CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

TAM Omgevingsplan Essenerweg 134A-Hulstweg ongenummerd Motivering Bijlage 4 Onderzoek stikstof

Gemeenteraad 12 maart 2026, gemeente BarneveldBij agendapunt: Vaststelling van de Wijziging “TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22v Essenerweg 134A-Hulstweg ongenummerd” van het omgevingsplan in Kootwijkerbroek2.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderzoek stikstofdepositie Sloop van woning en bijgebouwen en nieuwbouw van woning Essenerweg 134A te Kootwijkerbroek

Janita van Doorn| MBH Consult B.V. 24 april 2025

Onderzoek stikstofdepositie

Onderzoek stikstofdepositie Essenerweg 134A te Kootwijkerbroek Opdrachtgever

Midden Nederland Consultancy B.V.

Opsteller

J. van Doorn MBH Consult B.V. Ottostraat 4 6716BG Ede 06-40961329 patrick@mbhconsult.nl

Interne controle

P. van Manen, BEc

1

Onderzoek stikstofdepositie

Inhoud Inleiding ................................................................................................................................................... 3 1.

Toetsingskader................................................................................................................................ 5

2.

Uitgangspunten .............................................................................................................................. 6

3.

2.1

Plangegevens ......................................................................................................................... 6

2.2

Bouwfase................................................................................................................................ 8

2.3

Voortgezet gebruik tijdens de bouwfase ............................................................................. 10

2.4

Gebruiksfase beoogd ........................................................................................................... 12

Berekeningsresultaten .................................................................................................................. 13 3.1

Bouwfase + beoogde gebruiksfase ...................................................................................... 13

3.2

Conclusie .............................................................................................................................. 13

2

Onderzoek stikstofdepositie

Inleiding Midden Nederland Consultancy B.V. heeft MBH Consult B.V. opdracht gegeven voor het uitvoeren van een onderzoek stikstofdepositie. Dit is ten behoeve van het realiseren van de sloop van de woning en bijgebouwen aan de Essenerweg 134A te Kootwijkerbroek en voor de nieuwbouw van een woning op het nabijgelegen, agrarisch perceel (kadastraal bekend als GDR03-F-2312). In figuur 1.1 is een globale situering van het plan weergegeven.

Figuur 1.1

Situering plangebied

3

Onderzoek stikstofdepositie De realisatie van het plan kan negatieve gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen binnen omliggende beschermde natuurgebieden. Er is onderzoek verricht naar de stikstofdepositiebijdrage op de omliggende Natura 2000-gebieden (OwN2000-methode). Het meest nabij gelegen (stikstofgevoelige) Natura 2000-gebied is (AERIUS Calculator): -

De Veluwe (1,8 km)

Voorgaand is zichtbaar in figuur 1.2

Figuur 1.2

Omliggende Natura 2000-gebieden

4

Onderzoek stikstofdepositie

1. Toetsingskader De bescherming van de Natura 2000-gebieden is geregeld in de Omgevingswet. In zowel de Habitatals de Vogelrichtlijn zijn de gebieden opgenomen welke als Natura 2000-gebied worden aangemerkt. Een plan dat significante gevolgen kan hebben, heeft een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit nodig. Ter beoordeling daarvan is onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Het planeffect van het plan op Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige natuur dient bepaald te worden. De berekening zal worden verricht met behulp van de AERIUS Calculator, zoals voorgeschreven in de Omgevingswet. Het planeffect wordt inzichtelijk gemaakt op twee decimalen nauwkeurig.

5

Onderzoek stikstofdepositie

2. Uitgangspunten 2.1 Plangegevens Met het plan wordt de nieuwbouw van een woning mogelijk gemaakt op een nog ongenummerd adres, op het perceel kadastraal bekend als GDR03-F-2312. De bestaande woning op Essenerweg 134A te Kootwijkerbroek en enkele bijgebouwen worden gesloopt. Twee bestaande bijgebouwen blijven behouden (privé en hobbymatige opstallen). Bouwfase Relevante emissies tijdens de bouwfase ontstaan door de inzet van mobiele werktuigen en vervoersbewegingen van- en naar het plan. De invoergegevens worden bepaald op basis van de uit te voeren activiteiten, bouwtekeningen, vergelijkbare onderzoeken uitgevoerd door MBH Consult en een check bij een bouwkundig aannemer (MBH Consult is een zusteronderneming van een bouwkundig aannemer). Gebruiksfase De nieuwe woning wordt uitgerust middels een fossielvrij energieconcept. Er zijn geen haarden / houtkachels aan de orde. Gebouwemissies zijn niet relevant. De relevante emissies van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) in de beoogde gebruiksfase vinden plaats door verkeersbewegingen van en naar het plan. De verkeersgeneratie wordt bepaald op basis van kengetallen uit de CROW-publicatie ‘Parkeerkerncijfers 2024’. Ontsluiting verkeer Het project brengt verkeersgeneratie middels licht en zwaar vrachtverkeer met zich mee.

Op basis van de ‘Checklist indieningsvereiste Wet Natuurbescherming’ van de provincie Gelderland is er een nieuw inzicht ontstaan m.b.t. de te hanteren ontsluiting van verkeer. Dit document verstrekt de volgende vuistregel: •

Binnen de bebouwde kom: 50 meter voor personenauto’s en 150 meter voor vrachtverkeer

•

Buiten de bebouwde kom: 80 meter voor personenauto’s en 250 meter voor vrachtverkeer

Op basis van de projectlocatie wordt geconcludeerd dat de vuistregel voor ontsluiting buiten de bebouwde kom gehanteerd dient te worden voor dit onderzoek. Lokaal is geen sprake van filevorming volgens CIMLK. In AERIUS 2024 zijn stops opgenomen in het wegverkeer voor oprijden van wegen, kruispunten en stoplichten. Additioneel wordt geen congestie ingevoerd. Voor langzaam rijden / manoeuvreren op het terrein worden een lijnbron gemodelleerd met een stagnatiepercentage van 100%.

6

Onderzoek stikstofdepositie Koude start wegverkeer Voor de koude start van wegverkeer worden de volgende stelregels gehanteerd: 1. Wegverkeer gebruiksfase woningen Conform de Handreiking Koude Start (BIJ12, 20241) is de volgende stelregel voor licht verkeer bij woningen aan de orde: -

Aantal woningen x 2 Aantal parkeerplaatsen x 1 Voorgenoemd bij elkaar opgeteld = aantal koude starts per dag

Zwaar vrachtverkeer als gevolg van woningen wordt niet ingegeven, omdat de verwachting is dat deze niet langer dan twee uur met uitgeschakelde motor ter plaatse zal zijn (pakketdiensten, afvalledigingen). 2. Verkeersaantrekkende werking bouwfase De verkeersaantrekkende werking van de bouwfase komt onderbouwd tot stand. Voor al het lichte verkeer wordt dezelfde stelregel gehanteerd als bij de gebruiksfase gehanteerd wordt. Dit, omdat de het lichte verkeer verondersteld wordt langer dan twee uur op locatie aanwezig te zijn, waarmee een koude start ontstaat. Voor zwaar verkeer wordt geen koude start aangehouden. Zwaar verkeer op de bouwplaats zal doorgaans binnen twee uur de bouwplaats verlaten waardoor er geen koude start aan de orde is. Worst case wordt voor 20% van het vrachtverkeer een koude start meegenomen. Tevens worden hiervoor emissies als gevolg van stationair draaien en langzaam rijden en manoeuvreren meegenomen. 3. Modelleren bron De emissies voor koude start van het wegverkeer worden ingegeven als vlakbron op de betreffende locatie. Rekenjaar De bouwfase neemt 12 maanden in beslag. De kleine woning blijft in gebruik tijdens de werkzaamheden. Derhalve dient het voortgezette gebruik samengenomen te worden met de bouwactiviteiten. Hiervoor wordt rekenjaar 2025 aangehouden. Aansluitend wordt voor de beoogde gebruiksfase met rekenjaar 2026 gerekend.

AERIUS versie Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van de laatste versie van AERIUS(2024).

1

https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2025/02/Handreiking_koude_start_februari_2025.pdf

7

Onderzoek stikstofdepositie

2.2 Bouwfase Relevante emissies tijdens de bouwfase ontstaan door de inzet van mobiele werktuigen en vervoersbewegingen van- en naar het plan. De invoergegevens worden bepaald op basis van de uit te voeren activiteiten, bouwtekeningen, vergelijkbare onderzoeken uitgevoerd door MBH Consult en een check bij een bouwkundig aannemer(MBH Consult is een zusteronderneming van een bouwkundig aannemer). De werktuigen worden als vlakbron ingegeven op de planlocatie, omdat deze geen vast emissiepunt hebben maar over het gehele terrein zullen bewegen. De ingegeven uren betreffen uren van de totale inzet inclusief stationaire draai. Aggregaten zijn niet aan de orde, omdat gebruik gemaakt kan worden van de lokale stroomaansluiting. Het verbruik is bepaald o.b.v. TNO Rapport R123052 . Bij een aangenomen gemiddelde motorbelasting van 35%, volgt hieruit de volgende formule om het dieselverbruik per uur te berekenen: Liter/uur = 0.095 * Pmax(kW) + 0.54 Voorgenoemde zaken tezamen leiden tot het volgende overzicht:

Tabel 2.1

-

Inzet mobiele werktuigen

Conform de AERIUS invoerinstructie is er bij Stage IV motoren sprake van 6% AdBlue verbruik t.o.v. het dieselverbruik

2

https://publications.tno.nl/publication/34638924/7T4USy/TNO-2021-R12305.pdf

8

Onderzoek stikstofdepositie Vervoersbewegingen Gebaseerd op de omvang van de werkzaamheden en de verwachte tijdsduur zijn de volgende retourbewegingen aan de orde:

Tabel 2.2

• • •

Retourbewegingen bouwfase

Licht verkeer is berekend op basis van 48 werkbare werkweken, met 5 werkdagen en 4 retourbewegingen per werkdag. Zwaar verkeer is gebaseerd op gemiddeld 4 retourbewegingen per werkweek en daarnaast 60 retourbewegingen voor het afvoeren van sloopmateriaal. Vervoer van bestelbusjes tot en met 1-assige vrachtwagens vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer. Derhalve wordt verondersteld dat deze vertegenwoordigd worden in de opgegeven verkeersgeneratie voor licht verkeer.

Stationair draaien In de bouwfase is mogelijk sprake van emissie vanwege stationair draaien. Op de planlocatie is een vlakbron ingegeven ten behoeve van de emissies van stationaire draai van het vrachtverkeer. De emissies zijn berekend op basis van een schatting van de stationaire draaiuren en gebaseerd op de door BIJ12 opgestelde rekeninstructie. Dit leidt tot het volgende overzicht:

Tabel 2.3

•

Emissies stationair vrachtverkeer

Het aantal jaarlijkse bewegingen is door 2 gedeeld. Dit is gedaan, omdat de verkeersgeneratie retourbewegingen zijn. De stationaire draai vindt slechts plaats op het moment tussen aan- en afrijden.

9

Onderzoek stikstofdepositie

2.3 Voortgezet gebruik tijdens de bouwfase Gebouwemissies gebruiksfase De woning zal naar alle waarschijnlijkheid aangesloten blijven op een gasgestookt verwarmingsconcept. Gebouwemissies zijn daardoor relevant en worden wordt case opgenomen in de berekening. Bij bestaande panden heeft het de voorkeur om uit te gaan van werkelijke / bekende verbruiksgetallen. Opdrachtgever geeft aan hierover niet te beschikken. Vanwege het ontbreken van werkelijke verbruikscijfers is het jaarlijkse te verwachten gasverbruik bepaald door gebruik te maken van CBS-cijfers3 voor vrijstaande woningen. Dit leidt tot een te verwachten jaarverbruik van 1.340 m3. Worst case wordt dit getal verdubbeld om zeker te weten dat de emissies niet worden onderschat. Conform de Invoerinstructie Gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024.1 is sprake van een rookgasdebiet van 9 m3 bij 1 m3 aardgas4. Het bal (besluit activiteit leefomgeving) schrijft een maximum stikstofemissie voor kleine stookinstallaties van 70 mg per m3 rookgas voor5. Voorgenoemd leidt tot de volgende berekende emissies:

Tabel 2.1

Gebouwemissies

- Het gasverbruik wordt op het specifieke emissiepunt ingegeven met een uitstoothoogte van 5 meter.

3

https://www.cbs.nl/nl-nl/cijfers/detail/81528NED https://www.aeriusproducten.nl/binaries/aerius/documenten/publicaties/2025/2/11/instructiegegevensinvoer-aerius-calculator-2024.1/Instructie+gegevensinvoer+AERIUS+Calculator+2024.1.pdf 5 https://iplo.nl/thema/lucht/stookinstallaties/hulpmiddel-balees/ 4

10

Onderzoek stikstofdepositie Licht verkeer en zwaar verkeer De relevante emissies van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) in de beoogde gebruiksfase vinden plaats door verkeersbewegingen van en naar het plan. De verkeersgeneratie wordt bepaald op basis van kengetallen uit de CROW-publicatie ‘ Parkeerkerncijfers 2024’. Voorgaand leidt tot het volgende overzicht:

Tabel 2.2

• • • •

Berekening verkeersbewegingen gebruiksfase

Licht verkeer is worst case berekend op basis van tabel A4.2 Hoofdgroep wonen, vrijstaande woning. Er is gekozen voor de maximale voertuigbewegingen per etmaal uit de betreffende tabel. CROW geeft een standaard cijfer van 0,02 voertuigbewegingen per etmaal voor zwaar verkeer per woning. Vervoer van bestelbusjes van bijvoorbeeld pakketdiensten vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer. Derhalve wordt verondersteld dat deze vertegenwoordigd worden in de door CROW opgegeven verkeersgeneratie voor licht verkeer

Koude start Conform de Handreiking Koude Start (BIJ12, 20246) is de volgende stelregel voor licht verkeer bij woningen aan de orde: -

Aantal woningen x 2 1 koude start per etmaal voor bezoekers (2,8 p.p.) Voorgenoemd bij elkaar opgeteld = aantal koude starts per dag

Voorgenoemd leidt tot een te verwachten aantal van 4,8 koude starts per etmaal.

6

https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2025/02/Handreiking_koude_start_februari_2025.pdf

11

Onderzoek stikstofdepositie

2.4 Gebruiksfase beoogd Gebouwemissies gebruiksfase De nieuwe woning worden uitgerust middels een fossielvrij energieconcept. Er zijn geen haarden / houtkachels aan de orde. Gebouwemissies zijn niet relevant. Licht verkeer en zwaar verkeer De relevante emissies van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) in de beoogde gebruiksfase vinden plaats door verkeersbewegingen van en naar het plan. De verkeersgeneratie wordt bepaald op basis van kengetallen uit de CROW-publicatie ‘ Parkeerkerncijfers 2024’. Voorgaand leidt tot het volgende overzicht:

Tabel 3.1

• • • •

Berekening verkeersbewegingen gebruiksfase

Licht verkeer is worst case berekend op basis van tabel A4.2 Hoofdgroep wonen, vrijstaande woning. Er is gekozen voor de maximale voertuigbewegingen per etmaal uit de betreffende tabel. CROW geeft een standaard cijfer van 0,02 voertuigbewegingen per etmaal voor zwaar verkeer per woning. Vervoer van bestelbusjes van bijvoorbeeld pakketdiensten vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer. Derhalve wordt verondersteld dat deze vertegenwoordigd worden in de door CROW opgegeven verkeersgeneratie voor licht verkeer

Koude start Conform de Handreiking Koude Start (BIJ12, 20247) is de volgende stelregel voor licht verkeer bij woningen aan de orde: -

Aantal woningen x 2 1 koude start per etmaal voor bezoekers (2,8 p.p.) Voorgenoemd bij elkaar opgeteld = aantal koude starts per dag

Voorgenoemd leidt tot een te verwachten aantal van 4,8 koude starts per etmaal.

7

https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2025/02/Handreiking_koude_start_februari_2025.pdf

12

Onderzoek stikstofdepositie

3. Berekeningsresultaten 3.1 Bouwfase + beoogde gebruiksfase De berekening van het planeffect is verricht met behulp van het programma Aerius Calculator. In de bijlagen bij de vergunning zijn de AERIUS rapportages bijgevoegd van de invoergegevens en het berekeningsresultaat. Het planeffect van de bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/jaar. Bij een dergelijke bijdrage van het plan treedt er geen stikstofdepositie op binnen omliggende Natura 2000-gebieden. Derhalve treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000gebieden.

3.2 Conclusie Alle vergaarde gegevens zijn in de AERIUS Calculator ingevoerd. Het plan effect bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/j. Bij een dergelijke bijdrage van het plan treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden. Een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit onder de Omgevingswet is voor het plan niet noodzakelijk. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van het aspect stikstofdepositie er geen belemmeringen zijn voor de realisatie van het plan.

Aanvullend wordt opgemerkt dat een wijziging op in te zetten materieel kan leiden tot gewijzigde uitkomsten van de berekening.

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=bd7c3e0a-3f52-4218-bda8-73568fb2fb32