Raadsvoorstel 4388 Nota Activeren en Waarderen 2026
Tekst van het document
Aandachtsgebied: Dienstverlening Team Financiën, control en administratie E-mailadres: M.Tillema@barneveld.nl Telefoonnummer: Onderwerp:
Raadsvoorstel nr. 4388 Barneveld, 21 oktober 2025 Portefeuillehouder: W. Oosterwijk
Nota Activeren en Waarderen 2026
Samenvatting raadsvoorstel De (nieuwe) nota Activeren en Waarderen 2026 gaat in op de wijze waarop de gemeente vanaf 2025 investeert, en hoe zij investeringen activeert, waardeert en afschrijft. Voorheen waren kaders omtrent activeren en waarderen (summier) opgenomen in de financiële verordening. We beogen met deze nieuwe nota noodzakelijke (bestaande) kaders te bundelen en overzichtelijk vast te leggen.
Aan de raad,
Gevraagde beslissing: 1. De nota Activeren en Waarderen 2026 vast te stellen; 2. Daarbij specifiek de nieuwe afschrijvingstermijnen vast te stellen, conform de tabellen in hoofdstuk 7 in de nota Activeren en Waarderen 2026; 3. De nieuwe afschrijvingstermijnen te laten gelden voor zowel de openstaande kredieten die in 2025 of daarna afgerond worden als voor de bestaande activa en de financiële effecten hiervan te verwerken in de 1e tussenrapportage 2026; 4. De nota Activeren en Waarderen 2026 per 1 januari 2026 in werking te laten treden.
1. Inleiding Deze nota Activeren en Waarderen 2026 gaat in op de wijze waarop de gemeente vanaf 2026 investeert, en hoe zij investeringen activeert, waardeert en afschrijft. Voorheen waren kaders omtrent activeren en waarderen (summier) opgenomen in de financiële verordening. We beogen met deze nieuwe nota noodzakelijke (bestaande) kaders te bundelen en overzichtelijk vast te leggen. We betrekken hierbij actuele wettelijke kaders, maar herhalen zo min mogelijk wetteksten, tenzij relevant. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en bevat ten minste: • de wijze van activeren van activa; • de wijze van waarderen van activa; • de wijze van afschrijven van activa (kapitaallasten). Dit activabeleid vormt één van de pijlers voor het bepalen van de financiële positie en het financiële vermogen van de gemeente. De nieuwe beleidskaders gelden vanaf januari 2026 voor investeringen. Daarmee kan het activabeheer per activasoort zoveel mogelijk uniform worden toegepast. Voor de nota Activeren en Waarderen 2026 wordt verwezen naar de bijlage 1 van het raadsvoorstel. In hoofdstuk 7 staan tabellen met de nieuwe afschrijvingstermijnen. Voor een vergelijking van de oude met de nieuw vast te stellen activasoorten met afschrijvingstermijnen wordt verwezen naar de was-wordt tabel in bijlage 2.
-2-
2. Beoogd effect
Door vaststelling van de nota Activeren en Waarderen wordt het eenduidig behandelen van gemeentelijke investeringen en daaruit voortvloeiende kapitaallasten vastgelegd, gebundeld en verduidelijkt.
3. Argumenten 1.1 Voor zowel het bestuur als de ambtelijke organisatie is het van belang om over een actueel, transparant en adequaat activa- en afschrijvingsbeleid te beschikken. Deze nota vervult daarbij een ondersteunende rol bij de producten van de Planning & Control cyclus en draagt bij aan het “in control” zijn van de gemeente. 1.2 We leggen een aantal nieuwe relevante onderwerpen op het gebied van activa vast in beleid Relevante onderwerpen die nieuw zijn ten opzichte van eerder of ander vastgesteld beleid: 1. Het toerekenen van interne uren en sloopkosten wordt geformaliseerd in deze nota; 2. De ondergrens voor het activeren van investeringen wordt verhoogd van € 20.000 naar € 25.000. Dit vanwege een inflatiecorrectie. NB. In de toekomst is het mogelijk dit bedrag verder te verhogen, omdat dit een vrije keus is van een gemeente en zou onder andere het (administratieve) proces kunnen vergemakkelijken. Dit vergt een wat uitgebreidere analyse op de voor- en nadelen; 3. Herijking van de afschrijvingstermijnen, zie argumenten hieronder. Daarnaast worden de methodiek en spelregels van het meerjareninvesteringsplan (MIP) en Uitvoeringsplan MIP op termijn opgenomen in de nota Activeren en Waarderen in plaats van de Kadernota. Dit geldt ook voor spelregels omtrent het aangaan en monitoring van kredieten (onderhanden werk). Op dit moment zijn deze nog in ontwikkeling.
2.1 en 3.1 We geven invulling aan de taakstelling ‘verlengen afschrijvingstermijnen’ uit het Basispakket Plus (Kadernota en Programmabegroting 2025) Met deze Nota verlengen we de afschrijvingstermijnen van een aantal activasoorten. Daarbij geven we invulling aan de taakstelling ‘verlengen afschrijvingstermijnen’ uit het ‘basispakket plus’, Kadernota en Programmabegroting 2025. Hierbij is nadrukkelijk geen sprake van versobering, maar van een schattingswijziging van de verwachte toekomstige gebruiksduur. Hierbij baseren we ons enerzijds op (historische) ervaringscijfers en anderzijds op huidige inzichten bij nieuwe investeringen. In bijlage 2 is een totaal lijst opgenomen in de vorm van een was-wordt tabel met toelichting. Na vaststellen van de nieuwe afschrijvingstermijnen door de raad en het financieel afsluiten van het boekjaar 2025, kunnen we de exacte financiële gevolgen van het verlengen van afschrijvingstermijnen berekenen. Voor investeringskredieten die in 2025 worden afgesloten of nog open staan per 1 januari 2026 wordt het volledige investeringsbedrag volgens de nieuwe afschrijvingstermijnen afgeschreven. Voor de bestaande activa waarop al in 2025 of eerder werd afgeschreven en die daarmee een boekwaarde hebben lager dan de oorspronkelijke investeringsbedrag, wordt de resterende boekwaarde verdeeld over de nieuwe resterende afschrijvingsperiode na verlenging.
Er vindt geen correctie met terugwerkende kracht plaats (dit is volgens de BBV niet toegestaan). Bijvoorbeeld: - Een pand met een oorspronkelijke investeringsbedrag van € 400.000 in 2010; - De afschrijving vond plaats in 40 jaar, tot en met 2050. De afschrijving bedroeg € 10.000 per jaar; - De boekwaarde op 31-12-2025 is na 15 jaar afschrijven nog € 250.000 en er was nog 25 jaar te gaan; - De afschrijvingsperiode wordt met 5 jaar verlengd (vastgoed gaat van 40 naar 45 jaar), dus tot en met 2055; - De restantboekwaarde van € 250.000 wordt nu verdeeld over de (nieuwe) resterende periode van 30 jaar (25+5); - De nieuwe afschrijving bedraagt vanaf 2026 € 8.333 per jaar. Dit levert vanaf 2026 een voordeel op van maximaal € 1.667 per jaar.
-34.1 We willen vanaf 2026 met het nieuwe beleid gaan werken In de nota worden voorstellen gedaan voor wijziging van huidig beleid. Met het vaststellen van deze nota geldt dit nieuwe beleid vanaf de ingangsdatum. Ook betekent dat eventueel bestaand beleid dat overlapt met dit nieuwe beleid in bijvoorbeeld de financiële verordening wordt vervangen door deze nota. De aanpassingen in de financiële verordening leggen we uiterlijk in het eerste kwartaal 2026 ter besluitvorming aan de raad voor. Tot dat moment gelden bij tegenstrijdige bepalingen tussen deze nota en de nu nog geldende financiële verordening, de bepalingen in de nota Activeren en Waarderen 2026.
4. Kanttekeningen 1.1 Er zijn onderwerpen die we (nog) niet opnemen of wijzigen Argument 1.2 hebben we de relevant onderwerpen benoemd die nu nieuw in de/een nota zijn opgenomen. Tevens zijn er onderwerpen waarbij is gekozen om deze (nog) niet op te nemen of te wijzigen, terwijl dit theoretisch zou kunnen (gemeenten staan er vrij in). Dit zijn (met reden): 1. Het moment van afschrijven hebben we laten staan op jaar T+1 (jaar na in gebruikname), conform de huidige financiële verordening. Dit omdat we het nog steeds een goede werkwijze vinden, en andere methoden veelal meer administratieve acties vergen; 2. Het is mogelijk om heel specifiek te gaan afschrijven conform de componentenmethode, wat vooral rechtdoet aan de verschillende afschrijvingstermijnen per type actief. Vanwege de complexe en uitgebreide administratie hebben we ervoor gekozen dit niet te wijzigen. 3. Gemeenten mogen een restwaarde hanteren, wat (structurele) voordelen zou kunnen opleveren. De gemeente Barneveld hanteert op dit moment geen restwaarden, dit omdat het (administratief) complex is en lastig is om vooraf een goede inschatting te maken van wat een eventuele restwaarde is. En voor de meeste activa van de gemeente is een restwaarde niet relevant, omdat de activa na de gebruiksduur bijvoorbeeld onverkoopbaar zijn of de economische waarde lager is dan de sloopkosten. 4.
Een gemeente kan kiezen tussen een lineaire afschrijvingsmethode en een annuïtaire afschrijvingsmethode. De gemeente Barneveld hanteert de lineaire afschrijvingsmethode. Dit is een eenvoudige methode met lagere administratieve lasten, bij de meeste activa het meest passend bij de ontwikkeling van de boekwaarde en weinig risico op fouten. 2.1 en 3.1 Er bestaat een (klein) risico op incidentele nadelen in de toekomst We hebben reëel beoordeeld bij welke activasoorten de afschrijvingstermijnen verlengd kunnen worden op basis van verwachte gebruiksduur. Daarbij moeten we decennia in de toekomst kijken. Echter bestaat altijd de kans dat door technologische ontwikkelingen, veranderingen in de tijdgeest of andere omstandigheden een investering toch eerder vervangen moet worden. Bij het verlengen van de afschrijvingstermijnen resteert er dan een hogere boekwaarde dan het geval zou zijn zonder verlengen. Dit leidt op dat moment tot een incidenteel nadeel. Om dit risico te beperken, doen we voor de bestaande activa met een resterende boekwaarde van meer dan € 500.000 een individuele controle of de verlenging niet tot een onverantwoorde situatie leidt. Daarnaast is het zo dat als de afschrijvingstermijnen worden verlengd, de totale lasten over de gehele periode hoger zijn door toerekening van rente (kapitaallasten).
Echter, weegt dit niet op tegen het voordeel dat ontstaat in het structureel meerjarenperspectief (waarvoor destijds al afwegingen zijn gemaakt bij het raadsbesluit om termijnen te verlengen, basispakket plus). 4.1 Deze, voor de gemeente Barneveld, nieuwe nota Activeren en Waarderen, bevat nieuw beleid, wat op onderdelen ook al in bestaand beleid is opgenomen, zijnde de financiële verordening. De nota vervangt op die punten het oude beleid. De financiële verordening wordt op korte termijn herijkt, waarbij dubbel beleid uit de verordening wordt verwijderd. Tot dat moment geldt bij een eventuele tegenstrijdigheid de bepaling uit de nota Activeren en Waarderen (zie argument 4.1).
5. Financiën
De herijking van de afschrijvingstermijnen zorgt voor een structureel financieel effect (met name door het verlengen kunnen de jaarlijkse kapitaallasten dalen), zie ook argument 3.3. Voor een deel is hier al rekening mee gehouden in de Programmabegroting 2025 en Kadernota 2026. Hier is een stelpost
-4afschrijvingstermijnen opgenomen van oplopend € 50.000 in 2026 naar € 450.000 in 2029. De werkelijke effecten worden verwerkt via de reguliere P&C cyclus in de meerjarenbegroting (1e tussenrapportage 2026).
6. Participatie en communicatie a) Participatie Bij het opstellen is de auditcommissie betrokken. De auditcommissie heeft vooraf kaders meegegeven en kan een advies aan de raad meegeven voor behandeling in de raadsvergadering van 10 december.
b) Communicatie 7. Vervolgstap De nota Activeren en Waarderen wordt op 10 december 2025 in de raad behandeld. De auditcommissie kan hierbij nog een advies meegeven (behandeling 20 november 2025). Als de raad akkoord is treedt de nota per 1 januari 2026 in werking als bepalend beleid ten aanzien van investeringen. Voorzien is dat de nota eens in de 4 jaar wordt herijkt, waarbij de eerste keer over 2 jaar zal zijn (2028). Dit omdat het een nieuwe nota is voor de gemeente Barneveld.
8. Bijlagen
1. Nota Activeren en Waarderen 2026 2. Was-wordt tabel afschrijvingstermijnen
Burgemeester en wethouders van Barneveld, de secretaris, de burgemeester, W. Wieringa J. van der Tak