Rubensstraat II_Toelichting_Bijlage 4 Onderzoek stikstofdepositie.pdf
Tekst van het document
Gemeente Barneveld De heer C. Boomgaard Postbus 63 3770 AB BARNEVELD
Ede, 7 maart 2023 Onze referentie : Betreft : Adviseur : Behandeld door :
2300109.b01 Onderzoek stikstofdepositie Diepenbosch in Voorthuizen De heer ing. D.J. Hobert De heer ing. J. Maarse
Geachte heer Boomgaard, Hierbij ontvangt u de resultaten van het onderzoek stikstofdepositie voor de uitbreiding van de begraafplaats Diepenbosch in Voorthuizen. Dit onderzoek is uitgevoerd in het kader van de bestemmingsplanprocedure die nodig is voor het plan. Het doel van dit onderzoek is het bepalen of de beoogde situatie leidt tot aanvullende verplichtingen voor Natura 2000-gebieden in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb). Bij stikstofdeposities groter dan 0,00 mol/ha/jaar is mogelijk sprake van een Wnb vergunningplicht. Resultaat: geen significant negatieve gevolgen Uit de AERIUS-berekening van de beoogde situatie volgt dat er natuurgebieden zijn met rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Op basis van een verschilberekening (intern salderen) is bepaald of er significante effecten zijn op het behalen van de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden. Hieruit blijkt dat daar geen sprake van is. Situatie De ontwikkeling bestaat uit de uitbreiding van de begraafplaats Diepenbosch, gelegen aan de Rubensstraat 71 in Voorthuizen. Op afbeelding 1 staat het plangebied met een zwarte bolletjeslijn aangegeven.
Klinkenbergerweg 30a | 6711 MK EDE | 0318 614 383 Vrijlandstraat 33-c | 4337 EA MIDDELBURG | 0118 227 466 Hoenderkamp 20 | 7812 VZ EMMEN | 0591 238 110
info@SPAWNP.nl | SPAWNP.nl | kvk 0909.2661 ISO 9001:2015 | btw NL8053.02.530.B01
SPA WNP ingenieurs
2300109.b01
Afbeelding 1: Plangebied
Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied (Veluwe) bevindt zich ten oosten van het plangebied op circa 3 kilometer afstand. Afbeelding 2 geeft een weergave van de ligging van het plangebied in relatie tot de Veluwe. Op deze kaart is de stikstofgevoelige natuur paars gearceerd. Afbeelding 2: Ligging van het plangebied
Veluwe
Pagina 2
SPA WNP ingenieurs
2300109.b01
Onderzoek De stikstofdepositieberekeningen zijn uitgevoerd met de nieuwste AERIUS versie 2022. Hierin zijn de stikstofemissies voor de aanlegfase opgenomen. Wegens de aard van het project is de gebruiksfase buiten beschouwing gelaten. Door de uitbreiding komt er meer ruimte beschikbaar voor graven, echter houdt dit niet in dat plechtigheden in frequentie gaan toenemen. Aanlegfase De stikstofemissies tijdens de aanlegfase ontstaan door de inzet van dieselwerktuigen en de aan- en afvoer van personeel en materieel. De gebruikte werktuigen, aantallen transporten, dieselverbruik en de duur van het gebruik zijn gebaseerd op de door gemeente verstrekte gegevens. Voor de doorlooptijd van het project is uitgegaan van 2,5 (werk)maanden, bestaande uit 55 werkdagen. Het rekenjaar 2024 is afgestemd op de verwachte start van de aanlegfase. Een onderbouwing van de emissiebronnen voor de aanlegfase is bijgesloten in bijlage 1. Resultaten beoogde situatie Uit de AERIUS-berekening volgt op stikstofgevoelige natuur in het Natura 2000-gebied Veluwe een stikstofdepositie van 0,01 mol/ha/jaar. De Pdf-file met het rekenbestand van de aanlegfase is separaat meegezonden met deze briefrapportage. Op basis van het resultaat zijn significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden niet uit te sluiten.
Om die reden is op basis van intern salderen bepaald of er sprake is van significante effecten op het behalen van de instandhoudingsdoelen van Natura 2000gebieden. Intern salderen Interne stikstofemissies die na realisatie van het plan verdwijnen, komen voort uit de beëindiging van de agrarische activiteiten in een deel van het plangebied. Op deze agrarisch bestemde gronden is het na het wijzigen van de bestemming agrarisch naar maatschappelijk en het uitsluiten van het overgangsrecht niet meer mogelijk om mest uit te rijden (mestaanwending). Volgens jurisprudentie is bemesting van agrarische grond, die plaatsvond ten tijde van de Europese referentiedata en ook steeds mogelijk is geweest op basis van het planologisch regime, legaal. Die bemesting kan worden verricht zonder een natuurvergunning. Met de uitvoering van het plan wordt circa 0,75 hectare landbouwgrond uit productie genomen.
Pagina 3
SPA WNP ingenieurs
2300109.b01
Afbeelding 2: Landbouwgrond
In Nederland is een maximale hoeveelheid van 170 kg stikstof per hectare1 uit dierlijke mest toegestaan. Op basis van onderzoek van de Wageningen University & Research2 kan voor dierlijke mest het aandeel ammoniak worden berekend. Het Totaal Ammoniakaal N (TAN), waarbij N voor stikstof staat, is afhankelijk van het soort dieren. Omdat deze informatie ter plaatse van de locatie niet beschikbaar is, kan worden uitgegaan van het gemiddelde TAN in Nederlandse mest, te weten 65,8%. Tenslotte kan met behulp van hetzelfde WURonderzoek met een vervluchtigingspercentage de ammoniakemissie naar de lucht worden bepaald. Voor grasland is de meest conservatieve emissiefactor 19% op basis van een zodenbemester3. In dit onderzoek is op basis van de laatste inzichten4 een vervluchtigingspercentage van 17% aangehouden. Het aandeel aan ammoniakemissie is weergegeven in tabel 1. Tabel 1: Totale emissie referentiesituatie Oppervlakte
Max. dierlijke mest
Aandeel NH3
Vervluchtiging
NH3 emissie
(ha)
(kg/ha/jaar)
(%)
(%)
(kg/jaar)
0,75
170
65,8%
17,0%
14,2
Verschilberekening De emissies van de referentiesituatie en de aanlegfase zijn in AERIUS ingevoerd en met elkaar vergeleken met behulp van een verschilberekening. De rekenresultaten zijn opgenomen in tabel 2.
Zie https://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/mestbeleid/gebruiken-en-uitrijden/hoeveel-dierlijkemest-landbouwgrond 2 “Emissies naar lucht uit de landbouw in 2017” van de WUR d.d. augustus 2019 3 Zie tabel 2.25 Emissiefactoren bij mesttoediening (% van TAN) uit “Emissies naar lucht uit de landbouw in 2017” 4 https://resource.wur.nl/nl/show/Metingen-landbouw-stoot-10-procent-minder-ammoniak-uit-op-weiland-.htm 1
Pagina 4
SPA WNP ingenieurs
2300109.b01
Tabel 2: Rekenresultaten verschilberekening aanlegfase Natuurgebied Veluwe
Resultaten Berekend
Hoogste totale depositie
Met toename
134,5
2.716,7
0,00
Uit de AERIUS-verschilberekening volgt dat er, als gevolg van de aanlegfase ten opzichte van de referentiesituatie, geen hexagonen in Natura 2000-gebieden zijn met een berekend verschil hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Hiermee zijn significante gevolgen op Natura 2000gebieden als gevolg van de beoogde activiteiten uitgesloten. De Pdf-file van de verschilberekening is separaat meegezonden met deze briefrapportage. Conclusie In het kader van de ruimtelijke procedure voor het beoogde plan tot uitbreiding van begraafplaats Diepenbosch in Voorthuizen is een onderzoek uitgevoerd naar de depositie van stikstof als gevolg van stikstofemissies. Op basis van de berekende stikstofemissies tijdens de aanlegfase kunnen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden in beginsel niet worden uitgesloten. Door middel van intern salderen is aanvullend bepaald of er sprake is van significante effecten op het behalen van de instandhoudingsdoelen van Natura 2000gebieden. Uit de verschilberekening blijkt dat daar geen sprake van is. Wij gaan ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, SPA WNP ingenieurs
De heer ing. D.J. Hobert
Bijlagen: 1 Onderbouwing bronnen aanlegfase 2300109 AERIUS Aanlegfase RTVcnoVSRW7A (pdf apart meegestuurd in e-mail) 2300109 AERIUS Verschilberekening aanlegfase RQJHjQQy38dF (pdf apart meegestuurd in e-mail)
Pagina 5
BIJLAGE
2300109 Bijlage 1 Aanlegfase
SPA WNP ingenieurs
Uitgangspunten stikstofemissies aanlegfase Algemeen Projectduur in maanden Werkbare dagen
2,5 55
Werktuigen Bronnr. Omschrijving
1
Trekker Graafmachine Shovel Mobiele kraan Betonpaver Kipper vrachtwagen Truckmixer/betonpomp Trilrol Minitrekker Diamantzaag
Draaiuren (uur/jaar) 160 80 188 56 40 200 40 43 16 40
Vermogen (kW) 117 90 129 129 147
Brandstof* (liter/uur) 11,5 9,0 12,6 12,6 14,3
Brandstof (liter/jaar) 1.837 716 2.369 706 571
AdBlue** (liter/jaar) 110 43 142 42 34
3,4 35 8,7
1,0 18,0 1,5
43 61 59
0 0 0
AERIUS invoer stageklasse Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja Zware utiliteitsvoertuigen op diesel Zware utiliteitsvoertuigen op diesel Stage-IV, 2014-2018, ≤ 56 kW, diesel, SCR: nee Stage-IV, 2014-2018, ≤ 56 kW, diesel, SCR: nee Stage-IV, 2014-2018, ≤ 56 kW, diesel, SCR: nee
Wegverkeer Bronnr. Omschrijving 2
Persoonsvervoer werknemers Aan-/afvoer materiaal
Verkeerscategorie Licht wegverkeer Zwaar wegverkeer
Duur (dagen) 55 55
Voertuigen Bewegingen Bewegingen (aantal/dag) (aantal/dag) (project) 8 16 880 2 4 220
Filevorming (%) 0% 50%
* Het brandstofverbruik is berekend op basis van een gemiddelde motorlast van 35%. ** Het AdBlue-verbruik is typisch 6% van het dieselverbruik voor Stage IV en V werktuigen. Voor Stage IIIB is dit 3% van het dieselverbruik. Bron: AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NO X en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen, TNO 2021 R12305 d.d. 10 december 2021.