvelland), het Zuid-Limburgse,

in de regio als geheel nog gemiddeld tot iets beneden het

perspectiefrijke locaties in de detailhandelsstructuur.

3 4 .

7.

Uitvoeringsstrategie

Meer profijt halen uit de grensligging.

Actie is nodig om de gewenste detailhandelsstructuur te Gewenste detailhandelsstructuur

bereiken en een toekomstbestendige detailhandels-

De basis van de toekomstige detailhandelsstructuur bestaat

structuur te borgen. Er wordt grofweg onderscheid

uit sterke winkelgebieden gebaseerd op de toekomstige

gemaakt tussen twee soorten acties:

vraag, namelijk de verwachte behoeftes van de consument

1.

Stimuleringsmaatregelen: deze maatregelen zetten de

in 2030. De volgende structuur voor de Westelijke

voordeur open en laten de winkelgebieden bloeien. Dit

Mijnstreek wordt gehanteerd:

vormt een belangrijke basis voor een sterke detailhandel in de Westelijke Mijnstreek.

➢ Recreatief winkelgebied: Sittard centrum

2.

➢ Dagelijkse centra:

Regulerende maatregelen: deze maatregelen zijn erop gericht om de achterdeur dicht te doen, met als doel

A. Klein stadsdeelcentrum: Geleen centrum;

het voorkomen van ongewenste situaties die niet

B. Groot dorpscentrum: Beek centrum en Stein

bijdragen aan het versterken van de detailhandelsstructuur.

centrum; C. Klein dorpscentrum: Elsloo centrum en Born

Ieder winkelgebied in de Westelijke Mijnstreek is uniek en

centrum;

heeft eigen opgaven en ontwikkelkansen. Ook in de

D. Buurtcentrum: Munstergeleen, Limbrichterveld,

E. F.

Stadbroek, Kemperkoul, Bloemenmarkt, Oud

uitvoering vraagt dit om maatwerk. Voor de centra waar

Geleen, Zuidhof;

recent een centrumvisie en/of actieplan is opgesteld, geldt

Supermarktcluster: Supermarktcluster Fortuna,

dat deze acties leidend zijn. Voor winkelgebieden waar

Industrieweg (Stein-Noord)

dergelijke actieplannen ontbreken, is het raadzaam om

Buurtvoorziening kleine kern: Grevenbicht,

Klein stadsdeelcentrum

acties nader te formuleren. Dit kan in samenwerking met ondernemers en eigenaren uit het betreffende

Urmond, Spaubeek en Neerbeek. ➢ Perifere locaties:

winkelgebied.

A. Bovenlokaal PDV-cluster: Retailpark Sittard Geleen en detailhandelszone Handelscentrum

Procesboom SVREZL als afwegingskader

Bergerweg

Nieuwe initiatieven dragen in potentie bij aan een sterkere structuur. Echter geldt hierbij: de juiste initiatieven op de

B. Lokaal PDV-zone: Dr. Nolenslaan, Beekerhoek en Poort van Stein. ➢ Bijzonder regionaal winkelgebied: Makado

Figuur 1: Toekomstige detailhandelsstructuur Westelijke Mijnstreek

juiste plaats. Voor initiatieven die niet binnen het bestemmingsplan passen, geldt de procesboom zoals benoemd in de SVREZL als afwegingskader.

5 4

01 Inleiding

6

1.1 Aanleiding

.

De gemeenten Beek, Sittard-Geleen en Stein vormen

betekenen. De consument kan voor zijn dagelijkse en niet-

Samenvattend: Argumenten om voor subregionaal beleid te

samen de subregio Westelijke Mijnstreek. Voor Beek en

dagelijkse aankopen ook over de gemeente- of zelfs

kiezen:

Sittard-Geleen geldt dat hun detailhandelsbeleid meer dan

landgrenzen terecht.

✓ In het belang van de leefbaarheid van steden, dorpen en kernen dient een duidelijke detailhandelsstructuur

10 jaar oud is, terwijl Stein nog geen detailhandelsbeleid heeft. Om meerdere redenen is er behoefte aan actueel

Ook in het kader van de Europese dienstenrichtlijn (zie

uitgangspunt te zijn. De hoofdstructuur in het huidige beleid

detailhandelsbeleid dat rekening houdt met de huidige

bijlage 1) is actueel beleid cruciaal. Zonder actueel beleid

-dat verder gaat dan de hoofdstructuur zoals die in de

situatie in de Westelijke Mijnstreek en daarnaast inspeelt op

dat aan de eisen van de Dienstenrichtlijn voldoet, kan de

SVREZL is vastgelegd- is op punten verouderd. Voorkomen

trends en ontwikkelingen die van invloed zijn op het

overheid onvoldoende verantwoorden waarom zij

moet worden dat nieuwe ontwikkelingen zich voordoen op

toekomstig functioneren van de detailhandelssector. De

territoriale beperkingen oplegt aan initiatieven voor de

plekken die de wenselijke detailhandelsstructuur verstoren.

coronacrisis heeft deze ontwikkelingen in een

vestiging van detailhandel op bepaalde locaties. Extern

✓ Het maken van scherpe keuzes biedt aan marktpartijen

stroomversnelling gebracht, waardoor online winkelen een

advies over de Dienstenrichtlijn is ingewonnen bij

✓ duidelijkheid. Het voeren van consistent beleid is daarbij een

flinke boost heeft gekregen. Daarnaast wordt verwacht dat

Hekkelman Advocaten.

vereiste. Dit is ook een oproep van InRetail, de grootste belangenorganisatie voor de non-food detailhandel.

het aantal inwoners in de Westelijke Mijnstreek verder

✓ Schaalniveau van de Westelijke Mijnstreek; de drie

afneemt, waardoor ook het draagvlak van het

Met voorliggend subregionaal detailhandelsbeleid wordt

voorzieningenaanbod vermindert. Meer dan ooit is het

aangesloten bij en verdere invulling gegeven aan het

gemeenten grenzen fysiek aan elkaar, en grenzen ook aan

hebben van actueel detailhandelsbeleid en helder

provinciale beleid en de Structuurvisie Ruimtelijke

Duitsland en België, maar deze grenzen zijn voor de

perspectief voor winkelgebieden vereist.

Economie Zuid-Limburg. Met het vaststellen van dit

consument niet relevant. Die zal zijn aankopen doen op de

subregionaal detailhandelsbeleid wordt een gelijk speelveld

plek waar aanbod, prijs, bereikbaarheid en parkeren op orde

Met het gezamenlijk opstellen van subregionaal

voor initiatiefnemers gecreëerd. Daarnaast schept het

zijn. Het gebied is dichtbevolkt en heeft de omvang van een

detailhandelsbeleid wordt gehoor gegeven aan de oproep

duidelijkheid over de positionering van de verschillende

middelgrote stad. Het is zaak op dat niveau na te denken

van brancheorganisatie Inretail. Zij roepen gemeenten

winkelgebieden, waardoor ieder gebied vanuit eigen kracht

over de gewenste winkelstructuur. Het is van belang om de

dringend op om actueel detailhandelsbeleid op te stellen,

kan ontwikkelen en/of transformeren. Tot slot biedt het

aanwezige winkelgebieden in de Westelijke Mijnstreek zo

zodat duidelijkheid ontstaat voor ondernemers en

beleid kaders waarbinnen nieuwe initiatieven worden

goed mogelijk op elkaar af te stemmen, waarbij het soms

eigenaren en daarnaast kaders worden geboden die

getoetst en biedt het handvatten voor het terugbrengen

nodig is voor één krachtige locatie te kiezen in plaats van

bijdragen aan een toekomstbestendige detailhandels-

van de leegstand en het wegbestemmen van plancapaciteit.

versnippering van winkels over meerdere gemeentes. ✓ Met subregionaal detailhandelsbeleid wordt aangesloten op

structuur. Voorliggend beleid vormt een goede basis om komende

de werkwijze waarvoor in de SVREZL is gekozen, samenhang

De schaal waarop consumenten, maar ook ondernemers en

jaren gezamenlijk stappen te zetten richting een toekomst-

en samenwerken op Zuid-Limburgs niveau en per subregio.

marktpartijen opereren, pleit voor subregionaal beleid

bestendige detailhandelsstructuur. Hierbij wordt een scope

Dat impliceert dat gemeenten worden gestimuleerd

omdat voor hen gemeente- en regiogrenzen weinig

van 10 jaar gehanteerd, waarbij na 5 jaar een

bovenlokaal te denken en te handelen.

tussenevaluatie plaatsvindt.

7

1.2 Aanpak Voorliggend beleid is het resultaat van gezamenlijke

Bijeenkomst overkoepelende stakeholders

Individuele gesprekken stakeholders

inspanning vanuit de drie gemeenten en is in afstemming

Tweemaal is met (de besturen van) overkoepelende

Er hebben diverse individuele gesprekken plaatsgevonden

met betrokkenen tot stand gekomen. Er heeft intensieve

vertegenwoordigers gesproken. Hierbij waren o.a. een

met ondernemerscollectieven, ondernemers uit het

afstemming plaatsgevonden op zowel ambtelijk als

afvaardiging van Centrummanagement Beek,

centrum van Sittard, projectontwikkelaars, Ontwikkelpad

bestuurlijk niveau. Daarnaast is het beleid tot stand gekomen

Centrummanagement Stein, Centrummanagement Geleen,

in overleg met marktpartijen.

Geleen en collega-ambtenaren uit Beek, Sittard-Geleen en

Centrummanagement Sittard, Bedrijven Sittard Geleen (BSG), Compoundgroep, OKÉ Elsloo, Makado en de Retail

Ginder (voorheen Seinpost Adviesbureau) is gevraagd het

Advies Commissie Sittard-Geleen aanwezig.

traject zowel inhoudelijk als procesmatig te begeleiden. De volgende aanpak is gehanteerd en partijen zijn gesproken:

Brede bijeenkomsten stakeholders Stakeholders bestaande uit ondernemers en vastgoed-

Stein. Een volledige lijst met gesprekspartners is opgenomen in bijlage 3. Daarnaast is met alle supermarktformules met één of meer vestigingen in de regio individueel gesproken, om zo een goed beeld te vormen van plannen, wensen en huidig functioneren van de

Kernteam

eigenaren uit de drie gemeenten hebben een korte

verschillende supermarktorganisaties. In een gezamenlijke

Bestaande uit beleidsambtenaren van de gemeente Beek,

vragenlijst ontvangen en zijn daarnaast uitgenodigd voor

bijeenkomst met de supermarkten in Sittard-Geleen is tot

Sittard-Geleen en Stein, inclusief een adviseur Lokaal

een brede bijeenkomst over het beleid. De eerste

slot expliciet over de toekomst van de winkelgebieden in

Retailbelang. Het kernteam was zeer nauw betrokken bij de

bijeenkomst stond in het teken van informeren en ophalen,

Sittard-Geleen gesproken.

totstandkoming van het beleid. Het kernteam heeft samen

terwijl tijdens de tweede brede bijeenkomst het beleid met

met Ginder de mogelijkheden en keuzes verkend en tot slot

deelnemers is gedeeld en het gesprek is gevoerd over de

Regionale afstemming

gezamenlijk het beleid vormgegeven.

verdere uitwerking. De laatste bijeenkomst (voorjaar 2023)

Het conceptrapport is afgestemd tijdens zowel het

ging over het eindrapport en over vervolg voor individuele

ambtelijke als bestuurlijke overleg Ruimtelijke Economie

gebieden.

Zuid-Limburg.

Bestuurlijke afstemming

Inspraak conceptbeleid

Gedurende het gehele proces heeft afstemming

Het ontwerp-beleid is voor inspraak vrijgegeven om

plaatsgevonden met de portefeuillehouders. In een

belanghebbenden de mogelijkheid te bieden voor

gezamenlijke collegevergadering is het beleid eveneens

vaststelling te reageren. Waar nodig zijn de opmerkingen in

besproken met het voltallige college van de gemeenten

voorliggend beleid verwerkt. Een totaaloverzicht van de

Beek en Sittard-Geleen. Met het college van Stein is

reacties, inclusief reacties hierop, is opgenomen in de Nota

afzonderlijk gesproken.

van Inlichtingen.

7 8

1.3 Kaders Subregionaal detailhandelsbeleid staat niet op zichzelf. In

❖ Provincie Limburg steunt en stimuleert gemeenten bij

deze paragraaf gaan we in op de belangrijkste

het compacter maken en kwalitatief versterken van de

beleidskaders die vanuit hogere overheidslagen (provinciaal

bestaande winkelgebieden in de steden en landelijke

en regionaal) relevant zijn voor de Westelijke Mijnstreek.

kernen (p. 96). ❖ De kwaliteit van de stedelijke centra als belangrijke

Omgevingsvisie Limburg (2021)

ontmoetingsplaats wil de provincie behouden en waar

Op 25 oktober 2021 is de Omgevingsvisie Limburg in

mogelijk versterken. Die kwaliteit wordt uiteraard niet

werking getreden. De Omgevingsvisie is een strategische en

alleen bepaald door winkels, maar door de mix met

lange termijn (2030-2050) visie op de fysieke leefomgeving.

horeca, dienstverlening, cultuurhistorische objecten,

Daarmee vervangt deze visie het in 2014 vastgestelde

kantoren, (ambachtelijke) bedrijven en binnenstedelijk

Provinciaal Omgevingsplan Limburg.

wonen en zorg (p. 96). ❖ Er moet een goede balans gevonden worden tussen de

In relatie tot detailhandel en de winkelgebieden in de

winkelvoorraad in de grootschalige winkelgebieden

Westelijke Mijnstreek is het volgende opgenomen in de

zoals meubel-, huis- en tuinboulevards en outletcentra

Omgevingsvisie:

aan de rand van de steden, in de binnensteden en in de

❖ In de toekomst kunnen naast de Brightlands-campussen

dorpskernen en wijken. Nieuwe grootschalige

ook bijvoorbeeld in de binnensteden innovatie-milieus

winkelgebieden zijn niet aan de orde, gezien de

ontstaan, die elkaar en de campussen kunnen

overmaat aan winkels in onze provincie. In bestaande

versterken. Dergelijke ontwikkelingen hebben

grootschalige winkelgebieden aan de rand van de

toegevoegde waarde voor de structuurversterking en

steden is er geen ruimte voor winkels uit branches die

daarmee het vestigingsklimaat van Limburg (p. 57).

bij uitstek thuishoren in de stadscentra (p. 96).

❖ Voor vestiging van zelfstandige kantoren en detailhandel

❖ Voor een goed woon- en leefklimaat moet de

is op bedrijventerreinen geen plaats. Deze functies

beschikbaarheid en bereikbaarheid van voorzieningen

horen bij uitstek thuis in steden, kernen of specifieke

(waaronder detailhandel) op orde zijn. Het gaat o.a. om

winkelgebieden. In zeer uitzonderlijke gevallen kan

basisvoorzieningen als een goede infrastructuur van

hiervan afgeweken worden als dit leidt tot meer kwaliteit

winkels, horeca en supermarkten in de buurt (p.149).

en het schrappen van areaal elders. Er moet ook ruimte zijn voor detailhandel in volumineuze goederen, zoals auto’s, boten, caravans, landbouwvoertuigen, grove bouwmaterialen en brand- en explosiegevaarlijke

goederen (BEVI-proof; p. 68).

9 Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg (SVREZL) De SVREZL (2017) vormt het kaderstellende beleid voor de

thema’s detailhandel, kantoren en bedrijventerreinen in Zuid-Limburg en omvat onder andere spelregels over hoe

ontwikkelingen. Conclusies uit voorliggend beleid zijn

1.4 Leeswijzer

afgestemd met Zuid-Limburg en kunnen zodoende tot

Voorliggend beleid sluit aan bij en verbijzondert een aantal

suggesties voor wijziging leiden.

uitgangspunten van de SVREZL. Voor een aantal

winkelgebieden geldt dat is afgeweken van de winkelhiërarchie

om te gaan met nieuwe initiatieven. In totaal zijn 22 winkelclusters in de Westelijke Mijnstreek aangeduid en op

NOVI Zuid-Limburg

pandniveau afgebakend. Deze vormen samen de

NOVI staat voor Nationale Omgevingsvisie. Hierin is het

hoofdwinkelstructuur. Het behoud of versterken van deze

rijksbeleid voor de fysieke leefomgeving (in brede zin)

winkelclusters is cruciaal voor het voorzieningenniveau, het

vastgelegd. Het uitgangspunt van NOVI is dat Rijk en andere

ondernemersklimaat en de leefbaarheid.

overheden optreden als één overheid, samen met inwoners

en de omvang van winkelgebieden zoals gehanteerd in de SVREZL, echter alleen daar waar dit ten goede komt van de subregionale structuur en aansluit bij recente ontwikkelingen. •

belangrijke bouwstenen voor het beleid. Het betreft hier een samenvatting van het separate document

en ondernemers, waarbij gezamenlijk wordt gewerkt aan In de SVREZL wordt onderscheid gemaakt tussen

grote opgaven. In Zuid-Limburg staan drie hoofdopgaven

concentratiegebieden (kwantitatief en kwalitatief te

centraal, met het benutten van grensoverschrijdende kansen

versterken) en balansgebieden (te behouden), voor overige

als rode draad daar doorheen:

winkelgebieden en solitaire locaties geldt transformatie.

1.

Daarnaast staat in de SVREZL benoemd dat, in de lijn met

Naar een grensoverschrijdende innovatieve en circulaire economie;

het dynamische voorraadbeheer, bij het faciliteren van

2.

Sterke en gezonde steden in Zuid-Limburg;

nieuwe voorraad sprake moet zijn van de aanpak van

3.

Versterken uniek Nationaal Landschap als groene long

bestaande leegstand en het schrappen van bestaande

voor Zuid-Limburg.

winkels die niet kansrijk zijn. Toevoeging van aanbod is

Na dit inleidende hoofdstuk (H1) gaat hoofdstuk 2 in op

‘Bouwstenenrapportage’. Er is aandacht voor de •

ruimtelijke spreiding van het winkelaanbod, consumentendraagvlak op basis van de meest recente koopstromen en belangrijke trends en ontwikkelingen.

•

In hoofdstuk 3 wordt de visie op de gewenste detailhandelsstructuur beschreven, inclusief concrete ambities, heldere uitgangspunten en een duidelijke branchering per winkelgebied.

•

In hoofdstuk 4 wordt de visie vertaald naar gezamenlijke toetsingskaders en uitgewerkt in acties en maatregelen die

alleen wenselijk, wanneer deze leidt tot versterking van de

nodig zijn om de gewenste structuur te behalen. Ook de

hoofdstructuur, of een kwalitatieve verbetering. Via de

afspraken tussen de drie gemeenten staan in dit afsluitende

Procesboom Winkels worden initiatieven afgewogen.

hoofdstuk benoemd. •

Tussentijdse evaluatie SVREZL

Bijlage 1 gaat in op de Dienstenrichtlijn en Bijlage 2, 3 en 4 tonen respectievelijk de begrippenlijst, lijst met

De tussentijdse evaluatie van de SVREZL vindt gelijktijdig

gesprekspartners en de afbakening van de perifere clusters.

met het opstellen van voorliggend beleid plaats. De evaluatie is vooral bedoeld om de doeltreffendheid en doelmatigheid van de SVREZL te toetsen en waar nodig wijzigingen aan te brengen die voortkomen uit recente Figuur 1: dit beleidsdocument werkt toe naar een voor de consument herkenbare detailhandelsstructuur.

10 9

02 Samenvatting bouwstenen

11

Samenvatting ‘Bouwstenenrapportage’

.

Het separate document ‘Bouwstenenrapportage’ wordt

juist in Beek is toegenomen, voornamelijk vanwege de

Limburgse en Nederlands gemiddelde blijkt dat in de

gezien als onderbouwing voor de keuzes die gemaakt zijn in

positie van Makado. In de gemeente Stein is vooral In/Om

Westelijke Mijnstreek relatief veel m2 wvo per 1.000

dit visiedocument: opbouw huidige structuur, analyses,

Huis afgenomen. Anderzijds is er in de subregio een

inwoners aanwezig is. Dit geldt voor bijna alle branches

consumenten-draagvlak, benchmark, trends &

toename te zien in aantal verkooppunten voor de sector

maar ook op het gebied van leegstand. Dit betekent dat er

ontwikkelingen en de marktruimte van detailhandel.

Leisure (waaronder horeca, cultuur en ontspanning). Het

veel winkelaanbod is in de regio in vergelijking met de

Onderstaand zijn de hoofdpunten uit de bouwstenen-

aantal verkooppunten Diensten is iets toegenomen (vooral

andere regio’s. Daarnaast blijkt dat de centrumgebieden

rapportage samengevat.

in Stein).

een bovengemiddeld groot aanbod aan Mode & luxe hebben, sectoren die in veel centrumgebieden zwaar onder

Bouwsteen 1: Aanbod Westelijke Mijnstreek

druk staan. Dit maakt deze centrumgebieden kwetsbaar.

Kenmerkend voor de Westelijke Mijnstreek is het fijnmazige

Op het gebied van In/Om Huis (branches die veelal op

winkellandschap, met veel winkelgebieden en verspreide

perifere locaties zijn gevestigd), neemt Parkstad de

bewinkeling. Het winkelaanbod in de Westelijke Mijnstreek

koppositie (door de Woonboulevard). De Westelijke

heeft een totale omvang van ruim 238.300 m2

Mijnstreek komt op de tweede plek vanwege de grote

winkeloppervlak (wvo), verdeeld over 748 winkels (Locatus,

hoeveelheid PDV-locaties en het omvangrijke aanbod.

2022). Daarvan is ruim 57.500 m2 wvo dagelijks aanbod (213 winkels) en ruim 180.800 m2 wvo niet-dagelijks aanbod

Bouwsteen 3: Consumentendraaglvlak

(535 winkels). De leegstand is omvangrijk in de Westelijke

In de drie gemeenten van de Westelijke Mijnstreek wonen

Mijnstreek met ruim 54.300 m2 wvo verdeeld over 273

in totaal 133.500 mensen. Het aantal inwoners neemt in de

verkooppunten. Op basis van het aantal verkooppunten

gehele Westelijke Mijnstreek al jaren af. De regio is

bedraagt de leegstand 15,0% en scoort daarmee boven het

aangewezen door de Rijksoverheid als krimpregio. Volgens

provinciale (12%) en ver boven het landelijke gemiddelde

recente prognose (CBS en Sittard in cijfers) daalt het aantal

(6%). In vergelijking met 2009 is de leegstand (in

inwoners in Westelijke Mijnstreek met een percentage

verkooppunten) op regioniveau toegenomen met 34%. Op

tussen 2,2 en 0% tot 2030, ten opzichte van 2022. De

gemeenteniveau is de leegstand het hoogst in Sittard-

prognoses zijn daarmee minder negatief dan eerder, maar

Geleen (16,8% o.b.v. VKP). In Beek en Stein is de leegstand

de tendens is niettemin nog steeds neerwaarts.

respectievelijk 9,5% en 11,2%. Vrijwel alle branches zijn in Sittard-Geleen fors in verkooppunten (VKP) afgenomen, vooral binnen de nietdagelijkse branche Mode & luxe (afname van 88 verkooppunten). Opvallend is dat de branche Mode & luxe

Ontwikkelingen rondom grote werkgever Chemelot kunnen Figuur 2. Spreiding winkelgebieden Westelijke Mijnstreek (Locatus 2021, bewerkt door Ginder) excl. verspreide bewinkeling

Bouwsteen 2: Benchmark Uit de benchmark met twee andere Zuid-Limburgse regio’s

(Parkstad en Maastricht Heuvelland), het Zuid-Limburgse,

een minder negatief effect hebben op deze prognoses.

12 11

Het gemiddeld inkomen in de drie gemeenten is lager t.o.v.

Trends dagelijks aanbod

Het dagelijks aanbod bevindt zich van oudsher vooral in de

het Nederlands gemiddelde. Er sprake van een sterke

Normaal (vóór de coronapandemie) hebben supermarkten

dorps- en wijk-/buurtcentra. In geheel Nederland en ook de

vergrijzing en het aantal 65+’ers is hoger dan het landelijk

al een dominant aandeel in de voedselketen met minimaal

Westelijke Mijnstreek zien we dat deze centra tijdens

gemiddeld. Voor winkels is dit nadelig aangezien ouderen

50% van alle omzet en grofweg 65-70% van alles wat we

corona redelijk overeind zijn gebleven, een ontwikkeling die

over het algemeen meer geld uitgeven aan services en

eten in termen van volume. In 2020 t/m 2022 zorgden de

is versterkt door het ‘koop lokaal’ devies.

diensten en minder aan producten.

coronamaatregelen voor een enorme verschuiving van vraag

De Westelijke Mijnstreek grenst aan de Belgische provincie Limburg en de Duitse deelstaat Noord-Rijn Westfalen. Twee dichtbevolkte en geïndustrialiseerde regio’s met ook een hoge concentratie aan detailhandel dicht in de buurt van de grens met Nederland. Op het gebied van detailhandel is er veel uitwisseling tussen de drie regio’s in de drie landen. Belgen komen naar de winkelgebieden in de Westelijke Mijnstreek voor hun dagelijkse aankopen of om te winkelen. Tegelijkertijd doen Nederlanders (vooral vanuit Sittard (KSOL, 2019)) over de grens in Duitsland hun boodschappen.

en omzet van de out-of-home markt naar food retail. De

Trends niet-dagelijks aanbod

omzet van supermarkten groeiden met minimaal 10%.

De omzetontwikkeling in de afgelopen twee jaar werd sterk

Door de heropening van de horeca is in 2022 de omzet in de

supermarktsector weer afgenomen, ten opzichte van het uitzonderlijke jaar 2020. Wel is op middellange termijn de verwachting dat de omzet van supermarkten jaarlijks groeit met 2 tot 2,5%. Het traditionele verdienmodel van klassieke supermarkten staat wel onder druk. Ze krijgen steeds meer concurrentie van andere formats, waaronder gemakswinkels en e-commerce.

bepaald door de beperkende maatregelen voor nietessentiële winkels. Daardoor zijn de toonbank’bestedingen aan recreatieve aankopen zoals kleding en schoeisel sterk afgenomen. Wel stegen de bestedingen in de nietdagelijkse sector als geheel, vanwege de groei in online bestedingen. Het jaar 2022 liet herstel in vrijwel alle segmenten zien, maar op bedrijfsniveau moeten veel ondernemers door het

Ook de vers-speciaalzaak kreeg tijdens corona een stevige

aflopen van steunmaatregelen en het moeten terugbetalen

Bouwsteen 4: Trends en ontwikkelingen

boost. In 2020 groeide de omzet in de sector met circa 6%.

van belastingen alle zeilen bijzetten. Vooral de mode- en

De belangrijkste markttrends hebben betrekking op het

Niettemin verliest de versspeciaalzaak al enige jaren

schoenenbranche heeft veel omzetverlies geleden, in 2020

online winkelen en de vervlechting van de fysieke en digitale

marktaandeel aan de supermarkten, die vol inzetten op

(bijna 20%) en begin 2021 (ruim 30%). Binnen het segment

detailhandel. Daar kwam vanaf 2020 de COVID-pandemie

meer verse producten en foodservice. Daarnaast neemt

'living' werd in 2020 door doe-het-zelf-zaken juist 20%

nog overheen, die online winkelen een enorme boost gaf. De

vanuit online de concurrentie toe, onder andere vanuit

omzetgroei genoteerd, maar ook elektronicawinkels (+8%)

dynamiek in de omzet en aanbod tussen 2010 en 2020 laten

platforms die zich specialiseren in een specifiek product en

en woonwinkels (+7%) hadden een goed jaar. Het segment

grote verschillen zien per branche en per type winkelgebied.

dat aanbieden tegen scherpe prijzen. Door deze

persoonlijke verzorging liet als enige ‘essentiële winkel’ een

Ook hier slaan de meeste (negatieve) effecten neer op de

ontwikkelingen staat het aantal versspeciaalzaken de

constante groei zien.

middelgrote winkelgebieden, namelijk Sittard- en Geleen-

afgelopen jaren onder druk. Maar hoewel de traditionele

centrum, in mindere mate op de dorpscentra. Voor de

bakker, slager en groenteboer langzaam voor een deel

In 2018 stond het functioneren van de middelgrote

ondersteunende centra in de wijken en buurten zijn de

verdwijnen, komt daar een heel divers en dynamisch pallet

stadscentra onder druk. In 2021 kregen vooral de grote

markteffecten licht positief, en bij de perifere detailhandel

aan versspecialisten en foodaanbieders voor terug.

stadscentra door de corona impact zware klappen. Ook

neutraal tot positief.

middelgrote centra zagen niet-dagelijks aanbod vertrekken.

13 12 In de Westelijke Mijnstreek zien we dit in Sittard en vooral

Winkels en winkelgebieden worden hierdoor opnieuw

demografische ontwikkelingen en de branches met krimp,

Geleen duidelijk terug. De dagelijkse sector (fysieke

getroffen. Leven in onzekerheid lijkt het nieuwe normaal te

is er op regioniveau geen sprake van uitbreidingsruimte

supermarkten voorop) en andere stadsgerichte functies

worden en doet een beroep op adaptief vermogen en

maar juist van een negatieve marktruimte. Dit betekent dat

zoals horeca, nemen de plek in van niet-dagelijkse winkels.

creativiteit van ondernemers.

er op het gebied van de niet-dagelijkse branches, sprake is van overbewinkeling.

Deze trend was al ingezet voor corona en lijkt nu te versnellen.

Bouwsteen 5: Behoefte dagelijkse detailhandel Uit het in 2019 uitgevoerde Koopstromenonderzoek blijkt

Het verlies aan winkels in afgelopen vijf jaar, waarvan 15%

dat 85% van de bestedingen van inwoners van de subregio

daling in de recreatieve branches, is ten dele

terecht komt bij de winkelvoorzieningen binnen de

gecompenseerd door horeca (+7,6%). Dit betreft vooral

subregio. De toevloeiing verschilt sterk per gemeente. Het

bezorgen/halen, lunchrooms en koffiebars en cafe-

aandeel toevloeiing in totale dagelijkse bestedingen in de

restaurants. De verwevenheid tussen horeca en winkelen

gemeente Stein en Sittard-Geleen ligt rond de 13-15%.

wordt groter.

Voor de gemeente Beek is de totale toevloeiing in de dagelijkse sector fors (51%), mede door het

Er is veel geld gestoken in thuis leven, maar nu lonkt het

supermarktaanbod in Makado.

buitenleven weer met horeca, cultuur en vakanties. Met het herstel van het sociale leven, maar ook van het op kantoor

In de huidige situatie functioneert het dagelijks

werken, zijn er weer meer prikkels tot de aanschaf van

winkelaanbod in de regio als geheel nog gemiddeld tot iets

mode, schoenen, sport en luxe producten. De vraag is in

beneden het landelijk gemiddelde. In Beek is sprake van

hoeverre online hierbij de voorkeur blijft nu fysieke winkels

een marktevenwicht en in Stein is hier nagenoeg sprake

en horeca weer open zijn zonder beperking.

van. In de gemeente Sittard-Geleen is sprake van forse overbewinkeling in de dagelijkse sector. Voor de dagelijkse

Intussen zijn er nieuwe ongunstige ontwikkelingen, zoals de

sector in het geheel geldt dat kwantitatieve marktruimte om

oorlog in Oekraïne en de hoge inflatie. Hierdoor moet de

aanbod uit te breiden op regioniveau ontbreekt. In

consumenten veel meer betalen voor energie en brandstof,

sommige gevallen is een modernisering of optimalisatieslag

maar ook overige producten stijgen als gevolg van de inflatie

een noodzaak om relevant te blijven voor de kritische en

fors in prijs. Volgens het CPB komt de inflatie over 2023 uit

mobiele consument. Daar moet – onder duidelijke

op 3,5 %. Het verwachte koopkrachtverlies bedraagt zo’n 4% (CPB, dec. 2022). Naar verwachting neemt de armoede verder toe.

voorwaarden – beperkt ruimte voor blijven (zie H3).

Bouwsteen 6: Behoefte niet-dagelijkse detailhandel Gezien de al aanwezige leegstand in de regio, trends,

Kenmerkend voor de Westelijke Mijnstreek zijn de grote verschillen tussen de gemeenten en tussen diverse winkelgebieden. De vloerproductiviteit in de gemeente Beek ligt aanzienlijk boven de normvloerproductiviteit. Het zeer uitgebreide aanbod in Makado, en ook het bijzondere aanbod in het dorpscentrum, zorgen voor een enorme koopkracht toevloeiing van 80%. Circa 48% van de totale omzet in de niet-dagelijkse sector in Makado komt uit de Westelijke Mijnstreek, terwijl 52% van de bestedingen in Makado uit overige gemeenten en België komen. Makado vervult daarmee een bovenregionale verzorgingsfunctie. Dit staat in groot contrast met het centrum van Sittard, wat voor 55% afhankelijk is van eigen inwoners (KSOL, 2019). Vanuit Stein (1%) en Beek (4%) is slechts beperkt toevloeiing. De centrumgebieden van Geleen en Stein moeten het vooral van de inwoners uit de eigen gemeente hebben. Stein ontvangt daarnaast nog enige toevloeiing van de Belgische consument (dagelijks: 5% en niet-dagelijks 7%). De perifere detailhandelsclusters Handelscentrum Bergerweg en Retailpark Sittard Geleen (voorheen Gardenz) scoren beide rond de normvloerproductiviteit voor perifere detailhandel. Op lokaal niveau is er binnen de gemeente Beek en Stein een geringe positieve marktruimte in de branche In/om Huis.

14 12

03 Visie detailhandels structuur

15 13

3.1 Ambities De detailhandelssector in de Westelijke Mijnstreek is continu

1.

trekkracht en biedt ruimte voor transformatie aan de

•

van (langdurige) leegstand. Ook het actief terugbrengen van

aan verandering onderhevig en staat door trends en

randen naar andere functies (zoals wonen). Nieuwe

harde plancapaciteit is belangrijk om het aantal winkelmeters

ontwikkelingen al jaren flink onder druk. Als onderbouwing

ontwikkelingen worden alleen toegestaan mits deze

structureel te verminderen. Het maken van keuzes wat

laat de bouwstenenrapportage zien dat keuzes noodzakelijk

vallen binnen één van de winkelgebieden. Ontwikkelingen

betreft toekomstige winkelgebieden en winkelomvang is een

zijn om een toekomstbestendige structuur te realiseren en

op solitaire locaties worden zo veel mogelijk voorkomen.

vereiste en nodig om primair de verouderde winkelruimte

In stand houden en/of creëren van vitale en leefbare

actief uit de markt te halen, winkelgebieden een duidelijk

Zo blijven we werken aan toekomstbestendige centra die

dorpskernen voor inwoners. Dit vraagt om een basis

profiel te geven en de leefbaarheid in centra te behouden.

voor de consument aantrekkelijk zijn om te bezoeken.

verzorgingsniveau voor alle inwoners in de Westelijke

6. Kwalitatieve versterking van het (bestaande) aanbod op

Hierbij is het belangrijk dat ieder winkelgebied vanuit eigen

Mijnstreek. Inwoners kunnen op gepaste afstand hun

o perspectiefrijke locaties in de detailhandelsstructuur. Hoewel

kracht wordt ontwikkeld. Ontwikkelingen in het ene

dagelijkse boodschappen doen. Het in stand houden van

toevoeging van nieuwe winkelmeters in beginsel ongewenst

winkelgebied hebben immers invloed op het (toekomstig)

het voorzieningenaanbod in de kleinere kernen is

is, blijft het wel mogelijk om bestaande winkels

functioneren van andere winkelgebieden in de subregio. Een

belangrijk voor de leefbaarheid. Het behoud van een

kwaliteitsimpulsen te geven en met dat doel beperkt te laten

duidelijke detailhandelsstructuur is van groot belang voor

supermarkt (met een bij het draagvlak passende omvang)

uitbreiden. De procesboom zoals opgenomen in de SVREZL

consumenten, ondernemers en eigenaren, maar ook zeker

en het bieden van ruimte voor beperkt kleinschalig

voor de leefbaarheid en het voorzieningenniveau in dorpen

dagelijks aanbod (zoals een bakker) in kernen, wijken of

en steden. De volgende ambities vormen de basis voor de

buurten zonder supermarkt (tot 100 m2) is daarbij

Duitsers de Zuid-Limburgse koopiconen als Maastricht-

gewenste structuur:

essentieel. Dorpscentra hebben daarnaast een

centrum, de Heerlense woonboulevard en Makado goed

belangrijke ontmoetingsfunctie.

weten te vinden, geldt dat minder voor de andere centra in

Een gezond ondernemers- en investeringsklimaat waar

de Westelijke Mijnstreek. Hoewel grensoverschrijdend

afgestemde centrumgebieden. Winkelgebieden vullen

marktpartijen en eigenaren blijven investeren en

koopgedrag nooit geheel in balans is door steeds

elkaar vanuit hun eigen kracht aan en hebben elk een

innoveren. Hier wordt nadrukkelijk ook ruimte geboden

wijzigende prijsverschillen, is het wel degelijk mogelijk om

duidelijk profiel/thema. Er is een duidelijk onderscheid

aan nieuwe concepten, waarbij op een aantal locaties de

de aantrekkelijkheid en bekendheid van koopcentra in de

tussen dagelijkse centra (gericht op dagelijkse

traditionele scheidslijnen tussen de functies winkel,

Westelijke Mijnstreek te verhogen. Er liggen kansen voor de

boodschappen), recreatieve winkelgebieden (voor niet-

horeca en dienstverlening vervagen. Duidelijke kaders die

historische binnenstad van Sittard met zijn recreatieve

dagelijks aanbod, recreatief winkelen en verblijf) en

bijdragen aan sterke winkelgebieden zijn vereist, maar

winkelmilieu, maar ook de dagelijkse centra kunnen zich

daarbinnen is de nodige flexibiliteit wenselijk.

beter profileren door sterk in te zetten op verse (streek)-

ondernemers en eigenaren blijvend perspectief te bieden.

1.

Een aantrekkelijke en duidelijke detailhandelsstructuur voor de consument met complementaire, op elkaar

thematische perifere clusters (voor alles in en om huis en mobiliteit). 2.

3.

4.

is hierin leidend. 7. Meer profijt halen uit de grensligging: Hoewel Belgen en

5. Terugbrengen van het aantal overtollige winkelmeters

producten. De weekmarkt speelt hierin een belangrijke rol

Inzetten op compactere winkelgebieden en zo veel

buiten de detailhandelsstructuur. De Westelijke

en geldt als aanvulling op het winkelaanbod (o.a. aan verse

mogelijk clusteren van het detailhandelsaanbod (en

Mijnstreek kampt al jaren met overtollige winkelmeters,

producten zoals bloemen, vis en groenten). Ter inspiratie:

andere publieksvoorzieningen). Dit helpt leegstand

zowel in winkelgebieden als op solitaire locaties. Een deel

de zaterdagmarkt in Enschede trekt wekelijks duizenden

tegengaan, zorgt voor meer bezoekredenen, meer

van de overtollige winkelmeters is zichtbaar in de vorm

Duitse bezoekers.

16

3.2 Gewenste detailhandelsstructuur De basis van de toekomstige detailhandelsstructuur bestaat

D. Buurtcentrum: Munstergeleen, Limbrichterveld,

In onderstaand figuur is de visie op de gewenste

uit sterke winkelgebieden gebaseerd op de toekomstige

Stadbroek, Kemperkoul, Bloemenmarkt, Oud Geleen,

detailhandelsstructuur weergegeven. Op de volgende

vraag, namelijk de verwachte behoeftes van de consument

Zuidhof;

pagina’s wordt de visie verder uitgewerkt en toegelicht.

in 2030. De functie van de gebieden staat centraal, waarbij

E.

in de basis een drietal verschillende typen winkelgebieden elkaar aanvullen: Recreatief winkelgebied, Dagelijkse

Supermarktcluster: Supermarktcluster Fortuna, Industrieweg Stein

F.

winkelgebieden en Perifere locaties. Deze driedeling wordt

Buurtvoorziening kleine kern: Grevenbicht, Urmond, Spaubeek en Neerbeek.

landelijk veel gebruikt, omdat het zorgt voor complementariteit tussen winkelgebieden en bijdraagt aan

Alle typen centra worden in par. 3.2.2 nader uitgewerkt.

een zo helder mogelijke structuur voor de consument. De volgende structuur wordt gehanteerd:

Perifere locaties Deze perifere locaties zijn gericht op volumineuze en

Recreatieve winkelgebieden

doelgerichte aankopen. Goede auto-bereikbaarheid is hier

Dit is een compleet winkelgebied gericht op kijken,

belangrijk. In de Westelijke Mijnstreek maken we onderscheid

vergelijken, ontmoeten en vermaak. Horeca in combinatie

tussen:

met het winkelaanbod maakt dat bezoekers hier langere tijd

•

verblijven (vaak > 45 min). Een recreatief winkelgebied heeft

een groot verzorgingsbereik en overwegend veel nietdagelijks aanbod. Het centrum van Sittard valt hieronder.

Bovenlokaal PDV-cluster: Retailpark Sittard Geleen en Detailhandelszone Handelscentrum Bergerweg;

•

Lokaal PDV-zone: Dr. Nolenslaan, Beekerhoek en Poort van Stein.

Dagelijkse winkelgebieden zoals dorps- en buurtcentra:

Bijzonder regionaal winkelgebied

gericht op dagelijkse aankopen

Gelet op de omvang en het atypische karakter van Makado

Dit zijn winkelgebieden die het complete pakket dagelijkse

is ervoor gekozen om in het geval van de Westelijke

aankopen bieden. In het kader van de leefbaarheid is een

Mijnstreek een vierde categorie toe te voegen aan de

goede spreiding gewenst. Aanvullend op dagelijks aanbod

detailhandelsstructuur: Bijzonder regionaal winkelgebied.

bieden de grotere dagelijkse centra ook enig niet-dagelijks

Het gaat hier om een winkelgebied buiten de (historische)

aanbod aan. Er is hiërarchisch onderscheid naar:

binnenstad met een ongekende trekkracht en een compleet

A. Klein stadsdeelcentrum: Geleen centrum;

aanbod dagelijkse en niet-dagelijkse artikelen . Goede

B. Groot dorpscentrum : Beek centrum en Stein centrum;

bereikbaarheid en parkeervoorzieningen zijn randvoor-

C. Klein dorpscentrum: Elsloo centrum en Born centrum;

waarden. Bezoekmotief is vooral doelgericht kopen.

Klein stadsdeelcentrum

Figuur 3. Toekomstige detailhandelsstructuur Westelijke Mijnstreek

17

3.2.1 Recreatief winkelgebied Visie recreatief winkelgebied

Uitgangspunten

Sittard wordt nadrukkelijke gepositioneerd als het

Uitgangspunt 1: Sittard-centrum is het subregionale

kernwinkelgebied, aanloopgebied, transitiegebied en

subregionale hoofdcentrum van de Westelijke Mijnstreek

recreatieve hoofdcentrum van de Westelijke Mijnstreek.

horecacluster.

en krijgt daarbij passende prioriteit in het beleid. Het

o Sittard-centrum wordt nadrukkelijk aangewezen als

o Het centrum kenmerkt zich van oudsher door een zeer

historische centrum zet sterk in op recreatief winkelen, ontmoeten, beleven en verblijven. In het centrum van Sittard blijven winkels belangrijk, maar het centrum is méér

Uitgangspunt 3: We maken onderscheid tussen het

hoofdcentrum waar men vanuit de regio heen gaat om

lang winkellint. Het streven is een compacte ruimtelijk-

recreatief te winkelen.

functionele structuur, met onderscheidende deelgebieden.

o Er is een omvangrijk keuzegevoelig aanbod in de

o In 2016 werd een duidelijk onderscheid gemaakt tussen

dan alleen een winkelgebied. Het centrum van Sittard dient

branches mode, schoeisel, luxe artikelen en vrije tijd.

kernwinkelgebied en transformatiegebied. Deze

zich te ontwikkelen naar recreatieve binnenstad met een

Ook grootschalige winkelformules in deze branches

afbakening is te scherp. Vanaf nu hanteren we een

sterke mix van detailhandel, horeca en dienstverleners.

dienen zich hier te vestigen. Het is dan wel van belang

onderverdeling in 4 gebieden: kernwinkelgebied,

Voor inwoners, regiobezoekers en toeristen de plek om te

dat er grote winkelunits zijn om deze formules te

aanloopgebied, transitiegebied en horecacluster. Deze

winkelen en elkaar te ontmoeten binnen een fraai

accommoderen.

gebieden gaan vloeiend in elkaar over en worden

historisch decor.

o Een goede samenwerking tussen ondernemers,

hieronder toegelicht:

vastgoedeigenaren en gemeente is nodig om de Het centrum van Sittard bestaat uit diverse straten. Het

gewenste positie te bereiken en behouden.

centrum heeft van oudsher een sterk lineair karakter met

Kernwinkelgebied: hoofdwinkelzone, detailhandel speelt in deze zone de hoofdrol, maar wel in synergie met andere

aanzienlijke loopafstanden. Compactiseren is een noodzaak

Uitgangspunt 2: Het centrum van Sittard is duidelijk meer

functies zoals horeca en recreatie. Attractiviteit zit in

en krijgt prioriteit. Belangrijk hierbij is dat de bezoeker op

dan een winkelgebied en verschuift van een winkelgebied

aanwezigheid van bekende formules, aangevuld met

een natuurlijke manier door het centrum wordt geleid door

naar een belevingsgebied.

eigentijds (lokaal) aanbod, overige centrumfuncties zoals

circuitvorming. Samen met ondernemers, eigenaren en

o Functies zoals horeca, cultuur, leisure, ambulante

horeca en cultuur, een sterke ambulante handel en passende

bewoners wordt ingezet op duidelijke en onderscheidende deelgebieden.

handel, evenementen, diensten en blurring concepten

evenementen. Voorstel is het kernwinkelgebied te

behouden/ krijgen een plek.

compactiseren tot een kernwinkelcircuit (zie volgende pagina).

o Gezamenlijk uitwerken van een centrumactieplan, met

Het ABC-complex blijft hiermee onderdeel van het

aandacht voor Ligne. Hierbij onderzoeken of de

kernwinkelgebied, waardoor het belangrijk is dat de begane

leegstand in Ligne ingevuld kan worden met een

grond ingevuld wordt met detailhandel.

maatschappelijke of culturele functie. o Historisch karakter van Sittard inzetten in promotie en

Aanloopgebied: zone grenzend aan het kernwinkelgebied,

marketing. Daarbij actief samenwerken met Visit Zuid-

minder nadruk op landelijk filiaalbedrijf, waar naast winkels

Limburg om toeristen naar Sittard te trekken.

ook andere functies (diensten, wonen, cultuur, kantoor) een

18

Figuur 4: Afbakening centrum Sittard plek hebben of krijgen. Aantrekkelijkheid van deze zone is de afwisseling van functies, verrassende kleine lokale winkels en

blurring. Transitiegebied: vanuit het streven naar een compacter winkelgebied zonder leegstand, is het nodig detailhandel buiten het kernwinkelgebied en aanloopgebied te ontmoedigen. Belangrijk is om in dit gebied wonen, werken en studeren (‘third places’) te bevorderen, voor levendigheid en draagvlak voor de voorzieningen, inclusief toerisme. Voorstel voor deze zone: alle locaties buiten kernwinkelgebied en aanloopgebied. Horecacluster (in lijn met horecavisie): het horecaconcentratiegebied is gevestigd op de Markt. Voor deze locatie geldt dat de horecavisie leidend is. Wat zijn de risico’s als we hier niet voor kiezen?

Kijkend naar de leegstand en bezoekersaantallen heeft Sittard centrum de afgelopen jaren marktpositie verloren. Een gestructureerde aanpak kan niet achterwege blijven, met het oog op alle dreigende gevolgen voor het ondernemerschap, investeringsklimaat en voorzieningenniveau. Potentie gaat verloren, barrières blijven en Sittard-centrum komt niet uit de negatieve spiraal. Het is belangrijk consequent beleid te voeren: als Sittardcentrum inzet op behoud en krimp, kan in omliggende centra geen sprake zijn van onbeperkte groei. Dit betekent dat er strakke regie nodig is in de dynamiek in de detailhandel, in het belang van Sittard-Centrum.

Concentratiegebied/ kernwinkelgebied

Aanloopgebied

Transitiegebied

Horecacluster

19

3.2.2 Dagelijkse centra

Uitgangspunten

Visie dagelijkse centra en supermarkten

Uitgangspunt 1: Supermarkten zijn de trekkers van en

Dagelijkse centra vervullen een belangrijke rol in het voorzieningenniveau voor eigen inwoners en zorgen ervoor dat bewoners op relatief korte afstand van hun woning dagelijkse aankopen kunnen doen. Daarnaast vervullen dagelijkse centra ook een belangrijke economische (werkgever) en maatschappelijke rol (ontmoeting) voor inwoners. Het is belangrijk om de dagelijkse centra te behouden en een goede spreiding van het dagelijkse

aanbod te waarborgen.

horen in de dagelijkse centra. o Voor supermarkten geldt dat deze gevestigd moet worden in of aansluitend op bestaande dagelijkse centra. De trekkracht van een supermarkt is in deze centra onmisbaar en zorgt voor leefbaarheid; o In een stadsdeelcentrum (zoals Geleen) zijn normaal gesproken 3 supermarkten aanwezig (verzorgingsgebied

> 25.000 inwoners) , in dorpscentra zijn 2 supermarkten de norm (verzorgingsgebied 10.000-20.000 inwoners), in buurtcentra (5.000 tot 10.000 inwoners) is in beginsel

Supermarkten zijn vanwege hun trekkracht cruciaal voor

ruimte voor één supermarkt die zich richt op de buurt;

het functioneren van dagelijkse centra en daarmee voor de

o Daarnaast is er ruimte voor enkele supermarkten aan de

leefbaarheid in wijken en dorpen. Aanvullend aanbod zoals

stadsrand (rand van Sittard centrum) en in koopcentrum

versspeciaalzaken, drogist, slijterij en bloemist, alsmede

Makado; deze supermarkten hebben vaak een groot

enige horeca en dienstverlening, maken het dagelijks

oppervlak en vervullen een functie voor een groot

centrum compleet. In grotere verzorgingsgebieden zijn ook

gebied (AH in Makado en Brugstraat Sittard);

aanvullende branches zoals Mode & Luxe in de dagelijkse centra gevestigd.

o Sommige kleine kernen hebben uitsluitend één solitaire supermarkt. Leefbaarheid dient behouden te worden in deze kernen. Dit geldt o.a. voor Jumbo Urmond, SPAR Spaubeek en Albert Heijn Grevenbicht. Beperkte uitbreiding in het kader van modernisering is mogelijk, mits het geen verdringend effect heeft; o In figuur 3 (p.16) zijn de dagelijkse centra schematisch weergegeven. Dit vormen de streeflocaties en zijn de plekken waar clustering van dagelijks aanbod gewenst is.

Uitgangspunt 2: Geen ruimte voor nieuwe supermarkten, wel

ruimte voor beperkte, kwaliteitsgerichte uitbreiding bestaande supermarkten in dagelijkse centra. o Er is geen marktruimte voor het toevoegen van nieuwe supermarkten. Uitbreiding van het aantal supermarkten is dan ook niet wenselijk. Wel is verplaatsing mogelijk. o Fysieke uitbreiding van supermarkten in dagelijkse centra is mogelijk zolang het om een optimalisatie van de huidige formule gaat, mits ruimtelijk inpasbaar en onder voorwaarde dat d.m.v. een Ladderonderbouwing aangetoond wordt dat het niet leidt tot aantasting van de vitaliteit van andere winkelclusters. Hierbij is oog voor voldoende parkeren. o Bewaakt moet worden dat supermarkten de structuur niet verstoren en een afgebakend gebied bedienen. Er is geen ruimte voor mega-supermarkten die de fijnmazige structuur doorkruisen.

o De afspraken –met betrekking tot het uitbreiden en afstemmen van supermarkten- zoals benoemd in de SVREZL blijven gelden. Uitgangspunt 3: In principe geen uitbreiding solitaire en perifere supermarkten o Supermarkten op perifere en solitaire locaties dragen nauwelijks bij aan de leefbaarheid en het ondernemersklimaat in dorpen en buurtcentra. Uitbreiding van supermarkten op deze locaties is in beginsel niet gewenst en daardoor uitsluitend mogelijk als aangetoond kan worden dat er geen verdringing ontstaat van de supermarkten gevestigd in winkelgebieden (streeflocaties). Het mag in dit geval uitsluitend gaan om een

Hoewel actief beleid gericht op verplaatsen van solitaire

optimalisatie van de huidige formule. In dat geval is een

supermarkten niet wordt gevoerd, dienen alle kansen die

eenmalige uitbreiding van maximaal 10% van het bestaande

zich voordoen om solitaire supermarkten te verplaatsen

metrage (bvo) toegestaan. Ter verduidelijking, met solitaire

naar een centrumgebied, te worden benut.

supermarkten worden niet de supermarkten bedoeld die als enige winkel in een kleine kern liggen.

18 20 Uitgangspunt 4: Buurtcentra richten zich op de buurt.

Klein stadsdeelcentrum Geleen

o Buurtcentra richten zich op de omliggende buurt en

Visie Geleen-centrum

hebben een beperkt metrage voorzieningen: basisdetailhandel (supermarkt, bloemen, slijterij e.d.), basishoreca (cafetaria, snackbar e.d.) en basis-diensten (kapper, stomerij e.d.). o Uitzondering hierop is het supermarktcluster Fortuna dat als aparte categorie wordt aangemerkt

(supermarktcluster). Het verzorgingsgebied van deze twee supermarkten is Sittard-Zuid. Er is geen ondersteunend aanbod toegestaan, aangezien dit niet past bij de grootschalige karakteristiek van de locatie.

In tegenstelling tot de meeste andere dagelijkse centra, staat

producten (tweedehandskleding). De vergelijking met

het centrum van Geleen al jaren sterk onder druk. Steeds

Eindhoven in het klein is terecht.

meer winkels verdwijnen uit het straatbeeld, met langdurige en grootschalige leegstand tot gevolg. Landelijk zien we het

Voor wat betreft detailhandel zien we de meeste kansen

beeld dat winkelketens zich uit veel plaatsen terugtrekken;

voor dagelijks aanbod, aangevuld met een niet al te ruim

binnen de Westelijke Mijnstreek kiezen ze niet meer voor

niet-dagelijks aanbod. Daarmee profileert Geleen-centrum

Geleen, maar voor het naburige Makado of voor Sittard-

zich als winkelgebied op het niveau van een ‘klein

centrum.

stadsdeelcentrum’3. Versterking van het aanbod dagelijks is

Om de enorme leegstand in Geleen aan te pakken, is het nodig actief aan de slag te gaan met de compactiserings- en

Uitgangspunt 5: Ieder centrum heeft eigen kenmerken,

transformatieopgave. Het winkelareaal moet structureel

kansen en opgaven waar op ingespeeld moet worden.

worden verkleind en er moet naar andere invulling worden

o Optimaliseren en compactiseren dagelijkse centra.

gezocht. Dit vraagt om een intensieve samenwerking tussen

Uitbreiding (ruimtelijk-functioneel) van dagelijkse centra is

ondernemers, vastgoedeigenaren en gemeente. Met het

niet gewenst.

oprichten van Ontwikkelpad Geleen worden hier stappen in

o Per dorpscentrum keuzes en prioriteiten stellen in de

initiatieven, aanbieders van gerecyclede en/of hergebruikte

gezet.

uitvoering; dit kan nader uitgewerkt worden bijvoorbeeld

Het Ontwikkelpad houdt zich -in lijn met Toekomstvisie

in een centrumvisie.

Sittard-Geleen 2030- bezig met het ontwikkelen van een

gewenst en noodzakelijk om de functie van een klein stadsdeelcentrum te vervullen. Denk hierbij aan sterke supermarkten maar tegelijk ook aan goede versspeciaalzaken en alle ruimte voor de goed bezochte weekmarkt. De trekkracht van supermarkten is essentieel en onmisbaar voor overig aanbod in het centrum van Geleen. Het heeft dan ook prioriteit om de inpasbaarheid van supermarkten in het centrum te onderzoeken en te streven naar drie goed functionerende supermarkten in/aan de directe rand van het centrum.

geheel nieuw perspectief voor Geleen centrum. Niet door

Voor een klein stadsdeelcentrum zijn goede

terug te grijpen op de oude en vertrouwde situatie, maar

Dagelijkse centra (stadsdeelcentra, dorpscentra,

bereikbaarheid en voldoende parkeerplekken essentieel.

juist door (ingrijpende) keuzes te maken en een nieuwe

buurtcentra) voorzien in de dagelijkse benodigdheden van

Bezoekers moeten gemakkelijk en doelgericht (dagelijkse)

afslag te nemen. Er wordt ingezet op functiemenging, met

dorps- en buurtbewoners. Uit onderzoek blijkt dat

aankopen kunnen doen, zonder daarbij te moeten betalen

als doel het centrum te ontwikkelen tot een Innovation

supermarkten minimaal 10.000 bezoekers op weekbasis

voor parkeren. Het is wenselijk om het parkeerregime in

District, wat in nauwe verbinding staat met Chemelot met

trekken2. Van deze bezoekers legt 40% een combinatie-

het verlengde van voorliggend beleid te herijken.

haar vele hoogopgeleide kenniswerkers. In het centrum van

bezoek af aan een andere winkel, mits deze nabijgelegen is.

Geleen staan winkelen, wonen en werken centraal, waarbij

Daarmee zijn supermarkten cruciaal voor positiebehoud van

o.a. de thema’s duurzaamheid, circulariteit en innovatie

dagelijkse centra, die zich richten op hoogfrequente

belangrijk zijn. Denk hierbij aan duurzame producten, lokale

Wat zijn de risico’s als we hier niet voor kiezen?

aankopen. 2 Bron: DTNP (2021), Trekkersrol supermarkten

3 De aanduiding ‘klein’ is bedoeld als tegenhanger van het ‘groot’ stadsdeelcentrum: een klein stadsdeelcentrum bedient 25.000 tot 50.000 inwoners, een groot stadsdeelcentrum 50.000 tot meer dan 100.000. Qua aanbod ligt in een klein stadsdeelcentrum de nadruk meer op dagelijks en beperkt niet dagelijks, in een groot stadsdeelcentrum ligt de nadruk op niet-dagelijks aanbod.

21

Afbakening Geleen centrum:

Daadwerkelijke realisatie is de vervolgstap en vraagt (in het

Wat zijn de risico’s als we hier niet voor kiezen?

De toekomst en bijbehorende invulling van Geleen Centrum

geval van Geleen) om het actief verplaatsen van winkels,

In Geleen-centrum zijn hoe dan ook krachtige ingrepen

is ten tijde van opstellen van voorliggend beleid nog niet

evenals het toevoegen van nieuwe functies in het

nodig. De leegstand is wijd verspreid over de gehele

definitief bepaald. Vanuit detailhandelsoogpunt wordt een

kernwinkelgebied.

binnenstad en zal, wanneer niet wordt ingegrepen, nog verder toenemen en verspreiden. Dit creëert een negatieve

driedeling voorgesteld

spiraal, waar winkels moeten sluiten en het economisch functioneren van het centrum van Geleen afneemt. Het is

Kernwinkelgebied: in Geleen blijft ruimte voor een klein, krachtig kernwinkelgebied, detailhandel speelt in deze zone

zaak de krachten die er nog zijn, te bundelen en toe te

Figuur 5: Afbakening centrum Geleen

werken naar een nieuwe identiteit.

de hoofdrol. Voorstel is het kernwinkelgebied te compactiseren tot twee circuits die samen een 8-vorm hebben: het noordcircuit betreft alle vier zijden van de Markt, en het zuidcircuit bestaat uit het rondje Ansemburgstraat Salmstraat (zuidelijk deel) - Raadhuisstraat - Markt. Aanloopgebied: aangrenzend gebied met een combinatie tussen winkels en andere functies zoals wonen en werken. Voorstel voor deze zone: Salmstraat-Noord, Rijksweg

centrum, Passage en Annastraat. Supermarkten zijn belangrijke dragers van Geleen-centrum en moeten een plek krijgen in/aan de directe rand van het kernwinkelgebied en het aanloopgebied. Transitiegebied: vanuit het streven naar een compacter

winkelgebied zonder leegstand, is het noodzakelijk alle detailhandel buiten het kernwinkelgebied en aanloopgebied actief te ontmoedigen.

Concentratiegebied/ Kernwinkelgebied

Aanloopgebied

Transitiegebied

22

. Visie dorpscentrum Beek

Visie klein dorpscentrum Born en Elsloo

Visie supermarktcluster Fortuna

Er wordt aangesloten bij de toekomstvisie Centrum Beek

De dorpscentra van Born en Elsloo vervullen een

2021: “Het centrum van Beek moet een plek zijn voor iedereen.

Met twee supermarkten vervult Fortuna een rol in de

belangrijke rol op lokaal niveau. In de kleine dorpscentra is

dagelijkse verzorging van Sittard-zuid. Het neemt

Het is het hart van de gemeente en daardoor dé plek waar

inzetten op behoud van het aanbod aan de orde. Dit is

daarmee de positie in van een supermarktcluster,

mensen graag winkelen, verblijven, wonen en ondernemen. In

belangrijk om de leefbaarheid op peil te houden. Waar

bestaande uit twee supermarkten zonder

het centrum is een passend boodschappen aanbod aanwezig.

nodig dient het dagelijkse winkelaanbod versterkt te

ondersteunende functies. De perifere winkelbestemming

De supermarkten dienen als trekkers, maar ook de

worden, mits passend bij het draagvlak van deze dorpen.

met het sportthema vervalt.

(ambachtelijke) versspeciaalzaken zijn kenmerkend. Het centrum

De centra hebben daarnaast een klein ondersteunend

is daarnaast al generaties lang de plek die inwoners en

winkelaanbod, enkele diensten en mogelijk wat horeca.

bezoekers vanuit groot gebied weet te trekken door

Door dit aanbod functioneren de kleine dorpscentra als

toonaangevende ondernemingen in detailhandel. Dit houden we

ontmoetingsplek voor de kern. Streven is om solitaire

vast door uit te blinken in kwaliteit, specialisme,

winkels naar het centrum te verplaatsen.

ondernemerschap en gastvrijheid. Om dit vast te houden is een compacter detailhandelscentrum van groot belang. Dit betekent

Visie buurtwinkelcentra

versterken van het aanbod op de ene plek en transformatie van

Draagvlakanalyse leert dat op de schaal van kleine steden

detailhandel naar andere functies op de andere locatie.”

als Sittard en Geleen, een wijkwinkelcentrumstructuur niet haalbaar is. Buurtcentra (met in principe één supermarkt)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beek&id=784d70b6-9f27-4c1f-9745-3c534f2eb92c