Begroting 2027 - meerjarenraming versie 0.1
Tekst van het document
Begroting 2027 Meerjarenraming 2027-2030 Concept
Voorlopige vaststelling in de vergadering van het algemeen bestuur op 26 maart 2026. Voor te leggen aan de raden van de deelnemende gemeenten en het algemeen Bestuur van het Waterschap Limburg per 27 maart 2026. Definitief vast te stellen in de vergadering van het algemeen bestuur op 9 juli 2026.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
2
Inhoudsopgave
A. Inleiding ............................................................................................................................ 4 1. Algemeen ...................................................................................................................... 4 2. Het Gegevenshuis, missie en visie ................................................................................ 4 3. De organisatie................................................................................................................ 5 4. Ontwikkelingen .............................................................................................................. 5 B. Beheer van Het Gegevenshuis ......................................................................................... 6 Taakvelden ingevolge het BBV .......................................................................................... 6 Controle en verantwoording ............................................................................................... 7 C. Financieel ......................................................................................................................... 8 1.
De begroting 2027 ................................................................................................... 8
1.1
Toelichting lasten begroting 2027 ...........................................................................10
1.2
Toelichting baten begroting 2027 ...........................................................................14
2.
De meerjarenraming 2027-2030 .............................................................................16
2.1
Specificatie lasten meerjarenraming 2027-2030 .....................................................17
2.2
Specificatie baten meerjarenraming 2027-2030 .....................................................18
3.
Overzicht van baten en lasten, totaal en verdeeld naar de taakvelden ...................19
4.
Incidentele en structurele lasten en baten ..............................................................21
5.
Bestaand en nieuw beleid ......................................................................................21
6.
Reserves ................................................................................................................21
7.
Risico’s...................................................................................................................21
D. Verplichte paragrafen.......................................................................................................22 Ad 1. Lokale heffingen .....................................................................................................22 Ad 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................22 Ad 3. Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................24 Ad 4. Financiering............................................................................................................25 Ad 5. Bedrijfsvoering .......................................................................................................30 Ad 6. Verbonden partijen .................................................................................................30 Ad 7. Grondbeleid............................................................................................................30 Ad 8. Taakstellingen, ombuigingen en/of bezuinigingen ..................................................30 Ad 9.
Openbaarheidsparagraaf........................................................................................30 Bijlage A ...............................................................................................................................31 Bijlage B ...............................................................................................................................35 Bijlage C ...............................................................................................................................36 Lijst afkortingen ....................................................................................................................38
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
3
A. Inleiding 1. Algemeen Op basis van de ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden en de jaarrekening 2025 kon de begrotingswijziging 2026 worden opgemaakt en ligt deze samen met deze begroting 2027 en meerjarenraming voor. Ingevolge de Wet gemeenschappelijke regelingen, dient vóór 15 april de ontwerpbegroting voor het volgend jaar door het dagelijks bestuur aan de Gemeenteraden van de deelnemende gemeenten en het algemeen bestuur van het Waterschap Limburg te worden voorgelegd. De raden van de deelnemende gemeenten en het algemeen bestuur van het Waterschap kunnen hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het algemeen bestuur kan na ommekomst van twaalf weken na verzending van de ontwerpbegroting aan de Gemeenteraden van de deelnemende gemeenten en het algemeen bestuur van het Waterschap de begroting vaststellen. Binnen 2 weken na vaststelling door het algemeen bestuur, maar in ieder geval voor 15 september, dient het dagelijks bestuur de begroting te sturen aan Gedeputeerde Staten. Het Gegevenshuis koerst steeds op afronding voor het zomerreces. Er is bij deze uitvoeringsorganisatie geen sprake van verschillende programma’s die verschillende maatschappelijke, economische, sociale of culturele effecten beogen. De sturing op dit soort programma’s berust bij de deelnemers.
Het Gegevenshuis levert een bijdrage aan de verantwoordelijken voor programma’s bij de deelnemers in de vorm van wettelijke uitvoeringstaken of het leveren van geo-data. Volgens het nieuwe BBV dienen de geraamde lasten en baten te worden gerubriceerd volgens de taakveldindeling. Voor Het Gegevenshuis onderscheiden we thans de volgende taakgebieden: 040 210 570 720 810 830
Overhead Verkeer en vervoer (databeheer grijs) Openbaar groen (databeheer groen) Riolering (databeheer statische rioolgegevens) Ruimtelijke ordening (beheer BGT) Wonen en bouwen (beheer BAG)
2. Het Gegevenshuis, missie en visie Het Gegevenshuis ontzorgt (lokale) overheden op het gebied van het opzetten en het beheren van object- en ruimtegerelateerde (Basis-)registraties en geometrie, alsmede het daarmee samenhangende beeldmateriaal. Hiermee kunnen (lokale) overheden voldoen aan wettelijke verplichtingen op dit gebied en kunnen dienstverlening en bedrijfsvoering kwalitatief hoogwaardig en kosteneffectief worden uitgevoerd. Het Gegevenshuis is door de opdrachtgevende overheden tevens opgericht om innovatie in technologieën te vertalen naar de toepassing van object- en ruimtegerelateerde data in het publieke domein, waardoor Het Gegevenshuis een substantiële bijdrage kan leveren aan het imago van de regio en de regionale (economische) ontwikkelingen en bijbehorende werkgelegenheid. Als openbaar lichaam fungeert Het Gegevenshuis als shared service centre in het publieke domein en ligt de focus om continu te innoveren, de dienstverlening te verbeteren en lasten te reduceren. Het Gegevenshuis is een kwalitatief hoogwaardige en innovatieve uitvoeringsorganisatie die werkt op basis van dienstverleningsovereenkomsten met bijbehorende productbladen met duidelijk gedefinieerde kwaliteiten en kwantiteiten.
Het onderscheidend vermogen van Het Gegevenshuis zit enerzijds in de integrale benadering van (basis)registraties in administratieve en geometrische zin en waar mogelijk en relevant bij te dragen aan datagestuurd beleid, - uitvoering en – dienstverlening door de deelnemers, anderzijds in het vermogen om nieuwe ontwikkelingen, nieuwe technologieën, nieuwe bedrijfs-voeringconcepten van lagere overheden en nieuwe vormen van (publieke) dienstverlening toepasbaar aan te bieden (uiteraard via de gemeentelijke portal). Nieuwe producten, nieuwe diensten en nieuwe afnemers vloeien hieruit voort. Voor alles geldt dat de levering van producten en diensten de marktconformiteitstoets moet doorstaan. Het Gegevenshuis fungeert als ware het een profit-organisatie, solide en betrouwbaar. Hierbij staat evenwel de status, verplichtingen en (wettelijke) verantwoording als openbaar lichaam voorop.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
4
3. De organisatie Per 1 juli 2015 hebben de gemeenten Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Nuth, Onderbanken, Simpelveld en Voerendaal de gebiedsonafhankelijke gemeenschappelijke regeling opgericht en per die datum werden alle rechten, plichten, goederen en personeel overgenomen van de GBRD/BAG-Geo, onderdeel van de Stadsregio Parkstad Limburg. Per 1 januari 2016 is de gemeente Schinnen toegetreden, per 1 januari 2017 het Waterschap Limburg en per 1 januari 2018 de gemeente Eijsden-Margraten. Per 1 januari 2019 is de gemeente Vaals toegetreden en als gevolg van de gemeentelijke herindeling de gemeente Beekdaelen. Per 1 april 2020 is de gemeente Sittard-Geleen toegetreden en per 1 januari 2023 de gemeente Gulpen-Wittem. Per 1 januari 2026 is de gemeente Beek toegetreden. Het algemeen bestuur van Het Gegevenshuis wordt gevormd door de portefeuillehouders van de deelnemende gemeenten en het Waterschap Limburg. Het aantal stemmen is gerelateerd aan de bijdrage aan Het Gegevenshuis en de bijdrage is gebaseerd op de afname van producten en diensten. Hiertoe wordt jaarlijks een dienstverleningsovereenkomst met iedere deelnemer apart afgesloten met daarbij behorende productbladen waarin per product de te leveren kwaliteiten, doorlooptijden en lasten zijn bepaald. Het aantal stemmen per deelnemer is terug te vinden in de bijlage.
Het Gegevenshuis is dan ook een typische uitvoeringsorganisatie, waarbij de deelnemers de rol van opdrachtgever en Het Gegevenshuis de rol van opdrachtnemer vervult. Behoudens de uitvoering van de BGT staat het de deelnemers vrij om de soort en omvang van de af te nemen producten te bepalen. Het dagelijks bestuur informeert het algemeen bestuur jaarlijks over de voortgang en legt verantwoording af over de bestede middelen. De directeur van Het Gegevenshuis is onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur belast met De leiding van de uitvoeringsorganisatie en met de zorg over de juiste taakvervulling. Er is één organisatiemanager die voor de operationele sturing zorgt. Ondersteunende functies op het gebied van de PIOFAH-taken zijn voor een belangrijk deel belegd bij de deelnemende gemeente dan wel worden op ad hoc basis ingehuurd. Voor financiën, informatiemanagement en privacy zijn 2,8 fte in eigen dienst. Daar waar bedrijfsvoeringstaken zijn uitbesteed, hebben deze medewerkers een regierol. Op het gebied van financiën, privacy, beveiliging, informatiemanagement en archivering is professionalisering verankerd via kwaliteitsmanagementsystemen. Het Gegevenshuis is ISO 9001 en ISO 270001 gecertificeerd.
4. Ontwikkelingen Strategische pijler groei Groei blijft één van de pijlers van de strategische agenda. Groei dient verantwoord te zijn. Het uitgangspunt is en blijft dat de overeengekomen dienstverlening met de huidige deelnemers nimmer in het gedrang mag komen. Groei wordt nagestreefd door primair nieuwe toetreders en secundair uitbreiding van producten en diensten bij de huidige deelnemers. Bij de opmaak van deze begroting zijn er verder geen meldingen te maken over nieuwe potentiële toetreders. Wel zijn er contacten geweest met het Ministerie van BZK voor het beheer van basisregistraties voor Bonaire, St. Eustatius en Saba door Het Gegevenshuis. Dit heeft echter nog niet tot een concrete opdracht geleid. Strategische pijler innovatie Op 3 juli 2025 heeft het algemeen bestuur besloten om Het Gegevenshuis opdracht te geven voor de ontwikkeling van een programma innovatie waarbij het bestuur in stelling wordt gebracht om op basis van businesscases, usecases, kosten-/batenanalyses plus maatschappelijke impactanalyses de innovatierichting te bepalen en concrete besluiten kan nemen om projecten uit te voeren. Het eerste beslismoment in deze wordt medio 2026 verwacht. Dit besluit is meegenomen in de organisatieontwikkeling naar Het Gegevenshuis 2.0 waarbij innovatie in de structuur is verankerd.
Het algemeen bestuur is zich er bewust van dat serieus innoveren ook serieuze middelen vereist en dat derhalve in eerste instantie het bestuur de richting van de innovatie dient te bepalen. Indien dit aan de orde is, zal – afhankelijk van de besluitvorming – een tweede bijstelling van deze begroting en een aanpassing van de begroting 2027 en meerjarenraming noodzakelijk zijn.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
5
Huisvesting In de vergadering van het algemeen bestuur van 4 november 2022 werden ten aanzien van de huisvesting onder andere de volgende conclusies getrokken met betrekking tot het thema organisatiegericht huisvesten: De huidige locatie en het gebouw als zodanig zijn goed, maar de uitstraling aan de binnenkant van het gebouw past niet bij de missie, visie en strategische agenda. Inrichtingscomponenten zijn verouderd en het werkplekconcept past functioneel en qua uitstraling totaal niet bij de organisatie en werkt averechts op het boeien en binden van personeel. Er dient dan ook toegewerkt te worden naar een nieuw kantoorconcept/nieuwe inrichting. Buiten de invloedssfeer van Het Gegevenshuis kon aan deze opdracht pas echt vervolg worden gegeven eind 2025. Verwacht wordt dat de uitwerking medio 2026 ter besluitvorming kan worden voorgelegd aan het algemeen bestuur. De hiermee samenhangende kosten betreffen investeringen zoals bedoeld in artikel 35 van het Besluit Begroting en Verantwoording en worden lineair afgeschreven in 40 jaar (gebouw) dan wel 10 jaar (kantoormeubilair). Afschrijving vindt plaats voor de eerste keer in het jaar volgend op het jaar waarin de investering heeft plaatsgevonden. Ondanks dat besluitvorming nog dient plaats te vinden is in deze primaire begroting 2027 en de meerjarenraming hiervoor wel alvast een stelpost opgenomen.
B. Beheer van Het Gegevenshuis Taakvelden ingevolge het BBV Een gemeenschappelijke regeling dient te voldoen aan de eisen van het BBV. In een programmabegroting geeft de gemeente of de gemeenschappelijke regeling aan wat ze willen bereiken, hoe ze dat gaan doen en hoeveel geld daarvoor wordt uitgetrokken. Bij hetgeen men wil bereiken gaat het om maatschappelijke, economische, sociale, of culturele effecten. In zoverre zou een programmabegroting voor een organisatie als Het Gegevenshuis enigszins gekunsteld overkomen. Het is immers een uitvoeringsorganisatie die levert aan de gemeentelijke afdelingen en functionarissen die sturing geven aan de programma’s als hiervoor bedoeld. Het is niet aan Het Gegevenshuis om te bepalen welke maatschappelijke of economisch effecten worden beoogd noch om verantwoording te nemen voor de uitvoering daarvan. Dit is en blijft de exclusieve verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten en het Waterschap Limburg. Het Gegevenshuis levert hiervoor ondersteuning. De begroting van Het Gegevenshuis wordt in feite bepaald door de optelsom van de gesloten dienstverleningsovereenkomsten met bijbehorende productbladen. Hierin staat wat Het Gegevenshuis moet bereiken in elk begrotingsjaar van welke kwaliteit en met welke doorlooptijden en hiervoor stellen de deelnemers de middelen beschikbaar op basis van een transparante voorcalculatie.
Wat dan nog rest is de strategische agenda van Het Gegevenshuis die rust op de pijlers groei en innovatie. In de inleiding zijn de ontwikkelingen in dit kader opgenomen. Als deze ontwikkelingen tot positieve besluitvorming leiden, krijgen deze ook weer hun vertaling in de dienstverleningsovereenkomsten en bijbehorende productbladen en volgt de structurele beheersituatie. Bij Het Gegevenshuis is sprake van een hoofdtaak: het beheren van geo-data van object- en ruimtegerelateerde (basis)registraties. Het uitvoeren van deze taken vloeit voort uit de wettelijke verplichtingen binnen het stelsel van basisregistraties (b.v. BAG, BGT, Wkpb) dan wel uit het ondersteunen van beleid, uitvoering en publieke dienstverlening bij overheidstaken, zoals grijs, groen en riool. De BAG en de BGT zijn één op één te koppelen aan taakvelden, maar dat geldt niet voor alle basisregistraties. Het geo-databeheer is volgens de beschrijvingen te koppelen aan het taakveld 040 Overhead. Dit betekent dan ook dat alle uitvoeringstaken die Het Gegevenshuis behartigt en niet rechtstreeks aan een taakveld te koppelen zijn, worden ondergebracht in het taakveld 040. De begroting kent de volgende taakvelden: 040 210 570 720 810 830
Overhead Verkeer en vervoer (databeheer grijs) Openbaar groen (databeheer groen) Riolering (databeheer statische rioolgegevens) Ruimtelijke ordening (beheer BGT) Wonen en bouwen (beheer BAG)
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
6
Voor de uitvoering van deze taken worden 3 hoofdactiviteiten onderscheiden: het inwinnen, het beheren en het uitleveren/informeren. Kernkwaliteit van Het Gegevenshuis is de integrale benadering van deze hoofdactiviteiten. Als een landmeter een gebied, gebouw of objecten gaat inmeten of als er sprake is van een bouwvergunning, dan is die inwinning zodanig opgezet dat meteen de data voor alle (basis-)registraties beschikbaar komen. Dit is uiteraard efficiënt, maar belangrijk is dat met deze kernkwaliteit tevens de belangrijke uitgangspunten gerealiseerd kunnen worden: actuele, juiste en volledige geo-data in de bestanden. De kans dat in 2 (basis-)registraties verschillende data voorkomen (toch een behoorlijk probleem in Nederland) wordt hiermee sterk gereduceerd. Met het toewerken naar een integrale objectenregistratie zet Het Gegevenshuis sterk in op uniforme en actuele data in alle registraties. Voor wat betreft het betrekken van de WOZ wordt nauw samengewerkt met BsGW.
Controle en verantwoording Zoals eerder aangegeven, vormen de dienstverleningsovereenkomsten en bijbehorende productbladen de kern van de relatie opdrachtgever – opdrachtnemer. Deze kern heeft alleen maar zin als opdrachtnemer periodiek en transparant over de overeengekomen prestaties en aantallen rapporteert. Afgesproken is om deze dienstverleningsovereenkomsten en de productbladen jaarlijks met de contractmanagers te evalueren en te actualiseren.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
7
C. Financieel Algemeen De begroting 2027 is gebaseerd op de feitelijke situatie bij de opmaak ervan en borduurt dan ook voor op de bijgestelde begroting 2026 die samen met deze begroting in het proces van besluitvorming is gebracht. Dit uiteraard voor zover deze situatie van structurele aard is. Voor een organisatie als Het Gegevenshuis die zo sterk in ontwikkeling is, kan het zijn dat alvorens het jaar 2027 van start gaat dat de feitelijke situatie weer heel anders is door besluitvorming inzake toetreding van nieuwe deelnemers of inzake uitbreiding van producten en diensten bij de huidige deelnemers. Maar bij de opmaak van deze begroting kunnen we alleen die aspecten meenemen waarover ook feitelijke besluitvorming heeft plaatsgevonden.
1.
De begroting 2027
De begroting 2027 is gebaseerd op voorcalculatie op basis van de feitelijke situatie met daaraan toegevoegd de ontwikkeling die tot bijstelling van de begroting 2026 hebben geleid en een structureel karakter hebben Indexering volgens het laatst bekende indexcijfer Prijs Bruto Binnenlands Product In de begroting is rekening gehouden met een indexering van 3,3%. Op verzoek van het algemeen bestuur is net als voorgaande jaren een actueel indexcijfer gehanteerd, zoals gemeenten dit ook doen. Hierbij is gekozen voor het indexcijfer behorende bij Prijs Bruto Binnenlands Product. Bij de opmaak van deze begroting en meerjarenraming was het laatst bekende cijfer van de maand januari 2026: 3,3% (Macro Economische Verkenning - Verdieping (cpb.nl)
Begroting
2025 jaarrekening
2027
2026 bijgesteld
Lasten Personeel, PIOFAH, Software, Inhuur Totaal Baten
€ €
5.440.088 5.440.088
€ €
5.578.455 € 5.578.455 €
5.731.889 5.731.889
Bijdragen deelnemers Bijdragen derden Renteopbrengst schatkistbankieren Mutatie reserve
€ € € €
5.039.203 71.097 20.427 0
€ € € €
5.432.074 € 52.387 € 25.542 € 0
5.652.652 54.116 25.121
Subsidie Provincie informatiecentrum naijlende effecten steenkolenwinning Totaal (Geraamd) saldo van baten en lasten Aanwenden reserve ICT Aanwenden resultaatbestemming 2025
€ € € €
81.000 5.211.727 -228.361 296.812
€ € € € €
5.510.003 -68.451 68.451 -
€ € € €
5.731.889 -
€
68.451
€
- €
-
Structureel en reëel evenwicht
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
8
Na afronding van de ICT implementatie (dataplatform etc.) in 2026 zijn er geen incidentele lasten en baten meer. Dit geldt ook voor 2027 en zijn er vooralsnog geen incidentele baten en lasten voor volgende jaren te verwachten.
Incidentele lasten en baten Lasten Eenmalige implementatiekosten ICT en overige kosten ontvlechting Totaal Baten Eenmalige baten Totaal Saldo incidentele baten en lasten Aanwenden restant reserve ICT-implementatie Structureel en reëel evenwicht
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
2027
2026 bijgesteld € €
68.451 68.451
€ €
-
€ € € €
-68.451 68.451
€ € € €
-
- €
-
€
9
1.1 Toelichting lasten begroting 2027 Lasten Het Gegevenshuis
2026 bijgesteld
2027
€ 3.569.363
Personeel Salarissen totaal Vorming opleiding
€
3.455.337
€
79.371
€
Wagenpark/reiskosten
€
45.959
€
47.476
Overige personeelskosten
€
26.620
€
27.498
Arbo-verstrekkingen personeel
€
3.571
€
3.689
Kosten medezeggenschap
€
8.925
€
9.220
Totaal personeel
€
3.619.783
Ondersteuning bedrijfsvoering Huisvesting, facilitaire diensten, ICT/KA
€
888.392
€
Applicaties bedrijfsvoering
€
33.552
€
34.659
Facilities, randapparatuur buiten contracten
€
34.621
€
35.763
Totaal bedrijfsvoering
€
956.565
€
958.742
Licentiekosten bedrijfsapplicaties Afschrijvingen
€
433.751
€
448.065
€
0
€
0
Stelpost innovatie
€
44.159
€
45.616
Totaal software
€
477.910
€
493.681
Productie (regulier)
€
44.347
€
45.810
Productie (privacy en informatie)
€
8.998
€
9.295
Inhuur ivm uitvoering strategische agenda
€
151.551
€
156.552
Inhuur trainees en detachering
€
181.769
€
187.767
Accountant
€
19.042
€
19.670
P&O/Boekhouding
€
63.343
€
65.433
Archivering
€
16.799
€
17.353
Totaal inhuur derden
€
485.849
€
501.882
Onvoorzien
€
38.348
€
38.348
Totaal
€
5.578.455
81.990
€ 3.739.236
888.319
Software
Inhuur derden
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
€ 5.731.889
10
Personeel Lasten Het Gegevenshuis
2025 jaarrekening
2026 bijgesteld
2027
3.455.337 79.371 44.959 26.620 3.571 8.925 3.619.783
€ 3.569.363 € 81.990 € 47.476 € 27.498 € 3.689 € 9.220 € 3.739.236
Personeel Salarissen totaal Vorming opleiding Wagenpark/reiskosten Overige personeelskosten/werving Arbo-verstrekkingen personeel Kosten medezeggenschap Totaal personeel
€ 3.058.450 € 50.370 € 44.071 € 46.424 € 2.011 € 9.352 € 3.210.678
€ € € € € € €
De lasten voor het personeel zijn gebaseerd op het daadwerkelijke salaris dat de medewerkers ontvangen. Er wordt dus niet begroot op schaalmaximum of maximum-1, maar op het feitelijk salaris per medewerker. Verder is de indexering conform bruto binnenlands product meegenomen. De indexering is ook in het meerjarenperspectief mee berekend. Bij de post salaris zien we in de werkelijkheid in de jaarrekening(en) een beduidend lagere besteding dan begroot. Dit heeft ermee te maken dat formatieruimte waarop de post salarissen is gebaseerd deels wordt ingevuld met detacheringen van personeel van de deelnemers, trainees of andere inhuur. In de jaarrekening komen deze lasten dan terecht op de post inhuur derden. Het jaar 2026 hebben we te maken met een pensionadagat: medewerkers nemen hun opgespaard verlof op voordat ze werkelijk met pensioen gaan. Hierbij gaat het vaak om een behoorlijk aantal dagen omdat deze medewerkers gelet op de leeftijd in een overgangsregeling zijn gevallen waardoor zij de bovenwettelijke verlofdagen wegens leeftijd of schaalindeling gedurende ruim 5 jaren hebben behouden. Dit betekent dat daar op een aantal plekken sprake is van dubbele salarissen of inhuurkosten naast salariskosten. Natuurlijk wordt geprobeerd dit te beperken door nog meer efficiencywinst te realiseren in de werkprocessen. Dit zijn echter activiteiten die een langere doorloop kennen.
De doorprojectie naar de begroting 2027 is daarmee lastig, temeer daar op onderdelen de organisatiewijziging in 2026 voor een deel nog invulling behoeft. Gelet op vorenstaande en in acht nemende dat in 2026 nog een 2 e begrotingswijziging zal volgen als besluitvorming in het kader van het programma innovatie daartoe aanleiding geeft, is het begrotingsbedrag van 2026 doorgetrokken naar 2027 (met uiteraard indexering). Ten opzichte van de bijgestelde begroting 2026 kunnen de lasten voor vorming opleiding en het wagenpark in 2026 worden doorgetrokken, rekening houdende met de indexering. Bij de overige personeelskosten gaat het in hoofdzaak om de lasten die samenhangen met de werkkostenregeling. Deze landelijk geldende regeling bepaalt dat maximaal 1,18% van het totale fiscale loon belastingvrij kan worden ingezet voor vergoedingen aan medewerkers, zoals bijdrage vakbondscontributie, kerstpakketten, afdelingsuitstapjes, vitaliteitsactiviteiten, etentjes e.d. Dat deze post incidenteel in 2025 hoger was, heeft te maken met de inhuur van een bureau voor begeleiding van de werving en selectie van de directeur/secretaris. Arbo-verstrekkingen personeel heeft te maken met verstrekkingen voor bijvoorbeeld een computerbril voor het personeel. In de post kosten medezeggenschap worden lasten begroot voor de ondernemingsraad en het lokaal overleg, zoals training en opleiding.
De lasten voor deze twee posten zijn eveneens doorgetrokken, rekening houdende met de indexering.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
11
Ondersteuning bedrijfsvoering Lasten Het Gegevenshuis
2025 jaarrekening
2026 bijgesteld
2027
Ondersteuning bedrijfsvoering Huisvesting, facilitaire diensten, ICT/KA
€
890.892
€
888.392
€
888.319
Applicaties bedrijfsvoering
€
68.761
€
33.552
€
34.659
Facilities, randapparatuur buiten contracten
€
619
€
34.621
€
35.763
Totaal bedrijfsvoering
€
960.272
€
956.565
€
958.742
Huisvesting, facilities, ICT/KA Deze post betreft de huur van het kantoorpand en alle uitbestede facilitaire diensten aan de gemeente Landgraaf en de ondersteuning op het gebied van ICT-kantoorautomatisering door Solido. Hier zijn de vastgesteld tarieven van Solido (aanbesteding ICT) meegenomen. In 2026 is nog sprake van incidentele kosten die samenhangen met fase 2 van de ICT-migratie, onder andere het dataplatform. In 2026 zal tevens besluitvorming over de herinrichting van het huidig kantoorgebouw plaatsvinden. Voor de afschrijvingskosten van de investeringen is vanaf 2027 een stelpost van € 40.000,- opgenomen die ook is doorgetrokken naar de meerjarenraming. Applicaties bedrijfsvoering Het Gegevenshuis heeft applicaties voor uren/verlof/ziekteregistratie, voor het genereren van managementinformatie en procesbeschrijvingen, voor het toegankelijk maken van documenten (o.m. voor ISO-conform te werken), voor het papierloos vergaderen en voor het registreren van opdrachten met workflow. Ten opzichte van 2026 valt hier geen verandering te verwachten behalve de indexering. Voor wat betreft de financiële- en de salarisadministratie wordt Het Gegevenshuis ontzorgd door de gemeente Landgraaf. De hiermee samenhangende kosten vinden we terug in de post diensten derden.
Facilities, randapparatuur buiten contracten Dit betreft de lasten die gemaakt moeten worden buiten de dienstverleningsovereenkomst van Landgraaf en buiten de facilitering door Solido. Concreet gaat het dan om drukwerk, presentatiehulpmiddelen, kantoormaterialen, haal- en brengservice post, onderhoud plotter e.d. Ook voor deze post geldt dat er geen afwijkingen zijn ten opzichte van de bijgestelde begroting 2026.
Software Lasten Het Gegevenshuis Software Licentiekosten bedrijfsapplicaties Afschrijvingen Innovatie Totaal software
2025 jaarrekening € € € €
487.761 0 52.100 539.861
2026 bijgesteld € € € €
433.751 0 44.159 477.910
2027 € € € €
448.065 0 45.616 493.681
Ten opzichte van de bijgestelde begroting 2026 worden in 2027 geen afwijkingen verwacht. In 2025 zijn extra kosten gemaakt voor de implementatie van de BOR-applicatie. Zoals eerder aangegeven zal over het uit te werken programma innovatie aparte bestuurlijke besluitvorming plaatsvinden en zal als daar aanleiding voor is de begroting voor 2026 worden bijgesteld met mogelijke bijstelling ook voor de begroting 2027 en volgende jaren.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
12
Inhuur derden Lasten Het Gegevenshuis
2025 jaarrekening
2026 bijgesteld
2027
Inhuur derden Productie (regulier) Productie (privacy en informatie ISOcertificering) Inhuur ivm uitvoering strategische agenda Inhuur trainees en detacheringen Inhuur expertise na-ijlende effecten steenkolenwinning Accountant P&O/Boekhouding Archivering Totaal inhuur derden
€
167.300
€
44.347
€
45.810
€ € €
10.617 235.530 162.841
€ € €
8.998 151.551 181.769
€ € €
9.295 156.552 187.767
€ € € € €
65.409 16.450 61.566 8.083 727.796
€ € € € €
19.042 63.343 16.799 485.849
€ € € € €
19.670 65.433 17.353 501.882
De inhuur van derden dient steeds in verband met de post personeel worden bezien. Zijn er veel vacatures dan zal de post inhuur stijgen en de post personeel dalen. Dit zagen we met name in 2025 waarbij bovendien sprake was van een groot project waarvoor inhuur nodig was, zoals het organisatieontwikkelingstraject en de ICT-migratie en de implementatie van de nieuwe BOR-software. De inhuur expertise na-ijlende effecten steenkolenwinning was een meerjarenproject waarvoor provinciale subsidie werd ontvangen. Dit project is in 2025 afgerond. De overige inhuur heeft te maken met het uitbesteden van accountantscontroles, de financiële- en de salarisadministratie, archivering, alsmede de inhuur van P&O expertise, bedrijfsarts en vertrouwenspersoon. Bij al deze posten geldt dat er geen ontwikkelingen te melden zijn die afwijkingen van eerdere jaren veroorzaken. De bedragen worden voor 2027 geïndexeerd ten opzichte van de bijgestelde begroting 2026.
Onvoorzien Gelet op inmiddels tien jaren ervaring hoeft de post onvoorzien niet ieder jaar te worden geïndexeerd en wordt deze ten opzichte van de bijgestelde begroting 2026 bevroren en bedraagt € 38.348,-.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
13
1.2 Toelichting baten begroting 2027 Bijdrage deelnemers Baten Het Gegevenshuis
2025 jaarrekening
2026 bijgesteld
2027
€ € € € € € € € € € € € € € €
154.883 568.186 167.292 338.402 187.707 1.573.834 193.763 319.342 163.700 1.156.268 151.414 217.712 141.804 97.767 5.432.074
161.194 € 591.337 € 174.108 € 352.192 € 195.354 € 1.637.963 € 201.659 € 332.354 € 170.370 € 1.203.380 € 157.584 € 226.582 € 147.582 € 100.993 € 5.652.652
Bijdrage deelnemers Bijdrage Beek Bijdrage Beekdaelen Bijdrage Brunssum Bijdrage Eijsden-Margraten Bijdrage Gulpen-Wittem Bijdrage Heerlen Bijdrage Kerkrade Bijdrage Landgraaf Bijdrage Simpelveld Bijdrage Sittard-Geleen Bijdrage Vaals Bijdrage Voerendaal Bijdrage Waterschap* Bijdrage deelnemers ad hoc opdrachten Totaal bijdrage deelnemers
- € 541.549 € 159.295 € 322.225 € 178.734 € 1.433.468 € 173.073 € 300.964 € 155.873 € 1.100.994 € 144.175 € 207.306 € 135.025 € 186.522 € 5.039.203 €
* Let op: voor het Waterschap Limburg is in deze bijgestelde begroting het bedrag opgenomen exclusief btw. De bijdrage inclusief btw bedraagt in de jaarrekening 2025 € 139.980,- en in de begroting 2026 € 147.008,-.Voor 2027 is de bijdrage inclusief btw € 153.278,-. Overall zien we dat de bijdragen van deelnemers zeer stabiel zijn (uitgezonderd incidentele kosten voor een nieuwe toetreder of bij een nieuw product). In de bijdragen in de bijgestelde begroting 2026 zijn de nieuwe tarieven als gevolg van de ICT-aanbesteding meegenomen en verder de indexering ten opzichte van 2026. Door groei van het aantal deelnemers of door meer afname van producten en diensten van de huidige deelnemers kan de bijdrage nog verlagen. Maar dit is ook afhankelijk van de besluitvorming rond het programma innovatie. De post bijdrage deelnemers ad hoc opdrachten heeft betrekking op allerlei opdrachten die door diverse deelnemers worden verstrekt, maar die niet geprognosticeerd zijn in de dienstverleningsovereenkomsten. Als het incidenteel afnemen van producten leidt tot een structurele afname wordt de dienst-verleningsovereenkomst bijgesteld en de bijdrage van de deelnemer structureel verhoogd. Bij de incidentele opdrachten kan vooral gedacht worden aan landmeetwerkzaamheden, thematische kaarten, gis-analyses en dergelijke. De bijdragen op productniveau zijn in de bijlage opgenomen.
Dit hoogte van deze post is gebaseerd op ervaringscijfers die in de loop der jaren zijn opgebouwd.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
14
Bijdrage derden Bijdrage derden Parkstad Mijnwater Overige opdrachtgevers Totaal bijdrage derden
2026 bijgesteld € € € €
14.475 2.846 35.066 52.387
2027 € € € €
14.953 2.940 36.223 54.116
De bijdrage derden bestaat uit structurele afnemers van producten/diensten die geen deelnemer zijn, zoals de Parkstad Limburg, Mijnwater B.V. etc. De bijdragen hebben veelal te maken met gebruik het product Geo-info en het gebruik van de KaartViewer. Ten opzichte van de bijgestelde begroting 2026 zijn deze cijfers met indexering doorgetrokken.
Overige baten Baten schatkistbankieren Renteopbrengst schatkistbankieren Totaal
2026 bijgesteld € 25.542 € 25.542
2027 € €
25.121 25.121
Bij de overige baten is een prognose van de rentebaten uit het schatkistbankieren opgenomen. Een prognose omdat nog niet op voorhand is vast te stellen wat de rentepercentages zullen zijn.
Mutaties reserves Mutaties reserve Aanwenden restant reserve ICT-implementatie Totaal
2026 bijgesteld € 68.451 € 68.451
2027 € €
0 0
Aanwending reserve ICT (bestemmingsreserve) Ter dekking van de kosten van de afronding en doorontwikkeling van de implementatie ICT wordt de het restant bestemmingsreserve in 2026 voor een bedrag van € 68.451,- in zijn geheel aangewend. Daarmee is in 2027 deze bestemmingsreserve vervallen.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
15
2.
De meerjarenraming 2027-2030
Voor de meerjarenraming is op dit moment niet meer te voorzien dan op dit moment bekend is. In hoofdzaak bestaat de meerjarenraming dan ook uit doortrekking van de bijgestelde begroting 2026 c.q. de begroting 2027 met indexering met de laatst bekende index bruto binnenlands product. Ook de salarissen werden in meerjarenperspectief doorgetrokken rekening houdende met indexering en rekening houdende met periodieke verhogingen.
Meerjarenraming Het Gegevenshuis
2027
2028
2029
2030
Lasten Personeel, PIOFAH, software inhuur
€
5.731.889
€ 5.919.775
€ 6.113.863
€ 6.314.354
Totaal
€
5.731.889
€ 5.919.775
€ 6.113.863
€ 6.314.354
Bijdrage deelnemers
€
5.652.652
€ 5.839.189
€ 6.031.934
€ 6.230.934
Bijdrage derden
€
54.116
€
55.902
€
57.746
€
59.652
Rentebaten schatkistbankieren
€
25.121
€
24.685
€
24.235
€
23.768
Totaal
€
5.731.889
Saldo baten en lasten
€
Onttrekking reserve ICT
€
Baten
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
€ 5.919.775
€ 6.113.863
€ 6.314.354
-
€
-
€
-
€
-
-
€
-
€
-
€
-
16
2.1 Specificatie lasten meerjarenraming 2027-2030 Ten behoeve van deze meerjarenraming volgt onderstaand een specificatie van de lasten op de onderdelen. Lasten Het Gegevenshuis
2027
2028
2029
2030
Salarissen totaal
€ 3.569.363
€ 3.687.152
€ 3.808.828
€ 3.934.519
Vorming opleiding
€
81.990
€
84.696
€
87.491
€
90.378
Wagenpark/reiskosten
€
47.476
€
49.042
€
50.661
€
52.333
Overige personeelskosten
€
27.498
€
28.406
€
29.344
€
30.312
Arbo-verstrekkingen personeel
€
3.689
€
3.811
€
3.936
€
4.066
Kosten medezeggenschap
€
9.220
€
9.524
€
9.838
€
10.163
Totaal personeel
€ 3.739.236
€ 3.862.631
€ 3.990.097
€ 4.121.771
Huisvesting, facilitaire diensten, ICT/KA
€
888.319
€ 917.634
€
947.634
€
979.197
Applicaties bedrijfsvoering
€
34.659
€
35.803
€
36.984
€
38.205
Facilities, randapparatuur buiten contracten
€
35.763
€
36.944
€
38.163
€
39.422
Totaal bedrijfsvoering
€
958.742
€ 990.380
€ 1.023.063
€ 1.056.824
Licentiekosten bedrijfsapplicaties
€
448.065
€ 462.851
€ 478.125
€
493.903
Afschrijvingen
€
-
€
-
€
-
€
-
Innovatie
€
45.616
€
47.122
€
48.676
€
50.283
Totaal software
€
493.681
€ 509.973
€ 526.802
€
544.186
Productie (regulier) Productie (privacy en informatie ISOcertificering)
€
45.810
€
47.322
€
48.884
€
50.497
€
9.295
€
9.602
€
9.919
Inhuur i.v.m. uitvoering strategische agenda
€
156.552
€ 161.718
€ 167.055
€
172.568
Inhuur trainees en detacheringen
€
187.767
€ 193.964
€ 200.365
€
206.977
Accountant
€
19.670
€
20.320
€
20.990
€
21.683
P&O/Boekhouding
€
65.433
€
67.593
€
69.823
€
72.127
Archivering
€
17.353
€
17.926
€
18.518
€
19.129
Totaal inhuur derden
€
501.882
€ 518.444
€ 535.553
€
553.226
Onvoorzien
€
38.348
€
€
€
38.348
Totaal lasten
€ 5.731.889 € 5.919.755
Personeel
Ondersteuning bedrijfsvoering
Software
Inhuur derden
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
38.348
38.348
€ 6.113.863
€
10.246
€ 6.314.354
17
2.2 Specificatie baten meerjarenraming 2027-2030 Aan de batenkant in meerjarenperspectief zien we dat de bijdrage van deelnemers nagenoeg gelijk op loopt met de gehanteerde index per jaar bruto binnenlands product. Baten Het Gegevenshuis
2027
2028
2029
2030
€ 161.194 € 591.337 € 174.108 € 352.192 € 195.354 € 1.637.963 € 201.659 € 332.354 € 170.370 € 1.203.380 € 157.584 € 226.582 € 147.582 € 100.993 € 5.652.652
€ 166.513 € 610.851 € 179.854 € 363.814 € 201.801 € 1.692.015 € 208.314 € 343.322 € 175.991 € 1.243.092 € 162.784 € 234.059 € 152.452 € 104.326 € 5.839.189
€ 172.008 € 631.010 € 185.789 € 375.820 € 208.460 € 1.747.852 € 215.188 € 354.651 € 181.799 € 1.284.114 € 168.156 € 241.783 € 157.483 € 107.769 € 6.031.882
€ 177.684 € 651.833 € 191.920 € 388.222 € 215.340 € 1.805.531 € 222.289 € 366.355 € 187.798 € 1.326.490 € 173.705 € 249.762 € 162.680 € 111.325 € 6.230.934
€ 54.116 € 25.121 € 79.237 € 5.731.889
€ 55.902 € 24.685 € 80.587 € 5.919.775
€ 57.746 € 24.235 € 81.981 € 6.113.863
€ 59.652 € 23.768 € 83.420 € 6.314.654
Bijdrage deelnemers Bijdrage Beek Bijdrage Beekdaelen Bijdrage Brunssum Bijdrage Eijsden-Margraten Bijdrage Gulpen-Wittem Bijdrage Heerlen Bijdrage Kerkrade Bijdrage Landgraaf Bijdrage Simpelveld Bijdrage Sittard-Geleen Bijdrage Vaals Bijdrage Voerendaal Bijdrage Waterschap Bijdrage deelnemers ad hoc opdrachten Totaal bijdrage deelnemers
Overige baten Bijdragen derden Rentebaten schatkistbankieren Totaal overige baten
Totaal baten
* Let op: De bedragen bij het Waterschap Limburg zijn exclusief btw. Bij het Waterschap Limburg gelden de volgende bedragen inclusief btw: 2027 BGT Waterschap incl. btw
€
2028
153.278
€
2029
158.047
€
163.263
2030 €
168.650
Mutaties reserves Reserve ICT Boekwaarde per 1 januari Aanwending Boekwaarde per 31 december
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
2027
2028
2029
2030
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
18
3.
Overzicht van baten en lasten, totaal en verdeeld naar de taakvelden
Totalen taakvelden
2027
2028
2029
2030
lasten
€
5.731.889
€
5.919.775
€
6.113.863
€
6.314.354
baten
€
5.731.889
€
5.919.775
€
6.113.863
€
6.314.354
geraamd totaal saldo
€
-
€
-
€
-
€
-
onttrekkingen aan reserves
€
-
€
-
€
-
€
-
structureel en reëel evenwicht
€
-
€
-
€
-
€
-
Taakveld 040 Overhead
2027
2028
2029
2030
lasten
€
1.329.030
€
1.372.594 €
1.417.596
€
1.464.083
baten
€
1.329.030
€
1.372.594 €
1.417.596
€
1.464.083
geraamd totaal saldo
€
-
€
- €
-
€
-
onttrekkingen aan reserves
€
-
€
- €
-
€
-
structureel en reëel evenwicht
€
-
€
- €
-
€
-
Taakveld 210 Verkeer en vervoer (databeheer grijs)
2027
2028
2029
lasten baten
€ €
216.723 € 216.723 €
geraamd totaal saldo
€
-
€
- €
onttrekkingen aan reserves
€
-
€
structureel en reëel evenwicht
€
-
€
Taakveld 570 Openbaar groen (databeheer groen)
231.165 € 231.165 €
238.746 238.746
-
€
-
- €
-
€
-
- €
-
€
-
223.827 223.827
€ €
2030
2027
2028
2029
2030
lasten
€
202.848 €
209.497 €
216.366 €
223.461
baten
€
202.848 €
209.497 €
216.366 €
223.461
geraamd totaal saldo
€
-
€
-
€
- €
-
onttrekkingen aan reserves
€
-
€
-
€
- €
-
structureel en reëel evenwicht
€
-
€
-
€
- €
-
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
19
Taakveld 720 Riolering (databeheer statische rioolgegevens)
2027
2028
2029
2030
lasten
€
706.241 €
729.391 €
753.305 €
778.008
baten
€
706.241 €
729.391 €
753.305 €
778.008
geraamd totaal saldo
€
- €
- €
- €
-
onttrekkingen aan reserves
€
- €
- €
- €
-
structureel en reëel evenwicht
€
- €
- €
- €
-
Taakveld 810 Ruimtelijke ordening (BGT)
2027
2028
2029
2030
lasten
€
1.778.925 €
1.837.236 €
1.897.473 €
1.959.696
baten
€
1.778.925 €
1.837.236 €
1.897.473 €
1.959.696
geraamd totaal saldo
€
-
€
-
€
- €
-
onttrekkingen aan reserves
€
-
€
- €
- €
-
structureel en reëel evenwicht
€
-
€
-
€
- €
-
Taakveld 830 Wonen en bouwen (BAG)
2027
2028
2029
2030
lasten
€
1.498.123 €
1.547.230 €
1.597.230 €
1.650.359
baten
€
1.498.123 €
1.547.230 €
1.597.230 €
1.650.359
geraamd totaal saldo
€
- €
- €
- €
-
onttrekkingen aan reserves
€
- €
- €
- €
-
structureel en reëel evenwicht
€
- €
-
€
- €
-
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
20
4.
Incidentele en structurele lasten en baten
Voor de jaren 2027 - 2030 zijn er geen incidentele lasten. De lasten en baten zijn structureel van aard.
5.
Bestaand en nieuw beleid
Voor de jaren 2027 - 2030 zijn alle lasten en baten gebaseerd op bestaand beleid. Er is geen nieuw beleid waarover nog besluitvorming dient plaats te vinden, in de ramingen verwerkt.
6.
Reserves
Navolgende tabel biedt inzicht in het verloop van de reserves. Gestart wordt met het jaar 2027. Vervolgens wordt het begrote verloop per 1 januari tot en met het jaar 2030 weergegeven. Omschrijving
2027
2027
2028
2029
2030
Reserve ICT Reserve aanbesteding/ migratie/implementatie ICT
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Totaal
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Vanaf 2027 heeft Het Gegevenshuis geen enkele reserve meer.
7.
Risico’s
Huisvesting Het algemeen bestuur heeft in haar vergadering van 4 november 2022 besloten dat het huidig huisvestings- en kantoorconcept niet past bij een innovatieve geodata-organisatie en contraproductief werkt om invulling te geven aan de strategische agenda. Bovendien heeft in het kader van het hybride werken en de krapte op de arbeidsmarkt het belang van een inspirerende werkomgeving aan kracht toegenomen. Door diverse omstandigheden buiten de beïnvloedingssfeer van Het Gegevenshuis, is de planvorming pas eind 2025 op gang gekomen. Medio 2026 zullen deze plannen zodanig uitgewerkt zijn dat het algemeen bestuur op basis van inhoud en financiële consequenties een besluit kan nemen. Omdat het hier om investeringen gaan die lineair worden afgeschreven over een termijn van 40 jaar (gebouw) dan wel 10 jaar (meubilair) zullen de financiële consequenties van de besluitvorming door het algemeen bestuur geen invloed hebben op de begroting 2026, maar wel op de begroting van 2027 en volgende jaren. Voor de begroting 2027 en meerjarenraming is hiervoor een stelpost ad € 40.000,- opgenomen en als besluitvorming tot afwijking daarvan leidt, worden de begroting 2027 en meerjarenraming bijgesteld. Innovatie Zoals eerder opgemerkt zal de uitwerking van het programma innovatie medio 2026 aan het bestuur ter besluitvorming worden voorgelegd.
Afhankelijk van het besluit en de mogelijke financiële consequentie, kan bijstelling van de begroting 2027 en meerjarenraming aan de orde zijn.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
21
D. Verplichte paragrafen In het Besluit Begroting- en Verantwoording staat aangegeven dat in de Programmabegroting ten minste de navolgende paragrafen opgenomen moeten zijn: 1. Lokale heffingen 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3. Onderhoud kapitaalgoederen 4. Financiering 5. Bedrijfsvoering 6. Verbonden partijen 7. Grondbeleid De paragrafen “lokale heffingen” en “grondbeleid” zijn op Het Gegevenshuis niet van toepassing, omdat Het Gegevenshuis niet wordt gefinancierd door heffingen en geen gronden in bezit heeft. De overige paragrafen worden hieronder toegelicht.
Ad 1. Lokale heffingen Niet van toepassing.
Ad 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het Gegevenshuis is een openbaar lichaam als bedoeld in de Wet op de gemeenschappelijke regelingen en is verplicht in de begroting en jaarstukken de risico’s te vermelden die de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling kunnen beïnvloeden. Bij het opstellen van de begroting en de jaarstukken moet met deze voorzienbare en kwantificeerbare risico’s rekening worden gehouden. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het Gegevenshuis is een uitvoeringsorganisatie die ten behoeve van de deelnemers wettelijke taken uitvoert in het kader van het stelsel van basisregistraties: (geo-)data worden ingewonnen, beheerd en weer uitgeleverd. Met deelnemers en afnemers worden vooraf afspraken gemaakt over de hoeveelheden en kwaliteiten van producten en diensten die in dit kader worden geleverd. Hieraan is gekoppeld een transparante voorcalculatie die de hoogte van de bijdrage van de deelnemers bepaalt. Dit alles is vervat in een dienstverleningsovereenkomst met productbladen. Het Gegevenshuis levert alleen vooraf overeengekomen producten en diensten waar de bijdrage van de deelnemer tegenover staat.
Dit maakt ook de risicobenadering van Het Gegevenshuis enigszins afwijkend ten opzichte van de meeste andere gemeenschappelijke regelingen. Weerstandscapaciteit gaat over de dekkingsmiddelen en -mogelijkheden waarover de dienst kan beschikken om niet begrote, onvoorziene lasten (risico’s) af te dekken, waarbij de weerstandscapaciteit in redelijke verhouding dient te staan tot de risico’s waarvoor geen voorziening is gevormd. De kans dat er sprake is van niet begrote, onvoorziene lasten (risico’s) is op basis van de inrichting en werkwijze van Het Gegevenshuis klein. Tegenover alle te leveren producten en diensten staan baten in de zin van bijdragen van de deelnemers. Alle lasten worden toegerekend naar deze producten en diensten via voorcalculatie op basis van ervaringsgegevens. Daar waar deze laatste ontbreken wordt een risicomarge in de prijs per product/dienst opgenomen. Mocht er desondanks nog sprake zijn van onvoorziene lasten (risico’s) dan dragen de deelnemers naar rato van de afname van het desbetreffend product of dienst bij aan deze onvoorziene lasten. Dit stelt het bij een gemeenschappelijke regeling op te bouwen weerstandsvermogen in een geheel ander daglicht. De oprichters hebben niet de bedoeling gehad om onvoorziene tekorten te voldoen via een weerstandsvermogen, maar via het bijstorten op basis van de feitelijke afname van producten en diensten.
Dit vloeit ook voort uit het feit dat Het Gegevenshuis als een shared service centre functioneert en dat de pakketten van afname van producten en diensten per deelnemer zelf is samen te stellen (behalve de verplichte afname van de BGT). Uiteraard zijn hieraan voorwaarden gekoppeld via de gemeenschappelijke regeling en de dienstverleningsovereenkomsten.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
22
Zo komen bijvoorbeeld risico’s voor Het Gegevenshuis bij een verminderde afname van producten en diensten te liggen bij de deelnemer die hiertoe besluit. Bovendien zullen alleen structurele verplichtingen worden aangegaan of medewerkers in vast dienstverband worden genomen als hier via een dienstverleningsovereenkomst structurele afname van producten en diensten tegenover staan. Bij incidentele afname van producten en diensten zal er altijd gewerkt worden met huur van applicaties en licenties en inhuur van personeel. Algemene reserve De deelnemers aan Het Gegevenshuis zijn verantwoordelijk voor een eventueel overschot of tekort in een bepaald jaar naar rato van de afname van producten en diensten en de daaraan gekoppelde bijdrage. Daar waar sprake is van een reserve is dit een door het algemeen bestuur gelabelde reserve (bestemde reserve), maar géén algemene reserve. In de eerder aangegeven systematiek is hier ook geen noodzaak voor. Bestemmingsreserve In 2026 zal de bestemmingsreserve voor de implementatie van de ICT worden opgeheven. Vanaf dat moment heeft Het Gegevenshuis ook geen bestemmingsreserve meer. Indicatoren Aan de hand van de volgende indicatoren kan een beeld gegeven worden van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling Het Gegevenshuis.
De solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio betreft de verhouding tussen het eigen vermogen en het totaal vermogen op de balans. Op basis van de solvabiliteit kan worden beoordeeld of de organisatie in staat is om op korte en lange termijn te voldoen aan haar betalingsverplichtingen. Solvabiliteitsratio 01-01-2027
01-01-2028
01-01-2029
01-01-2030
Eigen vermogen
€
68.451,-
€
68.451,-
€
68.451,-
€
68.451,-
Totaal vermogen
€
727.277,-
€
727.277,-
€
727.277,-
€
727.277,-
Solvabiliteitsratio
9,41%
9,41%
9,41%
9,41%
Vanaf 1 januari 2024 wordt er gefactureerd op basis van voorschotten om de liquiditeit te verhogen. Doordat Het Gegevenshuis geen algemene reserves kent en door het afbouwen van de reserve ICTimplementatie in 2026 zal het eigen vermogen van Het Gegevenshuis echter niet toenemen. Dit is een bestuurlijk besluit. De netto schuldquote (NSQ) Een goed aanvullende indicator om de hoogte van de schulden van een organisatie te beoordelen is de netto schuld als aandeel van de baten (netto schuldquote). De netto schuld betreft de totale schuld met in mindering de omvang van de geldelijke bezittingen die niet zijn ingezet t.b.v. de publieke zaak. Omdat dit per organisatie sterk kan verschillen is het raadzaam de netto schuld te gebruiken. De hoogte van de baten bepaalt in belangrijke mate hoeveel schulden een organisatie kan dragen. Hoe hoger het inkomen des te meer schuld een organisatie kan aangaan. Dit kengetal uitgedrukt in procenten wordt de netto schuldquote genoemd. Netto schuldquote 01-01-2027 Schulden -/- vorderingen Baten voor bestemming reserves Netto schuldquote
01-01-2028
01-01-2029
01-01-2030
€
-279.507
€
-279.507
€
-279.507
€
-279.507
€
5.731.889 4,88%
€
5.919.775 4,72%
€
6.113.863 4,57%
€
6.314.354 4,43%
In meerjarig perspectief wordt niet verwacht dat de netto schuldquote toeneemt, aangezien Het Gegevenshuis geen langlopende leningen gaat afsluiten.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
23
Structurele exploitatieruimte Het financiële kengetal structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de (structurele) vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft het ook aan of een organisatie in staat is om structurele tegenvallers op te vangen, dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Het Gegevenshuis begroot op basis van de overeengekomen dienstverleningsovereenkomsten en productbladen. Elk jaar vindt een afrekening plaats met de deelnemers, waardoor Het Gegevenshuis geen reserves kent. De vaststelling van het kengetal structurele exploitatieruimte in % gaat als volgt: ((B-A) + (D-C)) / (E)*100% A: structurele lasten (gerealiseerd totaal van lasten); B: structurele baten (gerealiseerd totaal van baten); C: totaal structurele toevoegingen aan de reserves; D: totaal structurele onttrekkingen aan de reserves; E: gerealiseerd totaal van de baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Structurele exploitatieruimte 2027
2028
2029 6.113.863
€ €
6.314.354 6.314.354
€
0,-
€
0,-
0,-
€
0,-
€
0,-
0,-
€
0,-
€
0,-
structurele lasten
€
5.731.889
€
5.919.775
€
6.113.863
structurele baten totaal structurele toevoegingen aan de reserves totaal structurele onttrekkingen aan de reserves gerealiseerd totaal van de baten structurele exploitatieruimte
€
5.731.889
€
5.919.775
€
€
0,-
€
0,-
€
0,-
€
€
0,-
€
0%
2030
0%
0%
0%
Voor de jaren 2027 t/m 2030 worden verder weinig of geen incidentele lasten en/of baten verwacht. Belastingcapaciteit Op basis van de begroting dragen de deelnemers bij in de kosten van de gemeenschappelijke regeling Het Gegevenshuis. Het Gegevenshuis heft géén belastingen. De indicator “belastingcapaciteit” is dan ook niet van toepassing.
Ad 3. Onderhoud kapitaalgoederen Het Gegevenshuis heeft bij haar formele start per 1 juli 2015 alle goederen en contracten overgenomen van de GBRD/BAG-Geo. Voor wat betreft het wagenpark betreft het auto’s via een leaseconstructie. In de begroting is voorzien in de kosten voor het onderhoud. De overgenomen (kantoor)inventaris was ook al afgeschreven. Hardware wordt via dienstverleningsovereenkomst afgenomen van Parkstad IT waar een jaarlijkse vergoeding tegenover staat. De te activeren investeringen zijn beperkt tot de landmeetkundige apparatuur en bijbehorende software en alle overige applicaties. In de toekomst zullen de afschrijvingskosten rechtstreeks aan de producten en diensten worden toegerekend. Alle kosten die Het Gegevenshuis maakt, worden toegerekend naar de te leveren producten en diensten conform dienstverleningsovereenkomst en bijbehorende productbladen. Dit geldt ook voor de kapitaalgoederen. Zo worden de kosten voor apparatuur en het wagenpark volledig toegerekend. Hiermee wordt dus steeds voorzien in de onderhoudskosten van de kapitaalgoederen. Bij verandering in de omvang b.v. bij uitbreiding of de hoogte van de kosten b.v. bij vervanging, verandert dus naar evenredigheid ook de bijdrage voor de afnemers. Vandaar dat ook jaarlijks de dienstverleningsovereenkomst en bijbehorende productbladen worden vastgesteld alvorens de begroting kan worden opgemaakt.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
24
Ad 4. Financiering Algemeen De in januari 2001 in werking getreden Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO) verplicht een gemeenschappelijke regeling om een financieringsparagraaf in begroting en jaarrekening op te nemen. Voor Het Gegevenshuis is de financieringssystematiek dat de deelnemers een voorschot per kwartaal betalen, gebaseerd op de totale bijdrage conform begroting/dienst-verleningsovereenkomst. Betalingen werden tot 2022 verricht door de gemeente Landgraaf, aan welke gemeente de financiëleen salarisadministratie en het uitvoeren van het betalingsverkeer is uitbesteed. Hiervoor is destijds een rekening courant verhouding ontstaan tussen Het Gegevenshuis en de gemeente Landgraaf. Sinds 2022 werkt Het Gegevenshuis op basis van voorschotnota’s, om zodoende zelf over liquide middelen te beschikken. De hoogte van de voorschotnota’s en de datum van verzending is gericht op het steeds over voldoende liquide middelen te kunnen beschikken. Hierdoor is de rekening courantpositie met de gemeente Landgraaf volledig vereffend. Risicobeheer Met risico’s worden bedoeld renterisico’s, kredietrisico’s, liquiditeitenrisico’s, koersrisico’s en debiteurenrisico’s. Om het risico in algemene zin in te perken dient de uitvoering van de financieringsfunctie alleen de publieke taak.
Het beheersen van risico’s komt tot uitdrukking via het gebruik van de instrumenten kasgeldlimiet en renterisiconorm. Beide instrumenten hebben tot doel het renterisico te begrenzen dat verbonden is aan de financiering door middel van korte en lange schuld. Renterisico op vlottende schuld Om het renterisico op de netto vlottende schuld te beheersen mogen gemeenschappelijke regelingen voor hun financieringsbehoefte niet onbeperkt kort geld aantrekken. Het aantrekken van kort geld is normaliter goedkoper dan lang geld, maar is ook sterker aan fluctuaties onderhevig. De maximaal toegestane netto vlottende schuld wordt bepaald door de zogenaamde kasgeldlimiet. Onder kasgeldlimiet wordt verstaan het bedrag dat maximaal als kasgeld mag worden opgenomen. Voor 2027 bedraagt de kasgeldlimiet voor Het Gegevenshuis: a. Omvang van de programmabegroting per 01-01-2027: b. Bij ministeriële regeling vastgesteld percentage:
€ 5.731.889 8,20%
Toegestane kasgeldlimiet voor 2027 (a) x (b):
€
470.014
Dit bedrag wordt berekend door middel van een door het Ministerie van Financiën vastgesteld percentage van 8,2% te vermenigvuldigen met tot totaal van de jaarbegroting van Het Gegevenshuis bij aanvang van het jaar. Bij overschrijding van deze limiet moet er in langlopende financieringsmiddelen worden voorzien. De kasgeldlimiet wordt aan het begin van het dienstjaar vastgesteld en geldt voor het gehele jaar. De kasgeldlimiet bedroeg de afgelopen jaren: Jaar
Kasgeldlimiet
2023 2024 2025 2026
€ € € €
384.663 410.654 433.135 457.433
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
25
Renterisico op vaste schuld De renterisiconorm is bestemd om het renterisico op de vaste schuld inzichtelijk te maken. De wettelijk vastgestelde renterisico-norm van 20% houdt in dat in enig jaar de aflossing van de lange schuld niet hoger mag zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Omdat Het Gegevenshuis geen langlopende leningen heeft aangetrokken komt dit risico niet voor. Omslagrente De omslagrente wordt bepaald door de externe rentelasten te delen door het totaal van de activa. Zoals aangegeven heeft Het Gegevenshuis geen externe rentelasten. De berekening van de omslagrente is daarmee niet van toepassing voor Het Gegevenshuis. Kredietrisico's Dit betreft de risico’s op een waardedaling van verstrekte kredieten ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van de verplichtingen door de tegenpartij. Omdat Het Gegevenshuis geen leningen en garanties aan derden verstrekt speelt dit risico niet. Liquiditeitenrisico’s De liquiditeitenrisico's houden verband met mogelijke wijzigingen in de meerjarenliquiditeitenplanning waardoor renteresultaten kunnen afwijken van de verwachtingen. Omdat in de meerjarenbegroting tegenover iedere afgesproken prestatie ook een afgesproken vergoeding staat blijft het liquiditeitenrisico beperkt tot de extra opdrachten die niet waren voorzien in de begroting. Veelal hebben deze extra opdrachten een geringe financiële omvang.
Koers- en valutarisico Koersrisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkeling. Dit is voor Het Gegevenshuis niet van toepassing. Valutarisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van hetgeen verwacht werd op het beslismoment. Het Gegevenshuis bezit evenwel geen vreemde valuta, dus dit is voor Het Gegevenshuis niet van toepassing. Debiteurenrisico’s Dit betreft het risico dat we vorderingen op debiteuren niet kunnen innen en dus moeten afboeken. Aangezien Het Gegevenshuis voornamelijk diensten verleend aan gemeenten en andere openbare lichamen is het debiteurenrisico klein. In het geval dat een vordering, ook na aanmaning en ingebrekestelling, niet via het minnelijke traject geïnd wordt, zal een dwanginvorderingstraject opgestart worden. Dit is sinds haar oprichting nog nooit aan de orde geweest. Kasbeheer / kasgeldlimiet Dit betreft het beheer van saldi en liquiditeiten voor een periode korter dan één jaar. De uitvoering ligt bij de kassier van de gemeente Landgraaf die er onder andere op toe ziet dat de kasgeldlimiet niet wordt overschreden.
Als uitgangspunt geldt verder, dat zoveel mogelijk het contante geldverkeer wordt beperkt en de elektronische betaalvormen worden gestimuleerd. Voor het beheer van de financiële middelen houdt Het Gegevenshuis een rekening-courant aan bij de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten en de Rabobank. De N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) fungeert als huisbank. Het Gegevenshuis verricht haar betalingsverkeer volledig via elektronisch bankieren bij de BNG. Op basis van de regelgeving rondom het zogenaamde schatkistbankieren werden limieten hoger dan € 250.000,- afgeroomd door de schatkist. Financieringsrisico’s Omdat de deelnemers gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het financiële beleid van Het Gegevenshuis naar rato van de afname van producten en diensten en zich verplicht hebben eventuele tekorten volgens deze verdeelsleutel te dragen, zijn er geen financieringsrisico’s.
Begroting 2027 – meerjarenraming 2027-2030 versie 0.1
26
EMU-saldo Sinds Nederland deel uitmaakt van de Economische en Monetaire Unie (EMU) wordt voor het begrotingssaldo een definitie gebruikt die binnen de gehele EMU hetzelfde is, namelijk het EMU-saldo. Met het EMU-saldo wordt het saldo van inkomsten en uitgaven van de totale overheid bedoeld. In het verdrag van Maastricht is afgesproken dat het EMU-tekort van een land maximaal 3% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) mag zijn. Het BBP is de totale (geld-)waarde van alle in een land geproduceerde goederen (en diensten) gedurende een bepaalde periode (meestal een jaar). Actiever sturen op het EMU-saldo Het EMU-saldo is gebaseerd op kasbasis. Omdat de sturing op basis van het baten- en lastenstelsel geschiedt, krijgt het EMU-saldo niet de aandacht in de begrotings- en verantwoordings-cyclus die nodig wordt geacht. Voor gemeenschappelijke regelingen is het van belang te weten of de individuele referentiewaarden van het EMU-saldo die voor de individuele gemeenschappelijke regeling berekend zijn, meerjarig overschreden worden. Omdat het consequenties heeft als de macronorm overschreden wordt, is het voor individuele overheden van belang om meerjarig op de individuele referentiewaarden te sturen.