Valkseweg-Dr. Willem Dreeslaan_vastgesteld_1_Toelichting_Bijlage 13 Waterhuishoudingsplan
Tekst van het document
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld Waterhuishoudingsplan
Opdrachtgever
: De Bunte Vastgoed Oost B.V.
Documentnummer
: 2209601-WH-231208
Status
: Definitief
Versie:
: 1.0
Datum
: 8-12-2023
KvK Arnhem 09 22 18 89 IBAN NL03 RABO 01168.01.581 BTW NL 8224.42.826.B01
Drong Omgeving & Techniek Anthonie Fokkerstraat 4 3772 MR Barneveld T. 0342 – 76 00 88 E. info@drong.nl
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
1
1.1.
Aanleiding
1
1.2.
Proces en doel
1
1.3.
Plangebied
1
2.
Bestaande situatie
2
2.1.
Hoogteligging
2
2.2.
Bodemopbouw
2
2.2.1.
Algemeen
2
2.2.2.
Grondboringen
2
2.3.
Grondwaterstanden
3
2.3.1.
Grondwatermonitoring
3
2.4.
Doorlatendheid
4
2.5.
Watersysteem
4
2.6.
Verhard oppervlak
4
2.7.
Ondergrondse infrastructuur
4
3.
Uitgangspunten en voorwaarden
6
3.1.
Beleidsuitgangspunten
6
4.
Ontwerp en toetsing
9
4.1.
Ontwerphoogtes
9
4.1.1.
Grondbewerkingen
9
4.2.
Afwatering en berging particulier terrein
9
4.3.
Afwatering en berging openbare ruimte
10
4.4.
Waterbalans
10
4.5.
Vuilwaterstelsel
11
5.
Conclusie
13
5.1.
Samenvatting en conclusie
13
5.2.
Aandachtspunten
13
Bijlage 1 – Terreinmeting Valkseweg – d.d. 09-02-2021 Bijlage 2 – Boorprofielen – d.d. 04-2022 Bijlage 3 – Waterhuishouding en riolering – d.d. 07-12-2023
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
1.
Inleiding
1.1.
Aanleiding
In opdracht van De Bunte Vastgoed Oost B.V. is Drong Omgeving en Techniek betrokken bij de civieltechnische uitwerking van woonontwikkeling Valkseweg in Barneveld. De ontwikkeling aan de Valkseweg betreft de bouw van 12 ééngezinswoningen en een appartementencomplex met ca. 27 appartementen. Het project is gelegen tussen de Valkseweg en de Dr. Willem Dreeslaan nabij Valkseweg 99. Ten behoeve van de ontwikkeling heeft Arcadis op 26 maart 2021 een ‘groeidocument’ voor de waterhuishouding opgesteld. Dit is de basis geweest voor het waterhuishoudingsplan zoals deze nu is opgesteld. Opgemerkt wordt dat ongewijzigde teksten en uitgangspunten rechtstreeks overgenomen zijn uit het ‘groeidocument’ van Arcadis.
1.2.
Proces en doel
Met dit waterhuishoudingsplan wordt het nieuwe ontwerp en de civiele uitwerking getoetst aan de gestelde uitgangspunten en eisen vanuit de gemeente Barneveld en Waterschap Vallei en Veluwe. Dit rapport beschrijft het nieuwe watersysteem. Aan de hand van de (geohydrologische) gebiedskenmerken en doelstellingen voortkomend uit het vigerend waterbeleid zijn ontwerpmaatstaven geformuleerd voor de woonontwikkeling. Het doel van dit rapport is een solide onderbouwing voor het aspect water bij het bestemmingsplan en geeft een invulling aan de toekomstige inrichting voor hemelwater, huishoudelijk afvalwater, grondwater en oppervlaktewater. In hoofdstuk 2 is de gebiedsinventarisatie opgenomen. Hierin is de huidige situatie zoals hoogteligging, bodem, grondwater, oppervlaktewater en riolering beschreven. In hoofdstuk 3 zijn de ontwerpuitgangspunten opgenomen. In hoofdstuk 4 is het ontwerp toegelicht op de aspecten ontwatering, regenwaterafvoer, waterberging en vuilwaterafvoer.
1.3.
Plangebied
Figuur 1 - Barneveld, de rode arcering toont het plangebied van de ontwikkellocatie.
Pagina 1 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
2.
Bestaande situatie
2.1.
Hoogteligging
Ter voorbereiding van de ontwikkeling is binnen het plangebied en terreinmeting uitgevoerd. Naast de maaiveldhoogtes zijn ook aanwezige bomen en overige terreininrichtingen ingemeten. De terreinmeting is toegevoegd als bijlage 1. Om een globaal beeld te krijgen van de huidige maaiveldhoogtes binnen het plangebied is een uitsnede gemaakt uit de AHN-3 (actueel hoogtebestand Nederland).
Figuur 2 - Uitsnede hoogtekaart AHN-3 van het plangebied
Het plangebied ligt lager dan zijn directe omgeving. Het plangebied loopt lichtelijk af richting de greppel in het midden. Op de hoogtekaart zijn twee greppelstructuren zichtbaar, door het midden en aan de oostkant van het plangebied. De slootbodem in het midden van het plangebied loopt van 9,73m+NAP tot 9,46m+NAP in noordwestelijke richting. De greppel langs de Dr. Willem Dreeslaan heeft een bodempeil van circa 9,30 m +NAP. Het plangebied wordt aan veel zijden omgeven door hoger liggend terrein. De Valkseweg in het zuiden ligt daarentegen wel relatief laag ten opzichte van het plangebied. De Doctor Willem Dreeslaan in het noordoosten ligt in vergelijking met de Valkseweg een stuk hoger.
2.2.
Bodemopbouw
2.2.1. Algemeen Op de bodemkaart van Nederland is terug te zien dat het plangebied grotendeels bestaat uit beekeerdgronden en Veldpodzolgronden (leemarm en lemig fijn zand).
2.2.2. Grondboringen In navolging op de analyse van openbare data is in april 2021 door Hunneman Milieu-advies een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. In dit onderzoek zijn er 50 grondboringen uitgevoerd tot een diepte van 2,0 meter -mv. De boringen zijn weergegeven in bijlage 2.
Pagina 2 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
Alle boringen geven een uniform beeld van de bodemgesteldheid tot aan de maximale boordiepte. De bovengrond tot 0,5 m -mv. bestaat voornamelijk uit matig humeus, matig fijn, matig siltig, zand. Vanaf ca. 0,5 m -mv. tot aan de maximale boordiepte is het zand matig fijn tot matig grof. In boring 17 t/m 26 wordt op een diepte van ca. 0,5 m -mv een sterk zandige kleilaag aangetroffen met een dikte van ca. 0,30 meter. Dit betreft allemaal boringen langs de Dr. Willem Dreeslaan. Tevens is door Arcadis geohydrologisch (veldwerk)onderzoek uitgevoerd. Bij dit onderzoek zijn 6 handboringen uitgevoerd. In deze boringen wordt de storende kleilaag niet teruggevonden. Verder wordt dezelfde bodemopbouw geconstateerd als bij het verkennend bodemonderzoek. De grondwaterstand aangetroffen tijdens het veldwerk (maart 2021) lag op 0,9 m -mv.
2.3.
Grondwaterstanden
Bij het uitvoeren van de grondboringen is op basis van eventueel zichtbare hydromorfe kenmerken een gemiddeld hoogste en laagste grondwaterstand geschat (GHG en GLG). Bij boringen 01, 02, 03 en 04 is een GHG geschat van circa 0,8 m-mv. Boringen 05 en 06 bevatten geen geschatte GHG. De geschatte GLG varieert van 1,70 m-mv bij boringen 05 en 06, 1,80 m-mv bij boringen 01 en 02 tot 2,00 m-mv bij boring 04. Relatief tot het NAP ligt de geschatte GHG op circa 9,6 m+NAP en varieert de geschatte GLG van 8,3 m+NAP tot circa 8,6 m+NAP. Ten westen van het plangebied is op grondwatertools, op circa 150 m afstand, een langdurige representatieve meting (1986 – 2011) te achterhalen. De gemeten grondwaterstanden variëren tussen de 9,00 en 9,80 m+NAP. Deze waarden komen redelijk goed overeen met de gemeten en geschatte waarden uit het bodemonderzoek.
Figuur 3 - peilbuismeting B32G0294
Alle boringen, met de uitzondering van boring 04, zijn matig tot sterk roesthoudend in de bovenlaag. Dit kan een indicator zijn van kwel. Volgens de kwelkaart van de Klimaateffectatlas ligt het plangebied op de grens van enig tot grotendeels matig (0,5 tot 2 mm/dag) optreden van kwel.
2.3.1. Grondwatermonitoring In het gebied zijn twee peilbuizen geplaatst met een drukopnemer die meerdere malen per dag de grondwaterstand registreert. De peilbuizen corresponderen met de punten PB03 en PB04 in Figuur 3. De 1e controle uitleesronde levert grondwaterdata over de periode 04-03-2021 tot 10-03-2021. Het gemiddelde grondwaterpeil in deze periode was circa 9,46 m+NAP bij de peilbuis PB03 en 9,39
Pagina 3 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
m+NAP bij de peilbuis PB04. De grondwaterstand ten tijde van het zetten van de boringen (04-032021) lag op circa 0,90 m-mv (9,3 m+NAP). Op basis van bovenstaande monitoringsgegevens wordt voor het plangebied een GHG aangenomen van 9,60 m+NAP.
2.4.
Doorlatendheid
Tijdens het veldwerk door Arcadis is tevens de doorlatendheid bepaald. De bovenlaag heeft een kwaarde van circa 0,15 tot 0,4 m/dag. De laag eronder heeft een k-waarde rond de 1 m/dag, met een plaatselijke k-waarde van 1,5 of 2 m/dag in de lagen met matig grof zand. Uit deze k-waarden valt te concluderen dat de doorlatendheid van de bovenlaag matig tot slecht is. De doorlatendheid van de onderste laag is goed. Het advies is wel om ter plaatse van wadi’s een juiste grondverbetering aan te brengen conform de ontwerprichtlijnen van de gemeente Barneveld.
2.5.
Watersysteem
Voor het verkrijgen van informatie over het bestaande watersysteem is de legger van Waterschap Vallei en Veluwe geraadpleegd. In figuur 6 is een uitsnede van de leggerkaart weergegeven.
Figuur 4 - Uitsnede leggerkaart van waterschap Vallei en Veluwe.
In het plangebied loopt van zuid naar noord een C-watergang. Noordelijk van het plangebied gaat deze over in een B-watergang. Eveneens loopt aan de oostzijde van het gebied, langs de Dr. Willem Dreeslaan, een B-watergang. Verder noordelijk zijn deze watergangen met elkaar verbonden en voeren het water verder noordelijk af. De B- en C-watergangen staan in de droge periodes van het jaar volledig droog.
2.6.
Verhard oppervlak
In de huidige situatie is er sprake van een braakliggend terrein welke volledig onverhard is. Een deel van de Valkseweg zal worden gereconstrueerd met o.a. een plateau. Dit zorgt niet voor extra verhard oppervlak of versnelde afvoer van hemelwater ten opzichte van de bestaande situatie. Voor de waterbalans wordt de Valkseweg dan ook buiten beschouwing gelaten.
2.7.
Ondergrondse infrastructuur
Het plangebied grenst Noordelijk aan de Pascalstraat. In deze straat is een gescheiden stelsel aanwezig waarop aangesloten kan worden.
Pagina 4 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
Westelijk grenst het plangebied aan de Valkseweg. In de Valkseweg is een gemengd stelsel met een diameter van Ø500 mm aanwezig. Ter hoogte van de ontsluiting van het projectgebied is een parallelriool aanwezig met een afmeting van Ø200 mm. De verwachting is dat op het parallelriool de kolken van 1 zijde van de weg zijn aangesloten en eventueel een vroegere woning of bedrijvigheid. In beide zijden van de Valkseweg liggen ook kabels en leidingen van de combipartijen onder de voetpaden/rabatstroken. In bijlage 3 is een overzichtstekening opgenomen met de ondergrondse infrastructuur.
Pagina 5 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
3.
Uitgangspunten en voorwaarden
3.1.
Beleidsuitgangspunten
Voor de uitwerking van het ontwerp zijn onderstaand de beleidsuitgangspunten van Waterschap Vallei en Veluwe en de gemeente Barneveld opgesomd. Deze uitgangspunten zijn van belang voor de aspecten: riolering, grondwater, waterkwaliteit en kwantiteit, beheer en onderhoud en klimaat. De uitgangspunten zijn gebaseerd op de Keur van het waterschap en Standaard ontwerp en materiaaleisen V2023-1 (gemeente Barneveld). De uitgangspunten zijn aangevuld met uitgangspunten welke volgens Drong van belang zijn voor een robuust watersysteem.
Thema
Uitgangspunt/eis
Maatstaf
Grondwater
Bouwwijze, functies en bouwrijp maken relateren aan optredende grondwaterstanden.
Geen ontwateringsmiddelen toepassen maar ophogen, eventueel in combinatie met kruipruimteloos bouwen. Ontwateringseisen - Woonstraten 0,70 meter - (as)wegpeil; - Primaire wegen 0,90 meter - (as)wegpeil; - Woning met kruipruimte 1,00 meter – vloerpeil; - Tuinen en openbaar groen 0,50 meter – maaiveld; Drooglegging: 1,00 á 1,20 meter t.o.v. streefpeil.
Grondwaterneutraal bouwen. Geen verlaging of verhoging van de grondwaterstanden toestaan.
Ondergrondse voorzieningen waterdicht uitvoeren, geen bemaling. Waterkwantiteit
Toepassen trits vasthouden - bergen - afvoeren.
Hemelwater bergen in de openbare ruimte: - 60 mm berging over het totaal aan afvoerend De verhardingstoename mag geen nadelig effect verhard oppervlak; hebben op het ontvangend watersysteem. Hieraan - Berging realiseren in wadi's/infiltratiebermen; wordt voldaan wanneer: - De wadi (bij voorkeur) bovengronds laten - Er niet meer dan de plaatselijk geldende overlopen op een ontvangende greppel/sloot; landelijke afvoer vanuit het plangebied geloosd - De wadi uitvoeren met drainageriool. Lediging wordt, door vertraagde afvoer via de drainage. of; - er een berging van 60 mm per m2 verhard Hemelwater bergen op eigen terrein: oppervlak wordt gerealiseerd, - particulier terrein 1 m3 berging creëren via of; infiltratiekratten. Overig hemelwater van tuinen - het nadelige effect op het watersysteem wordt verwerken op openbaar terrein, gerekend met een gecompenseerd, verhard oppervlak van 50% van het dakoppervlak; of; - Verharding aan de voorzijde van het perceel - het nadelige effect op het watersysteem wordt direct afvoeren naar de openbare weg. gecompenseerd, of; - er geloosd wordt vanaf verhard oppervlak dat hiervoor was aangesloten op het gemengd stelsel (afkoppelen) en het ontvangende oppervlaktewaterlichaam voldoende capaciteit heeft.
(Grond)waterkwaliteit
Toepassen trits schoonhouden - scheiden zuiveren. Geen activiteiten toestaan die de grondwaterkwaliteit kunnen aantasten.
Pagina 6 van 13
Het vallende hemelwater is van voldoende kwaliteit om zonder zuiverende behandeling af te voeren naar het ontvangend watersysteem.
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
Riolering
Geen afvoer (schoon) hemelwater naar RWZI.
Geen wateroverlast bij hevige neerslag.
Afwatering mag nooit plaatsvinden van openbare ruimte naar particulier terrein. Particulier terrein verwerkt hemelwater op eigen terrein. Huishoudelijk afvalwater onder vrij verval aansluiten op bestaande riolering. Beheer- en onderhoudsvriendelijk ontwerp
Toepassen bovengrondse afvoer van hemelwater: - Minimaal verhang goten: 4‰ - openbare parkeerplaatsen uitvoeren in open bestrating/waterpasserende bestrating. Hemelwater van privaat terrein mag niet ondergronds aangesloten worden op het openbaar riool. Bovengronds is een overloop toegestaan; Riolering (huishoudelijk afvalwater): - Hoofdriool dient in openbaar gebied te liggen - Minimale vrije ruimte aan beide zijden van 1,0 meter. - Minimale afstand met bomen 2,5 meter; - Minimale buisdiameter: Ø250 mm; - Minimale dekking op buizen: 1,3 meter ( enkel buizen waar aansluitingen op gemonteerd worden); - Minimale verticale onderlinge afstand 0,2 meter. Voorschriften DWA: - Leidingen uitgevoerd in PVC; - Afschot beginstrengen (eerste 150 meter): 1:250; - Minimaal afschot : 1:500. Capaciteit DWA riolering: - Afvalwaterprognose: 10 l/uur per inw; - Gemiddeld 2,5 inwoners per woning - Berging in DWA riool: 12 uur - Maximale vulling DWA riool: 50%
Klimaat en ecologie
Tijdens hitte biedt de gebouwde omgeving een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving Langdurige droogte leidt niet tot structurele schade aan bebouwing, fundering, wegen, groen, water en vitale en kwetsbare functies.
(Grond)waterpeilen in het plangebied en de omgeving en de zoetwaterbeschikbaarheid in de bodem zijn sturend in de systeemkeuze en inrichting van het plangebied.
Bij ontwerp en inrichting wordt ingezet op drinkwaterbesparing, regenwaterbenutting en verbetering van de waterkwaliteit. Hevige neerslag leidt niet tot schade aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen. Bescherming van bestaande water- en groenstructuren.
Pagina 7 van 13
In het plangebied treedt bij 70 mm in één uur geen schade op aan bebouwing, infrastructuur en aan vitale voorzieningen Vitale en kwetsbare functies en groenvoorzieningen in de openbare ruimte moeten bestand zijn tegen langdurige droogte en hitte Inrichting van het plangebied is gericht op volledige infiltratie van hemelwater naar de ondergrond. Inpassen van bestaand groen en de bestaande waterstructuur in het nieuwe plan.
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
Beheer en onderhoud
Beheer- en onderhoudsvriendelijk ontwerp.
Zaksloten: - Minimale bodembreedte 0,50 meter - Taluds: 1:2 Watergangen: - Minimale bodembreedte 2,0 meter - Onderwatertalud niet steiler dan 1:3 - Bovenwatertalud niet steiler dan 1:2 - Waterdiepte 1,0 meter - Onderhoudsstrook 5,0 meter Wadi's: - Taludhelling: 1:3 - minimale bodembreedte: 2,0 meter - basisdiepte: 0,50 meter (20 cm waking) - waterdiepte in wadi 0,30 meter - toepassen grondverbetering
Duikers: - afmeting duikers bepalen aan de hand van te verwachten debiet - minimale diameter duikers Ø315 mm - Lozing van leidingen op watergangen voorzien van taludbescherming en uitstroomconstructie Verbinding tussen wadi's uitvoeren met lijngoten op bodemniveau wadi, wanneer dit niet mogelijk is gebruik maken van zinkerconstructie. Wadi's dienen ongehinderd machinaal gemaaid te worden.
Pagina 8 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
4.
Ontwerp en toetsing
In dit hoofdstuk wordt op basis van de gebiedsanalyse en het geldende beleid van zowel het waterschap als de gemeente het toekomstige watersysteem uitgelegd. Het watersysteem wordt tevens getoetst aan de gestelde uitgangspunten.
4.1.
Ontwerphoogtes
De GHG vormt het uitgangspunt voor het bepalen van de aanlegpeilen van woningen, groenvoorzieningen en wegen. Om wateroverlast te voorkomen wordt een minimale ontwateringsdiepte geadviseerd conform de uitgangspunten hoofdstuk 3. Op basis van deze gegevens wordt de GHG aangenomen op 9,60 m+NAP. Dit levert een minimaal vloerpeil op van 10,60 +NAP en een minimaal (as)wegpeil van 10,30 +NAP. Het bestaande maaiveld ligt op ca. 10,30 +NAP, dit betekent dat er geen grootschalige ophoging benodigd is om aan de ontwateringseisen te voldoen. De ondergrond bestaat uit relatief goed doorlatende grond en zou infiltratiekansen bieden, tegelijkertijd ligt het gebied volgens de Klimaateffectatlas in een grotendeels matig kwelgebied. Dit betekent dat vooral in de winterse natte periode de watergangen een belangrijke af- en ontwateringsfunctie zullen hebben. De aanwezige greppels in en aan de randen van het plangebied moeten dan ook behouden blijven met een vrije verbinding naar de noordelijke B-watergang buiten het plangebied.
4.1.1. Grondbewerkingen
De bovengrond tot 50 cm is slecht tot matig doorlatend. Ter plaatse van de cunetten, wadi’s en woningen zal deze laag worden ontgraven. Ter plaatsen van groen en tuinen dient deze laag doorbroken te worden worden. Dit kan door middel van het spitten met een graafmachine tot de goed doorlatende zandlaag. Dit voorkomt het dichtslaan van deze (oude) bovengrond en daarmee wateroverlast bij hevige neerslag (schijngrondwater). De vrijkomende grond uit de bouwputten en het wegcunet kan afhankelijk van de benodigde ophoogslag worden verwerkt op de kavels en het openbaar groen met als doel het streven naar een gesloten grondbalans. Aandachtspunt is dat de grond goed gespit wordt alvorens de ophoogslag gemaakt wordt. Conform het verkennend bodemonderzoek is er langs de Dr. Willem Dreeslaan nog een storende zandige kleilaag. Om de doorlatendheid van de groenstroken te verbeteren dient deze laag doorgespit te worden door de goed doorlatende zandlaag welke eronder aanwezig is. De minimale diepte tot waarop deze laag doorgespit dient te worden bedraagt 0,80 meter -bestaand mv. indien deze laag ook onder het appartementencomplex aanwezig is dient deze te worden ontgraven en afgevoerd.
4.2.
Afwatering en berging particulier terrein
De afwatering is bij voorkeur gericht op een bovengrondse afvoer. Dit begint op het perceel. Hemelwater afkomstig van de daken wordt op eigen terrein opgevangen in een infiltratiekrat met een grootte van minimaal 1,0 m3. Deze kratten worden voorzien van een overstort aan de voorzijde van de woning naar openbaar gebied. Hemelwater afkomstig van de voorzijde van de woning kan direct afwateren naar openbaar gebied. De achtertuinen met terrasverhardingen en eventuele tuinhuisjes verwerken het hemelwater in eigen tuin door natuurlijke infiltratie (via het gazon/plantborders), indien nodig aangevuld met voorzieningen (regenton, infiltratie-unit). Voor de kavels met onvoldoende ruimte voor infiltratie op eigen terrein, het betreft enkel het appartementencomplex, wordt een bergingsvoorziening aangewezen die de vereiste 60mm berging over het dakoppervlak kan bergen. Het appartementencomplex krijgt een uitstroomvoorziening op wadi 4, de regenpijpen kunnen hier ondergronds op worden aangesloten. De grond en ondergrondse
Pagina 9 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
HWA-leidingen naar de uitstroomvoorziening rondom het complex komen in eigendom van de toekomstige VVE. Aandachtspunt bij het bergen op eigen terrein is de toekomstbestendigheid. Naast toezicht en handhaving tijdens en na aanleg zijn er mogelijkheden om de vereiste berging vast te leggen in een kavelpaspoort. Voor de berging op eigen terrein is het aan te bevelen een krattensysteem te hanteren die ondiep is gelegen (minimale dekking) met een lage constructiehoogte (ca. 30cm). Op deze manier wordt zoveel mogelijk voorkomen dat in natte winterse periode het krat gevuld raakt met grondwater en zo zijn bergingsfunctie verliest. Ook is het advies deze kratten zo ver mogelijk van de fundering van de woningen te plaatsen zodat het water niet gaat draineren richting de kruipruimte van de woningen. Tevens dient om de krat (zijkant en onderkant) een laag drainagezand aangebracht te worden van minimaal 30 cm.
4.3.
Afwatering en berging openbare ruimte
De afwatering van de openbare ruimte is gericht op bovengrondse afvoer. Alle openbare verharding is direct aan een wadi gelegen. Hierdoor is het niet benodigd om een HWA-stelsel aan te brengen. Dit is kostenbesparend en bovenal duurzaam (minder materiaalgebruik). De wadi’s zijn droogvallend en hebben een statische berging van 60 mm over het verhard oppervlak dat hierop aangesloten is. De verschillende wadi’s krijgen niet allemaal éénzelfde bodemhoogte, de wadi’s met dezelfde bodemhoogte worden met elkaar verbonden middels een roostergoot met een afmeting van minimaal inw. 400 x 400 mm. Doordat niet alle wadi’s met elkaar verbonden worden dient per (gekoppelde) wadi(’s) het aangesloten verhard oppervlak apart beschouwd te worden om te verzekeren dat elke wadi volledig benut wordt. Om uitspoeling van bodem en talud te voorkomen, worden bij de uitstroompunten naar en van de wadi’s bodem- en taludbescherming toegepast. Ook worden bij de uitstroompunten van de goten naar groen maatregelen getroffen om uitspoeling te voorkomen. De bestaande greppel die van zuid naar noord door het plangebied loopt wordt ingepast in de nieuwe situatie. De greppel wordt doorbroken ter plaatse van het pad voor de hulpdiensten. Noordelijk van deze doorsteek blijft de greppel in open verbinding met de bestaande C-watergang.
Zuidelijk van de doorsteek gaat de greppel deel uitmaken van een verdieping in de nieuwe wadi. De greppel blijft geheel droogvallend. Door de bestaande greppel kan het langer duren voordat de gehele wadi geledigd is. Om de reden is de greppel is buiten beschouwing gelaten voor de bergingsberekening. De wadi’s worden voorzien van een DT-stelsel onder de wadibodem. Dit stelsel heeft twee functies. Bij hevige regenval en volledig gevulde wadi’s kunnen de wadi’s via noodoverstorten (kolken welke zijn aangesloten op de drainagebuis) overstorten op de B-watergang aan de oostzijde van het plangebied. De tweede functie is het verzekeren van de leeglooptijd van de wadi’s. Door de toepassing van de drainageleiding onder de wadi’s en het toepassen van grondverbetering zal de wadi vertraagd afvoeren bij hoge grondwaterstanden. Het advies is om de drainageleiding in de laatste inspectieput van het DT-stelsel te voorzien van een gesloten bocht van 90 graden omhoog en verstelbare staande leiding aan de putwand. Op deze manier is de hoogte in te stellen waarop het DT-stelsel in werking treedt. Dit zorgt ervoor dat er geen water terugstroomt uit de B-watergang het DT-stelsel in en het zorgt ervoor dat er niet onnodig gedraineerd wordt. De advieshoogte van het instelpunt van de standpijp betreft 9,50 m+NAP (10 cm onder de GHG). Dit kan later altijd aangepast worden.
4.4.
Waterbalans
In tabel 1 zijn de toekomstige verhardingshoeveelheden weergegeven. De bergingsopgave in de openbare ruimte wordt bepaald door het openbaar verhard oppervlak. Op basis van tabel 1 is de
Pagina 10 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
bergingsopgave berekend. De bergingsopgave is vervolgens vergeleken met de beschikbare berging in het voorlopig ontwerp conform bijlage 3. Voor de bergingsberekening worden de paden van halfverharding niet meegerekend. Het hemelwater afkomstig van deze paden komt grotendeels niet tot afstroming in de wadi’s. Tevens worden de parkeervakken, het pad voor de hulpdiensten en de inritten naar de woningen ook niet meegeteld als verhard oppervlak omdat deze worden uitgevoerd in een open bestrating. Het hemelwater zal hierdoor niet tot afstroming komen in de wadi’s maar wegsijpelen in de ondergrond. Voor de beschikbare berging is de bestaande greppel niet meegenomen in de bergingscapaciteit. Dit betreft een aanzienlijke vermindering op de beschikbare berging. Wadi 4 wordt voorzien van een terp in het midden. Dit zorgt ook voor een verminderde capaciteit en is hierdoor uitgesloten van de berekening.
Bodem wadi 9,85 +NAP 9,90 +NAP Totaal
Wegen 255 1199 15637
Verharding percelen
Daken
Totaal (m2)
0
0
255
1772
886
5948
4316
3857 4112
Benodigde berging (m3) 15 231 247
Tabel 1 – Benodigde waterberging per afstroomgebied (hoeveelheden in m2, berging in m3) *niet geteld in berekening
Tabel 2 geeft de beschikbare berging weer volgens het inrichtingsplan van bijlage 3.
wadi 1 wadi 2 wadi 3 wadi 4 wadi 5
BodemWaterBodemhoogte oppervlakte oppervlakte 9,90 +NAP 57 111 9,90 +NAP 30 57 9,90 +NAP 25 48 9,90 +NAP 740 873 9,85 +NAP 37 83
Peilstijging (m) 0.3 0.3 0.3 0.3 0.3 Totaal
Berging Berging in bodem in talud 17.1 8.1 9.0 4.0 7.5 3.5 222.0 20.0 11.1 6.9 266.7 42.5
Totaal 25.2 13.0 11.0 222.0* 18.0 289.2
Tabel 2 – Beschikbare berging in wadi’s (hoeveelheden in m2 en in m3) *20 m3 in mindering door terp in de wadi
In totaal is er 289.2 m3 aan berging beschikbaar in de wadi’s. Hierbij komt ook nog 1 m3 per woning aan infiltratiekratten wat het totaal aan beschikbare berging op 302.2 m3 brengt. Zoals in tabel 1 is te lezen is een berging benodigd van 247 m3. In totaal brengt dit de balans op 302.2-247=55.2 m3 aan bergingsoverschot. De berging voldoet dus globaal aan de bergingseis. Wadi 1,2,3 en 4 zijn met elkaar gekoppeld en kunnen bij elkaar worden geteld voor de berging. Wadi 5 is niet gekoppeld aan de andere wadi’s door het verschil in bodemhoogte. Deze wadi dient dus nog apart beschouwd te worden. In de tabellen is af te lezen dat er een benodigde berging is van 15 m3 en een beschikbare berging van 18 m3. Hier kan gesteld worden dat wordt voldaan aan de bergingseis.
4.5.
Vuilwaterstelsel
In het plangebied zijn 12 grondgebonden woningen voorzien. Het huishoudelijk afvalwater zal worden opgevangen in een nieuw aan te leggen vrijvervalriool, welke een aansluiting krijgt op een nieuwe overzetput op het gemengde stelsel in de Valkseweg. In de Valkseweg is een Ø500 mm betonriool aanwezig. In de Valkseweg is tevens een parallelriool aanwezig voor de kolken aan de oostkant van de rijbaan. Dit parallelriool kan volledig komen te vervallen omdat hier in de nieuwe situatie geen woningen en kolken meer op aangesloten zijn.
Pagina 11 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
De afvalwaterprognose van de grondgebonden woningen is 0,36 m³/u (12 l/inw/u bij 2,5 inwoner per woning). Het nieuwe vuilwaterriool heeft een totale lengte van 128 meter. De totale inhoud van een PVC Ø250 mm riool met een lengte van 128 meter betreft 5,8 m3. Dit komt neer op 16 uur aan berging. Dit voldoet aan de gestelde eisen.
Omdat de diepte van het riool niet toereikend is om het appartementencomplex ook aan te sluiten is hier gekozen om deze noordelijk aan te sluiten op een vrijvervalriool in de Pascalstraat. Het nieuwe DWA-stelsel evenals de grond waar het in ligt blijft in eigendom van de VVE van het appartementencomplex en wordt gezien als een huisaansluiting. Het overnamepunt wordt de bestaande inspectieput in de Pascalstraat waarop aangesloten wordt. De structuur van de nieuwe DWA-stelsels is weergegeven in bijlage 3.
Pagina 12 van 13
Woonontwikkeling Valkeweg te Barneveld
Waterhuishoudingsplan, versie 1.0
5.
Conclusie
5.1.
Samenvatting en conclusie
Drong Omgeving en Techniek heeft in opdracht van De Bunte Vastgoed B.V. het waterhuishoudingsplan voor de ontwikkeling van de Valkseweg opgesteld. Het doel van dit rapport is een solide onderbouwing voor het aspect water bij het bestemmingsplan en geeft een invulling aan de toekomstige inrichting voor hemelwater, huishoudelijk afvalwater, grondwater en oppervlaktewater. De ontwikkeling aan de Valkseweg betreft de bouw van 12 ééngezinswoningen en een appartementencomplex met ca. 27 appartementen. Het project is gelegen tussen de Valkseweg en de Dr. Willem Dreeslaan nabij Valkseweg 99. Het bestaande watersysteem rond het plangebied blijft gehandhaafd. De bestaande greppel wordt ingepast in de nieuwe inrichting. Ter compensatie voor het toekomstig verhard oppervlak worden wadi’s aangebracht welke een statische berging hebben van 60 mm. De wadi’s zullen vervolgens leeglopen door infiltratie. Als back-up en overstort bij extreme neerslag wordt er een DT-stelsel aangebracht onder de wadi’s. Hemelwater van particulier terrein wordt in eerste instantie opgevangen in een infiltratiekrat van minimaal 1,0 m3 per woning. Bij grotere buien wordt via een overloop overgestort naar openbaar gebied. Hemelwater afkomstig van het openbaar gebied stroomt overal oppervlakkig af naar wadi’s en bermen. De GHG is bepaald op circa 9.60 m +NAP . aan de hand van de GHG zijn alle ontwerphoogtes bepaald.
Het huishoudelijk afvalwater afkomstig van de grondgebonden woningen wordt via een vrijvervalriool getransporteerd naar het bestaande gemengde stelsel in de Valkseweg. Hier wordt aangesloten middels een overzetput. Dit stelsel wordt overgedragen naar de gemeente. Het huishoudelijk afvalwater van het appartementencomplex wordt via een vrijvervalriool getransporteerd naar een gescheiden stelsel in de Pascalstraat. De nieuwe DWA-riolering van het appartementencomplex blijft in eigendom van de VVE van de appartementen. Het overnamepunt is de bestaande inspectieput in de Pascalstraat waarop aangesloten wordt. Er is voldoende berging in het stelsel aanwezig voor 16 uur mocht er verstopping optreden, of een gemaal uitvallen. Let op! Dit is een theoretische benadering omdat dit afhankelijk is van een hoop factoren, zoals de locatie van de verstopping of hoe het stelsel verder gedimensioneerd is buiten het plangebied.
5.2.
Aandachtspunten
- Het advies is dat alle groenstroken komvormig worden afgewerkt voor extra berging op het maaiveld. Dit komt ten goede aan de groenvoorzieningen en zorgt voor het snelle afwatering op het verhard oppervlak; - In de Valkseweg zijn veel kabels en leidingen aanwezig. Het advies is om op voorhand te onderzoeken of het mogelijk is om een inspectieput aan te brengen ter plaatse van de aansluiting van het nieuwe DWA-stelsel zonder dat dit gevolgen heeft voor de bestaande kabels en leidingen.
Pagina 13 van 13
Legenda
22-26
Bestaand
Haag
1/01
Hekwerk Muur
+10.53
r
Rasterhekwerk
r
Schutting Perceelsgrens, bron: kadata (kunnen geen rechten aan worden ontleend)
1
+10.06 +10.42
Perceelsgrens voorlopig Bijgebouw 30 32
Boom Buis
BS
3-29
+10.26
+10.26
r
r
DP1
+10.32
il Dr. W
+10.44
+9.57
+9.91
3.90
4.41
5.15
10.41
10.51
10.59
10.53
3.47 10.24
10.81
1.70 1.94 2.27 2.56 2.82 3.10
6.97
1.35
9.59 9.36 9.24 9.36 9.77 10.04
10.74
0.96
9.88
schaal 1:100
an reesla lem D
+10.16
0.53
Principe profiel watergang oostzijde van het perceel
+9.99
BS
Hoogte Maaiveld
10.06
+9.27
Afstand
0.00
+10.28
10.19
+10.18
+9.95
+10.25
10.19
1:100 7.00 NAP
+9.84
+10.30
+9.79
+10.23
+10.09
r
+9.91
+10.29
+9.68 +10.17 +10.14
10
+10.42
+9.93 +9.66
DP1
2
+9.92
r
DP1
r
+10.32
+10.55 +10.17 +10.23
+9.98
C 5914
in
delple
Laven
+10.20 +10.30 +9.66
8787A
+10.29
+10.17
+10.04 +10.11
4
+10.17 +10.25
+9.96
89/
+10.30
01
+10.30
+9.49
+10.04
+10.24
+9.96
+10.38 BS +10.45
+10.33
+10.41
33 BS BS
+10.11
89
+10.31
BS +10.50
+10.23
+10.39
+10.41 +10.11 +10.11
97 BS +10.36
+10.49 +10.23
99 +10.40 +10.52
+10.28
+10.39
BS
BS +10.56
+10.15 r
+10.34
De locaties van de bomen zijn zo goed mogelijk gemeten. Door de scheefstanden van bomen kan het echter iets afwijken
+10.18
+10.62 +10.34
r
BS BS r
+10.21
+10.31
BS
82
+10.28
r
+10.31
+10.18 +10.46
+10.54 BS
101
84 +10.43
+10.21 +10.44 r
+10.53 103
+10.38 r
A
r
Versie 86
Situatie- en hoogtemeting
PBL
09-02-2021
Omschrijving
Getekend
Datum
r
105
107
A-
107
B
88
r
107
r
Valkseweg 99 te Barneveld
Project
:
Omschrijving
: Bestyaande situatie
Inwinning Topografie : Inwinning hoogte :
GPS
107 /0 1
90
GPS
N.A.P. referentienr : :
Opdrachtgever : De Bunte Vastgoed oost BV
Z- waarde :
t.o.v. N.A.P.
:
Bladnummer :
Formaat : A0
Infra Plus
01
Schaal : 1:250 Geautoriseerd :
Status :
CIVIELE TECHNIEK
Definitief
LANDMEETKUNDE Midden Engweg 21
3882 TS PUTTEN
0
Tekeningnr. :
TEL:0341 - 701 135
10
20
30
40
21002
- ME -
01
A
Projectnummer
soort
volgnr.
ver.
50
60
70
80
90
100
filenaam : 21002 Situatiemeting Valkseweg 99_V1.0_2021-02-11.dwg
r
Legenda Projectgrens
Bestaande kadastrale grenzen
Nieuwe grenzen uitgeefbaar gebied
Nieuwe kantverharding
Voorstel nutstracé - breedte 1,30 m
10.413
14 .4 10 2 .36 10
10.382
Bestaand nutstracé 10.425
10.498
Voorstel DWA-riolering .3 10 73
10.232 0 .2 10
6 .0 10
10.009
3
73 9.
10.432
Voorstel DT-riolering
.4 10
7 9.8
10.372
Voorstel HWA-riolering /Duikers
9.7
9 .2 10
34 6 .3 10. 10
10.467
34
6 .2 10
Bestaande riolering
4 .0 10
75 9.
10.174 10.545
4 9.8
10.433
9.748
5 .3 10
10.442
Ø3 0
9.
10.423 10.389
.71
+8
F 0
Lijngoot - t.b.v. verbinding wadi's
+1
9.96
10.022
5 0.3 +1
50 Ø2
+10.52 10.201
+10.25
+10.35
10.443
10.189
+10.35
10.128
10.169
Nieuwe boom - sortiment n.t.b.
PV C
+10.25
+9.85
+9.85
10.596
5 .4 10
+9.60
4
+9.60
8 9.
+10.25
Hoogtepeil maaiveld +16.10
9
75
+10.45
10.128
+10.32
10.044
10.003
10.279
+10.45
+10.32
10.475
10.047
10.06 10.063
+10.35
9.9
4 68 9.
9.
9.938
+10.15
10.159
VP +16.90
10.04
+1
5
+10.35
Vloerpeil woningen
9.978
0.4 0
9.7
+10.25
10.257
Aanbrengen keerwand
10.37
5
+1 0.4 0
9.951
+10.25
9.852
10.500
10.53 10.533
0.4
9.901
10.017
10.421
.40
+10.50
Wadi - taludhelling 1:3
10
10.07
9.996
9.855
Bestaande aansluiting BT Ø300 aanpassen .38 10
9 n 3_ 8.5 eto B 00 22 3 0
1 n 8.5 eto B 00 4
10.388
+10.40
9.88
10.115
Aanbrengen slokop kolk wadi - type n.t.b. - inlaat 0,30m boven wadibodem
10.39410.407
8 .37 10 g .jp ro _P 25 9_ _2 10 g 3_ .jp 22 ro 20 _P 67 2 22 .4 2 0 2_ 10 IN_ _3 W 10
4 22 .44 20 10 IN_ W
8
.38
9.8
10.20
10.07
10.373 10.383
10.416
9.81
9.887
10.285
1 n 8.6 eto B 00 3
3 n 8.5 eto B 00 4
10
75 9.
7 .1 10
9.87
10.398 10.432
10.43
+10.30 9.93
10.148
+8 .61
7 9.9
+9.60 +9.60
2
8
.38
1 .0 10
67 9.
9 .3 10
10.460
0
10.018
9.878
Voorstel uitstroomlocatie
10.517
0.3
9.957
10.540
10
4 .3 10
86
10.302
+1
9.995
10.362
BT
10.407
10.527
10.154
2 .3 10
7 .1 10
9.854 10.114
Aandachtspunt: stuk grond achter schutting nr. 97 (8 m2) met bewoner afstemmen of dit overgekocht kan worden?
Verwijderen riolering
0
82 9.
10.319
+10.45
Bestaande boom - handhaven
10.193
10.168
Bouwnr. 8
10.486 10.655 10.623
+10.2 0
10.197
10.252
45
3
10.311
2
+9.65 +9.90
+1 0.5 8
0 0.4
0.4 2
+1
8 0.5
+1
+9 .90
+1
+1 +9.65
+9.65
+9.90
PVC Ø250 D T
8 0.5 +1
+9 .25
10.751
+9.90
+9.75
+9.75
+9.90
0
0.9
+1
+1
3
0.9 5
+1 5 0.7 +1
3 0.8
4
10.744
0.8 +1
10.903
10.766
10.783
0 0.8
+110.792
10.743
10.857
10.847
10.728
0.8
6
+1
10.798 10.776 10.789
10.781
10.791
10.689
+1
10.758
10.705
10.721
10.766
10.644
10.664
10.699
10.744
5
.93
10.748
0.7
10.747
+1
+1 0
0.9 3 0.9 5
+1
+1
10.781 10.802
10.836
10.876
10.907
10.773 10.754
10.775
10.737
4 0.7 +1
10.838
+1
10.715
10.616
0 0.7
10.652 10.640
10.636
10.685
10.48
10.661
10.655
10.45
10.706 10.607
1 .2 10
10.762
10.692
10.711
10.671 10.55
10.789
10.603
10.47 10.693
10
10.714
.39
10.627
10.743
10.697
10.639
10.853
10.37
10.774
10.221
0 .0
10
+10.47
10.650
10.702
10.057 10
4
.24
8 9.
10.124
10.703
10.065
10.38
10.097
10.621
0 .4 10
10
10.683
7
.0
10.073
85
10.763 10.443 10.262
10.490
10.337 10.337
10.494 10.538
0.9 3
CØ 40 PV
5
9
.45
0
.00
4 9.9
10
10.359
10.387
.2 10.354
+10.44
10.134
+10.51
+10.56
10
10.381
10.821
10.824
10.777
+10.43
83
2
.53
g
.jp ro _P
10.347
10.884 10.836
10.800
+1
.9
9.
2 .5
10.086
10.364
10.357
10.113
10.726 10.672
10.775
10.910
10.311
10.538
10.797
98
9.
83 9.
.13
10
Bouwnr. 11 10.318
10.522
11.092
10.763 10.807
0.4
+9
+1 0
40
0.
+9 .2
+9.90
+9.65
+9.65
10.770
10.734
+10.40
10.404
10.527
.43
.33 6
_5
10.286
10.514
.51
2
+10
10.355
+10
10.425
+_113_004
10.225 10.208
10
.51
.77
+10
10.136
+9.90
10.813 10.750
6
0
.4
10
40
+9.90
+9.90
10.873
10.326
PVC Ø250 mm - b.o.b. op +9.25
10.767
10.757
10.796
.72
.15
+7.98
10.810
10.176
VP +10.75
7 8.7 VC P 00 2
22 20 33 2 .3 20.67 on 10 IN_ 8 Bet00 5 W
+8
10.826
10.761
10.853
VP +10.75
10.436
10.783
10.860 10.851
10
10
0 .9 0.
+1
+1
10.156
T
10.831 10.791
10.772
10.057
0
+10
8 n 8.6 eto B 00 5
8 +8.6
0
+9.1
3
C PV
10.378
9
0
5
10.399
Bouwnr. 4
10.18
10.375
10.507
.3
+9.9
0.5
10.200
10.819 10.768
0.5
Overstortput - inkomende leiding bocht 90° omhoog brengen met standpijp - hoogte standpijp: +9.50 m
10.869
10.859
10.837
+1 +1
5 9.7
0 94
.60
.11
10.556
10.487
10.439
10.539
10.566
10.268 10.480
10.630
10.44
Boom dicht op verharding - ETT'er10.301 bij grondwerkzaamheden
10.480
10.313 10.338 10.435
10.455
10.430
Bouwnr. 12
10.388 10.378
1 .2
8
.4 10
10.401 10.539 10.56710.400
6
10.418
10.511
10.456
10
.14
10
10.364 10.431 10.44910.373 10.449 10.418 10.414
10.441
73
10.569 10.553
10.371
10.536
4 9.
10.13910.192 10.175
10.193 10.196
.30 10
10.364 10.204 10.213
10.579
10.510 10.553
10.425
Beton
10.568
10.610
Ø500
10.616 10.621 10.602
10.580 10.587
VP +10.70
10.573
10.753 10.555
10.408 10.414 10.60210.649 10.629
10.461
10.512 10.585 10.596
10.535 10.564
10.590
Uitgangspunten: - Maatvoering in meters, met een nauwkeurigheid in centimeters - Hoogtepeilen in meters t.o.v. NAP - B.o.b. hoogtes riolering in meters t.o.v. NAP Basisgegevens: - 22 148 10-01-2D Terreinmeting Valkseweg 99 Barneveld
opdrachtgever
De Bunte Vastgoed B.V. project
Woningbouw Valkseweg te Barneveld omschrijving
Nieuwe situatie Waterhuishouding en riolering
1:200
schaal
projectnr. 2209601 besteknr.
-- --
getekend
NL
gecontr.
GKO
datum
07-12-2023
tekeningnr. 2209601-VO-07-C30 post
Anthonie Fokkerstraat 4 3772 MR Barneveld
digitaal
E. info@drong.nl W. www.drong.nl
telecom T. 0342 - 76 00 88
Concept Bestand : 2209601-VO-07.DWG
formaat: A0
4
+
10.497
0 Ø2
10.273
10.460
0 8.8
10.419
10.415
+10
10
.1 +10
10.516
.83
+1 0. 5
10
10.860
10.833
10.055
10.029
10.489 10.470 10.451 10.419
5
Uitstroomvoorziening - t.b.v. HWA-afvoer appartementencomplex
5
+7.98
. 10
10.473
.1
7
i4
0.4
+9
96 9.
3 9.6
6
3 9.6
9.9
00 n Ø5
.17
10.236
.2
5 .3
+1
10.902
10.388
10.853
10.792
ad W
.01
Beto
Bouwnr. 10 VP +10.75
Aandachtspunt
10
10 10.733
10.424
10.340
9
5
10.882
PVC Ø 250 D
10.370
10.19
10.436
10.818
10.856
2 9.8
10
10.364
+7.98 .40 +10
.56
10.346
10.418
.51
+10
10.336
.44
.40
+10
10.333
VP +10.75 10.419
10.110 10.138
10.689
10.122
10.247
10.034
0 +9.9
10.362
+10
+10
Bouwnr. 3
.28 +10 .28 +10
+10
10.192 10.267 10.169
10.878
10.797
5 10.259
10.400
.40
.22 10.207
8
3 0. +1
10.310
10.265
10.284
10.438
10.180 10.261
39
.1
10
+1
0
+10
.28 +10 .28 +10
+10
10.191
. 10
5
3
.0
10.839
2
4 0.
10.802
10.259
VP +10.75
3 10.227
10.815
10.706
9.804
Ø25
.27
+8.6
.14
+10
10.288
7
0.4
10
8
10.11
Overzetput
.1 10
+1
81
3 9.7
9.
7 9.9
+1
10.203
PVC
+10
3
.15
+8.6
.15.147
+10 10
+10
10.178
.2
29
4 9.6
98
10.783
10.142
7
Bouwnr. 9
Bouwnr. 2
10.462 10.340
10.340
10.710
10.166
9.9
10.400
10.378
10.373
D
VP +10.75
.56 +10
10.172 10.137
C
10.334
2 +8.7 Middenspanning en laagspanning door put - omleggen
10.241 10.195
10.341
.56 +10
10.195 10.185 10.188
9.
10.29
10.227
10.667
D
C
0.5
.47 +10
7
.40
.4 +10
+10
10.458 10.452 10.336
0 +9.9
10.266
10.178
10.251
A
10.310 10.441 10.439 10.309 10.345 10.337 10.322 10.353
10.340 10.312
10.239
4 +10.4
10.257
10.166
10.237
B
.26
.34
10.316 10.332
VP +10.60
+9.90
0 Ø25 PVC
.40 +10 .42 +10
10.316 10.326
10.301
.44
.40 +10
.62 +10
10.247
10.336
10.264
10.143 10.151
.56 +10
+10
+10
10.356
10.188
10.070
10.164
.51
10.16
10.245 10.275 10.215
Aandachtspunt
.56
.36
.26
8 +7.9
10.327
+10
10.204
10.261
10.213
10.283 10.325
.34
.26 +10 .26 +10 .24 +10 00 n Ø5 Beto
10.194 10.230 10.272
10.231
+10
+10
10.197
0 +9.9
+10
.31
10.257 10.276 10.22810.276
10.193
10.263
+10
60
.1
10.333
10.316
10.209
+10
10
10.293 10.286
.57
+10
+10
10.364
W
10
.8
8 9.9
3 9.9
A
10.275 10.256
.40 +10 .42 +10
adi 1
10
.08
8
8
10.223
10.413
10.200
10.223
.40 +10
10.185
10.632
10
5 .0
.16
g jp o. 10.375
10.300
2
.0
10.252
10
10.308 10.172
10.261
9.934
11
8 +8.5
10.330
10.180
10.407 10.364
10.183
10.258
91 9.
90
40
Pr 3_ _5 12 3_ _1 22 02 2 22 8 n .22 20 8.5 eto 10 IN_ B 00 5 W 10.253
10.259
Bouwnr. 13 t/m 39
10.356
10.167
10.648
10.211
.
+9
+8.
8
G
0 +9.9
10.269 10.268
10.215
8
10.022
10
10.208
3
8 n 8.5 eto B 00 5
+8.5
Bouwnr. 1
10.320
3
10.255
0.5
.56 +10
.04
10.11
10.262 10.260 10.250
10.244
3 +8.9
.
10
10.308
+9.0
.40 +10 2 .4 0 1 +
G
+8.9
.40 +10
.91
+8
3 9.9
0 Ø25 PVC 0.56 +1
.
O.C
+1
82
0
.27 10.226 10.160
10.181
9
+9.0
Ø40
.19
+10
.21 +10 9 .1 +10
10.165 10.205
10.185
.9 8
VP +10.60
10.187
8
9.
PVC
10.29
10.26
40
B
.29
+10
+10
10.179
+7
50
Ø2
10
+8.
.14 +10 4 .1 +10
.27 +10
1
10.264
i2 Wad
T 0D Ø25 PVC +9.90
10.204
0.5
10.190
DT
10.234
+1
10.126
Ø2 5
.40 +10 .42 +10
PVC
O.C
6 9.8
.14
.27
10.2
10.253
9 9.8
+10
+10
+ .21 +10
.29
+10
+1
+1 0.5
10.219
+9.65
66
00 n Ø5
0.40
10.286
C
+7.98
.0 10
Beto
10.180
PV
55
0. +1
10.210
0
.40 +10 2 .4 0 +1 0
10.210
10.321
10.290
10.218
10.306
adi 3
W
10.171
10.298 10.287 10.39310.274 10.274 10.367 10.218 10.190 10.203
10.330
10.404
10.232
10.339
10.194
10.270
10.228
10.207 10.206 10.213
0 +9.9
10.167
10.273
.9
8
10.170 10.236 10.149 10.149 10.135
10.338
+7
10.455
10.295
10.259
10.092 .98
+7
10.126 10.149
10.189 10.200 10.187 10.211
+9.6
.40 +10
VP +10.75
10.336
10.130
10.205
5
10.351
10.383
10.084
+9.65
10.456 10.070
+9.65
10.217
10.254
10.273 10.274 10.290
VP +10.75
9.992
+9.65
Bouwnr. 5
+8
E
10.231
.50 +10
10.232
.83
+1
.28
10
10.489
.30 +10
3
4
0.
10.177
45
0. +1
+1 0.4
.74
8 26
10.447
VP +10.70
10
. 10
9
.27
10
10.27910.176 10.138
10.381
+10.20
+8
Bouwnr. 6
10.079
8
10.528
10.193
E
10.153
+9.60 +10.1 5 +9.85
Bouwnr. 7
10.333
10.269
0
10.223
10.121 10.135
+9.60
10.130
10.146
0.4
10.146 10.142
8
10.143
10.149 10.149
10.213
+10.40
2 .3 10
10.145
+1
88
10.240
0 9.7
9.
10.147 10.222
+10.40
F
VP +10.70
10.184 0 .2 10
10.392
+9.85
78
10.191
10.214
10.614
9.
10.647
+10.30
0.3
10.144
9.902
+10.30
10.192
Wadi 5
10.116