Raadsvoorstel 3532 Richtinggevende onderdelen lokale aanvulling functieveranderingsbeleid gemeente Barneveld
Tekst van het document
Organisatieonderdeel: Leefomgeving Mail behandelaar: D.Bol@barneveld.nl Telefoonnummer: 0342495269 Onderwerp:
Raadsvoorstel nr. 3532 Barneveld, 3 juli 2024 Portefeuillehouder: B. Wijnne
Richtinggevende onderdelen lokale aanvulling functieveranderingsbeleid gemeente Barneveld (SDO-Bol)
Samenvatting raadsvoorstel De gemeenteraad wordt gevraagd om in te stemmen met het opstellen van een lokale aanvulling op het regionale Afwegingskader Functieveranderingsbeleid regio Foodvalley regio Amersfoort en in te stemmen met de richtinggevende onderdelen in deze lokale aanvulling.
Aan de raad,
Gevraagde beslissing: 1. In te stemmen met het opstellen van het lokale functieveranderingsbeleid als aanvulling op het regionale Afwegingskader Functieveranderingsbeleid 2024 regio Foodvalley regio Amersfoort; 2. In te stemmen met het verder uitwerken van de onderstaande richtinggevende onderdelen in het lokale functieveranderingsbeleid: a) De sloopmetersystematiek toe te passen bij niet-agrarische bedrijfsbebouwing, (bedrijfs)woningen en vakantieparken in het landelijk gebied; b) Vastgestelde strategische beleidskaders sturend laten zijn voor de ruimtelijke afweging voor locaties, maatvoering, aard en milieucategorieën voor woon- en werkfuncties; c) Woningdifferentiatie in het landelijk gebied te stimuleren door nadere eisen te stellen wanneer meer dan één woonvolume wordt gerealiseerd en een sloopmeterkorting toe te passen; d) Woningsplitsing in het landelijk gebied makkelijker te maken door een sloopmeterkorting toe te passen; e) Grotere oppervlakte aan bijgebouwen dan regulier is toegestaan te verruimen; f) Sloopmetercompensatie toe te passen bij buitenopslag; g) Natuurcompensatie onder voorwaarden toe te staan als aanvulling op de reguliere sloopmeters; h) Nadere eisen te stellen aan gedeeltelijke functieverandering naar aanleiding van de nog uit te voeren evaluatie pilot gedeeltelijke functieverandering; 3.
In te stemmen met het plan van aanpak voor het participatieproces.
1. Inleiding Het afgelopen jaar is in regioverband gewerkt aan het regionale Afwegingskader Functieveranderingsbeleid regio Foodvalley regio Amersfoort. Dit regionale Afwegingskader gaat uit van een gemeenschappelijke basis voor de sloopmetersystematiek, groencompensatie, voorwaarden voor herbestemming en de kwaliteitsverbetering van het landelijk gebied. Daarnaast biedt het Afwegingskader mogelijkheden voor eigen lokale uitwerkingen. Dit regionale beleidsstuk ligt ter vaststelling aan uw raad voor. Het college heeft het voornemen om een lokale aanvulling op dit regionale Afwegingskader op te stellen. Deze lokale aanvulling geeft invulling aan de mogelijkheden die het regionale Afwegingskader biedt voor de lokale uitwerkingen. Gelijktijdig met het raadsvoorstel voor de vaststelling van het regionale Afwegingskader Functieveranderingsbeleid, ligt dit raadsvoorstel voor wat ingaat op de onderdelen die nader worden uitgewerkt in deze lokale aanvulling. Per onderdeel wordt door het college aangegeven in welke richting dit wordt uitgewerkt. De nadere uitwerking van deze onderdelen zal komende maanden plaatsvinden. Hiervoor wordt ook een participatieproces doorlopen. Naar verwachting ligt de lokale invulling functieveranderingsbeleid na de zomer ter besluitvorming voor.
2. Door de raad gestelde kaders
2 Afwegingskader Functieveranderingsbeleid 2024 regio Foodvalley regio Amersfoort (ligt ter besluitvorming voor) Het regionale Afwegingskader functieveranderingsbeleid 2024 biedt een basissystematiek voor berekening, registratie en inzetbaarheid van sloopmeters in het landelijk gebied. Op deze manier wordt gewerkt aan een economisch en sociaal vitaal landelijk gebied met versterkte ruimtelijke kwaliteit doordat (initiatieven voor) bedrijfsbeëindigingen kunnen worden gefaciliteerd en in plaats daarvan woon- en werkfuncties kunnen worden toegevoegd. De lokale aanvulling is een nadere uitwerking van dit regionale beleid. Gebiedsvisie functieveranderingswoningen De gebiedsvisie functieveranderingswoningen is een lokale aanvulling op het regionale functieveranderingsbeleid. Deze gebiedsvisie geeft ruimtelijke handvatten voor de verplaatsing en bouw van functieveranderingswoningen in het landelijk gebied. Toetsingskader landelijk gebied Het toetsingskader landelijk gebied geeft voor het gehele landelijk gebied van Barneveld richting hoe om te gaan met functieveranderingen voor alle gebruiksfuncties zodat er regie blijft op het landelijk gebied en gewenste ontwikkelingen in de toekomst mogelijk gemaakt kunnen worden. De wenselijkheid van een functieverandering wordt getoetst aan dit kader.
Positionering functieveranderingsbeleid ten opzichte van andere ruimtelijke beleidsstukken Zowel het regionale en lokale functieveranderingsbeleid is ruimtelijk instrumentarium om beleidsdoelen te behalen. Ondanks dat het een eigen beleidsdoelstelling kent, namelijk het behalen van ruimtelijke kwaliteit door het slopen van overtollige bedrijfsbebouwing en het economisch en sociaal vitaal houden van het landelijk gebied door het toevoegen van andere gebruiksfuncties, is het ook instrumentarium om meer strategische beleidsdoelen te behalen. Het gaat dan bijvoorbeeld om de locatiekeuzes van gebruiksfuncties, het willen bereiken van woningdifferentiatie in het landelijk gebied of de doorontwikkeling van de grotere landschaps- en groenstructuren in het landelijk gebied. Uitspraken over deze beleidskeuzes worden gedaan in onder andere het Toetsingskader Landelijk Gebied, de Gebiedsvisie Functieveranderingswoningen en de Structuurvisie Landelijk Gebied (in de toekomst onderdeel van de Omgevingsvisie). Het bepalen van de wenselijkheid van een functieverandering gaat dus altijd vooraf aan het toepassen van de systematiek van functieverandering. Functieverandering is daarmee dus nooit een recht op zichzelf.
3. Effect De lokale aanvulling functieveranderingsbeleid geeft invulling aan de lokale uitwerkingen zoals opgenomen in het regionale Afwegingskader functieveranderingsbeleid regio Foodvalley regio Amersfoort. Er worden keuzes gemaakt die passen bij de lokale Barneveldse situatie. Door lokaal richting te geven aan het instrumentarium functieveranderingsbeleid kan een bijdrage geleverd worden aan het behalen van lokale (gebieds)doelen. Op deze manier wordt gewerkt aan een vitaal landelijk gebied met versterking van de ruimtelijke kwaliteit die past bij de lokale situatie.
4. Argumenten 1.1 Een lokale uitwerking zorgt voor een vitaal landelijk gebied en versterking van ruimtelijke kwaliteit De gemeente Barneveld kent een groot landelijk gebied waarvoor het functieveranderingsbeleid een belangrijk kader is. Het regionale Afwegingskader biedt een basissystematiek om met functieverandering om te gaan. Deze basissystematiek is voldoende als het een relatief klein landelijk gebied betreft waar sprake is van een gering aantal agrarische bedrijven en een aantal functieveranderingen per jaar. Gezien de grote omvang en de hoge dynamiek in het landelijk gebied van Barneveld vraagt dit om extra regie. Het regionale Afwegingskader biedt de mogelijkheid om op onderdelen een lokale afweging te maken die bij de gemeentelijke situatie past. Door lokaal richting te geven aan het instrumentarium functieveranderingsbeleid kan een bijdrage geleverd worden aan het behalen van lokale (gebieds)doelen. Op deze manier wordt gewerkt aan een vitaal landelijk gebied met versterking van de ruimtelijke kwaliteit die past bij de lokale situatie. 2.1 Het lokale beleid wordt op een aantal onderdelen verder uitgewerkt volgens de voorgestelde richting Het regionale beleid biedt een aantal mogelijkheden voor verdere lokale uitwerking. Voor een groot aantal onderdelen wordt een lokale uitwerking voor Barneveld voorgesteld. Het gaat op hoofdlijnen om de volgende onderdelen: 1.
Verbrede toepassing sloopmetersystematiek voor andere gebruiksfuncties 2. Verbrede toepassingsmogelijkheden van de sloopmetersystematiek binnen de woon- en werkfuncties 3. Inzet van groencompensatie in plaats van sloopmeters 4. Ruimtelijke afweging voor locaties voor woon- en werkfuncties
3 Om de komende maanden verder invulling te geven aan deze lokale uitwerking, stelt het college een richting voor per onderdeel. a) De sloopmetersystematiek toe te passen bij niet-agrarische bedrijfsbebouwing, (bedrijfs)woningen en vakantieparken in het landelijk gebied Het komt voor dat er, anders dan agrarische functies, bestaande gebruiksfuncties (niet-agrarische bedrijfsbebouwing, (bedrijfs)woningen of vakantieparken) hun functie verliezen in het landelijk gebied. Om te voorkomen dat deze overtollige bebouwing blijft staan kan de basissystematiek voor functieverandering worden toegepast. De inzetbare sloopmeters kunnen hiermee dan weer ingezet worden voor andere gebruiksfuncties binnen de gemeente Barneveld. Net zoals bij de functieveranderingen van agrarische functies geldt ook hier dat de beoordeling van de wenselijkheid van de functieverandering altijd vooraf gaat aan het instrument.
b) Vastgestelde strategische beleidskaders sturend laten zijn voor de ruimtelijke afweging voor locaties, maatvoering, aard en milieucategorieën voor woon- en werkfuncties In Barneveld kennen we beleid wat toeziet op strategische keuzes voor de locatiekeuze van verschillende gebruiksfuncties (waaronder de functies wonen en werken). Deze beleidsstukken geven richting aan de functieveranderingsvraagstukken in het landelijk gebied. Om te werken aan de omgevingskwaliteit van het landelijk gebied maakt de gemeente strategische en landschappelijke keuzes. Zo ook voor gebieden waar nieuwe gebruiksfuncties wel of niet gewenst zijn. Deze strategische kaders zijn dus sturend van aard voor alle aanvragen die toezien op functieveranderingen en daarmee ook voor de inzet van het instrumentarium zoals beschreven in het regionale functieveranderingsbeleid en de lokale aanvulling. Indien deze beleidslijnen in de tussentijd wijzigen, gelden de gewijzigde beleidslijnen. c) Woningdifferentiatie in het landelijk gebied te stimuleren door nadere eisen te stellen wanneer meer dan één woonvolume wordt gerealiseerd en een sloopmeterkorting toe te passen; Het regionale functieveranderingsbeleid beschrijft een standaard werkwijze voor functieverandering naar wonen in het landelijk gebied.
In ruil voor sloop van de agrarische bedrijfsgebouwen kan een stoppend bedrijf een recht krijgen om onder voorwaarden een functieveranderingswoning te realiseren. De ervaring leert dat woningen die onder het regionale functieveranderingsbeleid worden gebouwd, voornamelijk grotere woningen zijn die vallen in de hogere prijsklassen. Om meer balans te krijgen in het aanbod van woningen in het landelijk gebied, is het wenselijk om naar oplossingen te zoeken om andere woningtypologieën en woonconcepten mogelijk te maken in het landelijk gebied. Om woningdifferentiatie te stimuleren wordt voorgesteld om nadere eisen te stellen wanneer er meer dan één woonvolume wordt gerealiseerd en een sloopmeterkorting toe te passen wanneer er woningen worden gebouwd voor bijvoorbeeld het betaalbare segment (aanpassing van de sloopmetereis voor het woonrecht). d) Woningsplitsing in het landelijk gebied makkelijker maken door een sloopmeterkorting toe te passen; In lijn met de wens voor meer differentiatie in woonvormen willen we in Barneveld woningsplitsing makkelijker maken. Woningsplitsing gaat uit van het realiseren van een extra woonrecht in een bestaande woning waarbij er geen nieuwe bebouwing ontstaat. De bestaande woning wordt daarmee veranderd van een woning naar een woongebouw.
Om woningsplitsing makkelijker te maken wordt in afwijking van het regionale functieveranderingsbeleid een soepelere standaard sloopmetereis voor het woonrecht voorgesteld. e) Grotere oppervlakte aan bijgebouwen dan regulier is toegestaan verruimen; Het regionale functieveranderingsbeleid biedt een verbrede mogelijkheid om een grotere oppervlakte aan bijgebouwen toe te staan dan regulier middels het Omgevingsplan is toegestaan (80 m2). In Barneveld willen we meer ruimte geven aan bijgebouwen bij woonfuncties in het landelijk gebied. De percelen zijn vaak groter en er is in sommige gevallen machinerie nodig voor onderhoud- en beheerwerkzaamheden. Daarnaast willen we ook dat bijgebouwen bij woningen in omvang en gebruik ondergeschikt blijven aan het hoofdgebouw en de woonfunctie. Hiermee wordt voorkomen dat grote bijgebouwen worden ingezet voor ander soortige (bedrijfs)activiteiten dan wat passend is bij de woonfunctie. In principe geldt de maatvoering wat regulier is toegestaan in het Omgevingsplan. Indien er een wens is om een groter oppervlakte aan bijgebouwen te realiseren dan kan dat middels compensatie van sloopmeters worden verruimd tot een nader uit te werken maximum oppervlakte. f) Sloopmetercompensatie verplichten bij buitenopslag; Het regionale Afwegingskader biedt in principe geen ruimte voor buitenopslag in het landelijk gebied.
Het college stelt voor om bij werkfuncties in het landelijk gebied deze ruimte wel te geven in lijn met hetgeen is opgenomen in de strategische beleidskaders. Zo voorziet het Toetsingskader Landelijk Gebied in mogelijkheden voor buitenopslag bij niet agrarische bedrijvigheid in het buitengebied. Indien deze
4 buitenopslag een wenselijke ontwikkeling is, wordt er middels een sloopmetercompensatie buitenopslag in beperkte omvang mogelijk gemaakt. g) Natuurcompensatie onder voorwaarden toe te staan als aanvulling op de reguliere sloopmeters; Het regionale Afwegingskader biedt een mogelijkheid om natuurcompensatie in te zetten ter vervanging van sloopmeters. In sommige gevallen kan natuurcompensatie voor de gemeente Barneveld een goed alternatief zijn. Uitgangspunt is de realisatie van nieuwe natuur. Dit gaat dus verder dan de reguliere landschappelijke inpassing. Dit is niet op iedere locatie mogelijk. Kansrijke locaties voor natuurcompensatie zijn: gebieden gelegen nabij beken, locaties binnen groene bufferzones, locaties die aansluiten op een groter groen/blauw netwerk en locaties binnen Groene Ontwikkelingszones (GO). Het college stelt voor om natuurcompensatie onder voorwaarden toe te staan als aanvulling op de reguliere inzet van sloopmeters. h) Nadere eisen te stellen aan gedeeltelijke functieverandering naar aanleiding van de nog uit te voeren evaluatie pilot gedeeltelijke functieverandering; Het afgelopen anderhalf jaar is ervaring opgedaan met gedeeltelijke functieverandering van een aantal locaties in Barneveld (Pilot gedeeltelijke functieverandering). De komende maanden zal deze pilot worden geëvalueerd.
Het regionale Afwegingskader biedt mogelijkheden om nadere eisen te stellen aan gedeeltelijke functieverandering. Het college stelt voor om te bezien of naar aanleiding van deze evaluatie er nadere eisen gesteld dienen te worden. 3.1 Er dient een participatieproces te worden doorlopen Gezien de omvang van het landelijk gebied, de dynamiek en de impact van het lokale functieveranderingsbeleid op de Barneveldse samenleving is het raadzaam om een participatietraject te doorlopen. Hiervoor is een plan van aanpak opgesteld. Deze is bijgevoegd. Er wordt geadviseerd om belanghebbenden mee te laten denken en adviseren. Het participatieplan is conform het vastgestelde participatiebeleid opgesteld.
5. Alternatieve scenario's 1.1 Er wordt geen lokaal functieveranderingsbeleid als aanvulling op het regionale Afwegingskader Functieveranderingsbeleid 2024 opgesteld Het opstellen van een lokale aanvulling is een keuze. Als hier niet voor wordt gekozen dan blijven de basisprincipes in het Regionale Afwegingskader 2024 van toepassing. Dit regionale Afwegingskader voorziet in de basissystematiek voor functieverandering en is daarmee beperkend. Daarnaast biedt het regionale Afwegingskader te weinig handvatten voor de Barneveldse lokale situatie.
6. Participatie en communicatie Participatie en communicatie Dit raadsvoorstel geeft richting aan de onderdelen die verder worden uitgewerkt in de lokale aanvulling. De daadwerkelijke invulling van deze onderdelen zal de komende maanden plaatsvinden. Hiervoor zal onder andere een participatietraject en bijbehorende communicatie worden doorlopen. Het participatieplan is als bijlage bijgevoegd.
7. Proces Vervolg/besluitvormingsproces Na dit besluit zal de komende maanden worden gewerkt aan de verdere uitwerking van de genoemde onderdelen. De definitieve lokale aanvulling functieveranderingsbeleid zal na de zomer 2024 ter besluitvorming worden voorgelegd aan uw raad. Vervolgstappen/planning/uitvoering Na dit besluit zal worden gestart met de daadwerkelijke invulling van de lokale aanvulling functieveranderingsbeleid. Dit zal gebeuren aan de hand van het participatietraject en een interne werkgroep.
8. Financiële gevolgen Er zijn voor 2024 middelen gereserveerd om de lokale aanvulling op te stellen. De uitvoering van deze lokale aanvulling leidt niet tot aanvullende lasten en past binnen de huidige financiële kaders.
Burgemeester en wethouders van Barneveld,
5 de secretaris, W. Wieringa Bijlagen: - Participatieplan Lokaal Functieveranderingsbeleid - Raadsbesluit richtinggevende onderdelen lokaal Functieveranderingsbeleid
de burgemeester, J. van der Tak