Beantwoording feitelijke vragen Begroting 2023.pdf
Tekst van het document
Beantwoording feitelijke vragen Begroting 2023 Belang van Beek Vraag1 : Pagina 7 energiekosten Is er inmiddels een energiecontract voor 2023 dan wel zijn er aanbiedingen bekend? Antwoord: Er is 1 inschrijving ontvangen op de Europese aanbesteding voor de levering van duurzame elektriciteit per 1 januari 2023. De opdracht is voorlopig gegund. De onderhandelingsprocedure voor de levering van gas per 1 januari 2023 loopt nog. Vraag 2: Pagina 15 financiële samenvatting De OZB stijgt met 2,3%. Wordt hiermee bedoeld dat het tarief OZB met 2,3% stijgt? (a) Is het niet zo dat de grondslag van de OZB, de WOZ-waarde, ook stijgt waardoor het te betalen bedrag aan OZB meer dan 2,3% hoger zal uitvallen? (b) Hoeveel procent zijn de WOZ waarden voor woningen gestegen in 2022 ten opzichte van 2021? (c) Hoeveel procent zijn de WOZ waarden voor niet-woningen gestegen in 2022 ten opzichte van 2021? (d) Hoeveel procent zullen de WOZ waarden voor woningen naar verwachting in 2023 stijgen ten opzichte van 2022? (e) Hoeveel procent zullen de WOZ waarden voor niet-woningen naar verwachting in 2023 stijgen ten opzichte van 2022? (f) Antwoord: (a) Nee, de geprognotiseerde opbrengsten OZB stijgen met 2,3%. Daarna wordt het tarief berekend o.b.v. de verwachte WOZ waarde. De WOZ waarde en het tarief zijn als het ware communicerende vaten. Het zijn de opbrengsten die wij ramen.
(b) zie antwoord (a) (c) 6,6%, dit heeft dus tot gevolg gehad dat het tarief daalde. (d) -5,5%, dit heeft dus tot gevolg gehad dat het tarief steeg. (e) 16,7% op basis van prognose 21-10-2022, dit zal dus tot gevolg hebben dat de tarieven dalen. (f) 5,6% op basis van prognose 21-10-2022, dit zal dus tot gevolg hebben dat de tarieven dalen. Vraag 3: Pagina 109 OZB-areaaluitbreiding De op pagina 18 genoemde € 42.800 en € 23.000 tellen op tot € 65.800. Op pagina 109 wordt gesproken over € 66.600. Wordt hier hetzelfde bedoeld? Antwoord: Op basis van de in 2022 verstrekte bouwvergunningen is de inschatting dat er in 2023 door areaaluitbreiding € 66.600 meer binnen komt aan OZB opbrengsten. Aangezien de gemeente de heffingen van BMV Spaubeek aan zichzelf moet betalen komt deze post ook 2x als een negatieve post terug (-/- € 42.800 en -/- € 23.000). M.a.w. van de € 66.600 extra OZB opbrengsten wordt € 65.800 bij de gemeente zelf in rekening gebracht. De overige verwachte extra opbrengst van € 800 betreft de areaaluitbreiding van een woning.
- 2-
Vraag 4: Pagina 119 kengetallen Hoe is de netto schuldquote 2022 berekend?(a) Deze is negatief? (b) In de tabel staat bij 2022 het percentage belastingcapaciteit 103,7% vermeld, in de toelichting op pagina 122 wordt gesproken over 97,2%. Welke is juist?(c) Antwoord: (a) De netto schuldquote is berekend conform bijlage 1 (zie pagina 28). (b) Ja, dit is netto schuldquote vanuit de begroting 2022 (pagina 113) op het moment dat de begroting 2022 is vastgesteld was dat de berekende netto schuldquote. (c) In de tabel op pagina 119 zijn de percentages uit de begroting 2022 opgenomen. Op pagina 122 zijn inmiddels de gegevens van “F. Woonlasten landelijk gemiddelde gezin in t-1” bekend voor 2022 en verwerkt waardoor dit cijfer verandert van 811 naar 904 en dus de belastingcapaciteit (E/F) verandert. Vraag 5: Pagina 181 geprognosticeerde eindbalans De tabel betreft bedragen x € 1.000 naar ik aanneem. (a) Is in deze cijfers rekening gehouden met de effecten van de eindafrekening krediet BMV Spaubeek?(b) Wat wordt verstaan onder financieringstekort? (c) Kunnen deze bedragen ‘financieringstekort’ worden opgedeeld in Algemene Reserve/Bestemmingsreserve/Voorzieningen/Schulden langlopend en Schulden kortlopend? (d) Of wordt hier per definitie aan te trekken vreemd vermogen bedoeld? (e) Antwoord: (a) Ja. (b) Nee. De effecten van de door uw raad op 13 oktober jl.
behandelde eindafrekening van het krediet BMV Spaubeek krijgen hun beslag in de Slotwijziging 2022 en de 1e Berap 2023. c) Het financieringstekort geeft het bedrag weer van de nieuw aan te trekken leningen als de overige balansposten zoals vaste activa (investeringen), eigen vermogen (reserves) en vreemd vermogen zich volgens de begroting ontwikkelen. De gemeente past totaalfinanciering toe. Daarbij worden op basis van de werkelijke totale liquiditeitsbehoefte (het saldo van uitgaven en ontvangsten) van de gemeente leningen aangetrokken of middelen bij de schatkist gestald. Ervaring leert dat de werkelijke liquiditeitsbehoefte in de praktijk lager uitvalt dan het begrote financieringstekort. Volgens de wet fido mag niet eerder worden geleend dan dat de middelen daadwerkelijk benodigd zijn. Ook moet de looptijd passen bij de verwachte duur van de liquiditeitsbehoefte. Pas bij een structurele liquiditeitsbehoefte worden langlopende leningen afgesloten. Vanuit de totalen activa (zonder liquide middelen) en passiva leidt het salderen tot twee mogelijkheden: een financieringsoverschot of een financieringstekort In het eerste geval moet de activakant worden opgevoerd, in het tweede geval de passivakant. Het totaal van de tot nu toe berekende passivaposten is kleiner dan het totaal van de activaposten (zonder kas, bank en giro).
In dat geval is het verschil bij het salderen van de beide balanstotalen een financieringstekort dat aan de passivakant moet worden opgevoerd. Met het plaatsen van dit verschilbedrag aan de passivakant wordt het balanstotaal gelijkgetrokken met het totaal aan activa. (d) nee (e) Ja, hier wordt per definitie aan te trekken vreemd vermogen bedoeld (zie antwoord bij (c))
- 3-
Vraag 6: Pagina 118 weerstandsvermogen Hoeveel bedraagt de door de Raad bepaalde minimumgrens van de ratio weerstandsvermogen? Klopt mijn aanname dat het 99,99% zeker is dat met deze programmabegroting de ratio weerstandsvermogen in de loop van 2023 onder de 1 gaat geraken? Antwoord: In de Nota weerstandsvermogen en risicomanagement 2016 is de minimumgrens van de ratio weerstandsvermogen bepaald op 1,0. Of het weerstandsvermogen al dan niet onder de 1 gaat komen in 2023 is afhankelijk van de ontwikkeling van de algemene reserve en de omvang van de risico’s. Vraag 7: Voorstel Gemeenteraad a. Welke concrete activiteiten/werkzaamheden gaan vanuit de Reserve Transformatiefonds Woningmarkt gerealiseerd worden? b. Hoe is het bedrag ad € 125.000 bepaald? c. Is dit een eenmalig bedrag of een jaarlijks terugkerend bedrag? d. De toevoeging aan de reserve wordt in de tabel met een minteken aangeduid, dat vind ik verwarrend. Antwoord: a. Het transformatiefonds woningmarkt wordt in principe ingezet om bij nieuwbouwprojecten bepaalde kosten te dekken en daarmee een bouwproject financieel mede haalbaar te maken. Zo kan een financiële bijdrage bijvoorbeeld bij een nieuwbouwplan voor sociale huurwoningen helpen om het plan gerealiseerd te krijgen. Er is nog geen keuze gemaakt (het fonds is € 125.000) bij welk project dat wordt ingezet. Dat zal bij de voorfase worden betrokken.
Los van de geldwaarde, maakt de gemeente hiermee ook duidelijk welke maatschappelijke waarde men hecht aan de realisatie van het plan. b. Conform het Bestuursakkoord bijlage-2 Financiële paragraaf punt-3C wordt de reserve transformatiefonds woningmarkt gevoed uit het sub-fonds woningvoorraadtransformatie van de reserve versterking omgevingskwaliteit en de DUB-gelden (Decentralisatie Uitkering Bevolkingsdaling). Het sub-fonds woningvoorraadtransformatie van de reserve versterking omgevingskwaliteit heeft een omvang van € 346.599 per aanvang 2022 waardoor gedurende 4 jaar een jaarlijkse onttrekking van € 86.650 mogelijk is. Aan niet-geoormerkte DUB-gelden is € 135.426 beschikbaar waardoor gedurende 4 jaar jaarlijks € 33.750 toegevoegd kan worden aan de reserve transformatiefonds woningmarkt. De resterende benodigde jaarlijkse storting van € 4.600 gedurende 4 jaar komt ten laste van de exploitatie. c. Zoals de tabel in het raadsvoorstel laat zien wordt er gedurende 4 jaar (2023 t/m 2026) jaarlijks € 125.000 gestort in de reserve Transformatiefonds Woningmarkt. d. Een storting in een reserve wordt altijd met een minteken weergegeven omdat een storting als last in de exploitatie wordt verwerkt.
- 4-
Vraag 8: Algemeen In de programmabegroting is vaker onduidelijk wat met positieve en negatieve cijfers wordt bedoeld (toename van de kosten of afname van de kosten?/meer opbrengsten of minder opbrengsten?). Wellicht kan een legenda aan de tabellen worden toegevoegd. Antwoord: In de financiële tabellen van de P&C documenten is het in feite zo dat een – post betekent dat dit negatief voor het exploitatiesaldo is (dus of meer uitgaven, of minder opbrengsten). Een + post houdt in dat dit positief is voor het exploitatiesaldo (dus of minder uitgaven, of meer opbrengsten). Vraag 9: Projectenlijst bij de begroting pagina 5 Ten opzichte van vorig jaar is bij onderdeel “toelichting votering” de volgende zin toegevoegd: “Bij een kredietoverschrijding groter dan € 25.000 dient een raadsvoorstel voorgelegd te worden ter aanvullende kredietvotering achteraf, om een onrechtmatigheid te voorkomen.“ Het zou volgens Belang van Beek wenselijk zijn om hieraan toe te voegen “De Raad dient bij eerste signalering van een kredietoverschrijding tijdig en volledig te worden geïnformeerd ter waarborging van haar kaderstellende en controlerende functie”. Antwoord: Deze opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.
Vraag 10: Project Herinrichting Schimmerterweg In de projectenlijst 2022 stond nog een regel ‘indexering en stelpost’ bij de uitgaven vermeld, het lijkt er op dat deze regel per abuis is vervallen aangezien daar wel nog dekking voor is. Antwoord: Dat klopt. Vraag 11: Projecten Ontkluizing Keutelbeek, BMV Beek, reconstructie Stationsstraat, stationsomgeving Beek-Elsloo Is het niet verstandig om ook hier rekening te houden met indexering en stelpost? Antwoord: Ontkluizing Keutelbeek fase 1b: Dit project nadert haar einde en de verwachte kredietoverschrijding is toegelicht in de raadsinformatiebrief van 11 oktober jl. en er is een raadsvoorstel in voorbereiding voor aanvullende kredietvotering in de raadsvergadering van 8 december a.s. BMV Beek: In de voorliggende begroting 2023 is de bestaande structurele storting in de reserve strategische investeringsagenda van € 175.000 per 2026 omgezet in een structurele storting in de reserve dekking kapitaallasten als dekking voor de structurele afschrijvingslasten van een uitvoeringskrediet voor de realisatie van een kindcentrum Beek / BMV Beek. Omgerekend naar investeringsvolume (o.b.v. een afschrijvingstermijn van 50 jaar en een restwaarde van 15%) betekent dit dat er € 10.294.117 beschikbaar is voor uitvoering aanvullend op het gevoteerde voorbereidingskrediet van € 200.000.
Omdat nog niet inzichtelijk is wat de realisatie van een (integraal) kindcentrum Beek gaat kosten is vooralsnog indexatie niet aan de orde. Reconstructie Stationsstraat en Stationsomgeving Beek-Elsloo De scope van deze project is nog onvoldoende concreet om een indexering en een stelpost op te voeren. Om de grillige en onvoorspelbare fluctuatie van marktprijzen op te
- 5-
kunnen vangen is in de begroting 2023 binnen het uitvoeringsplan Verkeer en Mobiliteit een stelpost voor afschrijvingslasten van nog te voteren (aanvullende) wegeninvesteringen opgenomen van € 74.400 per 2026 die een investeringsvolume dekt van € 1.860.000.
- 6-
Beantwoording feitelijke vragen Begroting 2023 BBB-NDB Vraag 1: Bladzijde 44: BBV – indicatoren Gezien de opgave Zorgkosten Jeugd zijn in deze tabel veel geen gegevens bekend. Alle gegevens t/m 2021 zouden toch bekend moeten zijn in oktober ’22 of is het in enkele gevallen 0%? Antwoord: De verplichte BBV indicatoren moeten van de site www.waarstaatjegemeente.nl gehaald worden. Indien de gegevens op deze site niet bekend zijn, moet g.g.b. worden opgenomen. Een gedeelte van deze cijfers wordt aangeleverd via externe partijen, hier heeft de gemeente geen invloed op. Dat betekent dus ook niet dat er vanuit gegaan mag worden dat dit dan 0% is. Vraag 2: Bladzijde 75: Onze plannen voor 2023 -2026 a. Bullit 1: Minimaal tien hectare bebouwd zijn, wat is het maximale? b. Bullit 2: Wat is de definitie van, hoe wordt verblijfskwaliteit geduid? c. Bullit 3: We zorgen er samen voor, wie is samen? d. Bullit 5: Waar is elders? e. Bullit 7: MAA duurzamer dan ooit – Hoe wordt dit gemeten? Staat de eigenaar en provincie hier niet voor een groter gedeelte aan de lat dan de gemeente Beek? Antwoord: a. Momenteel is circa 48 hectare onbebouwd, waarvan circa 17 hectare door de provincie is bestempeld als strategische grond voor de ontwikkeling van de luchthaven MAA. b.
Verblijfskwaliteit: De (stedenbouwkundige) kwaliteit van een plek door (o.a.) de menselijke schaal en maat, hoogwaardige materialisatie en de inrichting van de openbare ruimte; resulterende in plaatsen die faciliteren en appelleren om samen te komen, elkaar te ontmoeten en economisch, cultureel en maatschappelijk samen te zijn. c. Samen is gemeente Beek, inwoners, bedrijven, energiecoöperatie, netbeheerders etc. d. Het ligt voor de hand om andere ruimtelijke claims, denk daarbij aan andere functies dan agrarisch, natuur of water, in bebouwd gebied te realiseren. e. Het betreft een ambitieniveau waarvoor de provincie Limburg (als eigenaar) en het bedrijf MAA primair voor aan de lat staat. Het betreft zowel het verminderen van de emissie (o.a. CO2 uitstoot) van de grondoperaties (o.a. door elektrificatie) alsmede het verminderen van het aantal ernstig gehinderden en het uitfaseren van de meest vervuilende toestellen. Voor de gemeente Beek ligt de nadruk op het verbeteren Vraag 3: Bladzijde 98: BBV Indicatoren Externe inhuur stijgt in 2023 met 2,57%. Is dit project specifiek of anders, welke projecten liggen hier ten grondslag? Antwoord: De absolute stijging tussen de primitieve begroting 2022 en de primitieve begroting 2023 betreft € 216.000.
Dit komt voornamelijk door: € 50.000 inhuur traineeship opgavegericht werken (Conform Bestuursakkoord 2022-2026) € 100.000 inhuur projectleider riolen (Conform het op 17 februari jl. door uw raad vastgestelde Kostendekkingsplan riolen) € 50.000 inhuur “Pilot in- en doorstroom Jeugdhulp gemeente Beek” (Jeugdconsulent met specifieke taak) (Conform uw raadsbesluit van 20 juli jl.)
- 7-
Vraag 4: Bladzijde 110: Tijdelijke BOA inhuur Er wordt voor 2023 tijdelijke BOA inhuur aangetrokken, in de titelbalk staat per sado 0. Dus deze tijdelijke BOA inhuur is gratis? Antwoord: Zoals in de tabel op pagina 107 is vermeld wordt de tijdelijke inhuur BOA gedekt door een onttrekking uit de reserve crisismaatregelen en is daardoor per saldo voor de exploitatie 0. Vraag 5: Bladzijde 127: Achterstallig onderhoud Deze uitleg is subjectief, wie bepaald dit? Wat is een tijdje? (a) Gebruikers zien vaker achterstallig onderhoud dan dit door persoon die in onderhoud moet voorzien wordt erkent. Hoe wordt dit met gebruikers gecommuniceerd.(b) Is het mogelijk dat gebruikers zelf onderhoud plegen, waarbij materiaal kosten worden gedeclareerd? Dit geldt ook voor pagina 129. (c) Antwoord: (a) Onderhoud wordt uitgevoerd aan de hand van MJOP (op basis van conditiemeting en afschrijving). Daarnaast zijn er ook jaarcontracten op gebouwonderdelen. (b) Er zijn jaarcontracten die jaarlijks worden uitgevoerd. Dit wordt met de gebruikers gecommuniceerd. Geldt eveneens voor activiteiten uitgevoerd in het kader van MJOP. (c) Dit is helaas niet mogelijk. Vraag 6: In de vorige raadsvergadering heeft de Raad besloten dat de middelen voor de verduurzaming, isolatie programma’s e.d.
ter bestrijding van de energiearmoede 1 op 1 worden ingezet De vraag is welke gemeentelijke financiële middelen worden zelf ingezet voor dit doel en waar zijn deze middelen specifiek benoemd in de begroting ? Hoe groot is het totaalbedrag niet meegerekend de rijksbijdrage en voor welke doelgroepen worden deze ingezet ? Antwoord: In 2022 zijn door het Rijk 2 specifieke uitkeringen verleend voor het treffen van energiebesparende maatregelen, die verwerkt worden in de Slotwijziging 2022 zoals geagendeerd voor de raadsvergadering van 8 december a.s. Specifieke uitkering Energie-armoede € 224.000 Naar aanleiding van de stijgende energieprijzen gaat de gemeente Beek de bestaande specifieke uitkering energiebesparing (in samenwerking met de WoonWijzerWinkel en ZoWonen) upgraden met de aanpak Energiecampagne armoede om inwoners op korte termijn te helpen om hun energieverbruik te reduceren. De middelen die hierbij zijn ingezet zijn: de inzet van een energiecoach (advies), een witgoedregeling waarbij oude apparatuur vervangen wordt en het treffen van kleine energiebesparende maatregelen door een energieteamlid (klusteam). De campagne richt op inwoners waarvoor energiearmoede dreigt. Dit betreft zowel huur als particuliere woningen, in totaal circa 500 huishoudens. Als inkomensnorm hanteert de gemeente 120% van de bijstandsnorm.
De aanpak loopt vooralsnog van oktober 2022 t/m 31 december 2023. De aanpak wordt tussentijds en aan het einde van de looptijd geëvalueerd. Specifieke uitkering Lokale Isolatieaanpak Energie-armoede € 83.100 In overeenstemming met de bestaande aanpak energiearmoede wordt ingezet op de volgende middelen: inzet door een energiecoach (advies), een witgoedregeling waarbij oude apparatuur vervangen wordt en het treffen van kleine energiebesparende maatregelen door een energieteamlid (klusteam). De campagne richt zich op inwoners waarvoor energiearmoede dreigt. De doelgroep betreft particuliere huurders, huurders van verenigingen van eigenaren en sociale koopwoningen. Als inkomensnorm hanteert de gemeente 120%
- 8-
van de bijstandsnorm. De aanpak loopt vooralsnog van oktober 2022 t/m 31 december 2023. De aanpak wordt tussentijds en aan het einde van de looptijd geëvalueerd. In de voorliggende begroting 2023 is conform uw raadsbesluit van 13 oktober jl. aangaande het nieuwe klimaat- en energiebeleidsplan per 2023 € 50.000 structureel geraamd voor de inzet van de WoonWijzerWinkel met energiecoaches (onder voorbehoud van de in november verwachte uitkomsten van de evaluatie van het Groene Huis) en eventuele ondersteuning door Buurkracht. Het doel is het bij de hand nemen van de inwoners, hen te voorzien van onafhankelijk advies en het geven van een duwtje in de goede richting. Vraag 7: Pag. 23, 27 en 109. Op deze pagina’s zijn de bedragen voor 2023-2026 vanuit de septembercirculaire weergegeven. Hier zitten grote verschillen tussen. Kan iets meer inzicht worden gegeven in deze bedragen en waar ze betrekking op hebben?
Antwoord: 2023 2024 2025 2026 Meicirculaire 27.454.000 27.736.801 28.416.563 26.314.810 Accres/maatstaven 325.400 763.400 557.100 891.000 WOZ -33.000 -109.000 -108.000 -110.000 Asiel (inburgering) 38.000 -10.000 -30.000 Partcipatie -7.000 -80.000 3.000 -51.000 WMO eigenbijdrage huish. Hulp -89.000 Uitvoeringskosten SVB -25.000 Bijdrage generieke digitale infrastruct. -7.000 Wet kwaliteitsborging Bouw 11.000 Stelpost herverdeling gemeentefonds -407.000 289.000 -277.000 -200.000 Jeugdzorg 574.000 -527.000 -77.000 -283.000 Stelpost Overige Eigen Middelen 700.000 Afrekening t-2 -31.000 Septembercirculaire 27.892.400 28.063.201 28.395.663 27.261.810 verschil september- meicirculaire
438.400
326.400
-20.900
947.000
Accressen/maatstaven. Via de normeringsystematiek ‘samen trap op en samen de trap af’ wordt de algemene uitkering van het gemeentefonds geïndexeerd, ook wel het accres genoemd. Sinds de meicirculaire 2022 is het accres gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. Vervolgens zijn in de septembercirculaire 2022 de accressen vanaf 2023 bijgewerkt. Voor alle jaren vanaf 2023 is sprake van een lichte opwaartse bijstelling van het nominale (t.b.v. loon- en prijsstijgingen) van het accres. De bedragen hebben tot en met 2025 een structurele doorwerking. Vanaf 2026 wordt de normeringsmethodiek aangepast. Daarnaast zijn de maatstaven aangepast aan de meest recente gegevens. WOZ Dit betreft de aanpassing van de gewichten (rekentarieven) van de verdeelmaatstaf OZB. Het is staand beleid om voor het effect van marktontwikkelingen te corrigeren.
- 9-
Taakmutaties In de tabel zijn taakmutaties opgenomen betrekking hebbend op asiel, participatie, eigen bijdrage huishoudelijke hulp WMO (coalitieakkoord rijk), uitvoeringskosten SVB, bijdrage digitale infrastructuur en de invoering van de Wet kwaliteitsborging Bouw. Herverdeling gemeentefonds/nieuw verdeelstelsel De voor Beek negatieve uitkomst van de herverdeling van het Gemeentefonds heeft een aanvullend nadelig effect als gevolg van het feit dat een ingroeivariant is afgesproken die voor Beek negatief uitpakt. Jeugdzorg Het Rijk, de VNG en het IPO zijn voor de jaren 2024, 2025 en 2026 overeengekomen dat gemeenten zowel de extra rijksbijdragen voor de jeugdzorg als de geplande bezuinigingen voor 100% in de begroting 2023 mogen opnemen. In de begroting 2022 mochten de gemeenten nog 75% opnemen. Op basis van het coalitieakkoord op rijksniveau is een extra besparing in het jeugddomein van in 2024 € 100 miljoen, oplopend naar € 500 miljoen in 2025 en 2026 doorberekend. De besparing is een Rijksverantwoordelijkheid. Het Rijk is aan zet om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen als aanvulling op de beoogde Hervormingsagenda. Het gaat om maatregelen waarbij gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden. Daarnaast geldt voor 2023 specifiek dat de eerder door ons opgevoerde stelpost is teruggedraaid.
Stelpost overige eigen middelen Het Rijk werkt met gemeenten aan een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026. In aanloop daarnaartoe stelt het kabinet eenmalig € 1 miljard extra in 2026 beschikbaar. Via de algemene uitkering komt € 924 miljoen beschikbaar. Een bedrag van € 76 miljoen wordt toegevoegd aan het BTW compensatiefonds. Hiermee wordt het wegvallen accres slechts deels gecompenseerd met daaraan gekoppeld de afspraak dat begin 2023 duidelijk moet worden hoe het nieuwe financiële arrangement eruit moet komen te zien. Vooralsnog gaan wij ervan uit dat gemeenten fatsoenlijk worden gecompenseerd, vandaar dat voor het verschil een stelpost van € 700.000 is opgenomen. Vraag 8: Pag. 34, 44, 61, 74 en 85. Hier worden telkens BBV-indicatoren weergegeven. Waarom we veelal geen gegevens over 2021 en soms zelfs nog geen gegevens over 2020 hebben ontvangen? Zijn de bewuste indicatoren, waar dit aan de orde is, eigen gemeentelijke indicatoren of worden ze ons ‘opgelegd’ van hogerhand (rijk en/of provincie)? Wat is de meerwaarde van indicatoren waar we onvoldoende inzicht in ontvangen? Antwoord: Kortheidshalve wordt verwezen naar het antwoord op vraag 1 van BBB-NDB.
- 10-
Beantwoording feitelijke vragen Begroting 2023 CDA 1. Wat zijn de consequenties van de stijgende energiekosten voor de begroting? Hoe worden deze opgevangen. (Mbt paragraaf 8.4) Antwoord: De gevolgen van stijgende energiekosten is op basis van dagkoersen een keer berekend op € 1,4 mln. doch we weten dat die prijzen dagelijks fluctueren. De effecten van aangekondigd en nog te ontwikkelen dempend beleid uit Brussel/Den Haag vragen om een nadere uitwerking waarvan onze inschatting is dat die tot op zekere hoogte tot normalisering zal leiden. De komende tijd zal hier meer duidelijkheid in komen, vandaar dat om die reden bewust is gekozen om de energiediscussie niet het begrotingsdebat 2023 te laten domineren. In navolging van meerdere gemeenten binnen onze regio, wordt het effect voor 2023 pondsgewijs via de risicoparagraaf 50% en de algemene reserve 50%. 2. Hoe wordt gerealiseerd dat burgers binnen twee dagen een inhoudelijke reactie krijgen op een mail/brief? Heeft dit consequenties voor de processen/ formaties? (Paragraaf 8.2) Antwoord: De uitwerking van dit beleidsvoornemen dient nog verder vormgegeven te worden waarbij op voorhand duidelijk is dat deze versnelling bovenal in procedures en processen zal worden gezocht. 3. De kosten van inhuur zijn relatief hoog.
Kunnen deze worden verminderd? Zo ja, Kan bij moeilijk vervulbare functies meer samengewerkt worden met andere gemeentes? Antwoord: Uit de vraagstelling zou kunnen worden afgeleid dat er (te) makkelijk op externe inhuur wordt teruggevallen. Het tegendeel is echter waar. Inzet van externe inhuur (ziek, piek, specifiek) wordt integraal binnen het managementteam afgewogen waarbij de noodzaak om de dienstverlening/bedrijfsvoering zoveel mogelijk op peil te houden voor ogen staat. Dit gebeurt tegen de achtergrond dat openstaande vacatures soms lastig of helemaal niet zijn in te vullen. Daar komt bij dat de Wet Normering Rechtspositie Ambtenaren ertoe heeft geleid dat medewerkers nog maar gehouden zijn aan een wettelijke opzegtermijn van een maand waarbinnen onmogelijk een wervingscampagne kan worden afgerond. Ter overbrugging wordt hiervoor teruggevallen op inhuur. Overigens blijkt uit benchmarkgegevens van het A+O-fonds eens te meer dat Beekse uitgaven aan externe inhuur substantieel lager liggen dan andere gemeenten:
Samenwerking met andere gemeenten leidt slechts in een enkel geval tot een oplossing, hetgeen logisch is omdat die gemeenten met dezelfde problematiek van doen hebben.
- 11-
4. Hoe worden de kostenstijgingen van de gemeenschappelijke regelingen opgevangen? (Bv cao stijgingen van Vrzl, ggd, bsgw) Antwoord: Kostenstijgingen bij gemeenschappelijke regelingen worden opgevangen zodra deze verwerkt zijn in de begrotingen van deze gemeenschappelijke regelingen. Dit komt dan t.l.v. de gemeentelijke exploitatie. 5. Taakveld 5.3 Cultuur. Er wordt € 40.000 minder uitgegeven aan muziek (Myouthic), Wat zijn de overblijvende kosten m.b.t. Myouthic, hoeveel personen maken gebruik van het aanbod van Myouthic. Antwoord: Het subsidie voor Myouthic is enerzijds bedoeld voor individuele muzieklessen, en daarnaast groepscursussen (bv. aanbod voor peuters, ensembleklassen) en cultuureducatie op de scholen. Voor voornoemd aanbod zal aan Myouthic een voorlopig subsidie voor 2023 van € 42.000 (excl. compensatie huurkosten) worden toegekend. Voorlopig, omdat aan de hand van het daadwerkelijke aantal leerlingen e.o. wordt afgerekend. Momenteel krijgen 25 leerlingen via Myouthic individueel muziekonderwijs. De overige activiteiten staan in de startblokken voor 2023; hiervoor zijn dus nog geen kengetallen beschikbaar. 6. Er wordt voor dit taakveld van € 559.000 naar € 455.000 begroot. Dat is € 105.000 minder. Buiten die 40.000 van muziek dus nog €65.000 minder uitgegeven. Antwoord: Buiten een enkele kleinere verschillen, o.a.
in de doorrekening van de indirecte kosten aan taakveld 5.3 cultuur wordt dit verschil voornamelijk veroorzaakt door: In de bijgestelde begroting 2022, na 1e Berap was er een budget van ruim € 47.000 beschikbaar voor de corona pandemie. Dit budget is in de primitieve begroting 2023 niet meer beschikbaar; De afschrijvingslasten zijn in 2023 € 27.000 lager. 7. Bij 5.4 musea blijft het €3000. Bij 5.5, cultureel erfgoed gaat begroting van 66.000 naar 29.000. Is dit een deel van de 65.000 euro, die minder worden begroot? Zijn er nog andere redenen voor het feit dat er minder begroot wordt? Antwoord: De raming in 2022 (€ 66.000) is € 37.000 hoger dan in 2023 (€ 29.000). Dit betreft onderstaande in de 1e Bestuursrapportage 2022 verwerkte vanuit 2021 naar 2022 overgehevelde incidentele restantbudgetten: € 15.000 Archeologiebeleid € 9.375 Kerkenvisie € 9.629 Instandhoudingssubsidie Callistuskerk € 3.198 Instandhoudingssubsidie kerk Spaubeek € 37.202 Totaal 8. Percentage gezonde basisscholen van 50% naar 75%. Dat betekent dus dat nu 2 scholen een gezonde basisschool zijn en dat er volgend jaar een derde bij komt? Over welke basisscholen gaat het dan? Is dit een verantwoordelijkheid van de gemeente? Of is dit iets dat de school zelf bepaalt?
- 12-
Antwoord: In Beek doen reeds alle scholen actief mee met het JOGG (jongeren op gezond gewicht) programma in samenwerking met NJOY. Nog niet iedere school heeft een vignet. De ambitie is dat op elke school, kinderopvang en kindcentrum in Beek structureel aandacht is voor een gezonde leefstijl. Er wordt zowel in het beleid als in de educatie aandacht besteed aan voeding en bewegen. Op iedere school in Beek krijgt ieder kind 1 uur gym-onderwijs van een bevoegd gymdocent. JOGG stimuleert actief de groei van het aantal scholen met een Vignet Gezonde School in Beek door de Gezonde School-aanpak te verankeren in de JOGG-aanpak. Ook is JOGG betrokken bij de Gezonde Schoolkantine van het Voedingscentrum. Op dit moment hebben twee basisscholen in Beek een Vignet Gezonde School: Baeks Kompas: vignet Welbevinden OBS de Kring: vignet Voeding Het streven is dat volgend jaar weer een school een vignet ontvangt in Beek. De JOGGregisseur begeleidt scholen om te werken aan een van de thema’s van de Gezonde School en subsidies aan te vragen. Samen met scholen wordt bepaald welke thema’s opgepakt gaan worden. 9. Hoe bevordert de gemeente het aantal mensen dat verbonden is aan een vereniging? Of is ook dit de verantwoordelijkheid van de vereniging? Antwoord: Dit is primair de verantwoordelijkheid van de vereniging.
De verenigingsondersteuner zal hier wel over adviseren indien verenigingen dit concreet vragen. Daarnaast worden verenigingen ondersteund conform het tussen verenigingen en gemeente gesloten Beeks Lokaal Akkoord. 10. a.
Is in het geactualiseerde MOP de vernieuwing van de kleedlokalen van GSV opgenomen en is dit in de begroting verwerkt? b. Hoort in het MOP ook het onderhoud van gymzalen, zoals de gymzaal in Genhout, die voor school gymlessen wordt gebruikt? c. Is het de taak van de gemeente om ervoor te zorgen dat de materialen in deze gymzaal in orde zijn, zodat volwaardige gymlessen volgens de normen gegeven kunnen worden?
Antwoord: a. Nee. De gemeente is momenteel in overleg met GSV. Hoe de vernieuwing van de kleedkamers gaat plaatsvinden is nog niet duidelijk. b. Nee. Het MOP Buitensport betreft het groot onderhoud van de buitensportvelden en het op orde houden van de inrichtingsmaterialen. Het onderhoud van gymzalen is opgenomen in het MOP dat hoort bij de voorziening onderhoud/vervanging inrichting gymzalen. c. Ja, dit is een taak van de gemeente die wordt gedelegeerd naar stichting De Haamen die per 2023 verantwoordelijk is voor de gymzaalmaterialen. Alle gymzaalmaterialen zijn recent vernieuwd en/of aangevuld in alle kleedkamers. 11. Wordt het onderzoek realisatie KC Baeks Kompas gekoppeld aan het onderzoek t.b.v. accommodatiebeleid? Antwoord: De focus in het accommodatiebeleid ligt op het onderzoek naar/ de realisatie van een Kindcentrum Baeks Kompas (Fase 1 Verkenning), met in het verlengde daarvan een BMV Beek (Fase 2). Er is vooralsnog geen voornemen tot een algemeen onderzoek
- 13-
accommodatiebeleid. Zoals uiteengezet in paragraaf 5.2 onder ‘Onze plannen voor 20232026’ onderzoeken we wel het toekomstperspectief van alle verenigingsaccommodaties i.r.t. de financiële exploitaties. 12. p. 19 2A: In de bijgestelde begroting van het P-bedrijf is er een grote sprong te zien in 2026 naar 306.600; waardoor wordt dit grote verschil t.o.v. de voorgaande jaren veroorzaakt? Antwoord: Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de verwachte BUIG ontvangsten conform bijgestelde beschikking 2022. Deze bijstelling was fors negatief voor 2022 t/m 2025. Voor 2026 was deze bijstelling relatief gering. 13. p.19 2C: In 2025 wordt mogelijk de inkomensafhankelijke bijdrage huishoudelijke ondersteuning opnieuw ingevoerd. Is er al mee bekend over de mate van waarschijnlijkheid dat het terugkeert en is er een inschatting te maken op de afname van de kosten? Of wordt dit op een ander moment bijgeraamd? Antwoord: Het abonnementstarief voor de huishoudelijke ondersteuning Wmo wordt aangepast. De komende maanden gaat er een wetswijzing Wmo in consultatie. Deze maakt het mogelijk dat per 2025 een vorm van inkomensafhankelijke eigen bijdrage gevraagd kan worden voor de hulp bij het huishouden. Het is op dit moment nog niet bekend hoe de nieuwe regeling er precies uit zal gaan zien en daarom is het nu ook nog niet mogelijk om een financiële inschatting te maken.
Hiervoor volgen we nauwlettend de landelijke ontwikkelingen. Wel kunt u zien dat het budget vanaf 2025 minder wordt bijgeraamd dan de voorgaande jaren. We gaan er dus vanuit dat de kosten vanaf 2025 zullen afnemen, hiervoor is de gemeente Beek in de mei circulaire ook reeds gekort (zie 1 e Berap 2022, pagina 14 & 16). 14. p. 21 6A: Waardoor kan het verschil tussen de jaren verklaard worden? Antwoord: De doorrekening is volledig gebaseerd een P (leges tarief) * Q (prognose NVVB/RDW) berekening. Het verschil tussen de jaren is te verklaren doordat in 2014 de reisdocumenten (paspoort en identiteitskaart) voor volwassenen (ouder dan 18 jaar) 10 jaar geldig zijn geworden. Door de gewijzigde geldigheidsduur lopen de aanvragen van de reisdocumenten na 5 jaar stevig terug, dus na 2019. In 2024 zijn de 10 jaar voorbij en valt weer een toename te verwachten van de reisdocumenten. 15. p. 25 4A: Op dit moment is de omgevingswet uitgesteld voor een half jaar, stel dat de gehele omgevingswet niet doorgaat, waarheen zouden de aanvullende bijdragen dan terug vrijvallen? Antwoord: De RUD is concreet al bezig met de voorbereiding van de omzetting naar milieubelastende activiteiten.
Indien de Omgevingswet in z’n geheel niet doorgaat zal de in de RUDmeerjarenbegroting opgenomen Beekse bijdrage van € 30.300 gedurende 3 jaar (2023 t/m 2025) aangepast worden, afhankelijk van de middelen die niet gebruikt zijn. De Beekse bijdrage zal dan dienovereenkomstig worden verlaagd en verwerkt worden in de Beekse P&Ccyclus.
- 14-
16. p. 27 6A: Wat maakt dat in 2025 er een negatief bedrag wordt geboekt en in de overige jaren redelijke positieve bedragen vermeldt worden? Antwoord: Zie hiervoor de toelichting op vraag 7 BBB-NDB waarbij met name de negatieve taakmutatie WMO en de negatieve ingroeivariant van de herverdeling van het Gemeentefonds opvallen. 17. p. 28 6D: Vanuit welke middelen wordt de extra inzet van de BOA’s gedekt? Antwoord: Zoals in de tabel op pagina 107 is vermeld wordt de tijdelijke inhuur BOA gedekt door een onttrekking uit de reserve crisismaatregelen. 18. p. 50 Taakveld 6.81: Is er op dit moment al een effect voor de gemeente Beek qua kosten door de ontvlechting? Wat is te verwachten voor Beek? Antwoord: In 2023 zijn er geen financiële effecten voor Beek. Die zijn pas vanaf 2024 merkbaar In 2023 zal wel duidelijk worden wat de effecten voor 2024 zijn. Wij zullen u daarover tijdig informeren. 19. p. 54 C Wensbus. De jaarlijkse bijdrage voor de wensbus wordt € 5.000,-; maar er wordt €12.000 voor de subsidie uitgetrokken. Moet dit niet € 15.000,- zijn (3x 5.000)? Antwoord: Voor de eerste twee Wensbussen wordt van gemeentewege een totaalsubsidie van € 7.000 verstrekt. Voor de derde Wensbus wordt aan de jaarlijkse bijdrage van € 5.000 gevraagd. Het totaalbedrag voor drie Wensbussen komt daarmee op € 12.000.
De “kosten” kunnen per bus verschillen als gevolg van de aanschafprijs van de bus, de hoogte van de financiële bijdrage van de provincie en de verwachte opbrengsten door gebruik. 20. p. 54 G Volwassenfonds: Het volwassenenfonds wordt hier opgenomen als een incidentele kostenpost, is de invoering en ondersteuning van volwassenen middels het fonds niet een structurele post? Antwoord: We hebben aangegeven het voor een periode van 3 jaar te financieren, daarna te evalueren en daarna te besluiten voor eventuele structurele financiering. 21. p. 69 D Muziekonderwijs: Hoeveel leerlingen nemen er op dit moment deel aan het muziekonderwijs van Myouthic? Antwoord: Kortheidshalve wordt verwezen naar het antwoord op vraag 5 van het CDA. 22. p. 80: Is het mogelijk om in het bouwbesluit extra voorwaarden op te nemen dat woningen energieneutraal moeten worden gebouwd? Antwoord: Nee, op basis van het huidige Bouwbesluit is dat niet mogelijk. In het Bouwbesluit staan technische voorschriften waaraan bouwwerken minimaal moeten voldoen. Dit zijn landelijke voorschriften waaraan een gemeente niet zelf kan gaan sleutelen. Opgemerkt wordt dat de voorschriften rondom het ‘energiezuinig bouwen’ van nieuwbouw woningen de afgelopen jaren
- 15-
behoorlijk zijn aangescherpt. De oriëntatie en de vormgeving van een woonhuis vormen samen een belangrijk aspect wanneer het gaat over ‘energiezuinig bouwen’. Hier kan de gemeente wel sturing aan geven middels bestemmingsplanvoorschriften. 23. p. 83: 5.5 Cultureel erfgoed. Er wordt minder uitgegeven, heeft dit te maken met lagere kosten of is op bepaalde gebieden bezuinigd? Antwoord: Kortheidshalve wordt verwezen naar het antwoord op vraag 7 van het CDA. 24. P. 7, 18, 19, 20 Wat betekent robuust begroten en waarom begroot u niet meer realistisch? Antwoord: Met robuust begroten wordt bedoeld dat het college belangrijke impulsen meegeeft in deze begroting gezien de raadsbrede wens om zoveel mogelijk budgetten te actualiseren en solide te begroten. De toevoeging ‘zo veel mogelijk’ is hierbij niet zomaar gekozen omdat alle gemeentelijke begrotingen nog steeds te kampen hebben met uitgaven waarvan intussen meermaals is aangetoond dat de financiering vanuit het Rijk fors achterblijft. 25. P. 11 waarom daalt de Integratie uitkering SD in 2026 zo sterk? Antwoord: De tabel op pagina 11 laat een daling in 2023 (dus niet in 2026) zien die wordt veroorzaakt doordat de budgetten voor Nieuw Wajong en Nieuw begeleiding (excl.
beschut werk), beiden onderdeel van de integratie uitkering Participatie, integratie uitkering inburgering en de integratie uitkering Voogdij/18+ in het kader van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 2023 zijn overgeheveld naar de algemene uitkering. 26. P. 17 hoe verklaart u de mindere salarislasten in 2025 (rare dip)? Antwoord: De totale salarislasten in 2025 zijn niet lager. De overige salarislasten is het saldo van alle wijzigingen in salarislasten die zijn verwerkt in de kostenverdeelstaat en eerdere besluitvorming uit voorgaande jaren en zegt dus niets over de totale salarislasten. Het verschil komt voort uit het inverdien effect wat voor 2025 reeds was opgenomen en vanaf 2026 nu structureel in de begroting komt. Hierdoor lijkt het per saldo dat er een dip is. 27. P. 18 stelpost salaris: kunt u een nadere toelichting geven op het inverdieneffect? Antwoord: In de begroting 2021 is dit inverdieneffect gekoppeld aan het incidentele budget € 750.000 om een organisatorische kwaliteitsslag te realiseren. Concreet gaat het om een taakstelling vanaf 2024. Voor 2024 gaat het om een bedrag van € 75.000 en vanaf 2025 € 250.000. 28. P. 18 stelpost jeugd: was de eerdere besparing al in uw meerjarenraming verwerkt? Als dat niet het geval is, is er geen voordeel! Antwoord: Het is niet geheel duidelijk wat er bedoeld wordt met eerdere besparing.
Deze stelpost houdt in dat de overheid verwacht dat de Jeugdzorgkosten zullen dalen door de maatregelen die zij treffen.
- 16-
29. P. 21 kunt u de bijstelling van het rijbewijzen en paspoorten cijfermatig onderbouwen? Het is namelijk een hele forse stijging! Antwoord: Kortheidshalve wordt verwezen naar het antwoord op vraag 14 van het CDA. 30. P. 21 zo ook voor de OZB (deze zijn in de vorige afgeraamd) zie ook vraag 22 Antwoord: De areaaluitbreiding OZB wordt berekend op basis van een lijst met verleende bouwvergunningen. 31. P. 23 de toelichting is te positief op begroting VIDAR. Immers er is een structureel tekort in 2026 van 71.000! Antwoord: Wij nemen kennis van deze opmerking. 32. P. 23 wat stort de provincie in het Omgevingspakket MAA? Wat betekent de aandelenverkoop voor MAA? Antwoord: MAA heeft met de Schiphol Nederland B.V. (SNBV) een nieuwe aandeelhouder én samenwerkingspartner gevonden. Met SNBV is een principeakkoord ondertekend. Dit principeakkoord houdt onder andere in dat SNBV een substantieel belang van 40% in de luchthaven neemt. Het Statenvoorstel dat in december 2022 wordt voorgelegd, zal nader inzicht geven in het business plan, gebaseerd op de uitgangspunten en voorwaarden uit het amendement en een nadere uitwerking van het omgevingsfonds. Het Omgevingsfonds zal met publiek en privaat geld gevuld worden.
Proportionele bijdragen van Provincie Limburg, Rijksoverheid, omliggende gemeenten en het bedrijfsleven zijn hierbij de inzet waarbij de Provincie Limburg voornemens is om 8,75 miljoen euro bij te dragen. SNBV draagt in dit kader € 800.000 bij. 33. P. 24 wat doet de jeugdconsulent anders dan de praktijkondersteuner jeugd? Wat is de toegevoegde waarde? Antwoord: Zoals ook toegelicht tijdens de vergadering van de commissie Inwonerszaken van dinsdag 12 juli 2022 en opgenomen in het raadsvoorstel 22vra00052 zal de rol van de jeugdconsulent binnen de pilot breder van opzet zijn. De praktijkondersteuner jeugd (POH-jeugd) is een psychologe die gericht is op jongeren/gezinnen die via de huisarts in aanmerking komen voor behandelarrangementen (jeugd GGZ). Deze POH-jeugd verleent zelf zorg (5 tot 8 behandelingen) en vervult daarmee, naast triage, nog een andere taak. De jeugdconsulent met specifieke taak gaat zelf geen hulp verlenen, maar kijkt mee met gezinnen, medisch specialisten en Gecertificeerde Instellingen om te komen tot de inzet van de best passende zorg. Dit kan ook andere inzet van zorg zijn dan ggz-behandeling, zoals begeleiding, verblijf, etc. Ze zijn dus complementair aan elkaar. Daarnaast zal de jeugdconsulent in reeds langer lopende zorgtrajecten onderzoeken of er mogelijkheden zijn tot afschalen (bijv. naar voorliggend veld) of afsluiten van zorg.
- 17-
34. a. P. 25 hoe realistisch is de realisatie van BMV Beek in 2025? (kapitaallasten in 2026) b. kan dit niet uit de reserve kapitaallasten? Antwoord: a. Uit de ontwerpfase, zoals gepland in het 1e kwartaal 2023 zal blijken of de realisatiefase van augustus 2024 tot ultimo 2025 realistisch is. b. De reserve dekking kapitaallasten is als zodanig geen dekkingsmiddel voor nieuwe investeringen omdat deze reserve middelen bevat die volledig zijn geoormerkt voor dekking van bestaande kapitaallasten. 35. P. 26 kunnen de kosten voor de projectleider niet worden geactiveerd? Antwoord: Activeren is op basis van de vigerende Nota activeren en afschrijven weliswaar een mogelijkheid maar het college heeft er voor gekozen om deze personele kosten niet te activeren, analoog aan de eerdere verwerking van het projectleiderschap Squit2020 (bestendige gedragslijn). 36. P. 26 waarom betaalt u de kosten voor opgavegericht werken niet uit de reserve strategisch personeelsbeleid. Antwoord: Kosten voor opgavegericht werken zijn expliciet op deze verwerkingswijze opgenomen in het bestuursakkoord. 37. P. 26 kan voor de jaren 24 en verder ook 125.000 vrijvallen? Antwoord: Onderstaande tabel toont het beschikbare restant in de reserve Strategische Investeringsagenda: voor 2024 is er een restant van € 125.000 en voor 2025 € 175.000. Deze restanten zouden kunnen vrijvallen.
Voor 2026 en volgende jaren is de geraamde storting in de reserve Strategische Investeringsagenda ingezet voor het uitvoeringskrediet BMV Beek.
Reserve Strategische Investeringsagenda (x € 1.000) Geraamde storting Opgave gericht werken (trainee) Vrijval ten gunste algemene middelen BMV Beek uitvoeringskrediet Restant
2023
2024
2025
2026 e.v.
175 -50 -125
175 -50
175
175
175
-175 0
0
125
38. P. 28 weer worden er forse kosten opgevoerd voor ICT (in de vorige begroting ook al)? Ligt er een goed en gedegen plan aan ten grondslag? Antwoord: ICT is geen doel op zich maar een goed werkende ICT-voorziening is wel cruciaal om voor een adequate dienstverlening en bedrijfsvoering te kunnen zorgen. Jaarlijks blijven de kosten voor ICT voor organisaties waaronder gemeenten toenemen. Zo is uit de ICT-benchmark van M&I-partners af te leiden dat de gemiddelde ICT-kosten jaarlijks toenemen en in 2020 voor
- 18-
gemeenten < 60.000 inwoners uitkomen op € 90 per inwoner. Voor deze budgetuitbreiding kwam de Beekse ICT-begroting uit op een bedrag van € 74 per inwoner. Alle ICT-ontwikkelingen bij elkaar opgeteld maken het een complex geheel. Complex omdat er zowel sprake is van technische vervanging als wettelijk vereiste ontwikkelingen (waaronder informatiebeveiliging). Maar ook ontwikkelingen om de dienstverlening op een hoger niveau te tillen en allerlei technische ontwikkelingen van werken ‘on premise’ naar Cloud-toepassingen. De uiteindelijke samenstelling van het plan dat als onderlegger voor deze structurele budgetuitbreiding, is het resultaat van een kritisch proces waarbij zowel de noodzakelijkheid in termen van wettelijke verplichtingen als wel een capacitaire afweging heeft plaatsgevonden. 39. P. 53 Kunt u het grote voordeel van de begroting P-bedrijf in 2027 uitleggen? Antwoord Kortheidshalve wordt verwezen naar het antwoord op vraag 12 van het CDA. 40. P. 63 is er al een opdracht verstrekt inzake de exploitaties van de verenigingsaccommodaties? Zo ja, aan wie en hoe luidt de opdracht? Zit de stegen 35 daar ook bij? Antwoord: Er is geen opdracht verstrekt inzake de exploitaties van de verenigingsaccommodaties. Wel is er een opdracht verstrekt aan de zng. Verkenner Kindcentrum/BMV Beek, voor de fase 1. Die Verkenner - ICS Adviseurs - is onlangs gestart met het onderzoekstraject.
41. P. 170 is deze lijst opgeschoond? O.b.v. deze begroting? Antwoord: Ja 42. P. 200 welke onttrekkingen aan de Algemene reserve worden in 2023 (buiten de 7 ton), in 2024 en 25 nog gedaan? Antwoord: De toelichting op de overige onttrekkingen uit de Algemene Reserve in 2023, 2024 en 2025 vindt u terug op pagina 218 van de begroting. Deze onttrekkingen hebben te maken met de vervroegde verkoop 4e Tranche Essentgelden, met als doel de exploitatie structureel te ontlasten. 43. P. 207. In coalitieakkoord wilt u 2 x 100.000 inzetten voor opgavegericht werken? In deze begroting 2x 50.000. wat is de verklaring? Antwoord: De aangegane verplichting Traineeship ’opgavegericht werken’ bedraagt € 62.500 per jaar voor 2023 en 2024. De provincie is verzocht om een deel van de kosten voor haar rekening te nemen vandaar dat het bedrag van 2x € 50.000 is geraamd.
44. In het coalitieakkoord staat dat u het fietspaden areaal wil uitbreiden. In deze begroting staat, buiten de snelfietsroute hier niets over? Wat zijn plannen?
- 19-
Antwoord: Op korte termijn staat de haalbaarheidsstudie voor de snelfietsroute Maastricht-Sittard op het programma. Ook de haalbaarheid van de ‘Leisure Lane’ als recreatieve fietsroute wordt onderzocht. Daarnaast is er nadrukkelijk aandacht voor het thema ‘fiets’ in de uitwerking van de projecten Schimmerterweg en Stationsstraat. Andere concrete ontwikkelingen vanuit het thema ‘fiets’, zoals bijvoorbeeld het opstellen van een fietsplan, waren binnen deze begroting helaas (nog) niet mogelijk. Uiteraard mag u wel van ons verwachten dat bij andere reguliere (onderhouds-)projecten wordt gezocht naar optimalisaties voor fietsers. 45. Kunt u aangeven wat de plannen zijn van Leeyen met betrekking tot de eventuele bouw en mede bezien in de ophoging van de OZB opbrengsten in 2025 en 2026? Antwoord: De firma Leeyen heeft de betreffende gronden ingebracht in een consortium met een ontwikkelaar. Met de betreffende ontwikkelaar is de gemeente in gesprek over het indienen van een (concept)omgevingsaanvraag ten behoeve van het bebouwen van deze gronden. Zoals toegelicht in paragraaf 8 is in 2026 een stelpost van indicatief € 100.000 geraamd aan extra OZB-opbrengsten die eenmalig ter beschikking wordt gesteld aan Meerssen (budgettair neutraal). 46. Kunt u aangeven wat de concrete plannen m.b.t.
de ontwikkeling van de zonnepanelen/zonneweide (waarom on hold in het projectoverzicht ? Antwoord: Het dossier is on hold gezet in afwachting van het provinciaal standpunt aangaande zonneparken en vervolgens de eigen bestuurlijke afweging. Het standpunt van de provincie wordt verwacht halverwege 2023. 47. Is er al duidelijkheid omtrent garantie m.b.t. warmtelevering voor het Groene Net? Zo ja , wie gaat die verstrekken? Antwoord: Er zijn een aantal majeure risico’s voor de ontwikkeling van Het Groene Net , waarvan het bronrisico er één is. Zoals bekend is een eerdere businesscase niet robuust genoeg gebleken. Op dit moment loopt onder regie van de provincie een traject om te bezien of financiering via het JTM-traject kan bijdragen aan een robuustere basis. Hierbij wordt aangetekend dat het financieringsvraagstuk een belangrijk maar niet het enige punt is dat moet worden ingevuld om tot realisatie van HGN Zuid te komen. Echte langdurige garanties voor de levering van restwarmte van Chemelot zijn naar verwachting niet te krijgen; oplossingen zullen meer moeten worden gezocht in mitigerende maatregelen. 48. Kunnen we een verplichting opleggen in de Omgevingsvergunningen m.b.t. het grijs water circuit? (opvangen regenwater t.b.v. WC, wasmachine et cetera) Antwoord: Nee, deze verplichting kunnen we niet opleggen.
Een initiatiefnemer dient bij een aanvraag te voldoen aan de volgende regel: “Een bouwwerk heeft een zodanige voorziening voor de afvoer van huishoudelijk afvalwater of hemelwater dat het water zonder nadelige gevolgen voor de gezondheid kan worden afgevoerd.” Doorgaans houdt dit in dat het hemelwater afgekoppeld en op eigen terrein geïnfiltreerd wordt. Het hergebruik van regenwater is niet in het Bouwbesluit geregeld en kan derhalve niet als voorwaarde aan een vergunning worden verbonden.
- 20-
49. Wat is de stand van zaken m.b.t. de motie inzake het actualiseren van het verkeerscirculatieplan en de betere ontsluiting van de markt.? Antwoord: Het verkeerscirculatieplan (VCP) voor de kern Beek is opgesteld in 2018, maar nooit vastgesteld, omdat een duidelijk beeld van de prioritering en meerjarige kosten ontbrak. Daarnaast was er een GVVP uit 2016. Omdat beide documenten inmiddels voorbijgestreefd zijn door nieuwe ontwikkelingen is in december 2021 besloten om een nieuw plan op te stellen, namelijk de mobiliteitsvisie met uitvoeringsprogramma. Deze documenten zijn in de raadsvergadering van 20 juli 2022 vastgesteld. Het VCP en GVVP zijn hierin verweven. De mobiliteitsvisie vormt nu de basis om op gestructureerde wijze mobiliteitsopgaves aan te pakken met perspectief voor de langere termijn. Specifiek de bereikbaarheid/ontsluiting van de Markt is ook onderdeel van het uitvoeringsprogramma. In de voorliggende begroting is hier echter vooralsnog geen prioriteit aan toegekend. In Q1 2023 zal naar verwachting het stedenbouwkundig programma van wensen en eisen en het schetsontwerp voor de markt worden opgeleverd. Hierbij wordt deels ook gekeken naar ontsluitingsmogelijkheden.
Projectenlijst 50. p.13 Wat maakt dat de acties 2023 on hold staan? Antwoord: Het dossier is on hold gezet in afwachting van het provinciaal standpunt aangaande zonneparken en vervolgens de eigen bestuurlijke afweging. Het standpunt van de provincie wordt verwacht halverwege 2023. 51. p. 21 Met de stijging van de huizenprijzen en de NHG-grens, nemen de startersleningen dan ook verder toe? Antwoord: Er is geen reden om aan te nemen dat de stijging van koopprijzen invloed heeft op de financiering van de startersleningen. De starterslening is gekoppeld aan een maximale koopprijs van € 245.000. De starterslening is bedoeld om het tekort tussen de aankoopprijs van de woning en de maximale hypotheeklening NHG te overbruggen. Die individuele lening is gemaximeerd per aanvraag. In theorie zou het kunnen dat als de hypotheekhoogte minder wordt (wat kan optreden door de stijging van de hypotheekrente bijv.), dat daarmee het tekort tussen die hypotheekhoogte en de eerder genoemde € 245.000 iets toeneemt. Dat zou een extra financieringsruimte bij de starterslening kunnen betekenen. Maar concreet zicht hierop hebben we nu niet. 52. p. 22 Is door het toegankelijk maken van de stimuleringslening voor verenigingen en stichtingen, er iets aan te zeggen over het gebruik door verenigingen en stichtingen in Beek. Ook gezien de huidige energiecrisis.
Antwoord: Ondanks bekendmaking via publicaties hebben nog geen verenigingen en/of stichtingen gebruik gemaakt van de stimuleringslening.
- 21-
Beantwoording feitelijke vragen Begroting 2023 Progressief Beek Vraag 1: Paragraaf 2.1 Financiële samenvatting (blz 15) Indexering van 2,3%; zonder onze burgers op kosten te gaan jagen, maar is 2,3% indexering voor prijsontwikkeling nog wel een reëel getal? Antwoord: Het is de jaarlijkse systematiek om de indexatie in de gemeentelijke begroting te koppelen aan de prijsontwikkeling zoals opgenomen in de meicirculaire. Vraag 2: Paragraaf 2.2 Financiële samenvatting (blz 15) Wij zijn content dat er in de begroting 2023 rekening wordt gehouden met een CAO stijging. Het percentage van 3,7% voor geheel 2023 lijkt evenwel erg laag. De CAO onderhandelingen lopen momenteel en de werkgevers hebben een bod gedaan van een loonsverhoging van 4,5% (4% salaris en 0,5% IKB). De werknemers vragen een loonsverhoging van 12%. -
Op basis waarvan is het percentage van 3,7% tot stand gekomen? De minimale salarisverhoging zal voor 2023 uitkomen op 4,5%. Wat voor financiële gevolgen heeft die 4,5% voor de begroting van de gemeente Beek ten opzichte van de 3,7%?
Antwoord: Elk percentage zou arbitrair zijn omdat de uitslag van de onderhandelingen nog ongewis is. Dat is de reden dat aansluiting is gezocht bij de CAO-ontwikkeling lonen zoals die door Centraal Plan Bureau voor 2023 is voorspeld. Het kabinet gaat voor haar financieel-economische beleid af op de ramingen van het CPB. Het financiële effect van een salarisverhoging naar 4,5% leidt tot een extra structurele last van € 80.000. Vraag 3: Paragraaf 2.2 Financiële samenvatting (blz 19) De Zorgkosten WMO zijn gedaald en HbH is toegenomen. Graag zien wij een uitsplitsing van deze twee posten teneinde de toe- en afname inzichtelijk te krijgen Antwoord: De bedragen onder 2C Zorgkosten WMO – HbH & Begeleiding zijn als volgt te specificeren: 2023 2024 2025 2026 Hulp bij het huishouden Zorg in Natura € 532.346,00 € 573.146,00 € 481.146,00 € 481.146,00 Hulp bij het huishouden PGB € 1.891,00 € 1.891,00 € 1.891,00 € 1.891,00 Begeleiding Zorg in Natura € 198.857,00- € 198.857,00- € 198.857,00- € 198.857,00Begeleiding PGB € 28.545,00- € 28.545,00- € 28.545,00- € 28.545,00Totaal € 306.835,00 € 347.635,00 € 255.635,00 € 255.635,00
- 22-
Vraag 4: Paragraaf 2.2 Financiële samenvatting (blz 19) De zorgkosten jeugdzorg stijgen fors. Uit de tekst blijkt niet de oorzaak waarvoor jaarlijks circa 7 ton extra nodig is. Graag ontvangen wij een nadere duiding voor deze extra benodigde gelden. Antwoord: Gemeente Beek hanteert zoals vermeld het principe van robuust begroten. Uit de monitoring en op basis van prognoses is gebleken dat er een financiële bijstelling nodig was om in de begroting bedragen op te nemen die recht doen aan de realiteit (mede gezien de toename van complexiteit en intensiteit van zorg). Zeker ook met het oog op het stijgende prijspeil en de verplichting die er bestaat tot het betalen van reële tarieven voor zorg. Deze ontwikkeling komt ook tot uiting in de kosten lopende het jaar 2022 waarbij deze open einde regeling leidt tot de overschrijding van de budgetten (verwerkt in de slotwijziging 2022). Vraag 5: Paragraaf 2.2 Financiële samenvatting (blz 21) De Energiekosten nemen fors toe. Wat is de omvang van de verwachte energiekosten voor 2023? (a) Op welke wijze is het bedrag van 1,4 miljoen euro berekend? (b) Op basis van welke energiekosten elektriciteit per KwH en Gasprijs per m3 is deze gebaseerd? (c) Is de provincie akkoord gegaan met de financiële verwerking van de energiekosten in de begroting (50% alg.
reserve en 50% risico paragraaf) ? (d) Antwoord: (a) boekjaar 2023: Leveringskosten Elektra Leveringskosten Gas Netbeheerder Totaal Begroot 2022
€ 943.000* € 622.000* € 88.000 € 1.653.000 € 229.000
Bijramen 2022 € 1.424.000 *Het betreft een indicatie van de leveringskosten voor 2023 (b) De bedragen van de leveringskosten komen uit een maandelijks overzicht van het inkoopstrategie Collectief Zuid-Limburg. De vermelde groothandelsprijzen zijn gebaseerd op de actuele groothandelsprijzen (datum 19 augustus 2022). (c) Het groothandelsdeel van de leveringsprijs is nog niet bekend, omdat eerst de aanbesteding afgerond moet zijn, voordat we met de uitvoering van de clickstrategie kunnen beginnen. De clickstrategie voor kalenderjaar 2023 wordt uitgevoerd in de periode 1 oktober tot en met 30 november 2022. Er wordt in die periode iedere dag een klein deel van het volume ingekocht om het risico te spreiden. Pas rond 1 december zijn dus de definitieve leveringsprijzen voor 2023 bekend. (d) Begin september is navraag gedaan bij de leden van de inkoopcombinatie op welke manier zij om zijn gegaan met het verwerken van de energiekosten in de begroting. Dit varieert van 100% meenemen in de begroting of 100% meenemen in de risicoparagraaf en alles daartussenin.
- 23-
Vraag 6: Paragraaf 2.2 Punt 6B Accressen (blz 27) Voor de algemene uitkering september circulaire staat voor 2026 een bedrag begroot van € 947.000. Klopt het dat hierin een bedrag van € 700.000 is opgenomen als stelpost, zijnde nog niet toegevoegde middelen vanuit de rijksoverheid? Antwoord: Dat is inderdaad correct. Vraag 7: Paragraaf 2.2 Punt 6B Rechtmatigheidstool (blz 27) Is dit software en wat is de aanschafwaarde en afschrijvingstermijn van deze tool? Antwoord: Dit betreft software die niet door de gemeente Beek zelf aangekocht is. Dit betreft een online programma waarvoor de gemeente Beek jaarlijks een fee betaald om gebruik te kunnen maken van dit programma. Vraag 8: Paragraaf 2.2 Punt 6E Traineeship ‘Opgavegericht werken’ (blz 27) Kunt u nader aangeven wat er bedoeld wordt met opgave gericht werken in de Beekse organisatie? Antwoord: Opgavegericht werken in de Beekse organisatie gaat uit van een interne organisatie die deels gepositioneerd en aangestuurd wordt op basis van maatschappelijke opgaven, waarbij de formulering en realisatie van die opgaven in samenwerking met externen (zowel met o.a. private en publieke organisaties als ook met inwoners in de vorm van burgerparticipatie) geschiedt.
Naast alle reguliere ‘going concern’-taken die onveranderd een aanzienlijk deel van het werk blijven beslaan, wordt met betrekking tot maatschappelijke opgaven ingezet op het minder in specialistische teams werken ten faveure van het meer in dynamische, multidisciplinaire teams oppakken van die maatschappelijke opgaven. Deze teams zijn flexibel in actoren, doelen en prioriteiten zodat snel geanticipeerd kan worden op vragen en behoeften vanuit de gemeente. Vraag 9: Paragraaf 2.2 Punt 6F ICT (blz 27) Graag een nader specificatie voor de benodigde extra ICT middelen € 263.000 in 2023. Antwoord: Het ICT-projectenplan is geactualiseerd. De uiteindelijke samenstelling is het resultaat van een kritisch proces waarbij zowel de noodzakelijkheid in termen van wettelijke verplichtingen als wel een capacitaire afweging heeft plaatsgevonden. Uiteindelijk voorziet het geactualiseerde plan in de volgende projecten: 1. Vergroten grip op en uitbreiding van de kwaliteit van de externe dienstverlening Voor het vergroten van de grip op externe dienstverlening wordt geïnvesteerd in de volgende vak applicaties; o Het Nieuwe Handelsregister (NHR) o Centraal Insolventie Register (CIR) o Basisregistratie Kadaster (BRK) o I-burgerzaken (meertalige dienstverlening) o I-begraafplaatsen/I-verblijfsobjecten
- 24-
Om de grip op processen en de kwaliteit van de dienstverlening uit te breiden wordt in de volgende organisatie brede generieke applicaties geïnvesteerd; o Gebaseerd op de resultaten van de raadswerkgroep Planning & Control-cyclus wordt geïnvesteerd in een applicatie ten behoeve van verbetering kwaliteit informatievoorziening in de Planning & Control-cyclus o Doorontwikkeling Liber/zaakgericht werken o Doorontwikkeling Corsa (workflow ten behoeve van documentbeheersing) 2. Informatiebeveiliging Door meer op afstand te werken is informatieveiligheid een belangrijk aspect. Om dit te realiseren wordt geïnvesteerd in verdere maatregelen voor informatiebeveiliging en continuïteit van gegevens/data. Denk hierbij aan de 24-uurs monitoring via Security Information and Event Management (SIEM)/Security Office Centre (SOC), maar ook bv. backend hardware en hardware voor uitwijk storage. 3. Omvorming naar nieuwe software oplossingen om beheersing te versterken Naast technische actualisaties/vernieuwingen wordt ook een traject opgestart om te beoordelen in hoeverre de migratie van werken met software on premise (op de eigen server) naar Software as a Service (in de cloud) verbeterde sturing van de dienstverlening gaat opleveren. Samen met leveranciers zal dit traject worden doorlopen.