CConstaterende datBeek
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording feitelijke vragen JR23 + AR24

Raadsvergadering 3 juli 2024, gemeente BeekBij agendapunt: Bespreekstuk: Jaarstukken 2023.2.204 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen BvB Jaarrekening 2023 Vraag 1: Pagina 56 Oekraïne opvang: het overschot m.b.t. de Oekraïne opvang van € 7.784.300 wordt toegevoegd aan de algemene reserve. Dit is tegen het advies van de VNG, die adviseert om overschotten op te sparen (onder te brengen in een bestemmingsreserve). Waarom wijkt de Gemeente Beek af van het advies van de VNG? Antwoord: Het overschot op de Oekraïne opvang is onderdeel van het totale jaarrekening. Een overschot wordt in eerste instantie altijd gestort in de Algemene Reserve, tenzij er specifieke resultaatbestemming plaatsvindt. Daarnaast heeft de gemeente Beek in 2023 ervoor gekozen om het aantal bestemmingsreserves terug te brengen en eventuele risico’s op te vangen binnen de Algemene reserve. Daarmee kan de Algemene reserve dus ook gezien worden als spaarpot. Dit betekent dat als er een risico verwacht wordt, ook ten aanzien van de kosten voor de Oekraïne opvang, dit in het risicomanagementsysteem wordt opgenomen en meetelt in de berekening voor de benodigde weerstandscapaciteit. Vraag 2: Pagina 231 overlopende activa: Van het Rijk moest per ultimo 2023 nog € 11.065.000 worden ontvangen m.b.t. de Oekraïne opvang. Is dit inmiddels ontvangen? Antwoord: Dit bedrag is nog niet ontvangen. De financiering van de Oekraïne opvang verloopt via een Specifieke uitkering (SPUK). SPUK-regelingen worden bij de jaarrekening separaat verantwoord via SiSa.

De Minister van Justitie en Veiligheid stelt de verlening van de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op het jaar van besteding vast. Na vaststelling ontvangt de gemeente dit bedrag over het algemeen binnen enkele weken. Vraag 3: Pagina 249 banksaldi: Per ultimo 2023 bedraagt het banksaldo negatief € 7.562.181,24. In januari 2024 is een kasgeldlening aangetrokken ter overbrugging van het ontvangst eindafrekening 2023 en voorschot 2024 Oekraïneopvang. Hoeveel bedraagt deze kasgeldlening tegen welk rentepercentage? Antwoord: In het eerste kwartaal zijn diverse kasgeldleningen aangetrokken bij de BNG Bank tegen een rentepercentage van 4,1%. Deze rentelasten komen volledig ten laste van de Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne en drukken dus niet rechtstreeks op de exploitatie 2024. Inmiddels is het voorschot ontvangen en heeft de gemeente Beek momenteel geen kasgeldleningen.

-2-

Vraag 4: Projectenlijst pagina 11 Herinrichten Schimmerterweg: De dekking wordt voornamelijk gevonden door de investering ten laste te brengen van de reserve dekking kapitaallasten. Was deze reserve niet bedoeld om de afschrijvingslasten van reeds gedane investeringen te dekken? Welk effect heeft deze onttrekking op de toekomstige afschrijvingslasten/kapitaallasten? Antwoord: De reserve dekking kapitaallasten is bedoeld om de afschrijvingslasten van zowel reeds gedane als nog geplande investeringen te dekken. Bij kredietvotering is het mogelijk om de investering geheel of deels ineens te dekken vanuit de algemene reserve. Deze dekking wordt dan vanuit de algemene reserve gestort in de reserve dekking kapitaallasten, zodat de toekomstige afschrijvingslasten geheel of deels gedekt worden vanuit deze reserve. Van de in de begroting 2010 voor het project Herinrichting Schimmerterweg in de reserve dekking kapitaallasten gestorte € 2.685.000 resteert per ultimo 2023 € 2.138.981 (zoals vermeld in bijlage-7 Overzicht geactiveerde kapitaaluitgaven, onder kopje ‘gedekte investeringen’ vast actief nummer 2330050 Herinrichting Schimmerterweg). De onttrokken € 546.019 betreft de dekking van de tot en met 2016 gemaakte voorbereidingskosten die destijds ineens afgeschreven werden.

Per 2017 moeten investeringen in maatschappelijk nut op basis van BBV-voorschriften verplicht geactiveerd worden, waarbij de afschrijving start na het jaar van gereedkomen van de investering. Vraag 5: Projectenlijst pagina 13 BMV Spaubeek: Heeft de belastingdienst inmiddels uitspraak gedaan op het bezwaar tegen de aanslag btw? Antwoord: Nee, de Belastingdienst heeft nog geen uitspraak gedaan op het bezwaar tegen de aanslag btw BMV-Spaubeek. Beek heeft het bezwaar gemotiveerd aan de Belastingdienst, die de motivatie heeft ontvangen. De beslistermijn voor het nemen van een beslissing op bezwaar loopt tot en met 25 augustus 2024. Beek heeft de Belastingdienst verzocht om eerst te worden gehoord, indien de Belastingdienst voornemens is om het bezwaar af te wijzen. Opgemerkt wordt dat de Belastingdienst nog kan verzoeken om verlenging van de termijn voor beslissing op bezwaar (verdagen).

-3-

Vragen CDA Jaarrekening 2023

. Vraag 1: P. 11: overzicht recapitulatie begrotingsevenwicht. Is onze interpretatie correct?: Beek had in 2023 voor bijna 1,8 mln. meer aan structurele baten dan lasten en 7,9 mln. aan incidentele baten dan incidentele lasten? Antwoord: Deze veronderstelling is inderdaad juist. Vraag 2: P. 20/21: interpreteren wij het goed dat in het resultaat geen enkele structurele post zit? Antwoord: Deze veronderstelling is inderdaad juist. Het betreft hier de over- en onderschrijdingen t.o.v. de slotrapportage 2023. Deze zijn in principe altijd incidenteel. Vraag 3: P. 110: het overheadpercentage is behoorlijk gedaald van 12,6 naar 8,32%. Welke kosten zijn zo sterk verminderd? Klopt het dat dit de facilitaire kosten zijn die zijn gedaald? Kunt u enkele voorbeelden geven van kosten die aan het primaire proces worden toegerekend? Antwoord: De indicator overhead is gedaald van 11,63% naar 8,32%. Dit betreft de overhead op het taakveld overhead en niet de overheid die toegerekend wordt aan de producten. Deze afname komt voornamelijk door twee zaken: 1. De onttrekking van € 700.000 uit de Algemene reserve voor de dekking van de energielasten. 2. De stijging van de totale kosten van de gemeente Beek van 59 naar 70 miljoen. De indicator wordt berekend door overheadkosten (teller) te delen door de totale kosten (noemer).

Aangezien de teller daalt (zie punt 1) en de noemer stijgt, daalt dus ook het percentage. Vraag 4: P. 117: taakveld 0.8: u verwijst naar de toelichting in de par. Bedrijfsvoering, maar ik kan geen aansluiting vinden met het verschil tussen bijgestelde begr. En jaarrekening van 7 ton op p. 117 en de par. BV. Kunt u de 7 ton nader duiden? Antwoord: Het totale positieve verschil tussen de bijgestelde begroting 2023 en de jaarrekening 2023 betreft € 706.700. Van dit verschil is € 612.200 positief verschil op de indirecte lasten. De grootste verschillen op de directe lasten worden toegelicht op pagina 124. De verschillen op de indirecte lasten worden in totaliteit toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

-4-

Vraag 5: p. 197: Rechtmatigheidsverklaring: Daar staat een verwijzing naar een verbeterproces dat zou zijn vermeld in de paragraaf bedrijfsvoering. Dat is niet het geval. De vraag is wat het verbetertraject is om toekomstige fouten te voorkomen? Heeft de rechtmatigheidstoetsing door eigen of ingehuurde medewerkers plaatsgevonden of toch door de accountant. Hoe verliep de afstemming met de accountant? Antwoord: Het verbetertraject zal met name zien op het aanscherpen van de interne controle die ten grondslag ligt aan de rechtmatigheidsverantwoording. Daarnaast worden de fouten altijd teruggekoppeld aan de betreffende ambtenaren om van deze fouten te leren. De rechtmatigheidstoetsing heeft door eigen medewerkers plaatsgevonden. Per 1 januari 2023 moeten decentrale overheden zelf een rechtmatigheidsverantwoording opnemen in hun jaarrekening. De accountant controleert die jaarrekening en de bijbehorende rechtmatigheidsverantwoording op getrouwheid en rechtmatigheid. Vraag 6: P. 201: 6.5 arbeidsinspectie: is er een verband tussen het overschot op loonkosten (83.000) en het tekort op de uitkering (42.000)? Antwoord: Op pagina 201, onder 6.5 staat “arbeidsparticipatie” in plaats van het door u genoemde “arbeidsinspectie”. In de beantwoording van uw vraag is uitgegaan van “arbeidsparticipatie”.

Het ontstaan van dit overschot is opgenomen in de producttoelichting; het heeft voornamelijk te maken van het minder gebruik maken van loonkostensubsidies vanwege de afname van het aantal potentieel beschikbare kandidaten vanuit de P- wet hiervoor. Het tekort op uitkeringen (6.3 inkomensregelingen) van €41.900,- is met name een volumeeffect. In de kwartaalrapportages over 2023 is gerapporteerd over de ontwikkeling van het bijstandsvolume en daaruit is de volumestijging over 2023 eerder zichtbaar geworden. Belangrijke redenen voor de toename/ instroom zijn het wegvallen van inkomen en verhuizing (met name de instroom van statushouders die standaard in eerste instantie een bijstandsuitkering ontvangen). De ontwikkelingen rond arbeidsparticipatie en het bijstandsvolume (uitkeringen) hebben derhalve geen direct verband met elkaar. Vraag 7: P. 201 waarom wordt het tekort op de uitkeringen niet onttrokken uit Fonds W&I? Antwoord: Het tekort op de budgetten voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ, Bbz en loonkostensubsidie gesaldeerd met de ontvangen BUIG uitkering is onttrokken aan de hiervoor bedoelde egalisatie reserve Fonds Werk en Inkomen. Dit was een bedrag van € 299.200. Dit is toegelicht op pagina 57.

-5-

Vraag 8: P. 201: overschot op BMV: is dit geen structureel effect nu de energiekosten dalen/zuinigere BMV? Antwoord: Het in 2023 gerealiseerde lagere energieverbruik in de BMV-Spaubeek als gevolg van getroffen duurzaamheidsmaatregelen heeft inderdaad een structureel effect. Met dit structureel effect o.b.v. het werkelijke lagere energieverbruik 2023 is rekening gehouden bij de bijstelling van de energieramingen voor 2024 in de Afwijkingenrapportage 2024. De energieraming in 2023 was incidenteel omdat de energiemarkt destijds nog niet stabiel was. In de Begroting 2024 zijn de energielasten incidenteel bijgeraamd (o.b.v. energiekosten 2022). Vraag 9: P. 202: de eerste twee toelichtingen over 6.3 inkomensregelingen lijken heel erg over hetzelfde te gaan. De een is positief en de ander negatief. Waarom niet gesaldeerd? Antwoord: Het tekort van € 32.600 betreft de leenbijstand onderdeel van bijzondere bijstand en heeft betrekking op bijstandsgerechtigde particulieren. Het overschot van € 36.300 betreft de leenbijstand onderdeel van de algemene bijstand zelfstandigen en heeft betrekking op zelfstandigen. De twee doelgroepen worden gescheiden bekostigd en de uitgaven verantwoord. Daarvoor zijn ook vanuit de wet gescheiden regelingen; om die reden wordt er niet gesaldeerd. Vraag 10: P.

202: de vierde toelichting over 6.3 inkomensregelingen lijkt een budgetneutraal effect te beschrijven maar in de tabel niet. Wat is waar? Antwoord: Dit betreft de onttrekking uit de reserve Fonds Werk en Inkomen (toegelicht bij vraag 7). Omdat deze onttrekking niet was geraamd, is de onttrekking een extra inkomst voor het budget. Vraag 11: P. 202: kunt u ons helpen aan de hand van de financiële verschillenanalyse met een conclusie of er wel of geen verschuiving van zware naar minder zware indicaties of voorliggende voorziening in de jeugdzorg plaatsvindt? Mede bezien in het licht van de aanstelling van een tweede speciale jeugdconsulent (of andere naam!) Antwoord: Deze vraag kan niet worden beantwoord op basis van de cijfers uit de jaarrekening 2023. De aangegeven verschillen betreffen afwijkingen ten opzichte van wat oorspronkelijk financieel begroot is. We kunnen wel aangeven welke veranderingen er hebben plaatsgevonden door de inzet van de speciale jeugdconsulent (1fte) sinds 2023, aangezien hierop is gemonitord. Deze monitoring laat zien dat er in 44 gevallen een afname van arrangementen (in aantal en/of zwaarte) heeft plaatsgevonden, met een totale besparing van € 214.000 euro.

-6-

Daarnaast zien we dat de casuïstiek die door heel team jeugd wordt opgepakt steeds complexer en daarmee zwaarder wordt. Dit leidt in totaal tot een toename van zwaardere vormen van zorg. Vraag 12: P. 203: worden de buitensportvelden opnieuw aanbesteed of blijft Beek met meerdere kleine aannemers werken? Antwoord: Medio juni zijn diverse aannemers uitgenodigd om in te schrijven op het bestek buitensport. Medio juli vindt de inschrijving en gunning plaats. Medio augustus zal de nieuwe aannemer starten voor de komende drie jaar. Werkzaamheden die niet in het bestek zijn meegenomen worden door diverse kleinere aannemers uitgevoerd. Vraag 13: P. 203: er wordt nu al voor het derde jaar minder aan muzieklessen uitgegeven. U schrijft dat dit een incidenteel effect is. Maar is dit niet structureel of lucht in de begroting? Antwoord: De vraag naar gesubsidieerd muziekonderwijs is sterk teruggelopen na het verdwijnen van Artamuse. Na een aarzelende start zien we echter in 2024 dat de leerlingenaantallen aantrekken. Verder wordt dit jaar ook de samenwerking met de Domijnen en de basisscholen in het kader van Cultuureducatie met Kwaliteit versterkt en het aantal activiteiten in dat kader uitgebreid. In die zin zien wij dit dus als een incidenteel overschot op dit budget. Vraag 14: P. 206: sinds enkele jaren hadden we een tekort op salariskosten en externe inhuur.

Dit jaar een fors overschot. Kunt u dat nader duiden? Antwoord: Deze toelichting kunt u terugvinden op pagina 160 van de jaarrekening 2023. Hierin worden de P-budgetten integraal bekeken. Voor de volledigheid merken wij op dat er ook dit jaar een tekort was op het inhuurbudget, dit vanwege de oorzaken die ook een verhoogde onderuitputting op salariskosten tot gevolg hebben gehad.

-7-

Vragen BvB Afwijkingenrapportage 2024: Vraag 1: Pagina 27 Beeks versnellingsplan: De dekking van de kosten wordt voornamelijk gevonden door de benodigde middelen te onttrekken aan de algemene reserve. Ontstaat daardoor niet een ontransparante situatie waarbij kosten deels via het resultaat of bestemmingsreserves lopen en de kosten van de versnelling (onzichtbaar) rechtstreeks op het eigen vermogen wordt gemuteerd? Antwoord: De kosten lopen via het jaarrekeningresultaat voor inzet van reserves. De dekking van deze kosten verloopt grotendeels via een onttrekking uit de Algemene Reserve in de jaarrekening. Deze onttrekking mag gezien worden als een structurele baat. Vraag 2: Waar vind ik het te verwachten overschot Oekraïne opvang 2024 terug? Antwoord: Het verwachte overschot op de Oekraïne opvang is nog niet verwerkt in de afwijkingenrapportage 2024. Op basis van de uitgaven t/m september 2024 zal dit in de slotrapportage 2024 worden meegenomen. Dit kan nu nog niet inzichtelijk worden gemaakt omdat nog niet duidelijk is hoe de aangekondigde wijzigingen per 1-7-2024 zullen uitpakken (eigen bijdrage in huisvestingskosten voor Oekraïners die werken)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beek&id=c5dafe9b-ba42-4ccf-bd8d-3e686fbe5527