CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Schooneng_Toelichting_Bijlage 27 Ontheffing laatvliegers Wet natuurbescherming (2019)

Gemeenteraad 29 mei 2024, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan Schooneng (Voorthuizen)4.128 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BESLUIT WET NATUURBESCHERMING VAN GEDEPUTEERDE STATEN VAN GELDERLAND Wet natuurbescherming hoofdstuk 3, ontheffing soorten Datum besluit Onderwerp Activiteit Verlenen/weigeren

: 18 november 2019 : Wet natuurbescherming - 2019-003000 - gemeente Barneveld : Sloop schuur aan Schoonengweg 6 te Voorthuizen : verlenen ontheffing

Aanvrager

: De Bunte Vastgoed Oost B.V., Amsterdamseweg 34a, 7612 GJ te Ede : 2019-003000

Zaaknummer

Documentnummer(s). inzagestukken: 03013217, 03013218, 03013219, 03099662, 03099664, 03110182, 03112543, 03113250

Beslissing van GEDEPUTEERDE STATEN VAN GELDERLAND op het verzoek van De Bunte Vastgoed Oost B.V., Amsterdamseweg 34a, 7612 GJ te Ede, hierna te noemen de aanvrager, van 6 maart 2019 om een ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming, hierna de Wnb. De opbouw van deze beslissing is als volgt: - Allereerst worden de ingediende aanvraag en het procesverloop toegelicht; - Daarna volgt het besluit met inbegrip van de voorschriften; - Onder het kopje ‘beoordeling’ wordt de onderbouwing van het besluit gegeven; - De beslissing wordt afgesloten met enkele algemene bepalingen en een toelichting op het verdere procesverloop (‘overige verplichtingen’ en ‘zienswijzen’). AANVRAAG EN PROCESVERLOOP Op 6 maart 2019 ontvingen wij een aanvraag van De Bunte Vastgoed Oost B.V. voor een ontheffing in het kader van hoofdstuk 3 van de Wnb op grond van artikel 3.5 lid 2 en lid 4 voor het opzettelijk beschadigen of vernielen van voortplantings- of rustplaatsen van de laatvlieger en het opzettelijk verstoren van de laatvlieger. De ontheffing wordt aangevraagd in het kader van het in de wet genoemde belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten. De aanvraag maakt deel uit van deze ontheffing.

Voor het erf is eerder reeds ontheffing aangevraagd en verleend voor gewone dwergvleermuis, huismus en rosse vleermuis (2018-004856, d.d. 1 januari 2019). Het gebouw met laatvliegers is destijds nog buiten de ontheffing gehouden. Er wordt geen gebruik gemaakt van een gedragscode. Op 23 augustus 2019 hebben wij van de aanvrager aanvullende stukken ontvangen waarom wij per brief van 24 juli 2019 hebben verzocht. Deze aanvraag is nog niet getoetst aan het gebiedendeel van de Wet natuurbescherming. Mogelijk is hier ook een vergunning Wnb voor nodig. Indien dit het geval is, dient de aanvrager deze ook bij de provincie aan te vragen. Wij maken u attent op de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 dat voor een toename van stikstofdepositie, hoe klein ook, een vergunningplicht geldt. Het ontwerpbesluit heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. Wij hebben binnen deze termijn geen zienswijzen ontvangen. Op deze aanvraag is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing verklaard.

2

BESLUIT Gedeputeerde Staten van Gelderland HEBBEN BESLOTEN gelet op artikel 3.8 lid 1 en lid 5, van de Wet natuurbescherming ONTHEFFING TE VERLENEN aan De Bunte Vastgoed Oost B.V., Amsterdamseweg 34a, 7612 GJ te Ede; voor de soort, verbodsbepalingen en wettelijke belang zoals weergegeven in tabel 1 Tabel 1 Soort(en), verbod(en) en belang(en) Soort Verbod Laatvlieger Artikel 3.5 lid 2 Het opzettelijk verstoren (Eptesicus serotinus) Artikel 3.5 lid 4 Het beschadigen of vernielen van voortplantingsplaatsen of rustplaatsen

Belang A

Belang: A Artikel 3.8 lid 5b onder 3 van de Wnb: in het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten.

Aan deze ontheffing zijn op grond van artikel 5.3 van de Wet natuurbescherming de volgende voorschriften verbonden: Algemene voorschriften 1. De ontheffing geldt voor de te slopen schuur aan de Schoonengweg 6 zoals aangegeven in figuur 1 van bijlage 1. 2. De geldigheidsduur van de ontheffing eindigt op 31 april 2024. 3. De ontheffing geldt uitsluitend voor de soort, verboden en belang zoals weergegeven in tabel 1. 4. De ontheffinghouder dient contact op te nemen met de Provincie Gelderland indien er verbodsbepalingen worden overtreden, waarvoor geen ontheffing is verleend. Dit kan het geval zijn als er negatieve effecten optreden op soorten waarvoor geen ontheffing is verleend of als er onverwachte negatieve effecten van de activiteiten optreden. Dit kan via e-mailadres post@gelderland.nl, onder vermelding van het zaaknummer 2019-003000. 5. Deze ontheffing kan uitsluitend gebruikt worden door (medewerkers van) de ontheffinghouder of in opdracht van de ontheffinghouder handelende (rechts-)personen. De ontheffinghouder blijft verantwoordelijk en aansprakelijk voor de juiste naleving van deze ontheffing. 6. De in voorschrift 5 genoemde (rechts)personen beschikken op de plaats waar de activiteiten van de ontheffing worden uitgevoerd over een (digitale) kopie van deze ontheffing, en tonen deze op verzoek aan de daartoe bevoegde toezichthouders en opsporingsambtenaren.

3

7. De in voorschrift 5 genoemde (rechts)personen zijn op de hoogte van de inhoud en het doel van deze ontheffing en de daaraan verbonden voorschriften, zodanig dat zij daar ook invulling en uitvoering aan kunnen geven. 8. Indien de ontheffinghouder de ontheffing in zijn geheel wil overdragen dan dient voor deze naamswijziging toestemming te worden gevraagd bij de Provincie Gelderland, via e-mailadres post@gelderland.nl, onder vermelding van het zaaknummer 2019-003000. 9. Minimaal twee weken voor aanvang van de werkzaamheden waarvoor de ontheffing is verleend moet melding worden gedaan van de datum van start van de werkzaamheden bij de Provincie Gelderland, via e-mailadres post@gelderland.nl, onder vermelding van het zaaknummer 2019-003000. 10. De voorgenomen werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd onder begeleiding van een deskundige1 op het gebied van de laatvlieger. 11. Minimaal twee weken voor aanvang van de werkzaamheden waarvoor de ontheffing is verleend, dient door de ontheffinghouder een ondertekende opdrachtbevestiging van de ecologische begeleiding te worden verstrekt aan de provincie Gelderland, via e-mailadres post@gelderland.nl, onder vermelding van het zaaknummer 2019-003000. In de opdrachtbevestiging dient een omschrijving van de ecologische begeleiding, de naam en het telefoonnummer van de ecologisch deskundige te worden vermeld. 12.

De ecologisch deskundige houdt tijdens het aanbrengen van de mitigerende maatregelen en de ecologische begeleiding alle bevindingen bij in een logboek. In het logboek wordt vermeld op welke data de deskundige aanwezig was, welke werkzaamheden zijn uitgevoerd en begeleid, en hoeveel exemplaren en verblijfplaatsen van welke beschermde soorten op welke locatie zijn waargenomen. Tevens dienen er duidelijke foto’s van de werkzaamheden en de geplaatste voorzieningen te worden opgenomen in het logboek. Het logboek moet altijd beschikbaar zijn op de projectlocatie. 13. Het logboek dient door de ontheffinghouder uiterlijk twee weken na afronding van de ecologische begeleiding/werkzaamheden aan de provincie Gelderland te worden verstrekt via post@gelderland.nl, onder vermelding van zaaknummer 2019-003000. Soortspecifieke voorschriften 14. Alle mitigerende maatregelen zoals genoemd in tabel 2 en die zijn opgenomen in bijlage 2 van deze ontheffing dienen te worden uitgevoerd. 15. De deskundige zoals genoemd in voorschrift 10 begeleidt in elke geval het plaatsen of aanbrengen van mitigerende maatregelen en het ongeschikt maken van verblijfplaatsen.

1

De provincie Gelderland verstaat onder een deskundige een persoon die voor de situatie, habitats en soorten ten aanzien waarvan hij of zij gevraagd is te adviseren en/of te begeleiden, aantoonbare ervaring en ((soort)specifieke) ecologische kennis heeft. De ervaring en kennis dient te zijn opgedaan doordat de deskundige: op HBO-, dan wel universitair niveau een opleiding heeft genoten met als zwaartepunt (Nederlandse) ecologie; en/of als ecoloog werkzaam is voor een ecologisch adviesbureau, zoals bijvoorbeeld een bureau welke is aangesloten bij het Netwerk Groene Bureaus. Met betrekking tot soorten of specifieke soorten kan als deskundige ook iemand worden aangemerkt die: op MBO-niveau een opleiding heeft afgerond met als zwaartepunt de Wet natuurbescherming, soortenherkenning en zorgvuldig handelen ten opzichte van die soorten; en/of zich aantoonbaar actief inzet op het gebied van de soortenbescherming en is aangesloten bij en werkzaam voor de daarvoor in Nederland bestaande organisaties (zoals bijvoorbeeld Zoogdiervereniging, RAVON, Stichting Das en Boom, Vogelbescherming Nederland, Vlinderstichting, Natuurhistorisch Genootschap, KNNV, NJN, IVN, EIS Nederland, FLORON, SOVON, STONE, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, De Landschappen en Stichting Beheer Natuur en Landelijk gebied) en/of zich aantoonbaar actief inzet op het gebied van de soortenmonitoring en/of -bescherming.

4

16. Omdat de schuur die gesloopt wordt potentieel geschikt is voor overwinterende laatvliegers, mogen de sloopwerkzaamheden niet uitgevoerd worden in de overwinteringsperiode van vleermuizen, globaal lopend van 1 november tot 1 april, alsmede in de gevoelige kraamperiode, globaal lopend van medio mei tot medio juli. Indien het niet mogelijk is de werkzaamheden buiten de kwetsbare periode uit te voeren, dient de schuur in het paarseizoen, globaal lopend van 15 augustus tot 1 november, voorafgaand aan de werkzaamheden, ongeschikt gemaakt te worden. Bij het ongeschikt maken in de paarperiode dient de avondtemperatuur 3 dagen achtereen minimaal 10°C te zijn. Na het ongeschikt maken dient nogmaals een controle uitgevoerd te worden maximaal 3 dagen voorafgaand aan de sloop of de vleermuizen echt vertrokken zijn, dat is met een vleermuisonderzoek in de avond. 17. Indien tijdens de werkzaamheden toch vleermuizen worden aangetroffen, dient het werk ter plaatste stopgezet te worden totdat de vleermuizen uit zichzelf vertrokken zijn. Een deskundige op het gebied van vleermuizen dient hierbij geraadpleegd te worden. 18. Bij de permante mitigatie dienen de voorzieningen gerealiseerd te worden op locaties zonder belemmerende elementen bij de in- en uitvliegroute zoals bomen, vlaggenmasten, steigers, etc. 19.

De open stootvoegen voor de laatvlieger dienen een breedte van 2,5 – 3 cm te hebben met een lengte van minimaal 5 cm. 20. Binnen 200 meter van het plangebied dienen 2 extra kopgevels geschikt gemaakt te worden als verblijfplaats enkel gericht op laatvlieger. De te realiseren verblijfplaatsen dienen minimaal gelijk te zijn aan de type verblijfplaatsen die reeds gerealiseerd zijn in de nieuwbouw ten westen van het plangebied (zie bijlage 2), maar dan met enkel toegankelijke open stootvoegen voor de laatvlieger van 2,5-3 cm breed en een lengte van minimaal 5 cm. Bij voorkeur wordt de gehele luchtspouw toegankelijk voor de soort. Daarnaast dient van diezelfde kopgevels waar de voorzieningen in de toekomst getroffen worden de gevelpannen en houten betimmering geschikt gemaakt te worden als verblijfplaats voor de laatvlieger. 21. Voor de laatvlieger dient jaarlijks gedurende de ontheffingstermijn een monitoring uitgevoerd te worden naar de effectiviteit van de alternatieve verblijfplaatsen (voorzieningen) en de lokale populatietrend van de laatvlieger. Eventuele bijsturingsmaatregelen dienen hierin opgenomen te worden. Het monitoringsrapport dient jaarlijks, voor eind april van het daaropvolgend jaar, verzonden te worden naar provincie Gelderland onder vermelding van het zaaknummer 2019-003000.

5

BEOORDELING VAN DE AANVRAAG Project In de aanvraag beschreven project De Bunte Vastgoed Oost B.V. heeft het voornemen om de locatie Schoonengweg 6 te Voorthuizen te ontwikkelen voor woningbouw. Hierbij worden de bestaande opstallen gesloopt. Voor onderhavige ontheffing betreft het opstal G, zoals aangegeven in bijlage 1 van dit besluit. Tevens wordt een deel van de beplanting verwijderd. Onderzoek In de aanvraag beschreven wijze van uitvoering van het onderzoek Het uitgevoerde onderzoek naar beschermde soorten is beschreven op pagina 4 van de bij de aanvraag gevoegde rapportage Activiteitenplan (ATKB, rapport 20170372/rap04, d.d 28 februari 2019). Als vooronderzoek heeft literatuuronderzoek plaatsgevonden (NDFF/verspreidingsatlassen). Het nader onderzoek naar vleermuizen heeft plaatsgevonden in 2017 conform het Vleermuisprotocol 2017. In de aanvraag beschreven ecologische waarden Tijdens de onderzoeken zijn aangetroffen: - 1 kraamverblijfplaatsen van de laatvlieger (circa 15 exemplaren); - Vliegroute en een niet essentieel deel van het foerageergebied van de laatvlieger. Niet aangetroffen zijn: - Verblijfplaatsen van andere vleermuissoorten; - (Massa)winterverblijfplaatsen van vleermuizen; - Reptielen, amfibieën, overige zoogdieren, beschermde planten, vissen, vlinders en ongewervelden.

In de aanvraag beschreven effecten van het project op de ecologische waarden Door de sloopwerkzaamheden wordt: - 1 kraamverblijfplaats van de laatvlieger beschadigd en vernield, en laatvliegers verstoord. - Verstoring (of aantasting) van de vliegroute is niet aan de orde, de bomen langs de Schoonengweg blijven gehandhaafd blijven en er wordt geen extra verlichting aangebracht. In de aanvraag beschreven preventieve maatregelen om effecten te voorkomen Er worden geen preventieve maatregelen voorgesteld. In de aanvraag beschreven gedragscode Uit de aanvraag blijkt dat geen gebruik gemaakt wordt van een gedragscode. Nu preventieve maatregelen, ter voorkoming van overtreding van de in hoofdstuk 3 van de Wnb vermelde verboden, niet in deze aanvraag zijn opgenomen en er geen gedragscode van toepassing is, is voor het uitvoeren van de aangevraagde activiteit een ontheffing nodig. In de aanvraag beschreven mitigerende maatregelen Om negatieve effecten van de werkzaamheden op de laatvlieger te beperken worden maatregelen voorgesteld. De mitigerende maatregelen zijn beschreven op pagina’s 7 en 8 van de bij de aanvraag gevoegde rapportage Activiteitenplan (ATKB, rapport 20170372/rap04, d.d 28 februari 2019) en de aanvullende gegevens (ATKB, rapport 20170372/brf03, d.d. 23 augustus 2019). In figuur 2 en 3 van bijlage 2 van deze ontheffing zijn de locaties van de voorzieningen opgenomen.

6

Beoordeling Beoordeling ecologisch onderzoek en de mitigerende maatregelen Wij hebben het ecologisch onderzoek beoordeeld en wij oordelen dat het onderzoek op de juiste wijze is uitgevoerd en compleet is. De voorgestelde mitigerende maatregelen, zoals het rekening houden met de kwetsbare periode, het ongeschikt maken, de realisatie alternatieve voorzieningen, zijn met enkele aanvullingen voldoende. Onderstaand een aantal hoofdaanvullingen:  Voorafgaand aan de sloop dient in de minst kwetsbare periode een controleronde plaats te vinden, daaropvolgend kan de schuur ongeschikt gemaakt worden met vervolgens een controleronde voorafgaand aan de sloop;  De open stootvoegen voor laatvlieger dienen een lengte van minimaal 5 cm te hebben;  Binnen 200 meter dienen 2 kopgevels gerealiseerd te worden die geschikt gemaakt worden als verblijfplaats enkel toegespitst op laatvlieger. Naar aanleiding van bovenstaande zijn alle uit te voeren mitigerende maatregelen in onderstaande tabel opgenomen. Tabel 2 Overzicht van de mitigerende maatregelen. Soorten waarop negatief effect wordt verwacht Laatvlieger

Vermijden gevoelige perioden

Tijdelijke mitigatie

Ongeschikt maken of verjagen ruim vóór de ingreep

Permanente mitigatie

Sloop uitvoeren buiten de winterperiode (globaal van 1 november tot 1 april) of ongeschikt maken in paarperiode.

Tijdelijke alternatieven voorzieningen zijn niet zinvol en daardoor niet benodigd. Er worden direct permanente voorzieningen getroffen.

Voorafgaand aan de sloop, buiten de kwetsbare periode, dient een controle ronde in de avond onder goede weersomstandigheden plaats te vinden. Daaropvolgend (binnen 1 dag) dient het gebouw zorgvuldig ongeschikt gemaakt te worden voor vleermuizen. Maximaal 3 dagen voorafgaand aan de sloop, na het ongeschikt maken dient nogmaals een controleronde in de avond plaats te vinden bij goede weersomstandigheden,

Eind maart 2019 zijn verblijfplaatsen gerealiseerd in een vrijstaande garage nabij het plangebied. De garage is opgebouwd met een bakstenen spouwmuur met een luchtspouw van 40 mm en in de nok open stootvoegen van 30 mm breed. De open stootvoeg dient een lengte van minimaal 5 cm te hebben. Aan één zijde is een extra boeiboord toegepast op blokjes van 3 cm.

Werken buiten de kraamperiode (medio mei tot medio juli). Groenverwijdering niet uitvoeren voorafgaand aan de sloopwerkzaamheden.

De verblijfplaats, het bosje rondom de verblijfplaats en de bomenrij die als vliegroute wordt gebruikt, worden niet verstoord door extra verlichting tijdens de werkzaamheden. Dit gebeurt door enkel overdag te werken. In de toekomstige situatie wordt geen extra verlichting aangebracht.

7

Daarnaast zijn twee kopgevels toegankelijk gemaakt in de naastgelegen nieuwbouwwijk (derde kwartaal 2019). In de gevel zijn 4 houten betimmeringen aangebracht. De diepte van de houten betimmeringen is gelijk aan de spouw (40 mm), het toe te passen plaatmateriaal is 9 mm dik, zodat er 31 mm overblijft. De breedte en hoogte van deze

betimmeringen zijn circa 80 cm. Elke ‘gevelkast’ krijgt toegang via twee open stootvoegen van 2,5 cm breed. In bijlage 2 zijn de locaties van de voorzieningen opgenomen. Als extra voorschrift dienen binnen 200 meter van het plangebied 2 extra kopgevels geschikt gemaakt te worden als verblijfplaats enkel gericht op laatvlieger. De te realiseren verblijfplaatsen dienen minimaal gelijk te zijn aan de type verblijfplaatsen die reeds gerealiseerd zijn in de nieuwbouw ten westen van het plangebied (zie bijlage 2), maar dan met enkel toegankelijke open stootvoegen voor de laatvlieger van 2,5-3 cm breed en een lengte van minimaal 5 cm. Bij voorkeur wordt de gehele luchtspouw toegankelijk voor de soort. Daarnaast dient van diezelfde kopgevels de gevelpannen en houten betimmering geschikt gemaakt te worden als verblijfplaats voor deze soort. Geen belemmerende elementen in de inen uitvliegroute zoals bomen, vlaggenmasten, steigers, etc.

8

Andere bevredigende oplossing Andere bevredigende oplossingen van sloop van de schuur aan Schoonengweg 6 te Voorthuizen zijn beschreven op pagina’s 11 en 12 van de bij de aanvraag gevoegde rapportage Activiteitenplan (ATKB, rapport 20170372/rap04, d.d 28 februari 2019) en de aanvullende gegevens van 23 augustus 2019. Beoordeling van de andere bevredigende oplossingen De te slopen schuur ligt op een locatie waar geconcentreerd nieuwbouw gepland is. Om de concentratie van bebouwing in en direct rond de kernen te bevorderen en om het buitengebied te behoeden voor verdere verdichting met onnodige bebouwing is het concentratiebeleid voor woon-en bedrijfsbebouwing en voorzieningen in de kernen van de gemeente Barneveld uitgangspunt. In beginsel dient de behoefte aan wonen, werken en voorzieningen op kernniveau geaccommodeerd te worden. In het landelijke gebied wordt de bebouwing dus zoveel als mogelijk geconcentreerd in de woonkernen. Kern-overstijgende ontwikkelingen worden primair in het bundelingsgebied Barneveld-Harselaar-Voorthuizen ondergebracht, met dien verstande dat voor wat betreft Voorthuizen de maat en schaal van deze voorzieningen moeten passen bij deze kern. Op de schaal van de hele gemeente wordt de extra groei vooral geconcentreerd in de as Barneveld-Voorthuizen. Op deze wijze wordt de landschappelijke aantasting geminimaliseerd.

Het dak van het schuurtje bestaat uit asbest houdende platen. Deze moeten gesaneerd worden. Hiervoor is ook geen alternatief wat betreft locatie. Het verwijderen van de platen leidt ook tot verlies van de verblijfplaatsen. Door het nemen van soortgerichte maatregelen worden nadelige effecten op de betreffende soort zoveel mogelijk voorkomen. Er is maatwerk voorgesteld om op vier locaties met verschillende eigenschappen nieuwe verblijven te realiseren voor de laatvlieger. De wijze van uitvoering is op deze manier optimaal voor de betreffende soorten met de minst mogelijke verstoring. De werkzaamheden worden uitgevoerd in de voor de betreffende soorten minst kwetsbare periode. Wij concluderen dat er geen andere bevredigende oplossing bestaat. Belang Op pagina 11 van de bij de aanvraag gevoegde rapportage Activiteitenplan (ATKB, rapport 20170372/rap04, d.d 28 februari 2019) en de aanvullende gegevens van 23 augustus 2019 is beschreven welk wettelijke belang op de sloop van de schuur aan Schoonengweg 6 te Voorthuizen van toepassing is. Beoordeling van belang De verwachting is dat de gemeente Barneveld in de periode tot 2030 zal groeien van ca. 57.220 naar circa 65.000 tot 70.000 inwoners. Daarom wordt in deze structuurvisie naast het accommoderen van de natuurlijke bevolkingsgroei ruimte gezocht voor 'een plus'. De opstallen in het plangebied zijn oud en aan vervanging toe.

Instortingsgevaar is voor sommige opstallen aanwezig. Bovendien is sprake van verontreiniging met asbest. Het dak van het schuurtje is van asbestplaten en er is daarom een gezondheidsrisico. Deze sanering is een voor het milieu wezenlijk gunstig effect. Wij kunnen instemmen met de in de aanvraag beschreven belang. Het betreft het belang dat is weergegeven in tabel 1.

9

Gunstige staat van instandhouding Op pagina 9 van de bij de aanvraag gevoegde rapportage Activiteitenplan (ATKB, rapport 20170372/rap04, d.d 28 februari 2019) is beschreven in hoeverre de gunstige staat van de laatvlieger in het geding is door de sloop van de schuur aan Schoonengweg 6 te Voorthuizen. Beoordeling van de effecten op de staat van instandhouding van de desbetreffende soort(en) Het is onbekend wat de huidige landelijke staat van instandhouding van de laatvlieger is. De soort is moeilijk te volgen en wordt bijvoorbeeld ook vrijwel nooit aangetroffen bij wintertellingen. Kraamkolonies splitsen bovendien regelmatig op in meerdere kleine deelkolonies. Het is daarom lastig om iets te zeggen over de huidige staat van instandhouding of de aantallen die in Nederland voorkomen. De laatvlieger komt wel verspreid over heel Nederland voor en is in die zin een generalist. De soort staat op de Rode Lijst als ‘gevoelig’, vanwege een vermoedde forse achteruitgang (Zoogdiervereniging 2007). Uitgangspunt van de maatregelen is dat het aanbod aan verblijfplaatsen toeneemt, zodat de lokale populatie in stand wordt gehouden en zodoende de staat van instandhouding lokaal niet achteruit gaat.

Eén kraamverblijfplaats van circa 15 exemplaren gaat verloren en binnen 200 m van de locatie is een garage gebouwd met verblijfsmogelijkheden en twee kopwoningen krijgen voor de laatvlieger geschikte ‘gevelkasten’. Doordat deze verblijfplaatsen mede gerealiseerd zijn als maatregel voor de gewone dwergvleermuis (ontheffing 2018-004856) is als extra voorschrift opgenomen dat binnen 200 meter van het plangebied 2 extra kopgevels enkel gericht op laatvlieger geschikt gemaakt dienen te worden en dat bij diezelfde kopgevels de gevelpannen en houtenbetimmering aangebracht dient te worden geschikt als verblijfplaats voor deze soort. De alternatieve verblijven hebben wel een iets ander karakter dan het huidige verblijf en de effectiviteit is onbekend. De alternatieven zorgen echter wel voor een toename van mogelijke verblijven, met tevens een variatie aan klimaten. Het foerageergebied wordt niet in betekenisvolle mate aangetast omdat het foerageergebied geen essentieel onderdeel betreft en de vliegroute langs de Schoonengweg blijft in stand. Verstoring (of aantasting) van de vliegroute is daarnaast niet aan de orde, de bomen langs de Schoonengweg blijven gehandhaafd blijven en er wordt geen extra verlichting aangebracht.

Het uitvoeren van de maatregelen als bedoeld in de aanvraag en de aanvulling en de extra maatregelen en voorschriften opgenomen in onderhavige ontheffing leidt naar verwachting niet tot verslechtering van de staat van instandhouding van de laatvlieger. Een monitoring dient meer inzicht te verschaffen in de effectiviteit van de voorzieningen en de lokale populatie van de laatvlieger. Op basis van het voorgaande hebben wij bepaald voor welke aangevraagde soort welke verbodsbepalingen worden overtreden. Deze zijn weergegeven in tabel 1. Voor deze soort en verboden wordt de ontheffing verleend. Dit komt overeen met de aangevraagde soort en verboden. Conclusie Gelet op het voorgaande kan de gevraagde ontheffing worden verleend.

10

OVERIGE VERPLICHTINGEN Wij wijzen u er op dat u zelf verantwoordelijk bent voor het verkrijgen van eventueel benodigde ontheffingen, vergunningen of toestemmingen op grond van andere wet- en regelgeving. Namens Gedeputeerde Staten van Gelderland,

mr. H. Boerdam Teammanager Vergunningverlening

Beroep Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na dagtekening van het besluit hiertegen een beroepschrift indienen bij de rechtbank Gelderland (Postbus 9030, 6800 EM Arnhem). Zij die partij zijn in de hoofdzaak kunnen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland (Postbus 9030, 6800 EM Arnhem) een verzoek indienen om een voorlopige voorziening te treffen. Voor individuele burgers (niet voor advocaten en ook niet voor gemachtigden namens een bedrijf of organisatie) bestaat de mogelijkheid digitaal beroep of een verzoek om een voorlopige voorziening in te dienen. Meer informatie kunt u vinden op www.rechtspraak.nl. Voor het behandelen van een verzoek om een voorlopige voorziening wordt griffierecht geheven. Over de hoogte en de wijze van betalen van het griffierecht kunt u informatie verkrijgen bij de rechtbank Gelderland via telefoonnummer (088) 361 2000 of op www.rechtspraak.nl. bijlagen: Bijlage 1: figuur 1: Kaart projectlocatie Bijlage 2: figuur 2 t/m 4: Kaart locaties mitigerende maatregelen

11

BIJLAGE 1 Kaart projectlocatie

Figuur 1 Te slopen schuur (opstal G, rood omlijnt).

12

BIJLAGE 2 Kaart locaties mitigerende maatregelen

Figuur 2 Globale ligging locatie garage (rechtse gele ster) en globale ligging nieuwbouwwoningen met alternatieve voorzieningen (linkse gele ster, eigenlijk verder naar links buiten afbeelding). Zie bijlage 3 voor de specifieke ligging. Het rood kader betreft de groene zone, verbindend naar reeds bestaande algemene vliegroute (blauwe lijn). Binnen 200 meter van het plangebied dienen daarnaast 2 extra kopgevels geschikt gemaakt te worden enkel gericht op laatvlieger.

13

Figuur 3 Locatie garage en detailtekening met mitigerende maatregelen. Afmeting alternatieven garage: de spouwmuren (minimaal 40 mm zijn geheel beschikbaar. Openstootvoegen voor laatvlieger zijn 3 cm breed. Als extra voorschrift is opgenomen dat deze een lengte van minimaal 5 cm dienen te hebben.

14

Figuur 4 Locatie van geschikte gevels voor vleermuizen in nieuwbouw (Rode cirkels). Afmeting alternatieven Woningen: de diepte van de houten betimmeringen in de kopgevels is 31 mm. De breedte en hoogte van deze betimmeringen zijn circa 80 cm. Per kopgevel komen 2 van dergelijke betimmeringen, 4 in totaal. Elke ‘gevelkast’ krijgt toegang via twee open stootvoegen van 2,5 cm breed. Als extra voorschrift is opgenomen dat deze een lengte van minimaal 5 cm dienen te hebben. Binnen 200 meter van het plangebied dienen 2 extra kopgevels geschikt gemaakt te worden als verblijfplaats enkel gericht op laatvlieger. De te realiseren verblijfplaatsen dienen minimaal gelijk te zijn aan de type verblijfplaatsen die reeds gerealiseerd zijn in de nieuwbouw ten westen van het plangebied, maar dan met enkel toegankelijke open stootvoegen voor de laatvlieger van 2,53 cm breed en een lengte van minimaal 5 cm. Bij voorkeur wordt de gehele luchtspouw toegankelijk voor de soort. Daarnaast dient van diezelfde kopgevels waar de voorzieningen in de toekomst getroffen worden de gevelpannen en houten betimmering geschikt gemaakt te worden als verblijfplaats voor de laatvlieger.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=84804454-ab34-4c53-b7cf-a329194430f7