Stroeërweg II_Toelichting_Bijlage 2 Quickscan Ecologie, Groenewold, Maart 2020.pdf
Tekst van het document
Voor projecten betekent dit dat moet worden beoordeeld of een natuurvergunning is vereist. Gedeputeerde staten (en in een aantal gevallen het ministerie van LNV) zijn het bevoegde gezag voor deze vergunning. Zij dienen te beoordelen of voor een project een natuurvergunning is vereist. Voor bestemmingsplannen geldt weliswaar geen natuurvergunningsplicht, maar ook zij moeten aan de eisen van de Wet natuurbescherming voldoen. Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan is een beoordeling nodig om te bepalen of de met het bestemmingsplan mogelijk gemaakte ontwikkelingen significant negatieve effecten zouden kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied. Is dat het geval, dan is ook een passende beoordeling (en als gevolg daarvan ook een milieueffectrapport) noodzakelijk. Gevolgen woningbouw Wordt in de voortoets op basis van objectieve gegevens geconcludeerd dat er geen significant negatieve effecten zijn te verwachten voor de instandhoudingsdoelen van het betrokken Natura 2000-gebied, dan kan volgens de factsheet van het ministerie worden volstaan met een voortoets en kan de gemeenteraad (voor wat betreft de stikstoftoets) het bestemmingsplan vaststellen. Dit is het geval als bijvoorbeeld geen toename plaatsvindt van de stikstofdepositie.
Wordt woningbouw gerealiseerd op gronden waar voorheen bijvoorbeeld (planologisch legaal en ten tijde van de vaststelling van het nieuwe bestemmingsplan feitelijk bestaande) agrarische activiteiten plaatsvonden en die activiteiten worden gestaakt (omdat bijvoorbeeld op die gronden woningen worden gebouwd en als gevolg daarvan de agrarische functie verdwijnt) dan mag in beginsel de daarmee samenhangende vermindering van de stikstof-depositie in mindering worden gebracht op de toename van de stikstofdepositie als gevolg van de woningbouw. Dat kan ertoe leiden dat per saldo de effecten op de stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden gelijk blijven (en soms zelfs verminderen als gevolg van het verdwijnen van die agrarische functie). Er hoeft dan geen passende beoordeling te worden uitgevoerd.
Overige beschermde natuurgebieden Naast de Natura 2000 gebieden dient de provincie conform art. 1.12 ook gebieden aan te wijzen en in stand te houden, welke onderdeel zijn van een samenhangend netwerk van natuurgebieden (Natuurnetwerk Nederland). Tot slot kunnen Gedeputeerde staten ook gebieden aanwijzen buiten het natuurnetwerk Nederland, welke van belang zijn vanwege hun natuur-, landschappelijke of cultuurhistorische waarden.
Houtopstanden Ook de Boswet is opgenomen in de Wet natuurbescherming (H4 Wnb). In de Boswet was er sprake van een meldplicht en een herplantplicht. Dat blijft ook zo. Opstanden binnen de bebouwde kom, fruitbomen, bos voor biomassa, wegbeplanting e.d. vallen hier buiten (zie art. 4.1 Wnb). Bij het vellen van (een deel van) een houtopstand, moet dit vooraf worden gemeld. Ook is er de verplichting tot het herbeplanten van minimaal hetzelfde areaal binnen drie jaar na het vellen. De herplantplicht geldt niet voor het vellen van een houtopstand in verband met realisatie van een Natura 2000-doel. Provincies kunnen bij verordening aangeven, welke gegevens moeten worden aangeleverd en/of er een toeslag geldt op het te herbeplanten areaal. Bronnen: - www.wetten.nl - www.rijksoverheid.nl - www.natuurbeheer.nu - www.natura2000.nl - www.infomil.nl - www.rvo.nl - http://mineleni.nederlandsesoorten.nl/
Vrijstellingen beschermde soorten Gelderland Landelijk (art. 3.1 Besluit natuurbescherming) Als vogels en dieren van soorten als bedoeld in artikel 3.15, eerste lid, van de wet worden aangewezen: Canadese gans (Branta Canadensis en Branta hutchinsii hutchinsii); houtduif (Columba palumbus); kauw (Corvus monedula); konijn (Oryctolagus cuniculus); vos (Vulpes vulpes), en zwarte kraai (Corvus corone corone). Omgevingsverordening Wnb provincie Gelderland Landelijke schadesoorten (art. 3.7.2.1) Ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer of onderhoud (art. 3.7.2.3): 24 nationaal beschermde soorten zoogdieren en amfibieën (bijlage 28) Vrijstelling (onder voorwaarden) van verbod op vangen, vernielen voorplantingsplaatsen of rustplaatsen gedurende hele jaar in hele provincie Veiligstellen tegen verkeer (art. 3.7.2.4) Voor overzetten inheemse kikkers, padden en salamanders, maximaal 50m vanaf de vangplaats en na vangst en vervoer onmiddellijk vrijlaten. Vrijstelling voor onderzoek en onderwijs (art. 3.7.2.5) Voor vervoer en hebben van eieren en kikkervisjes van groene kikker, bruine kikker en gewone pad voor onderwijsdoeleinden. Schadebestrijding - Provinciale schadesoorten: 4 soorten Vrijstelling van verboden voor grondgebruikers (onder voorwaarden) Opzettelijk verstoren: brandgans, spreeuw, roek Opzettelijk doden: woelrat (aangewezen middelen).
Met geweer: spreeuw en roek > ongunstige staat van instandhouding & negatieve trend (landelijk en in provincie) Algemene vrijstelling soorten Gelderland (1 dec. 2019) Soort
Soort
Aardmuis
Meerkikker
Bosmuis Bruine kikker Dwergmuis Dwergspitsmuis Egel Gewone bosspitsmuis Gewone pad Haas Huisspitsmuis Kleine watersalamander Konijn
Middelste groene kikker Molmuis Ondergrondse woelmuis Ree Rosse woelmuis Tweekleurige bosspitsmuis Veldmuis Vos Woelrat
Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn Categorieën jaarrond beschermde nesten 1. Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats. 2. Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 3. Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 4. Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen. 5. Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Bescherming
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Categorie 1
steenuil
Athene noctua
Categorie 2
gierzwaluw
Apus apus
huismus
Passer domesticus
grote gele kwikstaart
Categorie 3
Categorie 4
Categorie 5
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
roek
Corvus frugilegus
Motacilla cinerea
ooievaar
Ciconia ciconia
kerkuil
Tyto alba
slechtvalk
Falco peregrinus
oehoe
Bubo bubo
boomvalk
Falco subbuteo
sperwer
Accipiter nisus
buizerd
Buteo buteo
wespendief
Pernis apivorus
havik
Accipiter gentilis
zwarte wouw
Milvus migrans
ransuil
Asio otus
blauwe reiger
Ardea cinerea
ijsvogel
Ardea cinerea
boerenzwaluw
Hirundo rustica
kleine bonte specht
Hirundo rustica
bonte vliegenvanger
Ficedula hypoleuca
kleine vliegenvanger
Ficedula hypoleuca
boomklever
Sitta europaea
koolmees
Sitta europaea
boomkruiper
Certhia brachydactyla
kortsnavelboomkruiper
Certhia brachydactyla
bosuil
Strix aluco
oeverzwaluw
Strix aluco
brilduiker
Bucephala clangula
pimpelmees
Bucephala clangula
draaihals
Jynx torquilla
raaf
Jynx torquilla
eidereend
Somateria mollissima
ruigpootuil
Somateria mollissima
ekster
Pica pica
spreeuw
Pica pica
gekraagde roodstaart
Phoenicurus phoenicurus
tapuit
Phoenicurus phoenicurus
glanskop
Parus palustris
torenvalk
Parus palustris
grauwe vliegenvanger
Muscicapa striata
zeearend
Muscicapa striata
groene specht
Picus viridis
zwarte kraai
Picus viridis
grote bonte specht
Dendrocopos major
zwarte mees
Dendrocopos major
hop
Upupa epops
zwarte roodstaart
Upupa epops
huiszwaluw
Delichon urbicum
zwarte specht
Delichon urbicum
Opmerkingen bescherming soorten vogelrichtlijn en conventie van Bern Alle inheemse vogels vallen binnen het beschermingsregime van de vogelrichtlijn. Voor een aantal vogels is art 3.1 lid 5 niet van toepassing omdat deze vogels tevens onder het beschermingsregime van art. 3.5 vallen. Het betreft de vogels die zijn opgenomen in bijlage II van de conventie van Bern. Artikel 3.1 lid 5 bepaald dat het verbod op verstoren (art. 3.1 lid 4) niet van toepassing is indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. De soorten die zijn opgenomen in bijlage II van Bern zijn derhalve strikter beschermd dan de andere vogelsoorten.
Bijlage 4 Voorbeeld voorzieningen Huismus (verplicht indien nesten verdwijnen)
Mussenflat
Mussenvide
Voorbeeld nestvoorziening Boerenzwaluw en Gierzwaluw (niet verplicht)
Voorbeelden verblijfplaatsen (bron: soortenstandaard dwergvleermuis) Voorbeeld van gevelbetimmering welke geschikt is als verblijfplaats voor gewone dwergvleermuizen (bron www.vleermuizenindestad.nl).
Verblijfplaatsen realiseren achter boeiboorden of sierlijsten Ook achter boeiboorden of sierlijsten kunnen gewone dwergvleermuizen verblijfplaatsen hebben. De hierboven omschreven criteria zijn hiervoor eveneens van belang. Het heeft een grote meerwaarde wanneer de ruimte achter de boeiboorden van verschillende gevels met elkaar in verbinding staan, zodat vleermuizen overdag, afhankelijk van de temperatuur, van locatie kunnen wisselen. Verblijfplaatsen bij dakconstructies Een eenvoudige manier is om bij dakconstructies gebruik te maken van boeiboorden met een ruimte van 1 centimeter die toegang geven tot het dak. Ook kunnen speciale dakpannen e.d. worden toegepast. Verblijfplaatsen in muren door middel van inmetselkasten In Nederland zijn nog weinig positieve resultaten bekend van het gebruik van inmetselkasten door de gewone dwergvleermuis. Voorbeelden van inmetselkasten (bron: http://www.schwegler-natur.de).
Architecten en ontwikkelaars laten te vaak kansen liggen. Het groen rond het huis en in de wijk is de plek waar bewoners direct met natuur in aanraking komen en waar zij deze kunnen ervaren. Natuurlijk groen draagt bij aan herstel van de biodiversiteit. Dat is noodzakelijk voor de instandhouding van de ecosystemen op aarde. Groen heeft evenals water een nivellerend effect op de temperatuur. Bij warmte werken groen en water verkoelend. Bij koude zorgen water en groen dat het minder snel afkoelt. Het planten van bomen is één van de beste maatregel tegen hittestress. Een groene omgeving is gezonder dan een omgeving zonder groen. Uit onderzoek blijkt dat een groene omgeving stress verlagend werkt. Een groene omgeving nodigt daarnaast uit tot bewegen. Gebruik daarbij zoveel mogelijk inheemse soorten. Noot- en besdragende soorten zijn als bron van voedsel goed voor de biodiversiteit.
www.checklistgroenbouwen.nl
2ezw
Bijlage 5 Aerius 2019a Stroeërweg 69-71 Stroe
Project: Stroeërweg 69-71 te Stroe Uitgangspunten stikstofberekening Gebruiksfase 13 appartementen Gasloze bouw Transportbewegingen conform CROW: 4-5/appartement: totaal 65 mvt/etmaal Aanlegfase (bouwfase) Het bouwproject voorziet in vervangende nieuwbouw van een bedrijfspand met winkel en 2 woningen aan de Stroeërweg 69/71 te Stroe. Voor deze locatie is een planherzieningsprocedure in voorbereiding. Deze planherziening zou de realisatie van een woongebouw met 15 woningen mogelijk maken. Er wordt bij de nieuwbouw gestreefd naar een energieneutrale opzet. Op het dak worden voldoende zonnepanelen geplaatst om het gebouw zonder gasaansluiting te kunnen uitvoeren. Dit staat in contrast tot het huidige bedrijfsgebouw waar , zowel de woningen, de winkel en de werkplaats op gas worden verwarmd. De nieuwbouw voorziet volledig in woongebruik, uiteraard duurzamer en efficiënter dan de huidige bebouwing. Het nieuw te bouwen woongebouw voorziet derhalve in een reductie van stikstofemissie waar het gaat om de gebruiksfase. Wel is door de gemeente Barneveld gevraagd de stikstofemissie tijdens de realisatiefase in kaart te brengen. Daarvoor is geïnventariseerd welk bouwmaterieel zal worden benut tijdens de uitvoering van het project. De gegevens daarvoor zijn aangeleverd door de hoofdaannemer (Aannemersbedrijf G.G. Aalten uit Putten).
Er wordt gebruik gemaakt van modern materieel (Stage IV). Sloop Mobiele werktuigen Werkvoertuig Asbestsanering bestelbus met douchevoorziening Hydraulische kraan Atlas 2017 Shovel (bj 2015)
Draaiuren 2 dagen 20 uur
Diesel/adblue 5 liter 69 liter
Transportbewegingen Transportvoertuig
Type
Voertuigen
Afvoer asbest Afvoer puin/grond
Volvo containertruck Volvo containertruck
1 11
Verkeersbewegingen per etmaal
2 22
Bouw Mobiele werktuigen Werkvoertuig Verreiker Manitou 2019 Hydraulische kraan Atlas 2017 Betonpomp (2018) Betonmixer (2018) Liebher 50 tons kraan (2018)
Draaiuren 290 15 41 41 32
Bew./jaar
Diesel/adblue 892 liter 42 liter 118 liter 86 liter 129 liter
Er is uitgegaan van kentallen van de aannemer voor het gemiddeld aantal voertuigen per dag. Dit is vervolgens vermenigvuldigd met het aantal dagen. De volgende uitgangspunten zijn gebruikt. Tevens inbegrepen in de kentallen zijn busjes van onderaannemers. Transportbewegingen Transportvoertuig
Type
Personenauto’s en busjes - Asbestsanering - Uitvoering/aannemer
Licht verkeer
Onderaannemers (elektricien, tegelzetter, stucadoor, schilder) Middelzwaar verkeer -
Vrachtverkeer - Asbest - Puin/grond - Staal/hout/trappen - Kalkzand-/gevelsteen - Dakbeplating/-pannen - Kozijnen/beglazing - Overig
Voertuigen
Bewegingen per etmaal
Bewegingen /jaar
2 1x 10mnd -2x/wk 1x 10mnd -5x/wk 129x
4 160 400 258
1 11 9 11 5 4 15
2 22 18 22 10 8 30
middelzwaar zwaar
In totaal over een jaar zijn dat een 822 bewegingen van personenauto’s (2.25/etmaal) en 112 van vrachtauto’s (0.31 /etmaal). Tot slot Het woongebouw wordt grotendeels traditioneel gerealiseerd, waarbij de aannemer voornemens is gevelelementen, waar mogelijk, in eigen werkplaats prefab voor te bereiden. Bij het monteren zal slechts gebruik worden gemaakt van elektrisch handgereedschap. Ook zullen de bouwlift(en), pomp voor bronbemaling, en mixers elektrisch worden aangedreven. De opgegeven waardes zijn verkregen op navraag bij de betrokken aannemer en zijn voorts grotendeels overgenomen uit de offerte aan de projectontwikkelaar. Daarmee zijn deze waardes zo veel als mogelijk aannemelijk en waarheidsgetrouw.
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RV7gobiUBzBu (01 april 2020) pagina 1/5
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Aannemersbedrijf Aalten
Stroeërweg 69-71, 3776 MH Stroe
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Transformatie
RV7gobiUBzBu
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
01 april 2020, 08:25
2020
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)
Toelichting
Resultaten
Situatie 1
NOx
5,62 kg/j
NH3
< 1 kg/j
Natuurgebied
Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Gebruiksfase: Appartementengebouw, gasloos, transportbewegingen
Situatie 1
RV7gobiUBzBu (01 april 2020) pagina 2/5
Resultaten
Locatie Situatie 1
Emissie Situatie 1
Resultaten
Bron Sector
Situatie 1
Emissie NH3
Emissie NOx
Bron 1 Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
2,90 kg/j
Bron 2 Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
< 1 kg/j
2,72 kg/j
RV7gobiUBzBu (01 april 2020) pagina 3/5
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Situatie 1
NOx NH3
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
35,0 / etmaal NOx NH3
2,90 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Bron 1 175880, 466788 2,90 kg/j < 1 kg/j
Bron 2 175995, 466280 2,72 kg/j < 1 kg/j
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
30,0 / etmaal NOx NH3
2,72 kg/j < 1 kg/j
Situatie 1
RV7gobiUBzBu (01 april 2020) pagina 4/5
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2019A_20200327_c5ea8671e4 Database versie 2019A_20200327_c5ea8671e4 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2019A
Resultaten
Situatie 1
RV7gobiUBzBu (01 april 2020) pagina 5/5
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. Rzmstz4fTrR1 (01 april 2020) pagina 1/6
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Aannemersbedrijf Aalten
Stroeërweg 69-71, 3776 MH Stroe
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Transformatie
Rzmstz4fTrR1
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
01 april 2020, 09:18
2020
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)
Toelichting
Resultaten
Situatie 1
NOx
2,12 kg/j
NH3
< 1 kg/j
Natuurgebied
Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Aanlegfase: sloop bestaande opstallen, bouwrijp maken en bouwen appartementengebouw.
Situatie 1
Rzmstz4fTrR1 (01 april 2020) pagina 2/6
Resultaten
Locatie Situatie 1
Emissie Situatie 1
Bron Sector
Emissie NH3
Emissie NOx
-
< 1 kg/j
Sloop Wegverkeer | Buitenwegen
< 1 kg/j
< 1 kg/j
Bouw Wegverkeer | Buitenwegen
< 1 kg/j
< 1 kg/j
-
1,47 kg/j
Sloop Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie
Bouw Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie
Resultaten
Situatie 1
Rzmstz4fTrR1 (01 april 2020) pagina 3/6
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Situatie 1
NOx
Voertuig
Omschrijving
Brandstof verbruik (l/j)
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
STAGE IV, 75 – Hydraulische kraan 130 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
69
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 56 – 75 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
5
NOx
< 1 kg/j
Bestelbus asbest (douche)
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Sloop 175803, 466503 < 1 kg/j
Soort
Voertuig
Standaard
Standaard
Situatie 1
Sloop 175928, 466860 < 1 kg/j < 1 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Zwaar vrachtverkeer
24,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Licht verkeer
4,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Rzmstz4fTrR1 (01 april 2020) pagina 4/6
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Standaard
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
822,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Zwaar vrachtverkeer
112,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx
Resultaten
Bouw 175932, 466861 < 1 kg/j < 1 kg/j
Voertuig
Omschrijving
STAGE IV, 56 – 75 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
Verreiker Manitou 523
STAGE IV, 56 – 75 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
892
NOx
1,04 kg/j
Hydraulische kraan Atlas
42
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 56 – 75 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
Liebher 50 ton kraan
129
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 56 – 75 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
Betonpomp
118
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 56 – 75 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. R
Betonmixer
86
NOx
< 1 kg/j
Situatie 1
Brandstof verbruik (l/j)
Bouw 175804, 466502 1,47 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Rzmstz4fTrR1 (01 april 2020) pagina 5/6
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2019A_20200327_c5ea8671e4 Database versie 2019A_20200327_c5ea8671e4 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2019A
Resultaten
Situatie 1
Rzmstz4fTrR1 (01 april 2020) pagina 6/6