CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 4493 1e wijziging Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026

Gemeenteraad 4 februari 2026, gemeente BarneveldBij agendapunt: 1e Wijziging Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026843 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aandachtsgebied: Dienstverlening Team Belastingen E-mailadres: W.Horstink@barneveld.nl Telefoonnummer: 0623998437 Onderwerp:

Raadsvoorstel nr. 4493 Barneveld, 13 januari 2026 Portefeuillehouder: W. Oosterwijk

1e Wijziging Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026

Samenvatting raadsvoorstel Nu de jaarlijkse hertaxatie in het kader van de Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ) nagenoeg is afgerond zijn de definitieve belastingtarieven (percentages) voor de onroerende-zaakbelastingen 2026 bepaald en worden ter vaststelling aangeboden. Aan de raad,

Gevraagde beslissing: 1.

de bijgevoegde 1e wijzigingsverordening onroerende-zaakbelastingen 2026 vast te stellen;

1. Inleiding De belastingmaatregelen voor het jaar 2026 zijn in de raad van 12 november 2025 bij de begrotingsbehandeling voorgesteld en vastgesteld. Voor de onroerende-zaakbelastingen zijn hierbij de voorlopige percentages vastgesteld waarbij tevens is aangegeven dat na het afronden van de hertaxatie een aanvullend voorstel volgt om de definitieve percentages voor zowel woningen en niet-woningen vast te stellen. De WOZ-waarde geldt maar voor één belastingjaar zodat jaarlijks een hertaxatie van de in de gemeente gelegen onroerende zaken worden uitgevoerd. Voor de belastingaanslagen 2026 geldt de waarde van de onroerende zaken naar de waardepeildatum (het prijspeil) van 1 januari 2025. Nu de uitkomst van de hertaxatie bekend is bieden wij u de definitieve percentages voor de zowel woningen en niet-woningen ter vaststelling aan.

2. Beoogd effect Jaarlijks wordt de verordening onroerende-zaakbelastingen voor het nieuwe belastingjaar ter vaststelling aangeboden. Daarnaast worden de definitieve percentages van deze heffing bepaald nadat de hertaxatie is afgerond. Nu de uitkomst bekend is, kan worden bekeken of de tarieven voor de woningen en niet-woningen in stand kunnen blijven. Hiervoor worden de (totaal) waarden van de woningen en niet-woningen vergeleken met de gewenste opbrengst. Hierbij wordt rekening gehouden met de opbrengst zoals vastgelegd in de begroting 2026 inclusief de inflatieontwikkeling (3,8 %) en de verhoging van 2,5 %.

3. Argumenten 1.1 Verhoging van de onroerende-zaakbelastingen met de inflatieontwikkeling en de verhoging vanuit “Verantwoord groeien” sluit aan bij de begrotingsuitgangspunten In de programmabegroting is opgenomen dat de tarieven van de onroerende-zaakbelastingen worden verhoogd met 6,3 % (zijnde inflatieontwikkeling van 3,8 % en 2,5 % verhoging vanuit “Verantwoord groeien”). Bij de bepaling van de definitieve percentages is hiermee rekening gehouden. Net als bij de vorige WOZ-tijdvakken geldt als uitgangspunt van beleid dat de totale OZB-opbrengst niet zal veranderen als gevolg van een hogere of lagere taxatiewaarden. De opbrengst van deze belastingen is het resultaat van de waarde en het tarief. Een dalende waarde betekent dat het tarief verhoogd moet worden om de gewenste opbrengst te genereren terwijl stijgende waardes leiden tot een tariefsdaling. Om de opbrengst te genereren zoals vastgelegd in de begroting 2026 dienen de percentages als volgt te worden vastgesteld: a. Eigenaren woningen op 0,0730 %; b. Eigenaren niet-woningen op 0,2022 %; c. Gebruikers niet woningen op 0,1595 %. Schematisch ziet de ontwikkeling van het tarief van de OZB er als volgt uit:

-2Eigenaren woningen Eigenaren niet-woningen Gebruikers niet woningen

Percentage OZB 2025 0,0750 % 0,2125 % 0,1676 %

Voorlopig percentage OZB 2026 (verhoging 9,0 %) 0,0817 % 0,2316 % 0,1826 %

Definitief percentage OZB 2026 0,0730 % 0,2022 % 0,1595 %

1.2 Ontwikkelingen op de onroerend goed markt laat nog steeds een stijgende tendens zien Het waarderingstraject naar de waardepeildatum van 1 januari 2025 is (nagenoeg) afgerond. De resultaten van de herwaardering ten opzichte van de vorige waardepeildatum van 1 januari 2024 laten voor de woningen een gemiddelde waardestijging zien van 9,3 %. Bij de vorige waardepeildatum was er sprake van een verhoging van 6,4 %. Landelijk bezien komt de gemiddelde stijging voor woningen uit op 10,6 %. Bij de niet-woningen, zoals bedrijven, winkels, maatschappelijke objecten e.d., is er sprake van een gemiddelde waardestijging van 11,8 %. Bij de vorige waardepeildatum was er sprake van een gemiddelde waardestijging van 5 %. Voor de niet woningen is het landelijk beeld niet bekend. Door de onderlinge waardeveranderingen van de onroerende zaken treden er verschuivingen op. Voor sommige kan dit mogelijk een verlaging zijn, voor anderen zal dit een geringe of een forse verhoging zijn. Voor individuele grotere of kleinere verschillen die niet uit marktinvloeden verklaard kunnen worden, liggen meerdere oorzaken voor de hand zoals: verbouwingen, sloop, maatschappelijke ontwikkelingen, volledigheidscontrole en een mogelijke correctie op de eerdere waarde. De waardering is uitgevoerd in overeenstemming met de Rijks wet- en regelgeving.

De waardering van de woningen heeft plaatsgevonden via de methode van modelmatig waarderen (de zgn. vergelijkingsmethode). De waardering van de niet-woningen heeft zo veel mogelijk plaatsgevonden via de landelijke vastgestelde taxatiewijzers (TIOX).

4. Kanttekeningen Niet van toepassing.

5. Financiën In de programmabegroting 2026 is al rekening gehouden met de tariefsontwikkeling en verwerkt in de betreffende programma’s.

6. Participatie en communicatie a) Participatie Niet van toepassing.

b) Communicatie Na vaststelling van besluit zal deze op de gebruikelijke wijze worden bekend gemaakt.

7. Vervolgstap Bij het bepalen en opleggen van de aanslagen onroerende-zaakbelastingen 2026 zullen de betreffende percentages worden toegepast.

8. Bijlagen - concept besluit 1e wijziging Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026. Burgemeester en wethouders van Barneveld, de secretaris, de burgemeester, W. Wieringa J. van der Tak

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=ec23378f-3aa6-47f3-89f5-3da7efe07207