Schooneng_Toelichting_Bijlage 1 Aanvraag ontheffing Wnb Schoonengweg 6 (2018)
Tekst van het document
Wet natuurbescherming
ONTHEFFING BESCHERMDE SOORTEN Voor het aanvragen van een ontheffing worden leges geheven (zie website provincie Gelderland). 1
ALGEMENE GEGEVENS a
Aanvrager naam: De Bunte Vastgoed Oost B.V., dhr. W.A. van den Top adres: Amsterdamseweg 34-a postcode: 6712GJ
plaats: EDE
tel.nr.: 0318-693370 b
email: wvdt@debunte.nl
Gegevens contactpersoon/adviseur (indien anders dan aanvrager) naam: ATKB, dhr. P.I. (Pim) Godschalk adres: Koeweistraat 7
2
postcode: 4181 CD
plaats: Waardenburg
tel.nr.: 088-1153264
email: p.godschalk@at-kb.nl
Gegevens van de activiteit a
Naam activiteit: Woningbouw Schoonengweg 6 Voorthuizen Locatie (adres) activiteit: Schoonengweg 6 Voorthuizen Gelegen in gemeente : Barneveld
b c
Periode waarvoor ontheffing wordt aangevraagd : 1 april 2017 tot en met: 1 april 2020
Heeft vooroverleg plaatsgevonden
ja, nee
Zo ja met wie : d
Is voor deze activiteit eerder ontheffing verleend? nee ja Zo ja zaaknrs/kenmerk vermelden dan wel vergunning/ontheffing toevoegen indien deze niet door de provincie Gelderland is verleend. Zaaknr(s)/kenmerk :
3
Wordt de ontheffing aangevraagd voor een wettelijke belang? nee, de activiteit betreft geen wettelijke belang
ja, namelijk (hieronder aankruisen, meerdere opties mogelijk).
a
Vogels (vogelrichtlijn artikel 3 Wnb)
1
De volksgezondheid of openbare veiligheid
2
De veiligheid van het luchtverkeer.
3
Ter bescherming van flora en fauna
4
Voor onderzoek of onderwijs, het uitzetten of herinvoeren van soorten, of voor de daarmee samenhangende teelt.
5
Om het vangen, het onder zich hebben, of elke andere wijze van verstandig gebruik van bepaalde vogels in kleine hoeveelheden
selectief en onder strikt gecontroleerde omstandigheden toe te staan.
b
Habitatrichtlijn (artikel 3.5 Wnb)
1
Volksgezondheid of de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van
sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten. 2
Ter bescherming van flora en fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats.
3
Voor onderzoek of onderwijs, repopulatie of herintrodcutie soorten, of voor de daartoe benodigde kweek, met inbegrip van de
kunstmatige vermeerdering van planten. 4
Om het vangen, plukken of het onder zich hebben, van bepaalde dieren of planten in kleine hoeveelheden selectief en onder strikt
gecontroleerde omstandigheden toe te staan.
c
Nationaal beschermde soorten (artikel 3.10 Wnb) 1
Volksgezondheid of de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van
sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten. 2
Ter bescherming van flora en fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats.
3
Voor onderzoek of onderwijs, repopulatie of herintrodcutie soorten, of voor de daartoe benodigde kweek, met inbegrip van de
kunstmatige vermeerdering van planten. 4
Om het vangen, plukken of het onder zich hebben, van bepaalde dieren of planten in kleine hoeveelheden selectief en onder strikt
gecontroleerde omstandigheden toe te staan. 5
In het kader van ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte
of ontwikkelde gebied. 6
Bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw
7
Bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen,
spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer. 8
Bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied.
9
Algemeen belang.
Wet natuurbescherming, beschermde soorten, ontheffing. Versie 1.0
4
Voor welke soort en welk verbod wordt de ontheffing aangevraagd (zie bijlage 1)?
Soort
5
Verbod (zie bijlage 1, artikel en betreffende lid noemen; indien lid 1 tevens aangeven of het doden en/of vangen betreft)
Gewone dwergvleermuis
beschadigen en vernielen van voortplantings- of rustplaatsen(art. 3.5 lid 4)
Rosse vleermuis
beschadigen en vernielen van voortplantings- of rustplaatsen(art. 3.5 lid 4)
Huismus
het opzettelijk vernielen of te beschadigen van nesten, rustplaatsen en eieren van vogels, of het wegnemen van nesten van vogels (artikel 3.1 lid 2)
Indien sprake is van vangen hieronder per soort aangeven welke middelen daarvoor worden aangevraagd.
Soort
6
middel
Wordt bij de uitvoering gebruik gemaakt van een gedragscode? nee. ja. Zo ja welke gedragscode Zo ja wat is datum van goedkeuring door de minister
7
RUIMTE VOOR EVENTUELE TOELICHTING In het plangebied staat een schuur met een kolonie van de laatvlieger. Op termijn is sloop van deze schuur gepland. Ontheffing hiervoor wordt, in overleg met jullie, separaat aangevraagd en maakt dus geen onderdeel uit van deze aanvraag (om vertraging van het project te voorkomen). Graag willen we in een vooroverleg de juiste handelswijze bespreken voor deze soort.
Wet natuurbescherming, beschermde soorten, ontheffing. Versie 1.0
8 VOORWAARDEN EN VERPLICHTINGEN BIJ DE AANVRAAG VAN DE WET NATUURBESCHERMING De aanvrager verklaart dat: 6.1 hij/zij de wijzigingen in de omstandigheden die van belang zijn bij de beoordeling van de aanvraag, zo spoedig mogelijk doorgeeft aan de provincie Gelderland onder vermelding van het zaaknummer waaronder de aanvraag in behandeling is; 6.2 hij/zij alle gewenste inlichtingen met betrekking tot de voor de beoordeling en controle benodigde gegevens direct en naar waarheid zal verstrekken aan de met behandeling en controle van de aanvraag belaste medewerkers; 6.3 hij/zij verklaart tevens ermee bekend te zijn dat de ontheffing direct wordt ingetrokken indien hij/zij één of meer uit zijn/haar ontheffing voortvloeiende verplichtingen niet nakomt, dan wel in het kader van de aanvraag onjuiste gegevens heeft verstrekt. Voorts kan de ontheffing worden gewijzigd of ingetrokken als de omstandigheden zodanig zijn gewijzigd dat deze niet verleend zou zijn op het tijdstip waarop de obntheffing is verleend; 6.4 alle gegevens naar waarheid zijn verstrekt. Algemene aanwijzingen: Alleen volledig ingevulde formulieren worden in behandeling genomen. Om een digitale aanvraag in te dienen, moet u: - Alle meegezonden documenten en rapporten en eventuele machtigingen in pdf-format aanleveren. - Het ingevulde aanvraagformulier van een handtekening voorzien en scannen in pdf-format.
- Aanvraagformulier met rapporten in pdf-format versturen naar post@gelderland.nl (liefst als .ZIP-bestand). - Bij bestanden groter dan 25 MB, moet u bij post@gelderland.nl een verzoek indienen om een toegangscode tot Extranet. U ontvangt dan een link en een wachtwoord. Heeft u de aanvraag en de rapporten geplaatst op Extranet, dan meldt u dit via post@gelderland.nl. Ook is het mogelijk ons een link toe te sturen van de locatie waar de documenten kosteloos te downloaden zijn. Als u de aanvraag per post wilt indienen, moet u: De aanvraag met bijlagen in 2-voud indienen bij: Het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland Team Vergunningverlening Postbus 9090 6800 GX ARNHEM
9
Ondergetekende verleent hierbij;
X
wel geen
Toestemming voor digitale verzending van stukken.
10 ONDERTEKENING Het besluit van Gedeputeerde Staten wordt in principe op naam van de aanvrager gesteld. Datum:
27 maart 2018
Naam ondertekenaar:
dhr. P.I. (Pim) Godschalk
Wet natuurbescherming, beschermde soorten, ontheffing. Versie 1.0
Teamleider natuurwetgeving
Functie/hoedanigheid ondertekenaar: Bedrijf/organisatie
ATKB
Machtiging nee. ja.
Machtiging bijvoegen indien de aanvraag niet door de aanvrager zelf is ondertekend Handtekening:
Wet natuurbescherming, beschermde soorten, ontheffing. Versie 1.0
Toe te voegen bijlagen Natuurtoets waarin de uit te voeren activiteiten en de effecten op de natuur zijn beschreven. Bij de beoordeling van de effecten dient een duidelijk onderscheid gemaakt te worden in de effecten op gebieden (hoofdstuk 2 van de wet), soorten (hoofdstuk 3 van de wet) en houtopstanden (hoofdstuk 4 van de wet) door deze beoordelingen in aparte hoofdstukken in de toets op te nemen. De toets moet in ieder geval bevatten: Activiteit. Een omschrijving van het plan met kaarten waarbij duidelijk is aangegeven wat de huidige situatie is en wat de toekomstige situatie is. De detaillering dient te zijn afgestemd op de relevantie voor de effecten op de natuur. Een beschrijving van de werkzaamheden, hoe ze worden uitgevoerd en wanneer (planning). Detaillering en informatie dient te zijn afgestemd op de relevantie voor de effecten op de natuur. Bij de effecten op soorten (hoofdstuk 3 van de wet) dient in ieder geval te worden vermeld: Verbodsbepalingen. Per soort welke verbodsbepalingen worden overtreden met een beschrijving hoe en waarom de verbodsbepaling wordt overtreden. Achtergrond van de Inventarisatie. Per soort aangeven welke methode en technieken van inventariseren is gebruikt en in welke periode is geinventariseerd. - Per soort op kaart aangeven welke gebieden geinventariseerd zijn. Resultaten van de inventarisatie.
Van de planten aangeven * welke groeiplaatsen zijn aanwezig; * wat is de verspreiding van de soort in de omgeving van het plangebied; * waar en in welke omvang potentieel geschikte groeiplaatsen aanwezig zijn in de omgeving. Voor dieren aangeven * welke beschermde soorten aanwezig zijn; * of er voortplantings- of vast rust of verblijfplaatsen aanwezig zijn; * omvang van de populatie; * beschrijving van het netwerk waarvan de populatie deel uitmaakt; * foerageergebieden, migratie- en vliegroutes; * de eisen die de soort aan de omgeving stelt en de mate waarin er in de omgeving geschikt leefgebied aanwezig is welke als alternatief kunnen dienen en in welke mate deze gebieden voor de soort bereikbaar zijn. Effecten Een beschrijving van de effecten van de werkzaamheden op de soort waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen tijdelijke, permanente en cumulatieve effecten. Geef hiebij zowel de effecten op de kwaliteit van het leefgebied als op de oppervlakte van het leefgebied aan. De wijze waarop de effecten op de soort tijdens de werkzaamheden worden gevolgd en wat de deskundigeheid is van degene die deze ecologische begeleiding gaan uitvoeren. Geef aan hoe u negatieve effecten op de soorten zoveel mogelijk voorkomt door de wijze van uitvoering van de werkzaamheden.
Gunstige staat van instandhouding Geef per soort aan wat de staat van instandhouding is op plaatselijk, regionaal en landelijk niveau. Geef per soort aan in welke mate de staat van instandhouding wordt beïnvloed door de werkzaamheden. Maatregelen Geef concreet aan welke maatregelen u neemt om negatieve effecten op de soorten te verminderen. Geef daarbij per maatregel aan voor welke soorten negatieve effecten worden beperkt. Geef de maatregelen op kaart aan en vermeld de kadastrale gegevens van de locatie waar de maatregelen worden uitgevoerd. Indien de eigenaar niet de aanvrager is voeg dan een verklaring bij van de eigenaar dat hij instemt met de uitvoering van de maatregelen. Geef aan of de maatregel leidt tot het voorkomen van het overtreden van een verbodsbepaling of het compenseren van de mogelijke afbreuk van de gunstige staat van instandhouding. Onderbouw de effectiviteit van de maatregel en geef aan hoe de effectiviteit en duurzaamheid wordt geborgd, bijvoorbeeld door realisatie van de funcitonaliteit voor start van de werkzaamheden, ecologsiche begeleiding tijdens de uitvoering, monitoring na uitvoering, duurzaam beheer van de te realiseren voorzieningen etc.
Alternatieven Welke alternatieven heeft u onderzocht om negatieve effecten op de soorten te voorkomen? * alternatieve locaties * alternatieve wijze van uitvoering * alternatieve periode vanuitvoering Onderbouw waarom alternatieven met minder effecten niet mogelijk zijn. Wet natuurbescherming, beschermde soorten, ontheffing. Versie 1.0
Literatuur Literatuurlijst met de stukken waarnaar verwezen wordt in de onderbouwing. Mitigatieplan en uitvoeringsplan. Een plan waarin de maatregelen concreet worden beschreven in plaats, tijd en wijze van uitvoering.
Wet natuurbescherming, beschermde soorten, ontheffing. Versie 1.0
Bijlage 1 Overzicht verboden Vogelrichtlijnsoorten (betreft alle inheemse vogels) artikel Verbod (voor zover relevant voor vraag 6) 3.1 lid 1 Doden 3.1 lid 1 Vangen 3.1 lid 2 Nesten, rustplaatsen of eieren vernielen of wegnemen. 3.1 lid 3 Eieren rapen en onder zich hebben 3.1 lid 4 Verstoren* * Dit verbod is niet van toepassing indien de verstoring aantoonbaar niet leidt tot een wezenlijk effect op de staat van instandhouding van de soort (zie 3.1 lid 5). LET OP: Voor vogels die tevens zijn beschermd op grond van het verdrag van Bern of Bonn is artikel 3.1 lid 5 niet van toepassing in is het opzettelijk verstoren altijd verboden conform artikel 3.5 lid 2. Voor een overzicht van de vogels die beschermd zijn op grond van het verdrag van Bern of Bonn zie o.a. de website van de provincie. Habitatsoorten inclusief Bern en Bonn voor zover het geen vogels betreft. (zie o.a. website provincie voor de lijst met soorten). artikel Verbod 3.5 lid 1 Doden 3.5 lid 1 Vangen 3.5 lid 2 Verstoren 3.5 lid 3 Eieren vernielen of rapen 3.5 lid 4 Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen beschadigen of vernielen 3.5 lid 5 Planten plukken, verzamelen, afsnijden, ontwortelen of vernielen 3.6 lid 1 Onder zich hebben of vervoeren voor verkoop. Verhandelen, ruilen of te koop dan wel te ruil aanbieden. 3.6 lid 2 Onder zich hebben of vervoeren anders dan voor verkoop.
Nationale soorten zoals genoemd in artikel 3.10 c.q. opgenomen in de bijlage van de Wet natuurbescherming. artikel verbod 3.10 lid 1a Doden. 3.10 lid 1a Vangen 3.10 lid 1b Vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen beschadigen of vernielen 3.10 lid 1c Planten plukken, verzamelen, afsnijden, ontwortelen of vernielen.
Wet natuurbescherming, beschermde soorten, ontheffing. Versie 1.0