Bijlage 1b. Notitie structurele beheersing van het weerstandsvermogen
Tekst van het document
Notitie structurele beheersing van het weerstandsvermogen Onderstaand de op 13 juli 20223 tijdens de raadsvergadering m.b.t. de Kaderbrief, ontvangen Motie, welke unaniem is aangenomen. “overwegende, dat het weerstandsvermogen van de gemeente Beek slechts door het eenmalig toepassen van herziening bestemmingsreserves c.a. en de omvorming reserve dekking kapitaallasten c.a. slechts tijdelijk wordt vergroot en er dus andere mogelijkheden beschikbaar moeten zijn om het weerstandsvermogen structureel te kunnen beheersen op het niveau van minstens ruim voldoende. nodigt het college uit : In een notitie voorafgaande aan het presenteren van de begroting 2024 aan te gegeven welke mogelijkheden er in potentie beschikbaar zijn om toe te passen zodat de raad daarmee verantwoorde keuzes kan maken.” M.b.t. bovenvermelde vraag eerst wat algemene informatie m.b.t. weerstandsvermogen. Wat is weerstandsvermogen? Het weerstandsvermogen bestaat uit de verhouding (ratio) tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit. Het wordt omschreven als het vermogen om onvoorziene kosten die substantieel zijn, op te kunnen vangen teneinde de bestaande taken te kunnen voortzetten. Beschikbare weerstandscapaciteit Ratio weerstandsvermogen = Benodigde weerstandcapaciteit Wat is weerstandscapaciteit? De volgende vraag is dan, wat is weerstandscapaciteit.
Onder weerstandscapaciteit verstaat het BBV de middelen en de mogelijkheden waarover een gemeente beschikt c.q. kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. Incidentele weerstandscapaciteit: De ruimte om onverwachte eenmalige financiële tegenvallers op te kunnen vangen, zonder dat dit invloed heeft op de voortzetting van gemeentelijke taken. Tot de incidentele weerstandscapaciteit behoren de algemene reserve, waaronder het eventuele positieve saldo van de jaarrekening, de reserves waaraan de raad een bestemming heeft gegeven die kan worden gewijzigd, de incidentele raming voor onvoorziene uitgaven, de stille reserves en eventuele incidentele voordelen van ombuigingsmaatregelen. Benodigde weerstandscapaciteit Jaarlijks wordt in de paragraaf 1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing, zowel bij de begroting als de jaarrekening een berekening gemaakt van mogelijke risico’s. Om de benodigde weerstandscapaciteit te berekenen wordt een zgn. Monte-Carlo simulatie uitgevoerd over de netto risico’s. Uit deze simulatie volgt een tabel met zekerheidspercentages en de bijbehorende benodigde weerstandscapaciteit (kortheidshalve wordt hiervoor naar paragraaf 1 Hoofdstuk 9.1- verwezen). Met het zekerheidspercentage wordt bedoeld de zekerheid dat het weerstandsvermogen voldoende is om risico’s die zich ook daadwerkelijk voordoen te kunnen opvangen.
-2-
Een algemeen geaccepteerd en veel gebruikt uitgangspunt bij de beoordeling van het weerstandsvermogen is een zekerheidspercentage van 90%. Hoe meer zekerheid gewenst is om risico’s af te dekken hoe hoger de prijs die daaraan gekoppeld is. De achterliggende gedachte van 90% zekerheid is tweeledig, namelijk: 1. niet alle risico’s dienen zich gelijktijdig en in volle omvang aan; 2. voor een relatief klein hoger percentage aanvullende zekerheid (niet 90% maar 95% zekerheid) moet een onevenredig hoge extra buffer in de algemene reserve aangehouden worden.1 Door de Universiteit Twente is in samenwerking met het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR) een normtabel opgesteld die door veel gemeenten wordt gehanteerd als referentiekader. Weerstandsnorm WaardeRatio ring
Betekenis
A
> 2.0
Uitstekend
B
1.4 - 2.0
Ruim voldoende
C
1.0 - 1.4
Voldoende
D
0.8 - 1.0
Matig
E
0.6 - 0.8
Onvoldoende
F
< 0.6
Ruim onvoldoende
Ratio weerstandsvermogen: De minimale waardering, waar Beek naar streeft is “voldoende”. Dit is ook de algemeen geaccepteerde norm. Dit betekent dat als de ratio lager is dan 1.0 de algemene reserve aangevuld zal moeten worden en/of beheersmaatregelen (op de risico’s) moet worden genomen zodat de kans en/of de impact van de risico’s wordt verlaagd. Indien de ratio hoger is dan 1.4, kan op dat moment bekeken worden of een deel van de algemene reserve vrijvalt c.q. anders wordt ingezet of dat de extra capaciteit behouden blijft in de algemene reserve. Beantwoording vraagstelling: Het antwoord op de vraag is tweeledig. Enerzijds de teller, zijnde beschikbare weerstandscapaciteit verhogen, anderzijds de noemer, zijnde benodigde weerstandscapaciteit, verlagen. • Structurele weerstandscapaciteit: Het vermogen om onverwachte financiële tegenvallers in de begroting op te vangen, zonder dat dit gevolgen heeft voor de voortzetting van gemeentelijke taken. De middelen die dat vermogen bepalen zijn: - de onbenutte belastingcapaciteit (bijv. verhogen van de OZB); - de structurele raming voor onvoorziene uitgaven (50.000 jaarlijks); - de begrotingsruimte (verschil tussen de geraamde baten en lasten in een jaar);
-3-
- de eventuele structurele voordelen van te nemen ombuigingsmaatregelen. • De benodigde weerstandscapaciteit Is het aantal risico’s die zich kunnen voordoen. Hoe meer risico’s (deels) worden afgedekt, hoe minder de benodigde weerstandscapaciteit is. Deels zijn risico’s verzekerd, om de kans op (financiële) schade te beperken. Echter veel zaken zijn niet te verzekeren, of er is slechts een geringe kans dat zich een voorval voordoet, alleen de omvang van de financiele schade is dan enorm. Daarnaast zijn de budgetten in het sociaal domein de laatste jaren fors bijgeraamd om zo het risico van budgetoverschrijdingen kleiner te maken. Hierdoor zijn deze risico’s naar beneden bijgesteld en heeft dit een positief effect op het weerstandsvermogen.