Toelichting_Bijlage 16 Nader onderzoek vleermuizen
Tekst van het document
Nader onderzoek vleermuizen Oude Essenerweg 13 Kootwijkerbroek
Colofon
Nader onderzoek vleermuizen Oude Essenerweg 13 Kootwijkerbroek
Abonnementhouder van de Nationale Databank Flora en Fauna
Uitgevoerd door:
Natuurbank Overijssel
Opdrachtgever:
VanWestreenen
Projectnummer en versie: 3235B, versie 1.1 Projectleider: Ing. P.Leemreise Ligging projectgebied: Oude Essenerweg 13 Kootwijk
Status: definitief Veldmedewerker(s): Ing. P.Leemreise e.a. Rapportdatum: 31-10-2022
Correspondentieadres: Aladnaweg 18 7122 RR Aalten E: T:
info@natuurbankoverijssel.nl 0543-451142 / 0614-435700
1
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 .......................................................................................................................................................... 3 1.1 Aanleiding................................................................................................................................................... 3 1.2 Voorgenomen activiteit.............................................................................................................................. 3 1.3 Doel van het onderzoek ............................................................................................................................. 3 Hoofdstuk 2
Het onderzoeksgebied ............................................................................................................... 4
2.1 Situering ..................................................................................................................................................... 4 2.2 Beschrijving van het plangebied................................................................................................................. 4 Hoofdstuk 3
Het onderzoek ............................................................................................................................ 6
3.1 Methode ..................................................................................................................................................... 6 3.2 Resultaten .................................................................................................................................................. 7 Hoofdstuk 4
Samenvatting en conclusies ....................................................................................................... 8
4.1 Samenvatting.............................................................................................................................................. 8 4.2 Conclusie .................................................................................................................................................... 8 4.3 Geldigheid .................................................................................................................................................. 8
2
HOOFDSTUK 1
INLEIDING
1.1 Aanleiding Er zijn concrete plannen voor herontwikkeling van een voormalige agrarische bedrijfslocatie aan de Oude Essenerweg 13 te Kootwijk. Het voornemen is de huidige bebouwing en verharding te amoveren en het terrein gedeeltelijk te betrekken bij een naastgelegen bedrijf. Het zuidelijke deel wordt deels ingericht als agrarische grond en deels als woonwerf inclusief nieuw te bouwen woning. In verband met de voorgenomen sloop van de bebouwing hebben onderzoekers van Natuurbank Overijssel de huidige bebouwing in het onderzoeksgebied onderzocht op de aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen. Ook is bekeken of opgaande beplanting langs de randen van het perceel benut wordt als vliegroute door vleermuizen. Dit onderzoek is uitgevoerd in de periode mei-september 2022. In het kader van de zorgplicht (Art. 1.11 Wet natuurbescherming) moet voorafgaand aan een ingreep, welke mogelijk negatieve effecten kan hebben op beschermde diersoorten, een effectbeoordeling plaats vinden. Omdat met een eenmalige visuele inspectie, de functie en betekenis van de aanwezige bebouwing voor vleermuizen niet (volledig) vastgesteld kan worden, was gericht vervolgonderzoek noodzakelijk. Vleermuizen en hun verblijfplaatsen zijn strikt beschermd en mogen alleen negatief beïnvloed worden indien een ontheffing van de Wet natuurbescherming is verkregen.
In voorliggend rapport worden de bevindingen van onderzoek naar de functie van de bebouwing voor vleermuizen gepresenteerd. De rapportage wordt afgesloten met het vaststellen van de wettelijke consequenties en eventuele vervolgstappen.
1.2 Voorgenomen activiteit Het voornemen is de huidige bebouwing en verharding te amoveren. 1.3 Doel van het onderzoek Om de functie van het te slopen gebouw voor vleermuizen vast te kunnen stellen is specifiek onderzoek uitgevoerd in de periode mei-september 2022. Onderzoeksvragen Het onderzoek is uitgevoerd om antwoord te geven op onderstaande onderzoeksvragen: 1. Welke functie(s) hebben de gebouwen in het onderzoeksgebied voor vleermuizen? Welke soorten en hoeveel dieren bezetten een verblijfplaats in het gebouw? 2. Waar bezetten vleermuizen een verblijfplaats in de bebouwing? 3. Wordt de eventueel aanwezige verblijfplaats negatief beïnvloed door uitvoering van de voorgenomen activiteiten? 4. Vormt de opgaande houtige beplanting langs de randen van het plangebied een vliegroute voor vleermuizen?
3
HOOFDSTUK 2
HET ONDERZOEKSGEBIED
2.1 Situering Het plangebied is gesitueerd aan de Oude Essenerweg 13 te Kootwijkerbroek in de gemeente Barneveld. Het ligt in het buitengebied, hemelsbreed circa 3,3 kilometer ten oosten van de woonkern Kootwijkerbroek. Het grenst aan de noordzijde aan een bedrijfslocatie en aan de overige zijden aan landelijk gebied, bestaande uit agrarisch cultuurland en erf. Op onderstaande afbeelding wordt de globale ligging van het plangebied weergegeven op een topografische kaart.
Globale ligging van het ruimtelijkeplannen.nl).
plangebied.
De
ligging
van het plangebied
wordt met de
rode
cirkel
aangeduid (bron:
2.2 Beschrijving van het plangebied Het plangebied vormt een voormalig agrarische bedrijfslocatie waar de agrarische bedrijfsvoering reeds jaren geleden gestaakt is en bestaat uit bebouwing, erfverharding en opgaande beplanting in de vorm van zomereiken, ruigte, braamstruweel en grasland. Het grasland bestaat uit een korte vegetatie die begraasd wordt door paarden of pony’s. langs de oost- en westzijde van het plangebied staan langgerekte stallen. Deze stallen hebben wanden die bekleed zijn met damwand en gedekt zijn met golfplaten. De dakisolatie is in grote delen van de stallen verwijderd. Centraal in het plangebied ligt een berg gebroken puin. Langs de oosten westzijde van het plangebied staan zomereiken. Plaatselijk zijn bramen opgeslagen en die vormen een dicht bramenstruweel. Onderstaande afbeelding wordt de begrenzing van het plangebied weergegeven.
4
Begrenzing van het plangebied; deze wordt met de gele lijn aangeduid (bron luchtfoto: ruimtelijkeplannen.nl).
5
HOOFDSTUK 3
HET ONDERZOEK
3.1 Methode Vleermuizen Voor het in kaart brengen van vleermuizen is zowel visueel als auditief geïnventariseerd. Met behulp van een heterodyne batdetector met opname- en vertragingsfunctie (type:Petterson D240x) is de echolocatie die vleermuizen uitzenden voor ons hoorbaar gemaakt. Wanneer op basis van frequentie, klank en ritme niet met 100% zekerheid de soort bepaald kon worden, is een opname gemaakt op een extern opname apparatuur (type: Zoom H2n). Door de dieren ook zoveel mogelijk visueel waar te nemen is de determinatie geverifieerd en is het gedrag (en daarmee vaak de functie van het gebied) vastgesteld. Dit onderzoek is specifiek gericht op het in kaart brengen van verblijfplaatsen, soortsamenstelling en gebiedsgebruik. Tijdens het onderzoek is ook gebruik gemaakt van een warmtebeeldcamera (Pulsar Helion xq28). Een dergelijke camera is van grote meerwaarde bij het waarnemen met zwermende dieren tijdens het binnenvliegen, tijdens de baltsperiode en voor het waarnemen van vleermuizen met een extreem zachte sonar, zoals de gewone grootoorvleermuis. Het onderzoek is opgezet om duidelijkheid te krijgen over de functie van de bebouwing in het onderzoeksgebied als verblijfplaats voor vleermuizen. Het onderzoek is afgestemd op het mogelijk voorkomen van alle gebouwbewonende soorten. Het gebouw lijkt geschikt als zomer-, kraam- en paarverblijfplaats.
De te slopen bebouwing wordt niet beschouwd als een geschikte winterverblijfplaats. Vleermuizen bezetten doorgaans een winterverblijfplaats in grotere gebouwen, vaak met gebufferder ruimtes als een overkapping (carport) of hoge gebouwen (kantoorpanden of flats). In het plangebied staan alleen houten stallen, gedekt met golfplaten/damwand. Het onderzoek is uitgevoerd door te posten op diverse plekken met een batdetector nabij het te slopen gebouw. De onderzoekers hebben hebben het onderzoeksgebied te voet bezocht waarbij specifiek gelet is op uit- en invliegende dieren. De funtie van de opgaande beplanting langs de randen van het perceel als mogelijke vliegroute is onderzocht door te letten op langsvliegende dieren langs de houtsingel. Een batdetector is dusdanig gevoelig, dat langsvliegende dieren opgemerkt worden tot ca. 40 meter afstand.
Bezoeken Vleermuizen Voor het in beeld brengen van de betekenis van de bebouwing voor vleermuizen zijn vijf verschillende bezoeken aan het onderzoeksgebied gebracht. De bezoeken in mei, juni en juli zijn uitgevoerd voor het in kaart brengen van kraam- en zomerverblijven, de bezoeken in augustus en september zijn uitgevoerd in verband met onderzoek naar zomer en paarverblijfplaatsen. Het onderzoek is uitgevoerd door vijf, zelfstandig operende onderzoekers die onderling met elkaar in contact staan middels een portofoon. Deze inzet is voldoende om alle in- of uitvliegende vleermuizen vast te kunnen stellen in dit onderzoeksgebied. De bezoeken aan het plangebied zijn uitgevoerd door ervaren vleermuisonderzoekers.
6
In onderstaande tabel worden de verschillende bezoekdata weergegeven. bezoekdatum
tijdstip
17-5-2022
21:24-23:24
n-onderzoekers 5
Doel
Zomerverblijfplaatsen & kraamkolonies 22-6-2022 21:58-23:58 5 Zomerverblijfplaatsen & kraamkolonies 10-7-2022 3:26-5:26 5 Zomerverblijfplaatsen & kraamkolonies 23-8-2022 21:41-23:41 1 Zomeren paarverblijfplaatsen 15-9-2022 20:49-22:49 1 Zomeren paarverblijfplaatsen Bezoekschema vleermuisonderzoek in het onderzoeksgebied.
Weersomstandigheden Zwaar bewolkt, 19⁰C, droog, wind 1-2 Bft Niet bewolkt, zonnig, 20⁰C, droog, windstil Zwaar bewolkt, 17⁰C, droog, matige wind Half bewolkt, 21⁰C, droog, windstil Bewolkt, 15⁰C, droog, zwakke wind
3.2 Resultaten Er zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen in het plangebied vastgesteld. Ook is geen vliegroute vastgesteld langs de opgaande beplanting randen van het plangebied. Tijdens alle bezoeken werden 2-3 foeragerende gewone dwergvleermuizen waargenomen in de zuidoosthoek van het plangebied. Deze dieren waren afkomstig van het erf Oude Essenerweg 15. Tijdens de najaarsronden werd daar ook een baltsend mannetje gewone dwergvleermuis waargenomen. Ook zijn enkele overvliegende rosse vleermuizen en laatvliegers waargenomen, maar deze dieren vertoonden geen verbondenheid met de te slopen bebouwing in het plangebied.
Overige soorten Er zijn tijdens het veldwerk geen aanwijzingen gevonden dat andere beschermde diersoorten een rust- of voortplantingsplaats bezetten in het onderzoeksgebied.
7
HOOFDSTUK 4
SAMENVATTING EN CONCLUSIES
4.1 Samenvatting In de periode mei-september 2022 is bebouwing aan de Oude Essenerweg 13 te Kootwijkerbroek onderzocht op de aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen en is de opgaande beplanting langs de rand van het plangebied onderzocht op de functie als vliegroute. Uit het onderzoek kwam naar voren dat vleermuizen géén zomer-, paar- of kraamverblijfplaats bezetten in de te slopen bebouwing en dat de beplanting langs de randen van het perceel niet benut worden als vliegroute. Het uitgevoerde onderzoek voldoet aan het vleermuisprotocol 2021.
4.2 Conclusie Het slopen van de bebouwing in het plangebied leidt niet tot overtreding van een verbodsbepaling. Er hoeft geen ontheffing aangevraagd te worden. 4.3 Geldigheid Veldbiologische gegevens, zoals verzameld in dit onderzoek, zijn drie jaar bruikbaar.
8