Raadsvoorstel 3984 Oprichten Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulpregio JeugdFV
Tekst van het document
Aandachtsgebied: Samenleving Team Beleid E-mailadres: P.MolLous@barneveld.nl Telefoonnummer: 06-21581712 Onderwerp:
Raadsvoorstel nr. 3984 Barneveld, 13 februari 2025 Portefeuillehouder: J. de Heer-Verheij
Oprichten Gemeenschappelijke Regeling (GR) Jeugdhulpregio Jeugd FV
Samenvatting raadsvoorstel De jeugdhulpregio JeugdFV is een publiekrechtelijke samenwerking vanaf 2015. Het wetsvoorstel ‘Wet Verbetering Beschikbaarheid Jeugdzorg’ schrijft verplichte regionale samenwerking voor in de vorm van een juridische entiteit, een gemeenschappelijke regeling (GR). Er zijn vier typen GR: Openbaar Lichaam, Bedrijfsvoeringsorganisatie, Centrumgemeente en Gemeenschappelijk Orgaan. Er is gekozen voor een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO), alleen de uitvoeringstaken (o.a. inkoop, contractmanagement, betalingen, data & monitoring) en geen beleid. Beleid blijft een lokale aangelegenheid. Beleidsafstemming vindt regionaal plaats in een Intergemeentelijke Samenwerking. Uw raad wordt voorgesteld af te zien van het indienen van een zienswijze op de ontwerpregeling.
Aan de raad,
Gevraagde beslissing: 1. 2.
Af te zien van het indienen van een zienswijze op de ontwerpregeling van de GR Jeugdhulpregio JeugdFV Het beschikbaar stellen van structurele middelen voor de hogere kosten te betrekken bij de besluitvorming van de Kadernota 2026
1. Inleiding De jeugdhulpregio JeugdFV is een publiekrechtelijke samenwerking vanaf 2015. De samenwerking is al die jaren succesvol en efficiënt geweest. Waarom dan een Gemeenschappelijke Regeling (GR) oprichten per 1 januari 2026? Dat heeft alles te maken met het wetsvoorstel ‘Wet Verbetering Beschikbaarheid Jeugdzorg’. Deze wet schrijft verplichte regionale samenwerking voor in de vorm van een juridische entiteit, een GR. De wetgever beoogt hiermee continuïteit van zorg. Er zijn vier typen GR: Openbaar Lichaam, Bedrijfsvoeringsorganisatie, Centrumgemeente en Gemeenschappelijk Orgaan. Er is gekozen voor een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO), alleen de uitvoeringstaken (o.a. inkoop, contractmanagement, betalingen, data & monitoring) en geen beleid. Beleid blijft een lokale aangelegenheid. Om de uitvoeringstaken doelmatig en doeltreffend te verbeteren, is het wenselijk dat er beleidsafstemming op regionaal niveau plaatsvindt. Vandaar dat gekozen is voor 2 sporen van samenwerking, te weten; 1) Het aangaan van de gemeenschappelijke regeling waarmee een bedrijfsvoeringsorganisatie wordt opgericht, en; 2) het behouden van de huidige samenwerkingsvorm, waarin de beleidsafstemming centraal staat. Dit gaat verder onder de naam Intergemeentelijke Samenwerking (IGS).
-2Gemeenschappelijke regeling De GR Jeugdhulpregio JeugdFV richt zich specifiek op de taken die voortvloeien uit het wetsvoorstel ‘Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg’. Deze taken worden ook wel de zogenoemde ‘uitvoeringstaken’ dan wel ‘bedrijfsvoeringstaken’ genoemd. Intergemeentelijke samenwerking In de intergemeentelijke samenwerking worden beleidstaken belegd. De gemeenten werken op zowel ambtelijk- als bestuurlijk niveau samen ten aanzien van jeugdbeleid. De bevoegdheid voor het opstellen en vaststellen van beleid, blijft bij de gemeenten liggen. Gemeenschappelijke regeling en intergemeentelijke samenwerking In de basis is de governancestructuur doorontwikkeld, met geringe inhoudelijke wijzigingen. Het voormalig Knooppunt is grotendeels omgevormd tot de nieuwe bedrijfsvoeringsorganisatie en de samenwerking op beleid is doorontwikkeld in de intergemeentelijke samenwerking. Bij het doorontwikkelen van beide samenwerkingen is rekening gehouden met het verduidelijken van het opdrachtnemer- en opdrachtgeverschap, heldere omschrijving van rollen, taken en verantwoordelijkheden, eenduidige sturing met mandaat en het implementeren van programmatisch en projectmatig werken.
2. Beoogd effect Het bestendigen van de samenwerking in een gemeenschappelijke regeling en het herijken van de integrale samenwerking, waarmee op de lange termijn een doelmatige en doeltreffende uitvoering van de Jeugdwet wordt beoogd.
3. Argumenten 2.1 De raad heeft de gelegenheid om een zienswijze in te dienen, maar kan hier ook van afzien. Op grond van artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen heeft de raad de gelegenheid om een eventuele zienswijze in te dienen op voorgestelde ontwerpregeling van Jeugdhulpregio JeugdFV. Met het indienen van deze zienswijze krijgt de raad de mogelijkheid haar invloed uit te oefenen op de ontwerpregeling en de wettelijke bepalingen die hierin worden opgenomen. Het advies aan de raad is om geen zienswijze naar voren te brengen en/of aanvullende aandachtspunten op te nemen in de zienswijze. De GR Jeugdhulpregio JeugdFV gaat taken uitvoeren die op dit moment al door het Knooppunt JeugdFV worden uitgevoerd
4. Kanttekeningen N.v.t.
5. Financiën De bedrijfsvoeringsorganisatie en de integrale samenwerking moeten financieel bekostigd worden. Deze kosten zijn gezamenlijk hoger dan de kosten van de huidige samenwerking. Deze kostenstijging wordt niet veroorzaakt door het aangaan van de gemeenschappelijke regeling en oprichting van de bedrijfsvoeringsorganisatie. De kostenstijging van de bedrijfsvoeringsorganisatie komt onder meer voort uit de besturing van de samenwerking en het formaliseren en bestendigen van de governance, waardoor incidentele budgetten verschuiven naar de begrotingen van deze samenwerkingsvormen. De (extra) kosten van € 190.000 voor de integrale samenwerking zijn niet per definitie nieuwe kosten voor de huidige samenwerking, maar zijn het gevolg van het structureel inregelen van taken die in het verleden met incidentele budgettering werden uitgevoerd. De kosten voor het uitvoeren van deze taken worden nu direct in de reguliere begroting opgenomen. Daarnaast brengt de intensivering van de samenwerking efficiency-voordelen met zich mee. Het regionaal oppakken van taken verlaagt interne
-3kosten van individuele gemeenten: de kosten voor de besturing van de samenwerking zijn wel zichtbaar in de begroting. Totaalbegroting BVO (Bedrijfsvoeringsorganisatie) Totaalbegroting BVO Soort
2024
Totaal bedrijfsvoeringskosten
€ 2.573.058 Totaal (Boven) regionale samenwerking € 39.386 Totaal Projecten/ incidentele middelen € 721.840 TOTAAL € 3.334.284 *Het bedrag dat wordt opgenomen in de begroting van 2026. Begroting IGS (Intergemeentelijke samenwerking) Functie Formatie in fte
Schaal
Programmamanager IGS*
13.11
1,00
2025 € 3.047.044 € 97.464 € 709.973 € 3.854.481
Loon per fte 2024 € 130.925
2026 € 3.274.554 € 76.900 € 100.000 € 3.451.454*
Kosten € 130.925
Uitvoeringsbudget IGS
€ 60.000
Totaal
€ 190.925
*excl. eventuele opslag voor overhead, mede afhankelijk van werkgever programmamanager De kosten van de BVO en de integrale samenwerking worden naar rato verdeeld over de deelnemende gemeenten. Conform deze verdeelsleutel zijn de kosten voor Barneveld in 2026: - BVO: € 638.519 - Integrale Samenwerking: € 35.321 De hogere kosten voor de BVO en de integrale samenwerking worden verwerkt in de kadernota 2026 als structurele autonome ontwikkeling. Het gaat om ongeveer €100.000.
6. Participatie en communicatie a) Participatie Met de zeven gemeenten van de Jeugdhulpregio JeugdFV heeft afstemming plaatsgevonden in het proces om te komen tot een GR. De Raad en het College van de gemeente Barneveld zijn in april 2024 geïnformeerd over dit proces. Uw raad is in maart 2025 middels een Raadsmemo nogmaals geïnformeerd. b) Communicatie De zorgaanbieders worden binnen de Fysieke Adviestafel (FAT) op de hoogte gehouden van de processtappen.
-4-
7. Vervolgstap De procedure voor het vaststellen van de GR verloopt als volgt: 1. Zienswijzen van de gemeenteraad Op grond van artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen wordt het ontwerp van de GR eerst toegezonden naar de Raad. Na behandeling van de regeling in de raad, heeft de raad 13 weken de tijd om een zienswijze in te dienen, maar kan ook afzien van deze mogelijkheid. 2. Voorlopig besluit door het college Na eventuele zienswijzen neemt het college een voorlopig besluit over de regeling, en vraagt toestemming aan de raad om de regeling definitief vast te stellen. 3. Beslissing gemeenteraad De raad heeft vervolgens opnieuw 13 weken om te beslissen omtrent de toestemming, met de mogelijkheid tot verlenging van eenmaal 13 weken. De eerste termijn van 13 weken begint te lopen vanaf het moment van verzending door het college. De raad kan echter ook eerder een beslissing nemen. Indien de raad onverhoopt niet tijdig beslist, is de toestemming van rechtswege verleend. De raad kan toestemming alleen onthouden wegens strijd met het recht, of strijd met het algemeen belang. 4. Definitief besluit en bekendmaking Met de toestemming van de raad kan het college de regeling definitief vaststellen. Alle gemeenten moet overgaan tot definitieve besluitvorming over de regeling. 5. Inwerkingtreding De regeling treedt in werking na de laatste bekendmaking.
Dit proces moet uiterlijk 31 december 2025 zijn afgerond.
8. Bijlagen Bijlage 1: Ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV Burgemeester en wethouders van Barneveld, de secretaris, de burgemeester, W. Wieringa J. van der Tak